03. Reactienota op ingekomen input
Tekst van het document
Reactienota op ingekomen input voorafgaand aan en op inspraakavond paracommerciële verordening (18-03-2025) Vraag / suggestie / aanbeveling / opmerking
Reactie gemeente MiddenGroningen
Heeft de input geleid tot aanpassing van de concept paracommerciële verordening?
Reactie vooraf per mail (11-03-2025) van Groninger Dorpen, Pieter Knol 1
Artikel 3 schenktijden De schenktijden/openingstijden zijn zoals vermeld in artikel 2:29a van de APV. Doordeweeks tot 00:00h en op zaterdag en zondag tot 01:00h. Er mag geen alcohol geschonken worden tijdens jeugdactiviteiten. Deze schenktijden zijn vergelijkbaar met die van andere gemeenten. Behalve dan dat er elders vaak voor gekozen wordt om de vrijdag en zaterdag een uurtje langer door te mogen gaan. Ik kan me voorstellen dat bij veel van jullie daar de voorkeur naar uit zou gaan. Vrijdagavond is meer een uitgaansavond dan de zondag.
In artikel 3 is voor de schenktijden inderdaad een koppeling gemaakt met de openingstijden die genoemd worden in artikel 2:29a van de APV. Hierin staat: Artikel 2:29a Sluitingstijden paracommercie 1. In afwijking van het bepaalde in artikel 2:29, eerste lid, zijn paracommerciële instellingen gesloten op maandag tot en met vrijdag tussen 00:00 en 08:00 uur, en op zaterdag en zondag tussen 01:00 uur en 08:00 uur (sluitingstijd). 2.Het is verboden een paracommerciële instelling voor bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in de instelling te laten verblijven tijdens sluitingstijd. 3. De burgemeester kan ontheffing verlenen van de sluitingstijd.
Ja. De gewenste situatie was weliswaar al wat in de conceptverordening stond, maar voor de duidelijkheid worden nu in artikel 3 de concrete schenktijden genoemd.
4. Op de ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing. In de APV is geformuleerd wanneer paracommerciële instellingen gesloten moeten zijn. Dit zorgt voor enige verwarring als wordt gezocht naar de openingstijden. Daarom geven wij onze lezing van dit artikel. Voor de vrijdag geldt dat gesloten moet zijn van 00:00 tot 08:00 uur. Van 08:00 tot 00:00 uur mag dus open zijn. Er staat dat op zaterdag gesloten moet zijn tussen 01:00 en 08:00 uur. Dit betekent dat van vrijdag of zaterdagnacht tot 01:00 uur opengebleven mag worden. Dus geldt voor de vrijdag dat men overdag vanaf 08:00 uur open mag zijn tot 01:00 op zaterdagochtend. Onze lezing van het artikel is dus dat paracommerciële instellingen op vrijdag en zaterdag geopend mogen zijn van 08:00 tot 01:00 uur. Voor zondag tot en met
donderdag geldt de openingstijd van 08:00 tot 00:00 uur. Voor zover er voor de schenktijden in de paracommerciële verordening wordt aangesloten bij de openingstijden van de APV dan gelden dus dezelfde tijden. 2
Artikel 4 Verstrekken alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten In art. 4.2 staat dat jullie 12 x per jaar alcohol mogen schenken bij een bijeenkomst van persoonlijke aard of een bijeenkomst die gericht is op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van het buurt/dorpshuis betrokken zijn. Het gaat in dit artikel niet om de reguliere activiteiten die in een buurt/dorpshuis plaatsvinden. Zoals sociaal-culturele activiteiten en activiteiten van verenigingen die van het buurt/dorpshuis gebruikmaken. Deze activiteiten mogen onbeperkt plaatsvinden en hierbij mag ook alcohol geschonken worden. Het genoemde maximum van 12 geldt voor privé-bijeenkomsten (zoals een bruiloft of een verjaardag) en activiteiten die gericht zijn op personen die niet op een of andere manier betrokken zijn bij het buurt/dorpshuis. In de dorpen waar ook commerciële horeca zit is dit aantal van 12 redelijk te noemen.
In de concept paracommerciële verordening zijn verschillende ontheffingsmogelijkheden opgenomen. Ook voor het verstrekken van alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten. In de toelichting van de concept paracommerciële verordening staat hierover: In bijzondere omstandigheden, in relatie tot de activiteiten van die rechtspersoon, kan ontheffing van de vastgestelde schenktijden verleend worden. Uitgangspunt bij deze ontheffingsmogelijkheid is dat er met terughoudendheid gebruik van gemaakt wordt. Een bijzondere omstandigheid kan bijvoorbeeld zijn dat de paracommerciële rechtspersoon en het bijbehorende horecabedrijf in een dorp zit
Ja. De tekst van artikel 4 van de paracommerciële verordening is als volgt aangepast. Is er binnen de dorpsgrens geen met de paracommerciële instelling vergelijkbare commerciële horeca, dan mag de paracommerciële instelling bij een onbeperkt aantal bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn alcohol
schenken. Voor verdere details wordt verwezen naar de tekst van het artikel en de toelichting daarbij.
Maar in de dorpen waar binnen de dorpsgrenzen géén commerciële horeca aanwezig is (of de aanwezige commerciële horeca geen goed alternatief voor het dorpshuis biedt zoals een driesterren-restaurant), is er geen reden om het alcoholschenken in het buurt/dorpshuis bij dit soort bijeenkomsten te beperken tot 12 x per jaar. Er is in die dorpen immers geen sprake van oneerlijke concurrentie want er is geen commerciële horeca om mee te concurreren. Uit jurisprudentie blijkt dat er bij het bepalen van oneerlijke concurrentie gekeken mag worden naar de dorpsgrenzen. Er hoeft niet gekeken te worden naar andere dorpen en of daar wellicht wel commerciële horeca aanwezig is. Als voorbeeld verwijzen we naar artikel 3.2 van de verordening paracommercie van de gemeente Eemsdelta. De gemeente Eemsdelta stelt geen maximum aan het aantal bijeenkomsten van persoonlijk aard waarbij alcohol geschonken wordt in de dorpen waar géén commerciële horeca is. Bewoners moeten in hun eigen dorp een privébijeenkomst kunnen organiseren. Wanneer het buurt/dorpshuis de enige plek is die daar geschikt voor is moet dan gewoon kunnen. Dit aantal zou je niet moeten beperken tot een maximum.
waar geen reguliere horeca gevestigd is (er is dan geen oneerlijke concurrentie). Dit kan aanleiding zijn voor het vaststellen van ruimere schenktijden. Tegelijkertijd moet dit nog steeds bekeken worden in relatie tot de activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon. Richt die zich hoofdzakelijk op jongeren, dan ligt een ontheffing voor het schenken van alcohol op bijvoorbeeld een vroeg(er) tijdstip, ook al is er geen reguliere horeca in hetzelfde dorp, niet voor de hand. Deze zelfde ontheffingsmogelijkheid komt, naast in artikel 3, tweede lid, terug in artikel 4, zevende lid. De hier gegeven toelichting geldt ook voor dat artikel. We kunnen vaststellen dat we er in grote lijnen hetzelfde naar kijken. Toch zijn er veel opmerkingen over dit onderwerp gemaakt op de inspraakavond. Reden voor ons om de conceptverordening op dit punt aan te passen en duidelijker te maken.
3
4
Artikel 4.3 vermeldt dat je de bijeenkomsten van persoonlijke aard twee weken van tevoren moet melden bij de gemeente. Als er gekozen wordt voor een maximum dan stellen wij voor om de bijeenkomsten achteraf te mogen melden. Dat betekent minder administratieve rompslomp voor de vrijwilligers en bovendien kan het zijn dat een bijeenkomst korter dan 2 week van tevoren gepland wordt.
Artikel 4.6 vermeldt dat je geen reclame mag maken voor het houden van bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die gericht zijn op personen die niet op een of andere manier betrokken zijn bij het buurt/dorpshuis. Dit verbod zie je ook bij de meeste andere gemeenten terug.
Zonder meldingsplicht is er geen handhaving mogelijk. Bij een meldingsplicht achteraf is er ook geen reële mogelijkheid tot handhaving. In een meldingsplicht achteraf gaan wij daarom niet mee. Om het voor de paracommerciële rechtspersonen werkbaar te houden zullen we de meldingsplicht wel aanpassen. In het uiterlijk op de dag van de bijeenkomst melden van de bijeenkomst zien wij geen problemen. Daarnaast maken we de melding zo laagdrempelig mogelijk. De melding mag ook per e-mail gedaan worden. -
Ja. Naar aanleiding van de input is de tekst van artikel 4, derde lid, van de conceptverordening aangepast in die zin dat de melding gedaan mag worden tot op de dag van de bijeenkomst, maar als dit geen werkdag is, dan op de laatste werkdag voor de bijeenkomst. Daarnaast wordt aangegeven dat de melding schriftelijk of per e-mail gedaan mag worden. Verder is aangevuld dat de meldingsplicht voor de bijeenkomsten niet geldt als er geen met de paracommerciële horeca vergelijkbare commerciële horeca binnen de dorpsgrenzen is. Nee.
Reacties tijdens inspraakavond paracommerciële rechtspersonen op 18-03-2025 5
Proces Er is aangegeven dat de paracommerciële rechtspersonen in een werkgroep willen meedenken voor de nieuwe concept
Er bestaan verschillende soorten van participatie bij de totstandkoming van beleid en regelgeving. Denk aan informeren,
Nee.
paracommerciële verordening.
raadplegen, adviseren, coproduceren of meebeslissen. Afhankelijk van het onderwerp kunnen inwoners/ondernemers in meer of mindere mate invloed hebben op de beleidsvorming. Gelet op het onderwerp, waarbij verschillende tegenover elkaar staande belangen spelen (paracommercie vs commerciële horeca, financieel belang vs gezondheidsbelang; maar ook simpelweg de wettelijke beperkingen die gelden) is er voor raadplegende inspraak gekozen. Bij raadplegende inspraak wordt concept-beleid, of een conceptverordening, opgesteld en daarna voorgelegd aan de inwoners/ondernemers, en met input van de inwoners/ondernemers wordt tot definitieve stukken gekomen. De inspraakavond op 18 maart was een eerste stap tot het krijgen van inspraak. Er volgt in ieder geval nog de formele procedure waarbij de stukken ter inzage worden gelegd. Iedereen kan dan (opnieuw) zijn zienswijze geven.
Als tussenstap is ervoor gekozen om Groninger Dorpen een keer extra om advies te vragen. 6
Meerdere artikelen, ontheffingsmogelijkheden Er is gevraagd of een ontheffing altijd tijdelijk is? En hoe vaak ontheffingen mogen worden gevraagd.
De verschillende ontheffingsmogelijkheden genoemd in de conceptverordening zijn altijd van tijdelijke aard.
Ja. De toelichting bij de ontheffingsmogelijkheden is verduidelijkt. Voor de details wordt verwezen naar de toelichting van de conceptverordening.
Artikel 4, vierde lid, van de Alcoholwet bepaalt namelijk dat de ontheffingen voor ten hoogste 12 aaneengesloten dagen kunnen gelden. Ook mogen ze alleen verleend worden voor bijzondere gelegenheden van zeer tijdelijk aard.
7
Artikel 3 reguliere bijeenkomsten Er is gevraagd wanneer een activiteit regulier is of niet. Als voorbeeld is genoemd dat sommige verenigingen breed
Uitgangspunt bij de ontheffingsmogelijkheid is dat er met terughoudendheid gebruik van gemaakt wordt. Toegestaan zijn 12 dagen per jaar, al dan niet aaneengesloten. De ontheffing wordt niet zomaar toegewezen, het is alleen voor bijzondere gelegenheden (oud en nieuw, Koningsdag, etc.). Het gaat erom waar de paracommerciële rechtspersoon zich voornamelijk op richt volgens
Ja. De primaire activiteiten van de paracommerciële rechtspersoon
geformuleerde statuten hebben. Bijvoorbeeld de voetbalclub die zich op meer richt dan alleen het voetbal en waar ook kaartavonden plaatsvinden.
de statutaire doelstellingen. Zijn de statuten in hoofdzaak gericht op sport, dan gelden die regels. Omdat wij ook zien dat er soms meer gebeurt dan puur die sportieve activiteiten is voor de duidelijkheid een lijst opgesteld waarin per categorie paracommerciële rechtspersoon is opgenomen wat in ieder geval als reguliere bijeenkomsten wordt gezien (de lijst is niet limitatief). Hierin staan ook bijeenkomsten die wellicht niet helemaal passen bij de statutaire doelstellingen, maar waarover wel maatschappelijke consensus bestaat dat dit plaatsvindt bij paracommerciële rechtspersonen. Deze bijeenkomsten worden als regulier gezien en vallen onder de toepassing van dit artikel. De lijst is te vinden in bijlage A bij de conceptverordening. Specifiek noemen in de statuten dat de voetbalclub er aanvullend voor is om sociale interactie of iets dergelijks te faciliteren is niet iets dat iets aan de regels verandert.
bepalen welke regels van toepassing zijn. Om dit te verduidelijken is in de conceptverordening op meerdere plekken toegevoegd ‘in hoofdzaak’.
8
Artikel 3 schenktijden en openingstijden Voor de paracommerciële rechtspersonen gelden sluitingstijden in de APV en schenktijden in de concept paracommerciële verordening. Aangegeven is dat het voorkomt dat bij bijzondere gelegenheden tot later wordt doorgegaan dan de toegestane openingstijden (denk bijvoorbeeld aan oud en nieuw).
Onder reactie 1 is al ingegaan op de openings-/sluitingstijden voor paracommerciële instellingen die in de APV staan. Deze tijden gelden voor iedereen. Er is een mogelijkheid om ontheffing te vragen van de sluitingstijden. Onder reactie 6 is ingegaan op de mogelijkheid om ontheffing van de schenkingstijden te vragen. Die zijn beperkt. In de concept paracommerciële verordening is voor de schenktijden grotendeels aangesloten bij de tijden van de APV. Ook staat er een mogelijkheid om ontheffing te vragen. Het is voor te stellen dat in bijzondere gevallen een latere eindtijd gewenst is. Hiervoor kan dus zowel voor de openingstijd als voor de schenktijd ontheffing gevraagd worden. Wordt geen ontheffing gevraagd, dan gelden de normale tijden. Uitgangspunt bij de ontheffingsmogelijkheid is dat er met terughoudendheid gebruik
Nee.
van gemaakt wordt. Toegestaan zijn 12 dagen per jaar, al dan niet aaneengesloten. De ontheffing wordt niet zomaar toegewezen, het is alleen voor bijzondere gelegenheden (oud en nieuw, Koningsdag, etc.). 9
Artikel 3, lid 1 schenktijden en openingstijden Aangegeven is dat wijkcentra op vrijdag liever tot 02.00 uur open mogen blijven.
De openings-/sluitingstijden zijn opgenomen in de APV, in artikel 2:29a. Dit zijn de openings/sluitingstijden sinds de eerste APV van Midden-Groningen (sinds 2020).
Nee.
In het kader van de concept paracommerciële verordening hebben we het slechts over de schenktijden. Die kunnen alleen binnen openingstijden vallen. 10
Artikel 3, lid 2 schenktijden (begintijd) Door de paracommerciële rechtspersonen die zich richten op sport wordt aangegeven dat in het algemeen een begintijd voor het schenken van alcohol van 13.00 uur geen probleem is. Op zondag echter wel. Dan wordt er in de ochtend gevoetbald door de senioren. De wedstrijden zijn dan eerder afgelopen dan 13.00 uur. Ook is gevraagd wat de achtergrond/motivering is bij deze beperking.
Vanuit de gemeente zetten wij vanuit verschillende domeinen sterk in op de gezondheid van de jeugd, gezond ouder worden en verantwoord alcohol gebruik en daar vanaf de jeugd verantwoordelijk mee om leren gaan. Uit veel onderzoeken is gebleken dat kinderen leren door te
Ja. Naar aanleiding van de input worden de schenktijden voor de paracommerciële rechtspersonen die zich richten op sport op zondag aangepast. Dat gebeurt in die zin dat op zondag alcohol geschonken mag worden vanaf 11.00 uur.
observeren. Dit geldt ook voor alcoholgebruik. Vanuit dit oogpunt is het logisch om bij activiteiten van de jeugd of bij sportactiviteiten het schenken in de ochtend niet toe te staan.
11
Artikel 3, lid 2 schenktijden en openingstijden Door de paracommerciële rechtspersonen die zich richten op sport wordt aangegeven dat zij op vrijdag en doordeweeks langer dan 23.00 uur open zouden willen.
Tijdens de inspraakavond is door de voetbalclubs toegelicht dat de jeugd op zaterdagochtend voetbalt, niet op zondagochtend. Hierin zien wij reden om het schenken van alcohol op zondagochtend wel eerder toe te staan. Onder reactie 1 is al ingegaan op de openings-/sluitingstijden voor paracommerciële instellingen die in de APV staan. Deze tijden gelden voor iedereen. Qua schenktijden wordt in de concept paracommerciële verordening voor de paracommerciële rechtspersonen die zich richten op sport aangesloten bij de tijden die genoemd worden in de APV. Dit betekent dus dat de kantine doordeweeks (en zondag) geopend mag zijn en dat er geschonken
Nee. De gewenste situatie is al wat in de conceptverordening stond.
mag worden tot 00:00 uur. Op vrijdag en zaterdag tot 01:00 uur. 12
Artikel 3, lid 3, schenktijden jeugdsozen De in de conceptverordening opgenomen uiterlijke schenktijd voor jeugdsozen wordt niet werkbaar geacht door de jeugdsozen. Vrijdag en zaterdag zijn de belangrijkste avonden. De jeugd komt pas laat richting de jeugdsozen, een te vroege eindtijd is daarom niet werkbaar. Verder wordt naar voren gebracht dat het op dit moment ook voorkomt dat op vrijdag en zaterdag tot 02.00 uur wordt doorgegaan. Er is aangegeven dat hiervoor ook een vergunning is afgegeven. Teruggaan naar 01.00 uur is ook al problematisch.
13
Artikel 3, lid 4 In dit artikel staat dat geen alcohol geschonken mag worden tijdens activiteiten die gericht zijn, of in hoofdzaak gericht zijn op personen onder de 18 jaar. Dit is voor jeugdsozen niet werkbaar. Alle activiteiten zijn in principe deels of volledig gericht op personen onder 18 jaar. Gevolg zou zijn dat nooit alcohol geschonken mag worden. Ook veel andere paracommerciële rechtspersonen organiseren
De aanbeveling om de vrijdag en de zaterdag qua schenktijden gelijk te trekken vinden wij een logische. Het zijn immers de weekendavonden. Onder reactie 1 is al ingegaan op de openings-/sluitingstijden voor paracommerciële instellingen die in de APV staan. Deze tijden gelden voor iedereen. In het kader van de paracommerciële verordening hebben we het slechts over de schenktijden. Die kunnen enkel binnen openingstijden vallen. Wij zijn verder ook niet bekend met vergunningen waarin een latere eindtijd dan de maximale openingstijden in de APV is toegestaan. Handhaving van het verbod in artikel 3, lid 4, van de conceptverordening heeft ongewenste en onredelijke gevolgen. Met name voor de jeugdsozen. Het is niet logisch en niet te verdedigen om hieraan vast te houden.
Ja. Naar aanleiding van de input worden de schenktijden voor de jeugdsozen op vrijdag en zaterdag gelijkgetrokken. Voor beide dagen geldt in de aangepaste conceptverordening een begintijd van 19.00 uur en dezelfde eindtijd als genoemd wordt in artikel 2:29a APV (en dat is 01.00 uur).
Ja. Naar aanleiding van de input is het genoemde verbod in artikel 3, lid 4, onder b, van de conceptverordening geschrapt.
activiteiten gericht op deze leeftijdsgroep waarbij ook veel volwassenen zijn of kijken en waarbij een alcoholische consumptie normaal gebruik/gewenst is. 14
15
Artikel 4 Verstrekken alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten Er is gevraagd waarom er is gekozen voor het toestaan van het schenken van alcohol bij 12 niet-reguliere activiteiten per jaar. Hoe is tot dit aantal gekomen en waarom is er niet gekozen voor meer of minder?
Artikel 4 Verstrekken alcohol bij andere dan reguliere bijeenkomsten Er is gevraagd hoe het zit als er geen commerciële horeca in het dorp/de wijk is. Zijn er dan uitzonderingsmogelijkheden? Gelden hiervoor afstandseisen en zo ja, welke zijn dit dan?
Voor het aantal bijeenkomsten is gekeken naar de paracommerciële regels van de voorgaande gemeenten. Ook is gekeken naar wat omliggende vergelijkbare gemeenten doen. Tot slot is gekeken naar wat volgens de rechters (jurisprudentie) een gangbaar en toegestaan aantal is. Er is nadrukkelijk niet gekeken naar het aantal meldingen dat het afgelopen jaar, of de jaren daarvoor, door de paracommerciële instellingen is gedaan. Dat aantal is namelijk (nagenoeg) nihil. Dat veronderstelt dat de paracommerciële instellingen dit soort activiteiten niet organiseert, of niet meldt. Van het laatste is uitgegaan. Onder reactie 2 is hier al deels op ingegaan. Als er in de toekomst met de paracommerciële rechtspersoon vergelijkbare commerciële horeca
Opmerking en reactie 2 heeft al geleid tot aanpassing van de tekst van artikel 4 van de conceptverordening.
Opmerking en reactie 2 heeft al geleid tot aanpassing van de tekst van artikel 4 van de conceptverordening. De tekst van artikel 4 van de paracommerciële verordening is als
En wat gebeurt er als in de toekomst commerciële horeca in het dorp komt?
in het dorp komt is er wel weer sprake van concurrentie. En geldt de beperking ten aanzien van het maximum aantal toegestane bijeenkomsten ook weer.
volgt aangepast. Is er binnen de dorpsgrens geen met de paracommerciële instelling vergelijkbare commerciële horeca, dan mag de paracommerciële rechtspersoon bij een onbeperkt aantal bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die zijn gericht op personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersoon betrokken zijn alcohol schenken.
Voor verdere details wordt verwezen naar de tekst van het artikel en de toelichting daarbij. 16
17
Artikel 4, derde lid, meldingsplicht Hoe gaat dit in de praktijk? Via een formulier? Via een mailberichtje? En wat is de consequentie als dit niet wordt gemeld? Soms wordt een activiteit ad hoc georganiseerd. Hoe wordt daarmee omgegaan?
Onder reactie 3 is op dit punt ook al ingegaan.
Artikel 4, lid 6 Ziet het hier genoemde verbod alleen toe op het schenken van alcohol of in zijn algemeenheid het verbod dat paracommerciële rechtspersonen dit niet mogen doen?
Het verbod om de mogelijkheid tot het houden van bijeenkomsten van persoonlijke aard of bijeenkomsten die gericht zijn op
Onder artikel 4, vijfde lid, van de conceptverordening is opgeschreven wat een mogelijke consequentie van niet melden kan zijn. Namelijk dat een toekomstige bijeenkomst wordt verboden.
Ja. Naar aanleiding van de input is de tekst van artikel 4, derde lid, van de conceptverordening aangepast in die zin dat de melding gedaan mag worden tot op de dag van de bijeenkomst, maar als dit geen werkdag is dan op de laatste werkdag voor de bijeenkomst. Daarnaast wordt aangegeven dat de melding schriftelijk of per e-mail gedaan mag worden. Nee.
18
Artikel 5, Overgangsrecht Er is gevraagd of bestaande vergunningen blijven.
19
Vervolgprocedure Hoe ziet het vervolg van deze procedure eruit? Hoe worden de paracommerciële instellingen nu verder geïnformeerd? En wat is de planning?
personen die niet of niet rechtstreeks bij de activiteiten van de betreffende rechtspersonen betrokken zijn openlijk aan te prijzen of door middel van reclame onder de aandacht te brengen geldt in zijn algemeenheid. In artikel 5, derde lid van de conceptverordening is het overgangsrecht voor bestaande vergunningen opgenomen. Daar is een overgangsperiode van één jaar opgenomen. Deze overgangsperiode wordt door de gemeente gebruikt om te inventariseren of vergunningen aangepast moeten worden naar aanleiding van de nieuwe regels. Is aanpassing niet nodig, dan houdt men de huidige vergunning. Is aanpassing wel nodig, dan ontvangt men uiteindelijk een gewijzigde vergunning. De conceptverordening zal nog formeel ter inzage gelegd worden voor de duur van zes weken (dit is wettelijk verplicht). Iedereen die dat wil kan dan een zienswijze geven.
Nee.
Nee.
Vervolgens zal de verordening door de raad vastgesteld moeten worden. De verwachting is dat dit in Q4-2025 zal zijn. Inwerkingtreding van de verordening wordt niet eerder voorzien dan per 01-01-2026.