04 Bijlage 2C Petitie stellingen met reacties
Tekst van het document
Bijlage 2c Petitie Bewonerscollectief Den Hoorn tegen een grootschalig AZC Het bewonerscollectief heeft op 17 september op haar website 10 argumenten geformuleerd tegen de realisatie van een opvanglocatie met 225 bewoners. Hieronder geven wij een inhoudelijke reactie op de stellingen. Argument 1 - Bewonerssamenstelling Stelling Ruim 80% van de instroom van vluchtelingen in Nederland bestaat uit mannen en minderjarige jongens tussen de 12 en 18. Alleen al op basis van dit gegeven, kan de samenstelling welke de gemeente voorstelt niet gegarandeerd worden. (COA Personen in de opvang van het COA). En let op: gezinnen/vrouwen met kinderen vragen zelfs meer zorg (Signaalbrief-zorgketenpartners-voor-gevluchte-zwangerenen-kinderen-in-Nederland). Reactie gemeente Midden-Delfland Met COA worden concrete afspraken gemaakt over de samenstelling van de groep vluchtelingen die in Midden-Delfland wordt opgevangen. Deze afspraken worden vastgelegd in een bestuursovereenkomst. Midden-Delfland vangt op: -
maximaal 25 jongeren (Alleenreizende Minderjarige Vluchteling, AMV) met bijbehorende ondersteuning, van de overige bewoners: o 50% gezinnen die langer dan 6 maanden in de asielprocedure zitten; o en 50% vluchtelingen die langer dan 6 maanden in de asielprocedure zitten. Dit betekent dat deze mensen mogen werken.
Op de aantallen vluchtelingen die het COA opvangt (ruim 55.000 waarvan 20% vrouw) is het wel mogelijk om afspraken te maken over het aantal waarover MiddenDelfland nu afspraken maakt (225). Dit aantal van Midden-Delfland betreft 0,004% van het totaal. De mate waarin welke groep zorg nodig heeft is geen afweging geweest in de criteria. De afweging is of de zorg vanuit het COA wordt geleverd. Dat is in het nu voorliggende voorstel inderdaad het geval. De zorg wordt volledig geregeld door COA. GezondheidsZorg Asielzoekers (GZA) voert de curatieve zorg uit aan vluchtelingen en de GGD’en en JGZ-instellingen de publieke gezondheidszorg. GZA verzorgt de huisartsenzorg voor asielzoekers op of nabij elk asielzoekerscentrum. Een team met een huisarts, praktijkverpleegkundige, doktersassistent en POH-GGZ (Praktijkondersteuner Huisarts–GGZ) verzorgt spreekuren. Het COA heeft daarnaast een team van woonbegeleiders, casemanagers, programmabegeleiders en taaldocenten (NT2). Zij begeleiden zowel groepen vluchtelingen als individuele bewoners. Argument 2 – Dagbesteding & Werk Stelling
Er wordt een grote groep (bijna 50%) van bewoners beloofd die mag werken. Echter in de praktijk werkt slechts 4% van deze groep. (Belemmeringen asielzoekers bij het toetreden tot de arbeidsmarkt | Kamerstuk | Rijksoverheid.nl). Van Hemmen geeft aan ‘deals’ te zullen maken met Westlandse uitzendbureaus zodat deze groep gaat werken in kassen. Een ieder die de tuinbouw kent, weet dat dit wensdenken is. Reactie gemeente Midden-Delfland Asielzoekers mogen na zes maanden in de asielprocedure in Nederland onder bepaalde voorwaarden werken. Daar is een tewerkstellingsvergunning voor nodig die de werkgever moet aanvragen. De betrokkene mag dan maximaal 24 weken per jaar werken. Dat is een verschil met de vluchtelingen uit Oekraïne, zij mogen direct aan de slag vanwege Europese bepalingen. Uit onderzoek blijkt dat werk een belangrijk onderdeel is van integratie. Dat slechts rond de 4% van deze groep werkt, heeft te maken met de belemmeringen die er zijn. Op dit moment mogen vluchtelingen betaald werk verrichten voor maximaal 24 weken vanaf het moment dat ze 6 maanden in Nederland zijn. Relevant is dat er een uitspraak is gedaan door een rechter dat de huidige maximale termijn van 24 weken per jaar die een vluchteling mag werken in strijd is met het doeltreffendheidsbeginsel.
Die uitspraak komt erop neer dat het UWV niet zomaar een werkvergunning mag weigeren die gericht is op meer dan deze 24 weken. Daarmee ontstaat er een groter potentieel werkaanbod. Eén van de reële opties die we als gemeente hebben besproken met het COA is om de werkwijze toe te passen waarbij samen met een uitzendbureau gekeken wordt naar de mogelijkheden in de regio. Op die manier wordt zo deskundig mogelijk de potentie van de bewoners aan werk gekoppeld. In enkele gemeenten zoals in Leiden, Gouda en Wassenaar is hiermee al goede ervaring opgedaan. Deze werkwijze kunnen we in onze gemeente ook toepassen. Het ligt voor de hand dat we eerst met de lokale ondernemingen, potentiële werkgevers, spreken om te bezien hoe zij hier tegenaan kijken. Als de raad instemt met het voorstel, dan komt er op de locatie een Meedoenbalie. Daar kunnen alle bewoners terecht voor een divers participatie-aanbod, zoals (vaak) zelfwerkzaamheid, vrijwilligerswerk, sport en recreatie als ook begeleiding naar betaald werk. De coördinator Meedoenbalie coördineert vraag & aanbod aan participatieactiviteiten. Bij de meeste Meedoenbalies werken deze medewerkers van het COA samen met de lokale vrijwilligerscentrale. Ook wordt er samengewerkt met gemeenten, werkgevers en lokale (maatschappelijke) organisaties om een breed aanbod te creëren.
Veel voorkomende vrijwilligersactiviteiten zijn: koken en uitserveren bij wijkdiners, helpen bij sportevenementen zoals water uitdelen, groenbeheer en zwerfafval opruimen met buurtgenoten. Meedoenactiviteiten kunnen ook sport en recreatie zijn. Argument 3 – Locatie Stelling Waar eerst woningen afgebroken moesten worden vanwege geluidsnormen overschrijding, gevaar voor de gezondheid i.v.m. de kabelmasten en luchtkwaliteit
(door de A4), is dit nu plots geschikt voor starters en asielzoekers! Bedenk ook dat 25-30% van alle asielzoekers getraumatiseerd zijn en juist behoefte hebben aan rust en privacy. Deze rust en privacy vinden ze niet in een 3 hoog gestapelde containerdorp langs de A4. Reactie gemeente Midden-Delfland Het klopt dat vluchtelingen na alles wat zij hebben meegemaakt, gebaat zijn bij rust en privacy. Maar tegelijkertijd is er landelijk ook een enorme uitdaging op het gebied van huisvesting. Gemeente Midden-Delfland vindt het belangrijk om een bijdrage te leveren aan het oplossen van dit landelijke probleem. Uit onderzoek blijkt echter, dat bedrijventerrein Harnaschpolder de enige opvanglocatie is die Midden-Delfland op korte termijn kan realiseren. Bepaalde type bedrijven, hoogspanningsmasten en een snelweg willen we inderdaad niet combineren met permanente bewoning. De momenteel in Harnaschpolder gevestigde bedrijven zijn echter niet van dien aard dat dit niet kan. Ook is op basis van een modelstudie onderzocht of de waarden op het gebied van luchtkwaliteit en geluid op het perceel binnen een redelijke bandbreedte vallen. Dat lijkt zo te zijn. Dat staat los van de verantwoordelijkheid die het gemeentebestuur voelt om - als dat nodig blijkt - hierover aanvullende afspraken over te maken met het COA.
Argument 4 – Spreiden Stelling Er is draagvlak voor 3 kleinere locaties in de regio. De enquête afgenomen door de gemeente en input ontvangen tijdens de bewonersavonden laat dat zien. Dat past mooi in de visie van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) (Betoog: Asielopvang, van AZC naar ABC | VNG). Van Hemmen heeft vanaf dag 1 al gepleit voor een 1 locatie laten meerdere anonieme bronnen in de gemeente zelf weten.’ Reactie gemeente Midden-Delfland Bij de start van het onderzoek in Midden-Delflands is uitgegaan van één locatie. Na het vaststellen van de onderzoeksopdracht door de raad is primair met die insteek de dialoog met de samenleving gevoerd. Uit de gesprekken met de samenleving kwam inderdaad we wens om ook te onderzoeken of opvang verspreidt over meerdere locaties mogelijk is. Dat blijkt niet haalbaar binnen de gestelde randvoorwaarden ten aanzien van veiligheid en zorg. Ook is kleinschalige opvang veel duurder dan langdurige opvang van meer vluchtelingen op 1 locatie. Het COA regelt en financiert op grotere opvanglocaties (voorkeur is 300 personen) faciliteiten op het gebied van veiligheid, zorg, participatie en integratie. Daar komt nog bij dat het COA op grotere locaties meer experts, zoals woonbegeleiders, therapeuten kan inzetten en meer activiteitenprogramma’s kan opzetten, waardoor de bewoners een goede dagstructuur hebben.
Op de 81 locaties in Nederland die het volledige steunpakket krijgen zitten gemiddeld 359 mensen. Voor kleinere locaties moeten gemeenten over deze faciliteiten specifieke afspraken met het COA maken. Het komt er in de praktijk op neer dat het COA veel van de voorzieningen niet regelt en hier een op aantal plaatsen gebaseerde vergoeding voor geeft. De gemeente kan daarvoor de voorzieningen niet zelf organiseren en betalen.
Dat leidt dus tot een probleem. Daarnaast leiden verspreide locaties tot fors hogere bouwkosten (driemaal riolering, wegen, nutsvoorzieningen) en zou het aanbod van flexwoningen voor lokale woningzoekenden komen te vervallen. Kiezen we als gemeente toch voor kleinere en meerdere locaties, dan betekent het dat de eigen inwoners hiervoor meer belasting moeten gaan betalen. Het college vindt het niet passend om dit als optie voor te stellen aan de raad. Tenslotte; De aanname dat het COA op honderden locaties kleine groepen opvangt is niet juist. Het COA vangt wel op een tiental locaties alleenstaande minderjarigen op in groepen van 20 tot 50 jongeren. Daarnaast vangt het COA een aantal uitgeprocedeerde jongeren op in kleinschalige woongroepen. De verdeling hierbij is in principe dat de gemeente deze noodopvang regelt en het COA hier dan het dagelijks beheer op uitvoert. Op de website van het COA zijn deze gegevens terug te vinden. Op de kleinere locaties wonen gemiddeld 159 personen. Argument 5 - Flexwoningen Stelling In gesprek tussen afvaardiging van dit collectief met burgemeester en gemeentesecretaris is ons vertelt dat de beloofde starters-flexwoningen voor Midden-Delflanders onderdeel van het complex zijn. M.a.w., onze jongeren wonen dan tussen de asielzoekers.
Ons vermoeden is dat weinig jongeren hier voor open staan, met als gevolg dat de vrijgekomen woningen naar Haaglanden gaan … waar weer veel statushouders op de lijst staan. Reactie gemeente Midden-Delfland Het klopt dat de flexwoningen voor lokale woningzoekenden op dezelfde stuk grond wordt gebouwd als de flexwoningen voor vluchtelingen. De manier waarop is echter nog niet bepaald. Het kan dus zijn, dat de jongeren en spoedzoekers van MiddenDelfland tussen de asielzoekers komen te wonen. Het is nog niet bekend of er 30 woningzoekende(n) (stellen) in Midden-Delfland zijn die hiermee gebaat zijn en hiervoor open staan. Het zijn mooie woningen. Ook wordt er gekeken of de inschrijfduur die iemand heeft kan blijven staan, als dat mogelijk is dan zal de drempel om voor een tijdelijke woning verlaagd worden. Dan zal de keuze om hier een tijdje te wonen voor 30 huishoudens mogelijk toch wel aantrekkelijk zijn. Utrecht werkt bijvoorbeeld al jaren volgens Plan Einstein (zie het artikel waarnaar de petitiegroep refereert in stelling 4), waar lokale woningenzoekenden (zoals studenten) tussen vluchtelingen wonen. Iedereen (vluchtelingen, de lokale gebruikers van de flexwoningen én buurtbewoners) doet hier mee aan de gezamenlijke activiteiten. Dit wordt zowel door de asielzoekers als de inwoners uit de wijk als zeer positief ervaren.
In Midden-Delfland kunnen we er echter óók voor kiezen om lokale woningzoekenden in een apart gebouw te huisvesten, buiten het complex. Argument 6 - Veiligheid
Stelling Er wordt wel degelijk een beroep gedaan op meer inzet van de politie. Aantal incidenten is in 2022 t.o.v. 2021 met 38% gegroeid. Hieronder ook incidenten op locaties zelf, waar wel degelijk assistentie van de politie bij gevraagd wordt. (Incidenten en misdrijven door bewoners van COA- en crisis-noodopvanglocaties 2017-2022 (wodc.nl)) (En bedenk jezelf: wil jij jouw zoon of dochter hier laten wonen nu je dit weet?) Reactie gemeente Midden-Delfland De manier van incidenten registreren binnen het COA leidt tot een vertekend beeld. Bij de meeste incidenten gaat het om het overtreden van de huisregels. Zoals de eigen woonruimte niet schoonmaken, koken of roken op de kamer of geluidsoverlast veroorzaken. Maar het kan ook gaan om steviger zaken zoals verbale suïcidedreiging, suïcide, zelfbeschadiging of verbale agressie tegen andere bewoners of het COA-personeel. Deze incidenten zijn fors maar veelal dus niet merkbaar in de omringende woonomgeving. Soms is inderdaad assistentie van de politie nodig. Maar in elke groep mensen zijn mensen die grotere of kleinere strafbare feiten plegen. Dat geldt ook voor de groep vluchtelingen die worden opvangen, maar daarop heeft hun huidskleur, religie of afkomst geen invloed. Het COA vangt asielzoekers op 214 locaties in Nederland.
En natuurlijk vinden daar soms incidenten plaats, maar de 2 locaties die beeldbepalend zijn in de Nederlandse media ten aanzien van incidenten zijn Budel en Ter Apel. Daar speelt echter heel andere problematiek dan op de andere locaties. In Den Haag, Wassenaar, Zoetermeer, Katwijk, Rotterdam vangt het COA op een aantal locaties veel meer dan 500 mensen op. Hier vinden nauwelijks incidenten plaats waar omwonenden overlast van ervaren. Dat geldt ook voor gemeenten zoals Velp en Gorinchem, waar de opvanglocatie midden in het dorp ligt. Het COA is verantwoordelijk voor de veiligheid op al haar locaties. Dit doet de organisatie in samenwerking met de beveiligingsorganisatie Trigion. Tussen 08.00 en 22.00 uur zijn er medewerkers van het COA op de locatie aanwezig. Daarnaast zijn er 24 uur per dag, 7 dagen in de week beveiligers. Waar nodig is er contact tussen het COA en de politie. Verreweg de meeste vluchtelingen verlieten hun woonplaats omdat zij vluchten voor oorlog en geweld in hun thuisland. Uit onderzoek blijkt dat deze mensen vooral zoeken naar een veilig land waar zij een stabiele toekomst kunnen opbouwen. Argument 7 – Samenwerken met het COA Stelling Diverse burgemeesters (o.a. Rijswijk, Schinnen) noemen het COA een onbetrouwbare partner. COA bepaalt wie er geplaatst worden en gemaakte afspraken worden geschonden. Van Hemmen maakt afspraken met de bestuurder van het COA.
Als Van Hemmen vertrokken is, hoe worden afspraken dan geborgd? Van Hemmen zegt dat alle afspraken in een privaat-rechterlijke overeenkomst wordt afgesloten met het COA. Maar het COA laat geen bedden leeg staan. En wij gaan
geen centrum sluiten als deze net gebouwd is. (Burgemeester dreigt met sluiting opvang asielzoekers). Reactie gemeente Midden-Delfland Het COA en de gemeente ondertekenen een bestuursovereenkomst. Die is er niet voor niets. Alleen volgens de afspraken die daarin staan, zullen (als de raad instemt met het voorstel) vluchtelingen worden opgevangen in Midden-Delfland. In de overeenkomst staan afspraken over het aantal bedden en het aantal vluchtelingen. Deze aantallen deelt het COA met de gemeente en we zijn bevoegd erop te controleren. Door COA gewenste aanpassingen zijn alleen mogelijk in samenspraak met de gemeente. De wijze waarop wij nu afspraken maken met het COA komt ook voort uit de ervaring van het COA en andere gemeenten met wat goed werkt en wat niet. Die lessen zijn meegenomen. Argument 8 - Kosten Stelling Van Hemmen gaat ons vertellen dat een locatie van 225 juist financieel een slimme keuze is. Hoewel nog geen bedragen met ons of met de raad zijn gedeeld, geeft onze bron binnen het COA aan dat dit om ongeveer 275.000 euro per jaar extra gaat voor onze gemeente. Van Hemmen zal zeggen dat het enkele tonnen kost als we voor 3 kleine locaties gaan, dus het kost ons dan een ‘half miljoen’. Wij willen de echte rekensom zien, waarin hij rekening houdt met minder OZB-inkomsten, stijgende zorgkosten, extra uren ambtenaren, inzet politie, enz, enz.
Reactie gemeente Midden-Delfland Met het voorliggende voorstel is de opvang volledig bekostigd door het COA. Dit kost dus geen €275.000 per jaar. De exacte doorberekening van wat het meer kost en het deel daarvan dat het COA niet gaat betalen kan pas worden gemaakt als drie locaties concreet worden aangewezen en duidelijk is welke doelgroepen daar dan komen. Bij moeilijker doelgroepen is bijvoorbeeld financieel gezien meer af te spreken dan bij de groepen waar we nu op inzetten. Een gedetailleerde som is dus afhankelijk van factoren die nu simpelweg niet bekend zijn. Dat per locatie uitwerken zal tot ver na duidelijkheid over de spreidingswet duren en is daarmee praktisch gezien dus niet meer relevant. Dat het spreiden over drie locaties de gemeente meer zal kosten is echter overduidelijk. Per locatie zal de procedure, de aanschaf, de voorbelasting, de aanleg van wegen, riolering, nutsvoorziening, de kosten van gerechtelijke procedures, de inrichting van het buitengebied et cetera moeten worden bekostigd. Dit zal al snel 3 ton meer zijn dan bij een enkele locaties. Ook zal de bijdrage die het COA jaarlijks geeft (afhankelijk van het aantal plaatsen) als op drie locaties minder dan 225 mensen worden opgevangen naar beneden gaan. Dat zal betekenen dat er minder middelen zijn om eventueel in te zetten op het onderhouden van de omgeving of het aanbieden van jongerenwerk.
Dat geringe bedrag moet dan ook nog over drie locaties worden versnipperd.
Argument 9 – Oude Politiek Stelling Van Hemmen heeft in het gesprek met de afvaardiging van ons collectief aangegeven dat als Midden-Delfland 225 asielzoekers opneemt, andere gemeenten meer statushouders gaat opnemen. In Maassluis en Westland weet men van niets. Hierover is op 13 september in de gemeenteraad van Westland door de FvD fractie een vraag gesteld en daar weet de wethouder van niets. Dus dit is een kwestie van achterkamertjespolitiek of een regelrechte leugen van Van Hemmen. Reactie gemeente Midden-Delfland Het is bij een gevoelig onderwerp als dit tussen gemeenten gebruikelijk om in aanloop naar een formeel verzoek, overleg te voeren. Het is respectvol naar elkaar om in de aanloop naar een formeel verzoek te bespreken of dat direct tot verlegenheid leidt of dat het mogelijk is wederzijds belangen te behartigen. Uit dat aftasten is voldoende naar voren gekomen om te kunnen stellen dat uitwisseling mogelijk is. Argument 10 – Spreidingswet & nieuwe burgemeester Stelling De spreidingswet (die gemeenten meer mogelijkheden geeft voor kleinschalige opvang) wordt hoogstwaarschijnlijk wel voor de verkiezingen van 22 november behandeld in de Tweede en Eerste Kamer. Tel daarbij op dat op 18 december onze nieuwe burgemeester geïnstalleerd wordt… Dan is pas op zijn plaats gewenst.
Reactie gemeente Midden-Delfland In de openbare raadsvergadering van 14 november 2022 gaf de gemeenteraad opdracht aan het college van B&W om onderzoek te doen naar de mogelijkheid om 225 vluchtelingen op te vangen voor een periode van 5 jaar. Dit onderzoek is uitgevoerd en op vrijdag 22 september heeft het college een inhoudelijk voorstel gedaan aan de raad. Vanaf dat moment is het aan de raad om te besluiten hoe ze hiermee wil omgaan. Dit besluitvormingsproces verloopt als volgt: de raad bespreekt het voorstel van het college in de commissievergadering van 11 oktober en beslist tenslotte in de raadsvergadering van 25 oktober of het plan daadwerkelijk gerealiseerd wordt. Als de raad besluit op een eventuele spreidingswet te wachten dan zijn al de onderdelen van het huidige voorstel van tafel. Zoals de inzet op zorg en veiligheid, de flexwoningen en de toereikende financiële compensatie. Mogelijk zal een enkel onderdeel van dit voorstel nog wel bruikbaar blijken in dat proces.