CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Vragen fractie OGP

Gemeenteraad 25 oktober 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: COMMISSIE Vragen fracties met beantwoording1.415 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

COMMISSIE 11 OKTOBER 2023

Punt 6: Voorstel resultaat onderzoek naar de mogelijkheid van Flexwonen en opvang in Midde-Delfland Indiener: dhr N.C. Knaap en mevr S.A. Koppert (OGP) Geachte leden van het college,

Technische vragen Opvang vluchtelingen_deel 1 Het voorstel dat wij op vrijdag 22 september als gemeenteraad hebben gekregen ten aanzien van de opvang van vluchtelingen aan de locatie Harnaschdreef in Den Hoorn kent vele kanten. Na het eerste doorlezen van de stukken hebben wij een aantal technische vragen die we graag van het college beantwoord willen zien. Over het raadsvoorstel, de oplegger Inleiding: gesproken wordt over taakstelingen van aantallen vluchtelingen in de provincie Zuid-Holland (3.600 oekrainers en 18.593 asielzoekers). Vraag 1: is dit voor alleen dit jaar (2023) ? en zo ja hoe ziet dat er bijv voor 2024 en verder uit, wat is de verwachting? Daarnaast wordt gesproken over het bijdragen van onze steen in deze regio. Vraag 2: Welke aantallen en soorten vluchtelingen zijn er in de ons omringende gemeenten de afgelopen vijf jaar opgevangen en hoe verhouden deze zich tot wat wij in MiddenDelfland hebben gedaan? In 1.2 wordt gesproken over een passend aanbod en het zorgen voor voldoende vrijwilligers. In ons bezoek aan een bestaand AZC vorige week kwam dit ook als een kritische succesfactor naar voren: voldoende vrijwilligers die de bewoners helpen met allerhande zaken en hun verdere stappen in onze maatschappij.

Vraag 3: Hoeveel vrijwilligers en op welke gebieden zijn nodig om 225 mensen in de opvang zoals nu voorgesteld ook goed te kunnen begeleiden? En vraag 4: Hoe kan de gemeente of het COA voldoende vrijwilligers mobiliseren en motiveren? Wat gaat de gemeente doen? Onder 2 wordt gesproken over de locatie. In de eerste alinea wordt aangegeven hoe is omgegaan met de zoektocht naar lokaties en het terughoudend zijn in het delen van alle lokaties vanwege mogelijke ophef omdat betrokkenen van deze lokaties niet op de hoogte zijn. Wij vinden het belangrijk om een beter en concreter beeld te hebben van deze route van 41 locaties naar 4 en uieindelijk 1. Vraag 5/verzoek: graag een (waarschijnlijk besloten) commissie/informatievergadering organiseren om hier meer inzicht in te geven Onder 4.2 gaat het over de zorgvoorzieningen waaronder GZA. Vraag 6: hoe ziet de aanwezigheid van deze zorg er concreet uit, wanneer en hoe vaak zijn deze mensen ook daadwerkelijk aanwezig op de AZC-locatie? Ook wordt hier gesproken over begeleiders en taaldocenten. Uit een bezoek bij een bestaand AZC is ons duidelijk geworden dat (in elk geval daar) taalonderwijs pas voor de bewoners toegankelijk was nadat ze een status hebben gekregen. Dit was voor de “wachtende inwoners” erg lastig omdat ze graag de taal wilden leren.

Vraag 7: Hoe is dit in dit geval geregeld? En mogen mensen gewoon meedoen ook al hebben ze nog geen status?

Onder 5.3 gaat het over de veiligheid waarbij gesteld wordt dat “toezicht in en rond de locatie in principe een verantwoordelijkheid is van de beheerder”. Vraag 8: hoe breed is de definitie van “rond de locatie” in dit geval, waar houdt de grens van het toezicht door de beheerder op? Onder 6.2 wordt gesproken over “lokaal toewijzen” en dat hier nog het nodige voor moet worden uitgezocht. Vraag 9: Wanneer verwacht het college deze informatie beschikbaar te hebben? Onder 7.4 (tabel) wordt gesproken over: getallen taakstelling 2023, maar ook in de tabel over opvang asielzoekers (incl AMV) als verzoek van het Rijk. Vraag 10: wat is de status van een verzoek vanuit het Rijk en hoe verhoudt dit zich tot aantallen van 18.000 zoals ook eerder aangegeven als opgave voor de provincie? Onder 8.7 gaat het over reguliere inzet en dienstverlening waarbij gesteld wordt dat ook voor de lokale doelgroepen meer ondersteuning en inzet vanuit de gemeente nodig zal zijn. Vraag 11: wat is daar de reden voor? Deze lokale doelgroepen zijn nu toch ook al inwoners van Midden-Delfland? Hoofdstuk 9 kosten, in de verdeelsleutel worden de verhoudingen 66/96 en 30/96 gehanteerd over alle kosten in de tabel. Ook over zaken als sociaal domein en veiligheid.

Vraag 12: waarom tellen dit soort zaken ook mee in de 30 woningen die we beschikbaar maken voor lokale bewoners en spoedzoekers? Over bijlage 3: selectie locatie voor opvang en flexwonen: De hele afweging met “geanonimiseerde opties” is eigenlijk niet te volgen/te controleren voor ons als leden van de commisie en raad. Vraag 13: graag ontvangen wij (al dan niet vertrouwelijk) een versie van deze selectie waarin de opties B t/m D gewoon inzichtelijk zijn gemaakt qua locatie(s) Ten aanzien van optie D “spreiding over de drie kernen” is uit de stukken (raadsvoorstel en deze bijlage 3) onvoldoende duidelijk wat hier nou voor nodig zou zijn ten opzichte van het huidige voorstel voor 1 locatie aan de Harnaschdreef. Dit staat wel tussendoor omschreven maar redelijk “abstract”. Vraag 14: Er van uitgaande dat er in drie kernen een opvang wordt gerealiseerd van 3 x 75 personen, wat moet er dan georganiseerd worden om deze drie lokaties conform de richtlijnen van het COA te realiseren en te beheren. Graag ontvangen wij een helder overzicht met daarin de noodzakelijke aspecten en welke partij daar dan eventueel de kosten voor moet dragen. Met daarbij in het bijzonder: -

De verwerving/huur van de drie lokaties incl de inrichting en realisatie van de woningen voor de vluchtelingen; Welke inzet moet dan worden gepleegd op het aanwezig zijn van voldoende zorg en begeleiding voor de bewoners Welke inzet moet dan worden gepleegd op het zorgen voor voldoende beveiliging en beheer op de lokaties

Een globale bandbreedte van de inschatting van deze kosten zou hierin helpen om te kunnen bepalen hoe een dergelijke optie zich naast het organisatorische en menselijke aspect ook financieel verhoudt tot het voorstel voor 1 locatie.

Over Bijlage 4: de concept-bestuurlijke overeenkomst met het COA In artikel 3 lid 3 wordt gesproken over enerzijds een inspanningsverplichting vanuit het COA op een evenwichtige samenstelling, maar ook over “instroom is bepalend”. In art 3 lid vier gaat het over de samenstelling zoals is afgesproken (50% uit gezinnen en 50% azielzoekers die langer dan 6 maanden in procedure zitten. Hier wordt expliciet gestelt dat het COA dit zal doen. Vraag 15: hoe verhouden deze twee onderdelen zich met elkaar: “Instroom is leidend” ten opzichte van dat het COA de afgesproken verdeling zal hanteren? Wat is in deze overeenkomst leidend? In de 50-50 verdeling gezinnen en alleengaanden uit artikel 3 lid 4 lijkt geen apart percentage meer opgenomen voor de AMV. Vraag 16: Hoe zit dit nou precies? In artikel 8 lid 1 wordt gesproken dat als de gemeente de lokale taakstelling voor het plaatsen van statushouders niet haalt, dan 50% van de 30 flexwoningen ingezet moeten worden voor tussenvoorziening voor statushouders. Daarbij wordt ook de termijn van 10 jaar genoemd.

Vraag 17: Waarom staat hier ineens een termijn van 10 jaar ipv 5? Vraag 18: Het lijkt alsof we als we bijv 1 plaatsing achterlopen, we toch 15 woningen voor statushouders beschikbaar moeten stellen? Klopt dit en waarom deze afspraak? In artkel 8 lid 2 wordt gesteld dat het COA de kosten voorde realisatie vande flexwoningen voor de gemeente in rekening brengt bij de gemeente. Vraag 19: Welke kosten zijn dit concreet? Over Bijlage 5 (a en b): Plan van aanpak veiligheid In de raadsoplegger wordt gesteld dat het COA voor elke locatie met betrokkenen in overleg gaat over veiligheid. Ter info is nu het PvA van het AZC in Rijswijk bijgevoegd. Duidelijk is dat het overgrote deel van de zorgen die omwonenden uiten en de vragen die zij stellen gaan over veiligheid, niet alleen op de locatie maar ook in de aangrenzende wijk(en). Vraag 20: Met welke betrokkenen gaat het COA in het geval van Den Hoorn in overleg, hoe worden inwoners daar goed in betrokken en welke (mede)zeggenschap hebben zij in het opstellen van dit plan en de uitvoering daarvan? Overige technische vragen: Het dossier migratie is breder/meer omvattend dan alleen azielzoekers/vluchelingen. Vraag 21: hoeveel kennismigranten en arbeidsmigranten zijn in Midden-Delfland gehuisvest?

De fractie OGP heeft nog een extra technische vraag (vraag 22) t.a.v. de mogelijkheid van Flexwonen en opvang in Midden-Delfland: • Graag ontvangen wij een plattegrond van zowel de Flexwoning voor spoedzoekers en starters als een plattegrond van een woning waar vluchtelingen gaan wonen. En mochten er meerdere woningtypen zijn, dan ontvangen wij graag een plattegrond van de verschillende woningtypes.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=e8e139ff-8411-4953-a9d3-2b23ca80a6aa