04 rv woonplaatsontheffing FJM ten Have.docx
Tekst van het document
Datum
8 juni 2022
Nummer
2022-06-04 (extra vergadering)
Datum commissievergadering
n.v.t.
Datum raadvergadering
14 juni 2022
OPLEGGER Registratienummer
000060988
Onderwerp
Woonplaatsontheffing wethouder
Portefeuillehouder Uiterste behandeldatum (+reden)
14 juni 2022
Eerdere besluitvorming
23 maart 2021
Samenvatting voorstel
Besluit De gemeenteraad besluit om: wethouder F.J.M. ten Have met terugwerkende kracht met ingang van 1 juni 2022 voor de duur van maximaal één jaar ontheffing te verlenen van de verplichting de werkelijke woonplaats in de gemeente MiddenDelfland te hebben, zoals bedoeld in artikel 36a van de Gemeentewet. Argumenten In de gemeente wonen is het wettelijke uitgangspunt. De wetgeving maakt het echter mogelijk voor wethouders om voor de duur van een jaar ontheffing van de verplichting van ingezetenschap te verkrijgen, welke ontheffing ieder jaar met een jaar door de raad kan worden verlengd. Zowel bij de aanstelling als wethouder (26 mei 2020) als vorig jaar (23 maart 2021) heeft de raad ontheffing verleend van het ingezetenschap. De omstandigheden zijn niet gewijzigd, waardoor het opnieuw verlenen van ontheffing niet op problemen behoeft te stuiten.
Bijlagen
Kanttekening Deze ontheffing geldt voor de zittingsduur van het huidige college. Uittreksel Gemeentewet Raadsoplegger raad 23 maart 2021
Advies commissie
Raadsbesluit
o Akkoord / o Niet akkoord opmerking:
Arjan de Vos griffier
Advies
Arnoud Rodenburg voorzitter
De raad wordt voorgelegd om wethouder F.J.M. ten Have met terugwerkende kracht met ingang van 1 juni 2022 voor de duur van maximaal één jaar ontheffing te verlenen van de verplichting de werkelijke woonplaats in de gemeente Midden-Delfland te hebben, zoals bedoeld in artikel 36a van de Gemeentewet.
Beoogd effect voorzetting van het wethouderschap
Argumenten In de gemeente wonen is het wettelijke uitgangspunt. De wetgeving maakt het echter mogelijk voor wethouders om voor de duur van een jaar ontheffing van de verplichting van ingezetenschap te verkrijgen, welke ontheffing ieder jaar met een jaar door de raad kan worden verlengd. Zowel bij de aanstelling als wethouder (26 mei 2020) als vorig jaar (23 maart 2021) heeft de raad ontheffing verleend van het ingezetenschap. De omstandigheden zijn niet gewijzigd, waardoor het opnieuw verlenen van ontheffing niet op problemen behoeft te stuiten.
Kanttekening Deze ontheffing geldt voor de zittingsduur van het huidige college.
Financiën niet van toepassing
Vervolgstappen Consequenties Reactie college op commissiebehandeling
2