04. Najaarsnota 2022 Midden-Groningen
Tekst van het document
Najaarsnota 2022
1. Inleiding en leeswijzer 1.1
Inleiding
Voor u ligt de Najaarsnota over 2022 van de gemeente Midden-Groningen. De ontwikkelingen over de eerste drie kwartalen hebben we in deze Najaarsnota in financiële zin een plek gegeven. Het meerjarenperspectief is hier niet in betrokken omdat we dit verwerken in de begroting 2023-2026. Deze Najaarsnota is beleidsarm en het aantal onderwerpen waarop we willen bijsturen is beperkt. Dit is ook het gevolg van de maandelijkse begrotingswijzigingen die gedurende het jaar bijsturing mogelijk maken. Deze Najaarsnota is daarom compact. Een belangrijke kanttekening is dat de septembercirculaire vanuit het Rijk op het moment van opstellen nog niet bekend is. We informeren u via een brief over de financiële gevolgen. Deze brief ontvangt u gelijktijdig met deze Najaarsnota. In de slotbegrotingswijziging zullen we de financiële effecten voor 2022 een plek geven. We zien overal om ons heen de gevolgen van de torenhoge inflatie die vooral veroorzaakt wordt door de energieprijzen. Het raakt iedereen. Voor onze inwoners heeft het Rijk de energietoeslag in het leven geroepen. Deze voeren wij uit. In deze Najaarsnota zijn de financiële effecten hiervan opgenomen. Voor ondernemers, met name het midden- en kleinbedrijf is een dergelijke regeling er nog niet. Dit baart ons zorgen, omdat zij in onze dorpen en wijken een belangrijke rol vervullen.
De bakker op de hoek en de vis- en patatkraam zijn eigenlijk niet uit het straatbeeld weg te denken. Na een spannende periode voor onze ondernemers door de gevolgen van corona, worden zij nu met explosief stijgende kosten geconfronteerd. We zijn van mening dat het Rijk met een regeling moet komen. We willen onderzoeken hoe en of onze ondernemers ook vanuit de gemeente kunnen worden ondersteund, zonder de urgentie bij het Rijk weg te nemen. We zijn ons hierbij bewust dat de invulling van een dergelijke regeling aan veel eisen moet voldoen. Daarnaast hebben we bij de Voorjaarsnota toegezegd te inventariseren wat de effecten van de stijgende energieprijzen zijn voor sportverenigingen, culturele organisaties en dorpshuizen. Deze inventarisatie wordt momenteel uitgevoerd.
1.2
Leeswijzer
Deze Najaarsnota bestaat uit vier hoofdstukken. Hoofdstuk twee geeft de samenvatting weer. In hoofdstuk drie zijn de ontwikkelingen in 2022 weergegeven en verder toegelicht. In hoofdstuk vier worden kredietaanvragen voor investeringen toegelicht.
2
2. Samenvatting Uit de Voorjaarsnota en de meicirculaire is een geprognotiseerd financieel resultaat voor 2022 afgegeven. In de tussentijd zijn er begrotingswijzigingen geweest die tezamen leiden tot het vertrekpunt van deze Najaarsnota. Hieronder is de samenvatting weergegeven van de financiële effecten van de meegenomen ontwikkelingen in deze Najaarsnota. De Najaarsnota stuurt bij over 2022. Het meerjarenperspectief wordt in de begroting 2023-2026 verwerkt. Bedragen x € 1.000
2022
Geprognotiseerd financieel resultaat Voorjaarsnota
€ 4.537
Tussentijdse begrotingswijzigingen
+ € 728
Vertrekpunt Najaarsnota
€ 5.265
Ontwikkelingen 2022
+€ 1.178
Geboekt voordeel Rengerspark t.b.v. buffervorming
- € 926
Reservering aanvullend inflatierisico
- € 495
Geprognotiseerd financieel resultaat
+€ 5.022
Totale reservering inflatierisico bovenop resultaat
€ 5.720
De ontwikkelingen in het tweede en derde kwartaal leiden tot een voordeel van bijna € 1,2 miljoen. We stellen voor hiervan € 495.000, aanvullend op de al beschikbaar gestelde middelen, te reserveren voor het inflatierisico. Het in de Voorjaarsnota genoemde voordeel (€ 926.000) op de grondexploitatie Rengerspark is inmiddels verwerkt met de vaststelling van de Meerjaren Prognose Grondexploitaties (MPG) 2022. Deze reservering telt dus niet mee in het financieel resultaat. De buffer voor het opvangen van het inflatierisico komt hiermee overeen met de ingeschatte toename van de lasten. Deze komt naar voren uit de analyse die we voor de begroting 2023 hebben gemaakt en bedraagt € 5,7 miljoen, oftewel 5,2% van ons inflatiegevoelig budget van € 110 miljoen. Het totaal leidt tot een geprognotiseerd financieel resultaat van afgerond € 5 miljoen. Financieel verwerkte ontwikkelingen 2022 • We verwachten een aanvullend voordeel van ruim € 1,1 miljoen voor Wmo door minder gebruik van begeleiding en een hogere bijdrage van de centrumgemeente Groningen. • De actualisatie van de kapitaallasten in 2022 laat een incidenteel voordeel zien van € 908.000. • De ruimhartige manier waarop wij met de energietoeslag omgaan resulteert in een verwacht nadeel van € 1,3 miljoen. Hiervan is afgerond € 600.000 al verwerkt bij de Voorjaarsnota.
Het aanvullend nadeel van € 681.000 nemen we in deze Najaarsnota mee. • Voor jeugd verwachten we een aanvullend nadeel van € 250.000 als gevolg van de vastgestelde loon-prijsindexatie. • De specifieke uitkering voor de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers in 2020 is hoger vastgesteld en leidt tot een incidenteel voordeel van € 137.000. • De lagere vaststelling van de subsidie voor stichting Kielzog (Voorjaarsnota; € 329.000) hebben we na overleg met de stichting aangepast. De vastgestelde verlaging is € 250.000 en dit leidt tot een nadeel van € 79.000. • De kosten voor de opvang van vluchtelingen uit Oekraïne komen naar verwachting op € 4,5 miljoen uit. We verwachten een minimaal dekkende bijdrage van het Rijk en heeft hierdoor geen effect op het verwachte resultaat. • Voor twee projecten is aanvullend krediet nodig. Het gaat hier om € 295.000 voor MFA Meeden dat vorig jaar is afgerond en € 105.000 voor het versterken een tweetal bruggen.
3
3. Ontwikkelingen 2022 In dit hoofdstuk geven we een toelichting op de ontwikkelingen die we in 2022 verwachten. De ontwikkelingen leiden tot een verwacht rekeningresultaat aan het eind van dit jaar. In de tabel hieronder is het geprognotiseerd financieel resultaat van de Voorjaarsnota en de meicirculaire weergegeven. In dit verwachte resultaat zijn de zekere en onzekere ontwikkelingen opgenomen die we in de Voorjaarsnota hebben benoemd. We schetsen dit hier nogmaals, omdat de positieve, maar onzekere ontwikkelingen zijn gereserveerd als buffer voor het inflatierisico. Intussen is het in de Voorjaarsnota onzeker genoemde voordeel op Rengerspark in de begroting verwerkt bij de vaststelling van de MPG 2022. Dit zit in het saldo van de tussentijdse begrotingswijzigingen. bedragen x € 1.000
2022
Vertrekpunt Voorjaarsnota
4.264
Zekere ontwikkelingen
3.1
-717
Positieve, maar onzekere ontwikkelingen
+3.471
Financiële ruimte voor opvangen inflatierisico
-3.471
Aanvullende middelen meicirculaire
+990
Geprognotiseerd financieel resultaat Voorjaarsnota en meicirculaire
4.537
Tussentijdse begrotingswijzigingen
+728
Vertrekpunt Najaarsnota
5.265
Vertaling inzichten in Najaarsnota
De prognoses over de eerste drie kwartalen van 2022 laten diverse afwijkingen zien. Voor sommige afwijkingen is het echter te vroeg om deze te verwerken in begrotingswijzigingen. Dit kan zijn omdat het bedrag te beperkt is (deze worden dan betrokken bij de maandelijkse begrotingswijzigingen), er nog bijsturingsmogelijkheden of compenserende effecten zijn. Indien noodzakelijk worden deze betrokken bij de slotbegrotingswijziging die in december in uw raad wordt behandeld. De ontwikkelingen die we meenemen in deze Najaarsnota hebben per saldo een positief effect van € 1.178.000. Hieronder zijn de ontwikkelingen in de tabel weergegeven en we lichten deze individueel toe. Product (x € 1.000) Wmo
2022 +€ 1.143
Actualisatie kapitaallasten
+€ 908
Energietoeslag
-€ 681
Jeugd
-€ 250
Tozo; hogere vaststelling
+€ 137
Cultuur; subsidie Kielzog
-€ 79
Burgerparticipatie; Oekraïne
Neutraal
Totaal
+€ 1.178
Wmo (programma 2, voordeel 1.143.000) In de Voorjaarsnota hebben we voor Wmo een voordeel van € 866.000 verwerkt. In deze Najaarsnota stellen we voor om rondom Wmo een aanvullend voordeel van € 1.143.000 te verwerken. De lasten voor Begeleiding Zin en Begeleiding PGB vallen lager uit dan eerder verwacht doordat hier minder gebruikt van wordt gemaakt. Ook valt de bijdrage van de centrumgemeente Groningen hoger uit. Daarentegen is het gebruik van rolstoelvervoer gestegen en de onderhoudskosten vallen hierdoor hoger uit, maar per saldo zien we een fors voordeel.
4
Actualisatie kapitaallasten (alle programma’s, voordeel € 908.000) De kapitaallasten zijn voor 2022 geactualiseerd. Hierbij is gekeken in hoeverre de werkelijk toegerekende rente en afschrijving afwijken van hetgeen primair is begroot. Dit wordt veroorzaakt door investeringen die op een later moment gerealiseerd en afgerond worden. De kapitaallasten die hiermee samenhangen komen dan later in de begroting terecht. Per saldo levert de actualisatie een voordeel op van € 908.000. Energietoeslag (programma 2 en 6, nadeel 681.000) De energietoeslag is een door het Rijk ingestelde tegemoetkoming ter compensatie van de hogere energielasten voor lage inkomens. In eerste instantie ging het om een tegemoetkoming van € 800 per huishouden. Het geprognotiseerde financiële effect van deze toeslag (nadeel € 592.000) is in een eerdere begrotingswijzing verwerkt. Het Rijk heeft een aanvullende tegemoetkoming van € 500 aangekondigd. De regeling loopt tot en met 31 december 2022 en momenteel is 78% van de doelgroep bereikt. We verwachten uiteindelijk een bereik van 85%, dit ligt hoger dan de eerdere inschatting. Daarnaast definiëren we een grotere doelgroep in ons minimabeleid dan het Rijk. Hierdoor komen meer mensen in aanmerking voor de tegemoetkoming dan waar de bijdrage van het Rijk op is gebaseerd.
Dit tezamen leidt tot een aanvullend nadeel van € 681.000, waarmee de totale gemeentelijke bijdrage op € 1.273.000 uitkomt. Het verwachte nadeel kan op basis van de septembercirculaire en het eventueel meer of minder gebruik van de regeling afwijken. Jeugd (programma 2, nadeel 250.000) In de Voorjaarsnota was een begroot tekort voor Jeugd van € 1.929.000 opgenomen als gevolg van autonome ontwikkelingen. Hierbij is de kanttekening geplaatst dat deze prognose een aantal onzekerheden in zich had. Zo was uitgegaan van een loon-prijsindexatie van 2,5%, maar deze blijkt 4,58% te zijn. Ook waren de kosten voortkomend uit het woonplaatsbeginsel nog onduidelijk. Deze vallen positief uit en kunnen deels de hogere lasten voortkomend uit de loon-prijsindexatie opvangen. Tezamen met een aantal andere ontwikkelingen met beperkte budgettaire effecten komt het aanvullend verwachte tekort uit op € 250.000. Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) (programma 2, voordeel € 137.000) Het Rijk heeft de tijdens de coronacrisis steunpakketten beschikbaar gesteld. De tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandig ondernemers (Tozo) is een van de regelingen die hieruit voortkwam en door gemeenten werd uitgevoerd. Op basis van de verantwoording die we afgelegd hebben aan het Rijk over 2020 is de specifieke uitkering voor onze gemeente hoger vastgesteld.
Dit leidt tot een incidenteel voordeel van € 137.000. Cultuur; subsidie Kielzog (programma 1, nadeel € 79.000) In de Voorjaarsnota is de lagere vaststelling van de subsidie van € 329.000 voor stichting Kielzog verwerkt. Zoals destijds aangegeven bestond de mogelijkheid dat er een zienswijze werd ingediend vanuit stichting Kielzog. Dit is gedaan en na goed overleg met stichting Kielzog hebben we besloten de subsidie niet met € 329.000 te verlagen, maar met € 250.000. Dit resulteert in een nadeel van € 79.000. Burgerparticipatie; Oekraïne (programma 2, neutraal) De opvang voor vluchtelingen uit Oekraïne brengt kosten met zich mee. Op dit moment verwachten we dat de kosten in 2022 op € 4.500.000 uitkomen. Het Rijk stelt een specifieke uitkering beschikbaar ter dekking van deze kosten. De regeling voor deze specifieke uitkering is momenteel nog niet volledig uitgewerkt door het Rijk. Op basis van eerdere berichtgeving vanuit het Rijk mogen we ervanuit gaan dat het in ieder geval een kostendekkende bijdrage is. De begrotingswijziging die we voorstellen te verwerken is dan ook budgettair neutraal.
5
3.2
Inflatierisico
In de Voorjaarsnota hebben we een eerste gevoeligheidsanalyse gemaakt van het inflatierisico voor onze gemeente. Dit houdt bijvoorbeeld in dat we te maken krijgen met hogere kosten voor aanbestedingen en energielasten. Hieruit kwam naar voren dat de inflatie een mogelijk nadeel tussen de € 3 - 5 miljoen veroorzaakt voor 2022. Zoals eerder benoemd zijn de positieve, maar onzekere ontwikkelingen in de Voorjaarsnota gereserveerd als buffer voor het opvangen van dit risico. In het overdrachtsdocument is een stelpost opgenomen van € 1,5 miljoen die hier ook voor dient. In het kader van de begroting 2023 is een nadere analyse gemaakt van het inflatierisico voor het meerjarenperspectief. We zien dat de inflatie op dit moment torenhoog is. Het inschatten van reële inflatiepercentages blijft lastig. In de meicirculaire heeft het Rijk inflatiepercentages gecommuniceerd die gemeenten kunnen gebruiken als richtlijn. Hierbij sluit ze aan bij het Centraal Plan Bureau (CPB) en resulteert in een percentage van 5,2% voor 2022. Dit is echter niet van invloed op de totale begrotingsomvang. Uit de nadere analyse is een inflatiegevoelig budget van € 110 miljoen naar voren gekomen. In de tabel hieronder is het effect van deze analyse weergegeven. (x € 1.000) Inflatiegevoelig budget Inflatiepercentage CPB
2022 € 110.000 5,2%
Toename lasten
€ 5.720
Reservering middelen voor inflatie
-€ 5.225
Aanvullend inflatierisico
€ 495
Zoals hierboven weergegeven resulteert de gevoeligheidsanalyse in een hoger verwacht inflatierisico (€ 495.000) dan in de Voorjaarsnota benoemd. Momenteel zien we nog niet op alle budgetten de gevolgen van de inflatie. Dit kan zich echter richting het einde van het jaar of in de jaren daarna alsnog voordoen wanneer contracten en dergelijke vernieuwd worden. Er kan gekozen worden voor een aanvullende reservering van middelen voor het verhoogde inflatierisico. Wanneer deze middelen in 2022 niet noodzakelijk zijn, stellen we voor deze beschikbaar te houden voor het opvangen van het risico in de jaren erna. We komen hier bij jaarrekening 2022 op terug. De exact resterende middelen zijn dan bekend.
6
4. Kredietaanvragen voor investeringen In deze Najaarsnota stellen wij u ook voor een drietal kredieten te verstrekken voor de voorbereiding en uitvoering van projecten. De hieruit voortkomende kapitaallasten worden vanaf 2023 in de begroting verwerkt. MFA Meeden (€ 295.000 aanvullend krediet) MFA Meeden is eind vorig jaar opgeleverd en is dit jaar afgerond. Op het netto uitvoeringskrediet van € 4,0 mln. wordt een overschrijding van € 295.000 verwacht. Deze overschrijding heeft te maken met de keuze om een beoogde multifunctionele ruimte toch volledig als schoolruimte in te richten. Dit betekent dat deze multifunctionele ruimte voor één van de nieuwe gebruikers niet meer beschikbaar is en zij langer op hun oorspronkelijke locatie, ’t Menno Hoes, moesten blijven. Daarnaast constateren we dat een hoger bruto krediet nodig is omdat het dorpshuis geen btwadministratie voert. Hierdoor kunnen we de btw niet vooraf compenseren, maar betaalt het dorpshuis een hogere huur. Dit dekt voor een deel de kapitaallasten die uit het aanvullende krediet naar voren komen. Tot slot zijn er nog niet gerealiseerde verkopen van twee achterblijvende locaties, waardoor de opbrengsten in de looptijd van dit project lager uitvielen. We stellen voor het uitvoeringskrediet te verhogen met € 295.000. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten van ruim € 11.000 verwerken we structureel vanaf 2023.
We verwachten dat de nu nog niet gerealiseerde verkopen in de toekomst alsnog tot een verkoop leiden. We stellen voor de opbrengst die zich dan voordoet als incidentele baat te verwerken in de begroting. Versterking Groenedijkbrug en Groevewegbrug (€ 105.000 aanvullend krediet) De onderhoudstoestand van de Groenedijkbrug en de Groevewegbrug is slecht. Dit is een calamiteit want de bruggen hebben extra te lijden onder zwaar transport en bouwverkeer. Eventueel uitstel kan aanvullende roestvorming veroorzaken en hogere onderhoudskosten met zich meebrengen dan wanneer we dit nu herstellen. Er geldt voor beide bruggen momenteel een gewichts- en aslast beperking op. Dit hindert de bedrijfsvoering van menig agrariër. Uw raad heeft bij het vaststellen van de begroting 2022 een krediet voor grote bruggen beschikbaar gesteld van € 150.000. Voor 2022 verzoeken we u om € 105.000 aanvullend krediet beschikbaar te stellen. Hiermee komt het totaalkrediet op € 255.000. De hieruit voortvloeiende kapitaallasten van ruim € 2.000 verwerken we structureel vanaf 2023.
7