04 Beantw vragen dhr Knaap.pdf
Tekst van het document
Technische vragen Raadsvergadering 14 juni 2022, Agendapunt 4 In de komende raadsvergadering ligt het voorstel voor om de ontheffing voor ingezetenenschap van wethouder Ten Have met terugwerkende kracht te verlenen voor wederom een jaar. Bij het nalezen van de gemeentewet wordt niet duidelijk of dit op deze wijze daadwerkelijk kan. -
Artikel 36a lid 2 geeft de legitimatie voor telkens met een periode van een jaar verlengen, maar er wordt niet gesproken over benoemen met terugwerkende kracht. Artikel 47 lid 1 geeft aan dat als een wethouder niet voldoet aan 36a lid 2, hij onmiddellijk ontslag neemt en daarvan melding doet aan de raad…
Nu is geen melding gedaan naar de raad, maar dit lezende lijkt het zo dat wethouder Ten Have gewoon niet meer “in functie” is en dus opnieuw geinstalleerd zou moeten worden. De kieswet gaat in artikel X lid 1 tm 6 over “leden van het vertegenwoordigende orgaan, de gemeenteraad. Over het leden van het college is hier of elders in de kieswet voorzover wij kunnen vinden- niets opgenomen over de situatie waarin een wethouder zonder verlenging vanuit de raad “buiten” zijn termijn van de ontheffing is gekomen. Bovenstaande leidt bij ons tot een aantal technische vragen:
1. Op basis van welke artikelen en wetgeving is het voorstel gebaseerd dat nu ter besluitvorming bij de raad ligt? ANTWOORD: De van toepassing zijnde wet- en regelgeving wordt toegepast in het raadsvoorstel. Het (opnieuw)verlenen van ontheffing van ingezetenschap is gebaseerd op artikel 36a , lid 2 van de Gemeentewet. Uw opvatting dat artikel X1-6 van de Kieswet van toepassing is op wethouders wordt niet gedeeld. Immers de Kieswet bevat bepalingen inzake het kiesrecht en de verkiezingen van de leden van de Tweede Kamer en de Eerste Kamer der Staten-Generaal, alsmede van de leden van provinciale staten en de gemeenteraden (de (volks)vertegenwoordigende organen). Nergens in de Kieswet of Gemeentewet wordt artikel X 1-6 Kieswet van toepassing verklaard op leden van het college van burgemeester en wethouders.
2. Klopt daarmee de nu gedane aanname dat wel degelijk met terugwerkende kracht een woonplaatsontheffing kan worden verleend? ANTWOORD: Ja, want in het van toepassing zijnde artikel 36a, lid 2 van de Gemeentewet wordt niet specifiek aangegeven dat het verboden is om met terugwerkende kracht ontheffing te verlenen.
ANDERS DENKEN, SAMEN DOEN!
3. Klopt daarmee ook de procedure dat het op deze wijze alleen het besluit voor de ontheffing hoeft te worden genomen of is een andere procedure nodig? ANTWOORD: Uit de regelgeving volgt dat alleen het verlenen van ontheffing ingezetenschap gemeente aan de orde is. In artikel 47, lid 1 is aan het niet meer voldoen aan de vereisten gekoppeld dat de wethouder een actie moet doen: ontslag nemen en de raad hiervan schriftelijk mededeling doen. Deze voorgeschreven actie heeft de wethouder niet gedaan, waardoor hij dus nog in functie is. Bij weigerachtigheid van de wethouder om ontslag te nemen en bericht te doen kan de raad op grond van artikel 46, lid 2 hem ontslag verlenen.
4. We zijn vast niet de eerste gemeente in Nederland met en dergelijk “foutje”. Hoe is dit elders opgelost en/of is hier jurisprudentie over? ANTWOORD: Er zijn recente besluiten van andere gemeenteraden bekend, waarbij met terugwerkende kracht (verlenging) van de ontheffing van het woonplaatsbeginsel voor wethouders is verleend (w.o. Gemeente Oudewater 2020, Gemeente Borger-Odoorn 2021 en Gemeente Gouda 2022). Het juridisch advies, ingewonnen door de gemeente Borger-Odoorn bij een expert van de Gemeentewet c.s. , is ter kennisname bijgevoegd. Dit juridisch advies is in de lijn van de raadsoplegger d.d. 8 juni. Jurisprudentie ter zake is niet bekend.
ANDERS DENKEN, SAMEN DOEN!