CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

11 A 23007 Uitvoering motie kleine windturbines in buitengebied.PDF

Gemeenteraad 28 maart 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Brief A 23007 Uitvoering motie kleine windturbines in buitengebied1.647 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

mi Gemeente ÉÉÉ Midden-Delfland

Anna van Raesfeltstraat 37, Postbus 1, 2636 ZG Schipluiden T (015) 380 41 11, F (015) 380 99 92 E gemeente@middendelfland.nl, I www.middendelfland.nl

Aan de gemeenteraad

Ons kenmerk Uw brief van Bijlagen

3rrrT b

0000338353 29 november 2022 20230126 Bijlage 1 te_EAZ12_SGS_2617_0987-CT_IEC61400-2_pdf 20230126 Bijlage 2 visionalPrototypeCertificate_EAZ13_2_pdf

Onderwerp Uitvoering motie kleine \windturbines in buitengebied dd. 11 november 2022

Datum 3 februari 2023

1 3 FEB 2023

Geachte raadsleden. In de vergadering van dinsdag 29 november 2022 heeft u met de motie Kleine windturbines in buitengebied verzocht om onderzoek uit te voeren naar aanvragen van windmolens van EAZ in andere gemeenten. Met deze brief geven wij respons op uw motie. Essentie van dit onderzoek In essentie wordt door dit steekproefonderzoek duidelijk dat bij de onderzochte molens niet gekeken is naar de voor dit punt relevante eisen uit het bouwbesluit. Positieve insteek Het college heeft vergunning onder voorwaarden verleend op 14 april 2021. Windmolens sluiten aan op het duurzaamheidsbeleid van de gemeente en kunnen helpen boeren en eventueel andere bedrijven te ontlasten ten aanzien van hoge energiekosten. Dit is dus ook in het belang van een duurzamere landbouw en de energietransitie. Hieruit mag u opmaken dat we positief zijn ten opzichte van deze wijze van het verduurzamen van de bedrijfsvoering. Toetsing aan bouwbesluit De voorwaarden die zijn meegegeven waar het hier allemaal om draait zijn niet lokaal opgelegd. Het betreft wettelijke regels. Deze regels zijn vastgesteld omdat de molen veilig moet zijn bij plaatsing, maar ook tijdens extreme weersomstandigheden en gedurende langere tijd. Uiteindelijk betreft het een bouwwerk van ongeveer 15 meter hoogte (een gebouw van 5 verdiepingen) met bewegende delen waar veel kracht op wordt uitgeoefend.

Een windmolen is qua uiterlijk vergelijkbaar met een toren of mast maar de windbelasting in combinatie met de bewegende onderdelen is duidelijk anders. Het is in onze optiek dus logisch om goed te kijken naar datgene wat in het bouwbesluit staat met betrekking tot de windbelasting en bewegende onderdelen. Dit is de crux van de toetsing die wij verplicht zijn te doen. Deze in onze optiek proportionele vraag is de basis voor de afwijking ten opzichte van wat we elders zien. Steekproef onderzoek We hebben via de molenbouwer en via openbare bronnen de steekproef samengesteld. We hebben de vergunning en afweging opgevraagd bij enkele gemeenten (en een van de constructiebureaus) waar de molens reeds staan. Alle gemeenten hebben zich bereidwillig getoond mee te werken aan ons onderzoek. De gemeenten die wij benaderd hebben zijn: Molenlanden Schagen Oost-Geire

MIX

FSC

Van verantwoorde herkomst

FSC*C001697

Soms gaat het om meerdere adressen per gemeente. Gestelde vragen Wij hebben deze gemeenten gemaild of gebeld en de stukken c.q. vergunningen bekeken en hebben hierbij een aantal vragen gesteld; Vraag 1; Is er een vergunning (onder voorwaarden) verleend? Vraag 2: Zo ja: Op basis van welke toetsingsaspecten c.q. criteria Is deze vergunning verleend? Vraag 3: Betreft het een legalisering of een aanvraag? Vraag 4: Is aan het bouwbesluit getoetst? Zo ja wat waren de bevindingen? Zo niet: Waarom niet? Vraag 5; Is er sprake van een bestuurlijke afweging waarin gekozen is om bepaalde aspecten buiten beschouwing te laten (zoals het bouwbesluit)? Antwoorden vanuit de gemeenten De gemeenten in onze steekproef geven aan dat bij alle adressen sprake is van vergunde aanvragen. Alle gemeenten hebben een vergunning onder voorwaarden verleend. In alle gevallen hadden de voorwaarden te maken met bijvoorbeeld bestemmingsplantoets of omgevingskwaliteit In het geval van een gemeente is gebleken dat het allereerste geval in die gemeente (niet zijnde een adres dat wij opgevraagd hebben) een legalisering betrof. Uiteindelijk is met deze legalisering een precedent geschapen.

Het is dus logisch dat opeenvolgende gevallen (de adressen uit onze steekproef) geen legaliseringen betreffen gezien het geschapen precedent De gemeenten geven aan dat de toetsing ten opzichte van het bouwbesluit door hen zonder windbelasting is geweest Alle gemeenten geven aan het bouwbesluit getoetst te hebben vanuit de aanname dat het allemaal beproefd is en het dus aannemelijk is dat er geen problemen zijn te verwachten. In de praktijk kwam dat neer op het volgende: Bij 2 adressen is niet naar de constructie gekeken en is de vergunning zonder meer verleend. Bij 3 adressen is alleen aan de basisconstructie getoetst (zie tekst over mast/toren). Op basis daarvan is de vergunning verleend Er is een gemeente die aangeeft dat wel aan de windbelasting is getoetst en dat uiteindelijk akkoord is gegaan met een andere, lagere windbelasting dan die wordt voorgeschreven in het Bouwbesluit 2012. Deze gemeente heeft bewust zonder te voldoen aan de landelijk wet- en regelgeving, de vergunning verleend. Zij deelden de achterliggende stukken niet met ons. Navraag bij een van de externe constructiebureaus die de toets voor een van de gemeenten uitvoert maakt duidelijk dat hun afweging is dat de molen op een achtererf staat en dat de toets-eisen dan minder toegepast hoeven te worden.

Bij enkele gemeenten is er voorafgaande aan de verlening van de vergunning een politieke discussie geweest over het planologisch inpassen van de windmolens in het buitengebied ten aanzien van bestemmingsplan en beeldkwaliteit. Wij hebben niet kunnen terugvinden of in deze discussie toetsing aan het bouwbesluit is besproken. Type molen en certificering We hebben een tweede route gevolgd om te achterhalen of de molen voldoet aan de gestelde voorwaarden. Er is door ons namelijk ook gekeken naar de eventuele certificering van de molen. Cruciaal hierbij is of de certificering een CE markering heeft. De CE-markering‘ is een Europese bevestiging dat het product voldoet aan wettelijke eisen. We hebben het volgende gevonden:

‘ Rol fabrikanten bij CE-markering Fabrikanten moeten vaststellen of een product aan de eisen voldoet. En of het product een CE-markerino moet hebben. Maakt een fabrikant een product binnen de Europese Economische Ruimte fEER')? Dan moet die fabrikant een CE-markering plaatsen.

2

-

De windmolen die bij de gemeente Midden-Delfland is aangevraagd is type EAZ 13.2. In de meeste gemeenten uit de steekproef is een eerder type, namelijk EAZ 12, vergund. - Het type 12 molen is gecertificeerd door SGS Tecnos uit Madrid. Het nummer van het certificaat 2617/0987-CT waarin deze instantie verklaard dat de molen voldoet aan de internationale norm lEC 61400-2:2013 Wind turbines - Part 2: Small wind turbines. (Zie bijlage 1, certificaat te_EAZ12_SGS_2617_0987-CT_IEC61400-2_pdf). Een CE markering is niet terug te vinden op het certificaat - Voor molen type 13.2 is er een voorlopig certificaat afgegeven door de organisatie WindGuard Certification GmbH. (Zie bijlage 2, visionalPrototypeCertificate_EAZ13_2_pdf). Ook hier is geen CE keur te vinden op certificaat Er zijn dus voor bepaalde onderdelen certificaten afgegeven door (voor zover wij konden nagaan) niet erkende certificeringsinstantie. De certificaten, voorlopig voor type 13 en definitief voor type 12, behandelen alleen de rotor, generator en vin. De constructie van de mast en fundering wordt niet behandeld in de certificaten. Dat het geheel en met name de mast niet gecertificeerd is, is van belang in verband met de toets ten aanzien van de windbelasting. Wij moeten bovendien rekenen met basiswindsnelheden van 27 m/s, terwijl op de certificaten zoals u kunt zien gerekend is met veel lagere snelheden.

Uit deze certificeringen blijkt dus niet dat de windmolen is gecertificeerd is door een erkende certificeringsinstantie. Bevindingen Het lijkt er sterk op dat de toets in de gemeenten van onze steekproef nauwelijks gedaan is op de constructieve veiligheid danwel betrouwbaarheid. Waar wel een constructieve toets heeft plaatsgevonden is deze onvolledig uitgevoerd of zijn de uitkomsten terzijde geschoven. In de onderzochte gevallen is niet getoetst op windbelasting, dus hier zijn ook geen vragen over gesteld aan de leverancier. Er is bij deze aanvragen dus ook niet bekeken of die gegevens overeenkomen met het bouwbesluit De gevonden certificering biedt geen duidelijkheid over het voldoen aan de voorwaarden. Conclusie Na onze eerdere afweging, na dit onderzoek en ook na het onderzoek dat Antea eerder uitvoerde is er geen grond gevonden om af te wijken van de eerdere conclusie: De windmolen voldoet niet aan het Bouwbesluit. Impasse Wij bedrukken nogmaals dat wij ons als college bewust zijn van de vervelende positie waar de aanvrager zich in bevindt. Wij zien echter geen voor ons kopieerbare werkwijze waarmee we vanuit onze rol uit deze impasse kunnen komen. Het ministerie van BZK, directie bouwen en energie, heeft toen zij met ons contact legden bevestigd dat de door ons gevolgde lijn binnen de vigerende kaders logisch is.

De kwestie gaat ons aan het hart, maar het ontslaat ons niet van onze verantwoordelijkheid. De impasse wordt doorbroken als de fabrikant aantoonbaar tegemoet komt aan de voorwaarden. De stappen daartoe zijn niet ingewikkeld, maar vereisen wel inspanning en er zijn waarschijnlijk kosten mee gemoeid. Het maken van kosten voor nadere onderbouwing komt echter ook voor bij andere bouwaanvragen. Hoe komen we uit de impasse? Wij hebben de volgende lijn voor ogen: Het college vindt het belangrijk dat alle bouwwerken voldoen aan de veiligheidsnormen. Onze inwoners moeten erop kunnen vertrouwen dat de gemeente haar wettelijke taak zorgvuldig uitvoert ten behoeve van de veiligheid van haar inwoners. Dat geldt voor deze aanvraag, maar ook voor eventuele daaropvolgende aanvragen. Wij willen ons aan de wet houden. Het college stelt daarom voor een schriftelijk verzoek te richten aan de aanvrager om zijn molenbouwer -die hij immers opdracht heeft gegeven voor de levering van de molen- te verzoeken of deze bereid is om aan te tonen dat deze molen aan het bouwbesluit voldoet. Wij benadrukken 3

nogmaals dat dit niet anders is als bij andere bouwaanvragen. Wij willen voorkomen dat er een onwenselijk precedent ontstaat voor andere aanvragen. Wij begrijpen dat dit leidt tot een investering voor de molenbouwer.

Met vriendelijke groet, namens het college v?n burgemeester en wethouders,

\ l drs)^^^. Born g emamte^cretaci s

drs. iri

P.i van Hemmen leèster

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=cad37ce3-413b-4b5d-8c0c-1d80653b0e90