15 Uittreksel notulen raad 02-03-2021.docx
Tekst van het document
UITTREKSEL NOTULEN RAAD 02-03-2021 De heer Roeling: Wij willen graag brief A-009 agenderen voor de commissievergadering. Dat betreft het eerste bod van de gemeente Midden-Delfland voor het woningbouwprogramma voor de regio. We willen dat met name agenderen vanwege de ambities die daarin worden uitgesproken. De voorzitter: Dat heeft u dan goed toegelicht, zoals dat ook gewenst is. Vinden we dat een goed idee met die toelichting? Kunnen we dat doorgeleiden naar de commissie? De heer Van der Eijk: Op zich kan het misschien in de commissie, maar is het niet raadzaam om eerst de informatiebijeenkomst of de werkgroep Wonen af te wachten en dan dit in de aprilcyclus te behandelen? Is dat misschien raadzamer? Dat is mijn voorstel. De heer Jongsma: Ik sluit me een beetje aan bij de VVD, we hadden een beetje hetzelfde idee om dat eerst in die werkgroep of commissie te bespreken en dan pas naar de commissie te gaan in april. De heer Zwaard: Wij kunnen ons er ook in vinden om het in april in de commissie te bespreken. De voorzitter: Een aantal mensen heeft dat idee van de heer Van der Eijk omarmd. Ik kijk even naar de heer Roeling. Is dat een goede marsroute voor u of wilt u het anders? De heer Roeling: Van de werkgroep Wonen weten we niet waar die is ontstaan en we konden ons niet herinneren dat we daar ooit iets over besproken hebben, dat in de eerste plaats.
Ik zou het jammer vinden als dat een werkgroep is waar dan vertrouwelijk wordt gesproken zodat dat vervolgens dan niet meer in de commissie aan de orde kan worden gesteld. Dus dat is wel een dilemmaatje waar wij dan mee zitten. Tenzij de werkgroep openbaar is. Dan speelt dat natuurlijk niet, maar dat is even de vraag: wat houdt precies die werkgroep Wonen in? De voorzitter: Een goede vraag, het is volgens mij in een van de vorige vergaderingen aan de orde geweest dat dat zou worden georganiseerd. Nu weet ik niet of daar al een datum voor geprikt was. Ik zie wethouder Renzen die daar ook van op de hoogte is, zal ik even naar de wethouder kijken om daar even helderheid in te geven? Dan weet u meteen een beetje hoe we het moeten doen. Wethouder Renzen: Er is al een datum gepland in april om bijeen te komen met een raadswerkgroep Wonen. Dat is omdat de raad daar eerder om gevraagd heeft en daar heb ik een toezegging op gedaan dus vandaar dat ik de raad heb uitgenodigd om deel te nemen aan die raadswerkgroep en die raadswerkgroep gaat over wonen in brede zin, zodat we een keertje over alles kunnen spreken dat bij de raad leeft. Dus die gaan we inplannen. De voorzitter: Het is even het dilemma van de heer Roeling dat, als het in vertrouwelijkheid is, hij zich daar een beetje in geremd voelt. Ik zie de heer De Vos die ongetwijfeld nog procedurele hulp biedt.
De heer Vos: De commissie is eerder dan de raadswerkgroep waar de wethouder het over heeft. De commissie is op 6 april a.s. en de raadswerkgroep op 13 april dus dat is wel even een datumdingetje. De voorzitter: Juist, dan zou je het in de commissie later moeten doen. Ik kijk naar de heer Roeling, hoe weegt u dit geheel? Eigenlijk zegt de gemeenteraad 'ik wil eerst de werkgroep en daarna de commissie', maar kijkt u maar, zegt u eens even wat uw gedachten daarop zijn. De heer Roeling: Zover ik weet, moet het bod er eind april liggen en ik denk dat dat een deadline is. Hoe we daar tot eind april mee omgaan, laat ik graag aan de griffier, maar de vraag blijft of de werkgroep openbaar is of een besloten bijeenkomst. De voorzitter: Dat vraag ik aan de wethouder. De uitnodiging is al gedaan, kan de wethouder daar iets over zeggen?
Wethouder Renzen: Dat is inderdaad een besloten bijeenkomst. Dus als de heer Roeling graag in openbaarheid wil spreken over het bod, is het wel handig om dat in de commissie te doen. Ik ben wel benieuwd waar het dan over gaat want we hebben hier eerder over gesproken en zoals de heer Roeling kan lezen in het bod, zijn alle moties van de raad daarin verwerkt. Omdat we daar dus aan de voorkant over gesproken hebben met elkaar. De voorzitter: Dan blijft het gewoon zo dat we dit op 6 april in de commissievergadering aan de orde hebben. Dat is dan de conclusie van het verhaal. Zullen we dat dan maar doen? En het voorstel van de heer Roeling volgen dat we dit in de commissie bespreken? Dat laat onverlet dat de werkgroep daarna dan ook nog is, maar dat hebben we met elkaar zo afgesproken. Dat was dan de afdoening A-009 en die komt dan in de commissie op 6 april aan bod. Daarmee is deze lijst dan vastgesteld.