CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

08 Lijst wijzigingen

Gemeenteraad 12 december 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: Voorstel tot vaststelling Bezwaarschriftenverordening2.850 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verordening 2023

Verordening 2018

Artikel 2 Inleidende bepalingen en reikwijdte 1. Er is een commissie ter advisering over de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 2. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen, de Wet waardering onroerende zaken of de rechtspositieen andere regelingen voor het gemeentelijk personeel. 3. Indien op het bestreden besluit de coördinatieregeling van toepassing is, kan er worden afgeweken van de bepalingen in deze verordening.

Artikel 2 Inleidende bepaling 4. Er is een commissie ter advisering over de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester. 5. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van: a. een wettelijk voorschrift inzake belastingen; b. de Wet waardering onroerende zaken; c. rechtspositie- en andere regelingen voor het gemeentelijk personeel.

Artikel 3 Instelling en samenstelling van de externe commissie 1. De commissie bestaat uit ten minste drie leden. 2. Alle leden van de commissie worden tevens als voorzitter benoemd. Er is geen vaste voorzitter van de commissie. Per hoorzitting wordt een voorzitter aangewezen, volgens een door de commissie te bepalen roulatiesysteem. 3. De leden van de commissie worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 4. Het college kan overeenkomstig het eerste lid plaatsvervangende leden benoemen. 5. De leden van de commissie mogen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het gemeentelijk bestuursorgaan en mogen voorts niet Artikel 4 Secretaris 1. De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen ambtenaar. 2. Het college wijst een of meer secretarissen aan.

Artikel 3 Samenstelling van de commissie 1. De commissie bestaat uit ten minste drie leden. 2. Alle leden worden tevens als voorzitter benoemd. Er is geen vaste voorzitter van de commissie. Per hoorzitting wordt een voorzitter aangewezen. 3. De leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen. 4. Het college kan overeenkomstig het eerste lid plaatsvervangende leden benoemen. 5. De leden van de commissie mogen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van een gemeentelijk bestuursorgaan van de gemeente Midden-Delfland en mogen voorts niet woonachtig zijn in de gemeente Midden-Delfland.

Artikel 5 Zittingsduur 1. De leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar. 2. De leden van de commissie kunnen éénmaal worden herbenoemd. 3. De leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 4. De aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 5 Zittingsduur 1. De leden van de commissie treden af op de dag van het aftreden van de gemeenteraad. De leden van de commissie kunnen worden herbenoemd. 2. De leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan het college. 3. De aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 4 Secretaris 1. De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen ambtenaar. 2. Het college wijst een of meer secretarissen aan.

Artikel 6 Procedures behandeling bezwaarschriften 1. Het bestuursorgaan registreert het ingediende bezwaarschrift met de datum van ontvangst. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overlegde (digitale) stukken wordt in handen van de commissie gesteld. Artikel 7 Informele behandeling 1. Het bestuursorgaan onderzoekt of het bezwaarschrift informeel kan worden afgehandeld alvorens het verder in behandeling te nemen. 2. De informele aanpak start door kort na binnenkomst van het bezwaarschrift hierover contact op te nemen met de bezwaarmaker en de voorbereider van het primaire besluit. 3. Als het bezwaar in der minne wordt geschikt, legt het bestuursorgaan de gemaakte afspraken schriftelijk vast en neemt het zo nodig een nieuw besluit.

Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift 1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend. 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt in handen van de commissie gesteld.

geen

Artikel 8 Uitoefening bevoegdheden 1. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de secretaris van de commissie namens de fungerend voorzitter: • artikel 2:1, tweede lid; • artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; • artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; • artikel 7:4, tweede lid; 2. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de fungerend voorzitter van de commissie: • artikel 7:6, tweede en vierde lid.

Artikel 7 Uitoefening bevoegdheden 3. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de secretaris van de commissie namens de fungerend voorzitter: • artikel 2:1, tweede lid; • artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn; • artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie; • artikel 7:4, tweede lid; 4. De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de fungerend voorzitter van de commissie: • artikel 7:6, tweede en vierde lid.

Artikel 9 Vooronderzoek 1. De fungerend voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2. De fungerend voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 8 Vooronderzoek 1. De fungerend voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen. 2. De fungerend voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 10 Hoorzitting 1. De secretaris van de commissie bepaalt namens de fungerend voorzitter plaats en tijdstip van de zitting waarin de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2. De fungerend voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de wet. 3. Indien de fungerend voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan.

Artikel 9 Hoorzitting 1. De secretaris van de commissie bepaalt namens de fungerend voorzitter plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen. 2. De fungerend voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de wet. 3. Indien de fungerend voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Artikel 11 Uitnodiging zitting 1. De secretaris nodigt namens de fungerend voorzitter de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2. Binnen drie werkdagen na de uitnodiging kunnen de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden of het verwerend bestuursorgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3. De beslissing van de fungerend voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de bezwaarmaker, eventuele andere belanghebbenden en het verwerend bestuursorgaan meegedeeld. 4. De fungerend voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 10 Uitnodiging zitting 1. De secretaris nodigt namens de fungerend voorzitter de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit. 2. Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen. 3. De beslissing van de fungerend voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld. 4. De fungerend voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 12 Quorum 1. Advisering vindt altijd plaats door ten minste drie leden, onder wie de fungerend voorzitter. 2. Voor het houden van een zitting is vereist dat ten minste drie leden, onder wie in elk geval de fungerend voorzitter, aanwezig zijn. 3. Onder bijzondere omstandigheden kan het horen plaatvinden door twee leden, onder wie in elk geval de fungerend voorzitter, of kan de commissie dit opdragen aan de fungerend voorzitter.

Artikel 11 Quorum Advisering vindt altijd plaats door ten minste drie leden, onder wie de fungerend voorzitter. Voor het houden van een zitting is vereist dat ten minste drie leden, onder wie in elk geval de fungerend voorzitter, aanwezig zijn. Onder bijzondere omstandigheden kan het horen gebeuren door twee leden, onder wie in elk geval de fungerend voorzitter, of kan de commissie dit opdragen aan de fungerend voorzitter.

Artikel 13 Onpartijdigheid leden 1. De fungerend voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift

Artikel 12 Niet-deelneming aan de behandeling De leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift

indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

Artikel 14 Openbaarheid zitting 1. De zitting van de commissie is openbaar. 2. De deuren kunnen worden gesloten indien de fungerend voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien de bezwaarmaker dan wel een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren.

Artikel 13 Openbaarheid zitting 1. De zitting van de commissie is openbaar. 2. De deuren kunnen worden gesloten indien de fungerend voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. 3. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren.

Artikel 15 Verslaglegging 1. Het verslag van de hoorzitting als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb bestaat uit een digitale geluidsopname, die op verzoek aan de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden ter beschikking wordt gesteld. 2. De secretaris maakt op basis van de geluidsopname een schriftelijk verslag wanneer: a. het bestuursorgaan dat nodig acht voor zijn besluitvorming, of b. de bezwaarmaker dan wel eventuele andere belanghebbenden daar vanwege moverende redenen om verzoekt, of c. een gerechtelijke instantie daar om verzoekt in geval van een (hoger) beroepsprocedure. 3. Het schriftelijk verslag bevat de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid en houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. 4. Het schriftelijke verslag wordt ondertekend door de secretaris van de commissie.

Artikel 14 Schriftelijke verslaglegging 1. Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid. 2. Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen. 3. Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding. 4. Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht. 5. Het verslag wordt ondertekend door de fungerend voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 16 Nader onderzoek 1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de fungerend voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend bestuursorgaan, de

Artikel 15 Nader onderzoek 1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de fungerend voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden. 2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden.

3.

4.

bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden toegezonden. De leden van de commissie, het verwerend bestuursorgaan, de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De fungerend voorzitter beslist op zo'n verzoek. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting van overeenkomstige toepassing.

3.

4.

De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De fungerend voorzitter beslist op zo'n verzoek. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting van overeenkomstige toepassing.

Artikel 17 Raadkamer en advies 1. De commissie stelt na de beraadslaging en haar beslissing een advies op. 2. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 3. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de fungerend voorzitter. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. 4. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 5. Het advies wordt digitaal door de voorzitter en de secretaris ondertekend.

Artikel 16 Raadkamer en advies 1. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies. 2. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de fungerend voorzitter. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt. 3. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift. 4. Het advies wordt door de fungerend voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

Artikel 18 Uitbrengen advies en verdaging 1. Het advies wordt, onder medezending van eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2. Indien naar het oordeel van de secretaris van de commissie de termijn van 12 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de wet, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verdaagt hij - voor zover het bezwaarschrift nog in behandeling is bij de commissie - tijdig de termijn voor het nemen van de beslissing. 3. Van een besluit tot verdaging ontvangt het verwerend bestuursorgaan, de bezwaarmaker en eventuele andere belanghebbenden een afschrift.

Artikel 17 Uitbrengen advies en verdaging 1. Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen. 2. Indien naar het oordeel van de secretaris van de commissie de termijn van 12 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de wet, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verdaagt hij - voor zover het bezwaarschrift nog in behandeling is bij de commissie - tijdig de termijn voor het nemen van de beslissing. 3. Van een besluit tot verdaging ontvangt het verwerend orgaan en de eventuele derde-belanghebbende(n) een afschrift.

Artikel 19 Evaluatie Deze verordening wordt in 2024 geëvalueerd. Artikel 20 Intrekken oude regeling De Verordening bezwaarschriftencommissie Midden-Delfland 2018, vastgesteld op 15-022019 door de raad, het college en de burgemeester van de gemeente MiddenDelfland, wordt ingetrokken.

Geen

Artikel 21 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking daarvan op de wijze zoals voorgeschreven in artikel 3:42 van de wet.

Artikel 19 Inwerkingtreding Deze verordening treedt in werking op de achtste dag na de datum van bekendmaking.

Artikel 22 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bezwaarschriftencommissie Midden-Delfland 2023

Artikel 20 Citeertitel Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening bezwaarschriftencommissie Midden-Delfland 2018.

Artikel 18 Intrekken oude regeling De Verordening bezwaarschriftencommissie Midden-Delfland 2005, vastgesteld op 31 mei 2005 door de raad, het college en de burgemeester van de gemeente MiddenDelfland, wordt ingetrokken.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=87bacec0-1ff2-4ca9-8117-f1c29745c5a5