CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

05. Verslag bijeenkomst bewonersorganisaties

Raadsvergadering 30 oktober 2025, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Vaststellen beleidskader inwonerbetrokkenheid en verordening inwonerbetrokkenheid en uitdaagrecht1.433 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Verslag bijeenkomst bewonersorganisaties over beleid voor inwonerbetrokkenheid en uitdaagrecht. Datum: maandag 30 juni 2025 Tijd: 19:30 – 21:30 Locatie: MFC de Noordsuythoeve in Noordbroek Doel van de bijeenkomst: In gesprek over ervaringen met participatie en de behoeften en ideeën van bewonersorganisaties ten behoeve van het nieuwe beleid voor inwonerbetrokkenheid en het uitdaagrecht. Deze bijeenkomst was een verdiepende sessie op de algemene bijeenkomst voor alle bewonersorganisaties eerder op 10 juni in Wijkcentrum Het Punt, waarin kort het nieuwe beleid werd toegelicht en vragen konden worden gesteld. Aanwezige bewonersorganisaties •

Bewonerscommissie Gorecht (3 deelnemers)

•

Bewonersorganisatie Spoorstraat-Kieldiep (1 deelnemer)

•

Vereniging belangenvereniging Meerwijck (1 deelnemer)

•

Bewonerscommissie Woldwijck-Oost (1 deelnemer)

•

Dorpsbelangen Overschild (3 deelnemers)

Aanwezig vanuit de gemeente • •

Erica van Lente (burgemeester) Bart Hekkema (regisseur inwoner- en overheidsparticipatie)

Werkvorm: Informele gespreksrondes van 30 minuten aan de hand van vooraf geformuleerde vragen, verdeeld over drie thema’s: 1. Ervaringen met betrokkenheid bij plannen van de gemeente 2. Randvoorwaarden en kansen voor goede participatie 3. Uitdaagrecht: kans of knelpunt Verslag: Op maandag 30 juni 2025 vond in MFC De Noordsuythoeve in Noordbroek een gesprek plaats met vertegenwoordigers van bewonersorganisaties over het nieuwe beleid voor inwonerbetrokkenheid en het uitdaagrecht. Het doel van de bijeenkomst was om ervaringen, behoeften en ideeën op te halen rondom participatie van inwoners bij beleid, uitvoering en gemeentelijke taken. Ervaringen met participatie Allereerst gingen we het gesprek aan over wat goed werkt. Deelnemers noemden verschillende voorbeelden waarin participatie goed verliep, zoals de aanpak van speeltuinen in Woldwijck of de buurtcafés rondom mobiliteit en schoolroutes in Meerwijck. Ook het werken in kleine groepen per straatdeel, zoals bij de herinrichting in Overschild, werd als

positief ervaren. De relatie met gebiedsregisseurs werd breed gewaardeerd, mits zij op de hoogte zijn en voldoende tijd hebben. Wat schuurt? Dan de vraag of het ook wel eens schuurt. Door aanwezigen werden een reeks voorbeelden genoemd die het vertrouwen in participatie onder druk kunnen zetten: •

Onverwachte wijzigingen in plannen, waarbij als voorbeeld de ontwikkelingen rond de Nico Bulderschool werd genoemd. Ook bijvoorbeeld bij de herinrichting van straten, zonder duidelijke terugkoppeling naar bewoners.

•

Ervaring van bewoners dat er weinig interne afstemming binnen de gemeente is: gebiedsregisseurs worden niet altijd geïnformeerd, er worden uiteenlopende kaders gecommuniceerd, en projectleiders wijzigen inhoud zonder overleg met bijvoorbeeld de bewonersorganisaties.

•

Informatie komt te laat of onvolledig: bewonerscommissies worden soms pas geïnformeerd als plannen al zijn uitgewerkt, of ontvangen bij vervolgoverleggen een totaal ander plan dan eerder besproken.

•

Geen structurele vastlegging van afspraken: gemaakte afspraken (bijvoorbeeld met architecten) blijken bij uitvoering niet geborgd, waardoor bewonersorganisaties hun mailbox vol krijgen met klachten waarvoor ze niet verantwoordelijk zijn. Dat leidt wel eens tot spanningen.

•

Gebrekkige verslaglegging: processen zijn soms onvoldoende transparant vastgelegd en niet terug te vinden voor bewoners of ambtenaren die later betrokken raken vanwege wisselingen.

Het voorbeeld van de Nico Bulderschool liet volgens een van de aanwezigen zien hoe bewoners aanvankelijk betrokken waren bij de planvorming, maar bij wisseling van ambtenaren het proces stilviel. Er bleek later een heel nieuw plan te liggen, waarvan bewoners niet op de hoogte waren. De verwarring werd versterkt doordat de gebiedsregisseur niet op de hoogte was, en teams van elkaar niet wisten wat er speelde. Bewoners wezen op het belang van integrale gesprekken met meerdere betrokkenen, in plaats van enkel met de projectleider om deze situatie in het vervolg te voorkomen. De behoefte aan duidelijke procesafspraken, vastlegging van afspraken en rolverdeling werd hierbij benadrukt. Bewonerorganisaties als gesprekspartner De positie van bewonersorganisaties is niet altijd vanzelfsprekend. Sommige vertegenwoordigen formeel alleen hun leden of directe buurt, terwijl zij vaak ook informeel door de gemeente als spreekbuis voor een breder gebied worden benaderd. Dit brengt spanningen met zich mee in het contact met de achterban. Een van de aanwezigen gaf aan dat hij namens de commissie groen licht gaf voor een voorstel, maar dat zijn buren zich niet gekend voelden. Meer afstemming en ondersteuning door de gemeente hierin is wenselijk.

Verwachtingen richting de gemeente en kansen voor goede participatie Deelnemers benadrukten daarnaast de volgende punten in de rol die de gemeente kan spelen:

•

Vastlegging van procesafspraken is cruciaal, inclusief wie waarvoor verantwoordelijk is en wat de rol van bewoners is in elke fase (van planvorming tot uitvoering).

•

Vroegtijdige betrokkenheid helpt duidelijkheid te scheppen over verwachtingen en verhoogt de bereidheid tot constructieve inbreng.

•

Heldere communicatie over kaders: wat staat al vast, wat is onderhandelbaar, en wat gebeurt er met inbreng?

•

Borging van de betrokkenheid van inwoners (bewonersorganisaties), ook bij wisseling van ambtenaren of in de uitvoering door externe partijen.

•

Zichtbaarheid en vindbaarheid van beleid en projecten: centrale en actuele informatie op de website wordt soms gemist.

•

Duidelijkheid over de rol van bewonerscommissies: zijn zij spreekbuis, medeontwerper of doorgeefluik? En hoe zit het met mandaat richting achterban?

Er werd daarnaast door enkele aanwezigen gepleit voor meer samenhang tussen inhoud en proces, en minder ‘eilandjes’ binnen de organisatie. De gemeente wordt door bewoners als welwillend ervaren, maar vaak nog als zoekend in hoe participatie daadwerkelijk werkt. Het gevoel leeft dat er goede bedoelingen zijn, maar dat afspraken en uitvoering geregeld achterblijven. Rol van de gebiedsregisseur De gebiedsregisseur wordt breed gewaardeerd als aanspreekpunt en doorgeefluik. Tegelijkertijd werd onderkend dat de interne communicatie beter kan. Gebiedsregisseurs worden niet altijd tijdig geïnformeerd over relevante ontwikkelingen of wijzigingen in de uitvoering. Hierdoor staan ze soms ‘voor joker’ bij bewoners. De aanwezigen benadrukten het belang van goede interne afstemming, en gaven ook veel voorbeelden waarbij dit goed ging. Duidelijkheid over rollen en kaders Er werd opgeroepen tot meer helderheid over de rol van de gemeenteraad en het college in participatie. Wanneer moet de raad kaders stellen? En op welk moment kunnen bewoners meepraten over inhoudelijke keuzes? Hierover bestaat in de praktijk verwarring. Bewoners zien dat de gemeente wel wil, maar nog zoekende is in de uitvoering. Afspraken zijn vaak onvoldoende geborgd en interne communicatie tussen afdelingen laat te wensen over.

De gemeente moet investeren in het versterken van haar eigen procesorganisatie, het maken van participatieplannen en het ondersteunen van gebiedsregisseurs. Informatie moet beter gedeeld worden, ook op de website, en afspraken moeten worden vastgelegd en geëvalueerd. Niet elk onderwerp is geschikt om al in een vroeg stadium door de raad te worden vastgesteld. Juist dan is een goede startnotitie belangrijk, zodat duidelijk is waar het gesprek met inwoners over gaat en wat de ruimte is. Ook voor de raad is het soms zoeken: hoe verhoud je je tot wat er leeft bij bewoners? Een open gesprek over zorgen of twijfels helpt om samen verantwoordelijkheid te dragen, dat kwam ook aan de orde in het gesprek. Er werd een pleidooi gehouden voor een idealere vorm van participatie, geïnspireerd op andere werkwijzen zoals instemmingsrecht in medezeggenschap of maatwerkondersteuning

bij ingewikkelde thema’s. In die visie wordt participatie een gedeelde verantwoordelijkheid, met duidelijke spelregels, rollen en verwachtingen. Maar dat hangt wel af van de mate waarin bewoners daadwerkelijk invloed kunnen uitoefenen. Een voorbeeld dat werd aangehaald: ‘de gemeente kan besluiten om stroom te besparen en dus lichtmasten te dimmen, maar je kunt in gesprek met bewoners over de plekken waar dat wenselijk is.’ Het uitdaagrecht werd door bewonersorganisaties gezien als een interessante maar ook complexe mogelijkheid. Er is enthousiasme voor initiatieven zoals het milieupanel (“van zak naar bak”) of het beheer van speeltuinen. Tegelijkertijd leven er zorgen over haalbaarheid, bezetting en continuïteit. Bewoners gaven aan dat het uitdaagrecht kansen biedt om inwoners dichter bij de uitvoering te betrekken, mits er voldoende ondersteuning en duidelijke afspraken zijn. Het werd voorgesteld om te starten met kleine projecten, bijvoorbeeld in het groenonderhoud, om samen te leren wat werkt. Evaluatie is daarin essentieel: wat leert de gemeente, wat leren bewonersorganisaties en hoe verbeteren we het proces? Er werd gepleit voor een realistische insteek: het is belangrijk om vooraf te bedenken of bewonersinitiatieven structureel uitvoerbaar zijn. Vrijwilligers mogen niet overvraagd worden.

Sommige bewonersorganisaties, zoals die in Spoorstraat-Kieldiep, hebben al onderling contact om ervaringen uit te wisselen en van elkaar te leren. De gemeente kan die uitwisseling faciliteren. Dat gebeurt ook in het kader van het project dorps- en wijkplannen maken, waarbij eens per jaar een uitwisselingsmoment is. Tegelijkertijd werd benadrukt dat de gemeente haar verantwoordelijkheid moet blijven nemen. De overheid blijft eerste aanspreekpunt en draagt zorgplicht. Soms ontstaan initiatieven juist vanuit frustratie: “ik denk weleens, dit is zo slecht georganiseerd, ik kan het beter”. Dat kan aanleiding zijn voor samenwerking tussen gemeente en bewoners(organisaties). Conclusie De bijeenkomst liet zien dat bewonersorganisaties veel kennis en betrokkenheid meebrengen, maar ook zoeken naar duidelijkheid in de samenwerking met de gemeente. De input uit deze avond wordt meegenomen bij het opstellen en uitvoering van het nieuwe beleid en de verdere uitwerking van het uitdaagrecht.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/15981820/1