03. Evaluatie Afvalbeleid Midden-Groningen 2025
Tekst van het document
Managementsamenvatting De gemeente Midden-Groningen heeft in de periode 2022–2024 belangrijke stappen gezet in het verbeteren van haar afvalbeleid. Dit evaluatierapport laat zien dat de ingezette lijn resultaten heeft opgeleverd, maar ook dat er uitdagingen blijven bestaan richting de landelijke doelstellingen. Belangrijkste bevindingen
•
Het scheidingspercentage van huishoudelijk afval is licht gedaald, van 73% in 2021 naar 69% in 2024. Dit vraagt om gerichte maatregelen om hernieuwde stijging te realiseren.
•
Restafval per inwoner laat een lichte stijging zien, zowel in Midden-Groningen als landelijk. Uit analyses blijkt dat waardevolle grondstoffen zoals textiel, Gft en PMD nog te vaak in het restafval belanden.
•
De keuze voor bronscheiding blijft effectief om de kwaliteit van grondstoffen hoog te houden. De inzameling van PMD in zakken en de rol van beladers bij controle dragen bij aan het beperken van vervuiling.
•
De financiële context verandert door nieuwe landelijke kaders, waaronder de CO₂-heffing en de gewijzigde vergoedingensystematiek voor PMD door Verpact. Dit vraagt om een robuuste beleidsaanpak en aandacht voor kostenefficiëntie.
•
Bewustwording en gedragsverandering bij inwoners zijn cruciaal. Communicatie, educatie en wijkgerichte analyses zijn belangrijke instrumenten om dit te versterken.
Aanbevelingen Om de beleidsdoelstellingen te behalen en verdere stappen te zetten richting een circulaire economie, wordt voorgesteld om: 1. De beleidsdoelstellingen te herzien en af te stemmen op de landelijke VANG-doelstellingen (60% recycling in 2030, 65% in 2035). 2. Wijkgerichte communicatiecampagnes en educatie te intensiveren. 3. Restafvalanalyses structureel uit te voeren om wijkgerichte verbeteracties mogelijk te maken. 4. Het brede communicatiebeleid verder te versterken, met inzet van afvalcoaches en een duidelijke rol voor inwoners. Conclusie De evaluatie laat zien dat Midden-Groningen een stevige basis heeft gelegd voor duurzaam afvalbeheer. Om de ambities waar te maken, zijn intensievere samenwerking met inwoners, innovatie in inzameling en een continue focus op kwaliteit en kostenbeheersing noodzakelijk. Zo kan de gemeente Midden-Groningen toewerken naar een toekomstbestendig afvalbeleid dat aansluit bij de circulaire herziene landelijke beleidsdoelstellingen.
1. Inleiding ................................................................................................................................... 5 2 Toetsingskader: Afvalbeleidsplan 2019-2030 ............................................................................... 6 2.1 Landelijke ontwikkeling: Van het verminderen van de kilo's afval naar percentage recyclebaar materiaal .................................................................................................................................. 6 2.2 Afvalbeleidsplan gemeente Midden-Groningen ...................................................................... 8 2.3 Toetsingskader .................................................................................................................... 8 3 Gerealiseerde milieuprestaties ................................................................................................. 10 3.1 Lichte stijging in de hoeveelheid huishoudelijk restafval ....................................................... 10 3.2 Gft .................................................................................................................................... 13 3.3 Oud papier en karton .........................................................................................................
13 3.4 PMD.................................................................................................................................. 14 3.5 Glas .................................................................................................................................. 15 3.6 Textiel ............................................................................................................................... 15 3.7 Overige grondstofstromen .................................................................................................. 15 4. Kostenontwikkeling afvalbeheer .............................................................................................. 17 4.1 Tarieven afvalstoffenheffing................................................................................................ 17 4.2 Gebruik voorziening en onderdekking afvalbeheerkosten ..................................................... 18 4.3 Benchmark kosteneffectiviteit ............................................................................................ 20 4.4 Analyse kosten gemeentelijk afvalbeleid .............................................................................
21 4.5 Landelijke ontwikkelingen met een mogelijk negatief effect op de gemeentelijke afvalbeheerkosten .................................................................................................................. 22 5. Participatie, communicatie, educatie en handhaving ................................................................ 24 5.1 Participatie........................................................................................................................ 24 5.1.1 De Afvalcoach ............................................................................................................. 24 5.1.2 Afvalpanel ................................................................................................................... 24 5.1.3 Zwerfafvalvrijwilligers ................................................................................................... 25 5.1.4 Wandelroutes: Schier & Schoon ................................................................................... 25 5.2 Communicatie .................................................................................................................. 26 5.3 Educatie ...........................................................................................................................
26 5.4 Handhaving ....................................................................................................................... 27 6. Service en tevredenheid .......................................................................................................... 28 6.1 Niveau van service bij de inzameling van afval ..................................................................... 28
7. Samenvattende conclusies en aanbevelingen .......................................................................... 30 7.1 Evaluatie ........................................................................................................................... 30 Stijging van restafval en daling van scheidingspercentage ....................................................... 30 Milieuprestaties blijven achter bij ambities ............................................................................ 30 Hoog serviceniveau, maar beperkte sturingskracht ................................................................ 30 Kostenontwikkeling en niet 100% kostendekkendheid ............................................................ 30 Waardevolle inzet van afvalcoaches en participatie................................................................ 31 7.2 Aanbevelingen ................................................................................................................... 31 Herijking van beleidsdoelstellingen ....................................................................................... 31 Finetunen van serviceniveau ................................................................................................. 31 Focus op kwaliteit en preventie .............................................................................................
31 Versterken van communicatie en de rol van de afvalcoach ..................................................... 31 Inzet handhaving bij notoire overtreders ................................................................................ 32 Kostenbeheersing en tariefdifferentiatie ................................................................................ 33 Inzicht in prestaties en sturen op indicatoren. ........................................................................ 33
1. Inleiding In april 2019 heeft de raad het Beleidsplan van Afval naar Grondstof 2019 – 2030 vastgesteld, en ingestemd met de uitvoering van diverse maatregelen die hebben geleid tot een geharmoniseerd beleid in de gemeente Midden-Groningen. Bij het vaststellen van het beleidsplan is aan de raad een tweejaarlijkse evaluatie toegezegd waarbij getoetst wordt op de uitvoering, stand van zaken en effectiviteit van het afvalbeleid. De ambities in het beleidsplan sloten destijds aan op de gangbare VANG (Van Afval Naar Grondstof) -doelstellingen: een scheidingspercentage van 75% in 2020 en 95% in 2025 en een reductie van de hoeveelheid restafval per inwoner tot 100 kg in 2020 en 30 kg in 2025. Dit rapport betreft de evaluatie over de periode 2022-2024. In de evaluatie van het afvalbeleid is getoetst op de gerealiseerde milieueffecten, de kosten van de uitvoering en het serviceniveau. Ten slotte geeft het rapport aanbevelingen voor een verbetering van de (kosten)effectiviteit van het beleid.
5
2 Toetsingskader: Afvalbeleidsplan 2019-2030 2.1 Landelijke ontwikkeling: Van het verminderen van de kilo's afval naar percentage recyclebaar materiaal Hoewel afvalscheiding in volume landelijk flink is toegenomen, heeft dit niet geleid tot hoogwaardige recycling. Grondstoffen bleken nog steeds te vervuild te zijn en niet geschikt om te recyclen. Deze waardevolle grondstoffen moeten alsnog worden verbrand. We zien dan ook dat de ontwikkelingen in de verwerking van huishoudelijk afval zich steeds meer richt op het verhogen van hoogwaardige afvalscheiding, recycling en hergebruik. Hierbij gaat de kwaliteit van de gescheiden grondstoffen een steeds grotere rol spelen. Waar voorheen gestuurd werd op 30 kg restafval per inwoner in 2025, ligt de focus nu landelijk op een recycledoelstelling van 60% van al ons huishoudelijk afval. Landelijke ambities en doelstellingen zijn vastgesteld in het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3), het VANG-programma en het Grondstoffenakkoord. Uiterlijk eind 2025 zal het LAP3 vervangen worden door het Circulair materialen plan. In het beleidsplan ‘van afval naar grondstof 2019-2030’ heeft Midden-Groningen zich geconformeerd aan de toen geldende VANG-doelstellingen. De belastingen op verbranding van restafval De verwachting is dat de belastingdruk op afval de komende jaren flink zal toenemen.
De heffing in het kader van de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) zal naar verwachting toenemen van €39,23 nu naar €78,- in 2030. Daarnaast zal er vanaf 2026 co2 heffing gelden voor verbranding van huishoudelijk restafval (HRA). Wat in 2026 €4,15 per ton aan extra kosten met zich meebrengt, zullen de kosten naar verwachting oplopen naar €37,10 in 2030. Voor grof huishoudelijk restafval (GHA) kost het verbranden vanaf 2026 €5,06 en dit zal naar verwachting in 2030 €45,22 bedragen.
Bron: IPR Normag & United Quality Gemeenten krijgen door deze ontwikkelingen een grote uitdaging om de prestaties op het gebied van huishoudelijk afvalbeheer substantieel te verbeteren. Door het verminderen van de hoeveelheid restafval, betere scheiding en hergebruik, kunnen hoge afvalverbrandingskosten vermeden worden en meer grondstoffen opnieuw gebruikt worden. Een win-win situatie. Gemeentelijk afvalbeheer, een gezamenlijke inspanning Om afvalscheiding te bevorderen en het restafval te verminderen, waardoor de kosten beheersbaar blijven, wordt het steeds belangrijker om te sturen op het gedrag van inwoners. Dit vraagt een juiste balans tussen de verschillende beleidsinstrumenten en een nauwe samenwerking tussen de verschillende gemeentelijke disciplines zoals met de afdelingen Handhaving, Communicatie en ICT.
6
Fig. 1. Beleidsketen afvalbeheer
In figuur 1 is de samenhang tussen de inzamel- en verwerking van het huishoudelijk afval en de beleidscyclus waarmee de gemeente stuurt op gedrag weergegeven. De beleidsketen afvalbeheer laat zien hoe de gemeente Midden-Groningen het proces van afvalinzameling en -verwerking organiseert en aanstuurt. Het schema maakt duidelijk dat afvalbeheer niet alleen een logistieke keten is, maar ook een beleidsproces waarin de rol van inwoners, beleidsdoelen, organisatie en handhaving nauw met elkaar verbonden zijn. 1. Doelstellingen afvalbeheerbeleid De keten start bij de beleidsmatige doelstellingen. Deze zijn ontleend aan landelijke kaders zoals het Landelijk Afvalbeheerplan (LAP3) en het VANG-programma. Kern hierin zijn preventie, hergebruik en recycling. 2. Inrichting inzamelstructuur Vervolgens wordt bepaald hoe het afval wordt ingezameld. Dit gaat over de haal- en brengvoorzieningen, de inrichting van afvalbrengstations, de plaatsing en beheer van containers en de logistiek van inzamelroutes. 3. Acceptatiebeleid Hierbij gaat het om de voorwaarden waaronder inwoners afval kunnen aanbieden. Denk aan tariefbeleid (Diftar: gratis of betaald) en het beleid rond de beschikbaarheid van voorzieningen. Dit bepaalt mede het gedrag van inwoners en de mate waarin afvalscheiding plaatsvindt.
7
4. Communicatie Communicatie speelt een cruciale rol in het beïnvloeden van het aanbied- en scheidingsgedrag van inwoners. Voorlichting, marketingcampagnes en de inzet van afvalcoaches moeten zorgen voor bewustwording en motivatie om afval beter te scheiden. 5. Handhaven Daar waar communicatie en stimulering niet voldoende is, volgt handhaving. Dit bestaat uit toezicht en controle, maar ook uit het nemen van repressieve maatregelen zoals boetes bij overtredingen. Handhaving vormt daarmee het sluitstuk van het beleid. 6. Registreren en monitoren Tot slot worden de resultaten van de uitvoering van het beleid gemeten en vastgelegd. Door registratie en monitoring (zoals inzamelcijfers, sorteeranalyses en beleidsindicatoren) ontstaat inzicht in de prestaties van het afvalbeheer. Deze informatie wordt gebruikt voor management, beleidsbijsturing en terugkoppeling richting inwoners en bestuur. Centraal in de beleidsketen staat de inwoner, omdat het scheidings- en aanbiedgedrag van de inwoner bepalend is voor de effectiviteit van het gehele systeem. De inwoners zijn de schakel in de keten: van de locaties waar de ondergrondse containers zijn geplaatst, tot het beleid dat bepaalt hoeveel en hoe vaak restafval mag worden aangeboden.
De beleidsketen afvalbeheer maakt inzichtelijk dat effectief afvalbeleid een samenhangend geheel is van beleid, uitvoering, communicatie, gedragssturing en monitoring. Alleen door deze beleidsschakels in onderlinge samenhang te benutten kan de gemeente Midden-Groningen sturen op minder restafval, betere scheiding van grondstoffen en beheersbare kosten.
2.2 Afvalbeleidsplan gemeente Midden-Groningen Als meetbaar doel heeft de gemeente Midden-Groningen in het beleidsplan, conform de VANG doelstelling, de ambitie geuit om in het jaar 2025 per inwoner 30 kg niet herbruikbaar restafval te hebben met als tussenstap 100 kg per inwoner in 2020. De VANG-doelstellingen zijn sindsdien veranderd. Op grond van de Europese Kaderrichtlijn Afvalstoffen zijn lidstaten gehouden aan ambitieuze recyclingdoelstellingen: in 2025 dient ten minste 55% van het huishoudelijk afval te worden gerecycled, oplopend naar 60% in 2030 en 65% in 2035. Deze doelstellingen zijn sinds 2019 opgenomen In het programma VANG. Het wordt aanbevolen om deze nieuwe herziene landelijke doelstellingen op te nemen in het afvalbeleid van Midden-Groningen.
2.3 Toetsingskader Dit evaluatieonderzoek geeft inzicht in de doeltreffendheid en doelmatigheid van het ingevoerde afvalbeleid. De evaluatie is gericht op prestatie-indicatoren: milieu, kosten en serviceniveau met daarbij de ambities en doelen zoals zijn verwoord in het Afvalbeleidsplan ‘van afval naar grondstof 2019-2030'. In dit evaluatieonderzoek is gefocust op de periode 2022/2024:
8
1. Milieu: gerealiseerde prestaties 2022–2024 (restafval, scheidingspercentage, kwaliteit van gescheiden stromen). 2. Kosten: kostenniveau en kostendekkendheid, inclusief vergelijking met referentiegemeenten. 3. Serviceniveau: De verscheidenheid aan fracties dat aan huis wordt opgehaald, de hoeveelheid inzamelmiddelen die de bewoners ter beschikking hebben en de frequentie waarop de verschillende afvalsoorten worden ingezameld
Fig.2. Prestatie-indicatoren afvalbeleid
9
3 Gerealiseerde milieuprestaties In hoofdstuk 3 worden de gerealiseerde milieuprestaties per afval- grondstofstroom geëvalueerd. Er is gebruik gemaakt van de gemeentelijke inzamelgegevens voor de hoofdstromen en van de sorteeranalyses op het restafval om de milieuprestaties in kaart te brengen1. De prestaties van de gemeente Midden-Groningen zijn vergeleken met gemeenten met een gelijkwaardige stedelijkheidsklasse (SHK4) wat staat voor een gemeente met tussen de 500 en 1000 adressen per km2 die worden aangemerkt als weinig stedelijk. In de vergelijking van de milieuprestaties is geen rekening gehouden met het gebiedsoppervlak en het al dan niet toepassen van Diftar, noch met de specifieke vorm daarvan, aangezien deze informatie in de beschikbare data ontbrak. In de vergelijking van de kosten en de dienstverlening zijn deze variabelen wél betrokken, omdat hiervoor wel betrouwbare data beschikbaar was en zij wel relevant zijn voor de vergelijking.
3.1 Lichte stijging in de hoeveelheid huishoudelijk restafval Na de harmonisering van het afvalbeleid was eerst een dalende trend zichtbaar. In 2024 doet zich echter, zowel lokaal als landelijk, een trendbreuk voor: de hoeveelheid restafval per inwoner neemt toe.2 De sorteeranalyse laat zien dat het ‘echte’ restafval is gestegen van circa 30 kg naar bijna 40 kg per inwoner.
Op dit moment wordt in Midden-Groningen gemiddeld 44 kg grof restafval en 124 kg fijn huishoudelijk restafval per inwoner ingezameld. Daarmee is in 2024 sprake van een lichte stijging ten opzichte van 2023, hoewel het meerjarig beeld sinds 2020 relatief stabiel blijft. De gemeente Midden-Groningen kiest bewust voor bronscheiding van restafval. Belangrijk blijft om de hoeveelheid restafval te verminderen en daarmee ook de verwerkingskosten beheersbaar te houden.
1 2
IPR Normag: Grondstoffenmonitor Midden-Groningen https://www.cbs.nl/nl-nl/nieuws/2025/29/einde-aan-dalende-trend-meer-afval-ingezameld-in-2024
10
De landelijke doelstelling is om het scheidingspercentage van huishoudelijk afval te verhogen van 75% in 2020 naar 90% in 2025. Vanaf 2019 is daarnaast een nieuwe landelijke doelstelling geïntroduceerd: het recyclepercentage. Het scheidingspercentage is in de gemeente de afgelopen jaren verminderd van 73% in 2021 naar het huidige scheidingspercentage van 69%. Het scheidingspercentage wordt berekend over het totaal van het ingezamelde huishoudelijk afval (grof en fijn) en het totaal van de gescheiden grondstofstromen.
De daling van het scheidingspercentage van 73% in 2021 naar 69% nu hangt samen met verschillende factoren. Uit de sorteeranalyse blijkt dat nog een aanzienlijk deel van de grondstoffen, met name textiel, maar ook PMD en Glas, in het restafval belandt. Daarnaast speelt het scheidingsen aanbiedgedrag van huishoudens een belangrijke rol. Ook is de afkeur van met name textiel van invloed geweest op de vermindering van het scheidingspercentage. Het is waarschijnlijk een combinatie van deze factoren die tot het huidige lagere scheidingspercentage heeft geleid. Om dit te verbeteren ligt de focus de komende jaren op kwaliteitsverbetering van gescheiden stromen, gerichte communicatie en educatie, en het versterken van voorlichting en feedback die inwoners stimuleren om grondstoffen beter te scheiden.
Samenstelling restafval
11
Regelmatig wordt door middel van sorteeranalyses de samenstelling van het fijn huishoudelijk restafval onderzocht. Uit de metingen blijkt dat er in het huishoudelijk fijn restafval in 2024 nog 68% aan herbruikbare grondstoffen aanwezig zijn, dit is 84.8 kg herbruikbare grondstoffen per inwoner. Dit is een flinke verbetering ten opzichte van 2022 (77%) en 2023 (78%) op de vermindering van bruikbare grondstoffen in het huishoudelijk fijn restafval. Voor de meeste van deze herbruikbare grondstoffen heeft de gemeente verschillende inzamelvoorzieningen beschikbaar gesteld (GFT, OPK, glas, textiel en PMD). Daarnaast zien we in de sorteeranalyses dat er per inwoner gemiddeld bijna 12 kg aan luiers en 22 kg aan andere grondstoffen in het restafval worden aangetroffen. De categorie ‘grondstoffen’ betreft onder meer metaal, elektrische en elektronische apparaten, hout, steen/puin, tapijt, leer, rubber en KCA. Bijna alle in het restafval gevonden grondstoffen kunnen bij de gemeentelijke afvalbrengstations apart worden ingeleverd. Toch zien we in het huishoudelijk restafval grondstoffen die ook apart aan huis worden opgehaald zoals PMD, OPK en textiel of in de verschillende ondergrondse containers kunnen worden aangeboden maar in het restafval verdwijnen.
Wat namelijk opvalt in de restafvalanalyse is dat de hoeveelheid PMD in het restafval is verdubbeld 10,7 kg in 2021 naar 21,1 kg per inwoner in 2024 en de hoeveelheid glas is gegroeid van 3,7 kg in 2021 naar 6,2 kg in 2024. De hoeveelheid Gft in het restafval is daarentegen enorm afgenomen van 34,5 kg in 2021 naar 7,5 kg per inwoner in 2024. Wijkgerichte restafvalanalyses in combinatie met interviews kan meer beeld geven bij de oorzaken van deze ontwikkeling.
In 2024 is er 44 kg grof huishoudelijk afval per inwoner ingezameld. We zien een stijging in de hoeveelheid grof huishoudelijk restafval ten opzichte van voorgaande jaren. De bijplaatsingen op de verschillende locaties in de gemeente kunnen daar een rol bij spelen. De opgehaalde bijplaatsingen worden namelijk niet nagesorteerd en worden verwerkt als grof huishoudelijk afval. Er zijn geen gegevens over de hoeveelheid bijplaatsingen in de evaluatieperiode maar sinds oktober 2024 worden de bijplaatsingen gewogen en de cijfers tot nu toe laten zien dat we momenteel ongeveer 140 ton aan bijplaatsingen per jaar in de gemeente ophalen. Dit is ruim 5 kg grof huishoudelijk afval per huishouden.
12
3.2 Gft In de gemeente wordt het GFT, huis aan huis, ingezameld door middel van een 240 liter container. Bij hoogbouw wordt de inzameling gedaan met ondergrondse containers en 106 minicontainers. Deze laatste worden vanaf 2025 vervangen door bovengrondse Gft-containers met paslezer. Prestatie In 2024 is er 162 kg GFT per inwoner gescheiden ingezameld en zien we een dalende trend. Gemiddeld werd er binnen de stedelijkheidscategorie van Midden-Groningen (SHK4) in 2024 140 kg per inwoner ingezameld. Uit de restafvalanalyse blijkt dat er nog 8 kg GFT in het huishoudelijk fijn restafval aanwezig is en is in 2024, 96% van het GFT gescheiden ingezameld. In sommige wijken in de stedelijke gebieden van de gemeente zien we wel restafval wat bij het Gft in de Gftcontainer wordt aangeboden. Dit wordt met het camerasysteem op de inzamelvoertuigen geconstateerd en geregistreerd. De afvalcoaches lopen in deze gebieden voor het inzamelvoertuig, controleren de Gftcontainers op vervuiling en gaan hierover met de inwoners in gesprek.
3.3 Oud papier en karton In de gemeente is van oudsher het beleid dat de inzameling van oud papier en karton in de oud gemeenten Menterwolde en Slochteren bij voorkeur wordt gedaan door verenigingen. Daar waar een vereniging stopt wordt er actief gezocht naar een andere vereniging die de inzameling over wil nemen. In voormalige gemeente Hoogezand wordt papier door de gemeentelijke inzameling huis-aan-huis opgehaald. Naast de inzameling door verenigingen en de gemeentelijke inzameling kan de inwoner zijn of haar papier ook kwijt in de verschillende ondergrondse papiercontainers die verspreid door de gemeente geplaatst zijn.
13
Prestatie In 2024 is er per inwoner 49 kg oud papier en karton ingezameld. Dat is minder dan in voorgaande jaren. In het fijn huishoudelijk restafval zit nu nog 4 kg herbruikbaar papier en karton. 93% van het oud papier en karton wordt gescheiden ingezameld. Bij de inzameling van papier is de trend dat de samenstelling veranderd door minder gebruik van kranten, tijdschriften en folders en er in verhouding steeds meer karton wordt ingezameld. Dit wordt voornamelijk veroorzaakt door online bestellingen. Karton neemt aanzienlijk meer ruimte in en weegt minder bij een gelijke blijvende inhoud van het inzamelvoertuig.
3.4 PMD De inzameling van PMD gebeurt door middel van doorzichtige zakken. Hierdoor kunnen de beladers zien of er vervuiling zit in het PMD wat wordt aangeboden. Door deze manier van werken heeft de gemeente geen afkeur van het door de gemeente bij de verwerker aangeboden PMD. De inwoners kunnen een PMD-haak aanvragen zodat de PMD-zakken opgehangen kunnen worden aan een (lantaarn)paal voor de deur of in de straat.
Prestatie In 2024 wordt 25.8 kg PMD per inwoner gescheiden opgehaald. In het restafval blijkt uit de sorteeranalyses nog 21.1 kg PMD te zitten wat nog apart ingezameld zou kunnen worden. Op dit moment wordt 55% van het PMD gescheiden en dit percentage is de afgelopen jaren stabiel gebleven. Ervaringen uit andere gemeenten laten zien dat er door gerichte campagnes en het geven van ondersteunende feedback mogelijk is om meer PMD uit het fijn huishoudelijk restafval te houden en het scheidingspercentage van PMD te verhogen. Aanbevolen wordt om wijkgerichte communicatiecampagnes op te zetten om inwoners alert te maken op de hoeveelheid Grondstoffen (PMD, Gft, glas en textiel) die nog in het restafval aanwezig zijn. Daarnaast wordt aanbevolen om de afvalcoaches in te zetten om de inwoners te ondersteunen bij het verminderen van deze grondstoffen in het restafval.
14
3.5 Glas Het scheiden inzamelen van glas is al lange tijd gebruikelijk en ligt landelijk gezien op een hoog niveau. In de gemeente Midden-Groningen wordt glas door middel van openbare glascontainers ingezameld. Prestatie In 2024 wordt er per inwoner 18 kg glas gescheiden ingezameld. Uit de sorteeranalyse van het fijn huishoudelijk restafval blijkt dat er nog 6 kg glas in zit. In 2024 is 74% van het glas gescheiden ingezameld. Dit is een minder goede prestatie dan in de voorgaande jaren 2022 (81%) en 2023 (76%) waarin meer glas gescheiden werd aangeboden en niet in het restafval is aangeboden.
3.6 Textiel In de gemeente Midden-Groningen wordt textiel ingezameld door middel van openbare bovengrondse inzamelcontainers en huis aan huis. Prestaties In 2024 is er 7 kg gescheiden textiel per inwoner ingezameld. De restafvalanalyse laat zien dat er per inwoner nog 12.2 kg wordt aangeboden in het fijn huishoudelijk restafval. 37% van het textiel wordt dus gescheiden ingezameld en dit is een mooie verbetering ten opzichte van voorgaande jaren 2022 (30%) en 2023 (27%). De restafvalanalyse maakt duidelijk dat er nog veel winst te behalen valt: textiel vormt nog steeds 10% van het ingezamelde fijn huishoudelijk restafval.
3.7 Overige grondstofstromen De categorie overige grondstoffen bestaat uit onder andere grof tuinafval, oude apparaten, asbest en metaal. Er zijn in Midden-Groningen twee afvalbrengstations (Hoogezand en Slochteren) om grof huishoudelijk afval naar toe te brengen. Tuinafval kan naar groenaanbrengpunt Sappemeer gebracht worden.
15
Prestatie Ongeveer 71% van het grof huishoudelijk afval wordt gescheiden ingezameld. Dit is minder dan in 2023, toen is er 80% van het grof huishoudelijk afval gescheiden ingezameld. Het scheiden van het grof huishoudelijk afval gebeurt voornamelijk op de twee afvalbrengstations in de gemeente. Per inwoner wordt er 108 kg aan grove grondstoffen ingezameld waarvan 36 kg bestaat uit grof tuinafval (in de grafiek weergegeven in het groen) en 72 kg oude apparaten, asbest, metaal etc. (in de grafiek weergegeven in het blauw).
16
4. Kostenontwikkeling afvalbeheer In dit hoofdstuk wordt de financiële prestatie van het gemeentelijk afvalbeheer geëvalueerd. De financiële prestatie wordt zowel getoetst aan de financiële doelstelling van de gemeente, om de ambities binnen het afvalbeleid tegen zo laag mogelijke kosten uit te voeren alsook aan de landelijk prestaties van vergelijkbare gemeenten (stedelijkheidsklasse, Diftar op volume en frequentie en de gemeentelijk gebiedsoppervlakte). De gemeente Midden-Groningen heeft de doelstelling om de tarieven van de afvalstoffenheffing kostendekkend te hebben. In 2024 wordt 86% gedekt vanuit de afvalstoffenheffing en overige inkomsten. Voor de overige 14% van de kosten wordt gebruik gemaakt van de egalisatievoorziening.
4.1 Tarieven afvalstoffenheffing Het gemiddelde vast- en variabel tarief van de afvalstoffenheffing voor een meerpersoonshuishouden is in de periode van 2022 t/m 2024 met €21,- gestegen. Ontwikkeling afvalstoffenheffing meerpersoonshuishoudens
2022 2023 2024 Midden-Groningen
€ 252 € 264 € 273
Bron: Midden-Groningen in cijfers
Bij afvalinzameling op basis van Diftar bestaat de afvalstoffenheffing uit een vast tarief voor de basisvoorzieningen van inzameling en verwerking, en een variabel tarief dat afhankelijk is van het aantal keren dat huishoudens restafval aanbieden. Ontwikkeling Vast/Variabel Het vast tarief is van 2022 tot en met 2024 gestegen van €168,67 naar €196,-. Het variabel tarief op het legen van de 240 liter restafvalcontainer is in dezelfde periode gestegen van €8,27 naar €9,15. Landelijk zien we de variabele tarieven in deze periode stijgen met uitschieters van bedragen boven de €15,- per lediging.
17
4.2 Gebruik voorziening en onderdekking afvalbeheerkosten De gemeente gebruikt een egalisatievoorziening om naast de inkomsten uit heffing de kosten voor de afvalinzameling te financieren. Aandachtspunt is dat de egalisatievoorziening steeds sneller wordt uitgeput. In bijgaand staafdiagram wordt het verloop van de stand van de voorzieningen weergegeven. Een blijvend aandachtspunt is dat de cijfers over de jaren 2022 tot en met 2024 van de realisatie van het afvalbeheer weergeven dat de totale inkomsten van de afvalstoffenheffing en de voorziening niet de totale kosten dekken. Er is jaarlijks een tekort met in 2024 een tekort van € 61,- per huishouden, wat dus vanuit de egalisatievoorziening is gefinancierd.
De dekkingsgraad is niet toereikend geweest om de kosten voor afvalinzameling en verwerking te dekken. Om de daadwerkelijke kosten te dekken zijn de afvalstoffenheffing en inkomsten uit de gewonnen grondstoffen te laag geweest.
18
Wanneer de gemeente Midden-Groningen wil streven naar een meer kostendekkende aanpak, is een verdere stijging van de afvalstoffenheffing (naast de reguliere indexering) en/of het treffen van kostenbesparende maatregelen noodzakelijk. Een zorgvuldige afweging is vereist om te bepalen of, en in welke mate, het vaste en/of variabele deel van de afvalstoffenheffing verhoogd moet worden en welke kostenbesparende maatregelen de beleidsvisie ondersteunen. Het variabel tarief in de gemeente Midden-Groningen bevindt zich in vergelijking met andere Diftar gemeenten aan de lagere kant van de bandbreedte. Voor 240 liter containers zien we een gemiddelde van €10,353 met een bandbreedte van € 8 - € 16 per lediging (Midden-Groningen € 9,15). Voor een 60 liter zak (verzamelcontainer) € 1,50 - € 4,00 (Midden-Groningen € 2,30). Het tarief op de afvalbrengstations in de gemeente is moeilijk te vergelijken met de tarieven die gehanteerd worden door andere vergelijkbare gemeenten. In de meeste gemeenten kunnen inwoners twee tot zes m3 per jaar gratis aanleveren op het afvalbrengstation wat wordt gefinancierd vanuit het vastrecht. Daarna wordt een bedrag in rekening gebracht variërend van €0,15 tot €0,30 per kilogram (afgerond naar 10 kg). Bij een gemiddeld gewicht van 125 kg per m3 grof huishoudelijk restafval 4 variëren de kosten van een m3 grof huishoudelijk restafval tussen €18,75 tot €37,50.
Midden-Groningen bevindt zich in 2024 met €22,70 voor een kleine aanhanger (1-2m3) en €45,40 voor een grote aanhanger of bestelbus (>2m3) rond het gemiddelde van de bandbreedte van vergelijkbare gemeenten.
3 4
Afvalstoffenheffing 2024 Handboek afvalbeheer voor productiebedrijven
19
4.3 Benchmark kosteneffectiviteit De verhouding tussen de prestatie (de hoeveelheid huishoudelijk restafval) en de kosten toont de kosteneffectiviteit van het afvalbeheer. Om de kosteneffectiviteit van de gemeente MiddenGroningen te beoordelen is deze vergeleken met de kosteneffectiviteit van andere gemeenten met vergelijkbare stedelijkheidsklasse (SHK4) en Diftar op volume en frequentie. De afvalbeheerkosten zijn alle kosten die gemaakt worden om aan de gemeentelijke zorgplicht te voldoen en bestaan uit de inzamelkosten, overslag- en transportkosten, verwerkingskosten en overige afvalkosten (beleidskosten, afvalcoaches, handhaving en perceptiekosten). Kwijtscheldingsbeleid, btw-compensatie en kosten voor zwerfafval en bedrijfsafval maken geen deel uit van deze kosten. Om deze reden zijn de afvalbeheerkosten lager dan de totale kosten uit de begroting afvalstoffenheffing. De grafiek toont de afvalbeheerprestaties van gemeente MiddenGroningen en andere gemeenten met een vergelijkbare stedelijkheidsklasse. De afvalbeheerprestatie wordt uitgedrukt in de hoeveelheid huishoudelijk fijn en grof huishoudelijk afval en de integrale kosten voor het afvalbeheer. Voor de gemeente Midden-Groningen zijn de afvalbeheerkosten in 2024 bepaald op €273,- per huishouden.
Wanneer de grootte van het te bedienen gebied wordt meegewogen is te zien dat bij gemeenten met vergelijkbare stedelijkheidsklasse, Diftar op volume en frequentie en een gebiedsoppervlakte van meer dan 200 km2 de afvalbeheerkosten gemiddeld €283,- per huishouden bedragen. De grootte van het gebied lijkt invloed op de afvalbeheerkosten te hebben.
20
Ten opzichte van gemeenten met vergelijkbare stedelijkheidklasse en Diftar5 (volume & frequentie) en met een vergelijkbaar gebiedsoppervlakte6 is het tarief van Midden-Groningen gemiddeld7.
In de vergelijkingen is geen rekening gehouden met het aantal huishoudens dat bediend moet worden en het al dan niet beschikken over een eigen inzameldienst. Beide factoren beïnvloeden de kosten. Zo presteert Oldambt relatief goed, maar heeft deze gemeente ook aanzienlijk minder huishoudens te bedienen. Altena en Midden-Groningen zijn de enige gemeenten in dit overzicht die beschikken over een eigen inzameldienst. Bij gemeenten met vergelijkbare stedelijkheidsklasse en een oppervlakte van meer dan 200 km2 ligt de gemiddelde hoeveelheid restafval op 123 kg per inwoner. Het gemiddelde van alle Nederlandse gemeenten is in peiljaar 2024 rond de 149 kg per inwoner. Met 168 kg restafval per inwoner presteert de gemeente Midden-Groningen minder goed dan de meeste vergelijkbare gemeenten. De afvalbeheerkosten zijn relatief hoog ten opzichte van gemeenten met een vergelijkbare stedelijkheidsklasse en dat zien we terug bij alle gemeenten groter dan 200 km2.
4.4 Analyse kosten gemeentelijk afvalbeleid Om de financiële prestaties te kunnen analyseren, is een kostenoverzicht gemaakt. Het kostenoverzicht van het afvalbeleid is opgebouwd uit diverse kostenelementen die jaarlijks worden geëvalueerd. In de jaren 2022 tot en met 2024 zien we een gestage stijging van de totale kosten per huishouden: van €364 in 2022 naar €421 in 2024. Deze stijging is het gevolg van meerdere ontwikkelingen binnen de verschillende kostencategorieën.
5
Afvalmonitor - Diftarsysteem per gemeente - 2023 - Gemeenten 2023 StatLine - Gebieden in Nederland 2022 7 Bijlagen 2024 en databestanden – COELO 6
21
De kosten voor de afvalinzameling per huishouden zijn in de periode 2022-2024 met €57,- gestegen, dit komt neer op een toename van 15%. We zien een sterke stijging in de uitvoeringskosten, de Btw en overige uitgaven. De toename op de Btw is gerelateerd aan de exploitatie- en investeringsuitgaven voor bijvoorbeeld boven- en ondergronds containers. Beide zijn in de loop der jaren gestegen. De overige uitgaven stijgen voornamelijk door de toename van kosten voor de inzameling van zwerfafval. De uitvoeringskosten zijn voor de afvalinzameling de grootste kostenpost en zijn opgebouwd vanuit de verschillende kostenposten.
Tractiekosten (kosten inzamelvoertuigen) zijn substantieel gestegen, van €1.175.229 in 2022 naar €1.882.784 in 2024. Deze stijging zien we voornamelijk in 2024 en wordt veroorzaakt door uitval van inzamelvoertuigen, vanwege opgelopen schades, waardoor vervangende inzamelvoertuigen moesten worden ingehuurd. Daarnaast is een deel van de stijging toe te rekenen aan gestegen onderhouds- en brandstofkosten. De loonkosten zijn overwegend gestegen door de gemaakte Caoafspraken. Ook heeft bovenmatige uitval door ziekte (niet arbeidsgerelateerd) geresulteerd in hoog aandeel ingeleend personeel.
4.5 Landelijke ontwikkelingen met een mogelijk negatief effect op de gemeentelijke afvalbeheerkosten De afvalverwerkingssector in Nederland staat aan de vooravond van belangrijke veranderingen. Vanuit de ambitie om de circulaire economie te versnellen en de klimaatdoelstellingen te realiseren, wordt nieuwe wet- en regelgeving ingevoerd. De invoering van een CO₂-heffing op afvalverbranding en de introductie van een correctiefactor binnen de Wet belastingen op milieugrondslag (Wbm) brengen voor afvalverbrandingsinstallaties nieuwe operationele en financiële uitdagingen met zich mee. Voor gemeenten betekent dit dat de kostenstructuur en verwerkingsmogelijkheden veranderen. Tegelijkertijd dragen deze maatregelen bij aan het terugdringen van de milieu-impact van huishoudelijk afval en ondersteunen zij de bredere transitie naar een circulaire economie.
22
Heffingen op de verbranding van huishoudelijk restafval In onderstaand grafiek zijn de verwachte gevolgen voor de verwerkingskosten door de toekomstige heffingen voor Midden-Groningen weergegeven.
In 2024 waren de kosten om het fijn- en grof huishoudelijk restafval te verwerken €97,54 per ton en koste dat per huishouden €37,61. In 2025 hebben we nog te maken met alleen de indexering en zijn de kosten voor het verwerken van fijn- en grof huishoudelijk afval €100,27 en kost dit €38,- per huishouden. Vanaf 2026 zien we de kosten, door de verhoging van het Wbm en de invoering van de Co2 Heffingen, voor de verwerking van fijn- en grof huishoudelijk restafval per huishouden stijgen van €44,- in 2026 naar €72 in 2030. Nieuwe aanpak vergoedingen PMD Vanaf 2026 voert Verpact een nieuwe systematiek in voor de vergoeding van ingezameld PMD. De vergoeding is dan niet langer een vast bedrag per ton, maar afhankelijk van de kwaliteit van het aangeleverde materiaal. Gemeenten ontvangen daarbij een voorschotvergoeding, die achteraf wordt verrekend via een staffelmodel. De uiteindelijke vergoeding wordt bepaald op basis van steekproeven: hoe lager het aandeel vervuiling, hoe hoger de vergoeding. Met deze aanpak wil Verpact gemeenten stimuleren de kwaliteit van de PMD-inzameling verder te verbeteren, zodat een efficiëntere en duurzamere recyclingketen ontstaat. Omdat MiddenGroningen PMD inzamelt in zakken én beladers deze vooraf controleren op vervuiling, is de verwachting dat de gemeente Midden-Groningen ook onder de nieuwe systematiek geen lagere vergoeding zal ontvangen.
De gemeente Midden-Groningen heeft geen afkeur op de PMDinzameling. De nieuwe aanpak moet leiden tot meer transparantie, beter voorspelbare vergoedingen en een duidelijke financiële prikkel voor gemeenten om de kwaliteit van de PMD-inzameling te verbeteren. Vanaf 2026 ontvangen gemeenten een voorschotvergoeding van bijvoorbeeld €195 per ton, die achteraf wordt verrekend op basis van de via steekproeven vastgestelde kwaliteit. Hoe minder vervuiling, hoe hoger de uiteindelijke vergoeding. De exacte vergoedingsbedragen per vervuilingscategorie zijn door Verpact nog niet vastgesteld.
23
De bronscheiding van PMD heeft de voorkeur, omdat dit leidt tot hogere kwaliteit en betere verwerkbaarheid van grondstoffen en een grotere bijdrage aan de bewustwording en beleidsdoelstellingen op het gebied van circulaire economie.
5. Participatie, communicatie, educatie en handhaving Bewustwording van regels rondom afval en gedragsverandering bij de inwoners vraagt om goede en duidelijke communicatie richting de inwoners en participatie in de verschillende afval gerelateerde projecten. Hiervoor zijn in de afgelopen jaren een aantal initiatieven opgestart welke hieronder worden beschreven.
5.1 Participatie 5.1.1 De Afvalcoach De afvalcoach speelt een centrale rol in het gemeentelijke afvalbeleid. Als verbinder tussen beleid en praktijk is de afvalcoach dagelijks actief in de wijken, dorpen en straten om inwoners te informeren, motiveren en ondersteunen bij afvalscheiding en het schoonhouden van de leefomgeving. Een van de belangrijkste pijlers van deze aanpak is het afvalpanel: een vaste groep betrokken bewoners die eens in de drie maanden samenkomt om mee te denken over afvalgerelateerde thema’s. De afvalcoach begeleidt deze bijeenkomsten, zorgt voor een open dialoog en vertaalt signalen uit de praktijk naar concrete verbeteringen in de uitvoering. Daarnaast is de afvalcoach de drijvende kracht achter zwerfafvalacties in de gemeente. Van kleinschalige buurtinitiatieven tot grotere campagnes zoals Cash in Trash Out en Zuidlaardermeer Schoon. De afvalcoach verzorgt voor een deel de organisatie, materialen, communicatie en vooral: de persoonlijke benadering van vrijwilligers. Door zichtbaar aanwezig te zijn en waardering uit te spreken, weet de coach steeds meer inwoners te enthousiasmeren om mee te doen aan de verschillende initiatieven. De kracht van de afvalcoach zit in de combinatie van kennis, betrokkenheid en zichtbaarheid.
Dankzij deze rol ontstaat er een netwerk van actieve bewoners, groeit het bewustzijn rond afvalscheiding en wordt de openbare ruimte merkbaar schoner. De coach maakt afvalbeleid tastbaar en vooral menselijk.
5.1.2 Afvalpanel Tussen 2022 en 2024 organiseerde de gemeente Midden-Groningen bijeenkomsten met bij het afval betrokken inwoners uit verschillende delen van de gemeente. Dit afvalpanel wordt gebruikt als klankbordgroep om beleidsmaatregelen te toetsen aan de praktijkervaring van bewoners, signalen uit de gemeente vroegtijdig op te vangen en samen te werken aan bewustwording en gedragsverandering. Daarnaast biedt het afvalpanel de kans om vertrouwen op te bouwen op te bouwen tussen gemeente en de inwoners.
24
De groep bestaat momenteel uit 14 inwoners vanuit de verschillende kernen van de gemeente. De bijeenkomsten zijn eens in de drie maanden waarbij de onderwerpen besproken worden die op dat moment spelen of in de nabije toekomst gaan spelen.
5.1.3 Zwerfafvalvrijwilligers Tussen 2022 en 2024 is de inzet van zwerfafvalvrijwilligers in onze gemeente flink gegroeid. Steeds meer inwoners zetten zich, als Supporter van Schoon, actief in voor een nette en leefbare omgeving in hun straat, wijk of dorp. In deze periode mochten we maar liefst 238 nieuwe vrijwilligers verwelkomen, waarmee het totaal eind 2024 uitkwam op 705 actieve Supporters van Schoon. Om deze inzet mogelijk te maken, biedt de gemeente praktische ondersteuning in de vorm van grijpers, hesjes en afvalzakken. Daarnaast zorgt de afvalcoach voor regelmatige afstemming, persoonlijke aandacht en het tonen van waardering. Zo blijven vrijwilligers gemotiveerd en verbonden. Hoogtepunten uit 2022-2024
•
Meer dan 50 opschoonacties georganiseerd, waaronder: o Cash in Trash Out; o Harkstede Schoon; o Zuidlaardermeer Schoon;
• •
Vrijwilligersbijeenkomst op 30 januari 2023 in de Vredekerk, met 40 deelnemers;
•
Uitreiking van vogelhuisjes aan alle vrijwilligers in januari 2024; Extra waardering tijdens de nationale vrijwilligersdagen.
Resultaten en impact: • Een sterk netwerk van betrokken inwoners die zich structureel inzetten voor een schone openbare ruimte; • Zichtbare verbetering van de leefomgeving: Straten, parken en pleinen zijn schoner en aantrekkelijker geworden, wat bijdraagt aan het gevoel van veiligheid en trots in de buurt; • Versterking van sociale cohesie: Vrijwilligers leren elkaar kennen, werken samen en voelen zich meer verbonden met hun wijk of dorp; • Verhoogde betrokkenheid bij gemeentelijk beleid: Vrijwilligers denken actief mee over afvalinzameling, voorzieningen en gedragsverandering; • Minder meldingen van zwerfafval via Fixi of andere meldpunten, wat de druk op gemeentelijke reiniging verlaagt; • Betere afvalscheiding en bewustwording: Vrijwilligers fungeren als ambassadeurs en stimuleren anderen om afval op de juiste manier te scheiden en op te ruimen; • Duurzame gedragsverandering: Door regelmatige inzet ontstaat een cultuur waarin schoonhouden vanzelfsprekend wordt.
5.1.4 Wandelroutes: Schier & Schoon Vanaf voorjaar 2022 is het initiatief Midden-Groningen Schier & Schoon opgestart. Schier & Schoon is een project waarbij inwoners worden uitgenodigd om te wandelen én tegelijkertijd zwerfafval op te ruimen. Dit concept, ook wel trashwalking genoemd, combineert beweging met milieubewustzijn.
25
Met het project wil de gemeente inwoners stimuleren om op een laagdrempelige manier bij te dragen aan een schonere leefomgeving, terwijl ze tegelijkertijd interessante nieuwe plekken in de gemeente ontdekken. In 2025 zijn er twee nieuwe routes ontwikkeld die in 2026 in gebruik worden genomen. Op dit moment zijn er vier routes waarbij de deelnemers bij de startlocatie de benodigde opruimmaterialen op kunnen halen en het ingezamelde zwerfafval in kunnen leveren. Voor aanvang worden de deelnemers voorzien van een routebeschrijving met informatie over kunst, monumentale gebouwen en lokale geschiedenis die de deelnemers gedurende de route tegenkomen. De Schier & Schoon routes zijn een mooie manier om op een laagdrempelige manier inwoners te betrekken bij het schoonhouden van de leefomgeving. Door het project te koppelen aan ontspanning en lokale beleving, wordt afval opruimen niet gepresenteerd als een verplichting, maar als een gezamenlijke activiteit. Dit vergroot de betrokkenheid en stimuleert inwoners om op een ontspannen manier bij te dragen aan een schonere leefomgeving.
5.2 Communicatie Inwoners spelen een cruciale rol in het verminderen van zwerfafval, het scheiden van afval en het naleven van milieuregels. Door hen actief te informeren, inspireren en betrekken, ontstaat draagvlak en gedeelde verantwoordelijkheid. Communicatie maakt beleid zichtbaar, begrijpelijk en persoonlijk. Het zorgt ervoor dat inwoners niet alleen weten wat er van hen verwacht wordt, maar ook waarom en hoe ze kunnen bijdragen aan een schonere leefomgeving. Daarom is communicatie een strategisch instrument binnen het afvalbeleid, onmisbaar voor gedragsverandering, samenwerking en duurzame impact. In de periode 2022 tot en met 2024 is voornamelijk ingezet op communicatie bij veranderingen in bijvoorbeeld de dag en tijd van het ophalen van de huis-aan-huis containers, de openingstijden van het afvalbrengstations, interviews en persberichten bij acties in samenwerking met scholen of andere partijen zoals de E-Waste race. Bij de communicatie is gebruik gemaakt van de verschillende lokale offline en online media en sociale netwerken.
5.3 Educatie Door kinderen en jongeren al vroeg te betrekken bij thema’s als afvalscheiding, hergebruik van grondstoffen en de impact van consumptie op het milieu, wordt de basis gelegd voor verantwoord gedrag op lange termijn. Scholen vormen een ideale omgeving om leerlingen te leren over de circulaire economie, het belang van recycling en de rol van de gemeente in het afvalbeheer. Via lesprogramma’s, interactieve projecten en samenwerking met lokale initiatieven worden leerlingen gestimuleerd om actief mee te denken en mee te doen aan een schonere, duurzamere leefomgeving.
26
In de periode 2022 tot en met 2024 hebben de afvalcoaches in samenwerking met externe partners zoals Milieu Educatie Groningen 15 gastlessen mogen verzorgen op de verschillende basisscholen in de gemeente. Daarnaast is er in deze periode 20 keer samen met basisschoolleerlingen zwerfafval ingezameld rondom de school. Deze acties worden door docenten en leerlingen als positief ervaren en enthousiast ontvangen. Om langdurige bewustwording te realiseren is het interessant om educatie rondom afval, grondstoffen, circulariteit en de impact op het milieu, structureel in te bedden in het curriculum van de basisscholen en voortgezet onderwijs. Duurzaam gedrag ontstaat niet na één les. Door het thema regelmatig terug te laten komen, wordt milieubewustzijn een vanzelfsprekend onderdeel van het denken en doen van de leerlingen. Het thema, afval en grondstoffen, kan eventueel onderdeel worden van vakken als maatschappijleer, biologie, economie en techniek.
5.4 Handhaving Handhaving is een onmisbare pijler binnen een effectief afvalbeleid. Waar communicatie en educatie gericht zijn op bewustwording en vrijwillige gedragsverandering, zorgt handhaving voor naleving van regels en het tegengaan van overtredingen. Het is het sluitstuk van het beleid: daar waar informatie en participatie niet voldoende blijken, biedt handhaving duidelijkheid en consequentie. De afgelopen jaren is de inzet van gemeentelijke handhavers vooral gericht geweest op onderwerpen met een andere veelal hogere prioriteit, zoals openbare orde en overlast. Dit betekende dat afval gerelateerde handhaving beperkt mogelijk is geweest. Handhavers zijn daardoor incidenteel actief geweest bij meldingen van afvaldumpingen. In 2025 is besloten om wel structureel handhavingsformatie beschikbaar te stellen op afval gerelateerde zaken. De werving- en selectieprocedure is ondertussen opgestart.
27
6. Service en tevredenheid In dit hoofdstuk wordt de dienstverlening van de afvalinzameling geëvalueerd. De inzameling van het huishoudelijk afval is een dienst die de gemeente aan de inwoners verleent. De uitvoering van de dienstverlening bepaalt met welk gemak de inwoner het afval (gescheiden) kan aanbieden.
6.1 Niveau van service bij de inzameling van afval De hoogte van de service wordt bepaald door de verscheidenheid aan fracties dat aan huis wordt opgehaald, de hoeveelheid inzamelmiddelen die de bewoners ter beschikking hebben, de frequentie waarop de verschillende afvalsoorten worden ingezameld enzovoorts. Hoe meer de inwoner wordt ontzorgd in het kunnen ontdoen van grondstoffen (gescheiden afval) en restafval, hoe hoger de service-ervaring.
De totale dienstverlening van de gemeente is hoog. De gemeente biedt een breed aantal mogelijkheden om het afval gescheiden aan te bieden, haalt tweewekelijks het restafval aan huis op en het Gft wordt in de groei- en bloeiperiode van 1 april tot 1 oktober wekelijks ingezameld. Het serviceniveau voor het aan huis ophalen van grof tuinafval is in deze evaluatieperiode verlaagd. Door aanmeldingen waarbij bij aankomst op het adres geen tuinafval werd aangeboden, of juist enorm veel werd aangeboden. Hierdoor waren de kosten ten opzichte van het serviceniveau uit balans. Voor het ophalen van grof tuinafval wordt nu een bedrag in rekening gebracht. De 240 liter restafvalcontainer wordt in Midden-Groningen elke twee weken opgehaald. Dit is een bovengemiddelde dienstverlening omdat de meeste gemeenten gemiddeld één keer per vier weken het restafval aan huis ophalen. Gemiddeld wordt de restafvalcontainer in Midden-Groningen 8,5 keer per jaar aangeboden wat resulteert in een gemiddeld aanbiedpercentage van 33% per inzamelronde.
28
Er zitten grote verschillen in hoe vaak huishoudens in Midden-Groningen het huishoudelijk fijn restafval aanbieden. In bovenstaande grafiek is te zien dat een groot aantal huishoudens voldoende heeft aan een aantal ledigingen per jaar. Vanuit de rest afval analyse weten we dat er in Midden-Groningen gemiddeld 39.2 kg fijn restafval per inwoner overblijft als men het afval volledig zou scheiden. Met gemiddeld 35 kg restafval per aangeboden container zou een huishouden van 4 personen voldoende moeten kunnen hebben aan 5 ledigingen per jaar. De 240 liter Gft-container wordt in de maanden november tot en met maart tweewekelijks huis-aanhuis opgehaald en in de groei- en bloeiperiode (1 april tot 1 oktober) wekelijks aan huis opgehaald. Door een in november 2022 aangenomen motie is de Gft-container in de periode 2023 tot en met 2024 ook in de maand november wekelijks huis-aan-huis opgehaald. Gemiddeld biedt 41,98% van de huishoudens de Gft-container per inzamelronde aan. De dienstverlening op fijn huishoudelijk restafval en Gft ligt in de gemeente Midden-Groningen hoger dan in de vergelijkbare gemeenten. Doordat het ledigen hiervan momenteel kosteloos is, blijken containers vaak slechts gedeeltelijk gevuld. Het invoeren van een laag tarief zou inwoners kunnen prikkelen om de container efficiënter te vullen en zo het aantal ledigingen te beperken.
29
7. Samenvattende conclusies en aanbevelingen In dit evaluatierapport is het afvalbeleid van Midden-Groningen geëvalueerd op uitvoering, stand van zaken en effectiviteit van het beleid. Er is getoetst op de gerealiseerde milieueffecten, de kosten van de uitvoering, en het serviceniveau ten behoeve van de inwoners. In het gemeentelijke beleidsplan’ Afval naar Grondstof 2019 – 2030’ zijn de VANG-doelstellingen; een scheidingspercentage van 75% in 2020, een scheidingspercentage van 95% in 2025 en de doelstelling om de hoeveelheid restafval per inwoner te reduceren tot maximaal 100 kg in 2020 en 30 kg in 2025 als ambitie benoemt. Deze ambitie sluit niet meer volledig aan bij de landelijke doelstellingen en het advies is de gemeentelijke afvalbeleidsdoelstellingen aan te laten sluiten bij de herziene landelijke doelstelling.
7.1 Evaluatie Stijging van restafval en daling van scheidingspercentage Na een aanvankelijke daling in de hoeveelheid huishoudelijk restafval sinds 2019, is vanaf 2024 een stijgende trend zichtbaar. In 2024 werd 168 kg restafval per inwoner ingezameld, waarmee MiddenGroningen slechter presteert dan vergelijkbare gemeenten. Het scheidingspercentage is gedaald van 73% in 2021 naar 69% in 2024. Vooral PMD, glas en textiel worden vaker aangetroffen in het restafval, ondanks beschikbare inzamelvoorzieningen en de huis-aan-huis inzameling van PMD en textiel.
Milieuprestaties blijven achter bij ambities De oorspronkelijke VANG-doelstelling van 30 kg restafval per inwoner in 2025 is niet realistisch gebleken. Uit sorteeranalyses blijkt dat er 39.2 kg fijn restafval per inwoner overblijft als alle andere grondstoffen eruit gehaald zijn. De landelijke focus verschuift van het scheidingspercentage naar een recyclepercentage van 60% in 2030, wat vraagt om een herijking van de ambities van het gemeentelijke beleidsplan.
Hoog serviceniveau, maar beperkte sturingskracht De gemeente biedt een bovengemiddeld serviceniveau, zoals tweewekelijkse inzameling van restafval en wekelijkse GFT-inzameling in de zomer. Dit draagt bij aan tevredenheid onder inwoners, maar beperkt de sturingsmogelijkheden op afvalreductie en scheidingspercentage. Het aanbodpercentage van restafvalcontainers is 33%, het gemiddeld aantal ledigingen van 8,5 keer en de hoeveelheid herbruikbare grondstoffen in het fijn huishoudelijk restafval suggereert dat een lagere inzamelfrequentie mogelijk is zonder verlies van dienstverlening.
Kostenontwikkeling en niet 100% kostendekkendheid De afvalbeheerkosten zijn relatief hoog (€273 per huishouden in 2024) maar liggen gemiddeld gelijk aan gemeente met een vergelijkbaar Diftar systeem en gemeentelijk gebiedsoppervlakte. De egalisatievoorziening raakt uitgeput en is er in 2024 een tekort van circa €61 per huishouden. Dit vraagt om een aanvullende herziening van de afvalstoffenheffing en/of invoering van kostenbesparende maatregelen.
30
Waardevolle inzet van afvalcoaches en participatie De inzet van afvalcoaches heeft geleid tot meer betrokkenheid van inwoners, onder andere via het afvalpanel en zwerfafvalinitiatieven. Educatie en communicatie zijn waardevolle instrumenten, maar zijn door personele wisselingen in de evaluatieperiode onvoldoende ingezet.
7.2 Aanbevelingen Herijking van beleidsdoelstellingen Stel realistische doelen op basis van landelijke ontwikkelingen, zoals het scheidingsrecyclepercentage in plaats van het restafvalgewicht. Gebruik sorteeranalyses als basis voor gerichte beleidsinterventies op specifieke afvalstromen zoals PMD, textiel en glas die nog in het fijn huishoudelijk restafval aanwezig zijn.
Finetunen van serviceniveau Overweeg verlaging van de inzamelfrequentie voor restafval naar eens per drie of vier weken, passend bij het lage aanbodpercentage en de hoeveelheid grondstoffen die zich nog in het fijn restafval bevinden. Pas de openingstijden van het brengpunt voor grof tuinafval aan naar de inwonersbehoefte en bezoekersaantallen. Creëer meer mogelijkheden op het afvalbrengstation om meer grondstoffen gescheiden te kunnen inzamelen.
Focus op kwaliteit en preventie Richt beleid op het verbeteren van het scheidings- en recyclepercentage en de kwaliteit van gescheiden afvalstromen om hoogwaardige recycling mogelijk te maken en kosten voor verbranding te verminderen. Stimuleer hergebruik via lokale initiatieven zoals kringloopwinkels, repaircafés, ruilen weggeefwinkels en initiatieven zoals verpakkingsvrij winkels.
Versterken van communicatie en de rol van de afvalcoach Om de vervuiling in Gft-containers, PMD-zakken en het aandeel herbruikbare grondstoffen in het restafval te verminderen, is het wenselijk om communicatie als gedragsinstrument structureel en doortastend in te zetten. De volgende aanbevelingen zijn gericht op het realiseren van duurzame gedragsverandering bij inwoners: Wijkgerichte communicatiecampagnes
→ Gebruik sorteeranalyses en inzameldata om wijken met veel vervuiling te identificeren; → Ontwikkel wijkprofielen op basis van sociaal demografische kenmerken en gebruik van media;
→ Zet campagnes op maat in met passende middelen zoals lokale kranten, flyers, posters, video’s en socialmedia. Gedragsgerichte stimulering en feedback
→ Geef positieve feedback aan huishoudens die goed scheiden; → Geef duidelijke meldingen bij vervuiling in GFT of PMD met uitleg en verbetertips;
31
Inwoners inzicht geven in hun eigen afvalgedrag
→ Ontwikkel een persoonlijk afvaldashboard waarin inwoners hun afvalaanbiedingen en prestaties kunnen volgen;
→ Laat zien hoe het eigen huishouden presteert ten opzichte van het wijkgemiddelde. Versterking van de rol van de afvalcoach → Verhoog de zichtbaarheid en aanspreekbaarheid van de afvalcoaches in probleemwijken; → Voert gesprekken aan de deur over afvalscheiding; → Bouwt relaties op met bewoners, vooral in wijken met lage scheidingspercentages; → Werkt samen met buurtambassadeurs of sleutelfiguren in de wijk. Educatie en communicatie combineren → Verzorg lessen op basisscholen en voortgezet onderwijs; → Organiseert workshops over afvalscheiding, hergebruik en circulariteit; → Betrekt scholen bij afvalprojecten zoals zwerfafvalacties of andere acties; → Laat kinderen thuis een afvalscan doen en hun ouders interviewen. Door deze aanpak ontstaat een integrale communicatiestrategie die niet alleen informeert, maar ook motiveert en activeert. Dit draagt bij aan een schonere leefomgeving en een hogere kwaliteit van gescheiden afvalstromen.
Inzet handhaving bij overtreding van de afvalregels Handhaving vormt een essentiële schakel in het afvalbeleid van de gemeente Midden-Groningen. Waar communicatie, educatie en participatie gericht zijn op het stimuleren van gewenst gedrag, is handhaving noodzakelijk om naleving van regels te waarborgen en overtredingen effectief aan te pakken. Het is het sluitstuk van het beleid: daar waar bewustwording en vrijwillige gedragsverandering tekortschieten, biedt handhaving duidelijkheid en consequentie. Zet handhaving effectief in binnen het afvalbeleid waarbij de volgende taken moeten worden ingericht binnen het afvalbeleid: → Structurele inzet van handhavers op afval gerelateerde taken, met een duidelijke rol in het signaleren en sanctioneren van overtredingen zoals bijplaatsingen, vervuiling van Gftcontainers en verkeerd- of te vroeg aangeboden afval; → Gebruik van data en sorteeranalyses om hotspots van vervuiling en overtredingen te identificeren en gericht toezicht te houden; → Integratie van handhaving in de wijkgerichte aanpak, waarbij handhavers samenwerken met afvalcoaches en communicatieadviseurs om gedragsverandering te stimuleren en te ondersteunen; → Zichtbare aanwezigheid in de wijk, waarbij handhavers niet alleen controleren, maar ook aanspreekpunt zijn voor bewoners en bijdragen aan bewustwording.