09 VRH B 113.pdf
Tekst van het document
Dedemsvaartweg 1 2545 AP Den Haag Postbus 52155 2505 CD Den Haag 088 886 8000 omgevingsveiligheid@vrh.nl www.vrh.nl
College van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Delfland T.a.v. Guido de Bruijn Postbus 1 2636 ZG Schipluiden
Datum: Onderwerp:
22 april 2021 Reactie VRH ontwerp Omgevingsvisie 1.0
Geacht College, Op 12 maart 2021 heeft het college van burgemeester en wethouders van de gemeente MiddenDelfland het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 Midden-Delfland ter inzage gelegd. Met deze omgevingsvisie loopt de gemeente vooruit op de Omgevingswet. In deze brief treft u de reactie van de Veiligheidsregio Haaglanden (VRH) op het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 aan. Algemeen De VRH heeft in de periode april 2020 – juli 2020 deelgenomen aan meerdere werkateliers van de gemeente Midden-Delfland met betrekking tot de omgevingsvisie. Dit hebben wij vanuit de VRH als zeer positief ervaren. De vroegtijdige betrokkenheid en de mogelijkheid die door de gemeente is geboden om mee te denken heeft er toe geleid dat het creëren van een veilige fysieke leefomgeving een plek heeft gekregen in de omgevingsvisie. Doordat het belang van fysieke veiligheid is opgenomen in de omgevingsvisie wordt geborgd dat veiligheidsaspecten worden meegewogen wanneer ook andere onderwerpen op tafel liggen. Omgevingsvisie 1.0 De Omgevingsvisie 1.0 is gebaseerd op het bestaande beleid van de gemeente Midden-Delfland, aangevuld met een aantal grote ontwikkelingen. In het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 is een paragraaf over (fysieke) veiligheid opgenomen waarin de kernwaarden voor een veilige fysieke leefomgeving staan benoemd.
Deze kernwaarden vormen de basis voor het bereiken en in stand houden van een veilige fysieke leefomgeving. Om die reden is het dan ook van belang dat de gemeente MiddenDelfland de kernwaarden expliciet heeft benoemd en deze nastreeft. In het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 wordt momenteel geen aandacht besteed aan de veiligheidsrisico’s die in de gemeente Midden-Delfland aanwezig zijn. Door deze risico’s wel inzichtelijk te maken in de omgevingsvisie kan de gemeente beslissingen nemen over welke risico’s zij wilt beperken en welke maatregelen hiervoor getroffen kunnen worden. De VRH kan de gemeente ondersteunen bij het in kaart brengen van de relevante risico’s en adviseren over het beperken en beheersen hiervan. Eén van de risico’s waar de gemeente mee te maken heeft is de energietransitie. Aan de energietransitie (nieuwe vormen van energiewinning, -opslag en –transport) zijn veiligheidsrisico’s verbonden, zoals risico’s rondom elektrisch rijden, waterstof en grootschalig gebruik van zonnepanelen in combinatie met lithium-ion buurtbatterijen, gebruik van biomassa en geothermie. Ondanks dat de veiligheidsrisico’s van de energietransitie niet benoemd worden, wordt wel aangegeven dat veiligheid een voorwaarde is voor energieopwekking door hernieuwbare warmte en elektriciteit.
Door dit in de omgevingsvisie te benoemen wordt geborgd dat de ruimtelijke inpassing rondom de nieuwe vormen van energiewinning, -opslag en -transport op een verantwoordelijke wijze gebeurt.
Volg ons op social media:
Met het oog op het op te stellen omgevingsplan is het van belang dat in de omgevingsvisie aandacht wordt besteed aan de ambities van de gemeente voor de verschillende (deel)gebieden. In het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 wordt onderscheid gemaakt tussen het buitengebied, de dorpen (Den Hoorn, Maasland, Schipluiden) en Harnaschpolder. Voor elk deelgebied wordt omschreven hoe deze kan bijdragen aan de algemene, gemeentebrede ambities. Door voor elk deelgebied specifieke keuzes te maken in de omgevingsvisie worden de kaders geschetst voor het omgevingsplan. Het is aan te bevelen om in de omgevingsvisie, en in de vertaalslag naar het omgevingsplan, voor de verschillende deelgebieden ook het ambitieniveau voor wat betreft veiligheid vast te leggen. Op die manier wordt richting gegeven aan de keuzes die voor elk deelgebied gemaakt moeten worden. De VRH kan met de gemeente meedenken over het vaststellen van deze ambitieniveaus. Groepsrisico onder de Omgevingswet In de paragraaf over veiligheid in het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 wordt toegelicht hoe de gemeente Midden-Delfland om wil gaan met het groepsrisico. De gemeente heeft de voorkeur om de oriëntatiewaarde niet te overschrijden. Deze kwantitatieve benadering van het groepsrisico sluit echter niet goed aan op de gedachte van de Omgevingswet.
In de huidige situatie wordt het groepsrisico gebruikt als toetsingsinstrument bij ruimtelijke plannen. Als gevolg hiervan wordt de discussie over veiligheidsverbetering door bron- en ruimtelijke maatregelen te laat of te weinig gevoerd. Het nieuwe omgevingsveiligheidsbeleid onder de Omgevingswet heeft als doel om vroegtijdig in het ruimtelijk proces het gesprek over veiligheid aan te gaan. Ter vervanging van de groepsrisicobeoordeling wordt daarom onder de Omgevingswet gewerkt met ‘aandachtsgebieden’ en ‘voorschriftengebieden’ (zoals ook opgenomen in het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0). Dit betekent dat onder de Omgevingswet de focus niet meer ligt op het toetsen van ruimtelijke plannen door middel van een groepsrisicoberekening. In sommige gevallen is het wel nog steeds mogelijk om een groepsrisicoberekening uit te voeren (en de uitkomst te vergelijken met de oriëntatiewaarde), namelijk bij de onderbouwing of het groepsrisico in een aandachtsgebied of voorschriftengebied toelaatbaar is. Een berekening van het groepsrisico is dan één van de mogelijke onderbouwingen. Op dit moment blijkt uit de omgevingsvisie niet of (en zo ja, in welke gevallen) de gemeente bij het maken van afwegingen in aandachtsgebieden en voorschriftengebieden gebruik wil maken van groepsrisicoberekeningen. Het is dan ook aan te raden om dit in de omgevingsvisie te verhelderen.
Omgevingsvisie 2.0 Vanuit de Omgevingsvisie 1.0 zal de gemeente Midden-Delfland gaan werken aan de Omgevingsvisie 2.0; een integrale toekomstvisie 2040. Hierin worden bestaande beleidskeuzes (opnieuw) tegen het licht gehouden en vindt een verdere verdieping plaats. Voor wat betreft fysieke veiligheid is de Omgevingsvisie 2.0 de aangewezen plaats om een verdiepingsslag te maken door naast de kernwaarden ook de ontwerpprincipes voor een veilige fysieke leefomgeving op te nemen. Dit leidt er toe dat bij het opstellen van het omgevingsplan meer duidelijkheid is over de wijze waarop de ambities uit de omgevingsvisie vertaald kunnen worden naar planregels. Het gaat om de volgende ontwerpprincipes1: A. B. C. D. E. F. 1
Voorkomen of beperken van risico’s vergroot de veiligheid Afstand tot de risico’s vergroot de veiligheid Bouwwerken en omgeving bieden bescherming Bouwwerken en gebieden zijn snel en veilig te verlaten De omgeving maakt snel en effectief optreden van de hulpdiensten mogelijk De omgeving maakt passende medische zorg bij een crisis mogelijk (zorgcontinuïteit)
Brandweer Nederland (2018). Inbreng veiligheidsregio’s in omgevingsvisies – Kernwaarden. Pagina 2 van 3
Daarnaast is het van belang dat er een duidelijk onderscheid wordt gemaakt tussen de ontwerpprincipes voor fysieke veiligheid en de ontwerpprincipes voor sociale veiligheid. Hoewel beiden betrekking hebben op een veilige inrichting van de leefomgeving, is er een belangrijk verschil tussen fysieke veiligheid en sociale veiligheid en bijbehorende ontwerpprincipes. Bovenstaande ontwerpprincipes zijn uitsluitend gericht op fysieke veiligheid. Tot slot In het ontwerp van de Omgevingsvisie 1.0 is een eerste stap gezet naar het bereiken en in stand houden van een veilige fysieke leefomgeving. Vanzelfsprekend is het van belang dat de ambities uit de visie de komende jaren worden nagestreefd. In het kader van fysieke veiligheid blijft de VRH dan ook graag betrokken bij de nadere invulling en uitwerking van de omgevingsvisie, zoals bij de Omgevingsvisie 2.0, het omgevingsplan en programma’s. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd. Bij vragen kunt u contact opnemen met mevrouw D. de Groot (06 – 18 99 86 56 of daphne.de.groot@vrh.nl).
Met vriendelijke groet,
Teamhoofd Omgevingsveiligheid Mw. ir. I.L. (Inez) Rijnhart
Pagina 3 van 3