CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

03. Uitvoeringsnota inburgering

Raadsvergadering 25 november 2021, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Uitvoering Wet Inburgering5.156 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Nota uitvoering Inburgering Midden-Groningen, 2021

1

Inhoudsopgave 1. Inleiding

2

2. Doel en uitgangspunten Wet Inburgering

4

2.1.

Doelstelling van het inburgeringsstelsel

4

2.2.

Uitgangspunten

4

2.3.

Ambitie gemeente Midden-Groningen

5

3. Doelgroep

6

3.1 Asielmigranten

6

3.2 Gezinsmigranten

6

4. Taken en verantwoordelijkheden gemeente

7

4.1 Doorlopende leerlijn van voorinburgering naar inburgering

7

4.2 Brede intake en Persoonlijk Plan Inburgering en Participatie

8

4.3 Leerroutes

8

4.4 Module Arbeidsmarkt en Participatie

10

4.5 Participatieverklaring

10

4.6 Maatschappelijke begeleiding

10

4.7 Financieel ontzorgen

10

4.8 Bewaken voortgang inburgeringstraject

11

4.9 Betrokken partijen bij de uitvoering

12

5. Ondertussengroep

14

6. Financieel kader

15

6.1

Integratie-uitkering Wet Inburgering

15

6.2

Specifieke uitkering voor de inburgeringsvoorzieningen

15

6.3

Financieel risico

15

0

1. Inleiding Per 1 januari 2022 gaat de nieuwe Wet Inburgering in. Aanleiding voor een nieuwe inburgeringswet zijn de tegenvallende resultaten van het huidige inburgeringsstelsel dat stamt uit 2013. Het Rijk concludeert op basis van een evaluatie dat inburgeraars onvoldoende worden gestimuleerd om het hoogst haalbare taalniveau te leren, er is te weinig verbinding tussen participatie en inburgering en de kwaliteit van het inburgeringsaanbod kan beter. Het nieuwe inburgeringsstelsel moet een oplossing bieden voor deze knelpunten. Ook in onze gemeente zijn we geconfronteerd met de tekortkomingen van het huidige stelsel . Inburgeraars moeten zelf bepalen hoe ze gaan inburgeren. Dit is een lastige en voor sommige inburgeraars onmogelijke opgave. Het is bijvoorbeeld voor veel inburgeraars uit een land als Eritrea dat op een hele andere manier georganiseerd als Nederland heel lastig om een goede taalcursus te kiezen. Verder herkennen we het knelpunt dat het leren van de taal helemaal los staat van participatie. Dit terwijl juist praktisch taalgebruik van belang is om de Nederlandse taal eigen te maken. In 2017 zijn we in Midden-Groningen gestart met het project ‘Meer doen met Nieuwkomers’.

Via dit project zorgen we dat inburgeraars met een bijstandsuitkering hun Nederlandse taallessen combineren met een participatie-activiteit, zoals een taalstage, vrijwilligerswerk, arbeidstraining of parttime werk. Het uiteindelijke doel is dat inburgeraars participeren, het liefst via betaald werk. We zien binnen dit project mooie resultaten van (ex-)inburgeraars die succesvol hun weg naar de arbeidsmarkt of studie weten te vinden. We zien echter ook dat, ondanks onze inspanningen, veel inburgeraars na het halen van het inburgeringsexamen de Nederlandse taal onvoldoende beheersen om aan de slag te kunnen bij een werkgever. Daarbij speelt dat culturele verschillen tussen een (ex-) inburgeraar en een werkgever soms zo groot zijn dat het houden van een baan niet vanzelfsprekend is. Het nieuwe stelsel biedt ons de mogelijkheid om hier tijdens de inburgeringsperiode flink aandacht aan te besteden. Ongeveer 40% van de inburgeraars in onze gemeente krijgt in het huidige stelsel een ontheffing van de inburgeringsplicht omdat het hen niet lukt om binnen 3 jaar het inburgeringsexamen te halen. Het resultaat hiervan is dat veel (ex-) inburgeraars onvoldoende kunnen meedoen aan de Nederlandse samenleving. Vaak is er alleen contact met de eigen culturele groep.

Uit allerlei landelijke onderzoeken blijkt dat veel mensen die als vluchteling naar ons land zijn gekomen te maken hebben met sociale achterstanden. Armoede,

laaggeletterdheid,

een slechte

gezondheid en sociaal isolement zijn veel voorkomende problemen. In het nieuwe stelsel gaan gemeenten de regie voeren over de uitvoering van de inburgering. Gemeenten gaan zorgen voor een passend inburgeringsaanbod en bieden ondersteuning tijdens de inburgering. De gemeentelijke uitvoering wordt onderdeel van het sociaal domein zodat er een verbinding gemaakt kan worden met andere taken, in het bijzonder met w erk en participatie. We zien deze ontwikkeling als een kans om inburgeraars in Midden-Groningen beter te ondersteunen. We kunnen nu voor iedere inburgeraar een aanbod op maat bieden dat aansluit bij de leefwereld en de mogelijkheden van de inburgeraar. 2

In deze nota laten we zien welke dienstverlening de gemeente gaat bieden aan de inburgeraars en wie deze gaat uitvoeren. De Wet Inburgering is geen decentralisatie. De beleidsvrijheid is beperkt en de te maken keuzen gaan vooral over hoe we onze dienstverlening organiseren. De gemeenteraad hoeft geen inhoudelijke beleidskeuzes te maken. D eze nota is bedoeld om de raad te informeren over de wijze waarop we uitvoering geven aan de Wet Inburgering. We vragen de raad daarbij om budget beschikbaar te stellen voor de uitvoering . Leeswijzer We beginnen deze notitie met de elementen van de Wet Inburgering. We schetsen de visie en uitgangspunten. In hoofdstuk 3 geven we een beeld van de doelgroep die te maken krijgt met deze wet. Vervolgens beschrijven we in hoofdstuk 4 de nieuwe taken voor de gemeente en we geven aan hoe we daar uitvoering aan geven. Hoofdstuk 5 gaat over de gemeentelijke dienstverlening aan de inburgeraars die vallen onder het huidige inburgeringsregime uit 2013. We sluiten af met het financieel kader waarbinnen we uitvoering geven aan de nieuwe taken.

3

2. Doel en uitgangspunten Wet Inburgering Allereerst schetsen we het doel en de uitgangspunten van het nieuwe inburgeringsstelsel, opgesteld door het Rijk. Daarna geven we aan wat de ambitie is van de gemeente MiddenGroningen.

2.1.

Doelstelling van het inburgeringsstelsel

Het doel van het inburgeringsbeleid is dat nieuwkomers snel en volwaardig meedoen, het liefst via betaald werk. Dit wil het Rijk bereiken door inburgeringsplichtigen het voor hen hoogst haalbare taalniveau te laten halen (streven is taalniveau B1 1) en kennis van de Nederlandse maatschappij te laten opdoen. Dit in combinatie met gerichte inspanningen om te participeren naar vermogen vanaf de start van het inburgeringstraject.

2.2.

Uitgangspunten

Het Rijk heeft het nieuwe inburgeringsstelsel gebaseerd op de volgende uitgangspunten: Tijdige start inburgeren Het Rijk wil dat inburgeraars zo vroeg mogelijk starten met hun inburgering. Asielgerechtigde inburgeraars starten al in het asielzoekerscentrum met de voorinburgering. Meer snelheid in het inburgeringstraject De inburgeringstermijn blijft drie jaar. Het Rijk wil dat meer mensen binnen deze termijn hun inburgering afronden. De begeleiding door de gemeenten moet hieraan bijdragen. Maatwerk Iedereen wordt gemotiveerd om het hoogst haalbare taalniveau te halen. Alle inburger aars krijgen een traject dat aansluit bij hun capaciteiten. Er komt een inburgeringsroute voor wie het taalniveau A2 2 niet haalbaar is. Ook komt er een onderwijsroute voor jongeren die zich voorbereiden op het vervolgonderwijs. Dualiteit (combinatie leren taal en participatie-activiteiten) Taal en participatie worden gecombineerd en in samenhang aangeboden, zodat inburgeraars al tijdens hun taaltraject op zoek gaan naar werk en ondersteund worden bij het vinden daarvan. Hogere kwaliteit inburgeringsaanbod Gemeenten gaan het inburgeringsaanbod organiseren. Het Rijk verwacht dat daarmee de kwaliteit omhoog gaat.

1 Volgens het Europees Referentiekader voor de Talen is een persoon met taalniveau B1 een onafhankelijke gebruiker. De persoon begrijpt teksten die grotendeels bestaan uit woorden en zinnen die vaak voorkomen en waar de persoon bekend mee is. Ook kan de persoon een eigen mening geven en verantwoorden of een verhaal vertellen over bekende onderwerpen. Dit taalniveau is nodig voor een opleiding op MBO 2 of 3 niveau. 2 Volgens het Europees Referentiekader voor de Talen is een persoon met taalniveau A2 een basisgebruiker. De persoon begrijpt korte, eenvoudige z innen die gaan over alledaagse zaken, zoals boodschappen, werk of familie. De persoon snapt eenvoudige gesproken en geschreven teksten. Ook kan de persoon een kort en simpel gesprek voeren. 4

2.3.

Ambitie gemeente Midden-Groningen

We willen dat inburgeraars zich zo snel mogelijk thuis voelen in Midden-Groningen en mee kunnen doen. We delen de visie van het Rijk dat inburgeraars zo snel mogelijk en intensief begeleid moeten worden. We gebruiken de inburgeringsperiod e om de kansen op een goed toekomstperspectief zo groot mogelijk te maken. Het uiteindelijke doel is betaald werk. Betaald werk zorgt voor een eigen inkomen en biedt de beste kansen om uit een armoedesituatie te komen. Als betaald werk (nog) niet lukt, dan stimuleren we inburgeraars om op een andere manier hun talenten in te zetten voor de Midden Groningse samenleving, bijvoorbeeld via vrijwilligerswerk. We vertalen onze ambitie in een aantal doelen. We houden hierbij rekening met de startpositie van de inburgeraars. De startpositie en leerbaarheid van de inburgeraars bepaalt de inburgeringsroute die zij gaan volgen. In paragraaf 4.3 staan de leerroutes beschreven. 1.

Inburgeraars halen binnen 3 jaar hun inburgeringsdiploma

Inburgeraars moeten van het rijk binnen 3 jaar voldoen aan hun inburgeringsplicht . De begeleiding en inburgeringsaanbod van onze gemeente draagt eraan bij dat dit voor iedere inburgeraar mogelijk is. Indicator: Gemiddelde duur van het inburgeringstraject 2.

Inburgeraars die deelnemen aan de Onderwijsroute stromen door naar het reguliere vervolgonderwijs.

De onderwijsroute is bedoeld voor jongeren die na hun inburgering willen instromen in het regulier onderwijs. Een opleiding vergroot de kansen in Nederland sterk. We zetten er daarom op in dat alle jongeren vanuit de onderwijsroute doorstromen. Indicator: % inburgeraars dat vanuit de onderwijsroute doorstroomt naar het vervolgonderwijs. 3.

Inburgeraars van de Zelfredzaamheidsroute participeren na afronding van hun inburgeringstraject in de samenleving.

De Zelfredzaamheidsroute is voor inburgeraars die moeite hebben met he t leren van de Nederlandse taal en vaak minder zelfredzaam zijn. We willen dat deze inburgeraars ook na afronding van hun inburgering actief blijven meedoen in de samenleving zoals vrijwilligerswerk en waar mogelijk betaald werk. Indicator: % inburgeraars dat 6 maanden na het afronden van hun inburgering actief meedoet in de samenleving voor minimaal 3 dagdelen per week. 4.

Inburgeraars van de B1 route hebben na afronding van hun inburgering een betaalde baan.

De B1 route is de reguliere inburgeringsroute. Het doel is het halen van het taalniveau B1, Het streven is dat inburgeraars na de B1 route participeren, het liefst via betaald werk. Indicator: % inburgeraars dat 6 maanden na het afronden van hun inburgering een betaalde baan heeft.

5

3. Doelgroep De inburgeringsplicht geldt voor personen die van buiten de Europese Unie (EU), de Europese Economische Ruimte (EER) of Zwitserland langdurig in Nederland komen wonen. Uitzondering hierop zijn personen die voor een tijdelijk doel in Nederland zijn, zoals studenten en tijdelijke arbeidskrachten. Het Rijk maakt binnen het nieuwe inburgeringsstelsel onderscheid tussen twee groepen inburgeraars. De gemeentelijke regierol is anders voor beide groepen:

3.1 Asielmigranten Asielmigranten zijn asielzoekers die als vluchteling worden erkend en een verblijfsvergunning hebben gekregen. Ook nareizende familieleden van vluchtelingen vallen hier onder. De groep asielmigranten bestaat op dit moment vooral uit personen uit Syrië en Turkije. Het is moeilijk te voorspellen hoeveel asielmigranten zich per jaar vestigen in onze gemeente. Dit is afhankelijk van de situatie in verschillende delen van de wereld en afspraken die tussen landen en continenten worden gemaakt. Voor de gemeente geeft de huisvestingstaakstelling van het Rijk een goede indicatie van het aantal potentiële inburgeraars. Als we uitgaan van de taakstelling van het jaar 2020 (42 personen), dan kunnen we uitgaan van 29 nieuwe inburgeringsplichtige asielmigranten per jaar. In 2021 is de huisvestingstaakstelling meer dan verdubbeld. We gaan ervanuit dat dit een incidentele verhoging is . De IND werkt dit jaar achterstanden weg.

3.2 Gezinsmigranten Gezinsmigranten zijn migranten die naar Nederland komen vanwege hun (Nederlandse) familielid of partner. Dat kan alleen als de familielid of partner over voldoende inkomen beschikt. Het inkomen van de persoon bij wie de gezinsmigrant gaat wonen moet hoger of gelijk zijn aan de bijstandsnorm. Zij komen uit verschillende landen zoals Indonesië, Japan of Servië. De inburgering voor gezinsmigranten start al in het land van herkomst, waar zij het basisexamen inburgering buitenland afleggen. Dat betekent dat zij al een basisniveau aan taal hebben behaald wanneer zij hier komen. Gezinsmigranten hebben het voordeel ten opzichte van asielmigranten dat zij een referent (meestal de Nederlandse partner) hebben die de weg in de gemeente goed kent en hen kan ondersteunen. Hun partner is al geworteld in de Nederlandse samenleving en heeft een (voldoende hoog) inkomen. De regering vindt het ook voor

de gezinsmigranten

belangrijk

dat zij

inburgeren.

Maatschappelijk gezien is het wenselijk dat zij zo goed en snel mogelijk participeren in Nederland en de Nederlandse taal op een zo hoog mogelijk niveau beheersen. Zij voeden in Nederland hun kinderen op, bezoeken de dokter en willen zich misschien ook onafhankelijk van hun partner oriënteren op een plek op de Nederlandse arbeidsmarkt . Wij delen deze gedachtegang van het Rijk. Het aantal inburgeringsplichtige gezinsmigranten dat per jaar in onze gemeente komt wonen, kunnen we op basis van historische gegevens van DUO schatten op 11 personen per jaar. Dit aantal is redelijk stabiel. 6

4. Taken en verantwoordelijkheden gemeente De gemeente krijgt een aantal nieuwe taken en verantwoordelijkheden. In dit hoofdstuk geven we aan welke dat zijn, hoe en met wie we daar uitvoering aan geven. De gemeentelijke regierol beleggen we bij de uitvoeringsorganisatie BWRI. Zo is er een sterke verbinding tussen inburgeren en participatie. We gaan consulenten inburgering aanstellen die regie voeren op het traject. Hieronder een schets van de stappen die de inburgeraars doorlopen bij hun inburgeringstraject. We laten aan de hand van deze stappen zien wat de taken van de gemeente zijn en hoe en met welke partners wij dit gaan organiseren. In bijlage 1 en 2 is de klantreis van de verschillende groepen inburgeraars, namelijk asielmigranten en gezinsmigranten te lezen.

4.1 Doorlopende leerlijn van voorinburgering naar inburgering Het inburgeringsproces van een asielmigrant start in het Asielzoeker scentrum (AZC) waar het Centraal Opvang voor Asielzoekers een traject ‘voorinburgering’ aanbiedt. De asielmigrant start met taallessen en doet kennis op van de Nederlandse maatschappij en de arbeidsmarkt. Na de koppeling van een asielmigrant aan de gemeente moet een doorlopende lijn worden ingezet, waarbij de voorinburgering doorloopt naar het gemeentelijke inburgeringstraject. De consulent inburgering legt al in het AZC contact met de asielmigrant om de situatie in beeld te brengen en de asielmigrant te laten starten met het gemeentelijke traject. Gezinsmigranten volgen geen voorinburgering. Zij hebben in het land van herkomst het basisexamen inburgering buitenland gevolgd. 7

4.2 Brede intake en Persoonlijk Plan Inburgering en Participatie De brede intake geeft inzicht in de startpositie en ontwikkelmogelijkheden van de inburgeringsplichtigen. De brede intake bestaat uit een uitvraag op alle leefgebieden (zoals werk, opleiding, gezondheid, gezinssituatie). Onderdeel van de brede intake is een onafhankelijke toets die de leerbaarheid in beeld brengt. De brede intake start voor een asielmigrant o p het AZC. Voor gezinsmigranten en overige migranten zal de brede intake binnen 2 weken plaatsvinden na de inschrijving in het bevolkingsregister van de gemeente. Als op basis van de brede intake blijkt dat extra ondersteuning in het gezin gewenst is dan zorgt de consulent inburgering ervoor dat de verbinding met het sociaal team wordt gemaakt. De opgehaalde informatie van de brede intake gebruikt de gemeente om samen met de inburgeraar een persoonlijk Plan Inburgering en Participatie (PIP) op te stellen. Dit is maatwerk: een persoonlijk plan voor het leren van de taal in combinatie met werk, vrijwilligerswerk, studie of stage. Het PIP houdt rekening met alle leefgebieden. Op elke leefgebied wordt gekeken welke inzet nodig is om in te burgeren. Geen enkele PIP is hetzelfde omdat geen enkele inburgeraar gelijk is. Uiterlijk 10 weken na de dag waarop inburgeraars ingeschreven staan in de gemeente moet het PIP zijn vastgesteld.

4.3 Leerroutes Op basis van de brede intake wordt in het PIP vastgelegd welke route de inburgeraar gaat volgen. Hieronder gaan we apart op de drie leerroutes in. De B1- route De B1 route is de reguliere inburgeringsroute. Er wordt ingezet op een combinatie van inburgering en participatie zodat ze elkaar kunnen versterken. De invulling van de leerroute blijft maatwerk. Zo kan een intensief taaltraject van 20 uur het meest passend zijn voor de ene inburgeraar. En krijgt een ander 10 uur taalles per week over een langere periode omdat taalles en werk worden gecombineerd. De inburgeraar heeft de route succesvol afgerond als het centrale DUO taalexamen en het examen Kennis van de Nederlandse Maatschappij gehaald zijn. Het taalonderwijs kopen we gezien het lage aantal inburgeraars samen in met de gemeenten Groningen, Westerkwartier, Het Hogeland, Eemsdelta en Noordenveld. De gemeente Groningen treedt op als inkopende partij. Naast formeel onderwijs gaan de inburgeraars zoveel mogelijk oefenen met taal in praktijksituaties. Dit kan met de vrijwillige taalmaatjes van Humanitas. Verder krijgen inburgeraars lessen in digitale vaardigheden via het Taalhuis Midden-Groningen. We maken gebruik van lokale instrumenten om invulling te geven aan de participatie.

Zo kunnen inburgeraars gebruik maken van de participatievoorzieningen (leerwerkplekken, taalstages, arbeidstraining, vrijwilligersactiviteiten) die beschikbaar zijn voor de hele doelgroep van de Participatiewet.

8

De Onderwijsroute Het is van belang dat jongeren goed opgeleid aan hun loopbaan beginnen. We stimuleren daarom zoveel mogelijk jongeren om de onderwijsroute te volgen . Dit met het doel om daarna door te stromen naar het reguliere onderwijs. De route bestaat uit een taalschakeltraject. Hier leert de inburgeraar de Nederlandse taal op minimaal B1 niveau . Het traject bereidt voor op zowel het MBO als het HBO/ wetenschappelijk onderwijs. Gezien de beperkte omvang van het aantal inburgeraars kopen we het taalschakeltraject met alle Groningse en Drentse gemeenten in. Jongeren hebben voldaan aan de inburgeringsplicht als zij alle onderdelen van het taalschakeltraject hebben gehaald. De Z-route (zelfredzaamheidsroute) Deze route is voor personen bij wie tijdens de intake wordt geconstateerd dat zij moeite zullen hebben met het leren van de Nederlandse taal. Deze groep inburgeraars wordt in het huidige stelsel om die reden vaak ontheven van de inburgeringsplicht. Met de Z-route krijgt de inburgeringsplichtige een passend aanbod naar vermogen. De Z-route is afgerond als de persoon invulling heeft gegeven aan de taal - en participatie-activiteiten die zijn opgenomen in het PIP. Deelnemers hoeven dus geen examens af te leggen. In Midden-Groningen hebben we alvast ervaringen kunnen opdoen met de Z -route. We hebben meegedaan aan een pilot Z-route van het Rijk.

Op basis van onze ervaringen willen we inzetten op een lokale kleinschalige Z-route. Het gaat om mensen die hulp nodig hebben om in te burgeren. We gaan de Z-route openstellen voor inwoners die al langer in Nederland zijn, maar de Nederlandse taal nog onvoldoende beheersen en zich niet zelfstandig kunnen redden. Het gaat om inwoners met een bijstandsuitkering. Vaak hebben zij eerder een ontheffing gekregen van de inburgeringsplicht. Zij hebben baat bij de Z-route omdat zij een intensief taalprogramma volgen dat aansluit bij hun mogelijkheden. Zij vallen onder de doelgroep van de volwasseneneducatie. Hun deelname betalen we uit het budget van de volwasseneducatie. De Z-route bestaat dus uit deelnemers die nog moeten inburgeren en uit deelnemers die al langer in Nederland zijn. Het voordeel van deze combinatie is dat het mogelijk wordt om een volledig lokale Z-route te organiseren. Zonder deze combinatie zijn er te weinig deelnemers voor een lokaal taalaanbod. We gaan evalueren of de combinatie van beide doelgroepen in één taalgroep effectief is. We treffen maatregelen als we constateren dat één van de doelgroepen nadelige gevolgen ondervindt van de koppeling. Ook

in

de

Z-route

krijgen

deelnemers

hulp

van

taalmaatjes

van

Humanitas.

De

participatieactiviteiten zullen vooral bestaan uit vrijwilliger swerk of taalstages of gewoon een activiteit waarbij de deelnemer de deur uitkomt. De nadruk zal vooral liggen bij het zelfredzaam worden en het opbouwen van een netwerk in Nederland. Voor een aantal deelnemers aan de Z-route zal uitstroom naar werk haalbaar zijn. Hier wordt bij de inzet van participatieactiviteiten dan ook rekening mee gehouden.

9

Verwachte aantallen per leerroute Hieronder staan de door ons verwachte aantal inburgeraars dat jaarlijks instroomt per leerroute. We baseren ons voor de asielmigranten op de huisvestingstaakstelling 202 0. We baseren ons voor de gezinsmigranten op historische cijfers van DUO. Onderwijsroute 7 (25%) 1 (12%) 8

Asielmigranten Gezinsmigranten Totaal

B1 route 13 (45%) 9 (80%) 22

Z-route 9 (30%) 1 (8%) 10

Totaal 29 11 40

4.4 Module Arbeidsmarkt en Participatie De gemeente verzorgt de module Arbeidsmarkt en Participatie voor de groep asielmigranten en de groep gezinsmigranten en overige migranten. Het is de bedoeling dat inburgeraars hun eigen competenties en arbeidsmarktkansen in beeld brengen en dat dit wordt gecombineerd met het opdoen van ervaring op de (lokale) arbeidsmarkt. Het g aat dan om bedrijfsbezoeken, vrijwilligerswerk,

werkervaringsplekken,

stages

of

betaald

werk. Personen

die

de

onderwijsroute volgen, zijn vrijgesteld van deze module omdat dit binnen deze route wordt vervangen door het onderdeel ‘loopbaanoriëntatie’. Deze module organiseren we binnen het werk-leer bedrijf van BWRI.

4.5 Participatieverklaring Het organiseren van het participatieverklaringstraject is geen nieuwe taak voor de gemeente. Deze taak voert de gemeente nu ook al uit voor asielmigranten en gezinsmigranten. =Dit traject wordt afgesloten met het ondertekenen van de participatieverklaring. Hiermee tonen inburgeraars hun betrokkenheid bij de Nederlandse samenleving en hun bereidheid om daar actief aan bij te dragen. In de verklaring worden inburgeraars gewezen op de in Nederland geldende kernwaarden en de uit de Grondwet voortvloeiende recht en en plichten, zoals vrijheid van meningsuiting, gelijke behandeling van mannen en vrouwen en het recht op onderwijs. We hebben de uitvoering van het participatieverklaringstraject belegd bij Humanitas. Dit willen we ook in het nieuwe stelsel continueren

4.6 Maatschappelijke begeleiding Gemeenten blijven maatschappelijke begeleiding verzorgen voor asielmigranten en hun gezinsleden. Die begeleiding bestaat uit praktische hulp bij het regelen van basisvoorzieningen en voorlichting over de voorzieningen. Het gaat bijvoorbeeld om hulp bij wonen, zorg, werk, inkomen,

gezondheid,

verzekeringen

en

onderwijs.

Humanitas

is

en

blijft

de

samenwerkingspartner van de gemeente voor deze taak. Vrijwilligers maken de asielmigranten wegwijs in Nederland.

4.7 Financieel ontzorgen Het nieuwe stelsel verplicht de gemeente om asielmigranten voor een periode van zes maanden financieel te ontzorgen. Gemeenten betalen in deze periode de vaste lasten en de verplichte 10

verzekeringen uit de bijstand. De asielstatushouder ontvangt het restant . Na deze verplichte periode evalueren we samen met de asielmigrant of het wenselijk is dat het ontzorgen wordt voortgezet of stopgezet kan worden. Ook nu is het zo dat asielmigranten vanaf het moment dat ze in onze gemeente komen wonen, financieel ontzorgd worden. Dit is echter vrijwillig. Niet iedere asielmigrant kiest hiervoor, terwijl dit soms wel gewenst is. Met financiële ontzorging voorkomen we dat onzekerheid over de financiële situatie afleidt van de integratieverplichtingen. Ook worden schulden voorkomen die makkelijk kunnen ontstaan omdat asielmigranten in het begin vaak onvoldoende kennis hebben van de financiële verplichtingen die zij hebben terwijl het inkomen nog niet stabiel is. De Gemeentelijke Kredietbank (GKB) zorgt voor het budgetbeheer totdat de nieuwkomer financieel zelfredzaam is. Financieel ontzorgen heeft uiteindelijk alleen zin als een asielmigrant tegelijkertijd ook leert om zelfstandig zijn of haar budget te beheren. De GKB gaat met de inzet van een budgetcoach inburgeraars hierbij helpen.

4.8 Bewaken voortgang inburgeringstraject De gemeente begeleidt alle inburgeraars tijdens hun inburgeringstraject. Het Persoonlijk Inburgeringsplan (PIP) is de basis voor deze gesprekken. De gemeente kan handhaven als de inburgeringsplichtige zich niet houdt aan de gemaakte afspraken in het PIP. Inburgeraars kunnen een bestuurlijke boete krijgen als zij bijvoorbeeld niet meewerken aan de brede intake. Veel inburgeraars ontvangen een bijstandsuitkering. Voor hen gel den ook de randvoorwaarden en arbeidsverplichtingen uit de Participatiewet. Daarmee loopt een inburgeraar theoretisch de kans dat hij voor dezelfde gedraging een bestuurlijke boete krijgt op grond van de Wet inburgering én dat zijn bijstandsuitkering wordt verlaagd op grond van de Participatiewet. In de Wet Inburgering wordt dit natuurlijk uitgesloten. Doet deze situatie zich voor, dan moet de gemeente kiezen op basis van welke wet de sanctie wordt opgelegd. We handhaven op grond van de Participatiewet als de inburgeraar zich niet houdt aan de activiteiten in het kader van de Participatiewet. Dit kan bijvoorbeeld gaan om activiteiten die ingezet worden om de afstand tot de arbeidsmarkt te verkleinen. Voor alle andere situaties kiezen we voor een bestuurlijke boete.

11

4.9 Betrokken partijen bij de uitvoering Er zijn een groot aantal maatschappelijke partijen betrokken bij de uitvoering van de nieuwe inburgeringstaken. Hieronder een overzicht van de partners en hun inzet voor inburgeraars. Onderdeel

Uitvoerende partij Regie over het inburgeringstraject

Gemeente- BWRI

Brede intake opstellen en volgen van PIP Module Arbeidsmarkt en Participatie Vakscholing Arbeidstraining Arbeidsmatige dagbesteding Financiële ontzorging en financiële zelfredzaamheid

Gemeente- Gemeentelijke Kredietbank

Maatschappelijke begeleiding

Humanitas

Participatieverklaringstraject Taalcoaching Taalonderwijs

Taalaanbieder

Digitaal onderwijs

Taalhuis

Maatschappelijke activering (ondersteunen van mensen richting

Kwartier Zorg en Welzijn

een participatie-activiteit)* Dagbesteding

Werkpro

Arbeidstraining

*Maatschappelijke activering is bedoeld om mensen die al langere tijd thuis zitten uit te nodigen om maatschappelijk te participeren. Via maatschappelijke activering worden belemmeringen om te participeren weggenomen. Ook wordt gekeken welke activiteiten aa nsluiten bij de interesses en mogelijkheden van de persoon en de persoon wordt hier naartoe begeleid. Uiteindelijk doel is dat de persoon een aantal uren per week deelneemt aan bijvoorbeeld een cursus, vrijwilligerswerk of een buurtinitiatief. De toeleiding naar maatschappelijke participatie zal voor de inburgeraars vooral opgepakt worden door de consulent inburgering. We kunnen hiervoor ondersteuning vragen van Kwartier Zorg en Welzijn.

We constateren nu dat veel inburgeraars na afronding van hun inburgeringstraject de aansluiting met de samenleving missen. Een geslaagde inburgering betekent niet automatisch dat inburgeraars ook goed geïntegreerd zijn. Integratie gaat over je thuis en wel kom voelen in Nederland, toegang hebben tot maatschappelijke voorzieningen en je actief willen inzetten voor de Nederlandse samenleving. (Ex-) inburgeraars moeten actief uitgenodigd en uitgedaagd worden om mee te blijven doen. Als zij de Nederlandse taal niet actief gebruiken, daalt het taalniveau snel wat het nog lastiger 12

maakt om te integreren. Een belangrijke randvoorwaarde voor de integratie van (ex-)inburgeraars is dat er voldoende maatschappelijke participatieactiviteiten zijn waar zij een actieve bijdrage kunnen leveren aan de samenleving. Daarom gaan we de komende periode samen met maatschappelijke partijen aan de slag om vorm te geven aan passende activiteiten voor (ex-) inburgeraars. Het gaat om activiteiten waar mensen met een niet Nederlandse achtergrond en de ‘oorspronkelijke’ inwoners van Midden Groningen elkaar kunnen ontmoeten en waar mensen hun basisvaardigheden kunnen vergroten. De inzet van ervaringsdeskundige (ex-)inburgeraars is cruciaal. Zij kunnen als geen ander de brug slaan tussen culturen. Hun succesvolle integratie kan als rolmodel dienen voor de andere inburgeraars. We gaan een structurele betaalde plaats creëren voor een ervaringsdeskundige.

Kritische factoren voor een succesvolle uitvoering We willen dat inburgeraars sneller en op een hoger taalniveau inburgeren. We signaleren een aantal factoren die van belang zijn om onze inspanningen succesvol te laten zijn. Dit zijn de volgende: ▪

Er zijn taalscholen die binnen het budget van het rijk een goed taalaanbod kunnen organiseren. Het taalonderwijs kopen we in op de markt. Bij de inkoop gaan we op zoek naar een goede balans tussen onze wensen en de betaalbaarheid van het taalonderwijs.

▪

We hebben voldoende participatieplaatsen en activiteiten voor de doelgroep inburgeraars.

▪

We hebben consulenten inburgering die goed opgeleid zijn en in staat zijn om regie te voeren over het inburgeringsproces. De consulent inburgering zorgt ervoor dat de inhoud van het inburgeringstraject goed op elkaar wordt afgestemd.

▪

We hebben ervaringsdeskundige inburgeraars die als rolmodel kunnen dienen voor de huidige inburgeraars.

▪

Er is een goede samenwerking tussen alle organisaties die betrokken zijn bij de uitvoering van het PIP van de inburgeraar.

13

5. Ondertussengroep Het Rijk noemt de inburgeraars die onder het huidige inburgeringsregime (uit 2013) moeten inburgeren de ‘ondertussengroep’. Zij kunnen niet profiteren van het huidige inburgeringsstelsel. We verwachten in onze gemeente op 1 januari 2022 ongeveer 135 personen die onder het huidige stelsel moeten inburgeren. We ontvangen in de jaren 2022 tot en met 2026 extra middelen van het Rijk voor de ondersteuning van de ‘ondertussengroep’. We kunnen hiermee onze ondersteuning voor inburgeraars voortzetten zoals we nu doen met het project ‘Meer doen met Nieuwkomers’. Dat betekent dus dat we ook hen actief blijven ondersteunen bij het vinden van passende participatie-activiteiten.

14

6. Financieel kader Vanuit het Rijk komen er twee geldstromen beschikbaar voor de Wet Inburgering:

6.1 Integratie-uitkering Wet Inburgering De gemeente ontvangt een integratie-uitkering voor de uitvoeringskosten van de Wet Inburgering en de ondersteuning aan de ‘Ondertussengroep’. In de meicirculaire 2021 zijn voor onze gemeente de volgende bedragen opgenomen: 2022

2023

2024

2025

2026

Uitvoeringskosten Wet Inburgering

€ 189.761

€ 208.760

€ 208.760

€ 208.760

€ 208.760

Ondersteuning Ondertussengroep

€ 37.695

€ 20.498

€ 13.279

€ 5.239

€ 1.477

Totaal

€ 227.456

€ 229.258

€ 222.039

€ 213.999

€ 210.237

De uitvoeringskosten voor de Wet Inburgering kunnen we inzetten voor de bekostiging van: ▪

De consulenten inburgering voor het uitvoeren van de brede intake, het opstellen van het PIP, het volgen van de voortgang en de handhaving.

▪

Het personeel van de GKB dat zich richt op de financiële ontzorging / zelfredzaamheid

▪

Ondersteunende processen.

Het Rijk houdt in het jaar 2022 rekening met een lager bedrag aan uitvoeringskosten voor de Wet Inburgering dan in de volgende jaren. De caseload van inburgeraars moet in het jaar 2022 namelijk nog opbouwen. De bedragen voor de ondersteuning aan de ‘Ondertussengroep’ nemen jaarlijks af. Vanaf 1 januari 2022 komt er geen nieuwe instroom meer voor deze groep. Jaarlijks zullen steeds meer mensen voldoen aan hun inburgeringsplicht. De financiering van Humanitas, het Taalhuis, Kwartier Zorg en Welzijn en Werkpro vindt plaats binnen de bestaande subsidieafspraken.

6.2.

Specifieke uitkering voor de inburgeringsvoorzieningen

De gemeente ontvangt een specifieke uitkering per inburgeraar om de inburgeringsvoorzieningen te organiseren of inkopen. De uitkering beweegt dus mee met de omvang van de doelgroep. Per inburgeraar zijn de volgende bedragen (exclusief BTW) beschikbaar: Asielmigranten

Gezinsmigranten en overige migranten

Leerroutes*

€ 10.000

Taal

nvt Gezinsmigrant bekostigt dit zelf

15

€ 136

€ 195

€ 1944

nvt

Participatieverklaringstraject

€ 216

€ 216

Tolkvoorziening

€ 417

€ 179

Totaal

€ 12.712

€ 589

Module Arbeidsmarkt en Participatie Maatschappelijke begeleiding

De participatie-activiteiten van inburgeraars blijven we betalen uit het Participatiebudget. Dit budget ontvangen we in het kader van de Participatiewet voor de begeleiding van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. De specifieke uitkering moet worden ingezet voor de inburgeringsvoorziening. Jaarlijks legt de gemeente verantwoording af aan het Rijk over de besteding van het budget. Het Rijk is van plan om de hoogte van het budget per inburgeraar over een aantal jaren deels te laten afhangen van de inburgeringsresultaten van de gemeente. Gedacht wordt aan het aantal inburgeraars dat het diploma binnen de termijn heeft gehaald.

6.3 Financieel risico We ontvangen binnen het budget voor de inburgeringsvoorzieningen een bedrag van € 10.000 voor het organiseren van taalonderwijs. Op basis van landelijke signalen vanuit het onderwijsveld verwachten we dat dit bedrag onvoldoende is. Het onderwijsveld geeft aan dat het taalonderwijs meer dan € 10.000 kost. De VNG heeft het signaal afgegeven bij het ministerie dat de Wet Inburgering binnen de huidige financiële kaders onuitvoerbaar is. Er vinden nu gesprekken plaats tussen de VNG , het onderwijsveld en het ministerie over de hoogte van de vergoeding voor de leerroutes. Wij gaan er vooralsnog vanuit dat wij het inburgeringsaanbod kunnen aanbieden binnen het budget dat het rijk daarvoor biedt. Als blijkt dat dit niet het geval is dan zullen we de raad hierover informeren en met een dekkingsvoorstel komen om de kosten te dekken.

16

Bijlage 1 Asielmigrant Klantreis Inburgering

1

IND

Verblijfsvergunning

DUO

2 3 Bepalen Inburgeringsplicht

COA

Opvang Voorinburgering Koppeling aan nieuwe woonplaats Brede intake

4

Humanitas

Maatschappelijke begeleiding

5

Gemeente Midden-Groningen BWRI Inkomensondersteuning Persoonlijk Plan Inburgering en Participatie

17

Bijlage 2 Gezinsmigrant Klantreis Inburgering Nederlandse ambassade in het buitenland IND

1

Basisexamen inburgering

2

Toekenning verblijfsvergunning

DUO

3

Bepalen inburgeringsplicht

4

Vestigen bij gezinslid

5

Gemeente Midden-Groningen BWRI Persoonlijk Plan Inburgering en Participatie

18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12811456/1