10 Reactie antwoord college op memo fractie CDA
Tekst van het document
Betreft A25006 - Raadsinformatiebrief Harmonisatie financiële bijdragen coöperatie Coöperatief Beheer Groengebieden Midden-Delfland (CBG) Inleiding van het CDA Bij de start van de CBG in 2019 is de verdeelsleutel van de financiële bijdragen dezelfde als die was bij het voormalig Recreatieschap Midden-Delfland (RMD) met de afspraak dat er een harmonisatieonderzoek zal plaatsvinden. Het resultaat van dit onderzoek is dat er een nieuwe verdeelsleutel voorligt die op 1-1-2026 moet ingaan. Midden-Delfland krijgt verreweg de grootse verhoging gepresenteerd van 420% van 40.906 euro naar 172.864 euro. Behandeling commissievergadering 11 maart 2025 Het CDA heeft verzocht om dit onderwerp te bespreken in de commissievergadering van 11 maart 2025. Graag voeren wij een debat waarom het college instemt met de voorgestelde verdeelsleutel die leidt tot zo’n grote verhoging. Als input voor het debat sturen wij bijgaande technische vragen. Technische vragen VRAAG 1. Er wordt in par 1.1 van het rapport gesteld dat de bestaande verdeling onevenwichtig is. Waarom wordt dat gevonden, terwijl de regeling dezelfde is als voor 2019 werd toepast? ANTWOORD Voorafgaand aan de oprichting van de CBG hebben de deelnemende gemeenten vastgesteld, dat de verdeling van de jaarlijkse bijdragen aan beheer van groengebieden onevenwichtig was.
De jaren daarvoor zijn daarom ook al verschillende pogingen gewaagd, om de bijdragen te harmoniseren. Deze eerdere pogingen zijn gestrand, vanwege complexiteit. Per deelnemende CBGgemeente is daarom in de deelnemersovereenkomsten van december 2018 vastgelegd, dat wel harmonisatie zou plaatsvinden.
VRAAG 2. De nieuwe verdeling is gebaseerd op inwonertal en beheerd oppervlak. Waarom stemt het college in met deze sleutel, die voor Midden-Delfland ongunstig uitpakt? ANTWOORD Met de gekozen uitgangspunten waren verschillende varianten mogelijk, afhankelijk van de mate waarin het inwoneraantal en het beheerd oppervlak meetelt, het vaste percentage dat de gemeente Westland bijdraagt en de korting die Delft en Schiedam krijgen vanwege hun bijdragen aan de gebieden buiten het CBG. Het vinden van een mix die recht doet aan ieders belang, en die ook politiek haalbaar lijkt, was niet eenvoudig. Met alle betrokken partijen is gesproken en de gekozen variant had de meeste (politieke) draagvlak. Omdat onze gemeente het belang van de samenwerking bij het beheer van groengebieden in de regio onderschrijft gaan we mee in de voorgestelde verdeelsleutel.
VRAAG 3. Waarom is er niet voor gekozen om ook randgemeenten mee te nemen die geen oppervlak bezitten, maar waarvan de inwoners wel in dit gebied recreëren (zoals Den Haag, Rotterdam). ANTWOORD Het meenemen van gemeenten buiten de CBG zou vragen om een opschaling van het harmonisatieonderzoek, buiten Midden-Delfland. Het toch al ingewikkelde harmonisatievraagstuk zou daarmee toenemen in complexiteit. Eerdere pogingen voor een grootschaliger (complexer) harmonisatieonderzoek hebben niet tot resultaten geleid en zijn gestrand. Belangrijkste reden is
daarnaast, dat Den Haag (bijvoorbeeld de duingebieden en Haagse Bos) en Rotterdam (bijvoorbeeld Rottemeren) ook al betalen voor andere groengebieden.
VRAAG 4. Waarom is er een uitzondering gemaakt voor de gemeente Westland? ANTWOORD Voor de gemeente Westland geldt een andere rekenwijze, omdat deze gemeente een grote discrepantie kent tussen het inwoneraantal (26,6% van het totaal) en het beheerd oppervlak (0,2% van het totaal). Deze gemeente stapt uit de CBG als het bedrag wordt afgestemd op de verdeelsleutel.
VRAAG 5. In par 4.3 worden gebieden genoemd die buiten de CBG vallen. Kunt u duidelijk maken wat nu het voorstel is m.b.t. deze gebieden? ANTWOORD Delft en Schiedam krijgen een korting omdat rekening is gehouden met het gebruik van en de beheerkosten voor de gebieden Delftse Hout (163 ha) en Beatrixpark (30 ha). Deze gemeenten zouden anders onevenredig veel budget aan het beheer van regionale groengebieden gaan betalen. Om dit te vertalen in een eerlijke berekening is voor Delft en Schiedam een percentage van het aantal inwoners van hun gemeente afgetrokken.
VRAAG 6. In par 4.4 staat dat Midden-Delfland in de huidige situatie extra bijdraagt door de erfpacht van sportpark Den Hoorn door te geven aan CBG (37.761 euro/jaar). Is nu het voorstel om dit in de nieuwe regeling zo te laten? ANTWOORD De aanvankelijke afspraak uit 2018 is aangemerkt als inconsequent. De erfpacht voor sportpark Den Hoorn telt daarom niet meer mee bij onze deelnemersbijdrage, in het kader van deze Harmonisatie.
VRAAG 7. De totale kosten bedragen ca 2 mln euro/jaar. 2/3 beheerskosten en 1/3 overhead. Waar liggen reële opties om kosten te besparen? ANTWOORD De concept begroting wordt altijd ter goedkeuring aangeboden aan de Algemene Deelnemersvergadering van de CBG (ADV), waarin alle deelnemende gemeenten vertegenwoordigd zijn. Kritisch beoordelen bestuurders daar de uitgaven, de reservepositie en de te maken keuzes. De kritische beschouwing van de kosten is daarnaast een continu proces. Bij het voorbereiden van de begroting kijkt de CBG jaarlijks kritisch naar de inkomsten en uitgaven. Doorvoering van efficiencyslagen vind plaats in de vorm van nulmetingen, onderzoek via de financiële werkgroep, gewijzigde beheermaatregelen en herziening van de reserves.
VRAAG 8. Het college stelt voor om deze kostenpost in te brengen in de bespreking van de kadernota. Wat is de consequentie als we het geld er gewoon niet voor vinden? ANTWOORD Als Midden-Delfland niet betaalt, bestaat het risico dat de CBG niet blijft voortbestaan. Zonder CBG moeten de gemeenten eigenstandig voorzien in het beheer van de groene recreatiegebieden. De kosten zijn dan nog veel hoger. Bovendien bestaat het risico dat dan ook de kwaliteit achteruit loopt. Conclusie is dat de samenwerking binnen de CBG nog steeds een voordeel oplevert, ondanks onze hogere financiële bijdrage.