2023 m 10 d 11 Commissie
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de openbare vergadering van de commissie van de gemeente MiddenDelfland, gehouden op woensdag 11 oktober 2023, 19.30 uur. Voorzitter
: de heer N.C. Knaap
Griffier
: de heer A. de Vos
Aanwezig : de heer M. de Bakker (ChristenUnie), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer N.J. Ruiterman (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer R.E. Vieira (D66) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
:-
Tevens aanwezig: de heer drs. A.P.J. van Hemmen, burgemeester, mevrouw W. Renzen-van Leeuwen en mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, de heer F.A. Voskamp, wethouders, mevrouw L. Baruch, mevrouw G. van Geene, de heer J.G. de Goede, de heer A. Groen, de heer R. Hedges, mevrouw ds. B. Lamain, A. Verleg, insprekers
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter opent de commissievergadering van 10 oktober 2023 om 19.30 uur en heet de commissie- en collegeleden, de aanwezigen op de publieke tribune en de kijkers thuis welkom.
2.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.
3.
Gelegenheid tot inspreken
De voorzitter geeft het woord aan mevrouw Van Geene en mevrouw Baruch. Mevrouw Van Geene overhandigt een petitie, getekend door ruim 3000 inwoners, die tegen de plannen zijn om grootschalig vluchtelingen op te vangen in Midden-Delfland. Omdat lang niet alle inwoners in staat zijn om digitaal te stemmen, schat zij in dat elke stem 2,5 inwoner representeert, in totaal dus 7500 inwoners. Inwoners geven aan dat er geen draagvlak is voor het voorliggende plan. Het draagvlakonderzoek geeft ook een zeer slecht resultaat. Er komen dertig flexwoningen voor starters en spoedzoekers. Uit een enquête blijkt dat 92% van de doelgroep liever elders een woning betrekt dan binnen het azc-plan. De flexwoningen zullen dus uitsluitend door statushouders worden bewoond, want zij zijn ook spoedzoekers. Het levert dus geen oplossing voor het huisvestingsprobleem in Midden-Delfland. Inwoners willen wel asielzoekers en statushouders opvangen, maar op kleinere schaal, verdeeld over de dorpskernen en van blijvende aard. Doordat het draagvlakonderzoek zeer slecht is uitgevoerd, voelen bewoners zich genegeerd en gekleineerd, wat leidt tot boosheid en wantrouwen. Daardoor is de petitie zo massaal getekend. Bewoners zijn niet gevoelig voor een financiële stimulans, zoals wordt voorgesteld.
Inspreker verwacht dat er alleen verliezers zullen zijn als er een grootschalig azc komt en wijst erop dat de raadsleden blind zijn voor de feiten en handelen op basis van emotie en persoonlijke overtuigingen. Het lijkt of zij niet bereid zijn om zich te verdiepen in de lange lijst van missers en fouten die aan het dossier kleven. Ze zijn het aan de bewoners en asielzoekers verplicht om nee te zeggen tegen het voorstel. Er moet een gedegen onderzoek komen naar structurele mogelijkheden om op humane wijze asielzoekers op te vangen. Daarbij willen bewoners dat ervan uitgegaan wordt dat de mensen worden verdeeld over de dorpskernen en daarna in de gemeente kunnen blijven wonen. De voorzitter geeft de commissie de gelegenheid om vragen te stellen. De heer Jongsma vraagt hoe groot de locaties naar mening van de inwoners moeten worden. Mevrouw Van Geene antwoordt dat de gemeente volgens de Spreidingswet ongeveer honderd 1
asielzoekers moet opvangen. Dat aantal kan verspreid worden over de drie kernen. De voorzitter geeft het woord aan mevrouw Lamain. Mevrouw Lamain vraagt hoe de gemeente Midden-Delfland bekend wil staan: als gemeente met mooie historische dorpen, prachtig groen polderlandschap en een bloeiend verenigingsleven en bedrijvigheid, of als gemeente die zich verzet tegen de komst van asielzoekers en de opvang van Oekraïners uitbesteedt aan Westland? Kortom, of de gemeente een museum wil worden van 'hoe het altijd geweest is', zonder te beseffen dat ze deel is van een groter geheel. Midden-Delfland behoort tot de rijkste gemeenten van Nederland, maar zet het liefst een muur om haar welvaart heen, terwijl ze solidair zou moeten zijn met de andere gemeenten. De afgelopen tien jaar vormden asielzoekers slechts 11% van de migranten die naar Nederland kwamen. De overige 89% zijn arbeidsmigranten en studenten. Nederland heeft hen hard nodig. In 2022 kwam ongeveer 5% van de asielzoekers uit een veilig land: de gelukszoekers. Nederlanders zouden eigenlijk zichzelf gelukszoekers moeten noemen, omdat ze in dit deel van de wereld geboren zijn. Dat de inwoners van Nederland en van Midden-Delfland het zo goed hebben, brengt ook de verantwoordelijkheid met zich mee om voor anderen te zorgen.
Migranten zijn niet alleen waardevol als arbeidskrachten, maar ook om ons te doen beseffen hoe groot de ellende van de wereld is en hoeveel wij hebben. Ze laten ons ook zien wat het rijke Westen verloren heeft: gastvrijheid, gulheid en geloof. Als Nederlanders ooit moeten vluchten, hoopt zij dat zij anders behandeld worden dan nu de tendens is in Midden-Delfland. Opvang van vluchtelingen gaat niet over liefdadigheid, maar over rechtdoen en over mensen een menswaardig bestaan geven. Ze sluit af met een Bijbels citaat en wenst de gemeenteraad veel wijsheid bij de besluitvorming. De heer Vieira vraagt wat mevrouw Lamain zou willen zeggen tegen bewoners die zich zorgen maken om hun veiligheid. Mevrouw Lamain antwoordt dat Nederlanders de verantwoordelijkheid hebben om mensen op te vangen en om hen een gemeenschap te bieden. Ze vindt het onjuist om aan te nemen dat mensen uit andere landen de veiligheid in gevaar brengen. De voorzitter geeft het woord aan de heer Hedges. De heer Hedges, die spreekt namens het bewonerscollectief 'Nee tegen een grootschalig azc'. Als lid van het bewonerscollectief sprak hij al met politieke fracties en met burgemeester Van Hemmen. De burgemeester gaf aan dat het COA een azc voor 5000 asielzoekers kan bouwen, als de gemeente niet akkoord gaat met de plannen.
Zulke grote centra bestaan helemaal niet, dus dit was een leugen die aansluit bij de stemmingmakerij door de gemeente. Inwoners zijn het ermee eens dat de gemeente haar verantwoordelijkheid moet nemen, maar de manier waarop het proces verloopt, is onacceptabel. Tijdens de bewonersavond werd erkend dat de bewonersvoorlichting niet goed was. Dat geldt echter voor meer aspecten van het proces. Er is bewust foutieve informatie verstrekt over het minimumaantal op te vangen vluchtelingen en over de COA-bijdrage. Er wordt niets gezegd over de reeds ontvangen intentieverklaring. Zo worden zaken 'toevallig' buiten beschouwing gelaten en wordt de werkelijkheid anders geframed. De flexwoningen worden gebruikt als lokkertje, maar die worden straks bewoond door statushouders. Het opvangen van echte vluchtelingen vinden inwoners één ding, maar het moet wel gebeuren op basis van het eerlijke verhaal, onder de juiste voorwaarden en via een transparant proces. Dat geldt ook voor de locatiekeuze. Het voorstel is niet conform de opdracht en uitgangspunten van de gemeenteraad. Instemmen met het voorstel zou het broze vertrouwen van de burger in de politiek verder schaden. Het kan ook anders. Inspreker verwijst naar Harderwijk en Barneveld, waar elke stap is gecommuniceerd met de bewoners. Bewoners vertrouwen erop dat de raad tegen dit voorstel zal stemmen.
In de brief van staatssecretaris Van der Burg aan de gemeente staat dat de doelgroepenbeperking verdwijnt en kleinere locaties mogelijk gemaakt worden. De brief is inmiddels van de gemeentelijke website verwijderd. Bewoners nodigen de nieuwe burgemeester uit om het dossier over te nemen en het beter te gaan doen, in samenspraak met bewoners en passend in kleine dorpskernen, zoals de VNG adviseert.
2
De heer Vieira vraagt naar het voorbeeld van Harderwijk, waar 800 vluchtelingen worden opgevangen. Hij vraagt of inspreker dat ook wil voor Midden-Delfland. De heer Hedges antwoordt dat het hem gaat om de transparantie van het proces, waarin de bewoners goed zijn meegenomen. De locatiekeuzes zijn openbaar gemaakt en de gemeente heeft geen informatie achtergehouden. Het gaat hem niet om het aantal vluchtelingen. De voorzitter geeft mevrouw Verleg het woord. Mevrouw Verleg is tegen het realiseren van een grootschalig azc, vanwege het proces, de kwaliteit van het raadsvoorstel en het gebrek aan transparantie. Ze vindt dat de gemeente vluchtelingen moet opvangen, maar dat dit op een goede manier moet gebeuren, op basis van draagvlak in de omgeving en met uitzicht op integratie. Ze vergelijkt de plannen met het bouwen van een huis, dat een stevig fundament nodig heeft, goede ramen en een veilige omgeving. De gemeente heeft echter veel te weinig bewoners geconsulteerd om het draagvlak te onderzoeken. De gemeente heeft niets met de input van bewoners gedaan. Volgens de burgemeester konden de plannen niet meer veranderd worden. Ondanks gebrek aan draagvlak, het fundament van het huis, is de commissie op zoek gegaan naar een locatie. Volgens de burgemeester zijn er veertig locaties onderzocht. In het voorstel staan er slechts 18, waarvan er vier zijn uitgewerkt.
Drie daarvan zijn geanonimiseerd. Het verzoek om deze locaties openbaar te maken, is geweigerd. Het lijkt dus of de commissie vanaf het begin de locatie Harnaschdreef op het oog had en niet meer met open blik naar andere locaties keek. De ramen van het huis zijn daardoor niet transparant. Om het huis heen worden tralies gebouwd, zodat het lastig wordt om eruit te komen en te integreren in de samenleving. De druk op omliggende voorzieningen zijn namelijk groot: de scholen hebben wachtlijsten en in het speciaal onderwijs is geen plek. Ook verenigingen zitten vol. De vluchtelingen blijven daarom in hun eigen huis, met een slecht fundament, vieze ramen en tralies eromheen. Ze zou dit alles niet op haar geweten willen hebben als ze raadslid was. Ze zou vluchtelingen een eerlijke start willen geven met een echt huis om veilig in te wonen. Ze adviseert om tegen het voorstel te stemmen en opnieuw te beginnen met het maken van plannen, in samenspraak met bewoners. Er is immers draagvlak voor kleinschalige opvang. De heer Ringeling vraagt of mevrouw Verleg een suggestie heeft voor een voorstel. Mevrouw Verleg stelt voor om opnieuw te beginnen met een onderzoek, gebruikmakend van het draagvlak dat er is voor kleinschalige opvang in de drie kernen. Van daaruit zou de commissie een onderzoek naar de mogelijkheden moeten starten. De voorzitter geeft het woord aan de heer Groen.
De heer Groen betoogt dat de inwoners van Den Hoorn grote spanningen ervaren en zich niet gehoord voelen. Er is geen draagvlak voor een grootschalig azc in Den Hoorn. Veiligheid is voor de buurtbewoners een belangrijk aspect dat onvoldoende aandacht krijgt. De gemeente heeft geen veiligheidsplan opgesteld, terwijl een goed en doordacht veiligheidsplan essentieel is. Om dit kracht bij te zetten noemt hij een aantal voorbeelden van overlast door met name amv'ers en gelukszoekers. De problemen doen zich vooral voor bij jongvolwassen mannen volgens het COA. In Den Hoorn gaat het straks niet om 225, maar om minimaal 275 asielzoekers. In de flexwoningen, bestemd voor lokale bewoners, willen namelijk geen jongeren uit Den Hoorn wonen. Deze zullen dus ook door het COA gevuld worden. Naar verwachting gaat er slechts 4% van deze bewoners werken, zodat er dag en nacht mannen rondhangen in de woonwijken en het dorp. Dat kan leiden tot overlast en een gevoel van onveiligheid onder de bewoners. Op basis van alle onregelmatigheden, onvolledigheden en onjuistheden van het onderzoek is er maar één conclusie mogelijk, namelijk dat de gemeenteraad het voorstel moet verwerpen. Spreker adviseert om een nieuw voorstel te maken, in samenwerking met bewoners. De voorzitter concludeert dat de commissie geen vragen heeft en geeft het woord aan de heer De Goede.
3
De heer De Goede spreekt in namens Buurtpreventie Den Hoorn, dat in 2013 is opgericht toen de politiebureaus in de dorpen werden opgeheven. Preventen fungeren als extra ogen en oren van de politie om de veiligheid en leefbaarheid van alle burgers in Den Hoorn te bevorderen. Buurtpreventie heeft zorgen over de veiligheid van burgers in het algemeen en van de buurtpreventen in het bijzonder. Inspreker vindt het voorgestelde azc voor 225 asielzoekers erg grootschalig. Het is een fundamentele breuk met het beleid om statushouders over de dorpskernen te verdelen, terwijl voor dat systeem altijd draagvlak is geweest. Zelfs als slechts een klein percentage van de azcbewoners onaangepast gedrag vertoont, bijvoorbeeld doordat men getraumatiseerd is, legt dat een grote druk op Den Hoorn. Buurtpreventie betreurt het dat ze niet geraadpleegd is over de uitvoerbaarheid van de plannen. Men heeft behoefte aan concrete informatie over de verwachte hoeveelheid en aard van overlast en hoe daarop gereageerd kan worden. Bovendien moet de aanwezigheid van politie worden vergroot. Toezeggingen voor extra bijstand zijn echter nog niet gedaan. Daardoor verwachten buurtpreventen met extra overlast en onveiligheid te worden geconfronteerd. Op het azc zelf worden preventieve maatregelen genomen om overlast te voorkomen.
Inspreker vraagt welke maatregelen de gemeente treft als blijkt dat er in de openbare ruimte overlast plaatsvindt. Vermeld wordt dat in Rijswijk na de toegenomen overlast bij het azc, een gecoördineerd optreden wordt toegepast tegen overlastplegers. Buurtpreventie mag echter niet om identificatie vragen en kan dus niet signaleren of de overlast vergroot wordt door azc-bewoners. Inspreker hoort graag hoe de gemeente dit gaat oplossen. Buurtpreventen hebben ook geen verdedigingsmiddelen als zich gevaarlijke situaties voordoen. Inspreker hoort graag hoe de preventen worden voorbereid en beschermd en of de vluchtelingen ingelicht worden over de rol en taak van Buurtpreventie. Inspreker zou graag zien dat er verbinding komt tussen vluchtelingen, burgers en preventen om meer onderling begrip en betrokkenheid te hebben. Alleen op die manier ontstaat er gezamenlijke verantwoordelijkheid voor leefbaarheid en veiligheid. Overlastplegers zijn dan eerder bekend en de welwillende azc-bewoners kunnen helpen om de overlast te voorkomen. Dergelijke praktische uitvoeringsproblemen moeten vooraf geregeld worden, om achteraf niet voor onaangename verrassingen te komen staan. De heer Ringeling vraagt of Buurtpreventie Den Hoorn met de burgemeester of de gemeente heeft gesproken over de plannen en zo niet, of men daartoe bereid is.
De heer De Goede antwoordt dat er regelmatig contact is, maar niet over dit onderwerp. Hij is uiteraard bereid om dat gesprek aan te gaan. De heer Ringeling vraagt of vrijwilligers overwegen te stoppen met de buurtpreventie. De heer De Goede vindt dat moeilijk te zeggen. Het is niet expliciet gevraagd. Buurtpreventie Den Hoorn vreest wel dat mensen afhaken als er geweldsincidenten of bedreigingen komen. Het is immers vrijwilligerswerk. Hij benadrukt dat de meeste buurtpreventen niet tegen de opvangplannen zijn en juist willen meewerken. Ze moeten echter het gevoel hebben dat er goed nagedacht is over de veiligheid en dat er toezeggingen zijn voor het geval het misgaat. Veiligheid is immers een van de belangrijkste taken van de overheid. De heer Jongsma vindt het jammer dat er geen overleg is gepleegd met de Buurtpreventie en hoopt dat dit snel gebeurt. Hij vraagt naar het verschil tussen de huidige en de toekomstige situatie met overlast gevende personen in de openbare ruimte. Verwacht Buurtpreventie een toename van overlast of denkt men dat de overlast een ander karakter krijgt? De heer De Goede antwoordt dat het niet kunnen vragen om identificatie nu al een probleem is. Buurtpreventie verwacht meer overlast als veel azc-bewoners geen werk hebben en dus gaan rondhangen, zeker als zij getraumatiseerd of gefrustreerd zijn.
Men vindt het naïef om ervan uit te gaan dat niemand overlast veroorzaakt. De voorzitter dankt alle insprekers voor hun bijdrage.
4.
Voorstel resultaat onderzoek naar de mogelijkheid van Flexwonen en 4
opvang in Midden-Delfland Voorafgaand aan de inhoudelijke discussie legt de voorzitter uit dat er vanavond geen besluit wordt genomen over het al dan niet doorzetten van het plan om een azc in Den Hoorn te openen. In twee rondes stellen de fracties vragen aan het college en geven zij hun standpunt weer. Hij start met het inventariseren van de sprekers in eerste termijn en geeft de heer Ringeling als eerste het woord. De heer Ringeling dankt alle insprekers voor hun bijdrage. Hij vraagt de burgemeester of hij bereid is om snel in gesprek te gaan met Buurtpreventie Den Hoorn. De vraag van mevrouw Lamain, wat voor soort gemeente Midden-Delfland wil zijn, vond hij confronterend. Hij zou graag de vluchtelingen behandelen zoals hij zelf behandeld wil worden. De vraag om opvang van 225 vluchtelingen ontstond vorig jaar, toen er in Ter Apel geen plaats meer was om mensen op te vangen. Voor het initiatief om naar opvangmogelijkheden te zoeken, heeft de ChristenUnie waardering. Na diverse besloten vergaderingen werd in november 2022 voor het eerst in het openbaar gesproken over het onderwerp. Daarbij werd de raad verzocht in te stemmen met een onderzoek naar de mogelijkheid om 225 vluchtelingen op te vangen. De raad gaf toen randvoorwaarden mee voor het onderzoek.
De ChristenUnie gaf aan dat het om echte vluchtelingen moest gaan en niet om mensen uit veilige landen, dat de locatiekeuze zorgvuldig moest gebeuren en dat omwonenden bij de plannen betrokken moesten worden. Met name aan deze laatste voorwaarde lijkt niet te zijn voldaan. Veel bewoners maken zich grote zorgen over de opvang en twijfelen of de omliggende voorzieningen toereikend zijn voor zo'n grote groep vluchtelingen. De ChristenUnie begrijpt deze twijfel. De fractie wil daarom twee scenario's toevoegen aan het plan, namelijk het spreiden van de vluchtelingen, of het aantal terugbrengen tot 150. Vanmiddag las hij echter in de antwoorden op de schriftelijke vragen welke nadelen aan deze scenario's kleven. Hij verzoekt de portefeuillehouder om deze nadelen uit te werken tot een korte notitie en deze aan de gemeenteraad te overhandigen. De heer Jongsma vraagt hoe de ChristenUnie aan het aantal van 150 komt. De heer Ringeling veronderstelde dat 150 het minimumaantal is voor het COA om een azc te openen, maar het college gaf in de beantwoording aan dat dit niet klopt. Tot slot vraagt hij aan het college hoe het communicatie- en participatietraject voor het vervolg eruitziet en wat de vervolgstappen zijn als de raad instemt met het voorstel om 225 vluchtelingen op te vangen.
De heer Gebben stelt dat inwoners niet tegen de opvang zijn, maar vraagtekens zetten bij de wijze waarop het nu wordt voorgesteld. Hij vraagt of de heer Ringeling dat erkent. De heer Ringeling erkent dat een groot deel van de mensen bereid is om vluchtelingen op te vangen, maar zorgen heeft. Daarom vroeg hij naar de communicatie en participatie, want de gemeente heeft als taak deze zorgen weg te nemen. De heer Gebben vraagt hoe de ChristenUnie nu nog twee scenario's kan toevoegen, terwijl het raadsvoorstel al klaar is. Wil de fractie de scenario's gaan bespreken als serieuze alternatieven? Hij kan zich niet voorstellen dat het raadsvoorstel voor de aanstaande raadsvergadering nog gewijzigd wordt. De heer Ringeling begrijpt dat het niet meer lukt om het voorstel voor de raadsvergadering te wijzigen, maar hij zou graag horen hoe kansrijk de alternatieven worden geacht. Eventueel kunnen ze daarna verder worden uitgewerkt. De heer Gebben vraagt hoe de heer Ringeling het voor zich ziet. Moet de gemeenteraad het voorstel dan verwerpen en opnieuw beginnen? De heer Ringeling noemt het niet opnieuw beginnen. Als er een kansrijke optie is, zou het toch vreemd zijn als de gemeente verdergaat op een doodlopende weg? Er is echter al veel werk verricht, dus helemaal opnieuw beginnen is niet nodig. 5
De heer Van der Eijk dankt de insprekers en de mensen die schriftelijk hun zorgen hebben geuit. De VVD is voorstander van evenwichtig opgebouwde wijken. De vestiging van een grootschalig azc vindt de VVD-fractie ontwrichtend. Midden-Delfland moet haar verantwoordelijkheid nemen en vluchtelingen huisvesten. De rijksoverheid moet echter ook de instroom van vluchtelingen beperken. De gemeente hoeft niet op de troepen vooruit te lopen en een groot azc te bouwen, terwijl alternatieven niet zijn onderzocht. De heer Zwaard vraagt wat de VVD als alternatieven ziet. De heer Van der Eijk antwoordt dat er vanavond geen alternatieven voorliggen, omdat deze onvoldoende zijn onderzocht. Hij zou graag een voorstel zien voor kleinschaliger opvang. De heer Zwaard veronderstelt dat de VVD bereid is om meer mensen op te vangen, wat in strijd is met eerdere geluiden die de fractie liet horen. Hij vraagt of dat klopt. De heer Van der Eijk antwoordt dat het rijk niet voor niets met een taakstelling komt. Die aantallen zouden passend moeten zijn bij wat de gemeente kan dragen. Op advies van de burgemeester is vorig jaar een onderzoek gestart naar een locatie voor de opvang van 225 asielzoekers, waarbij het COA alles zou regelen en de gemeente de doelgroep zou bepalen. Ook zouden er allerlei extra's worden geregeld.
Het uiteindelijke voorstel is echter verre van compleet waardoor de fractie 110 schriftelijke vragen heeft gesteld. Als het voorstel wordt aangenomen vraagt dat enorm veel van de gemeenteambtenaren, scholen en jeugdzorg, maar ook van de veiligheid voor omwonenden die niet wordt gewaarborgd. Ook kleven er grote financiële risico's aan het voorstel. Mevrouw Langeveld vraagt een concreet voorbeeld van de ellende die de VVD voorziet als het voorstel wordt aangenomen. De heer Van der Eijk antwoordt dat hij daarop terugkomt in zijn betoog. De heer Jongsma vraagt of de VVD meteen inzicht kan geven in de financiële situatie die men voorziet. De heer Van der Eijk ziet meerdere risico's op financieel vlak, waaruit volgt dat de raad wordt misleid. Aan het voorstel is de aankoop van grond in de Harnaschpolder verbonden. Eerst werden er kansen gezien, maar niet benoemd. Wat gebeurt er als de gemeente die grond toch niet aankoopt? Verder moet er een vastgoedovereenkomst met het COA worden gesloten. Deze is volgens het college nog niet gereed. Waarom staan de uitgangspunten nog niet op schrift? Het college stelt dat een maatschappelijke verkenning is gedaan. Het betreft slechts een informatieavond in De Hoornbloem: bewoners werden geweerd omdat zij de uitnodiging niet bij zich hadden. Huilende omwonenden vroegen zich af waarom zij werden gewantrouwd.
Fatsoenlijke bewoners werden als hooligans benaderd en niet serieus genomen. Met hun zorgen heeft de gemeente niets gedaan. Met het COA is afgesproken dat er maximaal 225 asielzoekers komen, waaronder 25 amv'ers, honderd alleenreizenden, en honderd die een gezin hebben. Volgens het huidige voorstel zijn het echter voor het grootste deel alleen reizende mannen, waaronder veel amv'ers. De raad had als randvoorwaarde gesteld dat er geen amv'ers worden gehuisvest. Met de stelling van het college dat het COA dit bepaalt, is de VVD het niet eens. De gemeenteraad bepaalt wie er worden gehuisvest in de gemeente. Het college heeft veel uitleg nodig voor het feit dat er 275 capaciteitsplaatsen komen, terwijl er maximaal 225 bewoners worden toegelaten. De VVD hoort graag waarom dit niet gewoon in de overeenkomst is opgenomen, want de fractie vreest dat de vijftig extra plaatsen in geval van nood toch worden ingevuld. Veiligheid vindt de VVD belangrijk, net als de bewoners. Het college heeft echter een kopie van het veiligheidsplan van Rijswijk met de stukken meegestuurd. Buurtpreventie is niet geconsulteerd. Veiligheid is tot een nader uit te werken detail voor het college verworden. Vluchtelingen hebben relatief veel psychische zorg nodig. Deze zorg wordt niet door het COA 6
geleverd. De gemeente heeft geen kosten begroot voor extra jeugdzorg. De VVD hoort graag hoeveel minderjarige vluchtelingen het college verwacht die aanspraak gaan maken op jeugdzorg en waarom er geen dekking voor deze kosten is opgenomen. Volgens de stukken is er ambtelijk contact geweest met basisscholen. De VVD vraagt waarom er in het dossier niet staat hoeveel leerlingen de scholen kunnen opvangen. Uit het voorstel blijkt dat de woningcorporatie de dertig flexwoningen niet voor eigen rekening en risico wil bouwen, maar dat de bouw 'wel reëel wordt' bij het aannemen van het raadsvoorstel. De VVD hoort graag wat er reëel wordt en welke investeringslasten nog onbekend zijn. Wie gaat er investeren in de woningen en welke kosten zijn daarmee gemoeid? En wat zijn de verwachte opbrengsten voor de komende jaren? De koop van 66 eenheden zou na vijf jaar optioneel zijn. Volgens de bestuursovereenkomst worden de woningen echter aan het einde van de looptijd aan de gemeente aangeboden. De voorzitter vraagt de heer Van der Eijk om zich te beperken tot politieke vragen. De heer Van der Eijk zegt dat de VVD het geen technische maar politieke vragen vindt. Hij wil weten waarom de raad niet goed geïnformeerd wordt over het overnemen van de flexwoningen. Ook op andere aspecten is er nog veel onduidelijk over de flexwoningen.
De woningen kunnen ingezet worden als tussenvoorziening voor statushouders. Zij moeten echter binnen 24 maanden doorstromen naar een andere woning, dus dat geeft extra druk op de woningvoorraad. Het lijkt erop dat lokaal maatwerk wordt aangewend om de flexwoningen te vullen. Volgens de VVD moet lokaal maatwerk alleen worden toegepast op huizen met heipalen. De voorrangspositie die statushouders krijgen vindt de fractie vreemd in het kader van het gelijkheidsbeginsel. In het voorstel staat dat het COA de kosten voor opvang compenseert tot € 150.000,00 op basis van 66 wooneenheden. De VVD wil weten hoe de voorfinanciering wordt gewaarborgd. Gaat het COA de kosten zelf financieren? Het COA heeft een opzegtermijn van zes maanden. Als het COA de bestuursovereenkomst ontbindt, wie betaalt dan de gemaakte kosten en de bouwrente? Ook wordt gesteld dat kosten en beschikbare middelen in balans zijn. Daar is de VVD het niet mee eens. Diverse aannames zijn te laag, zoals de kosten voor het bouw- en woonrijp maken van de locatie. De heer Jongsma vraagt of de VVD vindt dat de bouw veel goedkoper zou zijn als de gemeente het in eigen beheer uitvoert. De heer Van der Eijk denkt dat de kosten veel te laag worden ingeschat, waardoor er te weinig aan het COA kan worden doorgerekend en de gemeente later de rekening krijgt.
Hij zou de kosten per vierkante meter die de gemeente op andere locaties heeft gemaakt, als uitgangspunt nemen. Bij de kosten wordt € 300.000,00 per jaar opgenomen voor de rente op de grond, wat neerkomt op € 1,5 miljoen in vijf jaar. Deze kosten worden gedekt door de huur van het COA en de woningen. De huur van het COA is ruim € 1 miljoen, dus de dertig woningen moeten € 500.00,00 opbrengen. De VVD is van mening dat ook deze kosten en opbrengsten veel te positief zijn ingeschat. De heer Jongsma vraagt hoe de VVD in de toekomst flexwoningen denkt te gaan bouwen als het al niet eens lukt met gratis beschikbaar gestelde woningen. De heer Van der Eijk antwoordt dat de VVD sowieso geen voorstander is van flexwoningen. Er valt nog veel meer te zeggen over de risico's die gepaard gaan met de huisvesting van asielzoekers: sommige directe kosten zijn niet meegenomen en maatschappelijke kosten worden genegeerd. Het is nog maar de vraag of de Spreidingswet wordt aangenomen. De VVD is graag bereid om in gesprek te gaan over het huisvesten van asielzoekers en statushouders, maar wel op een schaal die past bij de gemeente en verdeeld over de drie woonkernen. De heer Zwaard vraagt of de VVD ruimte ziet om meer statushouders op te vangen dan de eerdere taakstelling vereiste. De heer Van der Eijk antwoordt dat de taakstelling het uitgangspunt is.
Misschien hoort de heer Zwaard hier een handreiking in; dat zou kunnen. 7
De heer Zwaard wil graag een duidelijk antwoord. De VVD heeft altijd gezegd dat de taakstelling bepalend is. Wijkt de fractie nu van dat standpunt af? De heer Van der Eijk antwoordt dat het rijk de taakstelling onlangs heeft verhoogd. De VVD zou liever wat meer ruimte hebben voor mogelijke verhogingen. De heer Vieira merkt op dat de VVD bij de vorige grote vluchtelingeninstroom in 2016 heeft ingestemd om € 3,9 miljoen te besteden aan huisvesting voor asielzoekers en statushouders. Hij vraagt hoeveel de VVD in de huidige situatie wil uitgeven. De heer Van der Eijk vindt dat onderzocht moet worden hoeveel geld er nodig is. De VVD geeft niet vooraf een budget mee. Het COA wil wel degelijk kleine locaties ontwikkelen en dat gaat waarschijnlijk meer draagvlak krijgen. Onderzocht moet worden wat dat gaat kosten. De voorzitter geeft het woord aan de heer Jongsma van OGP. De heer Jongsma stelt dat de gemeente niets kan doen aan de enorme instroom van vluchtelingen, maar wel aan het goed huisvesten van een aantal van hen. OGP constateert dat Midden-Delfland nog maar weinig heeft gedaan: slechts de taakstelling is uitgevoerd. Een rijke gemeente als Midden-Delfland mag best iets meer doen dan het minimale. Voor OGP is het dus niet de vraag of de gemeente vluchtelingen moet opvangen, maar alleen hoeveel, hoe en wanneer.
OGP ziet drie opties: de gemeente kan niets doen en afwachten wat er gebeurt, de gemeente kan de mogelijkheid van kleinschalige opvang, verdeeld over de dorpskernen, uitwerken en de gemeente kan het huidige voorstel voor opvang van 225 vluchtelingen uitvoeren. Gelet op de aanstaande Spreidingswet verwacht OGP dat de gemeente weinig te kiezen heeft. Midden-Delfland kan allerlei eisen stellen, maar ze moet nu wel tot een keuze komen, voordat deze elders wordt gemaakt. De heer Gebben vraagt op basis waarvan de OGP denkt dat de gemeente de regie verliest als er nu niet wordt besloten tot een opvanglocatie. De heer Jongsma antwoordt dat met het COA vooraf afspraken gemaakt kunnen worden. Die afspraken zal men netjes nakomen. Als de gemeente gewoon afwacht, bepaalt het COA zelf wie het naar Midden-Delfland stuurt. De heer Gebben vraagt waarom OGP heel andere doelgroepen verwacht dan afgesproken, als de fractie terecht stelt dat het COA zijn afspraken altijd nakomt. De heer Jongsma benadrukt dat OGP graag wil weten wie er naar Midden-Delfland komen, maar dat het COA dit soort afspraken binnenkort niet meer maakt. Volgens het locatieonderzoek is de voorgestelde locatie het meest geschikt binnen de gestelde randvoorwaarden. De fractie hoort nog wel graag hoe de verkeersveiligheid wordt geregeld en of de omgeving gezond genoeg is om te wonen.
OGP heeft gevraagd naar de gevolgen voor de gemeente: wat regelt het COA en wat komt voor rekening van de gemeente? Binnen de huidige criteria is het niet mogelijk om daar een uitspraak over te doen. Bij verspreide opvang zullen niet alleen de kosten hoger zijn. Ook de veiligheidsmaatregelen, de druk op de lokale voorzieningen en het aanbod voor de groepen zullen onvoldoende zijn. Het COA kan dan namelijk niet alles meer regelen, zoals op een grotere locatie mogelijk is. De heer Roeling stelt dat OGP wel humaan wil zijn, zolang het de gemeente geen geld kost. Zodra er gesproken wordt over gespreide opvang en het gaat meer kosten, is dat een brug te ver. Haakt OGP af zodra de opvang iets gaat kosten? De heer Jongsma antwoordt dat de opvang best iets mag kosten. Opvang op één locatie is echter efficiënter en goedkoper dan verspreide opvang.
8
De heer Roeling vraagt of OGP wel bereid is om mee te denken over de variant van verspreide opvang, inclusief eventuele kosten. De heer Jongsma antwoordt dat de commissievergadering bedoeld is om alle feiten op een rijtje te krijgen. Hij wil dus ook graag weten wat de gevolgen zijn als de opvang wordt verspreid over drie kernen. Hij ziet grote voor- en nadelen van de opties, waarbij de opvang op één locatie er relatief voordelig uitsprong. Hij hoort graag van andere fracties of OGP dit verkeerd ziet. De heer Ringeling vraagt of OGP de varianten ook heeft beoordeeld op draagvlak en de mate van snelheid waarmee statushouders kunnen integreren. De heer Jongsma antwoordt dat OGP deze aspecten ook heeft bekeken. Hij weet echter niet of meerdere groepen van 75 statushouders sneller integreren dan één groep van 225. Het voorstel om 225 vluchtelingen te huisvesten in Den Hoorn bevat ook het plan om dertig flexwoningen voor starters te bouwen. In tegenstelling tot eerdere plannen komen er 25 amv'ers. Dat zou goed passen op de voorgestelde locatie. OGP zou graag onderscheid willen maken tussen feitelijke veiligheid en het veiligheidsgevoel dat mensen ervaren. Een situatie kan veilig zijn, maar als onveilig ervaren worden. De heer Jongsma vraagt zich af of iedereen het verschil weet tussen de plannen in Midden-Delfland en azc's in Ter Apel en Budel.
De asielzoekers die naar Midden-Delfland komen, zijn al gescreend. Dan nog kan er een raddraaier tussen zitten, maar het zullen ook serieuze, hardwerkende jongeren zijn. Naar aanleiding van de inspraak door Buurtpreventie vraagt OGP het college om snel een afspraak te maken om te overleggen over de veiligheid, om werk te maken van goede en afrekenbare afspraken met het COA en om omwonenden en Buurtpreventie actief bij de plannen te betrekken. Tot slot hoort OGP graag hoe het college de verschillen tussen centrale en verspreide opvang beoordeelt. De portefeuillehouder heeft meermaals gemeld dat er met omliggende gemeenten wellicht afspraken gemaakt kunnen worden over het huisvesten van statushouders. Alle gemeenten hebben echter grote moeite om hun taakstelling te halen, dus zij kunnen geen extra statushouders uit Midden-Delfland huisvesten. OGP hoort graag hoe realistisch het college deze afspraak vindt. Het gevolgde proces had beter gekund. Er is aandacht besteed aan de communicatie en participatie, maar omwonenden beweren dat er geen inspraak is geweest en dat alles al was beslist. Terugkijkend is de OGP van mening dat de gemeente beter regelmatig een update had kunnen melden. In november 2022 is al besloten tot opvang op één locatie, maar dit besluit is onvoldoende onderbouwd.
Hij vraagt de portefeuillehouder hierop te reflecteren en aan te geven welke afwegingen het college heeft gemaakt. De heer Gebben vraagt wat OGP vindt van het fundament onder het voorstel, de inspraak van bewoners. Zou het niet beter zijn om een nieuw voorstel te maken? De heer Jongsma antwoordt dat opnieuw beginnen heel veel extra tijd kost. Die tijd hebben de vluchtelingen niet, want zij wachten op een fatsoenlijke plek om te wonen. Over participatie wordt bij een voorstel vooraf afgesproken hoe en hoeveel bewoners kunnen inbrengen. De participatie had misschien beter gekund. Het was verstandig geweest als de gemeente vooraf duidelijk had aangegeven welke besluiten al genomen waren. OGP wil in deze commissievergadering graag alle informatie delen en toetsen of de fractie geen essentiële zaken over het hoofd ziet. OGP wil er veel aan doen om de omwonenden tegemoet te komen, want de gemeente is er voor de inwoners. De gemeente is er echter ook voor starters, spoedzoekers en vluchtelingen. De heer Gebben heeft veel open eindjes in het raadsvoorstel gevonden, maar hoort de altijd zo kritische OGP niets zeggen over de kwaliteit van het voorstel. Hij vraagt wat de heer Jongsma vindt van het voorliggende voorstel. De heer Jongsma antwoordt dat de kwaliteit veel beter kan.
De vraag die voorligt, is echter of de gemeenteraad kiest voor de opvang van 225 vluchtelingen, inclusief de realisatie van dertig flexwoningen. Hij wacht de nadere onderbouwing door de portefeuillehouder graag af en zal daarna een keuze maken. 9
De heer Vieira dankt de insprekers en voorgaande sprekers. De gemeenteraad heeft in november 2022 besloten een onderzoek te doen naar een geschikte plek om vluchtelingen voor langere tijd te huisvesten. Een voorwaarde daarbij was dat het goed en veilig ingepast kon worden in de omgeving. Het proces dat het college vervolgens doorlopen heeft is niet vlekkeloos verlopen. Ten eerste heeft het erg lang geduurd. Ten tweede werd er grond in de Harnaschpolder aangekocht, maar toch weer niet. Ook de bewonersavond is niet goed verlopen, waardoor veel mensen met vragen naar huis zijn gegaan. D66 heeft niet alleen de raadsstukken beoordeeld, maar is ook op de beoogde locatie gaan kijken en heeft met veel mensen over de plannen gesproken. Het beeld van de mogelijkheden is daardoor scherper geworden. Wel heeft de fractie nog enkele vragen. Vluchtelingen verblijven doorgaans zo'n vijftien maanden in de opvang. Als iemand statushouder wordt, heeft hij recht op een woning. Beide groepen mogen bij elkaar opgeteld worden voor de taakstelling. D66 vraagt een toelichting hierop. Ook was niet helemaal duidelijk hoe mensen in aanmerking komen voor een flexwoning en aan welke voorwaarden zij moeten voldoen. De fractie hoort graag hoe dit vormgegeven wordt. Mevrouw Langeveld vraagt wat de gesprekken met bewoners, azc's en andere betrokkenen voor D66 hebben opgeleverd.
De heer Vieira antwoordt dat hij een beter beeld heeft gekregen van het leven in een azc. Hij werd er gastvrij ontvangen. Van beveiligers heeft hij gehoord hoe strikt er gehandhaafd wordt. Mevrouw Langeveld vraagt of de heer Vieira hierdoor verrast was. De heer Vieira antwoordt dat hij vooral een scherper beeld heeft gekregen, ook bijvoorbeeld over de inrichting. Op sommige locaties was het somber en met veel camera's, elders was het veel gemoedelijker en meer open. Het veiligheidsplan dat bij de stukken zat, dat gekopieerd was van Rijswijk, beschouwt D66 als voorbeeld. Als besloten wordt tot een azc, dan zal de gemeente zelf een veiligheidsplan moeten opstellen, gebaseerd op de risico's in Midden-Delfland. De heer Vieira hoort graag van het college of het voornemens is zo'n plan op te stellen. De voorzitter geeft het woord aan de heer Roeling van Mijn Partij. De heer Roeling dankt de insprekers voor hun bijdragen en voor de petitie. Veel geluiden herkent Mijn Partij en zijn meegenomen in de afweging. Mijn Partij heeft vorig jaar november niet ingestemd met het onderzoek, omdat de fractie nogal wat haken en ogen zag. Een belangrijk punt was het risico op een wij-zijverhouding: geen woningbouw voor starters en senioren, geen sociale woningbouw, maar wel een plan om 225 asielzoekers op te vangen.
Het voorstel om flexwoningen te bouwen voor spoedzoekers en anderen heeft Mijn Partij ook niet warm onthaald. Gevraagd is om gelijktijdig te zoeken naar nieuwbouwlocaties voor starters en senioren, zodat de huidige inwoners ook iets krijgen. Met name de ontheffing van vijf jaar van het systeem van Woonnet Haaglanden pakt per saldo zeer ongunstig uit voor de huidige inwoners. Ook met de aanstaande Spreidingswet is Mijn Partij niet blij, want daarmee wordt gestuurd op de doorstroom en niet op het beperken van de instroom. De informatieavond die de gemeente heeft georganiseerd op 18 september jl. heeft bepaald niet geleid tot draagvlak. Van de voorwaarden die de gemeenteraad vorig jaar gesteld heeft, is niet veel meer over. De Spreidingswet spreekt van dwang, maar Mijn Partij verwacht dat de wet nog wel wat gematigd wordt. De Spreidingswet biedt ook wel degelijk mogelijkheden. Zo worden kleinere initiatieven financieel beter ondersteund. Mijn Partij vindt opmerkelijk dat Wonen Midden-Delfland niet meedoet in de plannen. De fractie hoort graag wat de gevolgen hiervan zijn voor de gemeente. Over de kritiek op de kwaliteit van het raadsvoorstel sluit Mijn Partij zich aan bij het betoog van de VVD. Er zijn circa 120 vragen over het voorstel gesteld, dus ook dat geeft een indicatie van de kwaliteit.
Mijn Partij vindt dat er onvoldoende aandacht is voor alles wat de gemeente al doet, bijvoorbeeld aan opvang van Oekraïners en de huisvesting van statushouders. In 2023 moet Midden-Delfland 55 statushouders plaatsen en ze zit op schema. Dat is best veel, want er komen maar weinig sociale huurwoningen vrij. Landelijk gezien wordt 5% tot 10% van vrijkomende sociale huurwoningen toegewezen aan statushouders. In Midden-Delfland is een afspraak gemaakt om tot 30% van de vrijkomende woningen hieraan te besteden. 10
De heer Zwaard stelt dat het aantal van 55 en het percentage van 30 los van elkaar staan en vraagt of de heer Roeling het daarmee eens is. De heer Roeling is het daar niet mee eens. De landelijke opgave is gebaseerd op het aantal inwoners en niet op het aantal vrijkomende woningen. Als Midden-Delfland zich zou houden aan de landelijke norm van 5%-10%, dan zouden er maar tien statushouders gehuisvest hoeven worden. Er is dus bewust voor gekozen om het percentage te verhogen. Mevrouw Koppert vraagt of de heer Roeling vindt dat de gemeente maar tien statushouders zou moeten huisvesten. De heer Roeling antwoordt dat de gemeente al relatief veel doet voor statushouders en dat dit onderbelicht wordt. De heer Scholtes vraagt of Mijn Partij het niet verstandig vindt dat de gemeente heeft afgesproken dat er maximaal 30% van de sociale huurwoningen wordt toegewezen aan statushouders. De heer Roeling antwoordt dat Mijn Partij vindt dat 5% of 10% ook voldoende was geweest. In dat geval had het voorliggende voorstel serieus beoordeeld kunnen worden. Nu lopen er kwesties door elkaar, want in jaren tijd loopt het aantal statushouders ook flink op. Mijn Partij ziet veel verdeeldheid over het voorstel. Het college is verdeeld, de coalitie is verdeeld en ook de gemeenteraad is sterk verdeeld.
Opvallend is wel dat slechts een van de wethouders in Midden-Delfland woont en dat deze wethouder tegen het voorstel is. De heer Jongsma vraagt welk punt Mijn Partij daarvan wil maken. Men zou ook kunnen zeggen dat de wethouders die elders wonen meer ervaring hebben met vluchtelingenopvang en daardoor positiever zijn. De heer Roeling veronderstelt dat de wethouders na hun werkdag de gemeente uitrijden en daardoor minder de impact van gemeentebesluiten ervaren. Alle partijen willen dat de gemeente vluchtelingen opvangt. Het gaat alleen om de invulling van de plannen. Mijn Partij ziet graag dat de gemeenteraad breder draagvlak creëert. Het huidige voorstel vindt Mijn Partij onacceptabel en te veel van het goede. Een verdeling over de drie kernen is wel bespreekbaar voor de fractie. De heer Jongsma vraagt wat Mijn Partij wil doen voor de vluchtelingen die al in Nederland zijn en ergens gehuisvest moeten worden. De heer Roeling vindt de opvang van de Oekraïners een goed voorbeeld van hoe de gemeente snel kan handelen. Als er gekozen wordt voor kleinschaliger opvang, komen er veel meer locaties in aanmerking en kan de gemeente snel schakelen. De verdeeldheid en de besluitvorming hebben ook gevolgen voor de nieuwe burgemeester. Mevrouw Noordermeer start haar functie in een verdeeld college en een verdeelde gemeenteraad en moet vervolgens het besluit gaan uitvoeren.
Dat lijkt Mijn Partij niet verstandig, zeker niet omdat de burgemeester groot voorstander is van goede participatie. De heer Roeling stelt daarom voor om een pas op de plaats te maken en na de installatie van mevrouw Noordermeer opnieuw te gaan werken aan een goed proces. De voorzitter geeft het woord aan de heer Zwaard van het CDA. De heer Zwaard dankt de insprekers voor hun moeite. Hij begrijpt hun zorgen. Voor het CDA is het zijn van volksvertegenwoordiger een opdracht om anderen te dienen en verantwoordelijkheid te nemen. Landelijk is het nog niet gelukt om grip te krijgen op de instroom van immigranten. Ook in Midden-Delfland zijn de gevolgen daarvan zichtbaar. Een jaar geleden werd de gemeenteraad gevraagd om meer opvang van vluchtelingen te bieden. De raad wilde dit verzoek zo snel mogelijk openbaar behandelen. Het CDA heeft het voorstel om een locatieonderzoek te doen in november 11
2022 gesteund. De fractie gaf daarbij de voorkeur aan het opvangen van gezinnen of werkende vluchtelingen. Ook moest de beveiliging en begeleiding goed geregeld worden. Het college is met de opdracht aan de slag gegaan. Dat bewoners tijdens informatiebijeenkomsten hun zorgen uitten, begrijpt het CDA. De fractie heeft ze meegenomen in de overwegingen. In het huidige voorstel wordt gesproken over 96 flexwoningen, waarvan 66 voor 225 vluchtelingen en dertig voor starters en spoedzoekers. Het CDA hamert vaak op goede communicatie, want dat draagt bij aan vertrouwen. Ondanks de inzet daarop, is de boodschap niet altijd duidelijk overgekomen. Als het voorstel wordt aangenomen, moeten veel aspecten nader uitgewerkt te worden. Het CDA hoort graag hoe het college terugkijkt op de communicatie en hoe er over het vervolg gecommuniceerd gaat worden. De heer Zwaard zou graag zien dat de gemeenteraad zich eerst uitspreekt over opvang op één locatie, of verdeeld over de drie kernen. Pas daarna kan het college verder onderhandelen met het COA. Opvang op één plaats heeft voor het CDA de voorkeur. Zo kan er beter ondersteuning en zorg geboden worden en is de beveiliging eenvoudiger te regelen. De heer Gebben vraagt waarmee het CDA haar voorkeur vergelijkt, aangezien er geen alternatief in het raadsvoorstel is opgenomen.
De heer Zwaard antwoordt dat de zorg, ondersteuning, het onderwijs en de beveiliging op één locatie beter geregeld kunnen worden. Het CDA wil een bevestiging van het college dat de afspraken met het COA gelden voor een periode van maximaal vijf jaar. Ook wil de fractie graag weten wat er gebeurt als het COA niet kan voldoen aan de afgesproken doelgroepen en hoe de gemeenteraad wordt geïnformeerd over de afspraken. De fractie zou graag een kwartaalrapportage ontvangen van de uitvoering van de afspraken. Mevrouw Langeveld neemt het woord over van de heer Zwaard en betoogt dat het voorstel ook dertig flexwoningen voor lokale inwoners bevat. Het succes van dit project hangt er onder andere vanaf of deze woningen al dan niet terechtkomen in de regionale afspraken, waardoor jongeren uit omliggende gemeenten er komen te wonen. Veel mensen willen weten of het mogelijk is om de dertig woningen op een andere locatie in Den Hoorn te bouwen. Verder hoort men graag wat de stand van zaken is van de locatie de Sterappel, waar momenteel statushouders wonen. De gemeente heeft een jaarlijkse taakstelling voor de opvang van statushouders. Het lukt tot nu toe om daaraan te voldoen. In het bestuursakkoord zijn afspraken gemaakt over de situatie waarin de gemeente niet meer aan de taakstelling kan voldoen.
Als een statushouder geen woonruimte kan krijgen, mag hij in een van de dertig flexwoningen gaan wonen. Het CDA vraagt of dit alleen geldt als er een woning leegstaat. Er staat ook dat statushouders in een flexwoning binnen 24 maanden permanente huisvesting aangeboden moet krijgen. Kan het college deze termijn nader toelichten? De heer Jongsma vraagt waarom het CDA de flexwoningen op een andere locatie zou willen en waarom er niet wordt gekozen om op twee locaties flexwoningen te bouwen. Mevrouw Langeveld antwoordt dat de vraag meerdere keren door inwoners is gesteld. Omdat raadsleden de inwoners vertegenwoordigen, heeft ze deze vraag gesteld. Of het gewenst is om op twee locaties te bouwen, heeft ze nog niet overwogen. De heer Gebben zou toch graag de mening van het CDA willen horen. Spreekt de fractie van een alternatief plan, namelijk om dertig flexwoningen elders te bouwen? Mevrouw Langeveld antwoordt dat het voorstel vooralsnog niet gewijzigd hoeft te worden, maar dat ze benieuwd is naar de beantwoording door de portefeuillehouder. Over veiligheid zegt ze dat het spannend is om een groep vluchtelingen op te vangen in een kleine gemeente. Veel inwoners zijn voorstander van de opvang, maar wat betekent het voor de gemeenschap? Het CDA heeft de zorgen van veel inwoners gehoord.
Men voelt zich overvallen, is bang voor een gevoel van onveiligheid en heeft zorgen over het onderwijs en andere voorzieningen. Men is bezorgd over de leefbaarheid in de wijk. Maar er wordt ook aangegeven dat Midden-Delfland haar verantwoordelijkheid moet nemen en de vluchtelingen moet helpen goed te 12
integreren. Het CDA hoort graag hoe het college omgaat met bovenstaande zorgen. Kan het uitleggen welke afspraken met het COA en de politie zijn gemaakt? Er leven veel vragen over het onderwijs en zorgvoorzieningen. Het CDA hoort graag of het COA de huisartsenzorg levert en of de gemeente verantwoordelijk is voor jeugdhulp aan amv'ers. Welke gesprekken zijn er al gevoerd met het onderwijs? Honderdduizenden mensen besluiten hun huis te verlaten in de hoop elders een beter leven te krijgen. Ze leggen vaak een levensgevaarlijke reis af en zijn overgeleverd aan anderen, wat hen kwetsbaar maakt. Vluchtelingen beschermen is een verantwoordelijkheid. Het gevoel van saamhorigheid zou niet mogen verzwakken door een groeiende onverschilligheid tegenover het lot van anderen. Schorsing De voorzitter heropent de vergadering en geeft het woord aan de portefeuillehouder, de heer Van Hemmen. Burgemeester Van Hemmen benadrukt dat er vanaf november 2022 een opdracht van de raad ligt om onderzoek te doen naar de opvang van vluchtelingen. Het nu voorliggende voorstel is het antwoord op die opdracht. Het is daarmee een principebesluit en vraagt nog om de nodige uitwerking. De vraag vandaag is of de raad het voorstel voldoende vindt om het principebesluit te nemen. Door de huidige ontwikkelingen wordt de druk op de gemeente om opvang te bieden steeds groter.
Los van de Spreidingswet zal het nieuwe kabinet vrijwel zeker een zekere vorm van dwang overwegen. Met dit voorstel heeft de gemeente invloed op het proces en kan ze meebepalen hoe de opvang wordt opgezet. Het college is van mening dat het voorstel voldoet aan de meeste voorwaarden die de gemeenteraad heeft gesteld. Vooraf heeft de gemeente voorwaarden gesteld, zoals waarborgen voor de veiligheid, dat de kosten door het COA worden gedragen, dat de woningen van goede kwaliteit zijn, dat de gemeente grip heeft op de samenstelling. Bovendien moet het project iets opleveren voor de eigen inwoners, namelijk de flexwoningen voor starters en spoedzoekers. Omdat de gemeente voorafgaand aan de locatiekeuze informatie wilde ophalen in de dorpskernen, heeft het proces lang geduurd, maar het was goed voor het aanscherpen van de criteria. Het aanbod van een aantal gratis woningen heeft het traject ook flink vertraagd, doordat het COA niet eerder een dergelijk verzoek heeft gekregen. Waar het COA gewend is dat er eerst een bestuursafspraak wordt gemaakt, die later samen wordt ingevuld, heeft Midden-Delfland een compleet eisenpakket gepresenteerd aan het COA, zodat zaken straks eenvoudig afdwingbaar zijn.
Hij complimenteert de raadsleden die dit ingewikkelde proces vaak hebben moeten uitleggen en de inwoners omdat het contact altijd respectvol is gebleven, ongeacht de emoties die erbij kwamen kijken. Burgemeester Van Hemmen beantwoordt de vragen, te beginnen bij die van Mijn Partij. Er is geen sprake van 275 vluchtelingen. Het aantal 225 is een hard getal in de bestuursovereenkomst. De marge van vijftig bedden is nodig omdat niet altijd bekend is hoeveel kinderen de vluchtelingen meebrengen. Per kwartaal krijgt de gemeente een rapportage van het COA over de bezetting, die met de raad gedeeld kan worden. Wonen Midden-Delfland is meer dan bereid om samen te werken met de gemeente. In welke vorm dat gaat gebeuren moet nog uitgewerkt worden. Hoeveel de gemeente al doet voor vluchtelingen en hoeveel statushouders er worden gehuisvest in sociale huurwoningen doet voor de rijksoverheid niet ter zake. Midden-Delfland heeft relatief weinig sociale huurwoningen, waardoor er naar verhouding een groter percentage toegewezen moet worden aan statushouders. Daarom is het college in gesprek getreden met omliggende gemeenten om te kijken of daar sociale huurwoningen beschikbaar zijn. Als de regering met dwangmaatregelen gaat komen, zoals nu verwacht wordt, dan zal de overcapaciteit zeer populair worden en lukt het om uit te ruilen.
Verwacht wordt dat er dan circa 25 statushouders per jaar elders gehuisvest kunnen worden, ter ontlasting van de eigen woningvoorraad. Volgens de Gemeentewet zijn collegeleden in dienst van de gemeenteraad. De gemeenteraad, bestaande uit inwoners van de gemeente, is het hoogste orgaan. Het is dus de gemeenteraad die uiteindelijk beslist en niet de wethouders die buiten de gemeente wonen. Hij vervolgt zijn betoog met de vragen van het CDA. 13
-
-
-
-
Het klopt dat de afspraken gelden voor maximaal vijf jaar. Het COA presenteert per kwartaal een rapportage. Als het COA niet kan voldoen aan de afspraken over de samenstelling van de bewoners, wordt een normaal bestuurlijk proces gevolgd door scherpere afspraken te maken. Als het structureel niet lukt, heeft de gemeente een noodknop. De verwachting is dat die niet nodig is omdat het COA zich over het algemeen goed aan zijn afspraken houdt. Het is in principe mogelijk om de flexwoningen elders te bouwen, maar de gemeente wordt eigenaar van dertig woningen en het zijn blokken van 24. Er kunnen er dus 24 op een andere plek worden gebouwd. Dat betekent wel dat de gemeente zelf een locatie moet gaan zoeken en ontwikkelen. De kosten hiervan zijn nog onbekend. Het college weet dat er twintig mensen geïnteresseerd zijn in een flexwoning bij het azc. Er zijn grote wachtlijsten voor starters en spoedzoekers. Midden-Delfland verwacht de woningen snel te kunnen verhuren. De gebouwen van de Sterappel zullen in 2024 ontmanteld worden. Daarna wordt het gebied ontwikkeld. Als de gemeente haar taakstelling voor het huisvesten van statushouders niet haalt, moet ze de flexwoningen hiervoor inzetten. Dat is opgelegd door het ministerie, om te voorkomen dat de woningen blijven leegstaan. De gemeente haalt echter al jarenlang haar taakstelling en verwacht hier geen problemen mee.
De herhuisvesting na 24 maanden is omdat de flexwoningen worden gezien als tussenvoorziening. Dit is een eis die het ministerie van Wonen heeft gesteld. Gevraagd werd hoe de gemeente omgaat met de zorgen van bewoners omtrent de veiligheid. Het voorstel moet nog uitgewerkt worden. Dat werk zal met name verdeeld worden over de inhoudelijke portefeuillehouders. De burgemeester zal zich beperken tot het thema veiligheid. De raad wordt stapsgewijs meegenomen in de uitwerking, bijvoorbeeld via een regelmatige rapportage. Het veiligheidsplan moet nog uitgewerkt worden wat in samenwerking met Buurtpreventie zal gebeuren. Het model van Rijswijk heeft zich inmiddels bewezen en zal vertaald worden naar lokaal maatwerk voor de situatie in Den Hoorn.
Mevrouw Langeveld vraagt of de inwoners betrokken kunnen worden bij het uitwerken van het veiligheidsplan, bijvoorbeeld via een themabijeenkomst. Burgemeester Van Hemmen antwoordt dat het college niet gelukkig is over het verloop van de afgelopen informatieavond. Naast boosheid en zorgen heeft hij echter ook de oproep om bewoners bij de plannen te betrekken gehoord. Er is dus bereidheid om iets bij te dragen en dat wil het college graag aannemen. Hij vervolgt zijn betoog. Het COA wordt ook bij de opzet van het veiligheidsplan betrokken, zodat er een integrale opzet ontstaat voor zowel binnen als buiten. De politie mag echter geen informatie delen met het COA. Daarvoor heeft Midden-Delfland inmiddels, in overleg met het OM, een oplossing gevonden, zodat tegen mensen die zich misdragen, maatregelen getroffen kunnen worden, waarna ze naar een meer passende voorziening gaan. Huisartsenzorg wordt betaald door het COA, maar jeugdzorg door de gemeente. Voor de kosten kan extra budget bij het rijk worden aangevraagd om de jeugdzorg kostendekkend te houden. Er zijn gesprekken gevoerd met alle scholen. Men ziet grote uitdagingen, maar reageert positief. De scholen zijn al bezig om de mogelijkheden te verkennen. De heer Jongsma vraagt naar de noodknop. Hij hoort graag wat er gebeurt als de gemeente die moet gebruiken.
Burgemeester Van Hemmen antwoordt dat bij het indrukken van de noodknop het terrein leeggehaald moet worden. Dan ontstaat er wel een discussie over het overnemen van de 66 woningen. De dertig woningen zijn dan al van de gemeente. De locatie komt dan vrij en krijgt bestemming 'bedrijventerrein'. Gezien de enorme kosten die het COA moet maken voor de opvang verwacht hij dat eerst heel veel moeite wordt gedaan om tot overeenstemming te komen. Hij gaat verder met de vragen van de OGP. De gemeente heeft een bureaustudie laten doen wat het effect is van straling en de hoogspanningsleiding. Uit de studie blijkt dat men op de locatie gezond kan wonen. Ook is er 14
een verkeersstudie gedaan. Naar de verkeersontsluiting moet nog goed gekeken worden. De gemeente zal in gesprek gaan met Buurtpreventie. Ook het COA ziet Buurtpreventie graag als samenwerkingspartner. Gevraagd werd hoe realistisch het is om andere locaties te onderzoeken. Dat is niet realistisch, want met een nieuw voorstel zal het COA minder onderhandelingsbereid zijn. Als de raad niet akkoord gaat met het voorliggende voorstel, gaat alles wat het COA nu aanbiedt van tafel. De burgemeester gaat verder met de vele vragen die de VVD heeft gesteld. Een aantal is echter al beantwoord in de technische vragenronde. Deze zal hij schriftelijk afhandelen. - Er ligt nog geen vastgoedovereenkomst, omdat er nu slechts een principebesluit voorligt. Het uitwerken van de vastgoedovereenkomst volgt later. Het klopt dat 'geen amv'ers' een randvoorwaarde was. Tijdens de onderhandelingen bleek dat aan de meeste randvoorwaarden kan worden voldaan als de gemeente akkoord gaat met 25 amv'ers. Het is aan de raad om te beoordelen of dit aanbod acceptabel is. Als een vluchteling 18 wordt, wordt hij een reguliere asielzoeker. De aanname dat dit ook veelal jonge 'testosteronbommen' zijn, is echter onjuist, want onder hen zijn ook ouderen en vrouwen. Gevreesd wordt dat alle 275 bedden worden gevuld. Dat is echter niet mogelijk, omdat het bestuursakkoord leidend is.
Het college vindt het financiële voorstel realistisch en waarschuwt ervoor dat men geen appels met peren moet vergelijken. Het terrein is al grotendeels bouwrijp gemaakt, in tegenstelling tot andere percelen die de VVD noemde. VNG, het Genootschap van Burgemeesters en veel bewoners vragen om kleinere locaties. Het COA moet echter acteren op een wettelijke basis. In de toekomst wordt het wellicht mogelijk om kleine locaties te faciliteren, maar het kost per definitie veel meer en ook de dienstverlening pakt nadelig uit. D66 vroeg of vluchtelingen en statushouders bij elkaar opgeteld kunnen worden voor de taakstelling. De burgemeester hoort graag of deze vraag werd gesteld in het kader van uitwisseling van statushouders met andere gemeenten. -
De heer Vieira zegt dat hij deze vraag had gesteld omdat dit in het voorstel stond. D66 begreep zelf niet wat ermee bedoeld werd. Burgemeester Van Hemmen antwoordt dat deze tekst inderdaad sloeg op de uitwisseling met andere gemeenten. Als Midden-Delfland een overcapaciteit van 125 vluchtelingen heeft, kunnen die geruild worden met andere gemeenten. Het lijkt hem logisch dat men 25 statushouders per jaar in een andere gemeente kan huisvesten, zodat die bij de taakstelling van Midden-Delfland wordt afgetrokken en bij die andere gemeente wordt bijgeteld. Mevrouw Koppert vraagt of dat aantal een wettelijke basis heeft. Is dat ergens beschreven, of is het de invulling van de burgemeester? Burgemeester Van Hemmen antwoordt dat het niet beschreven is, maar hij weet dat een aantal gemeenten dergelijke afspraken al heeft gemaakt. Het kan wel zijn dat het Rijk met een andere verdeelsleutel komt. Het is nog geen harde afspraak, maar hij verwacht wel dat het realiteit gaat worden. Hij vervolgt zijn betoog. Hoe men in aanmerking komt voor de flexwoningen, welke voorwaarden gaan gelden en wat de prijs wordt, is allemaal onderdeel van de uitwerking. Het woonverdeelsysteem wordt omzeild, zodat de gemeente zelf kan kiezen wie er mogen gaan wonen. Of men na de vijf jaar recht heeft op huurbescherming en of men de woonpunten behoudt, moet nog uitgezocht worden.