Vastgesteld beleid zonneparken Midden-Groningen 2019
Tekst van het document
voedselbos, zijn ruimtelijk goed ingepast. Een afscheiding rond het terrein mag alleen, als deze de inpassing in het landschap ten goede komt. De afscheiding is dan ingericht op flora en fauna en draagt bij aan een verbetering van de biodiversiteit. Denk hierbij aan de doorlaatbaarheid van de afscheiding en de keuze van beplanting (gebiedseigen en interessant voor vogels, vlinders en bijen). Overige aandachtspunten zijn: • Bij de inrichting van het zonnepark wordt rekening gehouden met belemmeringen vanuit bestaande (dubbel)bestemmingen. • Het zonnepark staat er tijdelijk. Na verwijdering krijgt het terrein zijn oorspronkelijke, (vaak agrarische) bestemming terug. De constructie van het zonnepark inclusief bouwwerken en afscheidingen maakt dit mogelijk. De fundering is minimaal en verwijderbaar; • De structuur en waterdoorlaatbaarheid van de bodem blijft gehandhaafd. De bodem onder
Pagina:
32 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
• •
4.3.2
de constructie wordt niet of slechts beperkt verhard. Er is afstemming met het waterschap nodig (watertoets); Bij de inrichting van het zonnepark wordt rekening gehouden met het verbeteren van de biodiversiteit. Voor zonneparken in de directe nabijheid van gas- en hoogspanningsinfrastructuur wordt advies gevraagd bij de betreffende (leiding)beheerder.
Aanvullende toetsingscriteria voor specifieke gebieden
Naast de algemene toetsingscriteria gelden per gebied aanvullende toetsingscriteria. Zones langs de infrastructuurlijnen In de zones langs deze infrastructuurlijnen gelden voor zonneparken de volgende aanvullende toetsingscriteria: • Het zonnepark sluit aan op de bestaande infrastructuurlijnen of bestaande zonneparken en ligt niet geheel los in het (open) landschap; • Ten oosten van het knooppunt A7-N33 vindt afstemming plaats met de gemeente Oldambt; Buitengebied en dorpen In het buitengebied en dorpen gelden voor (kleinschalige) zonneparken de volgende aanvullende toetsingscriteria: • In het gebied tussen Beneden Veensloot en Oude Pekela vindt afstemming plaats met de gemeenten Pekela en Oldambt; • In gebieden die zijn aangewezen als ‘leefgebied akkervogels’ (zoals opgenomen in de POV) wordt 10% van het zonnepark optimaal akkervogelvriendelijk ingericht en beheerd. • Een groot deel van de dorpen zijn onderdeel van bebouwingslinten. Een lint bestaat uit een doorgaande weg met aan weerszijden verspreid liggende, overwegend vrijstaande lintbebouwing. Langs de weg staan bomen. Direct achter de lintbebouwing ligt het open agrarische landschap. Vanaf de weg is tussen de lintbebouwing en het groen doorzicht op het open agrarische landschap.
Aanvullende toetsingscriteria in de linten zijn: Het zonnepark bevindt zich achter het lint; Het zonnepark gaat niet ten koste van de uitzichten vanuit het lint; Het zonnepark gaat niet ten koste van belangrijke doorzichten op het lint vanaf de A7 en N33; Het zonnepark ligt op enige afstand van natuurgebieden en recreatiegebieden; Zonneparken zijn niet toegestaan in het beschermd dorpsgezicht ‘Slochteren’. • In het gebied liggen enkele plassen en meren. De meeste plassen en meren liggen in de natuurgebieden en de groene gebieden. Deze zijn vanwege hun hoge ecologische en landschappelijke waarden uitgesloten van zonneparken. Andere plassen en meren zoals voormalige zandafgravingen hebben vaak een recreatieve functie en zijn mogelijk wel geschikt voor zonneparken. De meeste plassen en meren liggen in open gebieden. De plassen en meren zijn over het algemeen omzoomd door riet. Op de meeste plekken is geen sprake van hoge begroeiing. Over de plassen en meren en het omliggende landschap liggen
Pagina:
33 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
•
lange zichtlijnen. Aanvullende toetsingscriteria op de plassen en meren zijn: Het zonnepark gaat niet ten koste van de ecologische en landschappelijke waarden en/of de recreatieve functie van de plas of het meer; Het zonnepark gaat niet ten koste van de functie als waterberging van de plas of het meer; De plas of het meer blijft open. Het zicht over het zonnepark blijft behouden. De maximale hoogte van de totale constructie is ca 1,0 m ten opzichte van het gemiddelde waterpeil; Een afscheiding rond het zonnepark is niet toegestaan. Voor de kansrijke locatie ‘zon en natuur’ gelden als aanvullende toetsingscriteria: Het zonnepark draagt bij aan het verbeteren van de ecologische waarde van het gebied door de aanleg van nieuwe natuur in overleg met Staatsbosbeheer en/of andere terreinbeheerders; Minimaal 30% van de oppervlakte van het (tijdelijke) zonnepark behoudt na het aflopen van de vergunning een natuurfunctie
Veenkoloniaal gebied In het veenkoloniaal gebied gelden voor kleinschalige zonneparken de volgende aanvullende toetsingscriteria: • In het beschermd dorpsgezicht ‘Kiel-Windeweer’ neemt de gemeente hooguit initiatieven vanuit de bevolking in overweging; • Voor zonneparken in de 2 km zone rondom een LOFAR-buitenstation wordt advies gevraagd bij ASTRON. Een zonnepark is alleen toegestaan als er geen elektromagnetische straling ontstaat die een storend effect heeft op de waarnemingen van het buitenstation en daarmee de LOFAR-radiotelescoop. • In gebieden die zijn aangewezen als ‘leefgebied akkervogels’ (zie bijlage) wordt 10% van het zonnepark optimaal akkervogelvriendelijk ingericht en beheerd. • Het veenkoloniaal gebied blijft open. Het zicht over het zonnepark blijft behouden. • Een afscheiding rond het terrein mag alleen in de vorm van een watergang. Dus hier geen begroeiing, wal en/of hekwerk toepassen. Stedelijk gebied In stedelijk gebied gelden voor (kleinschalige) zonneparken de volgende aanvullende toetsingscriteria: • Plekken in het stedelijk gebied, die zijn aangewezen of bestemd voor bebouwing maar de komende tijd niet kunnen worden ingevuld, zijn in principe geschikt voor zonneparken. Bedrijventerreinen De bedrijventerreinen zijn rationeel van opzet. Ze zijn verdeeld in een orthogonaal grid met rechthoekige kavels. De kavels zijn voor het grootste deel verhard.
Langs de wegen is soms sprake van groene bermen en/of laanbeplanting. Op de kavels is begroeiing minimaal aanwezig. De bebouwing bestaat overwegend uit rechthoekige en plat afgedekte gebouwen.
Pagina:
34 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Op bedrijventerreinen, die niet in vallen in de kansrijke gebieden voor grootschalige zonneparken, gelden voor zonneparken de volgende aanvullende toetsingscriteria: • De bedrijventerreinen zijn bedoeld voor de huisvesting van bedrijven. Een kleinschalig zonnepark is ondergeschikt aan de bedrijfsvoering van een bedrijf en brengt de bedrijfsvoering niet in gevaar; • Zonneparken zijn verder in specifieke situaties mogelijk op terreinen: die naar verwachting de eerstkomende jaren niet zullen worden uitgegeven; of waar vanwege de milieueisen (bijvoorbeeld geluid) geen bedrijvigheid kan worden toegevoegd.
Pagina:
35 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
5. Planologische procedure 5.1
Proces
Een zorgvuldige voorbereiding van een initiatief voor een zonnepark is belangrijk voordat een aanvraag omgevingsvergunning kan worden ingediend en verleend. Dit is een proces met verschillende partijen en een aantal tussenstappen waarbij een (deel)besluit wordt genomen. Voorbeelden van deze stappen zijn: een principeakkoord van het college, maatwerkproces (opstellen van landschappelijk inpassingsplan), een aanwijsbesluit van gedeputeerde staten van de provincie, afspraken over de participatie, afspraken over het oprichten/verwijderen van het park en meer. In dit hoofdstuk worden deze stappen toegelicht: van een idee tot en met een verleende omgevingsvergunning.
Stap 1 Vooroverleg De initiatiefnemer levert een ‘verzoek om vooroverleg’ aan bij de gemeente (via het Contactplein). Als het verzoek voldoende is uitgewerkt wordt deze in behandeling genomen en getoetst aan het gemeentelijk beleid (zie figuur stroomschema) Als het plan hier aan voldoet zal de gemeente in overleg met onder andere de provincie (even eventueel andere partijen als netbeheerder en bewonersorganisaties) onderzoeken onder welke voorwaarden medewerking mogelijk is. Onderdeel van dit onderzoek is ook het toetsen aan de oppervlakte die is vastgelegd voor de komende periode (zie Hoofdstuk 2 Tussentijds begrenzen ruimte voor Zonneparken).
Stap 2 Maatwerkproces Als er een positief antwoord is afgegeven op het vooroverleg (of principe-verzoek) kan de maatwerkmethode worden opgestart. In een gesprek tussen initiatiefnemer + adviseur en gemeente wordt de opgave verkend (locatie en ontwerp) en afspraken gemaakt over de in te dienen aanvraag. Op locaties buiten het stedelijk gebied met een omvang van meer dan 1 hectare ligt het mandaat hiervoor bij de provincie. Daarbij zal ook een deskundige van de provincie op het terrein van stedenbouw en landschap worden betrokken. Op basis van deze verkenning worden door gemeente en provincie randvoorwaarden en aandachtspunten over onder meer de landschappelijke inpassing meegegeven. In dit proces worden ook afspraken over participatie vastgelegd.
Stap 3 Vergunningtraject Een aanvraag omgevingsvergunning kan worden ingediend, wanneer het maatwerkproces is afgerond en het integrale concept plan definitief gemaakt kan worden met daarin de uitkomsten van het maatwerkproces. De aanvrager krijgt toestemming om een zonnepark op te richten en wordt ook aan voorwaarden gehouden. Zo zal verplicht worden gesteld om de landschappelijke inpassing te realiseren en in stand te houden en moet worden voldaan aan het hiervoor genoemde participatieplan. Voor de aanleg van een zonnepark geldt dat er een ruimtelijke procedure, in de vorm van een uitgebreide omgevingsvergunning, moet worden gevolgd om de aanleg mogelijk te maken. Bij een uitgebreide omgevingsvergunning wordt het ontwerpbesluit 6 weken ter inzage gelegd. Tijdens deze termijn kan een ieder zienswijzen indienen. De provincie neemt, op basis van de Provinciale omgevingsverordening, voor locatie(s) van het
Pagina:
36 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
zonnepark een ‘aanwijzingsbesluit’. Deze procedure loopt parallel aan de planologische procedure. Wanneer de provincie tijdig bij het vooroverleg wordt betrokken en er overeenstemming wordt bereikt over de uitwerking van het plan, geeft het nemen van een aanwijzingsbesluit geen tijdverlies.
Kleinschalig < 5 ha
Grootschalig > 5 ha
Kaart A
Kaart B
Algemene criteria
Aanvullende (gebiedsgerichte) criteria Figuur 5 Stroomschema
5.2
Inhoud aanvraag
Een definitieve aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend via het digitale ‘Omgevingsloket’. Naast een aanvraagformulier en onder andere situatietekeningen zijn er nog andere stukken die nodig zijn om tot een vergunning te komen. De mate van uitwerking is mede afhankelijk van de locatie (stedelijk gebied of buitengebied) en/of omvang (kleinschalig of grootschalig). De omgevingsvergunning is tijdelijk en geldt voor een periode van maximaal 30 jaar.
Uitvoerbaarheid Voordat de planologische procedure wordt opgestart is het nodig dat de initiatiefnemer de volgende zaken heeft aangetoond: Realisatiemogelijkheid van de aansluiting op het elektriciteitsnetwerk (Enexis/TenneT) of realiseren van opslagmogelijkheden; Financiële draagkracht van de ontwikkelende partij; Toelichting netinpassing Zonneparken liggen niet altijd dichtbij een hoogspanningsstation of onderstation. Vaak moet er een lange ondergrondse kabel van het zonnepark naar de eerste aansluitmogelijkheid op het elektriciteitsnet worden aangelegd. De netbeheerder is verantwoordelijk voor de realisatie van die aansluiting. De planologische procedures kunnen net zo complex zijn als voor de aanleg van het zonnepark zelf. Bij het voorbereiden van een groot zonproject is het van belang om in een vroeg stadium zicht te krijgen op de aansluitmogelijkheden (en eventueel ‘teruglevermogelijkheden’) of alternatieven als opslag of productie van waterstof. Afstemming in de ‘vooroverleg-fase’ door de
Pagina:
37 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
initiatiefnemer met de netbeheerder is dan essentieel.
Afspraken maatwerktraject Daarnaast maken de volgende documenten onderdeel uit van de aanvraag: een participatieplan, waarin de waarin is aangegeven hoe omwonenden en belanghebbenden zijn betrokken, welke mogelijkheden er zijn voor financiële participatie en de afspraken over een bijdrage in een duurzaamheidsfonds; een inrichtingsplan (waaraan goedkeurig is verleend door gemeente en/of provincie), waarin de landschappelijke inpassing en de maatregelen voor een verbetering van de biodiversiteit zijn vertaald; verkenning naar mogelijkheden dubbelgebruik gronden.
Overeenkomst Tenslotte worden de volgende aspecten vastgelegd in de vergunning of in een overeenkomst: Zicht op afhandeling van eventuele planschadeclaims. Een planschaderisicoanalyse kan hier aan bijdragen. Het afsluiten van een planschadeverhaalsovereenkomst is verplicht. Afspraken vastleggen over onderhoud en beheer park (inclusief landschappelijke inpassing ) en terugbrengen van het terrein in oorspronkelijke staat na aflopen vergunning. Voor de aangelegde landschappelijke inpassing en/of natuur kunnen afwijkende afspraken worden vastgelegd. Een bankgarantie kan hier onderdeel van uit maken.
Pagina:
38 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Bronvermelding Beleidskader Zonneparken in gemeente Groningen (Gemeente Groningen, 2019) Provinciale Omgevingsverordening, Provincie Groningen (2016 en 2019) Zonnevisie Pekela, gemeente Pekela (2019) Vries, G. de. Landschappen van Noord-Nederland: Oude Veenkoloniën. Geraadpleegd van http://landschapsgeschiedenis.nl/deelgebieden/21-Oude_Veenkolonien.html (geraadpleegd 2019, 13 juni) Knottnerus, O.S.. Landschappen van Noord-Nederland: Duurswold. Geraadpleegd van http://landschapsgeschiedenis.nl/deelgebieden/13-Duurswold.html (geraadpleegd 2019, 13 juni) Knottnerus, O.S.. Landschappen van Noord-Nederland: Oldambt. Geraadpleegd van http://landschapsgeschiedenis.nl/deelgebieden/11-Oldambt.html (geraadpleegd 2019, 13 juni)
Pagina:
39 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Bijlagen
Pagina:
40 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Bijlage 1: Verslag bewonersbijeenkomsten januari 2019
Pagina:
41 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Pagina:
42 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Pagina:
43 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Pagina:
44 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Bijlage 2: Nota inspraak en overlegreacties Los toegevoegd
Pagina:
45 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Pagina:
46 van 48
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen vastgesteld
Bijlage 3: Provinciaal beleid
Bijlage 4: Kaart netwerk TenneT en Enexis
Netwerk TenneT en Enexis (S.v.z. 13 april 2016. Aan de kaart kunnen geen rechten worden ontleend.)
Pagina:
47 van 48
Datum:
22 mei 2019
Beleid
Zonneparken in Midden-Groningen
Bijlage 5: Zon op daken Los toegevoegd.