2022 m 09 d 13 VSL COMM BESLOTEN (vastgesteld).doc
Tekst van het document
Notulen van het verhandelde in de besloten vergadering van de commissie van de gemeente MiddenDelfland, gehouden op maandag 12 september 2022, 21.45 uur. Voorzitter
: de heer A.J. Gebben
Griffier
: de heer A. de Vos
Aanwezig : de heer B.J. Ammerlaan (Mijn Partij), de heer M. de Bakker (ChristenUnie), de heer J. van der Eijk (VVD), de heer J.G. Jongsma (OGP Midden-Delfland), de heer N.C. Knaap (OGP Midden-Delfland), de heer S.W. Kooij (VVD) mevrouw S.A. Koppert (OGP Midden-Delfland), mevrouw D. Langeveld (CDA), mevrouw L.C. van der Lans-Mastenbroek (D66), de heer F.J. van Lier (Mijn Partij), mevrouw I.Y. van der Marel (VVD), de heer J.J.C. Moerman (VVD), de heer P.W. van Rijs (CDA), de heer R.H.P. Ringeling (ChristenUnie), de heer E.N.H. Roeling (Mijn Partij), de heer N.J. Ruiterman (Mijn Partij), de heer J.P. van der Spek (Mijn Partij), de heer R.E. Vieira (D66), mevrouw V. van 't Westeinde (CDA) en de heer R.H.G. Zwaard (CDA) Afwezig
: de heer P.W. Scholtes (D66)
Tevens aanwezig: de heer F.J.M. ten Have en de dames M. Oderwald-Ruijsbroek en W. Renzenvan Leeuwen, wethouders; de heer A.P.J. van Hemmen, burgemeester; de heren M. Born, M. Dahmeijer, R. Blanc en L. Walder en mevrouw M. Odding, ambtelijke ondersteuning
1.
Opening van de vergadering
De voorzitter opent de vergadering.
2.
Sluiting van de deuren
De voorzitter constateert dat de deuren gesloten zijn.
3.
Beslissen of achter gesloten deuren wordt vergaderd
De commissie besluit met gesloten deuren te vergaderen.
4.
Besluit omtrent de status van de vergadering
De commissie besluit tot geheimhouding.
5.
Vaststellen van de agenda
De agenda wordt conform voorstel vastgesteld.
6.
De manier waarop Midden-Delfland wil bijdragen aan het vraagstuk met betrekking tot de asielzoekersproblematiek.
Burgemeester Van Hemmen geeft een toelichting. Er is aan de veiligheidsregio's gevraagd om opvangplekken te regelen en dat was in eerste instantie vrijblijvend, maar wordt steeds dwingender. De buitenwereld denkt dat de gemeente Midden-Delfland nog niet veel heeft gedaan, maar er zijn 51 Oekraïners opgevangen en de definitieve opvang is op zijn vroegst rond de zomer van 2023 klaar. De veiligheidsregio moet nu zorgen voor crisisnoodopvang voor 450 mensen en hij verwacht dat dit aantal hoger wordt. De staatssecretaris heeft in het Veiligheidsraad opgeroepen om op zeer korte termijn 500 plekken te hebben en voor het einde van de week 1000 plekken extra. Er komt zeker opvang in Midden-Delfland en het is beter om daarover mee te spreken om te voorkomen dat er een situatie ontstaat zoals die zich in Tubbergen heeft voorgedaan. Dit vraagstuk kan ook positief voor de gemeente Midden-Delfland werken en hij denkt daarbij aan bijvoorbeeld het versneld realiseren van flexwoningen voor de eigen bevolking. Dat kan het COA regelen en het rijk werkt daaraan mee. Daarnaast kan lokaal worden ingekocht waarbij de lokale ondernemers gebaat zijn. Als de gemeente zelf aan tafel zit, heeft die een bepaalde invloed op de doelgroep. Hij neemt de raad mee in het proces.
Na een aantal overleggen in de Veiligheidsregio en wat er in Tubbergen is gebeurd ontstond er na de vakantie een gevoel van urgentie bij hem en hij bedacht dat er in Midden-Delfland ruimte is en er een deal met de lokale boeren zou kunnen worden gesloten om een tent op hun grond te zetten waardoor de gemeente buitenspel zou staan. Hij heeft daarom op 25 augustus jl. de fractievoorzitters van de grootste oppositiepartij en de grootste 1
coalitiepartij gevraagd hoe dit het beste kan worden aangevlogen. Op basis van het advies van deze twee fractievoorzitters heeft hij op 29 augustus jl. alle fractievoorzitters bij elkaar geroepen om dit onderwerp vertrouwelijk te bespreken. Hij heeft in deze bijeenkomst aangegeven een onderzoek te willen starten naar de mogelijkheden van een substantiële bijdrage van de gemeente Midden-Delfland aan het voorliggende vraagstuk. Hij heeft ook gevraagd om rugdekking om te voorkomen dat het een politieke discussie wordt en aangegeven dat de raad te allen tijde beslist, niet alleen omdat de raad het hoogste orgaan van de gemeente is maar ook omdat hij de hulp van de raad bij het gesprek met de samenleving nodig heeft. De fractievoorzitters voelden zich ongemakkelijk bij het feit dat dit onderwerp niet met de fracties besproken mocht worden, maar ze steunden hem wel wat betreft het onderzoek, al wil dat niet zeggen dat zij eigenaarschap voor het onderzoek voelen, maar wel dat er rugdekking is. Op 30 augustus jl. is het onderwerp voor het eerst in het college besproken en op 6 september jl. was er weer een fractievoorzittersoverleg waarin hij heeft uitgelegd dat de deal van de VNG en het rijk betekent dat het meer dwingend wordt en de vraag was hoe wordt omgegaan met vragen van de pers.
Hij heeft toen ook aangegeven dat de vertrouwelijkheid zo snel mogelijk van dit onderwerp af moet en gevraagd dit verhaal op 8 september jl. met de fracties te delen. Hij heeft ook aangegeven dat er deze week een besloten commissievergadering is waarin hij uitleg geeft, verantwoording aflegt en de raad bijpraat. Hij wil na deze commissievergadering de openbaarheid zoeken omdat het niet goed is als een onderwerp als dit zo vertrouwelijk is dat het achterkamertjespolitiek wordt. Hij ziet mogelijkheden en kansen om de landelijke problemen in het voordeel van Midden-Delfland te laten uitpakken. Er is een kans om mensen die dit ongelooflijk hard nodig hebben te helpen en tegelijkertijd kan de gemeente Midden-Delfland een bijdrage leveren aan de oplossing van de eigen problemen. In het coalitieakkoord en veel verkiezingsprogramma's wordt gesproken over wonen voor de eigen mensen en de ambitie moet zijn om dit voor elkaar te krijgen omdat dit erg goed past bij de missie van deze gemeente. Hij vraagt een eerste reactie van de raadsleden en welke randvoorwaarden de raad wil meegeven voor een noodopvang. Die informatie zal hij meenemen in een voorstel dat uiteindelijk leidt tot een openbaar raadsbesluit. De heer De Bakker vraagt of het COA ook huisvesting voor de eigen inwoners creëert.
Burgemeester Van Hemmen geeft aan dat het COA ook een vastgoedontwikkelaar is en heeft aangegeven ook flexwoningen te kunnen leveren. De heer Knaap vraagt waar de burgemeester al informatie heeft opgehaald. Burgemeester Van Hemmen heeft regelmatig overleg met de veiligheidsregio. Hij heeft met de staatssecretaris gebeld en aangegeven onderzoek te willen doen, maar zijn ambtelijke organisatie daar niet mee te willen belasten. Hij heeft ook met het COA gebeld om te vragen waar behoefte aan is, wat ze zelf kunnen leveren en of het COA ook menskracht kan leveren. Hij heeft ook aan de burgemeesters van met name grote gemeenten gevraagd om menskracht te leveren maar helaas kan alleen het COA menskracht leveren. Mevrouw Koppert vraagt wie er nog meer op de hoogte zijn van dit initiatief. Burgemeester Van Hemmen antwoordt dat diverse collega-burgemeesters op de hoogte zijn en dat de gemeenten Westland en Pijnacker hebben aangegeven statushouders te kunnen opvangen. Het is dan verleidelijk om hen te vragen een deel van de statushoudersopvang van de gemeente Midden-Delfland op te vangen als een uitruil en daar is interesse in. Dat kan ook een verlichting van de eigen woningvoorraad betekenen. Verder wordt ambtelijk geschakeld, een ambtenaar van het COA en een ambtenaar van het ministerie hebben contact met de secretaris.
De heer Zwaard vraagt zich af of de gemeente Midden-Delfland meer moet doen dan nu gebeurt en hij heeft een aantal vragen: Gaat het over asielzoekers of over statushouders? Over welke periode gaat het en is die periode eindig of kan die verlengd worden? Gaat het over één plek of meerdere plekken waar statushouders c.q. asielzoekers worden gehuisvest? Is er voldoende handhavingscapaciteit? 2
Welke tegenprestatie mag de gemeente van het COA verwachten?
Burgemeester Van Hemmen neemt deze vragen in het op te stellen voorstel mee. Bij een grote opvang regelt het COA alles, bijvoorbeeld medische beveiligingszaken. Bij een wat grotere opvang wil hij ook kijken of er iets met de politie kan worden geregeld of een extra BOA kan worden ingezet. De heer Jongsma vraagt wat in de ogen van de burgemeester groot of klein is. Burgemeester Van Hemmen zegt dat de veiligheidsregio een opgave van 450 vluchtelingen heeft, dat de grote steden geen grote aantallen mensen meer kunnen opvangen en de gemeente MiddenDelfland wel ruimte heeft. Vanaf 200 tot 225 mensen ziet het COA een opvang als een volwaardige voorziening en regelt dan veel wat de gemeente zelf niet hoeft te doen. Hij gaat daarom uit van ongeveer 225 mensen die wat hem betreft mogen werken. Mensen die niet werken, gaan zich vervelen en soms dingen doen die niet gewenst zijn. Mevrouw Langeveld is benieuwd of het gaat om noodopvang of een opvang voor statushouders. Burgemeester Van Hemmen kan deze vraag nog niet beantwoorden. Hij wil geen voorportaal van Ter Apel zijn of uitgeprocedeerde asielzoekers opvangen omdat die niet mogen werken en ze wat meer gedoe veroorzaken. Het kan gaan om Oekraïners of statushouders die op een woning wachten. Mevrouw Van 't Westeinde vraagt wat er uiteindelijk openbaar wordt en hoe het verdere proces eruitziet.
Burgemeester Van Hemmen vindt het logisch om aan te geven dat de burgemeester gaat uitzoeken welke bijdrage de gemeente kan leveren. Dan hebben de volksvertegenwoordigers de gelegenheid om het gesprek met de inwoners te voeren. Mevrouw Van 't Westeinde vraagt hoelang het duurt voordat er na de openbaarheid meer duidelijkheid komt over onder andere de exacte locatie en het aantal mensen. Burgemeester Van Hemmen zou willen dat dit zo snel mogelijk is, maar hij durft niet te zeggen wat de gemeente zelf en wat die samen met andere spelers kan doen om tot een goed voorstel te komen. Misschien moet het een tweetrapsraket worden. Mevrouw Van der Marel hoorde de burgemeester zeggen dat de buitenwereld denkt dat de gemeente Midden-Delfland nog niet zo veel heeft gedaan en ze is benieuwd wat er dan nog niet is gedaan. Ze hoorde ook spreken over een substantiële bijdrage en ze vraagt wat die substantiële bijdrage is. Ten slotte hoorde ze dat het COA een soort vastgoedontwikkelaar is die flexwoningen kan leveren. Als het idee is om het voor de vluchtelingen goed te doen, is het niet logisch om als eerste aan de eigen inwoners te denken, maar als vluchtelingen altijd voorgaan dan hebben de eigen inwoners er niets aan en ze is benieuwd hoe de burgemeester dat ziet.
Burgemeester Van Hemmen geeft aan dat in het Westland opvang voor 51 mensen is geregeld, eerst in een hotel en later in chalets. Daarvoor in de plaats komen er rond de zomer van 2023 flexwoningen. Dat betekent dat er de facto eigenlijk nog niets is gedaan aan noodopvang en zo kijkt de buitenwereld er ook naar. Als de gemeente exact doet wat moet, namelijk 1,7% opvangen, dan is het beeld dat het minimale wordt gedaan en dat de gemeente haar nek niet uitsteekt, terwijl de gemeente wel degelijk een bijdrage levert, maar dat ziet er voor de buitenwereld heel anders uit en dat heeft gevolgen op het moment dat er dwingende maatregelen worden genomen. Substantieel betekent wat hem betreft ongeveer 225 plekken. Als er noodopvang komt dan komt er een contract met het COA waarin harde afspraken worden gemaakt over onder andere flexwoningen voor de inwoners en lokaal inkopen. Mevrouw Van der Marel vraagt hoe met dit voorstel doorstroom kan worden gerealiseerd.
3
Burgemeester Van Hemmen ziet een aantal problemen wat betreft doorstroming. Er wachten ongeveer 15.000 statushouders op een woning, maar die leveren gemeenten niet of ze zijn er simpelweg niet. De gemeente Midden-Delfland voldoet al een decennium of langer aan de taakstelling wat betreft huisvesting van statushouders. Net als in Utrecht kunnen alle huurwoningen voor statushouders beschikbaar worden gesteld, maar dat schuurt enorm met de ambitie van de raad wat betreft woningen voor eigen inwoners. Het aantal woningen en de instroom is een groot landelijk politiek vraagstuk, misschien moeten er binnenkort in Ter Apel weer mensen in de regen slapen en als de gemeente Midden-Delfland een bijdrage kan leveren aan het oplossen van de acute noodsituatie dan is het verstandig om dit te doen. Hij wil een noodopvang en geen azc omdat de laatste permanent is. Mevrouw Van der Marel vraagt of noodopvang echt voor korte tijd is en alleen als mensen anders buiten slapen. Burgemeester Van Hemmen weet dat iedere gemeente een halfjaar, drie maanden, een maand of een week een bijdrage levert en dat het probleem zo wordt rondgepompt. Wat hem betreft, is een noodopvang tijdelijk, maar als er toch wordt gerealiseerd is het beter dat wel voor een wat langere tijd te doen waarbij hij denkt aan vijf jaar.
Het grote voordeel daarvan is dat een gebied met flexwoningen veel efficiënter kan worden ingericht. De heer Zwaard vraagt of de woningen die in Q3 van 2023 zouden worden ontwikkeld wel worden gebouwd als die flexwoningen er komen. Verder wil hij weten of de bewoners die nu in de opvang in Den Hoorn wonen naar de nieuwe woonvoorziening kunnen, zodat ook dat gebied opnieuw kan worden ontwikkeld. Burgemeester Van Hemmen moet het antwoord op deze vraag schuldig blijven. Er worden wel gesprekken gevoerd over Euterpe waar Syrische vluchtelingen en misschien ook andere doelgroepen kunnen worden gehuisvest. Hij neemt de opmerkingen van de heer Zwaard mee als denkrichtingen. Mevrouw Van 't Westeinde vraagt wat de burgemeester bedoelt met 'we hebben invloed op de doelgroep, niet ruimhartig maar toch'. Burgemeester Van Hemmen weet dat de nood bij het COA hoog is en dat die niet kan toezeggen dat ergens een bepaalde groep mensen komt, maar als een gemeente met een serieus aanbod komt dan kunnen daar wel degelijk afspraken over worden gemaakt. In 's-Gravendeel kwam bijvoorbeeld 50% gezinnen met een inspanningsverplichting tot 75%, terwijl het COA in eerste instantie niet verder wilde gaan dan 25%. Die 50% was daar nodig in verband met de scholen.
Mevrouw Van 't Westeinde vraagt wat het voor de begroting van de gemeente betekent als dit doorgaat met het oog op mensen die recht hebben op een bijstandsuitkering of een inburgeringscursus, vergoedt het COA dat? Burgemeester Van Hemmen denkt dat het COA verantwoordelijk is als mensen in een noodopvang zitten en de gemeente als ze in een huis wonen. Mevrouw Van 't Westeinde vraagt of de gemeente de verantwoordelijkheid heeft om voor voldoende schoolgebouwen te zorgen. Burgemeester Van Hemmen beaamt dit, maar in sommige gevallen is er een school op de opvanglocatie zelf omdat andere scholen geen ruimte hebben voor bijvoorbeeld extra lokalen. Mevrouw Langeveld vraagt of de burgemeester al een locatie voor dit grote aantal mensen op het oog heeft. Burgemeester Van Hemmen heeft nog geen locatie op het oog. De heer Jongsma vraagt om een schorsing. 4
De voorzitter schorst de vergadering. Schorsing De voorzitter heropent de vergadering en vraagt hoe de fracties zich bij dit voorstel voelen en of ze randvoorwaarden willen meegeven voor een eventuele grootschalige opvang. De heer Roeling wil goed wisselgeld hebben en pas een bijdrage leveren als er in Den Haag daadwerkelijk beleid is vastgesteld. Er moet worden nagedacht over de locatie, aantallen en de tijdelijkheid. Het gaat om 225 mensen voor vijf jaar, maar het is mogelijk dat anderen deze termijn verlengen en hij stelt voor om het wel te doen en in een tweede vertrouwelijk overleg over de inhoud van het concrete plan en de tegenprestatie te spreken omdat het niet is uit te leggen dat er jaren niets voor de eigen inwoners is gedaan en nu wel 225 onbekenden worden toegelaten. De heer Zwaard vraagt of de heer Roeling nog een vertrouwelijk overleg wil en dan pas naar buiten wil treden. De heer Roeling wil een concreet voorstel dat vertrouwelijk wordt besproken voordat het plan naar buiten gaat. De heer Zwaard wil het onderzoek voortzetten en geeft de volgende randvoorwaarden mee: de nieuwe inwoners moeten kunnen deelnemen aan het arbeidsproces en er moet betrokkenheid zijn tussen de nieuwe en de bestaande inwoners; er moet goede communicatie over het plan zijn; het is belangrijk te weten wat de tegenprestatie van het COA is.
Hij zou willen dat de druk op de woningmarkt minder wordt, op welke manier dan ook; hij zou de tekst 'we hebben voldoende ruimte' niet naar buiten brengen. Burgemeester Van Hemmen geeft mee het laatste alleen in de vertrouwelijkheid te zeggen. De heer Jongsma vindt 225 plekken erg veel, maar bij minder plekken biedt het COA geen professionele hulp en het is niet de bedoeling dat er overal tentjes komen te staan. Het onderzoek kan worden voortgezet en OGP geeft de volgende randvoorwaarden mee: de ambtelijke organisatie moet het aankunnen; er moet zorgvuldig onderzoek naar de schaalgrootte komen die moet bij Midden-Delfland passen; er mag niet in het buitengebied worden gebouwd; er moeten nette woningen komen; het moet gaan om mensen die moeten werken; vijf jaar is een mooie periode; het mag de gemeente in principe geen geld kosten; er moeten goede afspraken met de buurgemeenten over doorstroming naar reguliere woningen worden gemaakt. het mag niet ten koste gaan van de eigen woningzoekenden, en er moeten ook flexwoningen voor met name starters worden gebouwd. Ten slotte vraagt hij hoeveel tijd er nog is om aanvullende voorwaarden mee te geven en hoe de komende twee weken eruitzien, of er bijvoorbeeld nog een vertrouwelijke vergadering komt.
De heer Van der Eijk vindt het schrijnend dat mensen op straat moeten slapen en hij vindt ook dat de gemeente Midden-Delfland haar verantwoordelijkheid moet nemen. In het verleden heeft Midden-Delfland laten zien niet voor haar verantwoordelijkheid weg te lopen, er is altijd voldaan aan de opgedragen taakstellingen en soms is zelfs meer gedaan. Ook nu zijn er plannen voor het huisvesten van ongeveer zestig statushouders in Euterpe en dat betekent dat Midden-Delfland bijdraagt aan de doorstroming; op die locatie kunnen wat de VVD betreft nog wel meer woningen worden gerealiseerd om de doorstroming te bevorderen. De opvang moet passen bij de schaal van de gemeente en het is onbegrijpelijk en misplaatst dat Midden-Delfland niets zou doen en niet sociaal is. Een groot deel van de oplossing zit in het inperken van de instroom. Midden-Delfland 5
moet een proportionele bijdrage leveren, maar de VVD wil eerst afwachten tot bekend is wat er van Midden-Delfland wordt verwacht en dan zal er zeker een oplossing komen. Het uitgangspunt moet zijn dat de problematiek evenredig over de gehele regio wordt verdeeld, iedere gemeente moet een proportionele bijdrage leveren die de bevolking en de begroting van de betreffende gemeente kan dragen. Een opvangcentrum voor honderden asielzoekers in Midden-Delfland past niet bij dit uitgangspunt en zo'n groot centrum past niet in deze gemeente. Gelegenheidsargumenten zoals 'wij staan er niet goed op bij de buurgemeenten' en 'als we niet komen dan komen we op het menu' zijn niet juist, maar vooral moet niet de angst regeren. De gemeente is er primair om de belangen van de inwoners van Midden-Delfland te behartigen en statushouders horen daarbij. Hij is niet bang voor een situatie zoals die zich in Tubbergen heeft voorgedaan omdat de coalitie in Den Haag heeft afgesproken dat gemeenten niet meer worden overvallen met opvangplekken voor asielzoekers. Deze gelegenheidsargumenten leiden af van de vraag waar deze commissie over zou moeten gaan, namelijk of dit plan leidt tot een eerlijke verdeling van de problemen binnen de veiligheidsregio en of een van de dorpen kan worden belast met een azc of iets wat daarop lijkt.
De VVD denkt dat Midden-Delfland als kleine gemeente de financiële en materiële lasten voor bijvoorbeeld de Wmo, jeugdhulp en scholen ook op de lange termijn niet kan dragen en dat de inwoners dit plan niet steunen. Deze oplossingsrichting is te veel, te groot en te ontwrichtend en het starten van een onderzoek naar de voorwaarden waaronder dit eventueel kan, is wat de VVD-fractie betreft verspilling van kostbare tijd en geld. Bovendien is een dergelijk onderzoek het begin van een trechter naar een grootschalige opvang, een asielzoekerscentrum. Er mocht in eerste instantie niet met de fracties worden gesproken, maar de burgemeester nam al wel contact op met personen buiten de gemeente zoals het COA en de staatssecretaris. De burgemeester zei in zijn toelichting niet dat hij spreker heeft gebeld om te proberen wat plooien glad te strijken. Hij heeft toen aangegeven dat hij dit beschouwt als achterkamertjespolitiek en dat draagt niet bij aan het vertrouwen van de inwoners in de politiek. De heer Zwaard vindt de woorden van de heer Van der Eijk erg ver gaan. Die sprak bijvoorbeeld over een azc, terwijl de burgemeester nadrukkelijk heeft gezegd dat die er niet komt. De heer Van der Eijk vindt dat de raad 3-0 achterstaat en dit slechte gevoel wordt verergerd door het feit dat dat dit wordt geïnitieerd door een nieuwe burgemeester.
Hij verwacht van een voorzitter van de raad dat die alles in de goede volgorde laat verlopen: eerst een initiatiefvoorstel aan de voltallige raad voorleggen en pas bij groen licht de burgemeester en de staatssecretaris informeren. De heer Vieira zou het zelf fijn vinden als mensen met hem zouden meeleven en een oplossing zouden zoeken als hij in een tentje zou moeten bivakkeren. Het moet gaan om een proportionele bijdrage, maar er moet wel iets gebeuren. Hij wil het liefst dat de gemeente haar verantwoordelijkheid neemt en kijkt wat ze er zelf uit kan halen. De problemen worden veroorzaakt doordat de Rijksoverheid een aantal opvanglocaties heeft gesloten, er is geen sprake van excessen. Bovendien vangt Nederland veel minder oorlogsvluchtelingen op dan bijvoorbeeld België en Duitsland. Hij vindt dat Midden-Delfland moet kijken wat ze kan bijdragen en daar wisselgeld voor moet vragen zonder te veel van de inwoners te vragen om te voorkomen dat er dwang ontstaat. De heer Ringeling sluit zich aan bij de vorige spreker en hij steunt dit onderzoek uit pure medemenselijkheid. Hij geeft twee randvoorwaarden mee: zorg voor goede communicatie en neemt de inwoners op het juiste moment mee; kijk in het onderzoek ook naar de locatie.
De voorzitter hoorde een aantal vragen: Hoeveel tijd is er nog voor reflectie? Hoe zien de komende twee weken eruit? Burgemeester Van Hemmen is blij dat alle partijen de situatie in Ter Apel verafschuwen en vinden dat daar iets aan moet gebeuren. Het overgrote deel van de raad vindt dat er wel iets voor de eigen inwoners in moet zitten en hij heeft de indruk dat huisvesting voor de eigen inwoners een belangrijke voorwaarde is om de opvang succesvol te implementeren. Er kunnen nog meer 6
opmerkingen worden aangeleverd, maar hij weet niet hoe de komende twee weken eruitzien. Hij heeft de indruk dat de raad dit nog een tijd vertrouwelijk wil houden en dat vindt hij geen enkel probleem. Het betekent wel dat de raad er nog niet met de inwoners over mag praten, maar het voordeel is dat er uiteindelijk een veel concreter voorstel naar buiten wordt gebracht en er korter gedoe in de samenleving zal zijn. Mevrouw Koppert vraagt hoe de burgemeester de vertrouwelijkheid bij de mensen met wie hij spreekt borgt. Burgemeester Van Hemmen weet dat de mensen die hij spreekt zich zeer bewust zijn van de vertrouwelijkheid. De andere burgemeesters weten dat het ook in hun eigen nadeel is als ze hierover spreken en het COA weet dat de kans dat het mislukt groot is als er gedoe komt. De ambtenaren hebben allemaal een eed afgelegd en hij heeft er alle vertrouwen in dat zij dit ook vertrouwelijk behandelen. De heer Van der Eijk vraagt of de burgemeester aan cherry picking gaat doen met de aangeleverde punten. Burgemeester Van Hemmen wil de raad in positie brengen en neemt de input van de raad mee. Hij heeft op 11 september jl. alle fractievoorzitters behalve die van de ChristenUnie gebeld om erachter te komen waar hij in deze vergadering rekening mee moest houden.
Hij wist toen al dat de heer Van der Eijk een bepaald standpunt ging innemen en hij heeft zijn verwondering daarover uitgesproken en daar vragen over gesteld. De heer Van der Eijk vertegenwoordigt het standpunt van de VVD Midden-Delfland. Burgemeester Van Hemmen nam inderdaad aan dat de heer Van der Eijk het standpunt van de VVD-fractie vertegenwoordigde. Hij werpt het verre van zich dat hij aan achterkamertjespolitiek doet, als dat zo zou zijn dan zou hij het presidium buitenspel hebben gezet, al een uitgebreid onderzoek hebben gedaan en met het college besproken en de raad voor een voldongen feit hebben gesteld. Hij heeft zijn uiterste best gedaan om dit zeer zorgvuldig te doen omdat hij weet hoe ingewikkeld dit soort vraagstukken zijn. Hij begrijpt dat dit voor een aantal fracties een groot vraagstuk is, maar hij wil geen grote woorden gebruiken omdat het risico op beschadiging dan erg groot is. Hij denkt dat de raad niet met 3-0 achterstaat, maar op dezelfde vlieghoogte is. Hij heeft met mensen uit de buitenwereld gesproken die inhoudelijke kennis hebben omdat die kennis niet in huis is. De voorzitter geeft de gelegenheid voor een tweede termijn. Hij vraagt aan te geven hoe de raad hiermee verder wil, ook wat betreft de vertrouwelijkheid. De heer Jongsma denkt dat het telefoontje van de burgemeester van 11 september jl.
ertoe heeft geleid dat er vandaag een goed debat was dat de burgemeester goed heeft kunnen voorbereiden. Hij gaat akkoord met een onderzoek en misschien komt OGP de komende dagen nog met enkele opmerkingen. Hij vindt het verstandig om dit dossier nog even vertrouwelijk te houden. De heer Ringeling steunt het onderzoek en hij wil de geheimhouding nog even handhaven. Hij stelt voor om na de volgende raadsvergadering nog een vertrouwelijke commissievergadering te houden. De heer Zwaard sluit zich aan bij de woorden van de heer Ringeling. Voor het CDA weegt het niet in de steek laten van de medemens erg zwaar en het zou de raad sieren als de uitkomst zo breed mogelijk wordt gedragen, dat maakt het spreken met de inwoners ook gemakkelijker. Het CDA komt misschien nog met schriftelijke vragen, maar wil het onderzoek doorzetten en de geheimhouding handhaven, maar wel zo kort mogelijk. Hij vindt het ook prima om hierover nog een commissievergadering te houden. De heer Van der Eijk zit niet te wachten op een onderzoek. De inwoners komen voor een bijna voldongen feit te staan met een voorstel zonder keuzemogelijkheden dat richting één uitkomst is 7
getrechterd. Als de hele raad daarmee instemt, voelen veel inwoners zich niet door hun volksvertegenwoordigers gehoord en het zou hem daarom verbazen als alle fracties dit steunen. Het is erg vervelend als het nog langer geheim blijft en het is jammer dat de burgemeester in de bijeenkomsten met de fractievoorzitters veel meer informatie heeft gedeeld dan in de memo van 9 september jl. stond. De heer Roeling vindt dat de geheimhouding er pas afkan als er een concreet voorstel is. Als er in de openbaarheid over een concreet voorstel wordt gesproken bestaat het risico dat de discussie alle kanten opgaat en daarom is het goed dat de vertrouwelijkheid nog blijft bestaan. De komende discussie moet vooral gaan over het wisselgeld. De heer Vieira proeft een meerderheid voor een onderzoek en hij vindt het verstandig om de komende tijd de mogelijkheden te inventariseren. De heer Jongsma vindt het prima om over twee weken na de volgende raadsvergadering weer een vertrouwelijke commissievergadering te hebben. Burgemeester Van Hemmen acht het niet realistisch dat er over twee weken al een uitgebreid voorstel ligt, maar hij wil wel een besloten commissievergadering houden over de stand van zaken van dat moment. Hij wil de raad zo veel mogelijk in positie brengen om er als vertegenwoordiger van de inwoners voor te zorgen dat de beste keuzes worden gemaakt.
Een groot deel van de inwoners zal het hier niet mee eens zijn, maar ook groot deel wel en de raad maakt namens al die inwoners een keuze. Hij bedankt de raad voor de steun, dat draagt bij aan de kwaliteit die de gemeenteraad aan de inwoners kan leveren. De voorzitter concludeert dat er over twee weken weer een besloten commissievergadering komt waarbij ook de burgercommissieleden weer kunnen aansluiten.
7.
Sluiting van de vergadering
De voorzitter wijst nogmaals op de geheimhouding van deze vergadering, hij sluit de vergadering en wenst iedereen wel thuis.
Aldus vastgesteld in de vergadering van de commissie van de gemeente Midden-Delfland op 11 oktober 2022.
de griffier, A. de Vos
de voorzitter, A.J. Gebben
OPMERKING GRIFFIE: Bij vaststelling verslag is besloten dat de geheimhouding vervalt op het moment van publicatie openbaar raadsvoorstel.
8