CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

04. inwonersonderzoek afval Midden-Groningen

Raadsvergadering 9 maart 2023, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Tweejaarlijkse evaluatie Afvalbeleidsplan9.881 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Inwonersonderzoek afval 2022 Een onderzoek onder 1.774 inwoners van Midden-Groningen

MIRA JONGENEELEN MARINTEL ONDERZOEK EN ADVIES FEBRUARI - MAART 2022 1

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1: Verantwoording onderzoek

3

Hoofdstuk 2: Onderzoeksresultaten

12

2.1 Huidig afvalgedrag

13

2.2 Attitude afval scheiden

20

2.3 Tevredenheid over afvaldienstverlening

22

2.4 Verbetering afvalscheiding

27

2.5 Draagvlak wijziging ophaalfrequentie restafval

31

2.6 Draagvlak wijziging afvalstoffenheffing

33

2.7 Overige ideeën van inwoners

34

Hoofdstuk 3: Conclusies

35

Bijlage 1: Vragenlijst Bijlage 2: Open antwoorden (excel)

2

Hoofdstuk 1. Verantwoording.

3

1.1. Achtergrond, onderzoeksdoelen, ontwikkeling vragenlijst Achtergrond Op 1 januari 2018 gingen de gemeenten Hoogezand-Sappemeer, Menterwolde en Slochteren samen verder als de gemeente Midden-Groningen. Sinds de vaststelling van Beleidsplan van Afval naar Grondstof 2019 – 2030, heeft een harmonisatie in het afvalbeheerbeleid plaatsgevonden. Bij het vaststellen van het beleid is een evaluatie toegezegd. Het beleid moet elke twee jaar worden geëvalueerd op uitvoering, stand van zaken en effectiviteit van het afvalbeleid.

Onderzoeksdoelen

• • • • • •

Wat is het huidige afvalgedrag van inwoners? Hoe scheiden zij het afval, hoe vaak zetten zij containers aan de straat en hoe vol zijn de containers die zij aanbieden? Hoe tevreden zijn inwoners over de afval-dienstverlening in MiddenGroningen? Hoe belangrijk vindt men afval scheiden? Waarom scheidt men afval? Hoe kan het scheiden van afval gestimuleerd worden? Hoeveel draagvlak heeft het verlagen van de inzamelfrequentie van restafval van tweewekelijks naar vierwekelijks? Indien besloten wordt de afvalstoffenheffing te verhogen, welke wijze heeft dan de voorkeur bij inwoners (variabele deel of vaste deel verhogen)?

Keuze onderzoeksmethodiek, ontwikkeling vragenlijst Allereerst heeft – via Teams – een gesprek plaatsgevonden met de leden van het afvalpanel van de gemeente. Dit gesprek was verkennend van aard en heeft input opgeleverd op basis waarvan de vragenlijst ontworpen is. Voor uitvoering van het onderzoek is gekozen voor een internetvragenlijst. De internetvragenlijst is in nauw overleg tussen Marintel en de gemeente ontworpen, waarbij gebruik is gemaakt van onze uitgebreide ervaring in soortgelijk afvalonderzoek in andere gemeenten. In die ontwikkeling waren er meerdere feedbackrondes en testmomenten, waarin de begrijpelijkheid, eenduidigheid en logische opbouw van de vragenlijst centraal stonden. De vragenlijst is op maat geprogrammeerd waarbij de inzamelmiddelen die inwoners tot hun beschikking hebben centraal stonden. Zo is aan inwoners die het restafval naar een verzamelcontainer brengen, geen vraag gesteld over hoe vaak zij de minicontainer voor restafval aan de straat zetten. U vindt de vragen die gesteld zijn in bijlage 1.

4

1.2. Uitvoering van het onderzoek: internetvragenlijst

Het onderzoek is uitgevoerd in februari 2022. De gemeente verzond 4.000 uitnodigingen voor deelname aan het onderzoek via de post. De benaderde inwoners werden opgeroepen om de internetvragenlijst in te vullen. Men had hiervoor drie weken de tijd. Inwoners die de voorkeur gaven aan een schriftelijke versie van de vragenlijst konden deze aanvragen. Vijftien inwoners maakten gebruik van deze mogelijkheid. Naast de schriftelijke uitnodigingen heeft de gemeente Midden-Groningen ook een oproep geplaatst in de Regiokrant, op de website van de gemeente en via sociale media. Door de combinatie van methodieken (schriftelijk, internet) en benaderingswijzen (email, antwoordkaart, sociale media) is, is deelname door verschillende typen inwoners, bijvoorbeeld een mix van jong en oud, geoptimaliseerd. De onderzoeksresultaten zijn in dit rapport weergegeven.

5

1.3. Respons In totaal zijn de antwoorden van 1.705 inwoners van de gemeente Midden-Groningen geanalyseerd in dit onderzoeksrapport.

Methodiek

Aantal inwoners uitgenodigd

Aantal respondenten

Antwoordkaarten met QR-code en URL van de vragenlijst

4.000

649 via internet 15 schriftelijk via de antwoordkaart Totaal 664

Regiokrant

---

255

Sociale media

---

619

Website gemeente

---

92

Anders

---

75

Totaal

1.705

6

1.4. Validiteitscontrole Hoe vulden inwoners de vragenlijst in? • 1.802 respondenten klikten op de link naar de vragenlijst • 1.720 beantwoordden de eerste vraag en 1.708 beantwoordden de tweede vraag in het onderzoek • 1.443 beantwoordden de laatste gesloten vraag over de afvalinzameling • De laatste open vraag werd door 1.440 inwoners ingevuld. De kwaliteit van de antwoorden op deze vraag is hoog. Dat betekent dat respondenten de vragenlijst tot het einde toe serieus ingevuld hebben.

• 15 respondenten bleken niet in de gemeente Midden-Groningen te wonen. Hun antwoorden zijn uit de database verwijderd. De analyses zij uitgevoerd over 1.705 respondenten die de vragenlijst geheel of gedeeltelijk hebben ingevuld. Bij internetvragenlijsten is het gebruikelijk dat respondenten “even een kijkje nemen in een vragenlijst” en deze niet volledig invullen. De afname in aantallen respondenten zoals hierboven vermeld is gebruikelijk bij onderzoek via internet. Er zijn geen aanwijzingen dat één bepaalde vraag problemen opleverde in de beantwoording. Na een controle op de kwaliteit van de gegeven antwoorden en eventuele inconsistenties, zijn alle antwoorden verwerkt in dit rapport, ook antwoorden van inwoners die niet alle vragen beantwoord hebben. Gesloten (multiple choice) vragen zijn in grafieken omgezet, open vragen turven wij en de meest genoemde antwoorden nemen we op in het rapport. Een overzicht van alle open vragen vindt u in een bijlage bij het rapport. Door naar de laatste open vraag te kijken kunnen we concluderen dat de kwaliteit van de gegeven antwoorden hoog is: ook bij de laatste vraag hebben veel respondenten uitgebreid de tijd genomen om te antwoorden. De gemiddelde invultijd van de vragenlijst was 12 minuten. Dit is langer dan vooraf ingeschat.

Er is echter geen verband tussen hoe langzaam of snel de respondent de vragenlijst heeft ingevuld en afhaken tijdens het onderzoek.

7

1.5. Representativiteit van het onderzoek 1.5.1. Steekproefgrootte In de gemeente Midden-Groningen woonden op 1 januari 2021 60.726 mensen, verdeeld over 27.833 adressen (bron). Bij de steekproefgrootte van 1.705 respondenten in deze evaluatie is de betrouwbaarheidsmarge 2,3. Dat betekent dat als in deze evaluatie blijkt dat 91% van de 1.705 respondenten afval scheiden heel belangrijk vindt, het werkelijke percentage (wanneer alle inwoners ondervraagd zouden worden) tussen 88,7% en 93,3% ligt. In de gedragswetenschappen wordt een betrouwbaarheidsmarge kleiner dan 5,0 de Gouden Standaard genoemd. Het aantal respondenten volstaat dus voor een representatief onderzoek. Hiervoor zou een aantal van 400 voldoende geweest zijn. 1.5.2. Onderzoek selectiebias Er zijn in dit onderzoek verschillende kanalen ingezet om inwoners van Midden-Groningen uit te nodigen de vragenlijst in te vullen. Hiervoor is gekozen om ervoor te zorgen dat verschillende groepen inwoners de kans kregen om de vragenlijst in te vullen. Een analyse van de antwoordtendenties van respondenten levert het volgende inzicht op: •

Via de Regiokrant zijn relatief veel ouderen bereikt en via sociale media zijn relatief veel jongere inwoners bereikt.

•

Inwoners die de vragenlijst benaderd hebben als reactie op de uitnodiging in de Regiokrant zijn het meest tevreden over de inzameling van afval in de gemeente en inwoners die via sociale media deelgenomen hebben aan het onderzoek zijn het minst tevreden.

•

Inwoners die de vragenlijst benaderd hebben via de website van de gemeente of hebben gereageerd op de uitnodiging in de brievenbus, wijken qua leeftijd en tevredenheid niet af van het gemiddelde in de gehele steekproef.

Geconcludeerd kan worden dat de combinatie van methodieken gezorgd hebben voor een breder bereik onder alle inwoners van de gemeente. Wanneer inwoners alleen via sociale media of alleen via de Regiokrant waren uitgenodigd voor deelname aan het onderzoek, waren de onderzoekresultaten wellicht geen goede representatie geweest over alle inwoners van Midden-Groningen. Door de verschillende benaderingswijzen is dat nu wel het geval.

1.5.3. Conclusie wat betreft representativiteit Er is sprake van een representatief onderzoek. De antwoorden van de respondenten in deze evaluatie geven adequaat weer wat de mening in Midden-Groningen is over de inzameling van afval.

8

1.6. Beschrijving onderzoeksgroep

Bovenstaande grafieken geven inzicht in de leeftijdscategorie, gezinsgrootte en woonplaats van de respondenten die de vragenlijst ingevuld hebben. In de steekproef is er sprake van een lichte ondervertegenwoordiging van mensen in de leeftijd 21-30 jaar oud en de mensen in de leeftijd van 80 jaar of ouder en een lichte oververtegenwoordiging van mensen in de leeftijd van 51-60 jaar oud. In dit onderzoek is er daarom voor gekozen om niet te rapporteren per leeftijdscategorie, maar de leeftijden van de respondenten als een schaal te behandelen in de trant van “naarmate men ouder is….”. De verdeling over de woonplaatsen en de gezinsgrootte van de respondenten in de steekproef zijn een goede afspiegeling van de daadwerkelijke verdeling binnen de gemeente.

9

1.7. Leeswijzer Meervoudige en enkelvoudige vragen Soms kunnen antwoorden optellen tot 99% of tot 101%. Dit zijn afrondingsverschillen die in deze rapportage niet zijn gecorrigeerd. Bij vragen waarbij meer antwoorden mogelijk zijn, tellen de antwoorden logischerwijs op tot meer dan 100%. Vragen op maat Niet alle vragen zijn aan alle inwoners gesteld omdat deze niet voor iedereen relevant zijn. Dat kan betekenen dat het aantal inwoners per vraag anders is. Indien dit zo is, is dit in de tekst vermeld. Wat was de letterlijke vraag? Voor de leesbaarheid van grafieken is ervoor gekozen om antwoordmogelijkheden af te korten. De letterlijke vraagstelling en eventuele toelichtingen staan steeds bovenaan de pagina vermeld. De letterlijke antwoordmogelijkheden vindt u in bijlage één bij dit rapport. Samenhangen en causaliteit In het rapport is onder de kopjes “verdieping” een groot aantal samenhangen opgenomen, bijvoorbeeld tussen de tevredenheid over de afvaldienstverlening in Midden-Groningen en de behoefte aan een hoge inzamelfrequentie. Causaliteit, dus oorzaak en gevolg, kan niet worden vastgesteld door de statistiek. Er kan dus niet geconcludeerd worden dat als inwoners tevreden zijn over de afvaldienstverlening, zij minder restafval overhouden.

Andersom kan ook niet worden vastgesteld dat wanneer inwoners minder restafval overhouden, zij meer tevreden zijn over de afvaldienstverlening. Alle in de database aanwezige variabelen zijn getoetst. Indien een samenhang niet opgenomen is in de tekst, mag u ervanuit gaan dat deze niet aanwezig is. Hierbij gingen wij steeds uit van een significantieniveau van P<0.05, wat gebruikelijk is in gedragsonderzoek. Spreiding binnen een subgroep (bijvoorbeeld gebruik van een container aan huis versus een verzamelcontainer in de buurt), de verschillen tussen de gemiddelden èn aantallen respondenten die een vraag beantwoorden, hebben invloed op of een gevonden verschil tussen twee groepen toegeschreven dient te worden aan het toeval of ook in werkelijkheid, wanneer alle leden van die subgroep ondervraagd worden, bestaat. Open antwoorden en toelichtingen Bij verschillende vragen is de inwoners de mogelijkheid geboden om hun antwoord toe te lichten. De meest genoemde antwoorden zijn opgenomen in dit hoofdstuk. Een overzicht van alle toelichtingen is bijgevoegd bij dit rapport in een bijlage (bijlage 2). 10

1.8. Hoe voeren wij digitaal onderzoek uit? De keuze voor de software die wij gebruiken in onze digitale onderzoeken kwam tot stand na een uitgebreide vergelijking op basis van mogelijkheden voor typen vragen. De vragenlijst past zich automatisch aan, zowel aan schermgrootte als het gebruikte apparaat: telefoon, tablet of laptop (de software is responsief). Voor digitale toegankelijkheid van internetvragenlijsten hanteren we de richtlijnen van branchevereniging MOA:

• Wij hebben een QR-code ontwikkeld om het inwoners gemakkelijk te maken om de vragenlijst te vinden en de url midden-groningen.nl/afvalonderzoek, die gemakkelijk vindbaar was voor de inwoners van de gemeente. • Op de uitnodigingsbriefkaart en de landingspagina van de internetvragenlijst is een mogelijkheid genoemd om contact op te nemen bij vragen of problemen zodat mensen door de vragenlijst geleid konden worden. • Er is gekozen voor grote grafische elementen zoals bijvoorbeeld “VOLGENDE” zodat ook mensen met een beperktere handfunctie die de vragenlijst op de telefoon invullen, niet “misklikken”. • Wij kiezen voor voldoende grote letters en gebruik van contrasterende kleuren (dus geen donkerblauwe letters tegen een grijze achtergrond). • Wij gebruiken software die rekening houdt met verschillende beeldschermen en daar de vragen op aanpast (telefoon versus tablet en groter beeldscherm). • We gebruiken iconen niet ter vervanging, maar ter verduidelijking van de tekst (in de vragenlijst voor dit onderzoek zijn geen iconen gebruikt). • Als je op een antwoord wil klikken (“eroverheen hovert met je muis”), licht het antwoord op zodat je zeker weet dat je goed klikt. • Steeds is uitgelegd dat bijvoorbeeld een laag rapportcijfer betekent dat men minder tevreden is. • Er is gekozen voor korte en duidelijke vragen en niet te veel leeswerk, eenvoudig en algemeen taalgebruik.

• Wij gebruiken geen vakjargon of Engelse termen. • De vragenlijst is getest door een kleine groep kritische testers, waaronder twee ouderen (75+) en drie testers met Nederlands als tweede taal. Gedurende de looptijd van een onderzoek controleren wij altijd de antwoorden om te zien of alles helder is en de vragenlijst goed ingevuld wordt.

11

Hoofdstuk 2. Onderzoeksresultaten Antwoorden zijn per vraag weergegeven

12

2.1. Huidige afvalgedrag 2.1.1. Wat gebruikt u voor uw restafval / gft? Restafval 90% van de inwoners gebruikt een grijze container aan huis voor het restafval, 10% gebruikt een verzamelcontainer voor het restafval. Gft-afval

86% van de inwoners gebruikt een container aan huis voor het gft, 10% gebruikt hiervoor een verzamelcontainer. 2% van de inwoners zegt geen mogelijkheid te hebben voor het scheiden van het gft en 2% heeft die mogelijkheid wel, maar scheidt het gft niet. Verdieping • • •

84% gebruikt voor beide afvalsoorten een container aan huis en 6% gebruikt voor beide afvalsoorten een verzamelcontainer. 4% gebruikt voor restafval een container aan huis en voor gft een verzamelcontainer. 1% gebruikt voor restafval een verzamelcontainer en voor gft een container aan huis.

13

2.1.2. Wat gebruikt u voor uw oud papier / verpakkingsafval?

53% van de inwoners gebruikt voor oud papier een container aan huis, 31% gebruikt hiervoor een verzamelcontainer en 12% zet oud papier in dozen aan de straat. 95% gebruikt voor het verpakkingsafval zakken die men aan de straat zet en 3% scheidt het verpakkingsafval. Anders In de categorie “anders” noemt men dat het oud papier wordt ingezameld door een vereniging of dat men het wegbrengt naar een specifieke plek (“container van de voetbalclub”, “container bij de kerk”). Over het verpakkingsafval geeft men aan dat men het wegbrengt naar de milieustraat of in de grijze container bij het restafval doet.

14

2.1.3. Hoe goed scheidt u onderstaande soorten afval? Oud papier wordt het beste gescheiden in Groningen: acht op de tien inwoners zeggen al het oud papier te scheiden. Daarnaast scheidt 72% van alle inwoners het verpakkingsmateriaal en 66% zegt al het gft te scheiden. Verdieping • Inwoners die een container aan huis hebben voor gft, scheiden hun afval beter dan inwoners die een gft-verzamelcontainer gebruiken. • Inwoners die voor papier een container aan huis gebruiken of het papier naar een verzamelcontainer brengen, scheiden het oud papier beter dan inwoners die het papier in dozen aan de straat zetten. • Naarmate men één van de afvalsoorten beter scheidt, scheidt men de overige van onderstaande afvalsoorten ook beter. • Naarmate men ouder wordt, scheidt men het afval (iets) beter. Gezinsgrootte heeft geen invloed op hoe nauwkeurig men het afval scheidt.

15

2.1.4. Hoe vol is uw container meestal, wanneer u deze aan de weg zet? Acht op de tien inwoners zegt dat de container voor restafval helemaal vol is wanneer zij deze aan de weg zetten. De container voor oud papier is bij 62% van de inwoners helemaal gevuld, dat is ongeveer twee derde van de inwoners die een container voor oud papier in gebruik hebben. De container voor gft is het minst gevuld wanneer deze aan de weg wordt gezet. Bij ongeveer een derde van de inwoners is deze helemaal vol, bij ongeveer een derde is deze voor minder dan de helft gevuld.

Verdieping • Naarmate men het gft, oud papier en verpakkingsmateriaal beter scheidt, zijn de containers voor deze afvalsoorten voller en is de container voor restafval minder vol wanneer men deze aan de weg zet. • Naarmate men de gft container vaker aan de weg zet, is deze gemiddeld minder vol. • Containers van inwoners met grote gezinnen zijn voller dan van inwoners met kleine gezinnen en alleenstaanden.

16

2.1.5. Gewetensvraag: met welke van de onderstaande stellingen bent u het eens? •

Ik scheid binnen mijn mogelijkheden al het herbruikbaar afval zoals oud papier en verpakkingsmateriaal van het restafval

•

Ik kan het herbruikbaar afval best wat beter scheiden (maar doe het nog niet altijd)

Bijna negen van de tien inwoners zegt al het herbruikbare afval zoals oud papier en verpakkingsmateriaal van het restafval te scheiden.

Verdieping • Inwoners die zeggen al het herbruikbare afval te scheiden, gaven eerder in dit onderzoek ook aan het oud papier, verpakkingsmateriaal en gft goed te scheiden. • Naarmate inwoners ouder zijn, zeggen meer inwoners dat zij binnen de mogelijkheden al het herbruikbaar afval te scheiden. • Naarmate de gezinnen groter zijn, komt het vaker voor dat inwoners het herbruikbaar afval beter zou kunnen scheiden. Omdat leeftijd en gezinsgrootte in dit onderzoek sterk samenhangen (naarmate men ouder is, wordt het gezin kleiner), kan niet worden bepaald welke van deze twee variabelen de meeste invloed heeft op het scheidingsgedrag van inwoners.

17

2.1.6. Hoe vaak zet u uw container voor restafval aan de weg? Deze vraag is alleen gesteld aan inwoners die een container voor restafval gebruiken. De meeste inwoners van Midden-Groningen zetten de container voor restafval minder vaak dan tweemaandelijks aan de weg. Slechts 16% zet deze container (bijna) iedere ophaalronde aan de weg. Verdieping • Naarmate men het gft, oud papier en verpakkingsmateriaal beter scheidt, is de aanbiedfrequentie van het restafval lager. • Inwoners die de container met restafval vaker aan de weg zetten, zetten ook de gft container vaker aan de weg. Deze gft container is relatief leger naarmate deze vaker aan de straat wordt gezet. • Inwoners die de container met restafval vaker aan de weg zetten, bieden gemiddeld een vollere container met papier aan. • Naarmate men ouder is, zet men de container met restafval minder vaak aan de weg. Grotere gezinnen zetten de container vaker aan de weg. Er zijn echter ook grote gezinnen die het restafval tweemaandelijks of minder vaak aan de straat zetten.

De vaakst genoemde antwoorden in de categorie “Minder, vaak, namelijk” zijn: • 3-4 maal per jaar (210 maal genoemd) • 1-2 maal per jaar (98 maal genoemd) • 2-3 maal per jaar (44 maal genoemd) • 1 maal per jaar (39 maal genoemd • Nooit (17 maal genoemd)

18

2.1.7. Toelichting bij afvalgedrag Aan de inwoners is de mogelijkheid geboden om een toelichting te geven op het afvalgedrag. 516 inwoners maken gebruik van deze mogelijkheid. De volgende toelichtingen zijn het vaakst genoemd: •

• • • •

• • •

De hoeveelheid restafval wordt met name beïnvloed hoe nauwkeurig men het afval (en voornamelijk het verpakkingsmateriaal) scheidt (genoemd door 101 inwoners). Als je goed scheidt, houd je weinig afval over. De hoeveelheid restafval, en daarmee samenhangend hoe vaak men de container aan de straat zet, stijgt door kattengrit, luiers en incontinentiemateriaal. Een aantal inwoners geeft ook aan dat de container niet meer wordt opgehaald wanneer deze te zwaar wordt door kattengrit of luiers en dat zij deze daarom ook halfvol aan de straat zetten. De container voor restafval wordt aan straat gezet wanneer deze vol is (genoemd door 98 inwoners). Inwoners zetten gft-afval, verpakkingsmateriaal en oud papier iedere ophaalronde aan de straat. Stank en – in de zomer – maden en vliegjes wordt door 47 inwoners specifiek genoemd als de reden om de gft-container zo vaak mogelijk aan de straat te zetten, ook als deze niet vol is. De kosten voor het aan de straat zetten van de container voor restafval worden door 44 inwoners genoemd als belangrijkste reden waarom men het afval beter scheidt en men de container voor restafval pas aan de straat zet wanneer deze vol is. Ongeveer 40 inwoners maken een opmerking over de ophaalfrequentie van papier. Zij kunnen niet altijd al het papier kwijt in de papiercontainer.

Deze inwoners lossen de krapte in de papiercontainer nu op door dozen naast de container te zetten of door het papier een keer weg te brengen naar een verzamelcontainer in de buurt. Ook gebruiken inwoners de container voor restafval voor het overtollige papier dat zij niet kwijt kunnen in de papiercontainer. Inwoners zouden graag een container voor verpakkingsmateriaal in gebruik nemen ter vervanging van de zakken. Inwoners geven ook aan dat zij het lastig vinden om de zakken voor verpakkingsmateriaal op te halen omdat de uitgiftepunten alleen tijdens werktijden open zijn of omdat deze locatie te ver weg zijn van de woning. Er zijn nog vragen bij inwoners over het scheiden van verpakkingsmateriaal: wat mag wel en niet in deze zakken? Twaalf inwoners geven heel specifiek aan dat zij de restafvalcontainer echt tweewekelijks aan de straat zetten. Deze inwoners wonen in huishoudens van twee tot zeven personen.

19

2.2. Attitude afval scheiden 2.2.1. Hoe belangrijk vindt u het scheiden van afval? Negen op de tien inwoners van Midden-Groningen vindt afval scheiden heel belangrijk (58%) of belangrijk (33%). Slechts 2% vindt dit onbelangrijk (1%) of heel onbelangrijk (1%). 7% van de inwoners vindt afval scheiden niet belangrijk of onbelangrijk.

Verdieping • Naarmate men ouder is, vindt met het scheiden van afval (nog) belangrijker. • Grote gezinnen vinden afval scheiden iets minder belangrijk dan kleine gezinnen. • Naarmate men afval scheiden belangrijker vindt, scheidt men het afval beter en zet men het restafval minder vaak aan de straat.

20

2.2.2. Hieronder vindt u een aantal uitspraken over afval scheiden. Geef een 1 aan de uitspraak die het beste bij u past en zo verder. Omdat het goed is voor het milieu is voor de meeste inwoners de belangrijkste reden om afval te scheiden, gevolgd door dat het voor hen normaal is. Geld besparen wordt vervolgens door de meeste inwoners genoemd als belangrijkste reden om afval te sparen. Verdieping Vanuit de gedragswetenschappen is bekend dat sociaal wenselijkheid een rol kan spelen in antwoorden zoals “omdat dat goed is voor het milieu”. Mogelijk is dat ook in dit onderzoek het geval geweest. In hoeverre de genoemde redenen werkelijk invloed hebben op het gedrag van inwoners, kan niet uit dit onderzoek worden opgemaakt. Inwoners die de reden “omdat het goed is voor het milieu” en “voor mij is afval scheiden normaal” goed bij hen vinden passen, zetten de container voor restafval gemiddeld vaker vaak aan de weg. Inwoners de reden “omdat het me anders geld kost” goed vinden passen, zetten de container voor restafval minder vaak aan de weg. Dat het afval scheiden goed is voor het milieu, wordt passender gevonden naarmate inwoners ouder zijn.

Naarmate het gezin groter is, vindt men kostenbesparing en ook gemak een passendere reden of voorwaarde om afval te scheiden.

21

2.3. Tevredenheid afvaldienstverlening

2.3.1. Hoe tevreden bent u per afvalsoort over de mogelijkheden die er zijn in de gemeente (aan huis of in de buurt)? In Midden-Groningen is men het meest tevreden over de mogelijkheden voor het scheiden en aanbieden van gft (8,5) en restafval (8,3). Het minst tevreden is men over de mogelijkheden voor grof afval (afvalbrengpunten in Slochteren en Hoogezand, 6,4) en de inzameling van glas (6,5). Over het geheel geeft men een 7,5 over hoe de gemeente het afval inzamelt. In de paragrafen 2.3.2 tot en met 2.3.9 is per afvalsoort weergegeven welke samenhangen zijn gevonden met de tevredenheid over de afvaldienstverlening over de betreffende afvalsoort. Ook is beschreven welke opmerkingen inwoners gemaakt hebben over de afvaldienstverlening.

22

2.3.2. Restafval (gemiddeld rapportcijfer 8,3) • Inwoners die een container aan huis gebruiken voor restafval geven gemiddeld een rapportcijfer 8,4; inwoners die een verzamelcontainer gebruiken een 7,7. • Naarmate inwoners minder tevreden zijn over de afvaldienstverlening op restafval, scheiden zij het afval minder goed. • Naarmate inwoners ouder zijn en in een kleiner gezin leven (deze twee variabelen hangen sterk samen), zijn zij meer tevreden over de afvaldienstverlening op restafval. • 11% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op restafval. 2.3.3. Gft-afval (gemiddeld rapportcijfer 8,5) • Inwoners die een container aan huis gebruiken voor gft-afval geven gemiddeld een rapportcijfer 8,7; inwoners die een verzamelcontainer gebruiken geven een 8,1. Inwoners die het gft niet kunnen scheiden geven een gemiddeld een 3,9 en inwoners die gft wel kunnen scheiden maar dat niet doen, geven gemiddeld een 5,3. • Naarmate inwoners minder tevreden zijn over de afvaldienstverlening op gft-afval, scheiden zij het afval minder goed. • Naarmate men ouder is, is men meer tevreden over de afvaldienstverlening op restafval. Er is geen verschil in tevredenheid over afvaldienstverlening op gft-afval tussen grotere of kleinere gezinnen.

• 8% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op gft-afval. • Uit de open antwoorden op diverse vragen in de vragenlijst valt op te maken dat sommige inwoners de zomerinzameling graag ook in oktober zouden willen laten voortduren omdat zij dan veel snoei- en bladafval hebben.

2.3.4. Oud papier (gemiddeld 8,1) • Inwoners die een container aan huis of een verzamelcontainer voor oud papier gebruiken, geven gemiddeld een rapportcijfer 8,2; inwoners die dozen gebruiken een 7,7. • Inwoners uit de voormalige gemeente Hoogezand-Sappemeer zijn meer tevreden over de afvaldienstverlening op oud papier en karton (gemiddeld 8,5), dan inwoners van de voormalige gemeenten Menterwolde (gemiddeld 7,4) en Slochteren (gemiddeld 7,7). • Naarmate inwoners meer tevreden zijn over de afvaldienstverlening op papier, scheiden zij het afval minder goed. • Naarmate inwoners ouder zijn en in een kleiner gezin leven (deze twee variabelen hangen sterk samen), zijn zij meer tevreden over de afvaldienstverlening op oud papier. • 15% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op oud papier. • Uit de open antwoorden op diverse vragen wordt duidelijk dat veel inwoners graag een container voor papier in gebruik zouden willen nemen, sommige inwoners geven ook aan dat de huidig ophaalfrequentie voor hen niet voldoet waardoor er papier in de restafvalcontainer verdwijnt. 23

2.3.5. Verpakkingsmateriaal (gemiddeld 7,6) • Inwoners die het verpakkingsmateriaal scheiden aan de straat zetten in zakken, geven gemiddeld een 7,7; de inwoners die het verpakkingsmateriaal niet scheiden geven een 3,6. Negentien inwoners brengen het verpakkingsmateriaal dat zij scheiden zelf weg. Zij geven gemiddeld een 6,3. • Inwoners uit de voormalige gemeente Hoogezand-Sappemeer zijn meer tevreden over de afvaldienstverlening op verpakkingsmateriaal (gemiddeld 8,1), dan inwoners van de voormalige gemeenten Menterwolde (gemiddeld 7,0) en Slochteren (gemiddeld 7,2). • Naarmate inwoners ouder zijn en in een kleiner gezin leven (deze twee variabelen hangen sterk samen), zijn zij meer tevreden over de afvaldienstverlening op verpakkingsmateriaal. • 22% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op verpakkingsmateriaal. • Uit de open antwoorden op diverse vragen wordt duidelijk dat inwoners graag een container voor verpakkingsmateriaal in gebruik zouden willen nemen en dat er behoefte is aan voorlichting over welke verpakkingen al dan niet gescheiden moeten worden. Ook is er behoefte aan meer uitgiftepunten voor de PMD-zakken, met name voor werkenden (ruimere openingstijden om deze op te halen).

2.3.6. Glas (gemiddeld rapportcijfer 6,5) • Inwoners uit de voormalige gemeente Slochteren (gemiddeld 7,7 en toenemend tot 8,4 in Harkstede) zijn meer tevreden over de afvaldienstverlening op glas dan inwoners van de voormalige gemeente Menterwolde (gemiddeld 6,6). Inwoners van de voormalige gemeente Hoogezand-Sappemeer zijn het minst tevreden (gemiddeld 6,1). Het minst tevreden zijn inwoners van het buitengebied (5,7) en Sappemeer (5,6). • Naarmate inwoners vinden dat gemak in het scheiden van afval belangrijk is in hoe zij het afval scheiden, zijn zij minder tevreden over de afvaldienstverlening op glas in Midden-Groningen. • Naarmate inwoners ouder zijn en in een kleiner gezin leven (deze twee variabelen hangen sterk samen), zijn zij meer tevreden over de afvaldienstverlening op glas. • 34% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op glas. • Uit de antwoorden op open vragen valt op te maken dat inwoners de inzameling van glas aan huis missen. Ook geven sommige inwoners aan dat zij behoefte hebben aan een verzamelcontainer voor glas dichter bij huis.

24

2.3.7. Textiel (gemiddeld rapportcijfer 7,0) • Inwoners uit de voormalige gemeente Slochteren zijn meer tevreden over de afvaldienstverlening op textiel (gemiddeld 7,8), dan inwoners van de voormalige gemeenten Menterwolde (gemiddeld 6,5) en Hoogezand-Sappemeer (gemiddeld 6,9). • 28% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op textiel. • Uit de antwoorden op open vragen valt op te maken dat sommige inwoners behoefte hebben aan een verzamelcontainer dichter bij huis. Ook geven inwoners aan dat de textielcontainer niet vaak genoeg geleegd worden. Inwoners geven bovendien aan dat zij graag zouden zien dat het textiel weer aan huis opgehaald wordt in Midden-Groningen. Inwoners geven aan dat de gemeente zegt dat het textiel aan huis wordt opgehaald, maar in de praktijk wordt het niet opgehaald aan huis. 2.3.8. Grof afval, afvalbrengpunten in Slochteren en Hoogezand (gemiddeld rapportcijfer 6,4) • Inwoners uit de voormalige gemeente Menterwolde zijn minder tevreden over de afvaldienstverlening op grof afval (gemiddeld 5,4) dan inwoners uit de voormalige gemeenten Slochteren (gemiddeld 6,5) en Hoogezand-Sappemeer (gemiddeld 6,7). • De tevredenheid over de afvaldienstverlening op grof afval is het hoogst in Kropswolde (gemiddeld 7,5 over 40 inwoners), gevolgd door Harkstede (gemiddeld 7,2 over 55 inwoners).

De tevredenheid is het laagst in Meeden (gemiddeld 3,7 over 19 inwoners) en Muntendam (4,4 over 59 inwoners). Omdat de aantallen respondenten per woonkern relatief laag zijn, geven de genoemde gemiddelden geen inzicht in de werkelijke tevredenheid per woonkern, maar wel een indicatie van de afwijking van het totaalgemiddelde. • 33% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvaldienstverlening op grof afval. • Uit de antwoorden op open vragen valt op te maken dat sommige inwoners de wens hebben dat zij enkele malen per jaar het grof afval gratis zouden kunnen wegbrengen of dat het enkele malen per jaar gratis opgehaald zou moeten worden. Ook wordt melding gemaakt van lange wachttijden bij de afvalbrengpunten. Tenslotte geven inwoners aan dat zij het te veel moeite vinden om grof vuil weg te brengen, daarom maken zij grof afval klein en voeren zij het afval via de container voor restafval.

25

2.3.9. Algemene tevredenheid afvaldienstverlening (gemiddeld 7,5). • •

• •

Inwoners uit de voormalige gemeente Hoogezand-Sappemeer zijn meer tevreden over afvalinzameling in de gemeente (gemiddeld 7,8) dan inwoners uit de voormalige gemeenten Slochteren (gemiddeld 7,4) en Menterwolde (gemiddeld 7,2). De tevredenheid over de afvaldienstverlening is het hoogst in Kropswolde (gemiddeld 8,1 over 41 inwoners) en Harkstede (gemiddeld 8,1 over 71 inwoners). De tevredenheid is het laagst in Muntendam (gemiddeld 6,8 over 77 inwoners) en Kolham (6,9 over 43 inwoners). Omdat de aantallen respondenten per woonkern relatief laag zijn, geven de genoemde gemiddelden geen inzicht in de werkelijke tevredenheid per woonkern, maar wel een indicatie van de afwijking van het totaalgemiddelde. Naarmate inwoners ouder zijn en in een kleiner gezin leven (deze twee variabelen hangen sterk samen), zijn zij meer tevreden over de afvaldienstverlening. 13% van de inwoners in de gemeente Midden-Groningen geeft een onvoldoende aan de afvalinzameling in de gemeente Midden-Groningen.

In de conclusies is op basis van de correlatie tussen de tevredenheid per afvalsoort en de algemene tevredenheid over de afvaldienstverlening, een prioriteitenmatrix opgenomen. Deze matrix maakt het mogelijk om prioriteiten te stellen in de dienstverlening op de deelstromen en hun mogelijke effect op de algemene tevredenheid over de afvalinzameling en –scheidingsmogelijkheden in de gemeente Midden-Groningen.

26

2.4. Verbeteren afvalscheiding 2.4.1. Hoe vaak is het voor u (uw huishouden) nodig om de volgende afvalsoorten op te halen? Deze vraag is alleen gesteld aan inwoners die een container voor restafval in gebruik hebben. Voor het merendeel van de inwoners is de huidige ophaalfrequentie van gft, verpakkingsmateriaal en oud papier “precies goed”. Voor een derde van de inwoners zou het oud papier vaker opgehaald mogen worden en voor iets meer dan een derde van de inwoners zou het restafval minder vaak mogen worden opgehaald. Verdieping • Met uitzondering van Kropswolde (5%), hebben inwoners van kleine kernen meer behoefte aan een hogere ophaalfrequentie van gft dan inwoners van de grotere kernen. Met name in Sappemeer vindt een grote groep inwoners (25%) dat het gft minder vaak opgehaald zou hoeven worden. • Inwoners die vinden dat de diverse soorten afval vaker opgehaald zouden moeten worden, zijn over de service op die betreffende afvalsoort minder tevreden dan inwoners die vinden dat de ophaalfrequentie precies goed is, zo. • Het scheidingsgedrag van de diverse afvalsoorten hangt niet samen met de behoefte aan vaker of minder vaak ophalen van het afval. • Naarmate de container voor gft en oud papier voller is wanneer inwoners deze aan de straat zetten, is de behoefte aan een hogere ophaalfrequentie hoger. Deze samenhang is niet aanwezig bij restafval. •

Naarmate gezinnen groter zijn, is de behoefte aan een hogere ophaalfrequentie van verpakkingsmateriaal, oud papier en restafval hoger. Kleinere gezinnen en ouderen vinden juist dat de ophaalfrequentie van deze afvalsoorten lager mag.

27

2.4.2. Ons doel is om de hoeveelheid restafval per inwoner te verminderen. Als iedereen al het afval zou scheiden, zou er minder dan 50 kilo restafval per inwoner overblijven. Dat is 1 kilo per persoon per week. In sommige gemeenten wordt al minder dan 1 kilo restafval per persoon per week opgehaald. Wat is er volgens u voor nodig om dat doel te behalen?

De vaakst genoemde antwoorden van de 1.095 inwoners die deze open vraag beantwoorden, zijn: • • • • • • • • • •

200 maal genoemd: communicatie. Inwoners noemen onder andere het verbeteren van instructie (met name over de verpakkingen), voorlichting over waarom afval scheiden belangrijk is, bewustwordingscampagnes en inzetten van coaches. 141 maal genoemd: de zakken voor verpakkingsmateriaal vervangen door een container aan huis. 139 maal genoemd: het afval moet door inwoners beter gescheiden worden. 134 maal genoemd: de producenten moeten minder verpakkingen of slechts herbruikbare verpakkingen gebruiken. 95 maal genoemd: weet niet / geen idee. 92 maal genoemd: betere openingstijden en lagere tarieven voor het wegbrengen van grof vuil / meer voorzieningen in de buurt voor klein grof vuil / enkele malen per jaar grof vuil gratis ophalen. Inwoners geven aan dat zij nu grof vuil afvoeren via de container voor restafval. 65 maal genoemd: ik heb nu al (minder dan) één kilo per week. 48 maal genoemd: de variabele tarieven voor restafval hoger maken. Afvalscheiding beter belonen. 35 maal genoemd: het mogelijk maken van scheiden van luiers.

Ideeën die minder vaak, maar toch nog regelmatig terugkomen, zijn het (weer) ophalen van glas, het verbeteren van de toegankelijkheid van zakken voor verpakkingsmateriaal, het verhogen van de ophaalfrequentie van papier, het verlagen van de ophaalfrequentie van restafval, het verbeteren van mogelijkheden om klein chemisch afval en/of batterijen te scheiden, beter opletten bij wat je koopt (minder consumeren), speciale voorzieningen voor kattengrit en/of medisch afval, het afschaffen van de kwijtschelding van het variabele deel voor minima, overstappen van bronscheiding naar nascheiding.

Een overzicht over alle open antwoorden is opgenomen in bijlage twee.

28

2.4.3. Wat zou u helpen om zo goed te scheiden dat u die 1 kilo restafval per persoon overhoudt? Vier van de negen inwoners zegt nu al amper restafval over te houden. Een kwart van de inwoners zouden graag meer mogelijkheden voor het scheiden van herbruikbaar afval willen hebben en ongeveer één op de acht heeft meer informatie nodig. Een tiende van de inwoners zegt dat het voor hem of haar niet mogelijk is om één kilo restafval per week over te houden en één op de twintig inwoners wil helemaal niet slechts één kilo restafval per week overhouden.

Inwoners die “anders” aangekruist hebben, geven soortgelijke antwoorden als op de eerdere vraag over het verminderen van restafval (zie paragraaf 4.2.2). Zij zouden bijvoorbeeld een rolcontainer voor verpakkingsmateriaal in gebruik willen nemen, het grof afval gratis willen wegbrengen, al dan niet gratis ophaalroutes willen voor grof afval of een betere beloning willen voor het scheiden van afval. Andere mogelijkheden die genoemd zijn, zijn vaker papier ophalen, glas aan huis ophalen en creëren van scheidingsmogelijkheden voor luiers en/of kattengrit. Verdieping Inwoners die meer mogelijkheden nodig hebben voor het scheiden van afval, zijn minder dan gemiddeld tevreden zijn over de inzameling van de diverse afvalsoorten. Zij zijn ook relatief jonger. In de voormalige gemeente Hoogezand-Sappemeer is de behoefte aan meer mogelijkheden voor afvalscheiding groter dan gemiddeld en in de voormalige gemeente Slochteren is deze behoefte juist kleiner dan gemiddeld. Wellicht wordt dit verschil veroorzaakt doordat men in deze voormalige gemeenten andere mogelijkheden had voor afvalscheiding dan voor de gemeentelijke herindeling. Inwoners die nu al amper restafval hebben, zij meer dan gemiddeld tevreden over de inzameling van de diverse afvalsoorten. Zij zijn ook relatief ouder.

Inwoners die geen voorzieningen gebruiken voor het scheiden van gft, geven zelden aan dat zij nu al amper restafval hebben. Inwoners die meer informatie nodig hebben, zijn gemiddeld tevreden over de inzameling van de diverse afvalsoorten met uitzondering van textiel, waarover ze minder dan gemiddeld tevreden zijn. Inwoners die zeggen helemaal niet 1 kilo restafval per week per persoon over te willen houden, zijn minder dan gemiddeld tevreden over de inzameling van de diverse afvalsoorten. Zij geven ook vaker dan andere inwoners aan dat zij het gft wel kunnen scheiden, maar dat niet doen.

29

2.4.4. Als u meer mogelijkheden voor het scheiden voor afval nodig hebt om één kilo restafval per persoon per week over te houden, waar denkt u dan aan? Deze vraag is alleen gesteld aan de inwoners die hebben aangegeven meer mogelijkheden voor het scheiden van afval nodig te hebben. 380 inwoners hebben deze vraag beantwoord. De vaakst genoemde antwoorden zijn: • • • • • •

87 maal genoemd: een container aan huis voor verpakkingsmateriaal of het gemakkelijker beschikbaar maken van zakken voor verpakkingsmateriaal. 66 maal genoemd: voorlichting, met name over welk verpakkingsmateriaal al dan niet gescheiden dient te worden. 44 maal genoemd: het weer opnieuw aan huis ophalen van glas. 33 maal genoemd: het vaker ophalen van papier of het beschikbaar stellen van containers voor papier aan inwoners die nu het papier nog in dozen aan de straat zetten. 30 maal genoemd: het scheiden van grof afval toegankelijker maken door grof afval periodiek op te halen of het wegbrengen goedkoper / gratis te maken en/of de openingstijden van de afvalbrengpunten te verruimen. 24 maal genoemd: het weer opnieuw aan huis ophalen van kleine elektrische apparaten en/of witgoed.

2.4.5. Als het voor u niet mogelijk is om het afval beter te scheiden waardoor u slechts één kilo restafval per week over houdt, waarom is dat dan zo? Deze vraag is alleen gesteld aan inwoners die zeggen dat het voor hen niet mogelijk is om slechts één kilo restafval per week per persoon over te houden. 147 inwoners hebben deze vraag beantwoord. De vaakst genoemde antwoorden zijn: • • • • •

35 maal genoemd: ik scheid echt alles al maar ik houd toch meer over dan één kilo per week per persoon. 30 maal genoemd: het doel van één kilo per persoon per week is gewoon onmogelijk / onzin. 24 maal genoemd: ik heb veel luiers en/of incontinentiemateriaal. 20 maal genoemd: ik heb veel afval van de huisdieren / kattengrit. 10 maal genoemd: ik heb veel grof afval / grote stukken afval zoals bouwmateriaal of tuinafval. Dat moet eigenlijk naar het afvalbrengpunt maar voor mij is dit brengpunt te ver / te duur / niet open op tijden dat ik dit kan wegbrengen.

30

2.5. Draagvlak wijziging ophaalfrequentie restafval 2.5.1. In veel gemeenten wordt het restafval eens in de 4 weken opgehaald. In Midden-Groningen gebeurt dat nog eens per 2 weken. Hoe vaak moet voor u het restafval nog ingezameld worden? Deze vraag is alleen gesteld aan inwoners die een container voor restafval in gebruik hebben.

30% van de inwoners vindt dat het restafval nog tweewekelijks moet worden ingezameld. Voor 33% van de inwoners kan de inzamelfrequentie omlaag naar eens in de vier weken. Voor meer dan een derde (36%) zou het restafval minder vaak dan eens per vier weken ingezameld mogen worden.

Verdieping • • •

• • •

Inwoners die de voorkeur geven aan een tweewekelijkse ophaalfrequentie van restafval, hebben ook behoefte aan een hogere inzamelfrequentie van papier en verpakkingsmateriaal. Naarmate men afval scheiden belangrijker vindt, hoeft het restafval minder vaak opgehaald te worden. Naarmate men meer tevreden is over de dienstverlening op de diverse soorten afval, hoeft het restafval minder vaak opgehaald te worden. Naarmate men ouder is, hoeft het restafval minder vaak opgehaald te worden. Grotere gezinnen hebben behoefte aan een hogere ophaalfrequentie van restafval dan kleinere gezinnen. Enkele inwoners geven in de open antwoorden aan dat het verlagen van de ophaalfrequentie van restafval, mogelijk het dumpen van restafval in de openbare ruimte in de hand werkt.

31

2.5.2. Indien u geantwoord heeft dat voor u de inzameling van restafval tweewekelijks moet gebeuren, waarom zou u in de problemen komen wanneer het restafval minder vaak opgehaald zou worden? Deze vraag is alleen gesteld aan de inwoners die de voorkeur geven aan een tweewekelijkse inzameling van restafval. 378 inwoners hebben deze vraag beantwoord. De vaakst genoemde antwoorden zijn: • •

• • •

113 maal genoemd: Ik kan nu mijn restafval al amper kwijt / ik blijf echt met te veel restafval zitten bij een lagere inzamelfrequentie. 79 maal genoemd: Ik wil flexibel blijven en zelf kiezen welke ophaalronde ik eventueel overslag / wanneer ik een ophaalronde oversla dan kom ik vervolgens misschien in de knoop / soms heb ik gewoon veel afval / ik wil alleen een volle container aan de straat zetten en dan kom ik met een vierwekelijks ophaalfrequentie niet uit. 62 maal genoemd: Dan gaat de container te veel stinken / ongedierte aantrekken, zeker in de zomer. 45 maal genoemd: Voor mij persoonlijk is dit geen probleem (maar voor andere gezinnen misschien wel). 40 maal genoemd: Vanwege luiers / incontinentiemateriaal.

32

2.6. Draagvlak wijziging afvalstoffenheffing In Midden-Groningen betaalt u de afvalstoffenheffing in 2 delen: een vast deel per jaar en daarnaast een variabel deel. Het variabele deel betaalt u per keer dat u uw grijze container voor restafval aan de straat zet. Bewoners betalen per keer dat zij restafval in de ondergrondse container gooien. In Midden-Groningen betalen mensen gemiddeld per jaar ongeveer 50 euro minder aan afvalstoffenheffing dan gemiddeld in Nederland. Afvalinzameling en het verwerken van afval wordt steeds duurder. Vooral het verwerken (verbranden) van restafval is duur. De stijgende kosten betekenen dat de afvalstoffenheffing zal stijgen.

Wat heeft u liever? Meer dan driekwart van de inwoners geeft de voorkeur aan het gelijk houden van het vaste deel van de afvalstoffenheffing en het verhogen van het variabel deel van de heffing. Ongeveer een vijfde geeft de voorkeur aan het verhogen van het vaste deel en het gelijk houden van het variabele deel van de afvalstoffenheffing.

Verdieping

•

• •

• • •

Vergeleken met inwoners die een grijze container aan huis gebruiken voor restafval, geeft een groter deel van de inwoners die voor het restafval een verzamelcontainer gebruiken de voorkeur aan het verhogen van het vaste tarief van de heffing (30% versus 18%). Naarmate inwoners het restafval vaker aan de straat zetten, geven zij vaker de voorkeur aan het verhogen van het vaste tarief in plaats van het variabele tarief. Inwoners die de voorkeur geven aan het verhogen van het variabele deel, zijn gemiddeld meer tevreden over de afvalinzameling dan inwoners die de voorkeur geven aan het verhogen van het vaste deel van de afvalstoffenheffing. Naarmate inwoners het papier, gft en het verpakkingsmateriaal beter scheiden, zijn zij vaker voorstander van het verhogen van het variabele tarief en niet het vaste tarief. Er is geen verband tussen de voorkeur van de inwoners over hoe de afvalstoffenheffing te verhogen en leeftijd of gezinsgrootte. Enkele inwoners geven in de open antwoorden aan dat het verhogen van de tarieven en met name het verhogen van het tarief van het variabele deel van de heffing, mogelijk het dumpen van restafval in de openbare ruimte in de hand werkt. 33

2.7. Overige ideeën van inwoners Welke andere ideeën heeft u nog die inwoners van Midden-Groningen zouden kunnen helpen om het afval beter te scheiden en zo minder restafval over te houden? 645 inwoners beantwoorden deze vraag. De vaakst genoemde antwoorden zijn: • • • • • •

107 maal genoemd: Een container voor verpakkingsmateriaal, of in ieder geval een betere verstrekking van zakken voor verpakkingsmateriaal. 107 maal genoemd: Meer voorlichting / informatie / bewustwordingscampagne. 80 maal genoemd: Geef inwoners de mogelijkheid om goedkoper / gemakkelijker / dichterbij huis / vaker / gratis het grof vuil te scheiden. 33 maal genoemd: Voorkom de grote hoeveelheid verpakkingen door fabrikanten onder druk te zetten / met supermarkten in gesprek te gaan / inwoners te stimuleren om hierop te letten tijdens het boodschappen doen. 32 maal genoemd: Pak illegaal dumpen / zwerfafval aan. 29 maal genoemd: de kosten moeten gelijk blijven / verlaagd worden.

34

Hoofdstuk 3. Conclusies en advies.

35

3.1. Inleiding In dit hoofdstuk geven we antwoord op de onderzoeksdoelen, zoals deze vooraf bepaald werden in dit onderzoek. Er is verbinding gemaakt met gedragswetenschappelijke inzichten en op basis daarvan zijn adviezen ontwikkeld. Hierbij is geen rekening gehouden met financiële, logistieke of politieke afwegingen. Immers: in dit onderzoek staat de mening, ervaring en wens van de inwoners van Midden-Groningen centraal en vanuit deze invalshoek zijn de conclusies en adviezen opgesteld.

Onderzoeksdoelen

•

Wat is het huidige afvalgedrag van inwoners? Hoe scheiden zij het afval, hoe vaak zetten zij containers aan de straat en hoe vol zijn de containers die zij aanbieden?

•

Hoe belangrijk vindt men afval scheiden? Waarom scheidt men afval?

•

Hoe kan het scheiden van afval gestimuleerd worden?

•

Hoe tevreden zijn inwoners over de afval-dienstverlening in Midden-Groningen?

•

Hoeveel draagvlak heeft het verlagen van de inzamelfrequentie van restafval van tweewekelijks naar vierwekelijks?

•

Indien besloten wordt de afvalstoffenheffing te verhogen, welke wijze heeft dan de voorkeur bij inwoners (variabele deel of vaste deel verhogen)?

36

3.2. Huidige afvalgedrag •

Geconcludeerd kan worden dat slechts weinig inwoners van Midden-Groningen (4%) in het geheel niet aan afvalscheiding doen.

•

Oud papier en karton wordt in Midden-Groningen het beste gescheiden, gevolgd door gft-afval en verpakkingsmateriaal. De beschikbaarheid van een container voor herbruikbaar afval aan huis of dicht bij huis, heeft een positief effect op de afvalscheiding.

•

Iets meer dan een tiende van de inwoners van Midden-Groningen zegt het herbruikbaar afval nog best wat beter te kunnen scheiden van het restafval. Gezien de hoeveelheden restafval in de gemeente Midden-Groningen en de uitkomsten uit de sorteeranalyses, zou je mogen verwachten dat meer dan 10% van de inwoners van Midden-Groningen het afval beter kan scheiden. Wellicht is hier sprake van een sociaal wenselijke antwoordtendens (de menselijke neiging om het eigen gedrag positief te evalueren). Ook kan er sprake zijn van een informatieprobleem: mensen weten niet wat er mogelijk is op het gebied van afvalscheiding en/of zijn niet voldoende op de hoogte van de afvalscheidingsregels. Tenslotte kan er een probleem zijn in de toegankelijkheid van de mogelijkheden tot afvalscheiding, bijvoorbeeld toegang tot de afvalbrengstations voor grof afval. Ook dan kan men het idee hebben dat men het afval binnen de mogelijkheden optimaal scheidt, maar zijn deze mogelijkheden niet optimaal beschikbaar.

•

8% van de inwoners die een container aan huis hebben voor het restafval, zet het restafval iedere ophaalronde aan de straat. Nog eens 8% zegt het restafval “meestal” iedere ophaalronde aan de straat te zetten. De overige 86% zet de container voor restafval minder vaak aan de straat. Een derde van de inwoners die een container aan huis hebben voor het restafval, zet het restafval zelfs minder vaak dan tweemaandelijks aan de straat.

•

Afvalscheiding leidt tot minder restafval. Kattengrit, luiers en incontinentiemateriaal geven meer restafval.

•

De container voor papier en karton is meestal vol wanneer deze aan tijdens de vierwekelijkse ophaalronde de straat gezet wordt. Sommige inwoners hebben meer papier en karton dan dat in deze container past.

•

Stank is een reden voor inwoners om de container voor gft-afval aan de straat te zetten, ook wanneer deze niet vol is.

•

Over het scheiden van verpakkingsmateriaal kan geconcludeerd worden dat 95% van de inwoners de zakken voor restafval gebruikt.

37

3.3. Attitude afval scheiden •

Negen op de tien inwoners van Midden-Groningen vindt afval scheiden (zeer) belangrijk. Dit geldt in toenemende mate voor oudere inwoners en relatief kleine gezinnen. Hier kan sprake zijn van een sociaal wenselijke antwoordtendens, gezien de menselijke neiging om te streven naar een positief zelfbeeld. Daarom is het van belang om in communicatie over het verbeteren van afvalscheiding, aan te sluiten bij dit zelfbeeld van de inwoners van Midden-Groningen. Wanneer u de afvalscheiding door uw inwoners verder wil verbeteren is een adequate communicatie zeer van belang. Het visueel maken van hoe ver u nu staat en wat er nog mogelijk is aan afvalscheiding, bijvoorbeeld door het delen van de resultaten van sorteeranalyses, kan een averechts effect hebben: burgers herkennen zich niet in het beeld dat geschetst wordt door de sociaal wenselijke, (te) positieve zelfbeoordeling en voelen zich vervolgens niet gestimuleerd om één en ander te verbeteren. Ook kan er weerstand ontstaan wanneer de lat “één kilo restafval per persoon per week” te hoog gelegd wordt. Deze weerstand gaat u tegen door een goed voorbeeld van een ander zien waarin mensen zich kunnen herkennen.

•

Het milieu is voor vier op de tien inwoners de belangrijkste reden om afval te scheiden. Voor een vijfde van de inwoners is dat, dat het gewoon normaal is om afval te scheiden en ongeveer een zesde van de inwoners scheidt het afval voornamelijk omdat het anders geld kost. Hierbij is ook een samenhang gevonden met het aanbiedgedrag van inwoners: inwoners die het afval voornamelijk scheiden omdat het anders geld kost hebben de laagste aanbiedfrequentie van restafval. Verder is uit het onderzoek naar voren gekomen dat ouderen milieu belangrijker vinden dan jongeren, en dat grotere gezinnen de kosten en het gemak belangrijker vinden dan kleinere gezinnen. Ook milieu kan een sociaal wenselijk antwoord zijn dat men geeft, om een positief zelfbeeld “Ik draag bij aan een goed milieu” in stand te houden. Dat deze reden voor afvalscheiding door de meeste inwoners gegeven is, geeft echter wel aan dat men het milieu inderdaad erg belangrijk vindt. Voor de communicatie over afvalscheiding kan het noemen van dit milieu-aspect zeker een verbetering in het afvalgedrag geven.

•

Iets meer dan één op de tien inwoners geeft aan dat verbetering in de afvalscheiding voor hen best mogelijk is, maar dat zij dat nog niet altijd doen. Wanneer men containers aan huis heeft voor het papier en gft-afval, hebben meer inwoners het idee dat verbetering in de afvalscheiding mogelijk dan wanneer men deze middelen niet gebruikt. Voor verbetering in de afvalscheiding is het dus van belang dat men voldoende middelen heeft om het afval te scheiden.

Goed en herkenbaar voorbeeld van een ander

38

3.4. Hoe kan het scheiden van afval gestimuleerd worden? De volgende verbeteringen kunnen leiden tot een verbetering van de afvalscheiding: •

Blijf communiceren over afvalscheiding. Inwoners hebben nog vragen over de scheidingsregels van afval. Zij geven suggesties om de informatie op de app te verbeteren, instructiestickers te plakken op containers en een folder of flyer te verspreiden met daarin duidelijke instructies. Met name het scheiden van verpakkingsmateriaal behoeft verduidelijking.

•

Verschillen in de afvaldienstverlening binnen de gemeente kunnen weerstand oproepen, zeker in gemeenten waarin een gedifferentieerd tarief voor de afvalstoffenheffing is ingevoerd. Stel daarom containers voor papier en karton aan huis beschikbaar in de delen van de gemeente waar men nu nog dozen gebruikt voor het oud papier. Overweeg een tweede container voor papier beschikbaar te stellen aan gezinnen die veel oud papier en karton hebben en nu niet uitkomen met de vierwekelijkse inzameling van papier. Overigens geven enkele inwoners aan dat het papier bij hen niet vierwekelijks op gehaald wordt, maar eens in de zes weken. Indien dat zo is, dan strekt het tot de aanbeveling om de inzamelingfrequentie van papier en karton in de gehele gemeente gelijk te trekken.

•

Overweeg de inzameling van glas aan huis opnieuw uit te voeren. Indien u dat niet doet, schenk dan aandacht aan het vergroten van het aantal brengvoorzieningen voor glas. Informeer inwoners (opnieuw) over het scheiden van glas: inwoners geven aan dat zij het glas niet meer scheiden sinds de inzameling van glas aan huis gestopt is. Niet alle inwoners lijken te weten waar de glasbakken zich bevinden.

•

Overweeg de zakken voor het verpakkingsmateriaal te vervangen door containers. Zorg in ieder geval voor meer locaties waar zakken voor verpakkingsmateriaal op te halen zijn, met name buiten de gewone openingstijden. Inwoners die fulltime werken zeggen nu niet in staat te zijn de zakken voor verpakkingsmateriaal op te halen.

•

Inwoners lijken niet allemaal te weten dat het textiel aan huis wordt opgehaald. Sommige inwoners zeggen zelfs dat dit bij hen niet het geval is. Over de brengvoorzieningen voor textiel wordt opgemerkt dat deze soms vol zijn en dat er dan sprake is van bijplaatsingen. Het strekt tot de aanbeveling om na te gaan of het textiel inderdaad in de gehele gemeente aan huis wordt opgehaald. Ook zou overwogen kunnen worden om te onderzoeken wat het gebruik van de brengvoorzieningen voor deze afvalstroom is en of er inderdaad sprake is van (te) volle brengvoorzieningen voor textiel.

•

Wat betreft grof afval kan geconcludeerd worden dat inwoners kleine hoeveelheden afvoeren via de container voor restafval. Sommige inwoners geven aan dat zij grotere stukken grof afval klein maken zodat dit in de container voor restafval past. Deze inwoners vinden het te veel moeite of te ver om naar de afvalbrengpunten in Slochteren en Hoogezand te rijden of zij vinden de openingstijden te beperkt. Men geeft ook aan dat het te duur is om grof afval naar de afvalbrengpunten te brengen en dat het goedkoper is om het grof afval via de container voor restafval af te voeren. Een herziening van de huidige openingstijden en –tarieven zou een bijdrage kunnen leveren aan het beter scheiden van grof afval door inwoners.

•

Andere mogelijkheden ter verbetering van de afvalscheiding zijn het creëren van mogelijkheden voor het gescheiden inleveren van klein elektrisch afval, kca en batterijen, alsook van luiers en incontinentiemateriaal.

39

3.5. Hoe tevreden zijn inwoners over de afval-dienstverlening in Midden-Groningen? • •

In het algemeen beoordeelt men de inzameling van afval met een 7,5. 13% van de inwoners geeft een onvoldoende. Gemiddeld zijn inwoners het meest tevreden over de inzameling van gft (8,3) en restafval (8,3). Het minst tevreden is men over de inzameling van grof afval (6,4) en glas (6,5). Over de inzameling van deze afvalsoorten geeft een derde van de inwoners een onvoldoende.

Prioriteitenmatrix In de prioriteitenmatrix rechts is het belang en de tevredenheid over de voorzieningen voor de verschillende afvalsoorten en de algemene tevredenheid weergegeven, waarbij het belang is weergegeven door de samenhang met de algemene tevredenheid: naarmate deze samenhang hoger is, is het belang groter. Zo ziet u dat het belang van restafval en glas relatief laag is: de samenhang met de algemene tevredenheid is minder sterk en deze afvalsoorten bevinden zich aan de linkerzijde van de matrix. Verondersteld kan worden dat het vergroten van de service op afvalsoorten die relatief belangrijk zijn, een hogere algemene tevredenheid tot gevolg hebben. Daarbij geeft u de prioriteit voor verbeteren aan de voorzieningen waarover men nu nog besparen bewaken relatief ontevreden is: de brengvoorzieningen voor grof afval. De service op afvalsoorten waarover men zeer tevreden is en die sterk samenhangen met de algemene tevredenheid, rechtsboven in de matrix, dient u te bewaken. Bespaard zou kunnen worden op de voorzieningen voor afvalsoorten waarover men zeer tevreden is en die weinig samenhangen met de algemene tevredenheid, linksboven in de matrix, terwijl de afvalsoorten waarover men relatief niet zo tevreden is maar die ook niet sterk samenhangen met de algemene tevredenheid genegeerd zou kunnen worden (linksonder in de matrix).

Nota bene: in de prioriteitenmatrix staat de samenhang tussen algemene tevredenheid en tevredenheid over de diverse afvalsoorten centraal. Kosten en milieu, zoals gemiddeld aantal kilo’s restafval per inwoner per jaar, worden hierin niet meegenomen. negeren

verbeteren

40

3.6. Hoeveel draagvlak heeft het verlagen van de inzamelfrequentie van restafval van tweewekelijks naar vierwekelijks? Draagvlak voor vierwekelijkse inzameling 70%

16% van de inwoners die een container aan huis hebben voor het restafval, zegt het restafval (nagenoeg) iedere ophaalronde aan de straat te zetten. Ongeveer de helft van alle inwoners vindt de huidige tweewekelijkse inzameling van restafval precies goed zo, meer dan een derde van de inwoners vindt dat de inzamelfrequentie omlaag zou kunnen en 7% van de inwoners zou juist willen dat het restafval vaker opgehaald wordt. Wanneer aan inwoners verteld wordt dat in veel gemeenten een vierwekelijkse inzamelfrequentie gehanteerd wordt, en hen vervolgens wordt gevraagd hoe vaak zij vinden dat het restafval opgehaald moet worden, geven drie op de tien inwoners aan dat zij toch een voorkeur geven aan een tweewekelijkse inzamelfrequentie. Een derde van de inwoners kiest voor een vierwekelijkse inzamelfrequentie en de overige 36% geeft de voorkeur aan een inzamelfrequentie die lager is dan vierwekelijks. Geconcludeerd kan dus worden dat het verlagen van de inzamelfrequentie van restafval naar vierwekelijks heeft dus draagvlak bij 70% van alle inwoners die een container voor restafval aan huis hebben. Welke inwoners komen in de problemen bij een vierwekelijkse inzameling van restafval? Met name grotere gezinnen en gezinnen die het papier en/of het verpakkingsmateriaal niet kwijt kunnen, geven de voorkeur aan een tweewekelijkse inzameling van restafval.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12803140/1