07 Vraag CDA bijlage beantwoording Effect maatregeln BUIG aanvraagformulier
Tekst van het document
C. Beoogd effect van de genoemde maatregelen op de tekortreductie
In dit onderdeel van de verklaring van het college wordt het beoogde effect beschreven van de genoemde (aanvullende) interne en externe maatregelen, die een bijdrage leveren aan de verdere tekortreductie (C1). Het gaat hierbij om een inschatting van het beoogde effect. Ook wordt aangegeven hoe het effect van de maatregelen zal worden gemonitord (C3). Het effect van de maatregel wordt zoveel mogelijk gekwantificeerd (C1). In bepaalde gevallen is het kwantificeren van het effect van maatregelen slecht of niet mogelijk. In die gevallen wordt kort toegelicht waarom alleen een kwalificering van het effect van de maatregel mogelijk is (C2). C1. Beoogd effect van de getroffen maatregelen op de verdere tekortreductie. Het sterkste effect moet komen van de maatregelen die leiden tot de nieuwe werkwijze binnen de re-integratie. Gezien de grote afstand tot de arbeidsmarkt van de meeste bijstandsgerechtigde inwoners van Midden-Delfland, is het niet de verwachting dat een groot deel op korte termijn (duurzaam) zal uitstromen naar betaald werk. Bovendien is het van meerdere factoren afhankelijk, die niet allemaal door de gemeente zijn te beïnvloeden. Daarmee is het effect voor verdere tekortreductie ook moeilijk te kwantificeren. De pilots met nieuwe trajecten bij Firma van Buiten en met Refrisk hebben inmiddels geleid tot twee resp. drie trajecten.
Van andere maatregelen is het effect beter te kwantificeren: • Inzet handhaving: € 53.250,Op basis van verwachte beëindiging van twee uitkeringen en één ingetrokken aanvraag à € 17.750,- per uitkering p/j • Verbeterde inzet debiteurenbeheer: € 10.000,Hierbij is het doel de aflossing per vordering gelijk te trekken aan het gemiddelde uit de Divosa Benchmark • Herstellen foutieve vakantiegeldberekening: € 2.500,Gebaseerd op berekeningen over voorgaande jaren C2. Toelichting indien deze effecten niet kunnen worden gekwantificeerd. Door de verscheidenheid in de problematiek onder bijstandsgerechtigde inwoners (die leidt tot een grote afstand tot de arbeidsmarkt), is het moeilijk in te schatten of, en zo ja op welke termijn, zij uit zullen stromen naar betaald werk en daarmee een bijdrage leveren aan reductie van het tekort. De doelen van het nieuwe re-integratiebeleid zijn vooral gericht op het vergroten van de participatie van bijstandsgerechtigde inwoners, door hen te laten stijgen op de participatieladder. Dit heeft ook gunstige andere maatschappelijke effecten, zoals terugdringen van zorggebruik. C3. De wijze waarop het effect van de maatregelen wordt gemonitord. Sinds eind 2023 worden ambtelijk maandelijks (financiële) rapportages besproken met het management, op basis waarvan meerdere keren per jaar een prognose wordt gemaakt van de ontwikkeling van het BUIG-budget.
Dit leidt tot inzicht in cijfers en ontwikkelingen. Dit is ook de basis voor de periodieke begrotingswijzigingen die vier keer per jaar aan de gemeenteraad worden aangeboden. De voornaamste maatregel (het herzien van de re-integratie) is zo opgezet dat gemakkelijk kan worden bijgestuurd als blijkt dat een instrument in het aanbod mist. Dit kan gemakkelijker geïnitieerd worden vanuit de uitvoering en is dus een continu proces. Dat staat los van een evaluatie van de volledige nieuwe werkwijze, die gepland staat voor eind 2025.