2024 m 05 d 28 VSL Raad
Tekst van het document
Wat we nu doen in dit voorstel is aangeven dat we de huidige grondexploitatie willen sluiten, dat we een krediet aanvragen om een nieuwe planvorming voor te bereiden. Dat is die besluitvorming die we daarin doen. Met die planvorming in het plangebied dat we nog verder moeten bekijken. U noemde een aantal gebouwen, we gaan zeker nog bekijken of we die er wel of niet bij kunnen betrekken. Wij zien daar kansen. Nu doorgaan met een deelplan lijkt ons niet goed. Wij denken dat het nu tijd is om te kijken of we het breder kunnen trekken. Daarom zeggen we 'stop nu met deze grondexploitatie, geef ons een krediet om hier planvorming 15
voor te krijgen en dan gaan we dat voorbereiden en dan gaan we uiteraard met u samen kijken wat er uiteindelijk voor scope uitkomt en wat we daar verder in kunnen bekijken. Wij doen het voorwerk en dan gaan we samen met u kijken 'wat gaan we daarvan maken?' en op enig moment zullen we daar een nieuwe grondexploitatie voor moeten openen om te kijken wat we daarmee kunnen gaan doen. Het verhaal van de Kreekzone vind ik wel een lastig verhaal, voorzitter, want het wordt nu een beetje een discussie over waar we de prioriteiten leggen, maar het feit is gewoon dat we op de Kreekzone nu een heel tijdelijk gebruik hebben dat u als raad heeft aangegeven dat we naar andere planvorming moeten kijken in het kader van middenhuur. Dat heeft vertraging opgeleverd. We zijn er nu mee bezig. Voor tijdelijk gebruik kijken we naar een andere locatie en zodra we al die stappen hebben doorlopen kunnen we weer vaart maken op de permanente ontwikkeling die we daar gaan doen, maar er zit geen vertraging in zoals gesuggereerd werd, door andere projecten. Voorzitter, tot zover. De voorzitter: Dat betekent dat ik nu voor de tweede termijn rondkijk om te zien wie daarvan nog gebruik wil maken. Ik zie geen reactie daarop. Dan wil ik overgaan tot de stemming en nodig ik u uit om uw stem uit te brengen.
Alle stemmen zijn uitgebracht en de stemresultaten zijn dat er 10 stemmen voor zijn en 7 tegen en dat daarmee het voorstel is aangenomen.
10.
Mogelijkheid tot het stellen van vragen
De voorzitter: Dan gaan we over naar agendapunt 10. De mogelijkheid tot het stellen van vragen. Van die mogelijkheid is gebruikgemaakt om vragen te stellen aan het college. Twee leden hebben daar gebruik van gemaakt. De heer Van Lier heeft over drie onderwerpen vragen gesteld en de heer Ammerlaan over één onderwerp. We gaan de onderwerpen even apart aan de orde stellen. Allereerst de heer Van Lier. Uw eerste vraag ging over de voorgenomen knip in de Hoornseweg. Het college heeft daarop gereageerd, maar heeft u nog behoefte aan verdere en andere vragen? Aan u het woord, mijnheer Van Lier van Mijn Partij. De heer Van Lier: Bedankt voorzitter, ik had heel veel willen vragen, maar daar is dit agendapunt niet voor. Dit is voor aanvullende vragen en één inhoudelijke vraag is: er wordt gesproken over dat de weg zou worden afgewaardeerd, maar dat is geen knip. Afgewaardeerd is dat je 30 km/uur rijdt of de weg minder druk maakt, dat is geen knip. Vraag 1 is: bent u het met me eens dat dat niet afwaarderen is? Een andere vraag is: wanneer worden de bewoners geïnformeerd? Een andere vraag is: wanneer worden wij geïnformeerd? En de eindvraag is: moeten we dit niet in de commissie bespreken? Ik zie het wel een commissiestuk worden want ik spreek geen enkele Horinees die het een goed idee vond of niet met heel veel vragen komt.
Er was op gewezen dat we het hadden moeten lezen ergens, ik zal het misschien gemist hebben, maar iedereen die ik erover spreek, maakt zich zorgen erover. Dus ik wil het bij deze vier vragen laten, voor dit punt. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Van Lier. Zijn er andere leden die hier ook vragen over hebben of iets willen toevoegen? Ik zie mevrouw Langeveld van het CDA, aan u het woord. Mevrouw Langeveld: Ik wil allereerst de heer Van Lier bedanken dat hij hier vragen over gesteld heeft want dit is inderdaad een onderwerp dat speelt onder inwoners in Den Hoorn. Net als de heer Van Lier ben ik ook een aantal keren de afgelopen twee weken aangesproken hierop en mijn aanvullende vraag aan het college is de volgende. Dit is een besluit dat al heel lang geleden in de planning lag, om hier iets met de Hoornsekade/Hoornseweg te doen. Realiseert het college zich dat de wereld er inmiddels heel anders uitziet op de Hoornseweg sinds de Renier de Graafweg is doorgetrokken? Dat het verkeer wel met zeker driekwart is verminderd? Dus de eerste vraag van de heer Van Lier vond ik een heel goede vraag: waar gaat het hier nu eigenlijk over? Wat is nu eigenlijk het probleem met deze weg dat er een knip nodig is? Dus ik ben ook benieuwd naar de beantwoording van de aanvullende vragen van de heer Van Lier, maar ook naar de beantwoording van mijn aanvullende vraag.
De voorzitter: Dan ga ik naar de heer Knaap namens OGP Midden-Delfland. Aan u het woord.
16
De heer Knaap: Fijn dat deze vragen gesteld zijn want het leeft inderdaad in Den Hoorn. Ik ben eigenlijk wel benieuwd, want het is volgens mij ook een beetje klein begonnen met het wijkje dat direct aan die mogelijke knip grenst, terwijl we ook merken – want ik woon ook in Den Hoorn – merken dat dit een besluit is dat heel Den Hoorn aangaat. Dan kijk ik even vooruit en ben ik het met de heer Van Lier eens, op een gegeven moment komt er iets in die commissie en in die commissie gaan we het er dan over hebben. Dan kom ik toch op het punt: hoe betrek je de inwoners van Den Hoorn, ook breder dan dat wijkje dat er direct aan grenst, op zodanige wijze dat als het in de commissie wordt besproken, wij als raad ook een goed beeld hebben van de varianten en hoe daar door de inwoners op is aangevuld of hoe de zorgen zijn gedeeld. Ik zou graag van de wethouder willen weten: hoe is de participatie nu ingericht en hoe kan de wethouder ervoor zorgen dat er wat meer mogelijk is voor alle inwoners in Den Hoorn, om eens even goed kennis hiervan te nemen? Want het vindt nu allemaal een beetje plaats via de social media, via Facebook, en wij als OGP Midden-Delfland vinden het wel belangrijk dat je daar als gemeente zelf een stukje regie op neemt. Daar zijn wij nieuwsgierigheid naar voor dit moment. De voorzitter: Dan ga ik door naar de heer Van der Eijk van de VVD. Aan u het woord.
De heer Van der Eijk: Ik wil ook de heer Van Lier danken voor het agenderen van dit stuk. Ik had wegens lopende onderzoeken geen tijd om hier een vraag over te stellen. We hebben eigenlijk de informatie via de bewoners gekregen, of via een website die de bewonersvereniging heeft. De gemeenteraad heeft hier niet actief in enige vorm informatie over ontvangen. Er is misschien ooit een zinnetje over geschreven 'we werken aan een plan in Den Hoorn', maar dit gaat, zoals de heer Knaap al zei, heel Den Hoorn aan en dit zou zeker een onderwerp kunnen zijn bij komende verkiezingen. Dus dan moet u wel de raad ook meenemen in wat u van plan bent en wat er allemaal voor opties zijn. Want de enige informatiebron die ik tot nu toe heb, zijn de inwoners. Dat is heel fijn, maar het college weet meer. Deel dat met ons. De voorzitter: Dan ga ik door naar de heer Ringeling van de ChristenUnie. De heer Ringeling: Ook ik werd erop gewezen door inwoners en ook van mijn kant dank, erg veel dank aan de heer Van Lier voor de gestelde vragen. Ik heb nog twee vragen aan het college. De eerste is: zijn er al onomkeerbare toezeggingen gedaan of besluiten genomen richting MRDH of wat dan ook? Dat is één vraag.
De volgende vraag sluit een beetje aan bij de vierde vraag van de heer Van Lier: hoe vindt de definitieve besluitvorming hierover plaats? Ik neem aan dat er een raadsbesluit moet volgen, maar ik stel die vraag omdat ik het ook niet zeker weet. De voorzitter: Dan kijk ik voor de beantwoording naar de wethouder, de heer De Leede. Aan u het woord. Wethouder De Leede: Ik heb natuurlijk niet alleen uit de vragen van de heer Van Lier maar eerder al uit de reacties van het publiek begrepen dat dit een onderwerp is dat leeft. Ik heb dus geprobeerd me erin te verdiepen. Daar ben ik nog niet helemaal uitputtend in geslaagd, maar primair gaat het hier om het inrichten van een doorfietsroute en de kansen die dat heeft voor Den Hoorn om tot een verbetering te komen van de fietsverbinding. Daarvoor is onderzoek gedaan en wordt nog onderzoek gedaan en onderdeel van dat onderzoek is het aanbrengen van een knip. Dat is niet besloten, dat is onderdeel van een onderzoek. Dus de resultaten van dat onderzoek moeten nog in beeld komen. Tegelijkertijd is ervoor gekozen om rond dit onderwerp ook de mening van inwoners te horen. Dat doe je met directomwonenden. Daar is voor gekozen.
Ik begrijp uit uw vragen en de vervolgvragen van collega's uit de raad dat er behoefte is om wat breder te kijken naar participatie, in de zin van 'moeten niet meer mensen dan alleen de directomwonenden bij dit onderwerp worden betrokken?' Ik denk dat het een goede suggestie is om te bekijken of dat in deze fase een handige zet is. Het is niet zo dat u niet geïnformeerd bent. Ik heb uit stukken waar deels naar verwezen wordt, begrepen dat er ook dit jaar nog informatievoorziening uw kant op is gekomen maar in deze fase is er geen raadsbesluit of raadsinbreng aan de orde. Dat komt natuurlijk wel, uiteindelijk zal een raadsbesluit nodig zijn als we een krediet gaan voteren voor onze bijdrage aan een nieuwe fietsverbinding. Dat vraagt zeker een raadsbesluit want weliswaar wordt 70% door een ander betaald, maar dat betekent nog steeds dat je 30% zelf moet betalen en dat betekent dat dan alle ins en outs van dat plan en de consequenties, ook voor het autoverkeer 17
in beeld worden gebracht. Ik heb uit deze vragen en uw vervolgvragen begrepen dat u meer informatie wilt, in ieder geval over wat er op dit moment speelt. Dus ik denk dat het het handigste is als we die zo snel mogelijk in een raadsinformatiebrief aan u schetsen. Daarnaast zal ik naar aanleiding van vragen over het betrekken van de inwoners nagaan welke inwoners op dit moment direct zijn betrokken en of er mogelijkheden zijn om in de vorm van iets als een informatieavond een groter bereik te krijgen voor wat betreft het meepraten. Dat is wat ik u in eerste instantie zou willen beantwoorden. De voorzitter: Ik kijk rond of er op dit moment nog aanvullende vragen over zijn. Ik geef het woord aan de heer Ringeling van de ChristenUnie. De heer Ringeling: Voorzitter, de wethouder zei 'uiteraard wordt de raad betrokken bij de besluitvorming op het moment dat er geld verstrekt moet worden', en dan gaat het om een relatief klein bedrag, 30% want 70% komt van anderen, maar dat is nog steeds serieus geld inderdaad. Ik zou ervoor willen pleiten om de raad iets eerder in het proces te betrekken, dus niet alleen maar bij het beschikbaar stellen van geld, want dan zijn we eigenlijk al bijna aan het eind.
Dus ik zou – om ook richting de partners waar we mee bezig zijn geen valse hoop of verwachting te wekken – als raad toch veel eerder betrokken willen worden bij de plannen zodat we tijdig worden betrokken. Want anders worden we op het eind voor een voldongen feit geplaatst 'we zijn al een tijdje bezig met dit plan dus we kunnen nu geen nee zeggen'. Dus ik zou veel eerder in het proces betrokken willen worden, is dat mogelijk? De voorzitter: Ik zie nog meer vragen, waarvoor ik bij dezen het woord geef aan de heer Van Lier. De heer Van Lier: Bedankt. De heer Ringeling heeft een stukje van het gras voor mijn voeten weggemaaid, want ik had ook de vraag dat ik sturing wil hebben, althans als raad, op de keuzes en oplossingen. We kunnen over geld sturen, maar het gaat over de oplossingen. Ik wil de wethouder meegeven, hij is pas sinds kort wethouder hier, dat we in het verleden al hebben gekozen voor en geïnvesteerd in twee fietsbruggen en een fietspad aan de andere kant. Het voelt wel gek om te investeren in twee dure bruggen en een fietspad en nu aan de andere kant ook een fietspad aanleggen. Dus dat moeten we meenemen in het raadsvoorstel, waarom we dat vernietigen, of niet gebruiken. Er zijn andere oplossingen. Als je weg te smal is, moet je misschien van de berm gebruikmaken.
De vraag aan u is: kunt u ook de oplossingen of waaraan gedacht wordt meegeven? Ik denk dat algemene tendens in Den Hoorn is: geen knip. Ik hoop dat u dat ook meeneemt en ik denk dat we dan de raadsinformatiebrief af moeten wachten en dan ook verder kunnen gaan. Zodat we in ieder geval ook de keuze hebben over de oplossing en niet alleen over het geld gaan. De voorzitter: Dan wil ik het woord geven aan mevrouw Langeveld, CDA. Mevrouw Langeveld: Allereerst wil ik de wethouder bedanken voor de uitgebreide beantwoording van de vragen en goed ook om te horen dat u de suggestie meeneemt om de participatie breder te trekken dan alleen de wijk waar het in eerste instantie om lijkt te gaan. Maar de heer Knaap heeft natuurlijk al aangegeven dat het niet alleen om die wijk gaat, maar dat die knip een zeer groot deel van Den Hoorn aangaat. Ik had u nog een vraag gesteld of het college zich ook wil realiseren of erbij stil wil staan wanneer er ook uiteindelijk een besluit genomen moet worden, dat het verkeer al zo'n ongelooflijk stuk minder is geworden op die weg door het doortrekken van de Reinier de Graafweg. Misschien ook een suggestie om ook nog mee te nemen, je ziet natuurlijk heel vaak de fietsstraten.
Zou dat mogelijk ook een oplossing kunnen zijn in plaats van een knip? Dat je dat misschien onderzoekt? Dat is in ieder geval een suggestie van onze kant om mee te geven aan de wethouder. De voorzitter: Dan wil ik nu graag het woord geven aan mijnheer Van der Eijk, VVD. De heer Van der Eijk: Ik hoor hier volgens mij ook een brede oproep naar het college om de raad ook in haar kaderstellende rol mee te nemen en niet uiteindelijk alleen maar met een ja of nee via het budgetrecht. Ik hoor hier een hoop suggesties. We kunnen hier een heel mooie discussie over
18
hebben in een commissie om een mooi kader mee te geven aan het college zodat Den Hoorn hier beter van wordt en niet afgesloten. De voorzitter: Dan wil ik het woord na deze tweede ronde weer geven aan de heer De Leede, wethouder. Wethouder De Leede: Dat laatste is natuurlijk zeker de bedoeling. Niet alleen de inwoners van Den Hoorn overigens, want het gaat om een doorfietsroute van A naar B en die verder reikt dan alleen Den Hoorn, maar zeker de inwoners van Den Hoorn moeten we natuurlijk beter worden van zo'n investering. De oplossing ligt inhoudelijk nog niet vast. Het enige dat eigenlijk tot nu toe vastligt, en dat is overigens ook volgens mij heel duidelijk naar u gecommuniceerd, is dat MiddenDelfland zich heeft gecommitteerd aan het meewerken aan het doorfietsroutetraject tussen Delft en Naaldwijk. Dus wij zijn wel gehouden om ons daarin coöperatief op te stellen en om dat mogelijk te maken. Daarvan willen wij dus een kans maken in plaats van een bedreiging. Die mogelijkheden zien we. De oproep die ik van een aantal kanten heb gehoord om de raad niet pas in een eindfase te betrekken als kredietvotering aan de orde is, maar al in een eerdere fase, neem ik mee en zal ik verwerken in een concrete suggestie in de raadsinformatiebrief qua procesgang. De voorzitter: Dank u wel mijnheer De Leede. Dit onderwerp komt natuurlijk verder nog terug.
Daarmee stel ik voor door te gaan naar de volgende vraag van de serie vragen die de heer Van Lier gesteld heeft. Mag ik u het woord geven mijnheer Van Lier? De heer Van Lier: Bedankt voorzitter, ik ben in ieder geval blij dat de grond nu bij een melkveehouder zit, dat is een goede bestemming. Ik had nog een vraag. Was het achteraf gezien niet handig geweest dat wij ook geïnformeerd werden dat een koop niet doorging? Want we hebben gesproken over de aankoop van de grond en eigenlijk hoor ik dus nu, eigenlijk door de discussie over Verboom 'hoe staat het ermee', dat het een jaar later al niet meer doorging. Dus de vraag aan college, of eigenlijk is het het vorige college geweest, is: had u ons hier niet van op de hoogte moeten houden? Of als leermoment: houd ons voortaan beter op de hoogte. Misschien kan ik het zo stellen. De voorzitter: Ik kijk naar wethouder De Leede die wil reageren als ik het goed begrijp. Aan u het woord. Wethouder De Leede: Dat klopt voorzitter, ik wil daar graag op reageren. Het ging niet om het vorige college, maar het voor-vorige college in dit geval. Het is misschien minder interessant om de geschiedenis in te duiken. Het is beter om te schetsen dat als er inderdaad wijzigingen zijn in genomen besluiten, het goed is om zo'n update dan aan de raad mee te geven.
Volgens mij hebben we daar vrij recent een nieuw instrumentarium voor in het leven geroepen en volgens mij kan dat dan in het maandbulletin zoals wij dat dan onder ons noemen. Daar kunnen we in het vervolg dat type informatie meenemen. De voorzitter: Ik kijk even naar mijnheer Van Lier. Ik zie een duim, dat is akkoord. Dat betekent dat u ook naar uw volgende vraag mag, waarbij u nog even kunt aangeven of u nog behoefte heeft tot verdere vraagstelling. De heer Van Lier, aan u het woord. De heer Van Lier: Ik heb geen behoefte aan aanvullende vragen. De boom is gevonden en staat. Iedereen blij. De voorzitter: Nou, fantastisch. Fijn te horen. Dank u wel. Dat betekent dat we doorgaan naar mijnheer Ammerlaan. Ik zie hem al kijken. Het college heeft gereageerd, maar heeft u nog behoefte aan verdere vraagstelling, mijnheer Ammerlaan? Aan u het woord namens OGP, pardon, Mijn Partij? Ik wil jullie er even goed bij houden. De heer Ammerlaan: Dank college, voor de beantwoording van de vragen. Ik kan me nu enigszins voorstellen hoe de gedachtegang rond het verwijderen van de bebording tot stand is gekomen. Ik wil daarbij toch graag vermelden dat deze dit specifieke voorbeeld wat mij betreft geenszins een nuttige en doelmatige besteding van gemeenschapsgelden is. We hebben nu kosten moeten maken 19
om een compleet duidelijke situatie aan te passen naar een situatie die in mijn opzicht minder veilig en duidelijk is dan deze daarvoor was. Kan het college aangeven in welk opzicht deze sanering zorgt voor een verkeerstechnische verbetering ten opzichte van de originele situatie? De voorzitter: Dan kijk ik nu naar de wethouder, de heer De Leede. Aan u het woord. Wethouder De Leede: Voorzitter, uiteindelijk is het natuurlijk een besparing op het moment dat je borden weghaalt want die hoef je dus ook niet meer te vervangen als ze zijn versleten of als er een keer iemand tegenaan gereden is. Natuurlijk is veiligheid primair, waar het gaat om een voorrangsregeling. Maar het is duidelijk dat in deze situatie het aanduiden van wie het eerst mag bij zo'n versmalling niet leidt tot een veiliger weggedrag. Dat is in ieder geval aangetoond. Niet met specifiek onderzoek op die plek, maar in algemene zin. En uiteindelijk doe je dus een ingreep teniet die je eerder hebt gepleegd. De veronderstelling is dat uiteindelijk ook andere wegbeheerders die lijn zullen volgen. Dat geldt voor Maassluis, in dit geval en het Westland en dat uiteindelijk de verkeerssituatie daardoor ook overzichtelijk is doordat bij elk van die versmallingen duidelijk is dat wie het eerst komt, in principe voorrang heeft en niet degene die het hardst op dat punt af rijdt.
Maar uiteindelijk is de veiligheid in dezen niet in het geding, want dan was die voorrang natuurlijk nooit opgeven. De voorzitter: Ik zie mijnheer Ammerlaan en ik geef u hierbij het woord namens Mijn Partij. De heer Ammerlaan: Het moeilijke hier aan deze situatie is dat dat nu precies is wat er gebeurt. De weg is daar denk ik 7,5 meter breed en de borden waren net nieuw, dus dat is ook super. Maar nu rijd je als je vanuit De Lier komt, vijf keer een aangeduide wegversmalling voorbij, om vervolgens de Coldenhovelaan voorbij te rijden en 350 meter verder geen borden meer te vinden, waardoor iedere Poolse vrachtwagenchauffeur denkt 'als ik gewoon gas geef en ik houd hem in het midden, denk ik dat ze me er wel voorbij laten'. Dan kun je natuurlijk wachten totdat de gemeente Westland daar ook de borden weghaalt, maar in de trend denk ik niet dat het er veiliger van gaat worden op zo'n tuindersweggetje. Maar ja, dat is dan een mening. De voorzitter: Dank u wel mijnheer Ammerlaan. Ik wil allereerst het woord geven aan de heer Scholtes. Heeft u nog een vraag? Dan stel ik voor dat u die vraag nu mag stellen. De heer Scholtes: Ja helemaal goed, toch nog even voor alle duidelijkheid. Ik heb de vraag ook gelezen en ik kan me enigszins vinden in wat de heer Ammerlaan van Mijn Partij zegt.
Maar begrijp ik nu goed dat Westland ook van plan is om de weg aan te passen, waardoor eigenlijk de verkeersregels op de gehele weg van De Lier tot en met Maasland hetzelfde worden? Klopt dat? En dan is eigenlijk mijn vervolgvraag: had dat niet beter gelijktijdig met het Westland kunnen worden gedaan? De voorzitter: Dan wil ik nu graag het woord geven aan wethouder De Leede. Wethouder De Leede: Voorzitter, de heer Ammerlaan stelde niet direct nog een vervolgvraag, maar gaf aan wat zijn inschatting is van het rijgedrag en daarmee van de veiligheid in die situatie. Wat betreft de afspraak met het Westland, ja, dat ware verkieslijker geweest. Het is misschien goed om het opnieuw op te nemen met de gemeente Westland om onduidelijkheden weg te nemen. Dat is een toezegging die ik bij dezen doe, dat we daar het overleg over aangaan. De voorzitter: Dank u wel de heer De Leede. En daarmee is ook deze vraag behandeld en voor dit moment afgedaan.
11.
Sluiting
De voorzitter: Dat betekent dat wij bij agendapunt 11, de sluiting van deze vergadering zijn aangekomen. Ik wil u allen danken voor de inzet en betrokkenheid weer vanavond in deze vergadering. En ook voor de komende maand. De komende zes weken kunnen we nog heel veel overleg en beraadslaging tegemoetzien. Ik wens jullie daarbij ook allemaal veel energie en goede toewijding aan de voorstellen en voorbereidende werkzaamheden daartoe. Ik wil jullie allen danken voor vanavond voor jullie aanwezigheid. Hiermee sluit ik de vergadering. 20
Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 2 juli 2024. de griffier, A. de Vos
de voorzitter, F.I. Noordermeer-van Slageren
21