055. Schriftelijke vragen VVD - Explosies
Tekst van het document
Schriftelijke vragen aan het college (art 34 RvO) Datum: 27 oktober 2025 Onderwerp: Trend van explosies in Hoogezand/Sappemeer – ondermijning tegengaan en inwoners beschermen Inleiding De landelijke trend van het toepassen van explosies lijkt helaas ook onze gemeente te hebben bereikt. Afgelopen dinsdag 21 oktober werd deze keer de Thialflaan in Hoogezand opgeschrikt met een explosie. Net als de voorgaande keren is dit een woonwijk waar vooral gezinnen met jonge kinderen wonen. Deze explosies vernielen niet alleen ramen en gevels maar ook het gevoel en werkelijke veiligheid. We zien landelijk dat dit soort incidenten passen in een bredere trend van ondermijning, waar de onderwereld de bovenwereld binnendringt. Het kan samenhangen met andere oorzaken zoals persoonlijke conflicten, afpersing en copycat gedrag. Wij maken ons zorgen over de herhaling, dit was al de vierde keer, normalisering en het afnemende gevoel van veiligheid van onze inwoners. VVD willen we een nuchtere, daadkrachtige aanpak: voorkomen waar het kan, hard ingrijpen waar het moet. Vragen 1. Kunt u per incident (maart ’25 en 21 aug ’25 Resedastraat; 20 okt ’25 Thialflaan) het actuele feitenbeeld geven (tijdstip, vermoedelijke toedracht, schade, status opsporing) en aangeven in hoeverre sprake is van gerichte acties die (mogelijk) samenhangen met ondermijning? 2.
Welke kortetermijnmaatregelen zijn of worden ingezet op de hotspots (o.a. tijdelijk/mobiel cameratoezicht, extra blauw op straat, gebiedsverboden, bestuurlijke sluiting waar mogelijk, doelgerichte verlichting en fysieke beveiliging), met tijdpad en meetbare doelen? 3. Hoe is de samenwerking georganiseerd tussen politie, OM, RIE, woningcorporaties gemeente en de aansluiting op de landelijke taskforce tegen explosies? Welke concrete actiepunten en extra capaciteit levert dit lokaal op? 4. Welke preventieve acties worden binnen 14 dagen uitgerold (buurtcommunicatie, Meld Misdaad Anoniem-campagne, buurtpreventie/WhatsApp, snoei/zichtlijnen, ondersteuning ondernemers/verenigingen) om herhaling te voorkomen en het gevoel van veiligheid te versterken? 5. Zijn onze APV en instrumenten (Damocles, cameratoezicht, last onder dwangsom) actueel en toereikend voor deze casuïstiek? Zo niet, welke aanpassingen stelt u voor en welk budget/rijksmiddelen (o.a. ondermijning/veiligheid) zet u hiervoor in?
Namens de fractie van de VVD, Marjolein Vulpes
Algemene informatie: Een raadslid kan schriftelijke vragen stellen (artikel 34 RvO) aan het college of de burgemeester. Dit wordt gebruikt om van het college of burgemeester een verduidelijking te verkrijgen. Het gaat om het verkrijgen van feitelijke informatie waarbij een opvatting van het college wordt gevraagd. De gevraagde informatie is in het belang van het functioneren als raadslid. Informatie over de procedure voor raadsleden: Raadsleden dienen schriftelijke vragen in bij de griffier. Daarbij wordt aangegeven of er een voorkeur voor schriftelijke of mondelinge beantwoording bestaat. 1. Schriftelijke beantwoording vindt zo spoedig mogelijk plaats, in ieder geval binnen 30 dagen, nadat de vragen zijn ingediend. Tenzij het college of de burgemeester de griffier gemotiveerd in kennis stelt dat dit onmogelijk is, waarbij tevens aangegeven wordt binnen welke termijn beantwoording zal plaatsvinden. De beantwoording vindt schriftelijk plaats via een niet ondertekende brief. 2.
Het college moet mondelinge vragen uiterlijk beantwoorden in de eerste openbare raadsvergadering, na het verstrijken van de periode van dertig dagen na de datum van indiening van de vragen.
Informatie over de procedure voor de organisatie: De procedure voor de organisatie bij schriftelijke vragen staat in de intranetgroep ‘Jouw wegwijzer naar de raad!’ > Pages > Vragen van de raad.