2024 m 11 d 05 Vsl Commissie
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de commissie van de gemeente MiddenDelfland, gehouden op dinsdag 5 november 2024, 19.30 uur. Voorzitter
: de heer N.C. Knaap
Griffier
: de heer A. de Vos
Aanwezig : de heer B.J. Ammerlaan (Mijn Partij), de heer M. de Bakker (ChristenUnie), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer B. de Groot (VVD), de heer Jongsma (OGP), mevrouw S.A. Koppert (OGP), mevrouw L.C. van der Lans-Mastenbroek (D66), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer H. Rodenburg (CDA), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
:
Tevens aanwezig: mevrouw F.I. Noordermeer-van Slageren, burgemeester, de heer A.F. de Leede, mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders; de heer N. van Paassen, inspreker agendapunt 4
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter opent de commissievergadering van 5 november 2024 om 19.30 uur en heet de commissie- en collegeleden, insprekers, bezoekers en kijkers thuis welkom.
2.
Spreekrecht algemeen
Niemand wenst gebruik te maken van het spreekrecht.
3.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
4.
Mogelijkheid tot het stellen van vragen door commissieleden
4.1. Vragen lid dhr. E.N.H. Roeling (Mijn Partij) over bouwinitiatief familie Keyzer De voorzitter meldt dat de heer Van Paassen zich heeft aangemeld om in te spreken bij dit onderwerp en geeft hem het woord. De heer Van Paassen las in de krant over de plannen voor Keyzerhof, die al helemaal gereed schijnen te zijn. Hij roept de gemeente op om snel tot uitvoering over te gaan. De voorzitter geeft Mijn Partij de gelegenheid om aanvullende vragen te stellen aan het college. De heer Roeling is het helemaal eens met de inspreker. Mijn Partij heeft daarom schriftelijke vragen gesteld over het bouwinitiatief. Het college wil echter niet ingaan op de brief van de familie Keyzer terwijl het plan al vier maanden op het gemeentehuis ligt en de familie graag verder wil. Mijn Partij had graag gezien dat het college het mooie plan omarmd had maar dat lijkt nog niet het geval. De heer Roeling vraagt opnieuw hoe de gemeente de familie Keyzer kan helpen om dit goede plan te realiseren. Wethouder Voskamp antwoordt dat het college een positieve grondhouding heeft over het plan. De ontwikkeling past op de locatie maar de bestemming moet nog veranderd worden. Er moet dus een bestemmingsplanprocedure worden doorlopen. Daarvoor moet het plan nog op enkele kleine punten worden aangepast. De gemeente heeft goed contact met de initiatiefnemer om het plan verder uit te werken.
De wethouder is bereid tot een bespreking over procedurele verbeteringen, maar benadrukt dat vooralsnog de stappen doorlopen moeten worden om woningen te mogen bouwen op grond die nu bestemming 'bedrijventerrein' heeft. 1
De heer Roeling vraagt of de wethouder bereid is om te onderzoeken of de bestemming 'gemengde doeleinden' gebruikt kan worden. Wethouder Voskamp kan het effect hiervan niet inschatten en zegt opnieuw toe om met de initiatiefnemer in gesprek te gaan om het project zo snel mogelijk te realiseren. De heer Jongsma vraagt hoe kort de bestemmingsplanprocedure kan zijn en wat de raad hierin kan betekenen. Wethouder Voskamp antwoordt dat de doorlooptijd minimaal een halfjaar is voor het aanpassen van de bestemming. De raad kan het beste wachten totdat er een raadsvoorstel wordt gepresenteerd om het proces niet te frustreren. De heer Zwaard wil voorkomen dat beide partijen op elkaar zitten te wachten en vraagt wie volgens de wethouder de eerste stap moet zetten. Wethouder Voskamp antwoordt dat men niet op elkaar wacht. Er moeten nog wat zaken aan de plannen gewijzigd worden waarna ze definitief ingediend kunnen worden. De heer Scholtes vraagt of het college bereid is om het proces duidelijk toe te lichten aan de familie Keyzer zodat iedereen weet wat hem te doen staat. Wethouder Voskamp antwoordt dat hij daartoe bereid is.
5.
Overzicht vaste onderwerpen en aangenomen moties
Er zijn geen vragen gesteld over het overzicht.
6.
Voorstel oplossing Maassluiseweg en kruispunt Oude Veiling
De voorzitter meldt dat de gemeenteraad wordt voorgesteld om in te stemmen met de gepresenteerde kortetermijnoplossing voor de kruising Maassluiseweg/Oude Veiling en met het onderzoeken van de mogelijkheden om de kruising veiliger te maken. De heer Scholtes kon in de gepresenteerde scenario's niet terugvinden of er verkeerslichten komen. Op de vragen van D66 werd geantwoord dat verkeerslichten in de huidige situatie niet helpen maar in een toekomstige situatie mogelijk wel. Dat vindt de fractie positief. D66 vindt het ook goed dat de gemeente al gesprekken voert met betrokken partijen, zoals omwonenden en bedrijven langs de weg. Wel zijn er wat zorgen over het budget dat moet worden vrijgemaakt. Er is al € 780.000,00 gereserveerd en nu wordt de raad gevraagd om in te stemmen met een bedrag tussen € 70.000,00 en € 720.000,00. Dat vindt D66 wel een erg grote marge. De fractie vraagt meer duidelijkheid over de kosten. D66 staat positief tegenover de plannen om het kruispunt te verbeteren. De heer Ringeling stelt dat het een langslepend dossier is. De ChristenUnie vindt de gepresenteerde voorstellen prima, maar hoort graag of de wethouder het ermee eens is dat het gebrek aan doorstroming een gezamenlijk probleem is met de gemeente Maassluis.
Zo ja, hoe verklaart de wethouder dan de passieve houding van de gemeente Maassluis in dit dossier? Vindt het college dat Midden-Delfland en Maassluis gezamenlijk alle kosten moeten dragen? Als de gemeente Maassluis niet bij het project wordt betrokken wil de ChristenUnie het plan niet verder uitwerken, maar heel andere maatregelen treffen. Tot slot vraagt de ChristenUnie of het voorstel is aangepast na het overleg met Maassluis. Mevrouw Koppert betoogt dat de ideale oplossing voor het kruispunt Maassluiseweg/Oude Veiling niet bestaat. Volgens de variantenstudie is er niet één oplossing die de doorstroming verbetert en de fietsveiligheid verbetert. OGP vindt het belangrijk dat er iets wordt veranderd aan de entree van Maasland. Met de kortetermijnoplossing wordt de fietsveiligheid verbeterd door een tweezijdig fietspad. Het risico is dat automobilisten harder gaan rijden omdat ze denken dat het kruispunt veilig is. OGP stelt voor om een 30km-zone te overwegen rondom het kruispunt. Verder lijkt het 2
OGP verstandig om een eenzijdig fietspad met twee rijrichtingen aan de Maassluiseweg te maken tot aan de snelweg zodat de oversteek net vóór de snelweg vervalt. Mevrouw Koppert vraagt of deze optie wordt meegenomen. De fractie zou ook graag horen hoe voetgangers zijn meegenomen in de kortetermijnoplossing. OGP hoort graag wat er van de investering in de kortetermijnoplossing, tussen 1,7 en 2 miljoen euro, overblijft als later wordt besloten om de langetermijnoplossing uit te voeren. Hoewel de maatregelen vooral bedoeld zijn om de fietsveiligheid te vergroten zijn er in de onderzoeken geen cijfers opgenomen van het aantal fietsers en voetgangers die de kruising oversteken. OGP zou hier graag inzicht in willen hebben. Voor de langetermijnoplossing sluit OGP zich aan bij de ChristenUnie. De groei van het autoverkeer komt voornamelijk uit Maassluis door de komst van een nieuwe woonwijk. OGP vraagt welke afspraken er zijn gemaakt met Maassluis over de ontsluiting van deze wijk. OGP zou bij voorkeur willen zien dat verkeer vanaf en naar de A20 richting Maassluis zo snel mogelijk wordt gescheiden van het verkeer richting Maasland. Dat zou leiden tot variant 3.4. OGP zou echter geen knip willen zien maar het verkeer over de parallelweg laten rijden.
De fractie vraagt of de gemeente contact heeft gehad met Rijkswaterstaat en of ze is aangesloten bij het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport. Het mooiste zou zijn als het autogebruik kan worden teruggebracht. Welke mogelijkheden ziet de wethouder om het verkeersaanbod te verlagen? Veel langetermijnoplossingen zijn moeilijk te realiseren zolang het kraanverhuurbedrijf aan de Maassluiseweg is gevestigd. OGP vraagt of de gemeente in overleg is met het bedrijf om een andere locatie te overwegen. In de variantenstudie wordt gesproken over diverse schaalniveaus. OGP hoort graag de criteria voor het hoge, middelhoge of lage schaalniveau want sommige ingrepen van laag schaalniveau vond de fractie al behoorlijk ingrijpend. Drie varianten worden nader uitgewerkt. OGP hoort graag hoe tot deze keuze is gekomen. De voorgestelde rotonde heeft grote impact op de entree van Maasland. Hoe zorgt de wethouder ervoor dat de entree van Maasland aantrekkelijk blijft? Ook hoort OGP graag waarom er niet overwogen is om een variant met een intelligent verkeerregelinstallatie mee te nemen in het onderzoek. Tot slot wordt de bereikbaarheid van Maasland de komende jaren door werkzaamheden beproefd. OGP hoort graag wat de wethouder gaat doen om de kern ook in de spits bereikbaar te houden.
De heer Van Lier sluit zich voor de kostenverdeling aan bij de fracties die hierover vragen hebben gesteld. Mijn Partij zou graag zien dat de gemeente vaart maakt met het uitvoeren van de plannen. De fractie had zelf al voorgesteld om de Rozenlaan door te trekken, wat deels overeenkomt met een van de varianten. De fractie is positief over deze variant omdat de verkeersstromen uit Maassluis en Maasland gesplitst worden. Deze variant zou uitgebreid kunnen worden met een knip bij Maasland. Verder heeft Mijn Partij wat suggesties voor de variant waarbij Van Dijk Maasland B.V. verplaatst moet worden. Over de kortetermijnoplossing hoort Mijn Partij graag of er overleg is geweest met Kraanverhuur Boekestijn B.V. Verder mist de fractie het totaalplaatje: als er nu € 2 miljoen wordt uitgegeven aan de kortermijnoplossing, wat blijft daar dan van over als de langtermijnoplossing wordt uitgevoerd? De heer Moerman zegt dat hij nog niet overtuigd is dat de kortetermijnoplossing de fietsveiligheid voldoende verbetert. De voorgestelde oplossing levert volgens de VVD juist een onveilige situatie op doordat automobilisten in de nieuwe situatie geen rekening meer houden met fietsers. Verder vraagt de VVD hoe het college de kans inschat dat er binnen twee jaar vorderingen zijn gemaakt met een structurele oplossing en of er goedkopere kortetermijnoplossingen zijn die de fietsveiligheid vergroten.
De heer Zwaard is het ermee eens dat de fietsveiligheid verbeterd moet worden, maar vraagt wat er over is van de plannen om samen met het hoogheemraadschap de weg te verbeteren. Het CDA hoort ook graag aan welke termijn het college denkt voor de structurele oplossing. Er wordt al jaren over de kruising gesproken, dus de fractie verwacht niet dat er de komende twee, drie jaar veel gaat gebeuren. Het CDA vindt het logisch dat de kosten verdeeld worden over MiddenDelfland, Maassluis, provincie en MRDH. De kortetermijnoplossing is echter ter verbetering van de verkeersveiligheid en dat vindt het CDA iets wat Midden-Delfland zelf moet uitvoeren. Het CDA vindt de voorliggende varianten nog geen realistisch voorstel en is van mening dat de 3
gemeenteraad pas kan besluiten over de investering als dat realistische voorstel wel beschikbaar is. Tot slot kaart het CDA de actuele verkeerssituatie aan. Met name in het donker is het er onveilig. Het lijkt hem nuttig om tijdens spitstijden verkeersbegeleiders in te zetten. De voorzitter geeft het college de gelegenheid tot het beantwoorden van de vele vragen. Wethouder De Leede begint zijn betoog met de vraag wat wel en wat niet ter besluitvorming voorligt. Er ligt geen kredietvoorstel voor. Het college vraagt de raad om een perspectief uit te werken waarin vervolgstappen zijn opgenomen voor de korte termijn. Voor deze stappen is de gemeente zelf verantwoordelijk. De richting en de bandbreedte van de kosten zijn in het voorstel aangegeven. Het is echter nog geen uitgewerkt plan met een kredietaanvraag. In de planning is opgenomen wanneer het plan definitief uitgewerkt kan zijn. Dat vraagt echter nog overleg met omwonenden en andere betrokkenen. Veel commissieleden vroegen aandacht voor de fiets- en voetgangersveiligheid. Dat is de insteek van de kortetermijnoplossing maar enkele commissieleden zijn nog niet overtuigd van de kwaliteit van het voorgestelde plan. Belangrijk is dat de investering niet verloren gaat als de langetermijnoplossing wordt uitgevoerd. Dit gaat echt nog een flink aantal jaren duren.
De reconstructie voor de korte termijn is bovendien een verbetering ten opzichte van de bestaande situatie. Dat voordeel blijft ook nadat de langetermijnoplossing is doorgevoerd. De heer Scholtes vraagt waarmee de raad gevraagd wordt in te stemmen en hoe het krediet beschikbaar wordt gesteld. Wethouder De Leede antwoordt dat de raad wordt gevraagd om het college een richting te geven voor het uitwerken van een kortetermijnoplossing. Dat leidt tot een raadsvoorstel met een kredietaanvraag. Bij de langetermijnoplossing wordt de gemeente Maassluis betrokken. Maassluis erkent het probleem en vindt het begrijpelijk dat de ontsluiting van Maassluis primair een verantwoordelijkheid is van deze gemeente maar ook van MRDH en Rijkswaterstaat. De heer Moerman vraagt waarom het op dit moment al nodig is om goedkeuring van de gemeenteraad te krijgen. Hij veronderstelt dat de opdracht al jaren bij het college ligt. Wethouder De Leede antwoordt dat er om goedkeuring voor de richting wordt gevraagd omdat het zo'n langlopend dossier is met veel mogelijke varianten. De heer Ringeling vraagt of het niet logisch is dat Maassluis het initiatief neemt voor de langetermijnoplossing, zoals Midden-Delfland doet voor de kortetermijnoplossing. Wethouder De Leede vindt dat niet relevant. Er moet een gezamenlijk projectteam komen van beide gemeenten en andere betrokken partijen.
Het rapport is ter kennisgeving aan de gemeente Maassluis aangeboden maar is daarna niet meer aangepast. OGP stelde veel vragen maar de wethouder beschouwt deze als aandachtspunten voor de uitwerking van de kortetermijnoplossing. OGP wil dat er gekeken wordt naar een verkeersregelinstallatie (VRI) op de kruising. Ook wordt aandacht gevraagd voor de situatie van voetgangers. Het verbeteren van de verkeersveiligheid van fietsers en voetgangers blijft zijn waarde behouden als de langetermijnoplossing wordt uitgevoerd. Een reconstructie van de weg is sowieso nodig als onderhoud aan de weg. Gevraagd werd waarom er niet eerder met Rijkswaterstaat is overlegd. In 2017 hebben MiddenDelfland en de MRDH Rijkswaterstaat benaderd maar toen zag men de noodzaak niet in om de verkeerssituatie te wijzigen. Naar verwachting zal RWS nu wel willen meedenken, doordat de situatie verergerd is en zal veranderen door de opening van de Baaktunnel. De gemeente heeft geen gesprekken gevoerd met firma Boekestijn over verplaatsing van het bedrijf. OGP vroeg ook om een aantrekkelijke entree van Maasland. Het college vindt dat er geen sprake is van een te robuust geheel van wegen. De heer Zwaard vraagt of het college zich realiseert dat mensen Maasland niet meer in of uit 4
kunnen rijden als aan beide kanten aan de weg wordt gewerkt. Wethouder De Leede begrijpt dat de werkzaamheden op elkaar afgestemd moeten worden. Op de werkzaamheden aan de N468 heeft de gemeente geen regie, dus zal ze de werkzaamheden aan de Maassluiseweg hierop moeten afstemmen. De heer Van Lier gaf suggesties voor de langetermijnoplossing. Het college legt nog geen definitieve keuze voor een variant voor. De suggesties zullen worden meegenomen in het vervolgproces. Waarom de kortetermijnoplossing veiliger is voor fietsverkeer vraagt om meer motivatie. Bij de kredietvotering zal dit nader onderbouwd worden. Het CDA constateert dat een variantenstudie allerlei opties op tafel legt die al eerder zijn geopperd. Dat klopt, maar het college wil nu graag een principe-uitspraak van de raad om het dossier vlot te trekken. Het hoogheemraadschap is voor zover bekend geen partij voor de reconstructie van de Maassluiseweg. Gevraagd werd hoe lang de lange termijn beslaat. Dat is moeilijk te beantwoorden. Het streven is dat de langetermijnoplossing binnen vijf tot tien jaar gerealiseerd is. De heer Zwaard stelt dat er eerder sprake van was dat het hoogheemraadschap Delfland de dijken moest verhogen in dit gebied en dat dit gecombineerd kon worden met het herinrichten van de wegen.
Wethouder De Leede zal nakijken of het hoogheemraadschap nog onderhoudswerkzaamheden gepland heeft aan de Vliet. Er werd aandacht gevraagd voor de huidige situatie rond de brug omdat de situatie verkeersonveilig is. De wethouder zal dit signaal zo spoedig mogelijk bespreken om te beoordelen of er tijdelijke maatregelen nodig zijn. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid voor een tweede termijn en vraagt vooral aan te geven of men het voorstel voldoende duidelijk vindt om te agenderen voor de raad. De heer Moerman vindt dat de uitleg van de wethouder veel verhelderd heeft maar vindt nog steeds niet helemaal duidelijk waarover met dit voorstel wordt besloten. De VVD wil het daarom als bespreekpunt agenderen voor de raadsvergadering. Mevrouw Koppert veronderstelt dat er met het voorstel geen besluit wordt genomen omdat het richtinggevend bedoeld is. OGP ziet het agendapunt daarom als een combinatie van informatievoorziening over de stand van zaken en discussie over de gewenste richting. De wethouder gaf aan dat het niet handig is om wegwerkzaamheden aan de noord- en de zuidkant van Maasland tegelijk te plannen. OGP zou graag zien dat hier vooraf over nagedacht wordt om te voorkomen dat het verkeer vastloopt en er dan pas naar een oplossing wordt gezocht. OGP wacht graag een verdere uitwerking af waarover de raad te zijner tijd kan besluiten.
Dit voorstel hoeft dan niet geagendeerd te worden. De heer Scholtes vond het een onduidelijk voorstel. Er worden wel bedragen genoemd maar er wordt geen besluit over de investering gevraagd. D66 zou graag zien dat een aangescherpt voorstel nogmaals voor de commissie wordt geagendeerd. Daarna kan het college gemandateerd worden om met Maassluis in gesprek te treden over de kortetermijnoplossing. De heer Scholtes zou ook graag een uitwerking van een intelligent verkeerslichtensysteem op de kruising willen zien. Mevrouw Koppert vraagt of D66 daarmee het voorstel van de agenda voor de volgende raadsvergadering haalt. De heer Scholtes bevestigt dat. De heer Zwaard wil het ook graag van de agenda af hebben totdat het college een realistisch voorstel heeft waarover de raad kan besluiten. De heer Van Lier adviseert ook om het van de agenda te halen en een concreet voorstel af te 5
wachten. Mijn Partij wil de mogelijkheid van een gelijkwaardige ontsluiting toevoegen aan het onderzoek, nu heeft het verkeer van en naar Maassluis voorrang op verkeer van en naar Maasland. De heer Ringeling sluit zich aan bij het betoog van OGP en hoort nog graag een bevestiging van de wethouder of deze interpretatie correct is. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder De Leede licht toe dat het college een principe-uitspraak van de raad had gewild over het kortetermijnvoorstel ten behoeve van de verkeersveiligheid enerzijds en het starten van gesprekken over het langetermijnperspectief met Maassluis en de regio anderzijds. Als de commissie een dergelijke uitspraak niet nodig vindt en bij dezen het college verzoekt om de voorstellen verder uit te werken vindt hij dat een prima werkwijze. De heer Scholtes had begrepen dat het voorliggende voorstel verder wordt uitgewerkt en dan aan de raad wordt voorgelegd. De voorzitter vraagt wat de commissie wil: het voorstel van de agenda halen tot er een verbeterd voorstel met richtinggevende uitspraken ligt, of het college de plannen helemaal laten uitwerken, zodat de gemeenteraad erover kan besluiten. De heer Van Lier ziet graag een uitgewerkt voorstel met beslispunten voor de raad. De heer Zwaard wil een nieuw voorstel eerst in de commissie bespreken en dan voor de raad agenderen.
Mevrouw Koppert wil een nader uitgewerkt voorstel waarover de raad kan besluiten. Ze benadrukt dat de commissie nog wel keuzes moet kunnen maken over de uitwerking. De heer Moerman wil ook een nader uitgewerkt, maar niet dichtgetimmerd, voorstel. De heer Ringeling sluit zich hierbij aan. De voorzitter vat het als volgt samen. Het college krijgt enige ruimte van de commissie om de plannen uit te werken op basis van de suggesties die vandaag gedaan zijn. Het verbeterde voorstel voor een korte- en een langetermijnoplossing wordt geagendeerd voor de commissie, zonder dat het al een definitief voorstel is met een kostenparagraaf. Hij vraagt of het college hiermee uit de voeten kan. Wethouder De Leede vindt het een prima richtinggevende uitspraak.
7.
Vaststellen beheerplan civiele kunstwerken 2024-2028
De voorzitter merkt op dat het beheerplan is geactualiseerd en vraagt de commissie om het vast te stellen en in te zetten op onderhoudsvariant 1. Mevrouw Van der Lans vraagt hoe het komt dat de actualisatie zo lang op zich heeft laten wachten. Ze begrijpt de keuze voor onderhoudsvariant 1 maar vindt het jammer dat beeldbepalende bruggen alleen het meest noodzakelijke onderhoud krijgen. De heer Zwaard is blij met de actualisatie van het beheerplan. Het CDA zou liever kiezen voor onderhoudsvariant 2, waarmee met € 10.000,00 extra negentien beeldbepalende kunstwerken een upgrade krijgen. De heer Zwaard vraagt waarom het college variant 1 voorstelt. De heer De Groot begreep uit de beantwoording van de schriftelijke vragen dat gekozen is voor onderhoudsvariant 1 omdat deze variant minder kost. De VVD zou graag wat meer onderbouwing horen voor dit voorstel. De heer Van der Spek hoort graag waarom de kosten voor de provincie over 2025 niet inzichtelijk 6
gemaakt kunnen worden. Mijn Partij zou graag onderhoudsvariant 2 kiezen, zeker omdat de ervaring is dat er veel onderhoudsbudgetten worden doorgeschoven. De heer Jongsma hoort graag wat men krijgt voor de investering van € 10.000,00 voor esthetisch onderhoud. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder De Leede legt uit dat het beheerplan gebaseerd wordt op inspecties. De feitelijke kredietvotering is pas aan de orde als een onderhoudsproject nader wordt uitgewerkt. Aanvullend onderzoek kan soms aanleiding zijn om vervanging uit te stellen of het onderhoud aan te passen. Daardoor kan niet precies worden aangegeven in welk jaar de werkzaamheden plaatsvinden. Om altijd voldoende budget te hebben wordt met jaarschijven gewerkt. De provincie neemt hier genoegen mee. Soms worden budgetten doorgeschoven maar de gemeente probeert dit zo veel mogelijk te voorkomen. Met het aanvullende budget van € 10.000,00 kan esthetisch onderhoud aan beeldbepalende bruggen worden uitgevoerd. Dat gaat met name om sneller schilderen omwille van de esthetiek. Met de grote bezuinigingen voor 2026 in het vooruitzicht acht het college het verstandig om deze luxe-uitgaven te schrappen. De voorzitter geeft de commissie gelegenheid voor een tweede termijn.
De heer Jongsma vraagt of de gemeente in financieel betere tijden weer kan overstappen op esthetisch onderhoud. De heer Van der Spek kiest voor variant 1. De heer De Groot vraagt wanneer er volgens het college weer voldoende budget beschikbaar is om esthetisch onderhoud uit te voeren. De heer Zwaard is het eens met de argumentatie om te kiezen voor variant 1. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder De Leede antwoordt dat het meerjarig financieel perspectief niet positief is en dat hij niet verwacht dat de keuze voor de onderhoudsvariant snel weer uitgebreid zal worden. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk wordt aangeboden aan de raad.
8.
Voorstel beheerplan oeverbescherming (beschoeiingen, damwanden en kade)
De voorzitter merkt op dat de commissie wordt voorgesteld om het beheerplan oeverbescherming vast te stellen en geeft de heer Ammerlaan als eerste het woord. De heer Ammerlaan vindt het een prima beheerplan en zou graag een areaalstudie toevoegen zoals wordt aanbevolen in het plan. De heer De Groot schrok ervan dat bijna 15% van de oevers in Midden-Delfland niet zijn geïnventariseerd. Hij zou hier graag een nadere toelichting op krijgen. De heer Rodenburg is blij dat het beheerplan is opgesteld maar schrok ervan dat de vorige inventarisatie uit 2015 stamt. Hij hoort graag of de huidige staat van de C- en D-klasses duidelijk is. Verder zou het CDA graag zien dat beschoeiingen vervangen worden door natuurvriendelijke materialen. Verder is het belangrijk om de stuwen schoon te houden om schade door de rivierkreeft onder controle te houden. Mevrouw Van der Lans zegt dat D66 blij is met het beheerplan. Het hoogheemraadschap zou onderzoek doen naar de rivierkreeft en de schade die het dier mogelijk aanricht. Ze vraagt 7
wanneer de onderzoeksresultaten worden verwacht. Mevrouw Koppert sluit zich aan bij de eerdere vragen en heeft een aanvullende vraag over de financiën. Het totale budget bedraagt € 350.000,00 incl. btw. De kosten zijn echter € 556.000,00 excl. btw. OGP vraagt of de periodieke kosten en afschrijvingen al in de begroting verwerkt zijn en het plan daarmee financieel volledig gedekt is. Wethouder De Leede zal de technische vraag over de financiële dekking van het beheerplan schriftelijk beantwoorden. Wanneer het onderzoek naar de rivierkreeft wordt afgerond zal hij navragen bij het hoogheemraadschap. Natuurvriendelijke oevers zijn het uitgangspunt van het beleid maar ze kunnen niet in alle situaties toegepast worden. Gevraagd werd of het verstandig is om zich te baseren op een areaalstudie uit 2015. Het college acht het wenselijk om deze te actualiseren maar daar is nog geen concrete planning voor. Het is echter niet noodzakelijk om risico's uit te sluiten. De voorzitter geeft de commissie gelegenheid voor een tweede termijn. De heer De Groot vraagt op welke risico's de wethouder doelt. Mevrouw Koppert vindt het voorstel inhoudelijk een hamerstuk maar wil wel eerst weten of het financieel gedekt is. Wethouder De Leede weet dat de financiële consequenties goed in beeld zijn gebracht en zegt toe dat hij de gevraagde informatie voor de raadsvergadering zal opleveren.
Tegen de heer De Groot zegt hij dat de kwaliteit van de oevers goed ingeschat kan worden. Er is geen indicatie dat de oevers die niet zijn opgenomen in de inventarisatie van slechte kwaliteit zijn. Het college verwacht dat het budget toereikend is om alle oevers goed te onderhouden. De heer De Groot meldt dat de VVD het voorstel als hamerstuk wil agenderen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk aan de raad wordt aangeboden.
9.
Voorstel beheerplan onderhoud gemeentelijk vastgoed
De voorzitter merkt op dat de commissie wordt gevraagd om het beheerplan onderhoud gemeentelijk vastgoed vast te stellen en geeft als eerste het woord aan de heer Jongsma. De heer Jongsma vraagt of bij de introductie van huurbeleid het beheer en onderhoud wijzigen en of met het nieuwe huurbeleid iedereen gelijk behandeld wordt. Daarnaast hoort hij graag of er afspraken worden gemaakt met de huurders van de schoolwoningen om tot een eerlijker kostenverdeling te komen. Nu liggen alle kosten bij de gemeente terwijl een deel wellicht bij de gebruikers van de woningen hoort te liggen. De heer Van der Spek vindt dat het voorstel een goede indruk geeft van de huidige situatie. In de routekaart is een investering van € 1,2 miljoen opgenomen, wat bovenop het MIOB komt. Tot 2030 wordt hiervan circa € 1 miljoen uitgegeven. Mijn Partij hoort graag hoe het college deze bedragen in de begroting verwerkt. Volgens het rapport is het gemeentehuis verre van energieneutraal. Er worden verbetervoorstellen gedaan in het rapport en er wordt gesproken over een investering van € 400.000,00. Mijn Partij hoort graag welke plannen het college heeft om de komende jaren het gebouw te verduurzamen. De heer Scholtes vraagt het college om nader toe te lichten waarmee de raad instemt qua onderhoud aan gebouwen. D66 zou graag willen weten welke visuele gevolgen de voorgestelde onderhoudsniveaus hebben.
De heer De Groot zegt dat de VVD het belangrijk vindt dat de duurzaamheidsmaatregelen proportioneel zijn. Hij vraagt of inzichtelijk is wat de verduurzaming op middellange termijn gaat opleveren. 8
De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Voskamp legt uit dat bij het opzetten van het huurbeleid onderzocht moet worden of het leidt tot gelijke behandeling van alle huurders. Ze zijn nu niet gelijk en een doel van het huurbeleid is om het gelijk te trekken. Als daarbij blijkt dat de gemeente kosten betaalt die de gebruiker hoort te betalen, dan zullen er (op termijn) nieuwe afspraken worden gemaakt. Dat geldt ook voor de schoolwoningen. De aanvullende maatregelen van € 1,2 miljoen zijn niet opgenomen in het meerjarenonderhoudsplan, maar wel in de totale voorziening, zodat niet alleen onderhoud uitgevoerd kan worden maar ook verduurzamingsmaatregelen getroffen kunnen worden. Alleen de kosten voor zonnepanelen zijn niet opgenomen omdat hiervoor nog een businesscase opgesteld moet worden. Het gemeentehuis is niet opgenomen in het meerjarenonderhoudsplan. Daar is een aparte voorziening voor. Welke verduurzamingsmaatregelen hierin zijn opgenomen weet de wethouder niet. Er is relatief weinig reductie mogelijk. Daarom streeft de gemeente naar een gemiddelde door sommige gebouwen extra duurzaam te maken zodat andere gebouwen, zoals het gemeentehuis, minder duurzaam kunnen blijven. Aangegeven werd dat niet alle varianten inzichtelijk zijn gemaakt.
In het beheerplan staat echter uitgelegd wat wordt verstaan onder alle onderhoudsniveaus en welke opgaven worden gezien per gemeentelijk gebouw. De heer Scholtes wil graag per gebouw weten wat het verschil is als een ander onderhoudsniveau wordt gekozen. Wethouder Voskamp antwoordt dat hij het te ver vindt gaan om alle opties uit te werken. In het voorstel wordt duidelijk onderbouwd waarom voor bepaalde niveaus wordt gekozen. De heer Scholtes verwijst naar het beheerplan van wegmeubilair waarin wel met afbeeldingen wordt duidelijk gemaakt waar de gemeenteraad voor kiest. Wethouder Voskamp antwoordt dat dit voor gebouwen te ingewikkeld is. Het college heeft geprobeerd om het zo simpel mogelijk te houden. De heer Van der Spek stelt dat alle vastgoed is getoetst op NEN 2767. Het wettelijke toetsingskader is norm 3, dus op dat niveau moet het onderhoud minimaal blijven. Wethouder Voskamp concludeert dat verduurzaming voor bepaalde zaken nog in kaart gebracht moet worden. Bij vervanging wordt de meest geschikte optie gebruikt. Verduurzaming is daarbij een belangrijk aspect. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid voor een tweede termijn. De heer Scholtes zal het voorstel meenemen naar de fractie om een standpunt te bepalen om het vervolgens als bespreekstuk te agenderen. De heer Zwaard vindt het een helder plan dat als hamerstuk geagendeerd kan worden.
De heer Van der Spek vindt het ook een duidelijk voorstel. Wel zou hij graag zien dat het college voorafgaand aan de raadsvergadering het MIOB toestuurt zodat hij de stand van het onderhoud kan toelichten. Naar aanleiding van de vraag van OGP over het huurbeleid beveelt Mijn Partij aan om demarcatielijsten te gebruiken voor een duidelijke scheiding tussen het huurders- en verhuurdersdeel van de kosten. Tot slot merkt hij op dat in onderhoudsplannen voor specifieke locaties duidelijk uiteengezet wordt welke verduurzamingsmaatregelen worden getroffen. De heer De Groot wil het voorstel graag agenderen als bespreekstuk omdat de financiële baten nog niet helemaal inzichtelijk zijn. Een volgende keer zou hij graag zien dat er een businesscase wordt toegevoegd. De heer Jongsma is blij dat er huurbeleid komt zodat met alle huurders gelijke afspraken worden 9
gemaakt. Voor de schoolwoningen zijn nog geen afspraken gemaakt, dus daarmee kan de gemeente meteen beginnen. In de bijlage Beheersplan onderhoud gemeentelijk vastgoed wordt duidelijk uitgelegd welk niveau de gebouwen moeten hebben en wat dat aan onderhoud vergt. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder Voskamp merkt op dat het college al gebruikmaakt van de demarcatielijst. Er zijn echter niet op alle aspecten al duidelijke afspraken gemaakt. Met het huurbeleid wordt dit verbeterd. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk aan de raad wordt aangeboden.
10.
Voorstel beleids- en beheerplan wegmeubilair 2024-2028
De voorzitter merkt op dat de commissie wordt gevraagd om het beleids- en beheerplan wegmeubilair 2024-2028 vast te stellen en geeft het woord als eerste aan De heer Vieira vond het een helder rapport, waarin duidelijk wordt aangegeven wat de status is van alle wegmeubilair. Aangegeven wordt dat niveau A of B gewenst is, terwijl best veel meubilair hier nog niet aan voldoet. D66 hoort graag wat er nodig is om niveau A of B te realiseren. Bij onderhoud en vervanging wordt steeds gekeken naar een-op-eenvervanging maar een integrale visie op de noodzaak aan wegmeubilair is niet opgenomen. D66 vraagt of daar wel aandacht voor is en hoe zich dat dan verhoudt tot dit plan. De heer Zwaard werd getriggerd door het aantal verkeersborden dat in de gemeente staat. Het CDA zou graag willen weten wat het effect is van minder verkeersborden en of er contact met gemeente Westland is over borden langs de weg. De heer Jongsma merkt op dat bewoners er op verschillende locaties geen voorstander van zijn dat borden zijn weggehaald. OGP hoort graag of het verwijderen tot incidenten heeft geleid. Het rapport vindt OGP duidelijk. Over het vervangingsbeleid sluit OGP zich aan bij D66. Ook hoort de fractie graag of het onderhoudsbudget gebaseerd is op de oude of de nieuwe situatie. De heer Van der Spek zegt dat Mijn Partij zich kan vinden in het voorstel om naar niveau B te groeien.
De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder De Leede betoogt dat het voorgestelde budget nodig is om op onderhoudsniveau B te komen. Om die reden heeft de gemeente een aantal verkeersborden gesaneerd. Per geval wordt beoordeeld of vervanging nodig en zinvol is. Een meer beleidsmatige afweging is niet in het beheerplan opgenomen. De gemeente heeft geen signalen ontvangen dat het weghalen van borden nadelige gevolgen heeft gehad. Er is contact geweest met gemeente Westland die inmiddels ook overweegt om de borden langs de Burgerweg te verwijderen. Het onderhoudsbudget is gebaseerd op het huidige aantal verkeersborden. Als de borden niet verwijderd waren, had het budget verhoogd moeten worden. De wethouder gaat er niet vanuit dat er nog geld bespaard kan worden. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid voor een tweede termijn. De heer Vieira vond de toelichting van de wethouder duidelijk en wil het voorstel als hamerstuk agenderen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk aan de raad wordt aangeboden, met de stemverklaring van de VVD-fractie.
11.
Huurovereenkomst locatie Harnaschdreef ten behoeve van het azc en inzicht in kosten en opbrengsten van het project azc Den Hoorn 10
De voorzitter meldt dat de commissie wordt gevraagd om in te stemmen met de bijgevoegde begrotingswijzigingen. Hij verzoekt de commissie om zich te beperken tot financiële aspecten van het voorstel. De heer Van der Eijk stelt dat voor de VVD altijd het uitgangspunt is geweest dat de opvang van vluchtelingen niet tot kosten voor de gemeente zou leiden. Nu blijkt dat het azc wel degelijk geld kost. De kosten voor bijvoorbeeld de Woo-verzoeken kunnen rechtstreeks aan het azc worden toegeschreven hoewel het college aangeeft dat dit niet zo is. De grond was al gekocht voordat duidelijk was of het COA de kosten kon betalen. De gemeente is hiervoor een lening aangegaan. De looptijd van deze lening is langer dan de huurovereenkomst met het COA. De VVD hoort graag wat hiervoor geregeld is. Ook komt er nog een vergunningaanvraag die waarschijnlijk wordt aangevochten. De kosten voor deze procedure zullen ook voor rekening van de gemeente komen. Volgens het voorstel kunnen zaken uitgeruild worden met buurgemeenten. Dit was een van de argumenten waarom raadsfracties hebben ingestemd met het voorstel, dus zolang er niets wordt uitgeruild kan het azc niet open. Het college moet er dus snel mee aan de slag. De heer Vieira concludeert dat er aan het einde van de periode € 500.000,00 overblijft voor de gemeente.
Mogelijk zijn niet alle kosten in beeld gebracht maar ook de baten zijn niet allemaal duidelijk. De vraag wordt gesteld of het azc geld kost voor de gemeenschap. D66 verwijst naar de vele hotels die vluchtelingen opvangen. Dat doen zij ook uit commerciële overwegingen. De opbrengsten moeten niet de motivatie zijn voor de opvang maar mogen wel degelijk in beeld gebracht worden. De heer Roeling vraagt wat D66 ervan vindt dat de raad heeft ingestemd met het voorstel dat het COA alles zou betalen, terwijl nu blijkt dat er allerlei kosten voor rekening van de gemeente komen. De heer Vieira vindt alleen relevant of het gehele project geld kost of oplevert. Onderaan de streep is duidelijk dat de gemeente geld overhoudt aan de opvang. De heer Roeling had er moeite mee dat de bouw van flexwoningen werd losgekoppeld van het azc. Uit notulen blijkt dat de gemeente 1,7 ha grond beschikbaar stelde, terwijl volgens het COA 2,3 ha was afgesproken. Daardoor was het lastig om de flexwoningen op het terrein in te passen. Mijn Partij vraagt of het college bij de raadsbesluiten over de locatie en de grondaankoop wist dat de flexwoningen niet op het terrein van het azc konden worden gebouwd. De heer Jongsma vraagt hoe de oppervlakte die het COA nodig heeft berekend is. Er blijven nu immers vierkante meters grond over. OGP hoort graag wat de gemeente daarmee kan doen.
Er is een vastgoedovereenkomst opgesteld voor vijf jaar. OGP vraagt of dit inclusief de bouwperiode is. De gemeente heeft voor vijf jaar een lening afgesloten. Het blijkt niet mogelijk te zijn om de lening af te lossen zodra een deel van het terrein verkocht wordt. De fractie hoort graag wat de gemeente dan met de opbrengsten gaat doen. OGP benadrukt dat de opvang geen geld hoeft op te leveren voor de gemeente. Uitgangspunt is wel altijd geweest dat het de gemeente uiteindelijk geen geld gaat kosten. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Voskamp legt uit dat de huurovereenkomst per 1 januari 2025 ingaat voor een periode van vijf jaar. Tijdens deze periode loopt de renteperiode af en moet een nieuwe afspraak worden gemaakt over de hoogte van de huur. Bovendien wordt de huur jaarlijks geïndexeerd terwijl de rente vaststaat. Het gebruik van de grond door het COA zal maximaal vijf jaar zijn, startend op het moment dat de eerste bewoners er komen wonen. Als blijkt dat er langer behoefte is aan een azc kan de gemeente in overleg treden met het COA over verlenging. Het is niet mogelijk om de lening sneller af te lossen. Het geld dat vrijkomt als de grond verkocht wordt, kan de gemeente aan andere zaken besteden. De heer Roeling merkt op dat in de bestuursovereenkomst staat dat het COA pas gaat betalen 11
vanaf het moment dat de eerste asielzoeker er wordt opgevangen. Hij vraagt welke datum leidend is. Wethouder Voskamp antwoordt dat er vanaf 1 januari huur wordt betaald. Een aantal andere kosten worden pas betaald vanaf het moment van inhuizen. Met COA zijn diverse gesprekken gevoerd over de ruimte die zij nodig hebben voor de opvang. Bij de aanbesteding door het COA bleek dat de 4x24 woningen losgelaten kon worden. Daardoor kon een splitsing worden aangebracht tussen de flexwoningen en de opvangwoningen. Het COA gaf vervolgens aan dat het niet meer per se nodig was om alles op één perceel te realiseren. Het COA heeft een ruime, goedwerkende, opzet gekozen voor het terrein en kwam op deze manier tot het aantal hectare waarop de huurovereenkomst is gebaseerd. Kosten voor Woo-verzoeken en juridische ondersteuning zijn in de gemeentelijke begroting opgenomen omdat inwoners het recht hebben om bezwaar te maken. Het lijkt de gemeente niet fair om af te wijken van deze reguliere gang van zaken. Daarnaast heeft de gemeente voldoende interne uren en inhuur van externe deskundigheid begroot. Tot slot merkt de wethouder op dat het financiële plaatje er positief uitziet, al was dat nooit de bedoeling van de opvang. Na afloop van het project zal besloten worden wat er met deze opbrengsten gebeurt. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid voor een tweede termijn.
De heer Van Rijs stelt dat de raad akkoord is gegaan met de opvang van asielzoekers mits het COA de kosten daarvan zou dragen. Hij dankt OGP voor het opvragen van de tabel met kosten en baten voor de gehele projectduur. In 2024 kost het de gemeente geld maar vanaf 2025 levert het geld op, wat uiteindelijk leidt tot een positieve balans. Het CDA stemt dan ook in met het voorstel. De heer Roeling stelt dat er tussen de kosten-batenanalyse in het raadsvoorstel en in de beantwoording van vragen van OGP bijna € 200.000,00 verschil zit. Mijn Partij wil graag dat dit op elkaar aansluit in het raadsvoorstel. Omdat hij de beantwoording door het college nog eens wil terugzien en de fractie zeer kritisch is over de financiën en de huurovereenkomst wil Mijn Partij het voorstel agenderen als bespreekstuk. De heer Van der Eijk merkt op dat de flexwoningen in eerste instantie op het azc-terrein moesten komen omdat ze goed waren voor de integratie. Dat argument is geheel verdwenen. De SPUKgelden zijn volgens de VVD bedoeld om gemeenten te verleiden om mee te werken aan de Spreidingswet. Midden-Delfland zet deze gelden echter niet in waarvoor ze bedoeld zijn. De gemeente heeft de grond aangekocht omdat de vorige wethouder kansen zag om de motie "lokale bedrijven" uit te voeren. Nu worden er wel bedrijven gevestigd maar geen lokale bedrijven.
Omwille van de transparantie had de VVD graag gezien dat alle kosten voor het azc aan het COA waren toegeschreven. Nu zijn alle kosten en baten op een grote hoop gegooid en moet men maar afwachten of er aan het einde van het project geld overblijft. De heer Jongsma vond de uitleg van de wethouder heel duidelijk. Hij stelt dat het voor de VVD nooit goed is: wel bedrijven, maar geen lokale, wel geld over maar de SPUK-gelden zijn anders besteed. Zo is er altijd wat. OGP vindt dat het om behoorlijk veel geld gaat dat de opvang oplevert. De fractie vindt het een goed voorstel, dat goed onderbouwd is. Wel wil OGP het voorstel in de raad nog eens bespreken. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de tweede termijn. Wethouder Voskamp zal het verschil tussen de cijfers, dat de heer Roeling aankaartte, laten uitzoeken. De genoemde inkomsten en uitgaven in het raadsvoorstel zijn gebaseerd op werkelijke bedragen. In het overzicht in het raadsvoorstel staan kosten opgenomen die wellicht in de loop van het project nog wijzigen. In het voorstel tot begrotingswijziging zijn de juiste bedragen opgenomen. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk wordt aangeboden aan de raad.
12
12.
Vaststellen verslag vergaderingen
a. Openbare vergadering d.d. 26 september 2024 Het verslag van de openbare vergadering d.d. 26 september 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld. b. Openbare vergadering d.d. 8 oktober 2024 Het verslag van de openbare vergadering d.d. 8 oktober 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld. c. Besloten vergadering d.d. 8 oktober 2024 Het verslag van de besloten vergadering d.d. 8 oktober 2024 wordt ongewijzigd vastgesteld.
13.
Informatie van externe bestuursorganen
Er is geen terugkoppeling uit externe bestuursorganen.
14.
Sluiting van de vergadering
De voorzitter sluit de vergadering om 22.30 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie van de gemeente Midden-Delfland op 3 december 2024.
de griffier, A. de Vos
de voorzitter, N.C. Knaap
13