04 02 Vragen VVD inzake brand Café Delfland te Den Hoorn - met antwoorden
Tekst van het document
Vragen inzake brand Café Delfland te Den Hoorn Inleiding door VVD Als fractie van de VVD Midden-Delfland betreuren wij de brand die op vrijdagavond 30 mei jl. heeft plaatsgevonden in het voormalig Café Delfland aan de Hoornseweg te Den Hoorn. Het is een geruststelling dat er geen slachtoffers zijn gevallen. Het pand, nu in desolate staat, was het aanzicht van Den Hoorn. Onze inwoners hebben veel herinneringen aan dit café, dat vergroot de impact. Wij zijn erkentelijk voor de inzet van de hulpdiensten, die urenlang hebben geblust en uiteindelijk besloten het pand gecontroleerd te laten uitbranden. Naar aanleiding van deze gebeurtenis en de achtergrond van het pand, dat sinds mei 2019 leegstaat, hebben wij de volgende vragen: 1. In een artikel in het AD geeft een omwonende aan dat er meermaals is aangegeven dat er regelmatig insluipers aanwezig waren in het leegstaande café en dat hier niks aan werd gedaan. Was de gemeente hiervan op de hoogte? Zo ja, welke meldingen zijn er geregistreerd en welke maatregelen zijn genomen om de openbare orde en veiligheid te waarborgen? Indien controles plaatsvonden, hoe vaak vonden deze controles plaats en door wie werden ze uitgevoerd? Is er bijvoorbeeld aangifte gedaan door de eigenaar? REACTIE In de periode van 6 juni 2024 tot 6 juni 2025 zijn er via het meldpunt Buiten Beter in totaal negen meldingen binnengekomen.
Deze meldingen zijn gedaan onder verschillende subcategorieën, te weten: • 6 meldingen onder de categorie ‘Onveilig gevoel’ • 1 melding onder ‘Overige horeca, standplaats, evenementen’ • 2 meldingen onder ‘Jeugdoverlast’ Wij waarderen de betrokkenheid van inwoners die melding maken van situaties die zij als onveilig ervaren. Deze meldingen worden begrijpelijkerwijs vaak achteraf gedaan, wat de mogelijkheid tot directe actie beperkt. Daarom adviseren wij melders nadrukkelijk om bij situaties die zich op dat moment voordoen (heterdaadsituaties), direct telefonisch contact op te nemen met de politie of – indien passend – met de gemeente Midden-Delfland. Zeker wanneer er sprake is van insluiping of baldadig gedrag (volgens melders vaak door jongeren), is snelle melding van groot belang om de kans op een heterdaadaanhouding te vergroten. De handhavers (vanuit de gemeente zijn dit onze boa’s) nemen alleen de buitenzijde van het pand mee in de surveillance. Dit verschilt per dienst, inzet en meldingen. Meldingen van heterdaadsituaties hebben bij de handhavers altijd prioriteit. Er zijn geen heterdaadmeldingen bij onze handhavers binnengekomen. 2. Hoe vaak werd het oude café gecontroleerd en werd hierbij ook de binnenzijde van het pand gecontroleerd? REACTIE Zie onze reactie op de vorige vraag. 3.
Waarom is er, in tegenstelling tot bijvoorbeeld locatie Sterappel, geen cameratoezicht of andere afsluitende maatregelen genomen bij Café Delfland? REACTIE Het beheer en de beveiliging van een pand vallen onder de verantwoordelijkheid van de eigenaar. De keuze om cameratoezicht te plaatsen of andere afsluitende maatregelen te treffen ligt, begrijpelijkerwijs, bij de eigenaar en niet bij een andere partij. 4. Welke inspanningen heeft de gemeente sinds 2019 ondernomen om de leegstand van het
pand aan te pakken? REACTIE Er is geen leedstandsbeleid -bijv. in de vorm van een Leegstandsverordening- maar de gemeente is al geruime tijd met de eigenaar in gesprek over de toekomst van het pand. Inmiddels is er ook een omgevingsvergunning aangevraagd voor een nieuw bouwplan ten behoeve van woningbouw. Hiermee wordt gewerkt aan een nuttige ontwikkeling van de locatie. 5. De eigenaar van het pand is volgens het college verantwoordelijk voor het opruimen van het terrein. Is er al contact geweest met de eigenaar over het vervolg? Welke termijn verbindt het college aan het opruimen van het terrein? En welke handhavingsmogelijkheden heeft de gemeente indien de eigenaar geen actie onderneemt? REACTIE Wij hebben contact met de eigenaar over het vervolg. Er is een lopende vergunningaanvraag die wordt afgewacht voordat er verdere vooruitlopend acties worden ondernomen. Het betreft momenteel een veilige situatie die niet tot verdere acties vanuit de gemeente leidt. Ten overvloede omdat hier nu geen sprake van is maar mocht dit wel nodig zijn dan heeft de gemeente de volgende instrumenten. Handhavingsmogelijkheden van de gemeente 1. Informele fase: eerst een verzoek of sommatie aan de eigenaar om op te ruimen binnen redelijke termijn. 2. Bestuursdwang (artikel 125 Gemeentewet + specifieke wetten zoals Woningwet): Gemeente laat opruimen en verhaalt kosten op eigenaar. 3.
Last onder dwangsom: Financiële prikkel om de situatie binnen termijn te herstellen. 6. Welke stappen gaat het college ondernemen met betrekking tot de toekomstige bestemming en/of herontwikkeling van dit terrein. REACTIE Zie antwoord vraag 5: in afwachting van het huidige plan. 7. Hoe is het college van plan de gemeenteraad mee te nemen in de verdere opvolging en afhandeling van deze brand? REACTIE Het college houdt de gemeenteraad waar nodig via de commissielijst op de hoogte. 8. Langdurige leegstand is voor de VVD een risico voor de veiligheid, en bovendien een doorn in het oog van onze inwoners. Hoe beoordeelt het college het risico op langdurige leegstand van dergelijke panden? Wat is het beleid dat gevolgd wordt bij (langdurige) leegstand om incidenten zoals deze brand te voorkomen? REACTIE Zoals vermeld in de beantwoording van vraag 4 heeft de gemeente geen beleid ten aanzien van leegstand. Situaties zoals onderhavige komen weinig voor. In dit geval is er ook reeds contact over de ontwikkelmogelijkheden. Het lijkt niet opportuun om algemeen beleid voor leegstand op te stellen.