06 Vragen fractie Mijn Partij
Tekst van het document
Onderwerp: agendapunt 6 Onderzoek datalekken Indiener: J.P. van der Spek (Mijn Partij) A. Over de conclusies van het Berenschot-rapport 1. Deelt het college de conclusie van Berenschot dat het datalek primair is veroorzaakt door organisatorische en procesmatige tekortkomingen, en niet door technisch falen? REACTIE 2. Welke conclusies trekt het college hieruit voor de inrichting en aansturing van de ambtelijke organisatie? REACTIE B. Over het afwijken van werkprocessen 3. Kan het college concreet aangeven welke standaardprocedures zijn losgelaten bij het opstellen en versturen van de raadsinformatiebrief waarin het datalek is ontstaan? REACTIE 4. Wie heeft het besluit genomen om van deze procedures af te wijken, en op welk moment? REACTIE 5. Waren er op dat moment vastgelegde regels of richtlijnen die het afwijken van procedures onder tijdsdruk toestonden, en zo ja, welke? REACTIE C. Over de rol van de gemeentesecretaris 6. Onderschrijft het college dat de gemeentesecretaris verantwoordelijk is voor procesbewaking, kwaliteit en risicobeheersing binnen de ambtelijke organisatie? REACTIE 7. Hoe beoordeelt het college, in het licht van het Berenschot-rapport, het handelen van de gemeentesecretaris bij het toestaan of initiëren van een afwijkende werkwijze? REACTIE 8.
Zijn er naar aanleiding van het rapport gesprekken gevoerd met de gemeentesecretaris over diens rol en handelen, en zo ja, tot welke conclusies hebben die geleid? REACTIE D. Over bestuurlijke verantwoordelijkheid
9. Hoe reflecteert het college op de eigen rol bij het onvoldoende borgen van zorgvuldige procedures rond gevoelige informatie? REACTIE 10. Welke lessen trekt het college uit dit incident voor de sturing op de ambtelijke top? REACTIE E. Over verbetermaatregelen en borging 11. Welke concrete maatregelen zijn inmiddels genomen om herhaling van een dergelijk datalek te voorkomen? REACTIE 12. Zijn werkprocessen rond WOO-verzoeken, raadsinformatiebrieven en openbaarmaking inmiddels schriftelijk vastgelegd, verplicht gesteld en intern getoetst? REACTIE 13. Is het vierogenprincipe bij publicatie van documenten met persoonsgegevens nu structureel geborgd, en hoe wordt dit gecontroleerd? REACTIE F. Over toezicht en informatie aan de raad 14. Hoe en wanneer wordt de raad geïnformeerd over de naleving en effectiviteit van de aangekondigde verbetermaatregelen? REACTIE 15. Is het college bereid om de raad periodiek te rapporteren over privacy- en informatiebeveiligingsincidenten, inclusief organisatorische oorzaken? REACTIE G. Over vertrouwen van inwoners 16. Hoe beoordeelt het college de impact van dit datalek op het vertrouwen van inwoners in de gemeente? REACTIE 17. Welke aanvullende stappen zet het college om dit vertrouwen actief te herstellen? REACTIE
Optioneel (politiek scherper) 19. Acht het college het wenselijk dat de rol, bevoegdheden en verantwoordelijkheden van de gemeentesecretaris explicieter worden vastgelegd en gedeeld met de raad? REACTIE
20. Is het college bereid externe toetsing te laten plaatsvinden op de verbeterde werkwijze na een jaar? REACTIE