CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

17 B 25051 bijlage 2 BHP Programmabegroting 2026

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Financiële stukken Bedrijvenschap Harnaschpolder3.072 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

HARNASCH POLDER

BEDRIJVENSCHAP HARNASCH POLDER PROGRAMMABEGROTING 2026

1

1. Aanbieding programmabegroting 2026 Op grond van de door het Algemeen Bestuur vastgestelde (en gewijzigde) Gemeenschappelijke Regeling Bedrijvenschap Harnaschpolder legt het Dagelijkse Bestuur van Bedrijvenschap Harnaschpolder u het ontwerp van de programmabegroting 2026 voor. Hierin worden de activiteiten en de daarmee samenhangende geldstromen voor Bedrijvenschap Harnaschpolder geraamd. De begroting ziet toe op de activiteiten die in 2026 worden verwacht en gaat uit van een liquidatie van de Gemeenschappelijke Regeling end 2026. De begroting is de kader stellende begroting van het Algemeen Bestuur en vormt de grondslag voor het door het Dagelijks Bestuur te voeren beheer. De indeling van de jaarrekening over 2026 zal aansluiten op deze begroting. De begroting 2026 betreft de activiteiten die de Gemeenschappelijke Regeling in 2026 zal ontplooien en ziet toe op de inning van een tweetal vorderingen, voortvloeiend uit het programma 'Ontwikkeling gronden'. Aangezien Bedrijvenschap Harnaschpolder naar verwachting eind 2026 eindigt ontbreekt een meerjarenraming. Voorgesteld wordt om de programmabegroting voor 2026 vast te stellen.

Namens het Dagelijks Bestuur,

Datum:

de secretaris, T. Dik

de voorzitter, F.A. Voskamp

2

2025

2. Samenstelling bestuur en management Ten tijde van het opstellen van de begroting 2025 bestaat het Dagelijks Bestuur en het Algemeen Bestuur uit de volgende personen. Dagelijks Bestuur: • • •

Voorzitter Lid Lid

De heer F.A. Voskamp wethouder gemeente Midden-Delfland Mevrouw S. Bruines, wethouder gemeente Den Haag De heer N. Icar, wethouder gemeente Den Haag

Algemeen Bestuur: • • • • • •

De heer F.A. Voskamp, voorzitter, wethouder gemeente Midden-Delfland Mevrouw S. Bruines, wethouder gemeente Den Haag De heer N. Icar, wethouder gemeente Den Haag De heer R. van Asten, wethouder gemeente Den Haag Mevrouw M. Oderwald-Ruijsbroek, wethouder gemeente Midden-Delfland De heer B. de Leede, wethouder gemeente Midden-Delfland

Het bestuur wordt vanuit het Bedrijvenschap ondersteund door de volgende functies zoals specifiek opgenomen in de gemeenschappelijke regeling: • • •

de heer C. van der Feltz Directeur mevrouw T. Dik Secretaris Administrateur de heer M. Ling

3

3. Programmabegroting 3.1 Inleiding Bedrijvenschap Harnaschpolder is opgericht ten behoeve van de uitvoering van het programma 'Ontwikkeling gronden'. De grondexploitatie die hiervoor wordt gevoerd wordt naar verwachting medio 2025 gesloten, waarna nog een tweetal vorderingen uit dit programma over blijven. In 2026 zullen de activiteiten gericht zijn op het innen van de openstaande vorderingen. Met de 7® wijziging van de gemeenschappelijke regeling is de regeling in 2024 geactualiseerd en volledig opnieuw vastgesteld.

3.2 Paragrafen Het BBV schrijft de vorm en de inhoud van de begroting en het jaarverslag voor. In dit besluit wordt een aantal paragrafen verplicht gesteld voor opname in zowel de begroting als in de verantwoording over de begroting, het jaarverslag. In het hiernavolgende worden de paragrafen benoemd en uitgewerkt, dan wel wordt gemotiveerd aangegeven waarom de paragrafen niet van toepassing zijn voor het Bedrijvenschap.

3.4.1 Paragraaf lokale heffingen De gemeenschappelijke regeling geniet geen inkomsten uit lokale heffingen, aangezien het opleggen van lokale heffingen niet tot de taken van de gemeenschappelijke regeling behoort. Deze paragraaf is derhalve niet van toepassing.

3.4.2 Paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing Onder het weerstandsvermogen wordt verstaan de mate waarin het Bedrijvenschap in staat is om financiële tegenvallers op te vangen zonder dat het beleid van de gemeenschappelijke regeling hierop dient te worden aangepast. Het weerstandsvermogen is van belang voor de beoordeling van de gezondheid van de financiële positie van het Bedrijvenschap. Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de weerstandscapaciteit (de middelen en mogelijkheden waarover het Bedrijvenschap beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken) en uit de risico's waarvoor geen maatregelen zijn getroffen (risico's van materiële betekenis in relatie tot de financiële positie). Op dit moment is de weerstandscapaciteit van het Bedrijvenschap niet op voldoende niveau. Het Bedrijvenschap beschikt niet over een positief eigen vermogen. In de gemeenschappelijke regeling participeren de deelnemende gemeenten risicodragend. Uitgaande van ongewijzigde omstandigheden in de ontwikkeling van het verwachte resultaat van de grondexploitatie en de vorderingen zullen de deelnemende gemeenten moeten bijdragen. Dit is bij de deelnemende gemeenten bekend. In de risicoparagraaf wordt de oorzaak hiervan nader toegelicht en wordt de relatie met en de gevolgen van de huidige marktontwikkelingen nader beschreven.

Ook wordt daar beschreven op welke wijze risicobeheersing plaatsvindt. Deze beheersing uit zich met name in de wijze van ramen van inkomsten en uitgaven en de bandbreedte die als gevolg van de risico's wordt gehanteerd. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) is het verplicht een zestal kengetallen in de jaarrekening op te nemen: Kengetallen

Rekening

Begroting

2023

2024

2024

Netto schuldenquote

251%

117%

125“/o

Netto schuldenquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen

125%

Rekening

251%

117%

solvabiliteitsratio

0“/o

0“/o

0%

grondexpioitatie

159%

48%

58®/o

structureie expioitatieruimte

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

belast! ngcapaciteit

n.v.t.

n.v.t.

n.v.t.

4

Toelichting bij de kengetallen: -

De netto schuldenquote geeft alle schulden (minus vorderingen) weer in een percentage van de jaarlijkse baten. Het geeft een indicatie in welke mate rentelasten en aflossingen op de exploitatie drukken.

-

De netto schuldenquote gecorrigeerd voor verstrekte geldleningen geeft hetzelfde weer, maar de verstrekt geldleningen worden daarbij buiten beschouwing gelaten.

-

De solvabiliteitsratio geeft het eigen vermogen weer in verhouding tot alle passiva op de balans. Het geeft inzicht in de mate waarin het Bedrijvenschap in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Zo lang er geen (positief) eigen vermogen is gevormd zal dit percentage altijd 0% bedragen.

-

Het kengetal voor de grondexploitatie geeft de verhouding van de boekwaarde van de investeringen weer in een percentage van de jaarlijkse baten.

-

Door het ontbreken van andere inkomsten en de mogelijkheid om belastingen te heffen zijn de laatste twee genoemde kengetallen voor het Bedrijvenschap niet van toepassing.

3.4.3 Paragraaf onderhoud kapitaalgoederen Het Bedrijvenschap beschikt in 2026 niet meer over kapitaalgoederen.

3.4.4 Financieringsparagraaf Voor de financiering van de investeringen door het Bedrijvenschap en om tijdig te kunnen voldoen aan de financiële verplichtingen, dient het Bedrijvenschap te beschikken over voldoende geldmiddelen. Deze paragraaf richt zich op de treasuryfunctie, de wijze waarop het Bedrijvenschap omgaat met haar financiële geldstromen en vermogensposities. Het is relevant voor de bedrijfsvoering en voor de financieringsfunctie om inzicht te geven hoe het Bedrijvenschap omgaat met financiële risico's, de mate waarin over voldoende geldmiddelen kan worden beschikt om op korte termijn aan haar verplichtingen te kunnen voldoen (liquiditeit) en de manier waarop op lange termijn de financiering is geregeld. De lening portefeuille ultimo boekjaar 2024 bedroeg in totaal € 18 miljoen. Begin 2025 is deze lening afgelost en is € 18 miljoen opnieuw aangetrokken tegen een rentepercentage van 2,68% op jaarbasis. Het saldo dient 30 juni 2025 te worden afgelost. De grondexploitatie wordt naar verwachting medio 2025 afgesloten, waarna de gemeenschappelijke regeling naar verwachting nog een tweetal vorderingen voortvloeiend uit het programma 'Ontwikkeling gronden' heeft openstaan. De gemeenschappelijke regeling zal na afsluiten van de grondexploitatie in stand blijven ten behoeve van de afwikkeling van deze vorderingen.

Ten behoeve van de financiering van deze twee vorderingen een nieuwe financiering worden aangetrokken. De rente op deze nieuwe financiering zal direct ten laste van het resultaat van de gemeenschappelijke regeling komen. Het Bedrijvenschap belegt overtollige middelen alleen bij de BNG of overheidsorganisaties. Dit past bij het risicomijdend karakter van het Bedrijvenschap. Er wordt deelgenomen aan het zogenoemde Schatkistbankieren en overtollige liquide middelen worden uit dien hoofde tijdelijk gestald in 's Rijks schatkist.

3.4.5 Paragraaf bedrijkvoering De paragraaf betreffende de bedrijfsvoering behandelt de stand van zaken ten aanzien van de bedrijfsvoering van en binnen het Bedrijvenschap. Het Bedrijvenschap is een gemeenschappelijke regeling. Op bestuurlijk niveau heeft het Algemeen bestuur alle bevoegdheid die niet in of ingevolge de regeling aan het Dagelijks bestuur of de voorzitter is opgedragen (artikel 8 Gemeenschappelijke regeling Bedrijvenschap Harnaschpolder). Voor het Dagelijks bestuur zijn diverse taken opgedragen zoals beschreven in artikel 14 lid 1 van de Gemeenschappelijke regeling. De dagelijkse leiding van het Bedrijvenschap berust bij de algemeen directeur, ondersteund door een managementteam. De activiteiten in 2026 zien toe op de inning van de twee vorderingen en is belegd

5

bij de projectorganisatie onder leiding van een manager bedrijfsvoering welke verantwoording aflegt aan de directeur. De spelregels ten aanzien van het financiële beleid en beheer, de organisatie, de financiële administratie en het kasbeheer van het Bedrijvenschap zijn vastgelegd in de financiële verordening 2024 welke op 14 oktober 2024 aan het Algemeen Bestuur ter goedkeuring is voorgelegd en is aangenomen. Conform de financiële verordening en gemaakte afspraken in de (gewijzigde) Gemeenschappelijke regeling vinden gedurende de looptijd van het project geen tussentijdse onttrekkingen van positieve resultaten plaats. Eveneens wordt van de deelnemende gemeenten geen bijdrage gevraagd bij een te verwachten negatief saldo gedurende de looptijd van het project. Verrekening van het resultaat vindt derhalve plaats bij afronding van het project dan wel bij beëindiging van de Gemeenschappelijke regeling. Het Bedrijvenschap beschikt over een Functionaris Gegevensbescherming, een register van verwerkingen, een protocol datalekken, een logboek datalekken en een privacyverklaring ter uitvoering van de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG). Belangstellenden en belanghebbenden kunnen de privacyverklaring desgewenst per mail of per post toegezonden krijgen.

3.4.6 Paragaaf verbonden partijen Het Bedrijvenschap is een samenwerkingsverband in de vorm van een gemeenschappelijke regeling waaraan de gemeenten Den Haag en Midden-Delfland deelnemen en waaraan tot en met september 2013 de gemeente Delft heeft deelgenomen. De deelnemende gemeenten Den Haag en Midden-Delfland participeren risicodragend. De gemeente Delft heeft haar risico bij de uittreding afgekocht. Het Bedrijvenschap heeft geen bestuurlijke relaties gecombineerd met financiële belangen in andere partijen.

3.4.7 Paragaafgrondbeleid Bedrijvenschap Harnaschpolder zal in 2026 uitsluitend nog een tweetal vorderingen hebben en geen grondbeleid meer voeren.

3.4.8 Risicoparagraaf Er is sprake van een negatief eigen vermogen welke door de deelnemende gemeenten zal worden aangezuiverd op het moment dat de gemeenschappelijke regeling wordt beëindigd. In de begroting wordt aangenomen dat de vorderingen in 2026 zullen worden geïnd voor de bedragen waarvoor ze zijn opgenomen. Het risico bestaat dat de inning van de vorderingen langer op zich laat duren alsmede dat de vorderingen voor een lager bedrag worden geïnd dan waarvan is uitgegaan. Daarnaast bestaat de kans dat de vorderingen tot een hogere ontvangst leiden.

3.5 Overhead Het Bedrijvenschap kent in 2026 uitsluitend overheadkosten welke volledig toezien op het programma 'Ontwikkeling gronden'.

3.6 Financieel Toezicht De provincie Zuid-Holland is als toezichthouder belast met het houden van toezicht op het Bedrijvenschap. Het toezicht vindt grondslag in wet- en regelgeving, waaronder de Gemeentewet, de Wet gemeenschappelijke regelingen en het BBV. Het object van toezicht is een reëel sluitende begroting en meerjarenraming en de jaarrekening. De toezichthouder vormt op grond van beoordelingselementen een oordeel, waarop zij vervolgens een passend toezichtregime bepaalt. Zolang de begrotingspositie naar mening van de toezichthouder materieel in evenwicht is, de jaarrekening sluitend is en het Bedrijvenschap tevens voldoet aan de wettelijke termijnen voor inzending van begroting en jaarrekening, is het toezicht terughoudend.

3.7 Rechtmatigheid Met ingang van het verslagjaar 2023 verklaart het Dagelijks Bestuur van Bedrijvenschap Harnaschpolder in de jaarrekening of de organisatie rechtmatig heeft gehandeld. De accountant onderzoekt nog steeds de rechtmatigheid maar doet in zijn controleverklaring geen expliciete uitspraak meer over de

6

bevindingen van zijn onderzoek ten aanzien van rechtmatigheid. De controleverklaring ziet echter mede toe op de juistheid van de rechtmatigheidsverantwoording van het Dageiijks Bestuur waardoor indirect middels de controleverklaring over de jaarrekening een uitspraak wordt gedaan over de rechtmatigheid. Het Besluit Accountantscontrole Decentrale Overheden (hierna: BADO) schrijft voor dat de accountant bij de controle van het Bedrijvenschap moet vaststellen dat de baten, lasten en balansmutaties tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de begroting en met van toepassing zijnde wettelijke regelingen. Om de rechtmatigheidscontrole intern te kunnen voorbereiden en om de accountant op rechtmatigheid te kunnen laten controleren is een normenkader opgesteld. Het normenkader bestaat uit een overzicht van de geldende externe en eigen regelgeving met betrekking tot financiële beheershandelingen, bestaande uit relevante regelgeving van hogere overheden (externe regelgeving) en van de Gemeenschappelijke regeling zelf (interne regelgeving). Het normenkader voor de accountantscontrole 2024 is op 14 oktober 2024 schriftelijk ter goedkeuring aangeboden aan het Dagelijks bestuur en vastgesteld. Bij voorgaande jaarrekeningen van het Bedrijvenschap is naast een goedkeurend oordeel over de getrouwheid ook ten aanzien van rechtmatigheid een goedkeurend oordeel afgegeven.

Aangezien rechtmatigheid volledig is geïntegreerd in de interne controle bij het Bedrijvenschap, wordt ook voor de komende jaren een goedkeurend oordeel ten aanzien van rechtmatigheid verwacht.

4. Financiële begroting 2026 4.1 Inleiding Het BBV dient als uitgangspunt bij het opstellen van deze begroting. Artikel 3 van het BBV schrijft voor dat de begroting een zodanig inzicht dient te geven dat een verantwoord oordeel kan worden gevormd over de financiële positie en over de baten en lasten. De financiële begroting bestaat uit de programmabegroting met een prognose voor de drie daaropvolgende jaren, inclusief een prognose van de begin- en eindbalans per jaar. Daarnaast omvat deze een specificatie van de baten en lasten voor het begrotingsjaar en de toelichting daarop (4.2). Tevens wordt een uiteenzetting van de financiële positie en toelichting verstrekt (4.3). Programmabegroting

Rekening 2024

Gewijzigde begroting 2025

Begroting 2026

3.155.889 11.896.897

2.768.464 3.442.926

333.905 5.300.000

LASTEN Lasten Mutatie onderhanden werk / vordering Storting in de voorziening Totaal lasten

0

0

0

15.052.786

6.211.390

5.633.905

15.052.786 637.000 15.689.786

5.941.454

5.300.000

BATEN

Baten Vrijval van de voorziening Totaal baten Resultaat voor bestemming Toevoeging/onttrekking reserves Resultaat na bestemming EMU-saldo (- = tekort) EMU = Europese monetaire unie

7

0

0

5.941.454

5.300.000

637.000

-269.936

-333.905

0

0

0

637.000

-269.936

-333.905

11.896.897

3.442.926

5.300.000

Omdat ervan uitgegaan wordt dat de gemeenschappelijke regeling eind 2026 is geliquideerd ontbreekt een meerjarenraming. Op basis van de begroting kan de volgende prognose gegeven worden van de ontwikkeling van de balansposten: Prognose balansposten per einde jaar

Rekening _____ 2024 31-12-2024

Gewijzigde begroting 2025 31-12-2025

Begroting 2026 31-12-2026

18.766.926 -10.624.000 290.336 164.478 922.725 9.520.465

12.825.472 -12.825.472 6.220.280 615.620

0 0 0 0 0 0

-10.624.000

-164.100

0

0

18.000.000 434.008 15.256

7.000.000

Activa Voorraad onderhanden werk Af: voorz. Plantekorten Vorderingen Positieve banksaldi Overlopende activa

0 6.835.900

Passiva Eigen vermogen Vaste schulden Vlottende schulden aan binnenlandse geldverstrekkers Crediteuren/overige schulden Waarborgsommen Negatieve banksaldi Overlopende passiva Vooruitontvangen bedragen

0 1.694.757 444 9.520.465

0 0 0 0 0 6.835.900

0 0 0 0 0 0 0 0

Aangezien het de planning is dat eind juni 2025 de grondexploitatie wordt afgewikkeld en de gemeenschappelijke regeling eind 2026 is geliquideerd staan geen bedragen meer in de balans eind 2026.

8

4.2 Specificatie baten en lasten met toelichting Specificatie baten en lasten

Rekening 2024

Gewijzigde begroting 2025

Begroting 2026

Verwervingen

362.950

0

0

Civiele techniek Slopen, saneren en voorbelasten Bouwrijp maken Woonrijp maken CT diversen

69.824 215.730 485.616 19.357

0 30.218 1.535.933

0

0 0 0 0

Piankosten en VTU Planontwikkelingskosten Voorbereiding en toezicht op uitvoering

720.984 77.194

493.942 189.912

0 0

Overige kosten Rentekosten Fondsvorming Overig

910.835 191.030 102.369

250.050 63.610 40.699

0 0 0

50.000 114.100

233.905

LASTEN

Overige kosten na afsluiten grondexploitatie Organisatiekosten na afsluiten grondexploitatie Rentekosten na afsluiten grondexploitatie

100.000

Mutatie onderhanden werk / vordering

11.896.897

3.442.926

5.300.000

Totaal

15.052.786

6.211.390

5.633.905

14.762.144

5.579.976

0

Overig

290.642

361.478

5.300.000

Totaal

15.052.786

5.941.454

5.300.000

0

-269.936

-333.905

BATEN

Opbrengsten niet-woningbouw

Baten en lasten

De in de specificatie opgenomen bedragen 2025 zijn gebaseerd op de grondexploitatieberekening per 1-72024, rekening houdend met na het opstellen van de grondexploitatie bekend geworden feiten en omstandigheden die aanpassingen van deze bedragen vereisen alsmede de verwachting voor de periode nadat de grondexploitatie, naar verwachting medio 2025, is afgesloten. De bedragen opgenomen in 2026 zijn gebaseerd op de inschattingen van de te maken kosten voor het innen van de vorderingen alsmede de financieringskosten gemoeid met het voorfinancieren van deze vorderingen. Het verlies van de medio 2025 af te sluiten grondexploitatie wordt op dat moment door de deelnemende gemeenten aangezuiverd.

9

LASTEN Overige kosten na afsluiten grondexploitatie: De raming van de organisatiekosten na afsluiting van de grondexploitatie heeft betrekking op de kosten van inzet van medewerkers en inhuur van adviseurs voor het innen van de vorderingen en het voldoen aan de wettelijke vereisten die worden gesteld aan een gemeenschappelijk regeling. De rentekosten na afsluiting van de grondexploitatie hangen samen met de financiering van de vorderingen. De deelnemende gemeenten zullen het verlies aanzuiveren op het moment dat de gemeenschappelijke regeling wordt beëindigd. Mutatie onderhanden werk/ vordering: Dit betreft de mutatie in de post vorderingen, voortvloeiend uit de in 2025 afgesloten grondexploitatie, die apart op de balans worden gepresenteerd na afsluiting van de grondexploitatie.

BATEN Dit betreft de ontvangst op de post vorderingen, voortvloeiend uit de in 2025 afgesloten grondexploitatie, die apart op de balans worden gepresenteerd na afsluiting van de grondexploitatie. Voor zover de vorderingen tot een hoger bedrag aan ontvangsten leiden dan waarvoor ze zijn opgenomen, zal sprake zijn van een bate.

4.3. Financiële positie met toelichting Het verlies van de medio 2025 af te sluiten grondexploitatie wordt op dat moment door de deelnemende gemeenten aangezuiverd. Eind 2025 zal sprake zijn van een negatief eigen vermogen in verband met de instandhouding van de organisatie en overige kosten ten behoeve van het innen van de vorderingen. In de begroting wordt aangenomen dat de vorderingen in 2026 zullen worden geïnd voor de bedragen waarvoor ze zijn opgenomen. Het risico bestaat dat de inning van de vorderingen langer op zich laat duren alsmede dat de vorderingen voor een lager bedrag worden geïnd dan waarvan is uitgegaan. Daarnaast bestaat de kans dat de vorderingen tot een hogere ontvangst leiden.

5. Vaststelling begroting door Algemeen Bestuur Het Algemeen Bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Bedrijvenschap Harnaschpolder besluit •

de ontwerpbegroting 2026 vast te stellen.

Namens het bestuur.

Datum:

de secretaris, T. Dik

de voorzitter, F.A. Voskamp

10

2025

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=d10b11a2-5217-4b28-a4cb-f2497fcbaefa