2022 m 10 d 25 Vsl BESLOTEN raad (concept).docx
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de BESLOTEN vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland, gehouden op dinsdag 25 oktober 2022, 20.15 uur. Voorzitter
: de heer E.N.H. Roeling, (plv.)
Griffier
: A. de Vos
Aanwezig : de heer J. van der Eijk (VVD), de heer A.J. Gebben (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA) de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer N.J. Ruiterman (Mijn Partij), de heer P.W. Scholtes (D66), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), mevrouw V. van 't Westeinde (CDA) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
:-
Tevens aanwezig: de heer A.P.J. van Hemmen, burgemeester, de heer F.J.M. ten Have, mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, mevrouw W. Renzen-van Leeuwen, wethouders, de heer M. Born, ambtelijke ondersteuning
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter: Goedenavond. Er heeft even een persoonsverandering plaatsgevonden. Welkom bij deze besloten vergadering. Op initiatief van de VVD hebben we nu deze besloten vergadering. Ik zal eerst even alle formele punten aflopen.
2.
Sluiten van de deuren
De voorzitter: Het sluiten van de deuren is gebeurd.
3.
Beslissing of met gesloten deuren wordt vergaderd
De voorzitter: De beslissing of met gesloten deuren wordt vergaderd. Ik ga ervan uit dat dat geen probleem is.
4.
Besluit omtrent de status van deze vergadering: geheim ja/nee
De voorzitter: Gaat u ook akkoord met het opleggen van de geheimhouding? Ja. Dan is deze vergadering formeel besloten.
5.
Stand van zaken "Kan Midden-Delfland opvangen?"
De voorzitter: Zoals ik zei, de vergadering is op verzoek van de VVD en met instemming van de overige partijen, heb ik begrepen. Dus ik zou eerst het woord willen geven aan de VVD om vervolgens ook andere partijen de gelegenheid te geven te reageren en vragen te stellen. De heer Gebben: Het is eigenlijk zo dat wij wat vragen hebben naar aanleiding van het verplaatsen of eigenlijk het van de agenda afhalen van de vergadering van 2 november a.s. Daar hebben we in de commissie over gesproken. Er is uitgebreid overleg geweest met fractievoorzitters over hoe we dat gingen doen. Toen is gekozen voor 2 november a.s. Dat het zo moet, komt eigenlijk doordat het onderwerp nog niet onder de geheimhouding vandaan is. Dus daarom hebben we het op deze formele manier geregeld, want wij zijn een klein beetje in verwarring. De burgemeester spreekt over een tweetrapsraket, waarbij eerst wordt besloten als raad over 'willen wij dit onderzoek gaan doen, ja of nee?' En vervolgens was het naar ons idee de bedoeling om de vergadering van 2 november a.s. te gebruiken om in de openbaarheid met elkaar te spreken over 'jongens, willen we onderzoek hiernaar doen, ja of nee?' en vervolgens ook te horen van de partijen die dat zien zitten welke voorwaarden we daaraan meegeven. En volgens ons gevoel is het COA daarna aan de beurt.
Nu blijkt dat omwille van het feit dat het COA geen antwoorden kan leveren, die vergadering verschoven moet worden. Dus wij vragen ons dan af: wat gaan we daar besluiten? Besluiten of wij dat onderzoek wel of niet willen als raad kan ook zonder COA, volgens ons.
De voorzitter: Ik zal eerst even kijken en een rondje maken of er nog andere partijen zijn die vragen hebben. Dat is niet het geval zie ik. Ah, de heer Jongsma. De heer Jongsma: Ik heb toevallig vrijdag ook gevraagd of het niet handig was om vanavond nog even bijeen te komen en dat had dan te maken met het communicatieplan. Omdat als wij 2 november a.s. dingen in de openbaarheid willen brengen, het donderdag in De Schakel zal moeten. En dat was voor mij dan de reden om even te vragen 'moeten we dan niet alvast wat over dat communicatieprogramma afspreken?' Maar goed, ik begreep toen van de griffier dat dat niet nodig was. Dus vandaar dat dat toen is besloten dat wij later nog van de burgemeester een uitvoerig stuk kregen over waarom het dan wel of niet zou moeten, maar ik denk dat het sowieso fijn is om dit soort dingen niet in het presidium te bespreken, maar gewoon raadsbreed. Daarom hecht ik er wel waarde aan dat we gewoon vanavond bij elkaar zitten en dat niet alleen met de fractievoorzitters te doen. De voorzitter: Dank u wel, dan gaan we naar de burgemeester. De heer Van Hemmen: Voorzitter, met uw goedvinden, zou ik graag ook een stukje proces van waar we nu staan gelijk willen delen, want dan zitten we met z'n allen op vlieghoogte.
Ik hoop dat ik de heer Jongsma ook gerust kan stellen door te zeggen dat, wat mij betreft, het steeds het uitgangspunt is om dingen hier in de raad in den brede te bespreken. Maar als het heel klein bier is, kan ik me ook voorstellen dat het een korte mededeling in het presidium zou zijn. Zo had ik het een beetje voor ogen in eerste instantie. Maar ik heb er geen enkel bezwaar tegen om het op deze manier te doen, dus wat mij betreft prima. Even kijken. Het proces zoals we het zouden gaan lopen, is dat er een raadsvoorstel komt – dat is eigenlijk ook wel gelijk een antwoord op de vragen van de VVD – dat gaat leiden tot het vaststellen van de kaders waarbinnen een onderzoek gedaan zou moeten worden. En ik heb zelf de beleving, maar ik kan me vergissen, dat ik er steeds heel duidelijk in ben geweest dat op het moment dat ik daar een eerste verkenning in ga doen, daar dus ook input van het COA bij nodig is. Ik heb op een gegeven moment in een van de besloten vergaderingen met u afgesproken dat ik een soort van drietrapsraket, zo noemde ik het toen, voor mij zag: dat eerst het communicatieplan klaar is, dat u dat heeft, dat we dan vervolgens een kader zouden stellen waarbinnen het onderzoek zou kunnen plaatsvinden en dan uiteindelijk een voorstel dat gaat leiden tot een voorstel waarin een locatie zit en dat dan het gesprek plaatsvindt.
Dat kwam omdat ik de beleving had dat u als raad er echt wel behoefte aan had en dacht 'de burgemeester kan wel zeggen dat hij allerlei dingen bij het COA voor elkaar kan krijgen, maar het zou wel fijn zijn als het op papier staat'. Dat is de reden dat ik een gesprek gevoerd heb met het COA om dat van hen op schrift te hebben om te bepalen 'dit is wat wij willen. En als jullie daarmee akkoord zijn, zet dat even op papier'. Dat gaat dan over brede randvoorwaarden over de doelgroep, over de maatschappelijke betrokkenheid en meer van dat soort zaken. Die heb ik vorige keer met u gedeeld, dat ga ik niet herhalen. En ik wil dat wel heel graag met een handtekening van het COA eronder hebben. Dat is de reden dat het dus voor 2 november a.s. helaas niet gaat lukken. Het voorstel dat gemaakt gaat worden, kunnen wij voor 60% voorbereiden. De voorzitter: Er komt een interruptie, de heer Gebben. De heer Gebben: Ja, ik wil daar graag meteen op aanhaken, want wat wordt dan het verschil tussen de kaderstelling die wij gaan doen en het bestuursakkoord? Want u gaat naar het COA toe en dan geeft u al mee wat u hier in de commissie gehoord heeft, wat dan een soort kader is en dan komt u daarmee terug. Dat is natuurlijk altijd akkoord. Dus wat wordt dan het verschil met het bestuursakkoord? De voorzitter: De burgemeester.
De heer Van Hemmen: Nou voorzitter, ik heb een aantal randvoorwaarden verzonnen samen met de ambtelijke organisatie, met uw input. Die randvoorwaarde is voor u wel of niet de stap om daadwerkelijk een serieus onderzoek te gaan doen naar een locatie. En dan gaat het over een echt serieuze stap. Op het moment dat u zegt 'wij pakken dit als kader', dan spreekt u slechts een
intentie uit. Dat is steeds zoals het bedoeld is. Als dat kader zogezegd gesteld is, dan gaat de portefeuillehouder, de burgemeester in dit geval, en dan trek ik natuurlijk met mijn collega's in het college op, een voorstel maken en dat voorstel leidt dan tot een definitief bestuursakkoord. En dat zal echt wat anders zijn dan hetgeen waar ik nu een handtekening onder wil hebben. Want het is slechts een brief dat zij inderdaad bereid zijn om voor minimaal 50% gezinnen te plaatsen en meer van die randvoorwaarden zoals ik eerder genoemd heb. Dat zijn echt kaders op hoofdlijnen. Ik kan me niet voorstellen dat het per definitie akkoord is. Dat zijn zaken, daar moet u het met elkaar over hebben, daar gaat u het debat over voeren in het openbaar en dat gaat dan leiden, na een uitgebreide gedachtewisseling, tot het stellen van dat kader. Daarna komt pas de serieuze stap. Dat betekent dus dat er een locatie is en dan hebben we ook een concrete invulling van die randvoorwaarden die we eerder gesteld hebben. Dat is dan de laatste trap, om het zo maar te zeggen. Het voorstel kunnen wij tot ongeveer 60% zelf voorbereiden, maar we hebben natuurlijk wel de handtekening op een stuk papier van het COA nodig want daarin geven zij de reactie op onze eisen. We zitten er dus stevig bovenop.
Er is nauw contact ambtelijk met het COA met een topambtenaar aan hun kant en onze secretaris is daarmee bezig. Het probleem is alleen dat het COA wel een hoop water heeft dat over de schoenen loopt op dit moment als het gaat over ambtelijke capaciteit die ze zelf hebben. Zoals u weet, er is een rechterlijke uitspraak en die rechterlijke uitspraak zegt dat alle bestaande locaties op een bepaald niveau gedeeld moeten worden. Dat vraagt op dit moment veel capaciteit op bestaande locaties, die ze eerder op nieuwe locaties wilden inzetten. Het tweede is dat ze op dit moment bijzonder veel moeten ontwikkelen en dat heeft ook te maken met de afspraken met het Veiligheidsberaad en de VNG over de overname van de crisisnoodopvang, wat eerst 1 oktober jl. zou worden, wat toen 1 januari a.s. geworden is. Ik geloof dat we nu op 1 april a.s. zitten. Nou, ik denk dat het nog wel eens wat later zou kunnen worden. Dat heeft ervoor gezorgd dat het COA besloten heeft om een steviger bestuurlijk proces in te richten. Dat heeft alles te maken met de zorgvuldigheid van de processen en die grotere opgaven in een veel complexere omgeving. U zult begrijpen dat het voor het COA geen makkelijke maatschappelijke en politieke omgeving is.
Even bij wijze van spreken, dit is meer een beetje in de overdrachtelijke zin, dus pin me niet vast op die getallen, maar normaal gesproken hadden ze ongeveer tien bestuurlijke processen per jaar en nu hebben ze er misschien wel tien per maand en dat vraagt echt iets, dat zij dus hun organisatie op een andere manier vorm moeten geven. En dat betekent dus dat het verzoek dat wij gedaan hebben door diezelfde ambtelijke molen moet en dat zorgt voor een vertraging. Dat was net ingevoerd nadat wij het gesprek met het COA gevoerd hadden. Dus dat verklaart deels waarom een eerste inschatting niet gehaald is. De laatste reden is dat wij geen standaard product vragen. We vragen maatwerk, dus daar moet wel zorgvuldig op geadviseerd worden. Want het COA kan zich ook in het pak naaien op het moment dat ze niet zitten op te letten. En dat vraagt gewoon dat zorgvuldige proces. Dan het proces dat we nu voor ogen hebben. Tussen 31 oktober en 4 november a.s. zal het COA moeten reageren op onze eisen, zodat er op 8 november a.s. een stuk in het college kan liggen dat op 9 november a.s. naar de griffier kan gaan. En dat betekent dus dat het vanaf dat moment openbaar is. Dan zou het op 14 november a.s.
– dat is volgens mij de enige datum die die geschikt is want op de andere datum kan ik namelijk niet en ik denk dat het handig is als ik erbij ben, dat zult u begrijpen – direct naar een raadsvergadering kunnen gaan op een maandag, want u heeft eerder aangegeven dat direct in een besluitvormende raad te willen doen. Nu waren daar ook procesmatige redenen voor. Met deze vertraging zou u er ook voor kunnen kiezen, maar dat is echt aan u en ik wil u die keuze ook gewoon voorleggen, het via het reguliere proces te doen. Dat betekent dat het op 15 november a.s. in de commissie zou komen en dan op 29 november pas besluitvormend in de raad, maar goed, dan gaat er wel meer tijd overheen. Dat maakt voor het proces verder denk ik niet zo veel uit, maar dat is wel een keus die wat mij betreft echt aan de Agendacommissie is. Maar misschien dat u daar uw wensen ook over kunt geven. Nogmaals, in dat besluitvormende deel bepalen we slechts het kader waarin een definitief onderzoek naar een opvanglocatie zou gaan plaatsvinden. Het definitieve besluit over die opvang is dan minimaal zes weken later. Maar gezien de processen die nu lopen, sluit ik niet uit dat dat echt aanzienlijk langer kan worden. Ik heb eerder gezegd dat het maximaal twaalf weken zou kunnen zijn. Ik kan niet helemaal inschatten hoe dat loopt, maar ik denk dat het niet raar zou zijn als dat wat langer duurt.
Het voordeel erbij, en dat heb ik vorige keer ook aangegeven, is dat wij een wat zorgvuldiger of wat langer maatschappelijk proces zouden kunnen doen.
Ik heb het ook nog even met onze secretaris erover gehad 'wat doen we nou als het COA niet kan leveren?' Want dat kan best zijn, dat het COA weer klem loopt met zijn eigen ambtelijk proces. Dan is de keus tweeërlei, en daar wil ik ook graag uw reactie op als het mag voorzitter, dan doen we of een stap naar voren, dan dicteren wij gewoon onze wensen waarvan ik het vermoeden heb dat ze ermee akkoord zullen gaan, maar u snapt, het proces is aan hun kant vertragend. Dan zijn onze eisen de basis en u bepaalt dan 'onder die voorwaarden gaan we aan de slag'. Of we wachten tot de brief er wel is. Maar dan schuift het hele proces weer een cyclus op. Nog even los van het feit dat ik natuurlijk bestuurlijk ook nog wel de nodige druk zal zetten, maar ook ik kan geen ijzer met handen breken. Dus dat zijn eigenlijk de twee vragen. Ik hoop dat ik daarmee de vragen van de VVD ondertussen beantwoord heb. En volgens mij… Van de OGP Midden-Delfland had ik de vraag niet helemaal helder, dus ik hoop dat ik voldoende gereageerd heb en dat dat voor mijnheer Jongsma en zijn fractie voldoende is. De voorzitter: Nog een interruptie van de VVD, de heer Van der Eijk. De heer Van der Eijk: Ik vraag me af waarom er geen derde optie is. De nood bij COA is hoog. Het COA kan niet leveren. Nou, dan is de kans vergaan voor het COA. Waarom is dat geen optie? De voorzitter: De burgemeester.
De heer Van Hemmen: Ja voorzitter, ik heb volgens mij in alle bijeenkomsten die we hier gehad hebben en ook de bijeenkomsten die ik met het presidium gehad heb, gesteld dat wij in een groot maatschappelijk vraagstuk zitten waar alle gemeenten verantwoordelijkheid in hebben. Ik weet niet of de heer Van der Eijk de Volkskrant gelezen heeft vorige week. Dat is niet de wijze waarop je in het nieuws zou moeten willen komen als gemeente, maar daar mag je voor kiezen. Dat is natuurlijk aan u als raad, maar die wet komt er en of die nu op 1 januari a.s. ingaat of dat die nu op 1 oktober ingaat, het maakt niet uit, die wet komt er en dan staan wij ook op dat lijstje en dan weet ik zeker dat er ongecontroleerd iets onze kant op komt, zodat wij dus geen eisen meer kunnen stellen. Ik denk dat het in ons voordeel is om hieraan mee te doen. Naast dat ik geproefd heb in deze raad dat we voor dit toch wel bijzondere maatschappelijke vraagstuk dat we met elkaar hebben, een maatschappelijke verantwoordelijkheid hebben. En uiteindelijk zit impliciet het besluit er altijd in, want op het moment dat het voorstel er ligt en de raad stemt tegen, stopt het ook. Dan kunt u uiteraard het leveren van het COA als randvoorwaarde meenemen. De voorzitter: Dank u wel. Er zijn verschillende vragen gesteld door de burgemeester aan de fracties. Het is handig dat we dat even doornemen.
Een vraag ging over het proces, het voorstel, en de tweede ging over onze houding richting het COA op het moment dat er niet tijdig wordt gereageerd op de eisen van de gemeente. De burgemeester heeft nog een derde vraag, denk ik? De heer Van Hemmen: Nee, ik durf het bijna niet te corrigeren voorzitter, maar de eerste is de vraag: pakken we het reguliere proces of een aparte vergadering? Dus dat is mijn eerste vraag. De tweede vraag is: schuiven we door op het moment dat het COA niet levert of doortrapt? Die had u overigens zeer eloquent verwoord, dank u wel. De voorzitter: Ja. Even kijken naar de fracties, ik zie de OGP Midden-Delfland, de heer Jongsma, ik zie de heer Gebben, VVD, de heer Vieira, D66 en de heer Ringeling van de ChristenUnie, de heer Zwaard, CDA. Mijn Partij is met wat anders bezig, geloof ik. De heer Jongsma. De heer Jongsma: Dank u wel burgemeester, voor de toelichting zodat we nu even weten waar we staan. Laat ik het gewoon kort houden. We zijn voor korte klappen, dus dat mag in een aparte raadsvergadering meteen op korte termijn gedaan worden omdat het om een besluit tot een onderzoek gaat. We besluiten niet meteen tot definitieve keuzes, dus dat is het ene. Het andere is dat we in dezen proactief willen zijn. Dus als het dan zo is dat onze eisen de basis worden, gaan wij daarvoor.
Ik bedoel, we kunnen nog veel langer wachten, het duurt best lang, vind ik, dus elke week langer vind ik er weer een. En dat het COA inderdaad nu niet helemaal kan leveren, dat is dan zo, maar dat betekent niet dat er in Ter Apel of in Nederland niet steeds nieuwe mensen komen. Dus hoe langer je wacht, hoe groter de problemen worden. Dus doorzetten.
De voorzitter: En bent u ook ingegaan op de vraag over 'wat als het COA niet kan leveren?', wat wij dan als raad doen? Dat was ook een vraag. De heer Jongsma: Zeker voorzitter. Ik zei, als het zo is dat het COA niet kan leveren, dan zijn onze eisen de basis. Proactief. De voorzitter: De heer Gebben. De heer Gebben: Dank aan de burgemeester voor de uitleg van het proces. Ik merk aan mezelf dat ik toch het gevoel heb dat de burgemeester een stapje verder is dan ik dacht dat wij waren. Maar goed, dat is nu duidelijk in ieder geval. Ik begrijp dat er in november een voorstel uit het college komt waarin staat 'we willen dit en het COA kan ons dit ervoor ook voor terugleveren'. Daar moeten we het dan daar maar over hebben, wat ons betreft. Het is een ingrijpend initiatief, dus wij zijn er voorstander van om het gewoon via het reguliere proces te laten lopen, omdat onze inwoners dan ook de mogelijkheid krijgen om misschien twee keer in te komen spreken en hun mening te geven en hun zorgen te uiten. Of we een stap naar voren moeten doen, of gaan afwachten, dat vind ik nog erg vroeg om te zeggen omdat ik het dan fijn vind eerst het definitieve voorstel daarvoor te zien. De voorzitter: De heer Vieira. De heer Vieira: Wij vinden dat we er inderdaad zo snel mogelijk mee aan de slag moeten. Wat ons betreft, zou dat wel in een vergadering kunnen in deze fase.
Ik bedoel, op het moment dat je iets vast gaat stellen, moet je dat natuurlijk in het reguliere proces gaan vaststellen. Dus eerst commissie en dan raad. Maar op moment dat je de kaders aangeeft, zou dat gewoon wat ons betreft in een vergadering kunnen. Mits wij dat wel op tijd communiceren met onze inwoners, zodat we niet op maandagavond zeggen, bij wijze van spreken, 'dinsdag is er een raadsvergadering', want dan is dat veel te kort eigenlijk. Dus je wilt je inwoners wel meegeven dat er wat er speelt. Dan het punt rond de vraag 'stel dat het COA even geen tijd heeft om op ons te anticiperen'. Ja, dan denk ik dat wij een goede basis neer moeten leggen waarvan wij zeggen 'dit vinden we voor Midden-Delfland als raad acceptabel'. Dat leggen wij neer en dan hopen we dat dat te zijner tijd geaccepteerd wordt, mocht er een keer bij ons aangeklopt worden. De voorzitter: De heer Ringeling. De heer Ringeling: Eigenlijk sluit ik me aan bij wat de heer Vieira zegt. Wij zijn ook voorstander van een vergadering, mits ook tijdig gecommuniceerd naar de inwoners. En ook wij zijn van proactief handelen, dus als het COA niet op tijd zover is, zouden wij graag wat op tafel willen leggen. De voorzitter: De heer Zwaard. De heer Zwaard: Eigenlijk een paar punten. Het blijkt eigenlijk dat dit onderwerp toch wel heel scherpe communicatie vraagt.
Je kunt nu vanavond al merken hoe snel er ergens een ruis op de lijn zit, dus heel veel aandacht daarvoor graag. Daarop aansluitend, over het communicatieplan dat we in concept hebben gehad hadden wij ook wel wat opmerkingen. Er wordt over statushouders en vluchtelingen gesproken. Vluchtelingen zouden we niet noemen. Er wordt 225 en 275 genoemd in hetzelfde plan, en zo zijn er nog een aantal dingen. Ik ga ze hier niet allemaal noemen. Het is dus voor ons heel belangrijk dat de communicatie voor die naar buiten gaat, naar de fracties gaat en dat we daar echt heel duidelijk en goed naar kunnen kijken. Het moet een heel duidelijk verhaal worden, duidelijker dan het nu is. Op de vraag die de burgemeester stelt… wat ons betreft mag het in dit stadium een vergadering zijn. En wat de houding betreft als het COA niet in staat is om die brief te beantwoorden, vinden we ook dat wij dat we daar proactief in moeten zijn en dat we de boodschap die mijnheer Van der Burg misschien een keer laat landen voor kunnen zijn door proactief te handelen. De voorzitter: Mijn Partij, de heer Roeling.
De heer Van Lier: Bedankt, mijnheer de voorzitter, ik zie het nu pas… Kort en bondig, om herhaling te voorkomen, we zijn ook gewoon voor de aparte avond op maandagavond zodat we ook tijd hebben om dit te bespreken met de inwoners, niet gemengd met een commissie, want ik denk dat dan alle aandacht naar dit onderwerp gaat. Wat betreft de nieuwe vraag 'als het COA niet levert, gaan wij dan een voorstel doen?', daar kunnen we wat in zien, maar er zit ook een risico in want je gaat dan iets bieden en vragen of het COA ja of nee zegt. Dan is het wel in openbaarheid dus dat is een leuke uitdaging. Dat zijn de antwoorden op de vragen die er lagen. De voorzitter: Dan is er nog een interruptie van de heer Gebben. De heer Gebben: Het is een beetje flauw dat ik dat tegen u doe, maar ik wil in zijn algemeenheid even stellen, als wij een stap naar voren doen en zeggen tegen het COA 'jullie willen niet leveren of jullie komen niet met de brief', wordt het dan een 'take it or leave it'-verhaal? Dat begrijp ik niet van iedereen. Want of ze gaan leveren of ze gaan niet leveren. Dus als je dat doet, met 'als wij een stap naar voren doen en jullie komen niet op tijd en dan zeggen we het nog een keer', is het dan van de baan, of niet? De voorzitter: De heer Van Lier. De heer Van Lier: We gaan het debat in de openheid voeren. Mijn Partij vindt er wat van. Dat gaan we in openbaarheid doen, gelukkig.
En voor opvang of tegen opvang, wij zijn voor opvang, onder bepaalde voorwaarden. Dus dat vind ik een beetje het risico wanneer je zegt 'we doen een tegenvoorstel' en COA zegt 'dat doen we niet, we doen het alleen zo'. Dan zullen wij als Mijn Partij misschien zeggen 'dan doen we het niet'. Maar dat is discussie die we in alle openheid gaan voeren straks. Maar ik waarschuw even de partijen want nu probeer je in goed overleg iets te doen en dan heb je nog een debat, maar ik heb er ook moeite om iets over de schutting te gooien. Want het kan twee kanten opgaan. Ja of nee. De voorzitter: De burgemeester, ik heb de meerderheid gehoord voor een avond. En het standpunt richting COA was ook wel algemeen. De heer Van Hemmen: Dank voor de helderheid die u die u schept. Nog even op de opmerking van de heer Gebben die ik even als vraag interpreteerde, wordt het een take it or leave it? Ik heb al een gesprek met het COA gehad op basis van de voorwaarden zoals ik ze met u gedeeld heb en daar is wel over gezegd 'dit moet haalbaar zijn'. Het punt is alleen dat er een paar randvoorwaarden onder zitten. Zij kennen de locatie niet, dus hadden een aantal slagen om de arm. U mag van mij verwachten dat het college met een voorstel komt, waarvan wij denken dat het COA daarmee akkoord gaat. Het is dan aan u of die randvoorwaarden voldoende zijn.
Ik denk dat dat de juiste volgorde is en dan is dat de randvoorwaarde waarmee we het gaan doen en daar zal het COA zich dan aan moeten houden. Tenzij zij met een tegenvoorstel komen en dat wordt dan onderdeel van het gesprek dat we in de raad hebben, maar dan kom ik naar u terug. Dat lijkt mij de logische route, zeker bij een onderwerp als dit. De voorzitter: Is er nog behoefte aan een bijna derde termijn? Niet? Nog even de burgemeester. De heer Van Hemmen: Sorry, ik ben iets minder scherp op dit ogenblik. Ik vergeet de opmerking van het CDA over het communicatieplan. Het doel van het communicatieplan was dat dat een onderdeel zou zijn van het raadsvoorstel, zodat dat dan daar ook vastgesteld wordt. En dan is het ook uw communicatieplan, naast ons communicatieplan. U geeft aan dat er dingen in staan die niet kloppen. Ik constateer dat we ook met de wijze waarop we het u aangeboden hebben, echt zorgvuldiger moeten zijn. Ik ben daar niet scherp genoeg geweest en dat dat vind ik vervelend, want het heeft wat verwarring opgeroepen en dat kan beter. En ik leer ook elke dag. Dus ik ga mijn best doen om dat de volgende keer scherper bij u te krijgen en zorgvuldiger en zeker dit soort foutjes, zoals u zegt, over verschillende aantallen eruit te halen en we hebben afspraken gemaakt over de woorden. Dat had verwerkt moeten zijn.
Mijn excuses daarvoor, dat gaan we volgende keer beter doen. Ik hoop dat dit voldoende helderheid is over de positie van het stuk, dank u wel.
De voorzitter: Ik zie het CDA knikken, dus dat gaat goed. Als er niemand meer is, dan wil ik deze vergadering sluiten en procedureel denk ik dat ook dit verslag dan weer in openbaarheid komt zodra het voorstel in openbaarheid komt. Dit gezegd hebbende, kan ik deze vergadering sluiten. De heer Jongsma: Ja, sorry, u gaat me net even te snel, ik zit nog even een beetje met het communicatieplan. Hier en daar verdient het nog wat verbetering, denk ik. En dat wordt ook al vanuit de raad aangegeven. De voorzitter: Is het handig dat ik eerst even de vergadering heropen? Anders zitten we in het openbare gedeelte nu. Dus formeel heropen ik de vertrouwelijke vergadering en geef alsnog de heer Jongsma het woord. De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter. Excuses dat ik te enthousiast ben, maar het was ons niet helemaal duidelijk, dus we moesten even terugkoppelen. Het communicatieplan. Vanuit de raad wordt al aangegeven dat er op een aantal punten toch wel wat verbetering mag zijn. U zegt 'in het raadsvoorstel komt dat plan dan naar jullie toe'. Is het misschien wijs om vooraf alvast dan nog onze opmerkingen te geven, zodat het dan alleen maar over punten en komma's gaat? Want anders ben ik bang dat er te veel overheen gaat. Dus ik hoor graag van de burgemeester wanneer hij dan de input wil hebben zodat hij dat mee kan nemen bij het definitief conceptplan, het communicatieplan.
De voorzitter: De burgemeester. De heer Van Hemmen: Ik vind het wat lastig om... Ik vind het een heel sympathiek aanbod voorzitter, maar ik vind het een beetje lastig dat alles al gezegd is en op basis van de verslagen die er liggen zou het in principe heel makkelijk moeten zijn om dingen eruit te halen. Maar ik kan me ook voorstellen dat u nog andere inzichten heeft die u wilt delen omdat u nu het stuk helemaal compleet heeft. Dus wat mij betreft, als u daar een bijdrage aan zou willen leveren en dat is zeer welkom uiteraard, zou dat kunnen maar dan zit ik er ook een beetje mee dat het ook vakantieperiode is. Ik wil dan ook dat we elkaar niet te veel overvragen. Dus als we afspreken dat het halverwege volgende week er is, dan zou dat wat mij betreft prima zijn. Ik kijk even naar boven. Halverwege volgende week? Ja, prima, ik krijg een duimpje van de ambtelijke ondersteuning, dus het gaat helemaal goed. Dus voorzitter, dank u wel en overigens, het aanbod om gecoacht te worden door Lars Walder staat natuurlijk ook nog steeds, dus voel u vrij om daar gebruik van te maken. Dank u wel. De voorzitter: Is dat naar tevredenheid? De heer Jongsma: Dank u wel, voorzitter. De voorzitter: Anderen hier op dit punt? Niet?
8.
Sluiting
De voorzitter: Dan ga ik nog een keer sluiten. Dit is echt definitief, nu geen mogelijkheden meer. Ik sluit de vergadering. Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Midden-Delfland op 29 november 2022. de griffier, A. de Vos
de voorzitter, E.N.H. Roeling
OPMERKING GRIFFIE: Analoog aan de besluiten inzake overige verslagen besloten vergaderingen over dit onderwerp vervalt geheimhouding op het moment van publicatie openbaar raadsvoorstel.