14 Vragen fractie VVD met beantw
Tekst van het document
COMMISSIE 9 april 2024 Onderwerp: Haalbaarheidsonderzoek tijdelijke woonbestemming locatie Zuidhoornseweg/Harnschdreef Indiener: lid dhr A.J. Gebben (VVD) Naar aanleiding van brief A24018 en de oplegger van de Mijn Partij heeft de VVD nog een aantal aanvullende technische vragen: VRAAG 1 Is de vastgoedovereenkomst al gesloten tussen college en COA? Wat heeft deze eventuele wijziging voor consequenties m.b.t. de vastgoedovereenkomst? ANTWOORD De vastgoedovereenkomst met het COA is nog niet gesloten. Deze eventuele wijziging heeft geen consequenties m.b.t. de vastgoedovereenkomst. Deze overeenkomst richt zich op de komst van het AZC en o.a. over de huursom die de gemeente hiervoor krijgt. VRAAG 2 De gewenste locatie voor de flexwoningen heeft een duidelijke bestemming en de gemeente is niet voornemens om die bestemming te wijzigen. Deze locatie kan gemakkelijk worden verkocht of in erfpacht worden uitgegeven. Waarom kiest het college dan juist voor deze locatie en wordt er om die reden tijdelijk afgeweken van de (uiteindelijke) bestemming? ANTWOORD De woonunits aan de Sterappel moeten dit jaar nog weg voor de komst van nieuwbouwwoningen. Deze units zijn nog jaren goed bruikbaar voor bewoning en gezien de grote schaarste in woningen, is gezocht naar een alternatieve locatie.
In deze zoektocht is eveneens bekeken of een samengaan met de flexwoningen op één locatie mogelijk is, want dit heeft voor beiden vele voordelen: 1. De kosten van het bouw- en woonrijp maken kunnen worden gedeeld over meer woningen, waardoor de exploitatielasten per woning dalen.. 2. De flexwoningen kunnen op de locatie langer blijven staan dan de 5 jaren in de nabijheid van het AZC. 3. Er kan worden gewerkt naar één exploitant voor alle woningen en dat is Wonen MiddenDelfland. 4. Met een instandhoudingstermijn van 10 jaren is Wonen Midden-Delfland nog bereid om te investeren in de woonunits VRAAG 3 Waar zit de noodzaak om de reeds aan een locatie toegewezen flexwoningen (nl. op de locatie van het AZC) te verplaatsen? Wat is de reden van de koppeling van deze 30 flexwoningen met de 15 woonunits van de Sterappel? Is het niet logischer voor de laatst genoemden, indien nodig, zelfstandig een andere en dus kleiner locatie te zoeken? ANTWOORD Het is zeker niet logischer dat de woonunits zelfstandig op een andere locatie worden geplaatst. Zie antwoord op vraag 2. Een andere geschikte locatie is niet beschikbaar of tijdig genoeg voorhanden.
VRAAG 4 Blijven na het her-lokaliseren van de 30 flexwoningen de afspraken (artikel 8 bestuursovereenkomst) van kracht dat 50% van deze woningen beschikbaar moeten blijven voor huisvesting van statushouders en dat statushouders binnen 24 maanden een permanente woning aangeboden moeten krijgen of veranderd hier nog wat aan? ANTWOORD Dit artikel blijft voor de flexwoningen van kracht.