03. Rekenkamerrapport - Prestatieafspraken woonbeleid
Tekst van het document
De afspraken sluiten aan bij de lokale woonvisie, de regionale woondeal(s) en de nationale prestatieafspraken (en Woningwet 2015) De kader- en prestatieafspraken kennen een duidelijke koppeling aan bredere beleidsdoelen, zoals de energietransitie. De prestatieafspraken houden voldoende rekening met maatschappelijke veranderingen. Afspraken kennen het juiste detailniveau waardoor er goed op gestuurd kan worden en ze ook naar anderen goed communiceerbaar zijn. De gemeente heeft afspraken gemaakt over haar eigen rol en bijdrage als over de rollen en bijdragen van de andere partners. Partijen hebben regelmatig overleg over hun aanpak en voeren ook verbeteringen door. Partijen ervaren het huidige proces van
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 20
prestatieafspraken maken als passend. •
Hoe ziet de gemeente toe op de uitvoering van deze afspraken? En stuurt zij ook bij?
•
•
De gemeente monitort en evalueert samen met haar partners de prestatieafspraken en heeft hier ook overleg over. Partijen sturen indien nodig tussentijds bij of herijken hun afspraken.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 21
5 Aanbevelingen Hoofdstuk 4 richt zich op het identificeren van kansen en verbeterpunten. Daarbij geven we aan wat in de praktijk goed werkt en geborgd kan worden en daarnaast wat om versterking vraagt om de afspraken toekomstbestendig te maken. In dit hoofdstuk geven wij aan hoe partijen de samenwerking verder kunnen optimaliseren en hoe strategische doelen beter kunnen worden verbonden aan concrete uitvoeringsafspraken. Daarnaast wordt ingegaan op de vraag hoe het proces rondom prestatieafspraken efficiënter en inzichtelijker kan worden ingericht.
5.1
Koesteren
Binnen de prestatieafspraken in Midden-Groningen zijn meerdere sterke punten die het waard zijn om te behouden en verder te versterken. Deze elementen vormen de fundering onder een constructieve en toekomstgerichte samenwerking.
Samenwerking, vertrouwen en communicatie De samenwerking tussen de betrokken partijen – gemeenten, woningcorporaties en huurdersorganisaties – wordt door partijen breed als positief ervaren. Er is sprake van onderling vertrouwen, open communicatie en korte lijnen. Deze werkrelatie draagt bij aan een soepele afstemming en een gezamenlijke aanpak van complexe vraagstukken. De gelijkwaardige positie van de partijen in het overlegproces wordt expliciet benoemd: er is geen sprake van een top-down benadering, maar van een dialoog waarin iedereen gehoord wordt.
Heldere en logische rolverdeling tussen partijen De rolverdeling is helder vastgelegd in de prestatieafspraken, waardoor verantwoordelijkheden en verwachtingen duidelijk zijn. Dit voorkomt misverstanden en bevordert de voortgang in de uitvoering. Daarnaast valt positief op dat de afspraken niet losstaan van andere beleidsopgaven: ze zijn expliciet gekoppeld aan bredere maatschappelijke thema’s, zoals de energietransitie, betaalbaarheid en leefbaarheid. Hierdoor ontstaat inhoudelijke samenhang en meerwaarde in het bredere woningbeleid.
Flexibiliteit van de afspraken Ook is er sprake van voldoende flexibiliteit binnen de afspraken. Ze bieden ruimte om in te spelen op veranderende omstandigheden, zoals economische schommelingen of nieuwe beleidsontwikkelingen. Deze adaptiviteit is belangrijk in een dynamisch beleidsveld, waarin de context regelmatig verandert. Alles overziend is een goede basis gelegd in de samenwerking. De heldere rolverdeling, de beleidsmatige integratie en de ruimte voor maatwerk en bijsturing verdienen waardering én continuering.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 22
5.2
Aandacht
Er zijn verbeterpunten die aandacht vragen om de effectiviteit en toekomstbestendigheid van de prestatieafspraken te vergroten.
Balans tussen strategische afspraken en operationele uitwerking Ten eerste is er ruimte voor verbetering in de balans tussen strategische afspraken en de operationele uitwerking daarvan. Sommige onderwerpen zijn zeer concreet en operationeel van aard, maar zouden beter passen in een jaarschijf of uitvoeringsagenda. Terwijl andere afspraken juist erg algemeen en vrijblijvend zijn geformuleerd. Dit gebrek aan consistentie kan ertoe leiden dat de strategische koers onvoldoende zichtbaar is of ondersneeuwt in uitvoeringsdetails. Het is waardevol om bewuster te bepalen wat waar wordt uitgewerkt. Een bruikbaar houvast daarbij is onderscheid maken tussen DOEL en DOEN.
Periodieke monitoring en evaluatie van afspraken en de samenwerking Periodieke monitoring en evaluatie blijft een aandachtspunt. Hoewel er vanaf 2025 stappen zijn gezet richting een meer structurele en efficiënte aanpak van monitoring, is verdere borging noodzakelijk. Monitoring van inhoudelijke afspraken is niet alleen van belang voor verantwoording, maar ook voor het leervermogen van de samenwerking én tijdige bijsturing. Betrek bij evaluatie vooral ook de samenwerking; niet alleen aan tafel maar ook tijdens de uitvoering van de afspraken. Hierbij draait het niet om elkaar op tekortkomingen wijzen maar om samen inzicht krijgen in oorzaken, zodat oplossingen, alternatieven, gerichter kunnen worden gekozen. De opbouw van een evaluatiecyclus, met duidelijke indicatoren en een transparant proces van terugkoppeling, verdient daarom blijvende aandacht. Door deze data beter te integreren in de beleidsvorming en publiekscommunicatie, kan het inzicht in de prestaties vergroot worden én het publieke vertrouwen in de aanpak worden versterkt.
Personele capaciteit en overige middelen De personele capaciteit bij de betrokken partijen vormt een structureel knelpunt voor de uitvoering. Daarbij spelen zowel personele tekorten als hoge werkdruk of andere prioriteiten. Daarnaast maken frequente personele wisselingen de samenwerking kwetsbaar. Kennis gaat verloren, relaties moeten opnieuw worden opgebouwd en continuïteit komt onder druk te staan. Het is van belang dat er aandacht wordt besteed aan het borgen van kennis en het organiseren van overdracht. Bij publicatie van plannen zijn goede ICT voorzieningen noodzakelijk. Het is van belang om dergelijke randvoorwaarden proactief op orde te brengen. De eerste stappen zijn gezet, en de bewustwording over het belang van deze verbeterpunten groeit. Het feit dat dit de effectiviteit van het instrument prestatieafspraken wordt onderzocht, onderstreept deze bewustwording.
5.3
Kansen
Een toekomstbestendige aanpak van prestatieafspraken heeft baat bij een bredere vertegenwoordiging aan tafel.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 23
De stem van woningzoekenden in prestatieafspraken Zoals toegelicht in hoofdstuk 1 vertegenwoordigen huurdersorganisaties de actuele huurders en hun belangen. Woningzoekenden kennen geen formele vertegenwoordiging. Gezien het feit dat het effect van een groeiend aantal prestatieafspraken gericht is op toekomstige huurders, kan het waardevol zijn om die stem aan tafel te krijgen. Vooralsnog is deze groep inwoners niet formeel georganiseerd. Het kan de moeite waard zijn om te onderzoeken of dit te organiseren en faciliteren is. Via het woonruimteverdeelsysteem en via woningmarktonderzoeken kan inwoners gevraagd worden of zij bereid zijn als vertegenwoordiger op te treden. Vertegenwoordiging aan tafel kan door één of enkele personen; als de totale doelgroep bijvoorbeeld input levert via een digitaal instrument zoals woningcorporaties gebruik maken van digitale huurderspanels.
Verbreden van gesprek met zorg, welzijn en marktpartijen Bij de prestatieafspraken in Midden-Groningen zitten tot op heden uitsluitend de Tripartite aan tafel. Onderzoeken tonen aan dat langer thuis wonen, een belangrijk maatschappelijk thema bij prestatieafspraken, valt of staat met nabijheid van zorg (huisarts, apotheek, supermarkt) en van beschikbare thuiszorg. Voor voldoende gelegenheid voor ontmoeting en signalering van sociaal isolement, schulden en dergelijke zijn welzijnsinstellingen onmisbaar. Kort en goed: in de realiteit van de uitvoering – en daar zijn prestatieafspraken op gericht – is het fysiek domein niet gescheiden van het sociaal domein. Wij zien in onze werkpraktijk steeds vaker dat daarom ook zorg en welzijn deelnemen aan de gesprekken over de prestatieafspraken. Dat doet recht aan de uitvoeringspraktijk, maar biedt ook kansen voor versnelling van de uitvoering doordat de verkenning of afstemming al vooraf plaatsvindt. Wellicht is het zinvol om ook marktpartijen te laten aansluiten bij de gesprekken rondom de bouwopgave. De praktijk leert dat voor realisatie van prestatieafspraken rondom beschikbaarheid alle partijen nodig zijn. Alleen al met het oog op mogelijkheden voor doorstroom vanuit de sociale voorraad als het inkomen van inwoners daarvoor toereikend is.
5.4
Efficiënte procesgang en concretisering
De Kaderafspraken 2021 – 2026 en de prestatieafspraken van 2022, 2023 en 2024 sluiten inhoudelijk aan op de thema’s uit de Woonvisie 2019 – 2028. Ze vormen een vertaling van (beleidsmatige) ambities naar concrete samenwerkingsafspraken. Toch is de inhoudelijke koppeling tussen de woonvisiedoelen en de gemaakte afspraken niet altijd scherp genoeg. Een meer expliciete verbinding tussen de strategische doelen en prestatieafspraken kan het proces in de toekomst versterken. Het helpt bij het formuleren van een duidelijk gekaderde opgave, die vervolgens doelgericht kan worden vertaald naar uitvoerbare en toetsbare afspraken.
Meerjarige prestatieafspraken en jaarschijven als fundament In het licht van de Wet regie volkshuisvesting is verdere concretisering van de prestatieafspraken niet vrijblijvend. De wet verplicht gemeenten en corporaties tot
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 24
duidelijke afspraken over aantallen, doelgroepen en locaties. In diverse gemeenten wordt hiervoor gewerkt met een gestandaardiseerde opzet voor prestatieafspraken. Daarbij worden meerjarige prestatieafspraken met strategische doelen en strategieën om die te realiseren opgesteld, aangevuld met jaarschijven die het karakter hebben van een uitvoeringsagenda. Het verdient aanbeveling om deze vorm ook in Midden-Groningen te gaan hanteren. De actuele werkwijze van Midden-Groningen is omslachtiger: meerjarige kaderafspraken, jaarlijkse prestatieafspraken, jaarschijven en een stoplichtmodel voor de uitvoering. Door de hoeveelheid aan overleggen en documenten vergt het veel tijd van betrokken partijen en wordt het proces meer belastend dan noodzakelijk. Het huidige aantal doorvertalingen kan ook de concretisering van afspraken juist bemoeilijken omdat er op meer tafels aan gewerkt wordt. Door de meer gebruikelijke werkwijze in Nederland te volgen, ontstaat meer tijd en ruimte voor regie, eenvoud en overzicht. Daarnaast biedt dit kans om het (jaarlijkse) overlegproces efficiënter in te richten, zonder telkens opnieuw een omvangrijk en ritueel documentproces te doorlopen.
De veranderende context, waaronder de eerder genoemde krapper wordende woningmarkt en nieuwe demografische inzichten, heeft geleid tot een koerswijziging: een concretere woonvisie en een meer actiegerichte aanpak binnen de prestatieafspraken (2024 en 2025). Daarmee verschuift het instrument van beheer naar strategische sturing, wat vraagt om een proces dat beter ingericht is op samenhang, uitvoering en continue monitoring.
Proactief informeren gemeenteraad tijdens totstandkoming afspraken In de systeemwereld zijn de kaders dusdanig vormgegeven dat de Tripartite een glasheldere opdracht uitwerken. In die theoretische werkelijkheid kan de uitkomst van de gesprekken tussen de Tripartite nooit een verrassing zijn. De werkelijkheid is uiteraard weerbarstiger. In dialoog wordt tussen de gesprekspartners duidelijk wat haalbaar en realiseerbaar is, en wat niet. Daarbij spelen ontwikkelingen als stijgende bouwkosten, netcongestie, gebrek aan personele capaciteit, beperkingen in investeringscapaciteit, en impact van maatregelen van Rijkswege. Het betreft veel en complexe materie waarvan de impact op lokale prestatieafspraken niet altijd snel en eenvoudig te doorgronden is. Hoewel partijen ondanks uitdagingen en beperkingen gedreven samen zoeken naar waardevolle invulling, is het resultaat van de gesprekken niet automatisch navolgbaar als je niet betrokken bent in (of geïnformeerd over) het proces van totstandkoming. Hoewel het inhoudelijk resultaat kan volstaan, kan een gebrek aan procescommunicatie over de totstandkoming leiden tot onduidelijkheid, zorgen, of ontevredenheid bij onder andere de Raad en bewoners. Goed informeren over het proces, vraagstukken en uitdagingen daarbij, en ruimte bieden voor tussentijdse vragen en zorgen, zorgt dat iedereen zijn rol kan nemen.
Recente, positieve ontwikkelingen in het meer transparant maken van het proces van prestatieafspraken zijn toelichtingen over onder meer corporatiefinanciën. De commissieleden hebben aangegeven dat dit inzichtelijk en waardevol was. Het is nodig en belangrijk om de Raad proactief mee te nemen in (onvoorziene) ontwikkelingen tijdens gesprekken tussen de Tripartite die impact hebben op de realisatie van de doelen van het woonbeleid in de gemeente. Dit kan in verschillende vormen, zoals een Raadsinformatiebrief, een themasessie waarin partijen een specifiek vraagstuk uitlichten, inspreken of een tussentijdse rapportage. Zorg daarbij dat de vorm aansluit bij de complexiteit, de impact en urgentie van de materie. Voor de Raad is vooral duiding
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 25
van belang; kies daarom niet voor rapportages met slechts kwantitatieve informatie of de welbekende “stoplichten”. Borg ook de reactie op vragen en suggesties van de Raad. Voorbeelden hiervan zijn: • Verkenning van de mogelijkheden voor bouwen rondom het Winschoterdiep, vanuit de gedachte om daarbij gebruik te maken van aardwarmte om netcongestie te voorkomen. • Het afwegen van voormalige schoollocaties voor woningbouw.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 26
6. Bijlagen 6.1
Doelstellingen vanuit Woonvisie 2019 – 2028
De Woonvisie 2019-2028 van de gemeente Midden-Groningen bevat diverse ambities om de woonkwaliteit te verbeteren en aan te passen aan toekomstige behoeften. Ieder van deze zeven ambities kent een aantal doelstellingen. In hoofdstuk 2.1. verwijzen wij voor de volledigheid naar onderstaande tabel. Hierin staan de drie belangrijkste doelstellingen per ambitie benoemd zoals beschreven in de Woonvisie 2019 - 2028.
Ambitie
Doelstelling
Nieuwe woonmilieus ontwikkelen:
•
•
•
Vernieuwing van bestaande woongebieden:
•
•
•
Versterken netwerken van dorpen:
•
•
•
Regionale vraag bedienen aan de westzijde: Ontwikkelen van woongebieden nabij de stad Groningen om in te spelen op de regionale woningbehoefte. Excellent wonen: Creëren van hoogwaardige woonomgevingen met een divers aanbod aan woningen. Unieke kleinschalige woonproducten: Aanbieden van bijzondere en kleinschalige woonvormen die inspelen op specifieke woonwensen. Stadshart versterken: Herontwikkeling en modernisering van het stadscentrum om de aantrekkelijkheid te vergroten. Wijkvernieuwing: Aanpakken van wijken zoals Noorderpark en Margrietpark door middel van renovatie en herstructurering. Aanpak 'rotte kiezen': Gericht verbeteren of vervangen van panden die de uitstraling van de wijk negatief beïnvloeden. Versterken van de leefbaarheid: De gemeente wil actief investeren in de leefomgeving, woningen en voorzieningen om dorpen aantrekkelijk en vitaal te houden. Maatwerk per dorp: Er wordt per dorp gekeken naar de specifieke behoeften, zoals woningtype, bevolkingsontwikkeling en bestaande voorzieningen; geen standaardaanpak dus, maar maatwerk. Ondersteunen van dorpsinitiatieven: De gemeente stimuleert dat inwoners zelf meepraten en -denken over de toekomst van hun dorp via dorpsvisies en lokale projecten.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 27
Duurzaam en gasloos wonen bevorderen:
•
•
•
Zorgzame wijken en dorpen realiseren:
•
•
•
Passende sociale huurwoningen aanbieden:
•
•
•
Vraaggericht ontwikkelen:
•
•
•
Ondersteunen van koplopers: Stimuleren van initiatieven die vooroplopen in duurzaamheid en energieneutraal bouwen. Huiseigenaren helpen: Bieden van advies en financiële ondersteuning aan woningeigenaren voor verduurzamingsmaatregelen. Wijkenergieplannen opstellen: Per wijk plannen ontwikkelen voor de overgang naar duurzame energiebronnen. Langer zelfredzaam wonen: Aanpassen van woningen en woonomgevingen zodat ouderen en mensen met een zorgbehoefte langer zelfstandig kunnen wonen. Creëren van een zorgzame woonomgeving: Stimuleren van gemeenschapsinitiatieven en voorzieningen die sociale cohesie en ondersteuning bevorderen. Faciliteren van beschermd wonen: Zorgen voor voldoende geschikte woonruimten voor mensen die niet volledig zelfstandig kunnen wonen. Voldoende beschikbaarheid: Bouwen van nieuwe sociale huurwoningen en optimaliseren van het bestaande aanbod om aan de vraag te voldoen. Betaalbaarheid waarborgen: Beperken van huurstijgingen en bieden van betaalbare huurprijzen voor de doelgroep. Diversiteit in aanbod: Zorgen voor een mix van woningtypen binnen de sociale huursector om verschillende doelgroepen te bedienen. Afstemmen op actuele vraag: Analyseren van de woningbehoefte en daarop het bouwprogramma aanpassen. Heroverwegen van plannen: Bestaande bouwplannen evalueren en indien nodig aanpassen of intrekken om beter aan te sluiten bij de huidige vraag.
Flexibiliteit in nieuwbouw: Ontwikkelen van woningen die eenvoudig aanpasbaar zijn aan veranderende woonwensen en demografische ontwikkelingen.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 28
6.2
Uitvraag gemeentelijk instrumentarium
In het kader van het onderzoek van de Rekenkamer Midden-Groningen naar de inzet van prestatieafspraken is onderstaande vragenlijst voorgelegd. Wij leggen u graag een aantal vragen voor om meer inzicht te krijgen in de effectiviteit van het gemeentelijk instrumentarium in relatie tot de actuele woningbouwopgave. Het instrumentarium, inclusief beschrijving van doel en inhoud, is ter ondersteuning toegelicht in de bijlage. Wij verzoeken u onderstaande vragen te beantwoorden vanuit uw werkpraktijk. Als u niet in aanraking bent geweest met een instrument, dan hoeft u daar uiteraard niets over te vermelden. De uitzondering daarop is als u denkt dat een dergelijk instrument behulpzaam kan zijn voor uw werkpraktijk. 1. Met welke instrumenten bent u bekend? 2. Met welke instrumenten hebt u concreet te maken (gehad)? 3. Wat is uw ervaring met betreffende instrumenten? 4. Waarbij zijn/waren de betreffende instrumenten behulpzaam bij de realisatie van plannen? a. Bemoeilijken betreffende instrumenten eventueel de realisatie van plannen? Ja / Nee b. Wat was daar de oorzaak van? (Denk bijvoorbeeld aan beschikbaarheid bouwlocaties, betaalbaarheid van grond, toegankelijkheid/ontsluiting locatie, aanwezigheid van voorzieningen, actualiteit van bestemmingsplan zodat benoemde doelgroepen gehuisvest kunnen worden op beschikbare locaties, etc.) c.
Mist u instrumentarium vanuit de gemeente? Zo ja, hoe zou dat u helpen? d. Zijn de prestatieafspraken die uw werkpraktijk treffen realistisch en haalbaar? Wij ontvangen graag een toelichting op uw antwoord. Hartelijk dank voor uw medewerking.
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 29
6.3
Gesprekspartners
Voor het onderzoek is gesproken met personen uit verschillende organisaties en met verschillende functies. • •
De heer M. Poorthuis, voorzitter Rekenkamer Midden-Groningen Mevrouw M. Zwerver, lid Rekenkamer Midden-Groningen
•
Mevrouw N. Mulder, Senior beleidsadviseur wonen, gemeente Midden-Groningen
•
Mevrouw M. Harkema – Mulder, Assistent Manager, Lefier
•
Mevrouw I. Moes, Beleidsadviseur, Groninger Huis
•
De heer H. Koster, Bestuurslid Stichting Huurders Advies Groep Groninger Huis (HAG) Mevrouw A. Spel, Bestuurslid Stichting Huurders Advies Groep Groninger Huis (HAG)
• •
6.4
Groepsgesprek met raadsleden van de gemeente Midden-Groningen Het interview is via MS Teams afgenomen met een groep raadsleden (ongeveer 8 à 9 personen). De exacte namen van de aanwezigen zijn niet bekend, omdat deelname niet op individuele aanmelding was gebaseerd. Elke fractie was vertegenwoordigd door ten minste één raadslid.
Overzicht prestatieafspraken en woonvisies
In het kader van dit onderzoek zijn diverse beleids- en kaderdocumenten bestudeerd. Onderstaand overzicht bevat de geraadpleegde kaderafspraken, prestatieafspraken en woonvisies, met daarbij de bijbehorende links. • • • • •
Kaderafspraken Midden-Groningen 2021 – 2026 Prestatieafspraken 2022 Prestatieafspraken 2023 Prestatieafspraken 2024 Prestatieafspraken 2025
• •
Nieuw Midden Groningen Woonvisie 2019–2028 Woonvisie Midden-Groningen 2024-2030: Met focus vooruit
Rekenkameronderzoek Midden-Groningen naar de effectiviteit van prestatieafspraken 30