CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

07. Nota van beantwoording zienswijzen

Raadsvergadering 30 oktober 2025, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Gewijzigde vaststelling wijzigingsbesluit omgevingsplan Slochteren - Hoofdweg 200/2022.147 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota van beantwoording zienswijzen Behorende bij het

Wijzigingsbesluit omgevingsplan Slochteren - Hoofdweg 200202

Inhoud

1.

Inleiding

2.

Zienswijzen/commentaar/wijzigingen

3.

Reacties overlegpartners

4.

Ambtshalve aanpassingen

Bijlage 1:

Zienswijze (geanonimiseerd)

Bijlage 2: Overzicht indieners zienswijze (niet openbaar, uitsluitend voor raadsleden) Bijlage 3: Slochteren

Kaartje afwatering nieuw te bouwen woningen Hoofdweg 200

Bijlage 4:

Afstemmingsreactie provincie Groningen d.d. 15 april 2025

Bijlage 5:

Aanvulling QuickScans flora en fauna Hoofdweg 200-202 Slochteren

Bijlage 6:

Advies Veiligheidsregio

1.Inleiding Het ontwerp wijzigingsbesluit omgevingsplan Slochteren – Hoofdweg 200-202 heeft vanaf donderdag 10 juli 2025 gedurende zes weken ter inzage gelegen. Publicatie van de terinzagelegging heeft plaatsgevonden op woensdag 9 juli 2025 in het gemeenteblad, De Regiokrant en via de gemeentelijke website (en www.omgevingswet.overheid.nl). De reactietermijn eindigde op woensdag 20 augustus 2025. Deze Nota van beantwoording zienswijzen geeft weer welke zienswijze is ingediend, hoe deze door het gemeentebestuur is beoordeeld en beantwoord en of dit tot wijzigingen ten opzichte van het ontwerpplan heeft geleid. Deze nota wordt als onderdeel van de besluitvorming van het plan op internet gepubliceerd. In verband met de Europese Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) is de zienswijze daarom geanonimiseerd. De ontvangen zienswijze is genummerd, zodat de nota geen NAW gegevens (naam, adres, woonplaats) of andere persoonlijke gegevens van natuurlijke personen bevat. Om te kunnen herleiden wie welke zienswijze heeft ingediend, is een los overzicht van indieners van zienswijzen opgesteld. Dit overzicht wordt niet elektronisch beschikbaar gesteld. Ook is een ambtelijke wijziging hierin beschreven.

2.Zienswijzen, commentaar en wijzigingen Tijdens de terinzagelegging van het plan zijn twee zienswijzen ingediend. Deze zijn binnen de wettelijke termijn van zes weken ingediend en daarmee ontvankelijk. De (geanonimiseerde) zienswijze is in een apart document opgenomen (zie bijlage 1). De eerste zienswijze is ingediend door een omwonende. De tweede zienswijze is ingediend door het Waterschap Hunze en Aa's. Hieronder wordt een samenvatting van de zienswijzen gegeven (de complete zienswijzen zijn opgenomen in bijlage 1). Daaronder staat de gemeentelijke reactie hierop en -indien van toepassing- de doorvertaling ervan in het wijzigingsbesluit op het omgevingsplan. Naar de indieners van de zienswijzen wordt hieronder verwezen als ‘indiener’.

Zienswijze 1 De indiener van de zienswijze is niet tegen de woningbouw, alleen tegen de plannen omtrent de afvoer van hemelwater. Volgens het ontwerpplan wordt een (groot) deel van het hemelwater van de nieuwe woningen die gebouwd gaan worden, afgevoerd via de sloot die naast het perceel van de indiener ligt. Deze sloot is hier echter niet geschikt voor omdat deze niet afloopt richting de Baggerputten zoals op de tekening staat. In plaats daarvan loopt de sloot omhoog en blijft het water staan tot dat het in de grond wegzakt. Omliggende bewoners hebben samen een plan gemaakt hoe dit opgelost kan worden. Indiener wil graag in gesprek met de gemeente om het plan toe te lichten en tot een goede oplossing te komen. Reactie gemeente De gemeente is in overleg gegaan met de indiener van de zienswijze. Samen zijn zij tot een oplossing gekomen. Doorvertaling in wijzigingsbesluit omgevingsplan

De hemelwaterafvoer van de nieuwe kavels zal via duikers naar de parallel lopende schouwsloten die aan de kavels grenzen. Dit betekent dat de 3 vrijstaande kavels in het noorden van het perceel het hemelwater via 3 duikers (1 duiker per kavel) lozen op de schouwsloot die ten noorden van de percelen ligt. Voor de tweekapper die in het zuiden van het perceel gepland is geldt dat deze twee woningen het hemelwater via 2 duikers (1 per kavel) lozen op de schouwsloot die ten zuiden van het perceel ligt en grenst aan de Stichtingslaan. Zie het kaartje in de bijlagen. Deze oplossing is ook naar het waterschap teruggekoppeld. Zienswijze 2 Het waterschap verzoekt een berekening toe te voegen aan het hydrologisch onderzoek en de resultaten hiervan te delen alvorens dit wordt opgenomen in de motivering van het plan. Reactie gemeente De berekeningen behorende bij het hydrologische onderzoek zijn in een vroeg stadium met het waterschap gedeeld. Naar aanleiding van zienswijze 1 zijn de planuitgangspunten betreffende de schouwsloot gewijzigd. Voor die situatie zijn nog geen nieuwe berekeningen uitgevoerd. Deze worden bij uitvoering van het project uitgevoerd en worden op dat moment afgestemd met het Waterschap. Het waterschap Hunze en Aa's verzoekt om het onderdeel waterkwaliteit toe te voegen aan de motivering.

Reactie gemeente Het onderdeel waterkwaliteit ontbrak inderdaad in de motivering en is alsnog toegevoegd aan de motivering van het plan in paragraaf 4.3. 3. Het waterschap Hunze en Aa's heeft in de zienswijze aangegeven dat artikel 21.62 van het omgevingsplan aangeeft dat de waterstand in een peilbesluit wordt vastgelegd. Het vaststellen van een peilbesluit is een bevoegdheid van het waterschap. Reactie gemeente Het gaat hier om de interpretatie van de regel. De regels is verduidelijkt waardoor het duidelijk is dat het gaat om het vastgestelde peilbesluit.

3.Reactie vooroverlegpartner Op 15 april 2025 heeft de Provincie Groningen een afstemmingsreactie op de voorontwerp-omgevingsplanwijziging Hoofdweg 200-202 Slochteren verzonden aan de gemeente Midden-Groningen. Het voorontwerp geeft de provincie aanleiding tot het maken van een aantal opmerkingen. Deze afstemmingsreactie heeft de gemeente echter nooit bereikt. De aanpassingen naar aanleiding van de afstemmingsreactie worden derhalve als ambtshalve wijziging meegenomen bij de vaststelling van de omgevingsplanwijziging.

De onderwerpen in de afstemmingsreactie betreffen:

  

Instructieregel artikel 3.30 POV – woningbouw Instructieregel 3.103 POV – groene linten Natuur Externe Veiligheid

4.Ambtshalve aanpassingen De opmerkingen genoemd in de afstemmingsreactie van de provincie Groningen van 15 april 2025 worden meegenomen als ambtshalve wijzigingen in het vast te stellen wijzigingsbesluit omgevingsplan Hoofdweg 200-202 in Slochteren. De beantwoording is op 13 augustus 2025 akkoord bevonden. Het gaat hierbij om onderstaande wijzigingen: Provinciale instructieregels – art. 3.30 POV – woningbouw Per abuis mist de toets aan de instructieregel uit artikel 3.30 van de Provinciale Omgevings- verordening (POV). Dit artikel bevat instructieregels voor woningbouw, zowel in het buitengebied als stedelijk gebied, waar de projectlocatie onderdeel van is. De woningbouw moet op grond van het artikel naar aard, locatie en aantal in overeenstemming zijn met: a. een onder de vigeur van de Wet ruimtelijke ordening tot stand gekomen gemeentelijke woonvisie, die is afgestemd met de gemeenten binnen de regio waarvan de gemeente deel uitmaakt(e); b. de in het kader van de Regio Groningen-Assen tot stand gekomen regionale planningslijsten voor woningbouw; c. de tussen betrokken gemeenten en GS gemaakte nadere afspraken over woningbouw; of d. een onder de vigeur van de Omgevingswet tot stand gekomen omgevingsvisie of programma die is afgestemd met gedeputeerde Staten voor wat de ontwikkeling van woningbouwvoorraad betreft.

In dit geval is het project getoetst aan de gemeentelijke omgevingsvisie. De gemeentelijke omgevingsvisie is getoetst in paragraaf 3.4.1 van de motivering. De gemeentelijke omgevingsvisie van Midden-Groningen valt onder sub d van artikel 3.30 van de POV: “een onder de vigeur van de Omgevingswet tot stand gekomen omgevingsvisie of programma die is afgestemd met gedeputeerde Staten voor wat de ontwikkeling van woningbouwvoorraad betreft”. Het aantal te realiseren woningen past binnen de gemaakte woningbouwafspraken van de Regio Groningen-Assen. Bovenstaande zal worden ingevoegd in paragraaf 3.3.2 van de motivering (Omgevingsverordening provincie Groningen). Provinciale instructieregels – groene linten Per abuis mist de toets aan de instructieregel uit artikel 3.103 van de Provinciale Omgevingsverordening. Dit artikel bevat instructieregels voor groene linten. Het voorste deel van de kavels Hoofdweg 200 en 202 is als ‘groene linten’ aangewezen. Artikel 3.103 van de POV stelt dat gelet op het beschermen van landschappelijke, stedenbouwkundige of cultuurhistorische waarden en ten behoeve van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties een omgevingsplan over groene linten regels bevat:

a. gericht op bescherming van de bestaande wegbeplanting waarbij rekening wordt gehouden met de samenhang tussen deze wegbeplanting en de slingertuinen; en b. die onnodige kap voorkomen en verplichten tot herplanting. Uit het kavelpaspoort voor kavel 01 blijkt dat enkele bomen mogelijk zijn gelegen binnen of aan de rand van een groen lint, zoals bedoeld in instructieregel 3.103 van de Omgevingsverordening provincie Groningen. Op grond van deze regel dient het omgevingsplan zorg te dragen voor bescherming van landschappelijke, cultuurhistorische en stedenbouwkundige waarden van groene linten. De betreffende bomen zijn beoordeeld op basis van landschappelijke waarde, ecologische potentie en ruimtelijke samenhang. Deze toetsing heeft uitgewezen dat op de locatie:   

er geen sprake is van beschermde boomstructuren of waardevolle laanbeplanting; de bestaande bomen beperkt bijdragen aan de landschappelijke structuur; de planontwikkeling voorzien is van mitigerende maatregelen, waaronder de herplant of landschappelijke inpassing ter plaatse of in de nabijheid.

De omgang met deze bomen is daarmee in lijn met de doelstellingen van instructieregel 3.103. Boom met scheefstand – veiligheids- en stabiliteitsrisico Een van de bomen binnen het plangebied vertoont een significante scheefstand, hetgeen potentieel risico oplevert voor de omgeving. De beoordeling is gebaseerd op visuele inspectie en bouwtechnisch advies. Op basis van artikel 4.3 van de Wet natuurbescherming is het toegestaan om bomen te verwijderen wanneer sprake is van een beheermaatregel ten behoeve van de veiligheid. Ook geldt op grond van artikel 5.3 van de Omgevingswet een zorgplicht voor het waarborgen van een veilige fysieke leefomgeving. De verwijdering van de boom is daarmee gerechtvaardigd en noodzakelijk ter voorkoming van schade en letsel in de toekomst. Bomen nabij nieuwe erfgrenzen – ruimtelijke belemmeringen Door de voorgenomen herindeling van de kavels komen enkele bomen op of nabij de toekomstige erfgrenzen te liggen. Deze ligging belemmert een doelmatige inrichting van de kavels en kan op termijn leiden tot:   

schade aan toekomstige bouwwerken of infrastructuur; wortelopdruk of overlast aan verharding; juridische geschillen tussen perceeleigenaren (bijvoorbeeld over overhangende takken of wortels, ex. artikel 5:44 BW).

Gezien het uitgangspunt van de Omgevingswet dat sprake moet zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (artikel 3.4 Ow), is kap hier noodzakelijk om een toekomstbestendige inrichting te waarborgen. De betreffende bomen zijn in dit verband niet aan te merken als waardevol in landschappelijke of cultuurhistorische zin en vertegenwoordigen geen specifieke natuurwaarden. Herplant

Zoals gesteld is in de planontwikkeling voorzien van mitigerende maatregelen, waaronder de herplant of landschappelijke inpassing ter plaatse of in de nabijheid.

Conclusie toets aan artikel 3.103 Op basis van de hierboven aangegeven onderbouwing wordt geconcludeerd dat de voorgenomen kap van de bomen binnen het plangebied:    

plaatsvindt binnen de juridische kaders van de Wet natuurbescherming, Omgevingswet, en de Provinciale Omgevingsverordening; ecologisch toelaatbaar is, onder voorbehoud van nadere toetsing voor grondgebonden zoogdieren; landschappelijk en stedenbouwkundig wordt gecompenseerd in het kader van instructieregel 3.103; noodzakelijk is voor veiligheid, doelmatige inrichting en toekomstige functiegebruik.

Bovenstaande zal worden ingevoegd in paragraaf 3.3.2 van de motivering (Omgevingsverordening provincie Groningen). Doorvertaling planregels Tot slot wordt voldaan aan de instructieregel door in het omgevingsplan regels op te nemen die: a. gericht zijn op bescherming van de bestaande wegbeplanting, waarbij rekening wordt gehouden met de samenhang tussen deze wegbeplanting en de slingertuinen; en b. onnodige kap voorkomen en verplichten tot herplanting. Deze regels golden nog niet op de locatie op basis van het huidige bestemmingsplan, dat onderdeel is van het tijdelijke omgevingsplan van de gemeente. De planregels die worden opgenomen ter plaatse van het groene lint zijn de volgende aanlegregels:

(nieuw) Paragraaf 21.3.3 Aanlegactiviteiten Artikel X Beoordelingsregels omgevingsvergunning aanlegactiviteiten 1 1. Het is verboden zonder omgevingsvergunning de volgende aanlegactiviteiten te verrichten in het gebied H21 – aanlegactiviteiten - Slochteren - Hoofdweg 200/2022: a. het rooien en kappen van bomen. 2. De omgevingsvergunning bedoeld in het eerste lid is niet van toepassing op aanlegactiviteiten die: a. het normale beheer betreffen; b. reeds in uitvoering zijn op het tijdstip van het van kracht worden van afdeling 21.3 Slochteren - Hoofdweg 200/202; c. mogen worden uitgevoerd krachtens een ten tijde van de inwerkingtreding van afdeling 21.3 Slochteren - Hoofdweg 200/202 reeds verleende omgevingsvergunning voor een aanlegactiviteit. 3. De omgevingsvergunning bedoeld in het eerste lid wordt alleen verleend als: a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschappelijke, stedenbouwkundige of cultuurhistorische waarden van de groene linten, waarbij

rekening wordt gehouden met de samenhang tussen deze wegbeplanting en de slingertuinen; b. voor het rooien en kappen van bomen in de aangewezen groene linten herplant plaatsvindt. 1

) Regeling is gebaseerd op de dubbelbestemming Waarde – Landschap uit het bestemmingsplan Buitengebied, Midden-Groningen. 2

) Gebied = geo van de groene linten.

Natuur De provincie stelt dat de Quickscan flora en fauna nog onvoldoende is voor zover het gaat om de grondgebonden zoogdieren. Uit de toetsing moet duidelijk worden waarom kleine marterachtigen en de eekhoorn niet voorkomen in het plangebied. Deze dieren zijn niet genoemd in de vrijstelling van de provincie Groningen. De gemeente heeft de Quickscan op dit punt laten aanvullen door het ecologisch onderzoeksbureau. De rapportage wordt als bijlage bij het gevoegd en ook verwerkt in de motivering van het wijzigingsbesluit.

Externe veiligheid De provincie heeft geen inhoudelijke opmerkingen, behalve dat het advies van de Veiligheidsregio Groningen opgenomen dient te worden. Het advies van de Veiligheidsregio Groningen wordt als bijlage bij het plan gevoegd en ook verwerkt in de motivering van het wijzigingsbesluit.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16030130/2