CConstaterende datMidden-Delfland
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Vragen fractie D66 met antwoorden

Gemeenteraad 25 oktober 2023, gemeente Midden-DelflandBij agendapunt: COMMISSIE Vragen fracties met beantwoording2.263 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

COMMISSIE 11 OKTOBER 2023

Punt 6: Voorstel resultaat onderzoek naar de mogelijkheid van Flexwonen en opvang in Midde-Delfland Indiener: dhr R.E. Vieira (D66) Geachte leden van het college, U heeft onderzoek gedaan naar opvang van vluchtelingen in Midden-Delfland. Na bestudering van de aangeleverde documenten, hebben we nog diverse vragen: 1) Kan het college aangeven en onderbouwen hoe lang de meeste vluchtelingen op de potentiële opvanglocatie zouden wonen alvorens ze doorstromen? Graag uitsplitsing naar gezinnen, alleenstaanden en minderjarigen. Het is “standaard” dat de bewoners op de locatie blijven totdat er duidelijkheid is over de uiteindelijke status. Als iemand een verblijfsvergunning krijgt en daarmee statushouder wordt dan worden deze personen gekoppeld aan een gemeente. Daarmee komen ze op de taakstelling van die gemeente en wordt die gemeente geacht binnen enkele weken een woning aan te bieden. Dan verhuist de betrokkene. De periode tussen aanmelden als asielzoeker en duidelijkheid over de status mag 15 maanden duren. Dit betekent dat de asielzoekers ongeveer zo’n periode op een locatie zitten. Een uitsplitsing op basis van de tijd van de procedure op basis van de leeftijd of gezinskenmerken is niet gemaakt en dus ook niet te overhandigen. Op de website van het COA staat enkele richtlijnen over het verhuizen.

COA - Verhuizen | www.coa.nl 2) Uit de concept overeenkomst maken we op dat de beoogde samenstelling van de vluchtelingen een inspanningsverplichting is en geen resultaatsverplichting. Is dat correct? Het betreft een resultaatverplichting. Dat wil zeggen dat binnen een redelijke bandbreedte deze cijfers moeten worden gerealiseerd. De gemeente krijgt de gegevens regelmatig van het COA en de gemeente heeft het recht deze zelf op te vragen. Over het aantal alleenstaande minderjarige vluchtelingen (AMV) zijn harde afspraken te maken. De AMV worden op de persoon toegewezen. Dit zullen er dus 25 zijn. Dan heeft de gemeente nog 200 plekken daarvan hebben we aangegeven dat als de verdeling niet exact op 100 uitkomt de voorkeur ligt bij gezinnen. 3) Er worden afspraken gemaakt met het COA. a) Hoe en hoe vaak monitort de gemeente of voldaan wordt aan de gemaakte afspraken? b) Wat doet de gemeente als de gemaakte afspraken geschonden wordt? c) Wat doet de gemeente als de samenstelling van de groep anders wordt dan afgesproken? d) Hoe wordt de raad hierin betrokken? Deze afspraken zullen frequent worden besproken. De frequentie moet nog worden bepaald. Het ligt voor de hand hoogfrequent te starten.

De bespreking zal waarschijnlijk vooral gericht zijn op de samenstelling van de bewoners en op het reilen en zeilen op het perceel en de contacten met de samenleving (integratie, werk) maar ook over de eventuele overlast. Als de afspraken worden “geschonden” dan is er echt iets aan de hand. Dan zal dat worden geëscaleerd naar de portefeuillehouder. De portefeuillehouder zal dan frequenter met het

COA spreken. Als dat niet tot verbetering leidt dan kan tot leiden tot het opzeggen van de overeenkomst. Dit besluit zal worden voorafgegaan door een traject van opdracht tot verbetering en een stevige waarschuwing. Het ligt voor de hand dat het college zal besluiten de raad voorafgaand aan het opzeggen van de overeenkomst te informeren over het voorgenomen besluit. 4) Wat wordt gedaan om de vluchtelingen snel de taal te leren en aan een baan te helpen? Voor het leren van de taal is er voor volwassenen (door het COA met de inzet van vrijwilligers ) en de kinderen (via schakelklassen) een aanbod. Voor het begeleiden naar werk zijn er diverse mogelijkheden. Deze zijn overigens niet overwegend succesvol. In onze regio is er een zeer positieve ervaring met de statushouders in het Westland die via enkele uitzendbureaus aan het werk worden geholpen. Die werkwijze kunnen we overnemen. Eventueel kunnen onze eigen lokale ondernemers ook met een voorstel komen. 5) Hoe wordt de gezondheid en welzijn van de inwoners van de opvang en in de omgeving gemonitord? Dit doet het COA. Hiertoe zijn diverse zorgmedewerkers (gericht op en lichamelijke en geestelijke gezondheid) op de locatie beschikbaar. Voor het monitoren van de gezondheid van mensen in de omgeving van de opvang zijn geen wijzigingen voorzien.

6) Welke afspraken vallen te maken met handhavings- en veiligheids- en maatschappelijke organisaties op en rondom de opvang? Dit is een iets te omvangrijke vraag om dit echt tot in detail te beantwoorden. De gebruikelijke werkwijze is dat het COA enkele maanden voordat de opvang wordt bemenst een locatiemanager aanwijst die hiermee aan de slag gaat. De gemeente is hierbij de eerste partner waarmee het COA in gesprek gaat om het lokale aanbod te bespreken en te bekijken wie er allemaal relevant zijn voor een specifiek onderwerp (welzijn, taal, veiligheid, sport et cetera) met die personen groepen zullen dan afspraken worden gemaakt. Op elke locatie leidt dat tot andere afspraken omdat overal het lokale aanbod anders is. Omdat de veiligheid en de handhaving een onderwerp is waar veel aandacht voor is is vooruitlopend op het maken van deze afspraken voor Midden-Delfland reeds een opzet, in dit geval van Rijswijk, meegestuurd om te laten zien welke afspraken daar gemaakt zijn. Deze afspraken zijn gemaakt met de partners COA, Gemeente, Politie en OM. Voor Midden-Delfland hebben deze instanties op voorhand aangegeven soortgelijke afspraken te kunnen maken en nakomen. Dit zal echter nog worden uitgewerkt in de komende maanden. 7) De opvanglocatie is gepland langs een weg waar veel zwaar verkeer rijdt. Daarbij is het een lange weg waar verkeer hoge snelheden kan ontwikkelen.

a) Wat zou er voor voetgangers en fietsers gerealiseerd moeten worden om een oversteek veilig te maken? b) Wie zou deze verkeersinpassing betalen? Het uitwerken van dit vraagstuk is nog niet gedaan. Dit moet nog gebeuren. Het COA heeft al wel op basis van een bureaustudie (waarbij het verkeer op deze weg is meegenomen) aangegeven dat de locatie voldoet aan de vereisten voor veiligheid. Het vraagstuk van de kosten is ook nog niet zo concreet besproken het ligt voor de hand dat het merendeel van de kosten door het COA zal worden betaald. 8) Bestemmingsplan van de huidige locatie is “bedrijventerrein”. Hoe staan de provincie en het bedrijvenschap erin om van het bestemmingsplan af te wijken?

Het met een tijdelijke vergunning afwijken van de bestemming is een collegebesluit. Hiermee wijzigt de bestemming niet. Er is dus ook geen sprake van planschade of waardeverandering. Ook kunnen en zullen er geen maatregelen worden opgelegd aan de bedrijven vanwege de opvang. De provincie zal een tijdelijke afwijking gezien de noodzaak om opvang te realiseren proportioneel vinden. Uiteindelijk zal de grond wel moeten worden ingezet als bedrijventerrein. We geven twee antwoorden met betrekking tot het bedrijvenschap. Het bedrijvenschap waar Den Haag (85%) en Midden-Delfland (15%) samenwerken is zich, in het verkooptraject bewust van het tijdelijke gebruik. Met de eventuele verkoop wordt dit tijdelijke gebruik geaccepteerd. De huidige bedrijven in de omgeving zijn net als de inwoners in de gelegenheid gesteld zich te laten informeren over het voorstel. De opkomst was hoog. De vragen die werden gesteld kwamen overeen met die van de inwonersavond. Er was een enkel positief geluid maar verder vooral vragen over overlast en het effect op waarde van het vastgoed. Na de bijeenkomst is nog de vraag binnengekomen om vanwege de opvang er andere regels voor de bedrijven gaan gelden. Daarop is geantwoord dat dat niet het geval is. 9) Om de vluchtelingenopvanglocatie mogelijk te maken, moet grond verworven worden en later weer worden verkocht.

a) Kunt u een exploitatieberekening leveren? En daarbij aangeven wie welke kosten draagt? b) Wie moet de aankoop- en verkoop organiseren? Welke risico’s ziet u hierbij? De aankoop is een raadsbeslissing. Alleen de gemeente kan van dit aanbod van het bedrijvenschap gebruik maken het COA dus niet. De gemeente is de risicodrager van de kosten in relatie tot de opbrengsten bij verkoop. De berekeningen staan in het raadsvoorstel met betrekking tot de aankoop. Voor de opvang zijn er geen aparte berekeningen gemaakt. In de afspraken staat dat de huursom van het gebruikte perceel tenminste de rentekosten zullen bedragen. De verkoop kan te zijner tijd door de gemeente worden opgepakt. Als de raad besluit tot de opvang en de aankoop dan zal de verkoop na 6,5 jaar kunnen plaatsvinden. Eventueel kan een deel (als dat niet gebruikt wordt eerder worden verkocht. Als de raad geen opvang wil maar wel de gronden aankoopt dan kan de verkoop eerder plaatsvinden. Als de raad de gronden niet koopt dan zal het bedrijvenschap waarschijnlijk blijven bestaan om de verkoop af te ronden. 10) De opvanglocatie zou moeten komen op een stuk grond dat nu braakliggend is.

a) Kan het braakliggende terrein dat niet gebruikt wordt voor de opvang nog wel verkocht worden aan bedrijven en de komende jaren ontwikkeld worden? b) Zijn er daarbij extra geluids- of milieu eisen door de realisatie van de opvanglocatie? c) Moeten reeds bestaande bedrijven in de buurt hun bedrijfsvoering aanpassen als de COA locatie gerealiseerd wordt? Ja, een eventueel ongebruikt deel kan worden verkocht en ontwikkeld. Er komen dan geen andere eisen dan in het nu vigerende bestemmingsplan. De reeds bestaande bedrijven hoeven hun bedrijfsvoering niet aan te passen. 11) Diverse COA locaties in Nederland zien er verschillend uit. Sommigen tamelijk gesloten, massaal, donker en met zichtbare camera’s en anderen wat opener, vriendelijk, lichte bouw en groen. a) Wat is de inbreng van Midden-Delfland voor een woonvriendelijke uitstraling? b) Welke eisen zijn hierin meegegeven of kunnen nog meegegeven worden?

Midden-Delfland heeft aangegeven de voorkeur te hebben voor zo open en groen mogelijk. Het COA zal echter maatregelen moeten treffen die de jongeren (AMV en kinderen in de gezinnen) beschermen. Dit betekent dat het terrein niet van alle kanten onbeheerst toegankelijk kan zijn. 12) Welke selectiecriteria zijn er voor vrijwilligers die een bijdrage willen leveren aan de begeleiding van vluchtelingen? Er zijn vele vormen van vrijwilligerswerk waar de vluchtelingen en het COA mee geholpen zijn. Dus er zal voor iedereen die iets wil doen een nuttige plek zijn. Het COA werkt het liefst met lokale vrijwilligersorganisaties. Zoals bij ons SWMD. Die doen de eigen selectie van vrijwilligers. Als het COA daar voor specifieke taken nog nadere eisen aan wil stellen dan zal daarover overlegd worden. 13) Wie zorgt ervoor dat het terrein en de omgeving niet rommelig wordt? Het terrein en de zeer directe omgeving zal primair de verantwoordelijkheid van het COA zijn. 14) Er is in de samenleving twijfel of er onder lokale jongeren en spoedzoekers voldoende belangstelling is voor de flexwoningen op de beoogde locatie. a) Krijgt Midden-Delfland een bedrag als afgezien wordt van de flexwoningen? Zo ja, hoe hoog? b) Kunnen de flexwoningen voor lokale jongeren en spoedzoekers, losgekoppeld van de vluchtelingenopvang, op een andere locatie ontwikkeld worden? Zo nee, waarom niet.

Zo ja, wat betekent dat voor realisatie qua doorlooptijd en financiën? De gemeente krijgt geen bedrag als het aanbod van de flexwoningen wordt afgeslagen. Het realiseren op een andere locatie kan maar dit is wel gebonden aan de omvang van het woonblok. Dat gaat per 24. De woningen worden allemaal op hetzelfde moment geleverd en op één locatie. Dus verplaatsen vanaf die plek en opslag tot aan een eventuele andere realisatiedatum is dan de taak van de gemeente. De ontwikkeling van een andere locatie zal dan geheel door de gemeente moeten worden opgepakt. De doorlooptijd en kosten daarvan zijn niet in te schatten omdat niet duidelijk is welke locatie dit dan kan worden en wat de bestemming is en welke voorzieningen dan moeten worden aangelegd. 15) Wat zijn de gevolgen voor gemeente Midden-Delfland als we niet instemmen met het plan dat voorligt? Dan zal de gemeente de komende maanden waarschijnlijk geen stappen op dit punt zetten. Dan zal eerst de ontwikkeling qua wetgeving worden afgewacht. Het opnieuw gaan onderhandelen met het COA is in aanloop daarnaartoe niet opportuun. Op dit moment wordt het getal 97 gekoppeld aan Midden-Delfland voor de “verplichting” ten aanzien van de opvang. Dit getal is het resultaat van de rekensom waarbij de landelijke opgave verdeeld wordt over de inwoners van ons land. Dit getal wordt in de spreidingswet “indicatief” genoemd.

De daadwerkelijke opgave wordt door de minister bepaald op voordracht van de Commissaris van de Koning. Deze voordracht ontstaat door regionaal overleg (de regietafel). Het ligt voor de hand dat de eerder geleverde inzet een afweging hierbij zal zijn. Regionaal worden zes categorieën van huisvestingsvraagstukken besproken. Hierbij wordt ook bijgehouden wat welke gemeente daarop doet. A. Reguliere duurzame asielplekken (MD-0)

B. Crisisnoodopvang (MD-0) C. Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (MD-0) D. Taakstelling statushouders (MD-27) E. Oekraïners in gemeentelijke opvang (MD-0) F. Oekraïners in private opvang (MD-23) Van de zes categorieën zijn er vijf waar de gemeente voor de huisvesting aan de lat staat. De zesde categorie is opvang van Oekraïners bij particulieren. Op die categorie heeft Midden-Delfland een realisatie van 23. Van de overige 5 zijn er 2 op basis van wetgeving opgelegd. Op de gemeentelijke opvang van Oekraïners leveren we nu nog niet. Binnenkort leveren we hiervoor 51 plekken op. Daarmee komen we iets onder onze nieuwe norm van 60 (waarschijnlijk binnenkort oplopend tot 64 of 67). De andere categorie zijn statushouders. Daar voldoen we aan de taakstelling. Dan zijn er nog drie categorieën over dit betreft de opvang van vluchtelingen. Hier is de realisatie nu 0 en dat zal die dan blijven. Het is de verwachting dat een keer aan de regionale overlegtafel zal besproken gaan worden wat de taakstelling voor Midden-Delfland wordt in relatie tot de regionale opgave en de bijdrage in het verleden. De uitkomst van dat gesprek is dan het “gevolg” als er niet wordt ingestemd met het plan dat nu voorligt.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=middendelfland&id=b3a33001-b629-4c33-a5f2-3f497fa2f434