17 B 25050 bijlage Jaarrekening 2024
Tekst van het document
JAARREKENING 2024
11
2. Jaarrekening 2.1
Inleiding
In de volgende paragrafen worden de programmarekening en de balans nader toegelicht. Op grond van het Besluit Begroting en Verantwoording worden programma's toegerekend aan zogenoemde taakvelden. Het programma van het Bedrijvenschap valt volledig onder het taakveld "3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur".
2.2
Overzicht van baten en lasten over 2024 Rekening 2024
Rekening 2023
Begroting 2024 (voor wijz.)
Begroting 2024 (na wijz.)
Lasten Mutatie onderhanden werk Storting in de voorziening
3.155.889 11.896.897
2.704.104 9.501.673
0
0
Totaal
15.052.786 12.205.777 10.664.737 16.496.128
LASTEN 2.690.540 5.089.831 7.974.197 11.406.297
0
0
BATEN Baten Mutatie onderhanden werk Vrijval van de voorziening
Totaal Gerealiseerd totaal saldo baten en lasten Toevoeging/onttrekking reserves Gerealiseerd resultaat
15.052.786 12.205.777 10.664.737 16.496.128
0
0
1.232.000
170.000
0
0
1.232.000
170.000
Voor de toelichting op de programmarekening wordt verwezen naar paragraaf 2.5.
12
0
0
1.232.000 170.000 0 0 16.284.786 12.375.777 10.664.737 16.496.128
0 0 0
0 0
0
2.3
Balans per 31 december 2024
ACTIVA
31-12-2024 31-12-2023 PASSIVA
31-12-2024 31-12-2023
Vaste passiva Eigen vermogen Algemene reserve Resultaat boekjaar
-11.280.000 11.450.000 1.232.000 170.000
Vaste schulden met een rentetypische looptijd van 1 jaar of langer Binnenlandse banken en overige financiële instellingen
Vlottende activa
0
2.000.000
Vlottende passiva
Voorraad onderhanden werk bouwgrond in exploitatie Mutatie onderhanden werk Af: voorziening plantekorten
30.682.431 40.184.104 -11.896.897 -9.501.673 -10.048.000 -11.280.000 8.737.534 19.402.431 Uitzettingen met een rentetypische Netto vlottende schulden meteen looptijd van 1 jaar of korter rentetypische looptijd van 1 jaar of korter
uitzettingen in 's Rijks schatkist Overige vorderingen Liquide middelen Overlopende activa (Overige nog
270.307 20.029 164.478 922.725
4.832.944 Kasgeldleningen 125.338 Crediteuren 251.486 Waarborgsommen 1.000.953 Overlopende passiva
te ontvangen bedragen)
Vooruitontvangen bedragen
10.115.073 25.613.152
18.000.000 32.000.000 434.896 143.941 15.256 87.420 1.712.477 2.539.186 444
122.605
10.115.073 25.613.152
Voor de toelichting op de balans wordt verwezen naar paragraaf 2.6.
2.4
Toelichting algemeen
Het boekjaar van het Bedrijvenschap valt samen met het kalenderjaar. In dit jaarverslag wordt verslag uitgebracht over de periode 1 januari tot en met 31 december 2024. De jaarrekening is opgesteld in overeenstemming met het BBV zoals deze luidde bij de aanvang van het verslagjaar.
2.4.1 Baten en lasten In het overzicht van baten en lasten zijn alle aan 2024 toe te rekenen baten en lasten opgenomen. Onder de lasten is de mutatie opgenomen om de per saldo baten te passiveren onder het Onderhanden werk in de balans ten behoeve van de investeringen in bouwgronden in exploitatie. Het totaal van de lasten en baten tot en met 2024 zoals blijkt uit het saldo Onderhanden werk in de balans sluit aan met de boekwaarde van het plan per 31 december 2024. Voor een nadere toelichting op de baten en lasten wordt ook verwezen naar de toelichting op de programmarekening (paragraaf 2.5). Op grond van het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) mogen indirecte kosten (overhead en met een verdeelsleutel toegerekende rente) bij grondexploitaties wel toegerekend blijven worden, maar moeten deze tegelijkertijd in de begroting zichtbaar zijn. Directe kosten moeten zoveel mogelijk toegerekend blijven worden aan activiteiten/taakvelden. Het Bedrijvenschap kent geen indirecte kosten die over meerdere taakvelden verdeeld zouden moeten worden, maar alleen directe kosten. Bij de lasten zijn daardoor geen overheadkosten apart benoemd.
13
De SVLO (Samenwerking Vennootschapsbelasting Lokale Overheden) heeft een zogenoemde QuickScan uitgebracht die een indicatie geeft of een overheidsorganisatie belastingplichtig is voor de vennootschapsbelasting. Mede op basis van deze QuickScan is aangetoond dat het Bedrijvenschap Harnaschpolder voor de vennootschapsbelasting geen winst beoogt en derhalve niet belastingplichtig is. Het Bedrijvenschap is hierbij indertijd begeleid door de fiscaal adviseur van de gemeente Den Haag. Aangezien het Bedrijvenschap niet belastingplichtig wordt geacht, zijn ook geen lasten voor de vennootschapsbelasting opgenomen bij de lasten.
2.4.2 Grondslagen voor de waardering en resultaatbepaling Algemeen De grondslagen die worden toegepast voor de waardering van activa en passiva en de resultaatbepaling zijn gebaseerd op historische kosten. Voor zover niet anders vermeld, worden activa en passiva opgenomen tegen nominale waarde. Vanwege het feit dat tekorten afgedekt worden door de aan de Gemeenschappelijke regeling deelnemende gemeenten is de jaarrekening opgesteld op basis van continuïteit van het Bedrijvenschap. Het verloop van de boekwaarde van het onderhanden werk gedurende het verslagjaar is als volgt: Boekwaarde onderhanden werk begin begrotingsjaar Vermeerderingen (lasten) dit jaar Verminderingen (baten) dit jaar Boekwaarde onderhanden werk einde begrotingsjaar
30.682.431 3.155.889 -15.052.786 18.785.534
Op basis van de grondexploitatieberekening per 1-7-2024 en actualisatie tot en met 31 december 2024 wordt een tekort op de grondexploitatie verwacht van € 10,04 miljoen contante waarde per 31-122024. In de per 31 december 2024 geactualiseerde grondexploitatieberekening is rekening gehouden met de volgende nog te realiseren uitgaven en inkomsten: Vanaf 1-1-2025 nog te realiseren kosten en opbrengsten (x€ 1.000) Nog te maken kosten verwervingen Nog te maken kosten civiele werken Nog te maken plankosten Nog te maken overige kosten Nog te maken rentekosten Geraamde opbrengsten Saldo
1.566 684 104 250 2.604 11.241 -8.637
Noa te maken kosten civiele werken De nog te maken kosten voor civiele werken betreft nagenoeg uitsluitend woonrijp maken. De ramingen zijn gebaseerd op berekeningen van een extern bureau en de recente informatie over de nog uit te voeren werkzaamheden. In de post overige kosten is een raming begrepen voor het afwikkelen van het te verwachten grondoverschot. Noa te maken plankosten Voor de kosten van het door gemeenten gedetacheerde personeel en van ingehuurd personeel zal naar verwachting nog een bedrag van € 0,47 miljoen benodigd zijn voor de voorbereiding, toezicht en uitvoering van de civiele werken (VTU) € 0,18 miljoen. Noa te maken overige kosten Voor de bijdragen per uitgegeven m2 aan de Stichting Groenfonds zal naar verwachting nog een bedrag van € 0,06 miljoen benodigd zijn. Voor diverse kleinere posten zoals belastingen en archeologie is nog een bedrag benodigd van naar raming € 0,01 miljoen.
14
Nog te maken rentekosten Het Bedrijvenschap heeft per balansdatum nog één lening lopen van € 18 miljoen, met een rente van 3,27% en einddatum 31 januari 2025. Verder is een nieuwe lening van € 18 miljoen tegen 2,68% afgesloten voor de periode van 1 februari 2025 tot en met 30 juni 2025, de verwachte einddatum van de grondexploitatie. Geraamde opbrengsten Van het bedrijventerrein moet nog 1,4 ha uitgegeven worden (situatie per 31-12-2024). Hiervoor zijn per 31 december 2024 drie reserveringsovereenkomsten gesloten op basis van een eenzijdige verplichting vanuit het Bedrijvenschap om bouwrijpe kavels te leveren mits sprake is van een vergunde omgevingsvergunning. Verder zijn opbrengsten geraamd voor de verkoop van een bestaande woning, en is een raming opgenomen voor de geclaimde schadevergoeding van TenneT. Risico’s in de grondexploitatie Het Bedrijvenschap onderkent de volgende risico's van grotere omvang: Risico dat de bijdrage op grond van een exploitatie-overeenkomst niet ontvangen wordt in 2025 en de GR hiertoe langer in stand moet worden gehouden. De in de grondexploitatie opgenomen vordering op TenneT TSO wordt niet ontvangen binnen de looptijd van de GREX in het kader van afsluiten van de grondexploitatie als vordering op de balans opgenomen waardoor de GR langer in stand moet worden gehouden.
De vordering op TenneT TSO valt lager uit Naast negatieve risico's is er ook een positief risico van grotere omvang: Het te ontvangen schadebedrag van TenneT TSO valt hoger uit dan waarmee in de grondexploitatie rekening is gehouden. Met de indexering van het tekort naar de peildatum 31-12-2024 en rekening houdend met t>elangrijke afwijkingen in het 2® halfjaar 2024 bedraagt het venwachte tekort per die datum € 10,04 miljoen.
Normenkader Het Algemeen bestuur heeft het normenkader voor 2024 vastgesteld waarbij de relevante externe en interne wet- en regelgeving alsmede overige normen zijn benoemd. Dit betreft: • • • • • • • • • • • • • • • • • •
15
Gemeentewet Wet gemeenschappelijke regelingen Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector Besluit Begroting en Verantwoording gemeenten en provincies Wet financiering decentrale overheden Besluit accountantscontrole Decentrale overheden Beleidskader PZH inzake financiële toezicht gemeenschappelijke regelingen Europese aanbestedingsregels en nationale aanbestedingsregels Omgevingswet Gemeenschappelijke regeling Bedrijvenschap HarnaschPolder (7e wijziging) Samenwerkingsconvenant Schipluiden-Delft-Den Haag (17 april 2001) Uitvoeringsconvenant (2013) Financiële verordening BHP 2024 Controleverordening BHP 2024 Controleprotocol BHP 2024 Aanbestedingsrichtlijn (AB 14 april 2004) met aangepaste grensbedragen conform besluit DB d.d. 17 november 2022 Mandaatbesluit 2024 Algemene Verkoopvoorwaarden Bedrijvenschap HarnaschPolder en de Algemene Verkoopvoorwaarden woon- en woonwerkkavels Bedrijvenschap HarnaschPolder (DB 9 mei 2011 en DB 22 april 2013)
• •
Kostenverhaalbesluit Bedrijventerrein HarnaschPolder (AB 28 april 2004), update (jaarlijks) bijlage 2012 (AB 21 juni 2012) De door het algemeen bestuur vastgestelde meerjarige grondexploitatiebegroting.
Waardering activa en passiva Onderhanden werk Onderhanden werk wordt gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs dan wel lagere marktwaarde. Het onderhanden werk is gewaardeerd tegen de daaraan bestede kosten. De verkrijgingsprijs omvat de inkoopprijs en de bijkomende kosten. De vervaardigingsprijs omvat de aanschaffingskosten en de overige kosten, welke rechtstreeks aan de vervaardiging kunnen worden toegerekend. De vervaardigingsprijs bevat mede de rentelasten In verband met de financiering van Onderhanden werk/gronden in ontwikkeling. Alle gemaakte kosten zijn geactiveerd onder de post Onderhanden werk. De op Onderhanden werk betrekking hebbende opbrengsten zijn in mindering gebracht op deze kosten. Aangezien er een negatief plansaldo bestaat, zijn de gronden in ontwikkeling gewaardeerd tegen de lagere marktwaarde. De inbreng van gronden vindt plaats tegen verkrijgingsprijs. Behalve gronden en panden worden geen andere eigendommen ingebracht. Verworven eigendommen die niet (meer) voor de grondexploitatie benodigd zijn worden afgestoten. Het Bedrijvenschap beschikt derhalve niet over overige vaste activa. Vorderingen Vorderingen, overlopende activa en liquide middelen zijn gewaardeerd tegen verkrijgingsprijs, opgenomen tegen de nominale waarde. Indien van toepassing op vorderingen en overlopende activa onder aftrek van een voorziening voor mogelijke oninbaarheid.
Eigen vermogen Het eigen vermogen bestaat uit reserves en het resultaat na bestemming volgend uit de programmarekening. De algemene reserve is de resultante van de met de grondexploitatie behaalde resultaten. Voorziening Bij een uit de grondexploitatie voortvloeiend verwacht positief plansaldo worden gronden in ontwikkeling gewaardeerd tegen de vervaardigingsprijs. Indien de grondexploitatie daartoe aanleiding geeft (verwacht negatief plansaldo) wordt een voorziening voor het Onderhanden werk gevormd. Bij het Bedrijvenschap is dit vanaf de start van toepassing. De omvang van de voorziening is gebaseerd op het geraamde tekort volgens de laatste grondexploitatieberekening en belangrijke afwijkingen daarop in het 2® halfjaar 2024. Resultaatbepaling De opbrengsten en de kosten worden toegerekend aan de periode waarop zij betrekking hebben. Lasten worden verantwoord in het jaar van prestatielevering. Grondverwervingen en gronduitgiften worden verantwoord op het moment dat het juridisch eigendom is overgedragen. Verliezen worden in aanmerking genomen in het jaar waarin deze voorzienbaar zijn. Het resultaat wordt bepaald met Inachtneming van de hiervoor vermelde waarderingsgrondslagen. Winst wordt verantwoord bij afronding van de exploitatie of eventueel eerder, naar rato van de voortgang van de exploitatie en in overeenstemming met de hiervoor vigerende verslaggevingsregels.
16
2.5
Toelichting op het overzicht van baten en lasten over 2024 Rekening 2024
Rekening 2023
Begroting 2024 (voor wijz.)
Begroting 2024 (na wijz.)
Verwervingen Verwervingen
362.950
4.263
0
340.941
Owe/e techniek Siopen, saneren en voorbeiasten Bouwrijp maken Woonrijp maken CT diversen
69.824 215.730 485.616 19.357
0
0
105.148 1.050.142 34.891
128.878 1.444.907
0
845.126 454.765 1.115.060 52.557
Plankosten en VTU Pianontwikkeiingskosten Voorbereiding en toezicht op uitvoering
720.984 77.194
814.264 77.283
342.428 141.641
659.199 309.939
Overige kosten Rentekosten Fondsvorming Overig Storting in de voorziening
910.835 191.030 102.369
217.405 133.848 266.860
498.000 127.933 6.754
1.099.542 193.254 19.447
0
0
0
0
Mutatie onderhanden werk
11.896.897
9.501.673
7.974.197
11.406.297
Totaal
15.052.786 12.205.777 10.664.737 16.496.128
Lasten
BATEN Cronduitgiften Gronduitgiften
14.762.144 11.715.811
Overige opbrengsten Overig Vrijvai van de voorziening
290.642 1.232.000
489.966 170.000
0
215.828
0
0
Mutatie onderhanden werk
0
0
0
0
Totaal
16.284.786 12.375.777
10.664.737
16.496.128
Gerealiseerd totaal baten en lasten Toevoeging/onttrekking aan reserves Gerealiseerd resultaat
1.232.000
170.000
0
0
1.232.000
170.000
0 0 0
0 0 0
10.664.737 16.280.300
2.5.1 Lasten (inclusief analyse begrotingsafwijkingen) Verwervingen De verwachte verwervingskosten voor 2024 betroffen de uitbetaling naar aanleiding van een onteigeningsvonnis, diverse planschadevergoedingen en hiermee gemoeide juridische kosten en liggen in lijn met de gewijzigde begroting.
Civiele techniek Algemeen Zoals elk jaar is ook dit jaar, ten opzichte van de begroting, in de bestekken (en dus in de realisatie) sprake van een bepaalde mate van vermenging van de kosten van voorbelasten en bouwrijp maken. Dit
17
heeft vcx)ral te maken met het grondwerk. Grond wordt in eerste instantie gebruikt om voor te beiasten, maar daarna wordt diezelfde grond ook gebruikt om aan te vuilen in een bouwrijp maken bestek. Slopen, saneren, voorbelasten Vrijwei alle sloopactiviteiten zijn afgerond. Verder is sprake van verschuivingen in de tijd van 2024 naar de eerste heift van 2025. Ten aanzien van grondverzet en voorbeiasting zai in 2025 de resterend aan te ieggen infrastructuur voorzien worden van fundering. Hierna kan de grondbaians worden afgesioten. Bouwrijp maken Het bouwrijp maken is vrijwei afgerond. Verder is sprake van een verschuiving in de tijd van 2024 naar de eerste heift van 2025. Verder is sprake van verschuivingen in de tijd van 2024 naar de eerste heift van 2025. Enkei een fietspad langs de harnaskade wordt nog aangelegd. Hierbij wordt bouwrijp maken en woonrijp maken in hetzeifde bestek voorzien. Woonrijp maken Ten aanzien van het woonrijp maken zai het bedrijvenschap enkei nog een fietspad aanieggen en een bomenbestek uitvoeren. Verder is sprake van een verschuiving in de tijd van 2024 naar de eerste heift van 2025. Zo zai het woonrijp afronden van de Gantei worden uitgevoerd door de gemeente MiddenDeifland. Hiervoor zai budget worden overgedragen. CT diversen Onder de diverse kosten bevinden zich enkeie kieinere niet-specifieke investeringen.
Plankosten en VTU Planontwikkelinaskosten Onder de piankosten zijn opgenomen de kosten voor gedetacheerde medewerkers van de deeinemende gemeenten. De inzet vindt plaats op grond van afspraken met de deelnemers in de Gemeenschappeiijke regeiing. Daarnaast zijn onder de piankosten ook opgenomen de inhuur van externen ten behoeve van de projectorganisatie en de kosten voor PR en communicatie, noodzakeiijke onderzoeken, en aigemene kosten, zoais kosten huisvesting en ondersteuning. Voorbereiding en toezicht op uitvoering Hieronder vaiien kosten voor bestekvoorbereiding, toezicht en directie voor bouwrijp maken en woonrijp maken. Het betreft de werkzaamheden voor bovengenoemde civieie werkzaamheden.
Overige kosten Rentekosten De financieringsiasten bestaan uit de aan 2024 toegerekende rentelasten van de lening portefeuiiie en rente over rekening-courantsaidi. De iening portefeuiiie is beschreven in paragraaf 2.6.2. Ten opzichte van de begroting zijn de rentekosten ais gevoig van gunstigere rentepercentages lager uitgevallen. Fondsvorming Overeenkomstig de afspraken bij de vorming van de gemeenschappeiijke regeiing wordt aan de Stichting Groenfonds Midden-Delfiand een bedrag van € 4,54 per uitgegeven m2 uitgekeerd. In het verslagjaar is 42.077 m2 uitgegeven waarvoor een bijdrage zal worden uitgekeerd. Overig Naast een beperkt bedrag voor beiastingaanslagen voor de eigendommen van het Bedrijvenschap betroffen de overige kosten in 2024 voor het grootste deei de kosten van huisvesting (€ 0,04 miijoen), accountantskosten (€ 0,04 miijoen) en gemeentelijke beiastingen (€ 0,02 miljoen). In de begroting(swijziging) stonden de huisvestings- en accountantskosten onder de piankosten verantwoord. Mutatie Onderhanden werk De mutatie Onderhanden werk betreft een sluitpost in de programmarekening. Zoiang het Bedrijvenschap grond ontwikkeit wordt het saido van aile opbrengsten en kosten geactiveerd ais Onderhanden werk.
18
2.5.2
Baten (inclusief analyse begrotingsafwijkingen)
Opbrengst aronduitaiften Onder deze post worden de opbrengsten verantwoord uit hoofde van de uitgifte van bouwrijpe kavels. In 2024 hebben vier uitgiften plaatsgevonden, met een totale opbrengst van € 14,76 miljoen. In de gewijzigde begroting 2024, die was gebaseerd op de jaarschijf 2024 in de grondexploitatie per 1 juli 2023, was rekening gehouden met een opbrengst van € 16,28 miljoen. Het verschil in opbrengsten wordt nu 2025 verwacht. Overig De overige ontvangsten (€ 0,29 miljoen) betreft ontvangen reserveringsvergoedingen (€ 283.813) alsmede de huuropbrengst van de enige nog aanwezige woning (€ 5.579). Vrijval van de veorziening Op basis van de gerealiseerde kosten en opbrengsten in het verslagjaar, alsmede de bijgestelde verwachtingen omtrent nog te realiseren kosten en opbrengsten, is in het verslagjaar € 1,23 miljoen van de voorziening vrijgevallen.
Resultaat Het resultaat over het boekjaar 2024 komt uit op € 1,23 miljoen positief. Dit bedrag is gelijk aan de verwachte afname van het tekort van de per 31 december 2024 geactualiseerde grondexploitatie.
2.5.3 Incidentele baten en lasten In het Overzicht baten en lasten 2024 zijn geen incidentele baten en lasten begrepen. Alle verantwoorde baten en lasten zijn eigen aan hert voeren van een grondexploitatie.
2.5.4
Wet Normering Topinkomens (WNT) tabel
Per 1 januari 2013 is de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector (WNT) ingegaan. Deze verantwoording is opgesteld op basis van de op het Bedrijvenschap Harnaschpolder van toepassing zijnde regelgeving. Gegevens 2024 bedragen x € 1 Funcdegegevens Aanvang en einde functievervulling in 2024
C. van der Feltz Directeur OHDl-2024 t/m 31-12-2024
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
0,213
Dienstbetrekking?
nee
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen Beloningen betaalbaar op termijn
37.302
0
Subtotaal
37.302
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
49.629
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag
N.v.t.
Bezoldiging
37.302
Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan
N.v.t.
Toelichbng op de vordering wegens onverschuldigde betaling
N.v.t.
19
]
Gegevens 2023
bedragen x € 1
C. van der Feltz
Functiegegevens
Directeur
Aanvang en einde functievervulling in 2023
01-08-2023 t/m 31-12-2023
Omvang dienstverband (als deeltijdfactor in fte)
0,259
Dienstbetrekking?
nee
Bezoldiging Beloning plus belastbare onkostenvergoedingen
17.600
Beloningen betaalbaar op termijn
0
Subtotaal
17.600
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum
25.211
Bezoldiging
17.600
bedragen x € 1
C. van der Feltz
Functiegegevens Kalenderjaar Periode functievervulling in het kalenderjaar (aanvang - einde)
Directeur 2023
2022
01-01-2023 tym 31-
01-08-2022 t/m 3112-2022
07-2023 Aantal kalendermaanden functievervulling in het kalenderjaar
7
5
Omvang van het dienstverband in uren per kalenderjaar
205
147
Individueel toepasselijke bezoldigingsmaximum Maximum uurtarief in het kalenderjaar
€212
€206
Maxima op basis van de normbedragen per maand
43.531
30.214
Individueel toepasselijke maximum gehele periode kalendermaand It/m 12
73.745
Bezoldiging (alle bedragen exclusief btw) Bezoldiging in de betreffende periode
24.640
Bezoldiging gehele periode kalendermaand 1 t/m 12
42.240
-/- Onverschuldigd betaald en nog niet terugontvangen bedrag Bezoldiging Het bedrag van de overschrijding en de reden waarom de overschrijding al dan niet is toegestaan Toelichting op de vordering wegens onverschuldigde betaling
17.600
N.v.t. 42.240
N.v.t.
N.v.t. N.v.t.
De heer C. van der Feltz, tevens in dienst bij de gemeente Den Haag, is sinds 1 augustus 2022 aangesteld als directeur. De in de tabel genoemde bezoldigingen is het bedrag dat voor het werk van de directeur aan de gemeente Den Haag is verschuldigd over de vermelde perioden.
20
ld. Topfunctionarissen in 2024 met een bezoldiging van € 1.700 of minder
Naam topfunctionaris
Functie in 2024
S. Bruines M. Oderwald - Ruijsbroek R. Van Asten F.A. Voskamp N.Icar B. de Leede F.I. Noordermeer - Van Slageren P.A. van de Heuvel
Voorzitter DB / AB Lid AB Lid AB Lid AB / DB Lid AB / DB Lid AB vanaf 26-03-2024 Plaatsvervangend AB lid Midden-Delfland vanaf 26-3-2024 Plaatsvervangend directeur
De opgenomen topfunctionarissen betreffen de leden van het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur van het Bedrijvenschap Harnaschpolder, alsmede de plaatsvervangend directeur. De bestuursleden waren in het verslagjaar wethouders van de gemeenten Den Haag en Midden-Delfland en ontvingen generlei vergoeding voor hun werkzaamheden. Ook de plaatsvervangend directeur ontving geen vergoeding.
21
Toelichting op de balans per 31 december 2024 2.6 2.6.1 Activa Voorraad Onderhanden werk Bouwgrond in exploitatie Het saldo van de post onderhanden werk geeft de totaal gerealiseerde investeringen tot en met 31 december 2024 weer van het totale project, onder aftrek van de tot en met 31 december 2024 gerealiseerde opbrengsten. De balanspost Onderhanden werk (gronden in exploitatie) bedraagt per einde boekjaar afgerond € 18,79 miljoen, exclusief de afwaardering voor het verwachte plantekort. De waardering van de in exploitatie genomen gronden is gebaseerd op de inzichten ten tijde van het opstellen van de jaarrekening, uitgaande van de Herziene grondexploitatie per 1 juli 2024 en de daarbij behorende inschatting van uitgangspunten, parameters en risico's, en rekening houdend met nadien bekend geworden informatie tot het moment van opstellen van de jaarrekening. Uiteraard betreft dit een inschatting die omgeven is door onzekerheden die periodiek worden herzien en waarbij de waardering in volgende jaren zowel positief als negatief uit kan vallen. Het bestuur is van mening dat op basis van de informatie en inzichten de beste schatting is gemaakt voor de waardering van de in exploitatie genomen gronden. De risico's zijn nader beschreven in de paragraaf grondbeleid, de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing en de risicoparagraaf in het jaarverslag.
Verliesvoorzienina Volgens de tot en met 31 december 2024 geactualiseerde grondexploitatie wordt uitgegaan van een saldotekort van € 10,04 miljoen op netto contante waarde per 31 december 2024 (€ 10,15 miljoen op eindwaarde). Indien bij afronding van het project met een verlies zal worden afgesloten, dan zullen de deelnemende gemeenten dit exploitatietekort moeten aanvullen. Op dit moment is volstaan met het creëren van een administratieve voorziening. De voorziening is gepresenteerd onder de kosten teneinde een goed beeld te geven omtrent de waardering van de voorraad Onderhanden werk. De gemeenten Den Haag en Midden-Delfland participeren met een risicoverhouding van 85%-15% in de Gemeenschappelijke regeling.
Uitzettingen met een rentetypische looptijd van 1 jaar of korter De uitzettingen met een rentetypische looptijd van 1 jaar of korter bestaan uit uitzettingen in 's Rijks schatkist, overige vorderingen, liquide middelen en uit de overlopende activa. Uitzettingen in ’s Rijks schatkist
Het Bedrijvenschap maakte over het verslagjaar gebruik van het zogenoemde Schatkistbankieren. Het Bedrijvenschap is verplicht te rapporteren over de onderschrijding of overschrijding van de drempel die bij het Schatkistbankieren wordt gehanteerd. De rapportage over 2024 staat hieronder.
22
Berekening benutting drempelbedrag schatkistbankieren (bedragen x € 1000) Verslagjaar
Tï)
Drempelbedrag
1.000 Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4
T
(2)
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen______
207
116
5
87
(3a) = (1) > (2)
Ruimte onder het drempelbedrag
793
884
995
913
(3b) = (2) > (1)
Overschrijding van het drempelbedrag
(1) Berekening drempelbedrag Verslagjaar (4a) (4b) (4c)
Begrotingstotaal verslagjaar Het deel van het begrotingstotaal dat kleiner of qelilk is aan € 500 miljoen_______________ Het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat_________________ Drempebedraq (1) = (4b)*0,02 + (4c)*0,002 met een minimum van €1.000.000 als het begrotingstotaal kleiner of geijjk is aan 500 mln. Als begrotingstotaal groter dan € 500 miljoen is, is het drempelbedrag gelijk aan € 10 miljoen, vermeerderd met 0,2% van het deel van het begrotingstotaal dat de € 500 miljoen te boven gaat.
16.496 16.496
1.000
(2) Berekening kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rjjks schatkist aangehouden middelen Kwartaal 1 Kwartaal 2 Kwartaal 3 Kwartaal 4 (5a)
Som van de per dag buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen (negatieve bedragen tellen als nihil)_________ __________________
(5b) (2) - (5a) / (5b)
18.798
10.536
461
8.004
Dagen in het kwartaal
91
91
92
92
Kwartaalcijfer op dagbasis buiten 's Rijks schatkist aangehouden middelen______
207
116
5
87
Overige vorderingen Er was per 31-12-2024 sprake van één openstaande debiteurenvordering (€ 20.029) inzake een reserveringsvergoeding. Banksaldi Het saido van € 164.478 vertegenwoordigt het positieve saido op de BNG-rekening in het kader van de rekening-courant fadiiteit. Bij de rekening-courant van de BNG is een kredietfaciliteit beschikbaar van € 6 miijoen waarover zo nodig beschikt kan worden voor de financiering van de uitgaven van het Bedrijvenschap. Overlopende activa In 2006 is een overeenkomst gesloten met G.A.M. van Leeuwen Harnasch B.V. waarin de betaiing van een exploitatiebijdrage is opgenomen. In 2012 is met deze B.V. een aanvuiiende overeenkomst gesloten met een groter oppervlak van het gebied waarvoor een expioitatiebijdrage wordt betaaid. In totaai bedraagt de exploitatiebijdrage van dit bedrijf € 920.280. De bijdrage is verschuidigd nadat een omgevingsvergunning voor de betrokken grond is afgegeven. Op dit moment speeit er nog geen concreet initiatief. Indien na afwikkeiing van de grondexpioitatie de expioitatiebijdrage nog niet is verschuidigd, zai de vordering worden overgedragen aan de gemeente Midden-Deifland. Deze werkwijze en afspraken zijn nog onder oude wetgeving tot stand gekomen. Verder is onder deze post de te vorderen rente over het saido aangehouden bij het Rijk verantwoord (Schatkistbankieren, € 2.445).
23
2.6.2 Passiva Vaste passiva Eigen vermogen - resultaat na bestemming Het Bedrijvenschap kent slechts één programma en alle kosten en opbrengsten worden direct in het Onderhanden werk gemuteerd. Het resultaat van de programmarekening wordt derhalve verwerkt in het eigen vermogen. Dit resulteert ultimo 2024 in een positief resultaat van € 0,66 miljoen en een negatief eigen vermogen van € 10,62 miljoen. Het verloop van het Eigen vermogen kan als volgt worden weergegeven: laar In € 1.000 2004 2005 2006 2007 2008 2009
2010 2011
2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019
2020 2021 2022 2023 2024
Mutatie Voorziening voorziening______ultimo
1.494 3.233 -1.757 1.630 500 3.734
-220 1.061 5.952
0 420 -1.287 3.480 575 -1.281 -5.904 -2.860 -1.280 3.960 -170 -1.232
1.494 4.727 2.970 4.600 5.100 8.834 8.614 9.675 15.627 15.627 16.047 14.760 18.240 18.815 17.534 11.630 8.770 7.490 11.450 11.280 10.048
Resultaat
-1.494 -3.233 1.757 -1.630 -500 -3.734
220 -1.061 -5.952
0 -420 1.287 -3.480 -575 1.281 5.904 2.860 1.280 -3.960 170 1.232
Vermogen ultimo
-1.494 -4.727 -2.970 -4.600 -5.100 -8.834 -8.614 -9.675 -15.627 -15.627 -16.047 -14.760 -18.240 -18.815 -17.534 -11.630 -8.770 -7.490 -11.450 -11.280 -10.048
Uitgaande van ongewijzigde omstandigheden in de ontwikkeling van het verwachte planresultaat, zullen de deelnemende gemeenten het bedrag ter grootte van € 10,04 miljoen (op contante waarde per 3112-2024) in totaal moeten bijdragen (inclusief de correctie zoals genoemd bij storting in de voorziening). Per 30 juni 2025 komt dit bedrag uit op € 10,15 miljoen. Dit is volgens de afspraken zoals gemaakt in het convenant en de Gemeenschappelijke regeling tussen de deelnemende partijen. Er is geen sprake van mogelijke discontinuïteit van de Gemeenschappelijke regeling.
Wettende passiva De vlottende schulden met een rentetypische looptijd van 1 jaar of korter bestaan uit bank- en kasgeldleningen, crediteuren, waarborgsommen, overlopende passiva en vooruitontvangen bedragen. Kasgeldleningen Dit betreft de volgende lening:
Lening provincie Gelderland
Hoofdsom
ingang
aflossing
rente
18.000.000
30-9-2024
31-1-2025
3,270%
Crediteuren Dit betreft in het boekjaar ontvangen facturen die per jaar einde nog niet waren voldaan.
24
Waarborgsommen Per 31 december 2024 heeft het Bedrijvenschap één waarborgsom ontvangen. Dit betreft een bedrag van € 15.256 van de exploitant van de reclamemast. De waarborgsom van de exploitant van de reclamemast wordt in 2025 overgedragen aan de gemeente Midden-Delfland. Overlopende passiva De overlopende passiva kunnen als volgt worden gespecificeerd: Nog te ontvangen facturen gemeente Midden-Delfland Nog te betalen rente Af te dragen EftW Groenfonds Overige
23.175 152.055 1.315.417 191.030 30.800 1.712.477
Vooruitontvanaen bedragen Dit betreft vooruitontvangen huur (€ 444).
2.6.3 Niet in de baians opgenomen rechten en verpachtingen Per 31 december 2024 bedraagt het saldo van nog uit te voeren werkzaamheden ten behoeve van tot en met 2024 in opdracht gegeven werkzaamheden € 1,28 miljoen. Vanaf 2016 is het Bedrijvenschap onderworpen aan de vennootschapsbelasting indien en voor zover een onderneming wordt gedreven in de zin van de wet. Als hulpmiddel bij het beantwoorden van de vraag of sprake is van een onderneming in de zin van de wet is een zogenoemde QuickScan vervaardigd. Mede op grond van de uitkomsten van die QuickScan is de verwachting gerechtvaardigd dat het Bedrijvenschap Harnaschpolder in de situatie verkeert dat geen winst wordt beoogd en ook geen structurele overschotten worden behaald. Op grond daarvan wordt dan ook geen belastingplicht verwacht. Dit standpunt is mede gebaseerd op een advies indertijd van de fiscaal adviseur van de gemeente Den Haag. Bouwbedrijf ABB is in 2023 een procedure bij de rechtbank gestart over een bouwclaim die door het Bedrijvenschap als beëindigd werd beschouwd in 2011. ABB vordert € 760.000 schadevergoeding. Indertijd wilde ABB niet de marktconforme grondprijs betalen, wat een voorwaarde was voor de bouwclaim. Dat er geen overeenstemming werd bereikt, was reden om de bouwclaim als beëindigd te beschouwen en is daarna het bestemmingsplan gewijzigd.
De reden dat ABB in 2023 alsnog een procedure is gestart, is onduidelijk. Tijdens de zitting is dit ook niet duidelijk geworden. De rechtbank heeft het Bedrijvenschap op alle punten in het gelijk gesteld waarop ABB in beroep is gegaan bij het hof. Het is niet bekend welke gronden ABB heeft voor dit beroep.
2.7
Overzicht van de gerealiseerde baten en lasten per taakveld
Op grond van de indeling zoals opgenomen in het Besluit Begroting en verantwoording (BBV) behoort de grondexploitatie van het Bedrijvenschap tot het taakveld 3, Economie, 3.2 Fysieke bedrijfsinfrastructuur. Aangezien sprake is van slechts één taakveld wordt voor dit voorgeschreven onderdeel van de jaarrekening verwezen naar paragraaf 2.5. 2.8
Rechtmatigheidsverantwoording
Verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur De baten en lasten alsmede de balansmutaties moeten getrouw in de jaarrekening worden opgenomen. Uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties, blijken een drietal rechtmatigheidscriteria niet expliciet. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het 25
dagelijks bestuur op 14 oktober 2024 aan haar aangeboden en vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves en is daarmee vastgesteld op €451.584.
Bevindingen Het Dagelijks Bestuur is van mening dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties rechtmatig tot stand zijn gekomen binnen de daarvoor gestelde grens van 3% van de totale lasten inclusief toevoegingen aan de reserves.
3. Overige gegevens 3.1
Gebeurtenissen na balansdatum
Er zijn geen gebeurtenissen na balansdatum bekend die van invloed zijn op de feitelijke situatie op balansdatum.
3.2
Controleverklaring van de onafhankelijke accountant
De controleverklaring is opgenomen op de volgende pagina.
26