CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

09 bijlage Aanvraagformulier Uitgebreid VU 2024

Gemeenteraad 24 juni 2025, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Aanvragen Vangnetuitkering BUIG 20244.589 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Aanvraag Vangnetuitkering Participatiewet over 2024 Versie: uitgebreid verzoek

Wat is een vangnetuitkering? Gemeenten ontvangen op grond van de Participatiewet budget voor bijstandsuitkeringen en loonkostensubsidies. Dit budget wordt ook wel het BUIG-budget genoemd. Gemeenten die een tekort hebben kunnen in aanmerking komen voor een vangnetuitkering. De voorwaarden op hoofdlijnen zijn: -

het tekort is groter dan een bepaalde toegangsdrempel; het college verklaart maatregelen te hebben getroffen om te komen tot tekortreductie; het college geeft een toelichting op deze verklaring; de gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college.

Hoe verloopt de aanvraagprocedure? Het college dient het aanvraagformulier in bij de onafhankelijke Toetsingscommissie vangnet Participatiewet. De commissie moet de aanvraag uiterlijk op 15 augustus 2025 hebben ontvangen. Het ingevulde aanvraagformulier dient voor instemming aan de raad te worden voorgelegd en wordt na ondertekening aangeboden aan de commissie via de website.

Uitgebreid formulier Dit betreft het uitgebreide formulier. Gemeenten die over 2022 en/of 2023 ook een vangnetuitkering hebben ontvangen, dienen gebruik te maken van dit formulier. Uitzondering hierop betreft gemeenten tot 5.000 inwoners. Deze mogen te allen tijde gebruik maken van het basisformulier, ook als in de voorafgaande jaren een vangnetuitkering is toegekend.

Aanpassingen in het format van de pagina’s met vragen en ondertekening niet toegestaan Voor de juistheid en de beoordeling van de aanvraag is het niet toegestaan dat u het format van de pagina’s met de vragen en ondertekening aanpast.

Meer informatie Op de website van de Toetsingscommissie staat een verdere toelichting op dit formulier: https://www.toetsingscommissievp.nl/vangnetuitkering-2024 De toetsingscommissie heeft een checklist gemaakt voor gemeenteraadsleden. Het is een handzaam lijstje vragen en aandachtspunten. Raadsleden kunnen dit lijstje gebruiken bij het beoordelen van de vangnetaanvraag van het college. Deze checklist is opgesteld in samenwerking met raadsleden uit verschillende gemeenten en de Nederlandse Vereniging voor Raadsleden. De checklist staat samen met andere informatie op de website van de VNG: https://vng.nl/artikelen/vangnetuitkering-participatiewet-informatie-voor-raadsleden 1

1. Verklaring college bij een uitgebreid verzoek Dit gedeelte bestaat de volgende onderdelen: -

Samenvatting van de verklaring De beschrijving van de wijze waarop de gemeenteraad is geïnformeerd door het college A. Analyse van de oorzaken van het tekort B. Getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren C. Beoogde effect van de genoemde maatregelen D. Ondertekening door het college

2

Samenvatting van de verklaring van het college De verklaring van het college bestaat uit vier subonderdelen: A) analyse van de oorzaken van het tekort, B) getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren, C) beoogd effect van de genoemde maatregelen & D) ondertekening door het college. Het college geeft hieronder een samenvatting van onderdeel A, B en C. Die geeft de gemeenteraad een kernachtig overzicht, op basis waarvan het raadslid kan vaststellen waarmee hij of zij instemt. Voor het gemeenteraadslid dat zich wil verdiepen in de verklaring van het college, wordt verwezen naar onderdelen A, B, C en D van het aanvraagformulier. Richtlijn voor de omvang van de samenvatting van de drie onderdelen is in totaal maximaal 300 à 400 woorden.

A. Samenvatting onderdeel analyse van de oorzaken van het tekort Midden-Delfland heeft al sinds 2021 een tekort op de BUIG-uitgaven wegens een stijgend uitkeringenbestand. Hoewel onze gemeente grotendeels gefinancierd wordt op basis van historische uitgaven, stijgt het budget onvoldoende mee om de stijging aan uitgaven te compenseren. Daarbij valt op dat de instroom in de uitkering hoger is dan het landelijk gemiddelde, terwijl de uitstroom op hetzelfde niveau ligt. Als we kijken naar de instroomredenen, dan zijn die echter moeilijk te beïnvloeden. Bovendien is het percentage van het aantal aanvragen dat wordt toegekend, gelijk aan andere gemeenten. Ook is de problematiek waar onze inwoners mee kampen groot, waardoor hun afstand tot de arbeidsmarkt ook groot is. Dat maakt het verhogen van de uitstroom moeilijk.

B. Samenvatting onderdeel getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren. Het college is verdergegaan met het uitvoeren van het beleidskader re-integratie en participatie dat door de raad in oktober 2024 is vastgesteld. Kern daarvan is dat we met meer re-integratiebureaus samenwerken waardoor we passendere trajecten aan inwoners kunnen aanbieden. Tot medio april 2025 heeft dat al geleid tot 16 extra trajecten. Het college heeft enkele andere maatregelen getroffen om de re-integratie beter te laten werken, zoals inzicht krijgen in caseloads van klantmanagers. Ook op controle van de rechtmatige verstrekking van uitkeringen zijn maatregelen getroffen, zoals een scan op voorliggende voorzieningen en een themacontrole waterverbruik.

3

C. Samenvatting onderdeel beoogd effect van de genoemde maatregelen De maatregelen op het gebied van re-integratie laten al in het eerste kwartaal van 2025 een stijging van het aantal trajecten zien. Hoewel niet iedereen op korte termijn zal uitstromen naar betaald werk, verwachten we hier op de langere termijn weldegelijk effect van. Ook van de genomen maatregelen over de rechtmatigheid van uitkeringen is algemeen bekend dat deze leiden tot een besparing. Het college zorgt dat de kwaliteit van data in orde is, zodat daar in managementgesprekken op gestuurd kan worden.

4

Op welke wijze heeft het college de gemeenteraad geïnformeerd? In dit onderdeel beschrijft het college op hoofdlijnen hoe het de raad betrokken heeft bij het proces vanaf de signalering van het tekort. Daarbij gaat het om het proces van het bepalen en treffen van maatregelen tot aan het moment van het voorleggen van de verklaring van het college aan de raad. Het college geeft aan op welke momenten het de gemeenteraad heeft geïnformeerd. Het college dient hiervoor een X te plaatsen bij de betreffende onderdelen. In de onderste regels is ruimte voor aanvullingen. Op welke momenten werd de raad geïnformeerd over beleid, uitvoering en sturing van de Participatiewet en meer specifiek over het tekort op de BUIG, de maatregelen en de beoogde effecten daarvan? X

Moment in het proces

X

De kadernota, de begroting.

X

Voorjaars- en najaarsbericht en jaarrekening. Maand-, kwartaal- of halfjaarrapportage. (ook wel genoemd Turap, Marap etc)

X

Beleidsplannen, strategie- of koersdocumenten, plannen van aanpak of evaluaties. Informatie over bestandsontwikkelingen of over de voortgang van maatregelen. Nieuwsbrieven, bijeenkomsten en/of presentaties.

5

Samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad In de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad staat op hoofdlijnen op welke onderwerpen de raad heeft gereageerd op de verklaring van het college. De onderdelen van de verklaring zijn vaak al eerder in de raad besproken. Het gaat dus om het gehele proces vanaf de signalering van het tekort. Verder betreft het hier alleen onderwerpen die in de raadsbesluiten zijn opgenomen, die afwijkend zijn van het raadsvoorstel. Om de beschrijving zo eenvoudig mogelijk te houden wordt gebruik gemaakt van een checklist die kan worden aangevuld. Het verzoek is om aan te kruisen welke onderwerpen in de raadsbesluiten zijn opgenomen. Nadat de behandeling in de gemeenteraad heeft plaatsgevonden plaatst het college een X voor de betreffende onderdelen. In de onderste regels is ruimte voor aanvullingen. X

Typering van de reacties die in de raadsbesluiten zijn opgenomen gedurende het gehele proces Expliciet goedkeurend, waardering over analyse en maatregelen uitgesproken Impliciet goedkeurend, is behandeld als hamerstuk Afkeurend en gevraagd het plan te herzien Verzoek om onderdelen van de globale analyse te herzien of aan te vullen Verzoek om bepaalde maatregelen te schrappen of aanvullend maatregelen te treffen. Verzoek om het tempo van invoering en/of uitvoering van maatregelen te versnellen. Verzoek om extra informatie over maatregelen Verzoek om meer informatie t.a.v. de beoogde effecten van maatregelen Verzoek om gerealiseerde effecten te monitoren en terug te koppelen Motie om een andere beleidsmaatregel te treffen

NB: bovenstaande tabel dient pas te worden ingevuld nadat de behandeling in de gemeenteraad heeft plaatsgevonden.

6

A. Analyse van de oorzaken van het tekort In dit onderdeel dient het college een analyse op te nemen van de oorzaken van het tekort (A1). Deze analyse dient specifiek in te gaan op de situatie in de eigen gemeente of de eigen arbeidsmarktregio. Ook dient het college een analyse op te nemen van de effecten van de getroffen maatregelen in voorgaande jaren, zoals die zijn beschreven in de aanvraag voor een vangnetuitkering over 2022 en/of 2023 (A2). A1.

Analyse van de oorzaken van het tekort van de gemeente

Financieringssystematiek Het BUIG-budget van de gemeente Midden-Delfland wordt voor het grootste gedeelte (ca. 82%) gebaseerd op historische uitgaven. Dit vanwege het lage inwonersaantal. Sinds 2021 zien we een stijging van het uitkeringenbestand, maar door vertraging in de financieringssystematiek (t-2, dus gebaseerd op aantallen uit 2022) zien we dat het BUIG-budget achterblijft bij de gestegen uitgaven. Zie ook de volgende tabel:

Definitief BUIG-budget Lasten Resultaat Resultaat in %

2022 € 2.014.606,€ 2.486.100,€ 471.494,- (negatief) - 23,5%

2023 € 2.416.915,€ 2.883.936,€ 466.481,- (negatief) - 19,3%

2024 € 2.985.461,€ 3.225.159,€ 239.698,- (negatief) - 8,0%

Het tekort neemt wel elk jaar af. Dat past in het beeld dat het BUIG-budget grotendeels meestijgt met de historische uitgaven. Echter, de stijging van de uitgaven blijft hoger dan de stijging van het BUIG-budget dat compenseert. Dat blijkt ook uit onderstaande grafiek:

Budget vs. uitgaven € 3,500,000 € 3,000,000 € 2,500,000 € 2,000,000 € 1,500,000 € 1,000,000 € 500,000 €-

2020

2021

2022

2023

BUIG-budget

Lasten

2024

7

Aandeel van echtparen met een uitkering Uit het bijstandsverdeelmodel 2024 van Atlas Research blijkt dat het aandeel van echtparen/ samenwonenden met een uitkering in Midden-Delfland hoger is dan voorspeld werd bij het vaststellen van de hoogte van het BUIG-budget. Echtparen ontvangen een hogere uitkering dan alleenstaanden waardoor zij voor de gemeente relatief duur zijn. Dit vertaalt zich dan ook in een hogere jaarprijs van de uitkering dan andere gemeenten. Omdat nog geen 20% van het BUIG-budget van Midden-Delfland objectief verdeeld wordt, is dit effect echter gering. Instroom vs. uitstroom In 2024 is het uitkeringenbestand gestegen van 169 naar 178 uitkeringen. Ook over een langere periode is deze trend zichtbaar:

Een stijging van het uitkeringenbestand betekent dat de instroom hoger is dan de uitstroom. Uit de Divosa Benchmark blijkt dat de instroom in Midden-Delfland hoger is dan in andere gemeenten, terwijl de uitstroom op hetzelfde niveau ligt:

8

De top drie van instroomredenen zijn:   

Plaatsing statushouders vanuit AZC (ca. 27%) Einde arbeid in loondienst of zelfstandige (ca. 20%) Einde opleiding/studie (ca. 16%)

Het is moeilijk om te sturen op deze vormen van instroom. Statushouders hebben bijna automatisch recht op een uitkering zodra zij een woning in onze gemeente krijgen. De andere twee groepen zijn over het algemeen voor de aanvraag niet bekend bij de gemeente en dus is het moeilijk om met preventieve maatregelen te voorkomen dat het aanvragen van een uitkering nodig is. Bovendien blijkt uit de Divosa Benchmark dat het toekenningspercentage van aanvragen in Midden-Delfland niet afwijkt van andere gemeenten. Afstand tot arbeidsmarkt Uit een analyse van het uitkeringenbestand blijkt dat de afstand tot de arbeidsmarkt van uitkeringsgerechtigden groot blijft. Ook in 2024 is dit reeds geconstateerd. Medio april 2025 is de verdeling van inwoners op de participatieladder als volgt: Trede 1 - Geïsoleerd 2 – Sociale contacten buiten de deur 3 – Deelname aan georganiseerde activiteiten 4 – Onbetaald werk 5 – Betaald werk met ondersteuning

Aantal 39 67 78 9 21

Percentage Cumulatief 18,2% 18,2% 31,3% 49,5% 36,5% 86,0% 4,2% 90,2% 9,8% 100,0%

9

Bijna de helft van de uitkeringsgerechtigden doet op dit moment niet mee in de samenleving. We schatten in dat voor hen uitstroom naar betaald werk in de komende twee jaar ook niet realistisch is, wel kunnen zij stappen op de participatieladder zetten. Van 30% van de uitkeringsgerechtigden verwachten we dat zij nooit uit zullen stromen naar betaald werk. A2.

Analyse van het effect van getroffen maatregelen in voorgaande jaren

Meer keuzes voor passende trajecten Sinds de zomer van 2024 werkt het college met verschillende re-integratiepartijen samen, in plaats van slechts één partij. Idee was dat klantmanagers meer keuze hebben voor een traject dat beter aansluit bij de behoeften van de inwoner, bijvoorbeeld door andere werkwijzen van re-integratiebureaus. Sinds de start van de nieuwe werkwijze zijn 16 inwoners gestart op een traject, die in de oude werkwijze niet zouden zijn aangemeld. Eén van deze inwoners heeft inmiddels ook betaald werk gevonden. Omdat inwoners vaak een grote afstand tot de arbeidsmarkt hebben, duren trajecten ook lang. Kortom, we zien de effecten van de nieuwe aanpak en we verwachten dat dit zich later in 2025 ook vertaalt in uitstroom. Daarnaast is de meedoencoach gestart in februari 2025. Inmiddels volgen 18 inwoners daar een traject en dit aantal zal de komende tijd groeien. Hoewel het belangrijkste doel van dit traject niet per se het vinden van betaald werk (maar meedoen in de samenleving), kan het op lange termijn wel leiden tot werkaanvaarding. Stijging ontvangsten debiteuren In voorgaande jaren is meer ingezet op het debiteurenbeheer om te ontvangsten uit terugvorderingen te vergroten. Uit onderstaande grafiek blijkt dat het gemiddelde aflosbedrag stijgt, waar dat in benchmark gemeenten gelijk blijft.

De sterke stijging in januari/februari 2025 heeft te maken met een extreem hoge ontvangst op één vordering. Los daarvan blijft een stijging zichtbaar vanaf juli 2024.

10

B. Getroffen interne en externe maatregelen om het tekort verder te reduceren In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt beschreven welke interne (B1) en externe maatregelen (B2) zijn getroffen om een bijdrage te leveren aan de verdere tekortreductie. Onder een externe maatregel wordt verstaan: een maatregel die tot stand is gekomen met een duidelijk herkenbare inbreng van externen (dus personen of organisaties buiten de eigen gemeente). Bij B2 wordt aan de hand van drie vragen beschreven hoe de consultatie van de externe partij of externe bron heeft geleid tot de getroffen externe maatregelen. Indien maatregelen tot stand komen zonder inbreng van externen worden deze als intern aangemerkt. Bij B1 (beschrijving getroffen interne maatregelen) en B2 (Beschrijving getroffen externe maatregelen) mag het college ingaan op eerder getroffen maatregelen die in 2024 zijn voortgezet. Ook kan het college ingaan op maatregelen die na evaluatie zijn stopgezet en op maatregelen die vanaf 2024 nieuw zijn getroffen. Het college dient bij B1 minimaal één interne maatregel en bij B2 minimaal één externe maatregel te benoemen. Vereiste hierbij is dat deze maatregelen vóór 15 augustus 2025 zijn getroffen. B1.

Beschrijving getroffen interne maatregelen

Uit de analyse volgt dat een belangrijke reden van het tekort is dat de instroom groter is dan de uitstroom. In tegenstelling tot bij de instroom, hebben gemeenten bij de uitstroom meer handvatten om invloed te hebben op de omvang van het uitkeringenbestand. 

Weghalen ondersteuning participatie inburgering bij taalschool De uitvoering van de Wet inburgering 2021 is eind 2024 geëvalueerd. Een van de conclusies daarin is dat de ondersteuning bij participatie van inburgeraars niet goed uit de verf kwam. Bij invoering is er bewust voor gekozen om de taallessen en begeleiding bij participatie bij één partij 11

te beleggen, namelijk de taalschool. De voordelen zouden zijn dat inburgeraars met slechts één partij te maken hebben en taal en participatie goed op elkaar afgestemd zouden kunnen worden. Inmiddels blijkt dat de taalschool onvoldoende is toegerust om inburgeraars te ondersteunen bij het vinden van bijvoorbeeld betaald werk of taalrijke stages. In goed overleg is daarom gekozen voor een andere werkwijze waarbij: o De klantmanager inburgering de regie op participatie en re-integratie van inburgeraars sterker naar zich toe trekt; o Contracten zijn gesloten met aanbieders met kennis en ervaring op het gebied van participatie en re-integratie voor inburgeraars om het participatiedeel van de inburgeringplichten vorm te geven; o Het vinden van en bemiddelen naar taalstages voor inburgeraars nu intern wordt uitgevoerd, om zo dichter op de uitvoering ervan te zitten; o We starten ook zo snel mogelijk met trajecten naar betaald werk. In principe doen we dat binnen drie maanden na vestiging in de gemeente. o Voor het grootste deel van de inburgeraars (zij die de B1-route volgen) is het doel dat zij binnen hun inburgeringstermijn van drie jaar betaald werk hebben gevonden.

Duidelijkheid scheppen inburgeringsplicht vs. arbeidsplicht Participatiewet waardoor inburgeraars minder snel tussen wal en schip landen In de uitvoering bleek onduidelijkheid te zijn over hoe de arbeidsplichten van de Participatiewet zich verhouden tot de inburgeringsplicht uit de Wet inburgering 2021. Hierdoor liep de reintegratie van uitkeringsgerechtigde inburgeraars vertraging op. In maart 2025 is deze onduidelijkheid weggenomen bij klantmanagers. Er is een gesprek gevoerd tussen beleid en uitvoering waarin het kader is geschetst en verduidelijkt. Samengevat komt dit erop neer dat de inburgering leidend is, maar dat deze niet belemmerend hoeft te zijn om in deeltijd te werken en daarmee uitkeringsonafhankelijk te worden. Participatie (vooral door betaald werk) is immers ook een zeer effectieve manier om de taal te leren.

Themacontrole waterverbruik In februari 2025 is een themacontrole waterverbruik gestart. Daarbij is van alle adressen waarop een uitkering wordt verstrekt het waterverbruik opgevraagd bij Evides. Het doel is om via het waterverbruik aanknopingspunten te vinden voor nader onderzoek naar de woonsituatie. Daarbij wordt vooral gekeken naar adressen met een extreem laag waterverbruik, wat een indicatie is dat de woning niet of nauwelijks bewoond wordt. Het college is op grond van de Participatiewet gerechtigd om spontaan onderzoek te doen naar de rechtmatige verstrekking van een uitkering. Daarbij mag ook het waterverbruik worden opgevraagd.

Gebruik regionale re-integratie instrumenten 12

In de arbeidsmarktregio Haaglanden is een convenant afgesloten dat het mogelijk maakt dat regiogemeenten van elkaars aanbod aan re-integratie instrumenten gebruik maken. Ook Midden-Delfland heeft dit convenant ondertekend. Idee erachter is dat het makkelijker wordt om een passend traject te vinden voor een inwoner als de gemeente zelf geen goed aanbod heeft. De trajecten worden beschikbaar gesteld via een online portal.

13

B2.

Beschrijving getroffen externe maatregelen

Elke getroffen maatregel wordt beschreven met de naam van de maatregel, een omschrijving van de maatregel en gevolgd door de antwoorden op elk van de volgende drie vragen over die maatregel: a) Wat is (zijn) de externe bron(nen) (partij of ‘schriftelijke’ informatie) voor deze maatregel geweest? b) Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe ‘schriftelijke’ informatie? c) Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie? Ken je klant: data gestuurd werken a) Wat is (zijn) de externe bron(nen) (partij of ‘schriftelijke’ informatie) voor deze maatregel geweest? Divosa publicatie Hoe beheers je de BUIG-uitgaven? uit april 2024. b) Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe ‘schriftelijke’ informatie? Het is belangrijk dat uitvoerend professionals de bijstandsgerechtigden goed kennen. Data, sturingsinformatie en zinvolle KPI’s zijn hierbij belangrijk. Het zijn handvatten om te sturen op de gestelde doelen. Het biedt ook de mogelijkheid om te sturen op onlogische combinaties, zoals uitkeringsgerechtigden met de volledige arbeidsplicht die geen traject volgen. Daardoor raken zij minder snel uit het zicht.

c) Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie? Er is vastgesteld welke indicatoren gevuld moeten worden in het klantvolgsysteem. Dan gaat het bijvoorbeeld om de status van de arbeidsplicht, trede op de participatieladder en de trajecten die klanten volgen. Dit is op een handzame manier beschikbaar gesteld aan de klantmanagers. Door de hoeveelheid aan mogelijkheden die het systeem biedt, gebeurde dit in het verleden nauwelijks en ook niet doelgericht. Vervolgens heeft de kwaliteitsmedewerker in maart 2025 gesprekken gevoerd met klantmanagers over hun caseload. Daarbij is de kwaliteit van de data op orde gebracht, hebben klantmanagers beter overzicht gekregen in hun caseloads en is gezocht naar aanknopingspunten om met inwoners het gesprek aan te gaan over hun mogelijkheden voor re-integratie. Op deze manier is ook invulling gegeven aan een belangrijke maatregel uit de aanvraag voor een vangnetuitkering over de jaren 2022 en 2023. Scan voorliggende voorzieningen in uitkeringenbestand

14

a) Wat is (zijn) de externe bron(nen) (partij of ‘schriftelijke’ informatie) voor deze maatregel geweest? Uit het Overzicht maatregelen VU 2016 t/m 2020 van de Toetsingscommissie Vangnet Participatiewet blijkt dat dit een van de maatregelen is die in het verleden door meerdere gemeenten succesvol is ingezet. b) Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe ‘schriftelijke’ informatie? Door inwoners goed gebruik te laten maken van voorliggende voorzieningen waar zij recht op hebben, wordt er minder snel een beroep op bijstand gedaan. Met name ziekte- en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen zijn complex. Daarvoor is kennis nodig die nu niet in huis is. Bovendien is het voor de inwoner gunstig omdat zij een uitkering ontvangen (met alle rechten en plichten van dien) die beter past bij hun situatie dan een bijstandsuitkering. c) Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie? Het college laat een scan voorliggende voorzieningen uitvoeren door een extern bedrijf. Naar verwachting start het project begin van de zomer 2025. Daarbij wordt op basis van dossieronderzoek geselecteerd welke inwoners grote kans maken op een voorliggende voorziening. Inwoners worden vervolgens ook ondersteund in het aanvragen ervan.

Intensiveren werkgeversdienstverlening a) Wat is (zijn) de externe bron(nen) (partij of ‘schriftelijke’ informatie) voor deze maatregel geweest? Uit het Overzicht maatregelen VU 2016 t/m 2020 van de Toetsingscommissie Vangnet Participatiewet blijkt dat dit een van de maatregelen is die in het verleden door meerdere gemeenten succesvol is ingezet. b) Welk inzicht bij de gemeente is gekregen door die externe partij of externe ‘schriftelijke’ informatie? Door de lokale en regionale arbeidsmarkt te bewerken, worden kansen gecreëerd voor uitkeringsgerechtigden om terug te keren op die arbeidsmarkt. c) Welke externe maatregel is getroffen naar aanleiding van de conclusie(s) uit deze consultatie? Bovenstaand inzicht heeft geleid tot het nemen van twee maatregelen, namelijk het aanstellen van een werkgeversconsulent en aandacht voor Social Return on Investment in het inkoopbeleid van de gemeente. Aanstellen werkgeversconsulent Per februari 2025 heeft het college een werkgeversconsulent aangesteld voor 8 uur per week. Deze collega gaat een netwerk van lokale werkgevers opbouwen die vacatures hebben die kunnen worden ingevuld door uitkeringsgerechtigden. Deze collega werkt intensief samen met 15

de klantmanagers waardoor er bij een potentiële match snel gereageerd kan worden. Bovendien kan de werkgeversconsulent werkgevers informeren over instrumenten waar zij gebruik van kunnen maken, zoals loonkostensubsidie of jobcoaching. Actualiseren inkoopbeleid met aandacht voor Social Return on Investment (SROI) Het college heeft op 7 januari 2025 de Beleidsregels inkoop- en aanbesteden Midden-Delfland 2025 vastgesteld. Hierin zijn (onder andere) bepalingen opgenomen over maatschappelijk verantwoord inkopen en er wordt invulling gegeven aan SROI. Op deze manier worden ondernemers die opdrachten doen voor de gemeente gestimuleerd werkplekken te creëren voor mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. Het college zoekt daarbij aansluiting bij de bouwblokkenmethode uit de arbeidsmarktregio Haaglanden. De al eerder genoemde werkgeversconsulent speelt een belangrijke rol bij de uitvoering hiervan. Het inkoopproces van de gemeente is zodanig ingericht dat hij automatisch wordt geïnformeerd zodra een inkoopproces start.

16

C. Beoogd effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt het beoogde effect beschreven van de genoemde (aanvullende) interne en externe maatregelen die een bijdrage leveren aan de verdere tekortreductie (C1). Het gaat hierbij om een inschatting van het beoogde effect. Ook wordt aangegeven hoe het effect van de maatregelen wordt gemonitord (C2). Het effect van de maatregel wordt zoveel mogelijk gekwantificeerd (C1). Indien het kwantificeren van het effect van maatregelen slecht of niet mogelijk is, kan het college volstaan met een kwalitatieve toelichting. C1. Beoogd effect van de getroffen maatregelen op de verdere tekortreductie. Het college verwacht het grootste effect van de maatregel gericht op re-integratie. Hoewel de doelgroep uitdagend is door de problematiek waarmee inwoners kampen, heeft het college er vertrouwen in dat de nieuwe re-integratieaanpak gaat leiden tot een afname van de bijstandsuitgaven. Concreet verwachten we de volgende effecten van de genomen maatregelen:  De keuze in extra re-integratietrajecten heeft tot en met het eerste kwartaal van 2025 geleid tot 16 extra inwoners die een re-integratietraject volgen. In ieder geval een van hen stroomt voor de zomer van 2025 uit naar betaald werk.

 Van de scan voorliggende voorzieningen is bekend dat het over het algemeen leidt tot een besparing van 2,5% tot 5% op de BUIG-uitgaven. We verwachten dat dit ook voor MiddenDelfland geldt. 

De themacontrole waterverbruik heeft 25 adressen opgeleverd waar nader onderzoek naar wordt gedaan. Deze zullen niet allemaal leiden tot beëindiging van de uitkering (en daarmee besparing), maar de verwachting is dat dit wel tot enkele beëindigingen zal leiden.

C2. De wijze waarop het effect van de maatregelen wordt gemonitord. Door de maatregel ‘Ken je klant: data gestuurd werken’ is de registratie in het klantvolgsysteem op orde gebracht. Daarmee is het beter mogelijk om te sturen op re-integratietrajecten. Elk half jaar wordt de kwaliteit van de data beoordeeld door de kwaliteitsmedewerker en wordt indien nodig bijgewerkt. Daarnaast is elk kwartaal een gesprek tussen het management, controller en beleidsmedewerkers over de ontwikkelingen in het uitkeringenbestand. Dat geeft een mogelijkheid om bij te sturen op basis van ontwikkelingen.

17

D. Ondertekening Een verzoek tot vangnetuitkering dient door het college van burgemeester en wethouders te worden ingediend, ook indien de uitvoering van de Participatiewet aan een samenwerkingsverband is overgedragen. Omdat de financiering van de bijstand via de gemeenten verloopt, is het aan de colleges en raden van gemeenten om de aanvraag op te stellen en in te dienen. De ondertekening geschiedt door burgemeester en secretaris. De ondertekening is volledig indien de naam van de gemeente en de naam van de ondertekenaar zijn ingevuld, de datum is ingevuld en de handtekeningen zijn gezet. De verklaring is slechts geldig indien het college deze met het door de minister van SZW ter beschikking gestelde aanvraagformulier heeft aangeboden aan de raad. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Delfland verklaart dat het vóór 15 augustus 2025 de genoemde interne en externe maatregelen heeft getroffen om te komen tot verdere tekortreductie. Datum: ___________ De secretaris,

Naam van de ondertekenaar: M.A.I. Born De burgemeester,

Naam van de ondertekenaar: F.I. Noordermeer – van Slageren

18

2. Instemming gemeenteraad In artikel 10, eerste lid, onderdeel d, Besluit Participatiewet staat dat de verklaring van het college de instemming van de gemeenteraad moet hebben. De instemming is pas geldig indien de verklaring aan de raad is aangeboden in de vorm van het door de minister vastgestelde aanvraagformulier.

De gemeenteraad stemt in met de verklaring van het college. Daarmee bevestigt de gemeenteraad dat het college: 1. 2. 3.

voldoende duidelijk heeft gemaakt wat de oorzaken zijn van het tekort; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat het pakket van maatregelen effectief is om de geschetste problemen aan te pakken, binnen de mogelijkheden die de gemeente heeft; voldoende duidelijk heeft gemaakt dat dit pakket van maatregelen, voor zo ver door de gemeente beïnvloedbaar is, leidt tot een beoogde tekortreductie. Daarbij wordt het effect van deze maatregelen kwantitatief dan wel kwalitatief inzichtelijk gemaakt.

Ondertekening De ondertekening geschiedt door voorzitter en griffier. De gemeenteraad dient voor het moment van indiening van het verzoek zijn instemming te hebben gegeven. De aanvraag dient uiterlijk 15 augustus 2025 door de Toetsingscommissie te zijn ontvangen. De gemeenteraad van de gemeente Midden-Delfland stemt in met de onder 1 door het college van deze gemeente afgegeven verklaring. Met de ondertekening gaat de gemeenteraad akkoord met de beschrijving van de wijze waarop hij is geïnformeerd door het college en met de weergave van de samenvatting van de opvattingen van de gemeenteraad. De voorzitter,

Naam van de ondertekenaar: F.I. Noordermeer – van Slageren De griffier,

19

Naam van de ondertekenaar: A. de Vos

20

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=5fb424bd-c911-44cd-9162-b6a67393219a