2024 m 06 d 26 Vsl Commissie
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de commissie van de gemeente MiddenDelfland, gehouden op woensdag 26 juni 2024, 19.30 uur. Voorzitter
: de heer A.J. Gebben
Griffier
: de heer A. de Vos
Aanwezig : de heer J. van der Eijk (VVD), de heer Jongsma (OGP), mevrouw S.A. Koppert (OGP), de heer N.C. Knaap (OGP), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66) Afwezig
:-
Tevens aanwezig: mevrouw F.I. Noordermeer-van Slageren, burgemeester, de heer A.F. de Leede en de heer F.A. Voskamp, wethouders.
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter opent de commissievergadering van 26 juni 2024 om 19.30 uur en heet de commissie- en collegeleden, bezoekers en kijkers thuis welkom.
2.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Voorstel tot vaststellen controleprotocol 2023 en jaarrekening 2023
De voorzitter licht toe dat het controleprotocol en de jaarstukken over 2023 worden voorgelegd aan de commissie. Met de jaarstukken legt het college verantwoording af aan de gemeenteraad over het uitgevoerde beleid. Het controleprotocol vormt de basis voor de accountant en moet door de raad worden vastgesteld. Het college heeft voor de eerste keer een rechtmatigheidsverantwoording afgegeven. Naar verwachting geeft de accountant in de controleverklaring een goedkeurende verklaring van getrouwheid. De heer Roeling wil wat meer aandacht besteden aan het vaststellen van de jaarstukken dan in voorgaande jaren. Mijn Partij heeft met name gekeken in hoeverre de jaarrekening aansluit bij de begroting en hoe de grondexploitaties in de jaarrekening zijn verwerkt. Voor een kleine uitgave werd voorgesteld om deze uit de algemene reserve te halen. Mijn Partij was daar kritisch op. Als de algemene reserve hiervoor al moet worden aangesproken, hoe gaat dat dan bij grote bedragen? Het college stelt regelmatig begrotingswijzigingen voor. Mijn Partij vindt dat alleen kosten als gevolg van aangenomen moties tot een uitgave uit de algemene reserve mogen leiden. Verder dient het college zich binnen de begrotingsprogramma’s aan zijn budget te houden. Dat is immers het kader dat de raad heeft meegegeven.
De behandeling van de grondexploitatie, die met € 1,8 miljoen verslechterd is, vond Mijn Partij geen echte verantwoording. Het college heeft namelijk allerlei mogelijkheden om binnen de begroting te blijven, alvorens het naar de raad komt met het verzoek om extra budget. Mijn Partij heeft op 13 februari 2024 gevraagd hoe de btw verrekend kan worden. Dat zou vanuit de liquide middelen gebeuren, waardoor deze korte tijd negatief zouden zijn. Vandaag bleek echter dat het uit de algemene middelen is betaald. De uitgave werd door het college gebagatelliseerd. Mijn Partij hoort graag wat nu het juiste antwoord is geweest op haar vraag over de btwverrekening. De heer Jongsma vraagt wat het punt van Mijn Partij is betreffende de grondexploitatie. De heer Roeling antwoordt dat Mijn Partij kritiek heeft op de wijze waarop het college met de verantwoording omgaat. Er was een vast format voor de grondexploitatie, waarmee zichtbaar was wanneer er kosten en opbrengsten werden verwacht. Dat is nu verdwenen, waardoor het voor de 1
raad veel lastiger is om erop te sturen. De heer Jongsma vraagt of Mijn Partij meer grip wil krijgen op de grondexploitatie. De heer Roeling antwoordt dat Mijn Partij terug wil naar het oorspronkelijke format. Bovendien ziet de fractie graag dat de wethouder zich meer inspant om eerst te kijken aan welke knoppen hij kan draaien, voordat de raad een verslechtering van de grondexploitatie wordt voorgesteld. De heer Scholtes vraagt of het besluit over het Centrumplan Den Hoorn niet gezien moet worden als een van de knoppen waaraan wordt gedraaid. De heer Roeling vindt dat wel, maar Mijn Partij heeft dit soort besluiten zelden gesteund. De heer Scholtes vraagt wat Mijn Partij nog meer verwacht om aan knoppen te draaien. Volgens D66 is er bij de besluitvorming over het centrumplan aan alle knoppen gedraaid. De heer Roeling vindt de prijsvraag een belangrijke knop. Daarvan moest de raad de gevolgen dragen, ondanks het advies om het niet zo te doen. Hij vervolgt zijn betoog over de doorschuifbudgetten. Er worden vaak budgetten doorgeschoven en dat gebeurt budgetneutraal. Nu wordt er echter om € 1 miljoen gevraagd. Op zijn vraag waarom dat nu anders gaat, werd geantwoord dat het alleen budgetneutraal kan als er specifieke dekking tegenover staat. Dat verbaasde hem, want pas tijdens de begrotingsbehandeling wordt er voor dekking gezorgd. Mijn Partij hoort hier graag een toelichting op.
De heer Scholtes zegt dat D66 heel anders naar de jaarstukken heeft gekeken. De fractie heeft gekeken welke lessen uit de jaarstukken meegenomen kunnen worden bij het opstellen van de nieuwe begroting. D66 ziet in de jaarrekening een trendbreuk. Waar de reservepositie van de gemeente de afgelopen zeven jaar doorlopend steeg, is deze in 2023 voor het eerst gedaald. D66 vindt dat op zich prima, omdat het gemeenschapsgeld zoveel mogelijk moet worden uitgegeven aan publieke zaken. De heer Roeling merkt op dat de algemene reserve iets anders is dan het eigen vermogen. Algemene middelen is een pot met geld, waaruit alles betaald kan worden. De gemeente kan echter beter kijken naar het eigen vermogen. De voorzitter stelt dat een interruptie bedoeld is om een vraag te stellen en niet om een betoog te houden. De heer Roeling vraagt waarom D66 niet naar het eigen vermogen kijkt, dat structureel afneemt. De heer Scholtes vindt dat appels met peren vergelijken. De heer Roeling vraagt of de heer Scholtes het verschil weet tussen eigen vermogen en algemene reserve. De heer Scholtes antwoordt dat hij dat verschil kent. De heer Roeling vraagt om het verschil uit te leggen. De heer Scholtes vindt de vraag neerbuigend. De financiële situatie is afhankelijk van meerdere factoren, zoals de liquide middelen en het eigen vermogen.
Investeringen die worden afgeschreven, gaan ook van het eigen vermogen af. D66 vindt het ook belangrijk dat de algemene reserve voldoende is om de kosten mee te dekken. Bovendien moet de gemeente voldoende liquide middelen hebben om alle rekeningen te betalen. De solvabiliteit van Midden-Delfland is iets lager dan die van omliggende gemeenten, maar de gemeente heeft ook een grotere grondpositie die uitgegeven kan worden op momenten dat er inkomsten nodig zijn. De gemeente houdt iets minder geld over dan voorgaande jaren, wat D66 als positief ziet, omdat het geld wordt uitgegeven aan publieke zaken. De rechtmatigheidsverantwoording die dit jaar door 2
het college is gegeven, inclusief de goede uitleg, vindt D66 positief. D66 zal instemmen met de jaarstukken 2023. De heer Van der Eijk stelt dat de raad alleen gevraagd wordt om akkoord te gaan met de financiële stukken en of alle bijlagen worden goedgekeurd. De raad moet echter controleren of alle doelstellingen behaald zijn in 2023: heeft de gemeente alles uitgevoerd wat was afgesproken? Volgens de VVD is dat niet gebeurd. In de raadsvergadering wil de VVD dit graag bespreken. De fractie heeft ook nog enkele opmerkingen over de financiën. Er komt € 1 miljoen uit de algemene reserve. Hierover is geen besluit genomen bij de vierde begrotingswijziging in december, waardoor het bedrag automatisch vrijvalt in de algemene reserve. Om de vastgestelde doelen alsnog te bereiken, moet het geld opnieuw uit de algemene reserve worden gehaald. In de jaarrekening staan verschillende posten voor zaken, die het college in de eerste helft van 2024 alsnog zou leveren. De VVD verwacht dat deze zaken niet meer worden uitgevoerd. De VVD is ook nog benieuwd naar de resultaten van het onderzoek naar de doseerinstallaties: wat gaat de gemeente daarmee doen? Krijgt de raad er een voorstel over of verdwijnt het onderzoek in een bureaula? De heer Van Rijs stelt dat de jaarrekening minder negatief was dan in de laatste begrotingswijziging werd voorgesteld.
Gelukkig heeft de gemeente een gezonde financiële basis, waardoor het tekort goed opgevangen kan worden. Het CDA heeft enkele technische vragen gesteld, die goed beantwoord zijn. Over het ziekteverzuim wordt vermeld dat dit is toegenomen. Dat blijkt deels werkgerelateerd te zijn, waarover het CDA zich zorgen maakt. Gelukkig heeft de organisatie een actieplan opgesteld om hieraan te werken. De heer Jongsma vond het voorstel van Mijn Partij interessant dat de gemeenteraad meer aan de knoppen van de grondexploitatie zou moeten draaien. Soms is het wat vaag welke doelstellingen het college heeft uitgevoerd. Er worden beheersplannen beloofd, maar deze worden niet voor 1 juli opgeleverd. Over het algemeen vindt OGP wel dat het college veel zaken heeft uitgevoerd. Door gebrek aan personeel heeft men echter een aantal doelen niet kunnen realiseren. OGP vraagt hoe realistisch het is dat deze doelen in 2024 wel behaald worden, aangezien de arbeidsmarkt nog niet veel verbeterd is. De heer Roeling merkt op dat de gemeente in 2023 15,2 fte meer had dan in het jaar ervoor. De heer Jongsma veronderstelt dat de hoeveelheid werkzaamheden ook is toegenomen, waardoor de gemeente meer mensen nodig heeft. In samenwerking met het ROC biedt de gemeente taallessen voor inwoners die de taal onvoldoende beheersen, en fietslessen voor werkzoekenden.
Mijn Partij zou graag in de jaarstukken lezen wat deze lessen hebben opgeleverd: hoeveel mensen spreken beter Nederlands en hoeveel werkzoekenden zijn er door de lessen aan het werk gegaan? De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Voskamp legt uit hoe het komt dat de jaarrekening negatief is geëindigd, terwijl de financiële situatie in voorgaande jaren vaak aan het einde van het jaar nog naar het positieve werd getrokken. Tot en met 2022 werden tussentijdse begrotingswijzigingen altijd verrekend met de algemene reserve, zodat de begroting weer gesloten was. In 2023 is dat niet gebeurd. De begrotingswijzigingen en de circulaires van het rijk hadden in de loop van 2023 geleid tot een tekort van € 3,5 miljoen. Dit tekort was nog niet verwerkt in de algemene reserve. Toen bij er de laatste begrotingswijziging een meevaller van circa € 3,4 miljoen was, werd het resultaat € 100.000,00 en heeft het college dat bedrag verrekend met de algemene reserve. Als er echter budgetten worden doorgeschoven naar 2024, moeten deze opnieuw beschikbaar gesteld worden. Het zou mooi zijn om de begroting in één keer vast te stellen en deze vervolgens uit te voeren. Omdat het zo in de praktijk niet werkt, wordt de gemeenteraad tussentijds gevraagd om te besluiten over extra uitgaven en het opvangen van tegenvallers.
Het is niet zo dat er bij de grondexploitaties 'allerlei knoppen zijn om aan te draaien'. De grondexploitatie is een actualisatie van de stand van zaken. Of de gemeente een verlies neemt of aanpassingen gaat doen, is aan de raad. Er is echter niet veel financiële ruimte, want het college is al vrij conservatief in zijn handelen. Tot nu toe is echter besloten om het verlies te nemen, zodat 3
de afgesproken plannen uitgevoerd kunnen worden. Over de btw-verrekening zegt hij dat er een financieel tekort dreigde, waarvoor de gemeente geld heeft geleend. Dat was echter nog niet op 31 december 2023 het geval, maar in februari 2024. Kort daarna is de btw teruggestort en is dit weer gecorrigeerd. Het is een trendbreuk dat de gemeente in 2023 een klein verlies heeft geleden. Vaak wordt een overschot echter veroorzaakt doordat bepaalde werkzaamheden niet zijn uitgevoerd. Om die reden is het college blij dat het geld in 2023 is opgemaakt. De financiële meevaller van het maatschappelijk team is niet veroorzaakt door het niet uitvoeren van werkzaamheden, maar doordat het rijk een subsidie heeft uitgekeerd, waar het college niet op had gerekend. Gevraagd werd of de doelstellingen zijn behaald. Hoewel bij de jaarrekening de nadruk ligt op de financiën is de bespreking van het jaarverslag een prima moment om te bepalen in hoeverre de doelstellingen zijn behaald en wat de gemeente volgend jaar kan verbeteren. Een groot deel van de doorgeschoven budgetten wordt veroorzaakt doordat projecten niet binnen het jaar zijn afgerond. Het college is scherp op het afronden van projecten en het effect daarvan op de lopende begroting.
Wellicht kunnen sommige werkzaamheden nog een jaar uitgesteld worden of kan er wat minder begroot worden zodat een verbetering in het meerjarenperspectief ontstaat. De taal- en fietslessen werden genoemd. Het zou goed zijn om bij de behandeling van de kadernota te bespreken wat het resultaat is geweest. In het kader van 'nieuw voor oud' kan besproken worden of dit de meest efficiënte manier is geweest om het gemeenschapsgeld te besteden. Burgemeester Noordermeer merkt op dat het hoge ziekteverzuim alle aandacht heeft binnen de organisatie, zeker omdat het verzuim deels werkgerelateerd is. Er wordt een vitaliteitsprogramma opgezet om het verzuim terug te dringen. Wethouder De Leede antwoordt dat het systeem van doseerinstallaties een interessant en toepasbaar middel is om het verkeer te reguleren. Of het onderzoek is afgerond en wat het heeft opgeleverd zal hij navragen. De heer Van der Eijk vindt het vreemd dat de wethouder de status niet kent terwijl in de jaarrekening wordt vermeld dat het onderzoek is afgerond. Wethouder De Leede stelt dat het onderzoek is afgerond, als dat zo in de jaarrekening staat vermeld. Hij zal zich op de hoogte laten stellen van de resultaten en deze terugkoppelen aan de commissie. De heer Van der Eijk had zijn vraag over het onderzoek naar een doseerinstallatie niet als technische vraag bedoeld.
Hij is teleurgesteld dat de raad niet op de hoogte was gesteld van de uitkomsten. Hij is blij met de toezegging dat het resultaat alsnog wordt teruggekoppeld. De heer Roeling neemt graag het initiatief om aan te geven wat de raad anders zou willen in de grondexploitatie. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk zal worden aangeboden aan de raad.
4.
Voorstel tot vaststellen tweede periodieke wijziging begroting 2024
De voorzitter stelt dat de uitvoering van de begroting in grote lijnen volgens planning verlopen is. Desondanks zijn er wijzigingen nodig ten opzichte van hetgeen de raad heeft vastgesteld. Deze wijzigingen heeft het college verwerkt in de tweede periodieke wijziging begroting 2024. De wijziging sluit met een negatief saldo van € 1.387 miljoen. De heer Knaap beschouwt de periodieke begrotingswijziging als een uiting van verwachtingsmanagement door het college. Er wordt aangegeven wat de financiële gevolgen zijn van besluiten die de gemeenteraad heeft genomen. Ook laat het voortschrijdend inzicht zien op de lopende werkzaamheden. OGP steunt dit inzicht van harte en vindt het prettig dat het structureel wordt gepresenteerd. De fractie vindt het niet nodig om het als bespreekstuk te agenderen. De heer Van der Spek is benieuwd of de nieuwe projectmanager, die in februari werd geworven, inmiddels is gestart en hoe het verloopt. Het lijkt Mijn Partij overigens goed om eens te 4
onderzoeken welke projecten (deels) worden doorgeschoven, zodat duidelijker wordt welke budgetten nodig zijn in 2024. Tot slot vraagt Mijn Partij om zorgvuldiger te zijn in het toelichten van de mutaties. Het gaat al beter, maar de raad wil nog beter geïnformeerd worden over de werkzaamheden die uitgevoerd zijn. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Voskamp antwoordt dat de nieuwe projectleider is gestart. Hij is intern doorgestroomd en met een aantal projecten aan de slag gegaan. De vraag over de toelichting op mutaties zal worden meegenomen in het vervolgproces. De voorzitter concludeert dat het voorstel als hamerstuk zal worden aangeboden aan de raad.
5.
Voorstel tot vaststellen Kaderbrief 2025-2028
De voorzitter stelt dat de Kadernota 2025-2028 het meerjarenbeleid bevat, voor zover dat nu bekend is. Daarnaast bevat de kadernota de uitgangspunten voor het verder uitwerken van de begroting tot 2028. Zo krijgt de raad voor het zomerreces inzicht in autonome en onafwendbare ontwikkelingen en de financiële gevolgen daarvan voor de meerjarenbegroting. De gemeenteraad wordt gevraagd om de kadernota vast te stellen en het college de opdracht te geven om de begroting verder uit te werken voor besluitvorming in november 2024. Mevrouw Koppert stelt dat in een kadernota wordt aangegeven welke activiteiten al dan niet uitgevoerd worden met gemeenschapsgeld. Het geeft de kaders mee voor de begroting, die later in het jaar wordt gepresenteerd. De gemeenteraad krijgt zo vooraf inspraak over de besteding van het geld en de gewenste resultaten. Voor de OGP is het coalitieakkoord, inclusief addendum, leidend. De afspraken hierin vormen dus het uitgangspunt voor de Begroting 2025 en het Meerjarenperspectief 2025-2028. Dat betekent aandacht voor participatie, goede dienstverlening, werken aan woningbouw, aandacht voor het bestaansrecht van Midden-Delfland, voor het groen en de boeren die het landschap beheren, het Bijzonder Provinciaal Landschap, maar ook aandacht voor verkeersveiligheid, sport, beweging, schone lucht en stilte. In de kadernota staan geen goede cijfers voor de gemeente.
In 2025 wordt een tekort van ruim € 1 miljoen verwacht, los van de ontwikkelingen waarover de raad nog geen besluit heeft genomen. De gemeenteraad kan het college opdragen om in 2025 tot een sluitende begroting te komen, of te zorgen dat er op langere termijn een structureel sluitende begroting is. OGP wil gaan voor een sluitende begroting 2025. Daarvoor moeten keuzes worden gemaakt. De pijn die dat oplevert, mag echter niet gevoeld worden door de meest kwetsbare inwoners. De armoedecijfers mogen niet stijgen en er moet ondersteuning blijven voor inwoners. Het is echter niet zo dat alles wat wordt gevraagd, geleverd moet worden door de gemeente. In dat kader is het goed dat er een nieuw jeugdbeleid komt. Het lijkt de OGP niet goed om de ozb met meer dan 3% te laten stijgen. Bovendien moeten de afvalstoffenheffing en rioolkosten kostendekkend zijn, maar niet winstgevend. Een stijging van 8% van de afvalstoffenheffing vindt OGP fors. De fractie is blij met het nieuwe afvalstoffenbeleid, waarbij het uitgangspunt is dat de vervuiler betaalt. Van geen van de zeven programma’s in de kadernota stijgen de kosten flink. Het is niet duidelijk of dit betekent dat het coalitieakkoord onvoldoende wordt ingevuld. OGP hoort graag waar participatie en communicatie in de kadernota zijn opgenomen.
De fractie vindt dit belangrijke thema’s en had graag gezien dat hiervoor extra middelen waren opgenomen. Ook valt op dat er één grote negatieve kostenpost is, namelijk de salariskosten. De OGP vraagt of hier geen hogere inkomsten vanuit het rijk tegenover staan. Tot slot is de vraag waar men geld kan vinden om tot een sluitende begroting te komen. De gemeente zal fundamentele keuzes moeten maken. Niet met een A- en een B-lijst, maar met de gehele begroting als uitgangspunt. De OGP vraagt welke verschillende scenario’s mogelijk zijn en zou graag concrete voorstellen van het college willen zien. De kaasschaafmethode is mogelijk, maar de OGP zou liever out of the box denken: met minder personeel hetzelfde doen, gebruikmaken van AI, minder inhuur van personeel, maar door het genereren van extra inkomsten. De heer Vieira stelt dat een discussie over de gemeentelijke financiën per definitie alle 5
beleidsvelden raakt. Het gaat er immers om of de gestelde doelen bereikt worden met de inzet van het gemeentelijke budget. Er is een A- en B-lijst opgesteld, maar D66 wil graag wat meer op hoofdlijnen aangeven waar het geld aan uitgegeven moet worden. Het coalitieakkoord plus addendum is daarbij de hoofdlijn die gevolgd wordt. D66 ziet extra taken en een terugval in budget op de gemeente afkomen en heeft nog geen eenduidig antwoord op de vraag of de begroting per 2025 al sluitend moet zijn. De VNG adviseert om inzichtelijk te maken waar de bezuinigingen tot problemen leiden en niet koste wat kost tot een sluitende begroting te komen. D66 vindt het verstandig om dit advies op te volgen, zodat bij de provincie duidelijk wordt op welke terreinen tekorten worden verwacht. Vorig jaar heeft de raad een motie aangenomen over het Schone Lucht Akkoord. Midden-Delfland is wat dunner bevolkt dan de omliggende gemeenten, maar de lucht is sterk vervuild. D66 is benieuwd wat het uitvoeren van de motie voor de gemeente betekent: welke acties worden ondernomen en hoe komen die terug in de begroting? De gemeenteraad heeft onlangs inzicht gekregen in de dienstverlening. Niet alle inwoners zijn tevreden over de afhandeling van vragen en verzoeken. D66 is benieuwd welke acties de gemeente gaat ondernemen om dit te verbeteren en waar dit in de begroting terugkomt.
Waterberging heeft D66 niet zien terugkomen in de begroting, terwijl dat een belangrijk onderwerp is. D66 zou graag zien dat er een scan wordt gedaan van het gebied en wordt bepaald hoe de gemeente moet omgaan met de toenemende hoeveelheid regenwater. In Schiedam geeft men € 1 miljoen uit aan waterberging, dus het zou vreemd zijn als Midden-Delfland hier helemaal niets aan doet. D66 wil ook stilstaan bij de jeugd. De fractie staat achter de vitaliteitsprogramma’s, sport en betaalbaar wonen. Dat zou D66 graag terugzien in de komende plannen van de gemeente. Veiligheid vindt de fractie ook een belangrijk thema. De tweede boa wordt bij voorkeur ingezet voor het beschermen van kwetsbare verkeersdeelnemers rondom scholen. Eind 2024 wordt de Blankenburgtunnel opgeleverd. D66 is benieuwd naar de effecten daarvan. En als de N468 wordt aangepakt, moeten de dorpen en buurtschappen goed bereikbaar blijven. D66 zou graag een reflectie van het college krijgen op al deze punten. De heer Van Rijs complimenteert de ambtenaren en het college voor het tijdig opstellen van de kadernota. Het voorziene tekort bedraagt in 2025 € 1,2 miljoen en loopt in 2028 op tot € 2,3 miljoen. Aangezien het tekort daarna nog verder oploopt, steunt het CDA het streven om de Begroting 2025 sluitend te maken. Het uitgangspunt voor de ozb is een opbrengststijging met 3%.
Dit percentage is eerder als maximum afgesproken. Het CDA vraagt wat wordt bedoeld met 'het uitgangspunt'. Het CDA vindt dat de gemeente eerst moet proberen om kosten te besparen, voordat aan de inwoners om een extra bijdrage wordt gevraagd. De fractie verzoekt het college om een sluitende begroting te presenteren, zonder deze verhoging. Mevrouw Langeveld sluit zich aan bij het betoog van mevrouw Koppert over het sociaal domein. Een van de vragen was: waar kan men geld vandaan halen? De heer Vieira zei dat de uitgaven inzichtelijk moeten zijn in de begroting. Zelf heeft ze in januari/februari technische vragen gesteld over de regionale begroting jeugdhulp. Daaruit bleek dat de kosten voor Midden-Delfland met 15,5% waren gestegen, zo’n € 450.000,00. Dat is niet vreemd, want overal zijn de kosten gestegen. Het CDA heeft toen gevraagd of deze stijging gevolgen heeft voor de begroting van 2024. Dat was toen nog moeilijk in te schatten. Inmiddels is duidelijk dat de kosten van de jeugdhulp voor 2025 binnen de begroting passen. Die 15,5% is er echter nog niet in verwerkt. Het CDA hoort graag hoe het komt dat deze cijfers niet terugkomen in de begroting. De tweede vraag is: waar kan de gemeente geld vandaan halen? Als blijkt dat de kosten voor jeugdhulp ondanks een stijging van 15,5% binnen de begroting blijven, lijkt het erop dat de gemeente veel te ruim begroot.
De heer Van Lier stelt dat de gemeente vanaf 2025 een flink verlies gaat realiseren. In november zal de raad daarom pijnlijke keuzes moeten maken. Het zou prettig zijn als het college bezuinigingsvoorstellen voor november doet, waaruit de raad kan kiezen. De VNG adviseert om te bezuinigen op de posten waarvoor de gemeente rijksbudget ontvangt. Dat zijn met name de WMO en de jeugdzorg. Mijn Partij vraagt of het klopt dat met name op deze beleidsterreinen bezuinigd gaat worden. 6
Mijn Partij mist de kosten voor het azc in de begroting, omdat hier pas in augustus over besloten wordt. De fractie zou graag alvast een doorkijkje van de kosten krijgen. Het project van PUUUR is per 1 januari 2025 afgelopen, waardoor het budget vrijkomt. De raad zal moeten nadenken of en hoeveel PUUUR volgend jaar gesubsidieerd wordt. Dat geldt ook voor Cittaslow, waarvoor ambtelijke inzet wordt toegekend. Zojuist werd gevraagd naar de waterberging. Hiervoor is geen geld beschikbaar gesteld, terwijl het wel verstandig is om geld te reserveren en een beleidsplan te maken. Mijn Partij kan zich in de meeste hoofdpunten voor de begroting vinden. Bij voorkeur wordt de begroting voor 2025 al sluitend gemaakt. De fractie acht dit echter onmogelijk als uitgegaan wordt van bestaand beleid. Hierop overweegt Mijn Partij een amendement. Verder kan Mijn Partij zich vinden in de voorgestelde indexaties. De gemeente kent veel onderhoudsinvesteringen, die deels worden doorgeschoven. Ooit is afgesproken dat bedragen twee keer doorgeschoven mogen worden en dat er daarna over beslist moet worden. Mijn Partij zou in het najaar graag van een aantal budgetten weten of ze nog worden doorgeschoven of dat ze anders ingezet worden en vraagt om een overzicht hiervan om de discussie op te baseren.
De heer Moerman stelt dat de VVD blij is met de uitgebreide kadernota, die een realistisch beeld geeft van de Begroting 2025 en het meerjarenperspectief tot 2028. Verontrustend is wel dat over de periode 2025-2028 een negatief saldo ontstaat. Bovendien worden veel posten doorgeschoven door gebrek aan capaciteit. Ook worden veel kosten hoger door inflatie. De gemeente zal daarom moeten bezuinigen. De VVD vindt het belangrijk dat structurele tekorten niet worden opgevangen door de algemene reserve, zoals in het verleden te vaak gebeurde. De raad zal kritisch moeten kijken naar alle gemeentelijke uitgaven om het tekort tot een minimum te beperken. De VVD vindt dat de grootste bezuiniging uit het sociaal domein moet komen. De gemeente moet onderzoeken wat ze wettelijk verplicht is om te doen. Van de overige zaken moet in beeld gebracht worden wat de gemeente doet, wat de reden hiervoor is, wat het kost en wat het oplevert. Zo kan de raad op basis van cijfers en feiten keuzes maken. De investeringen in digitalisering leveren hier hopelijk een bijdrage aan. Mevrouw Langeveld vraagt waar de VVD beter op zou willen sturen. De heer Moerman antwoordt dat de raad een lijst heeft ontvangen met activiteiten in de jeugdzorg. De VVD zou willen onderzoeken op welke punten bespaard kan worden en waar extra geïnvesteerd dient te worden.
Mevrouw Langeveld vraagt of de VVD zich bewust is van het feit dat dit lijstje vooral gericht was op preventie en niets te maken had met jeugdhulp. De heer Moerman zegt dat het om zowel preventie als jeugdhulp gaat. Mevrouw Koppert verwacht door de vergrijzing een flinke kostenstijging voor de WMO en vraagt hoe de VVD wil gaan besparen op het sociaal domein. De heer Moerman heeft nog geen idee hoe dat moet gebeuren. Daarom roept de VVD het college op om inzicht te geven en bezuinigingsvoorstellen te doen. Mevrouw Langeveld vindt het verontrustend dat de VVD nog geen idee heeft van bezuinigingsmogelijkheden. Op basis waarvan concludeert de heer Moerman dan dat de bezuiniging uit het sociaal domein moet komen? De heer Moerman antwoordt dat dit de grootste uitgavenpost van de gemeente is en dat het daarom logisch is om daar de bezuinigingsmogelijkheden te zoeken. Hij kan nog niet aangeven op welke aspecten uit het sociaal domein bezuinigd kan worden. De gemeente moet ook kritisch kijken naar de uitgaven aan de grote gemeenschappelijke regelingen. Het college heeft eerder beloofd dat de gemeente geen kosten gaat maken aan het asielzoekerscentrum. Toch is er al € 127.000,00 aan besteed. De VVD hoopt dat de kosten niet verder oplopen en vraagt het college om alle kosten voor het azc bij te houden en inzichtelijk te 7
maken. De VVD vindt het belangrijk dat bezuinigingen geen afbreuk doen aan de leefbaarheid, identiteit en maatschappelijke cohesie in de gemeente. Het college wordt opgeroepen om de investeringsplannen in het landschap in te zetten als verdienmodel voor de Midden-Delfland. De gemeente staat voor grote financiële uitdagingen en de VVD hoopt dat de hele raad en het college hun verantwoordelijkheid willen nemen door kritisch naar de kosten te kijken en concrete bezuinigingsvoorstellen te doen. De voorzitter geeft het college de gelegenheid om te reageren op de eerste termijn. Wethouder Voskamp dankt de fracties voor de complimenten over de kadernota. Het is een mooi middel om de raad te informeren over de komende begroting, maar vraagt veel van de organisatie. Met de kadernota is inzicht ontstaan in de financiële situatie als de gemeente alles zou uitvoeren wat onontkoombaar is. Daarnaast liggen er nog vele ambities, waarover nog geen besluit is genomen, de zogenaamde B-lijst. De financiële situatie stelt de gemeente voor een forse uitdaging, zeker als de gemeente voor 2025 een sluitende begroting wil hebben. De wethouder dankt de fracties die hebben aangegeven wat zij belangrijk vinden. Daarmee zal het college rekening houden bij het uitwerken van de begroting. Niet alle wensen kunnen uitgevoerd worden, want hoe meer wensen, hoe complexer de opgave wordt.
Zaken die in het coalitieakkoord zijn benoemd maar waarvan de kosten nog niet inzichtelijk zijn, zullen nog als extra lasten worden geraamd en verantwoord. Sommige fracties gaven aan dat ze keuzes voorgelegd willen krijgen. Het college kan de raad meenemen in de keuzes, maar alleen binnen de kaders die de raad meegeeft. Omdat de begroting na de zomer grotendeels al is opgesteld, is het lastig als fracties dan nog keuzes willen meegeven. Mevrouw Koppert vraagt of bij het opstellen van de begroting diverse scenario’s worden verwerkt. Als het college tot een sluitende begroting wil komen, lijkt het haar dat er wel bezuinigingsvoorstellen in verwerkt moeten worden. Wethouder Voskamp antwoordt dat ambtenaren uitgaan van de huidige situatie. Hij kan niet toezeggen dat de gemeenteraad diverse scenario’s krijgt voorgelegd waaruit een keuze gemaakt kan worden. Op basis van de discussie van vandaag zullen college en ambtenaren bepalen welke bezuinigingen mogelijk zijn. De jaarrekening vormt daarbij ook belangrijke input, bijvoorbeeld voor het al dan niet doorschuiven van budgetten. Hij is het ermee eens dat veel doorschuiven ongewenst is en dat er realistischer begroot moet worden. Het CDA vroeg wat bedoeld wordt met uitgangspunt voor de ozb. Het uitgangspunt is een stijging van maximaal 3%. Gezien de opgave verwacht het college niet dat deze lager wordt.
Het college kan zich voorstellen dat de raad voor de keuze wordt gesteld tussen het sluiten van een voorziening en een beperkte stijging van de ozb. Het uitgangspunt is maximaal 3% stijging. Als hiervan afgeweken wordt, zal dit nadrukkelijk uitgelegd worden aan de raad. Gevraagd werd of de hogere salarisuitgaven worden gedekt door hogere inkomsten. Met het verwerken van de meicirculaire is een maximale compensatie opgenomen. Het is niet bekend of dit 100% van de kostenstijging dekt. D66 stelde dat het niet alleen gaat om geld, maar vooral om de doelen die de gemeente stelt. Het gaat hier om de financiële begroting, maar per beleidsvoorstel zou het goed zijn om te overwegen met welk doel het beleid wordt vastgesteld en tot welke kosten of kostenbesparing het zal leiden. Over jeugdhulp zijn enkele vragen gesteld die schriftelijk beantwoord zullen worden. De cijfers van 2023 zijn verwerkt in de jaarrekening. Daaruit blijkt dat er weinig ruimte is om te bezuinigen. Voor de kosten van het azc komt er in het tweede kwartaal een begrotingswijziging. Voorgesteld wordt om dit niet via de reguliere begrotingswijziging te doen. Een groot deel van de kosten is namelijk inzichtelijk, maar de inkomsten die ertegenover staan nog niet. Als die bekend zijn, kunnen beide tegenover elkaar gezet worden, zodat de raad na de zomer inzicht heeft in de uiteindelijke kosten of opbrengsten.
Mevrouw Koppert veronderstelt dat daarmee de begrotingswijziging pas in het derde kwartaal wordt verwerkt. Wethouder Voskamp bevestigt dit. Het college wil de vastgoedovereenkomst graag in het 8
overzicht betrekken omdat hierin de financiële vergoeding van het COA verwerkt is. Wethouder De Leede benadrukt dat nieuwe wensen waarover nog niet financieel is besloten, zoals participatie, nog niet zijn opgenomen in de kadernota. D66 vroeg naar de waterberging en wateroverlast. Midden-Delfland kent een heel andere situatie dan gemeenten die in meer stedelijk gebied liggen. De gemeente besteedt echter al veel aandacht aan waterberging. De wethouder weet niet in hoeverre er voldoende inzicht is in problemen die inwoners kunnen ervaren door een toename aan regenwater. Een volgelopen kelder valt echter onder de verantwoordelijkheid van de inwoner en niet van de gemeente. De heer Van Lier stelt dat het wel iets ingewikkelder ligt. Het waterschap is verantwoordelijk voor het peilen en de gemeente voor het grondwaterpeil. Het grondwaterpeil is weer gekoppeld aan het Peilbesluit. Er is dus een samenspel tussen bewoner, waterschap en gemeente en daarin vormt de gemeente de spil. Wethouder De Leede antwoordt dat het gaat om de aansprakelijkheid. Bij wateroverlast in de woning is de woningeigenaar zelf aansprakelijk. Dat de gemeente ook een verantwoordelijkheid heeft om met andere overheden te onderzoeken hoe waterproblemen opgelost kunnen worden, is iets anders. D66 vroeg aandacht voor de bereikbaarheid van de dorpen.
Dat ziet de wethouder als een aandachtspunt voor alle wegwerkzaamheden die op de gemeente afkomen. Hij roept de gemeenteraad op inwoners op te roepen om de informatiebijeenkomst over de aanpak van de N468 bij te wonen. Gevraagd werd naar de financiële bijdrage aan PUUUR. Volgende maand ontvangt de raad een raadsinformatiebrief en het jaarverslag van 2023 van PUUUR. De bekostiging van PUUUR wordt gedekt uit de toeristenbelasting. De heer Van Lier stelt dat is afgesproken dat toeristenbelasting wordt uitgegeven aan recreatie en toerisme, maar op zich losstaat van PUUUR. Mijn Partij vindt dat de subsidierelatie met PUUUR heroverwogen moet worden. Wethouder De Leede is het ermee eens dat de gemeente moet kijken naar de langere termijn. Het college wil de subsidierelatie voor 2025 voortzetten en ondertussen een plan opstellen voor de periode erna. Volgens de heer Van Lier is er al met PUUUR afgesproken dat de gemeente zou kijken hoe de samenwerking wordt voortgezet. Hij vindt het voorbarig om nu alweer een subsidie voor 2025 in de begroting op te nemen. Wethouder De Leede erkent de waarde van PUUUR voor de gebiedsmarketing en zou niet graag het kind met het badwater weggooien door de subsidie per direct te beëindigen.
Tot slot werd gesuggereerd dat het college een lijstje van doorgeschoven projecten moet opleveren, zodat de raad kan overwegen welke projecten geschrapt kunnen worden. Dat lijstje is zojuist bij agendapunt 3 vastgesteld. Burgemeester Noordermeer heeft nog een aanvulling over participatie. Dit onderwerp heeft de aandacht in het dagelijkse werk in de organisatie. Het 'heldere-taalprogramma' draait, waardoor de communicatie wordt verbeterd. Participatie is een aandachtspunt in alle beleidsvelden. D66 vroeg nog aandacht voor verkeersveiligheid rondom scholen. Dat wordt in het uitvoeringsprogramma van het integraal veiligheidsbeleid meegenomen. De voorzitter geeft gelegenheid tot de tweede termijn. De heer Van Lier vraagt of de wethouder bereid is om de overwegingen op te nemen bij bezuinigingsvoorstellen, zodat het voor de raad eenvoudiger is om ermee in te stemmen dan wel te amenderen. Bij de discussie over het azc miste hij het aspect van de flexwoningen. Het is niet duidelijk voor wie de kosten en opbrengsten hiervan worden. 9
Tot slot wenst hij het college succes met het zoeken naar bezuinigingen. Wethouder Voskamp antwoordt dat het college bereid is om aan de raad te tonen hoe het tot bepaalde bezuinigingskeuzes is gekozen. Dat betekent echter nog niet dat het voor de raad eenvoudig wordt om 'aan de knoppen te draaien', omdat alles ook moet passen binnen het meerjarenperspectief. Het college komt dus met een voorstel voor de begroting, gebaseerd op de kaders die vandaag worden vastgesteld. De afwegingen zullen toegelicht worden, maar er worden geen scenario’s gepresenteerd, waaruit de gemeenteraad kan kiezen. Met betrekking tot de flexwoningen antwoordt hij dat het COA de flexwoningen ter beschikking stelt. De kosten zijn dus niet voor de gemeente. Wel komen er exploitatiekosten voor de flexwoningen. Die kosten moeten gedekt worden door de huuropbrengst. Dit verloopt via Wonen Midden-Delfland. De voorzitter concludeert dat het voorstel als bespreekstuk zal worden aangeboden aan de gemeenteraad. De heer Knaap stelt voor om de twee raadsvergaderingen van volgende week samen te voegen, omdat er niet zoveel op de agenda staat. De griffier antwoordt dat hier in de communicatie geen rekening mee is gehouden, waardoor het lastig is om dit nog te veranderen.
6.
Sluiting van de vergadering
De voorzitter sluit de vergadering om 21.40 uur. Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie van de gemeente Midden-Delfland op 10 september 2024.
de griffier, A. de Vos
de voorzitter, A.J. Gebben
10