CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

03. Beleidsplan Openbare Verlichting 2025-2029

Raadscommissie 9 januari 2025, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Beleidsplan openbare verlichting 2025-202910.319 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

Beleidsplan Openbare Verlichting 2025-2029

Inhoud Inleiding5 Leeswijzer en samenvatting

7

1.

Waarom verlichting 1.1 De waarde van openbare verlichting 1.2 Schaduwkanten van kunstlicht 1.3 Motto: Donker waar het kan en licht waar het moet

11 11 12 12

2.

Maatschappelijke ontwikkelingen en ambities 2.1 Lichthinder en lichtvervuiling 2.2 Energie en klimaat 2.3 Circulariteit 2.4 Sociale duurzaamheid en participatie 2.5 De ambities van Midden-Groningen

15 15 17 17 20 21

3.

Technische ontwikkelingen en keuzes 3.1 Armaturen en masten 3.2 Reflectie en markering 3.3 Led en lichtkleur 3.4 Dimmen  3.5 Slimme verlichting 3.6 Smart City en andere innovaties 3.7 Verlichtingssterkte, gelijkmatigheid en richtlijnen 3.8 De installatie(verantwoordelijkheid)  3.9 De technische keuzes van Midden-Groningen

25 25 27 28 29 30 31 31 33 34

4.

Streefbeeld en keuzes per wegtype 4.1 Binnen de bebouwde kom 4.2 Buiten de bebouwde kom

37 37 42

5.

Areaal, financiën, onderhoud en vervanging 5.1 Terugblik vorige beleidsperiode en het huidige areaal 5.2 Financiën: energie, onderhoud en vervanging

47 47 48

6.

Conclusie en perspectief 

57

Beleidsplan Openbare Verlichting 2025-2029

Opdrachtgever Gemeente Midden-Groningen Portefeuillehouder Markus Ploeger Fotografie De nachtfoto’s zijn gemaakt door A. van der Meulen i.o.v. gemeente Midden-Groningen, tenzij dit anders is aangegeven Versie 20 november 2024

2

3

Inleiding Voor u ligt het ‘Beleidsplan openbare verlichting 2025 t/m 2029’ van de gemeente MiddenGroningen. Hierin bespreken we, net als in het voorgaande beleidsplan (2021-2025), de belangrijkste keuzes binnen de openbare verlichting. Echter, de invalshoek in dit nieuwe beleidsplan is wezenlijk anders. Bij openbare verlichting stond lange tijd de techniek centraal. De laatste jaren is dit aan het verschuiven en wordt steeds duidelijker hoe openbare verlichting verbonden is met diverse maatschappelijke thema’s. Het gaat daarbij om energiebesparing, circulariteit en de beleving van de leefomgeving door inwoners, maar ook om het voorkomen van lichthinder en lichtvervuiling en het behoud van natuurlijke donkerte. In dit beleidsplan gaan we dieper in op de maatschappelijke context van openbare verlichting en de ambities van onze gemeente die hiermee samenhangen. Ook laten we zien welke technische ontwikkelingen er zijn en hoe deze kunnen helpen bij het realiseren van onze ambities. We kiezen daarbij voor een integrale aanpak. Om die reden zijn diverse collega’s geraadpleegd bij het schrijven van dit beleidsplan, onder andere van verkeer, wegen, duurzaamheid, ecologie en stedenbouw. Openbare verlichting is een wezenlijk onderdeel van onze openbare ruimte. Het bepaalt mede hoe inwoners en weggebruikers de leefomgeving in de avond en nacht ervaren.

Om dit aspect zichtbaar te maken, is dit beleidsplan voorzien van foto’s. De meeste zijn gemaakt in onze eigen gemeente.

Gemeente Midden-Groningen is eigenaar van de armaturen en masten. Netbeheerder Enexis gaat over de kabels, leidingen schakeltijden en (lichtmast)kastjes.

5

Leeswijzer en samenvatting 1. Waarom openbare verlichting

Openbare verlichting levert een bijdrage aan verkeersveiligheid, rijcomfort, sociale veiligheid, sfeer en herkenbaarheid. Er zijn echter ook schaduwkanten: kunstlicht kan lichthinder veroorzaken, verstoort fauna, flora en het donkere landschap, en het kost energie, materialen, menskracht en geld. Midden-Groningen maakt daarom bewuste keuzes als het gaat om openbare verlichting en heeft als motto ‘Donker waar het kan en licht waar het moet.’ In hoofdstuk 1 leest u over: de waarde van openbare verlichting, de schaduwkanten en het motto

2. Maatschappelijke ontwikkelingen en ambities

De laatste jaren komt er steeds meer aandacht voor lichtvervuiling en biodiversiteit, energie, klimaat, circulariteit en sociale duurzaamheid, ook in relatie tot openbare verlichting. Voor Midden-Groningen zijn dit belangrijke thema’s. Zij is een SDG-gemeente, is aangesloten bij het Manifest MVOI en heeft haar ambities vastgelegd in onder andere de Omgevingsvisie en het Inkoopbeleid. In hoofdstuk 2 leest u over: de maatschappelijke ontwikkelingen in relatie tot OVL en de ambities van Midden-Groningen

3. Technische ontwikkelingen en keuzes

Techniek speelt bij openbare verlichting een belangrijke rol. Het gaat dan onder andere om masten en armaturen, reflectie en markering, led en lichtkleur, dimmen, slimme verlichting en Smart City. Maar ook om richtlijnen, verlichtingssterkte, gelijkmatigheid en de technische installatie. De juiste keuzes inzake techniek, dragen bij aan de realisatie van de ambities van de gemeente Midden-Groningen. In hoofdstuk 3 leest u over: de genoemde technische begrippen en ontwikkelingen en de concrete keuzes van de gemeente Midden-Groningen

6

7

4. Streefbeeld en keuzes per wegtype De gemeente Midden-Groningen verlicht alleen waar en wanneer dat nodig is en gebruikt energiezuinige ledverlichting. In het algemeen kiest zij voor de toepassing van warm-wit licht, dimmen en een verlichtingssterkte van 70% van de landelijke richtlijn (NPR). Openbare verlichting vraagt, naast algemene beleidskeuzes, ook maatwerk. Welke verlichting het meest passend is, hangt onder andere af van het type weg. Voor bijvoorbeeld doorgaande wegen worden andere keuzes gemaakt dan voor fietspaden of parkeerterreinen. In hoofdstuk 4 leest u over: de keuzes per weg- en/of gebiedstype, binnen en buiten de bebouwde kom 5. Areaal, financiën, onderhoud en vervanging De afgelopen jaren heeft Midden-Groningen extra geïnvesteerd in haar openbare verlichting. Hierdoor zijn achterstanden weggewerkt en is het areaal nu op orde. Dit maakt dat het benodigde budget voor deze beleidsperiode lager is dan dat van de voorgaande periode. In hoofdstuk 5 leest u over: het wegwerken van achterstanden en de begroting voor de periode 2025-2029 6. Conclusie en perspectief

8

9

1. Waarom openbare verlichting? Openbare verlichting heeft meerdere functies binnen de openbare ruimte. Het gebruik van kunstlicht heeft echter ook nadelen. Het is daarom belangrijk bewuste keuzes te maken: waar en wanneer verlichten we, en op welke plekken en tijden mag het donker zijn?

1.1 De waarde van openbare verlichting Openbare verlichting kan bijdragen aan verkeersveiligheid, aan (het gevoel van) sociale veiligheid en aan sfeer, leefbaarheid en herkenbaarheid.

Verkeersveiligheid en rijcomfort

De aanwezigheid van openbare verlichting in de avond en nacht draagt bij aan het rijcomfort en aan beter zicht: op de weg, het wegverloop, andere weggebruikers en eventuele obstakels. We kunnen verkeersituaties hierdoor sneller en beter inschatten. Dit is extra belangrijk op wegvakken waar zowel automobilisten als voetgangers en fietsers gebruik van maken.

Sociale veiligheid

Naast verkeersveiligheid speelt ook sociale veiligheid een rol: mensen voelen zich vaak veiliger als er licht is. Of het ook daadwerkelijk veiliger is, hangt af van de aanwezigheid van anderen. Zijn er mensen die in geval van nood te hulp kunnen schieten? Daarom draagt openbare verlichting vooral binnen de bebouwde kom bij aan sociale veiligheid. Het maakt dan dat er meer zicht en daardoor ook meer toezicht en overzicht is. In het buitengebied, waar weinig sociale controle is, kan openbare verlichting leiden tot schijnveiligheid. Dit betekent dat mensen zich veiliger wanen doordat er verlichting brandt, maar het in feite niet zijn. Er is niemand die kan helpen als dat nodig is. De verlichting kan er zelfs voor zorgen dat een mogelijk slachtoffer juist extra goed zichtbaar voor een eventuele dader. Licht zorgt dus niet automatisch voor meer veiligheid. Afbeelding: verlichting van de monumentale brug in Slochteren

10

Sfeer, beleving en herkenbaarheid

Een derde reden om licht te plaatsen is het vergroten van de sfeer, beleving en herkenbaarheid. Het mooi verlichten van een dorpskern of winkelgebied maakt het aangenamer om er te zijn en ondersteunt de economische functies. Het aanlichten van een opvallend bouwwerk, zoals een brug, maakt dat inwoners en ook bezoekers weten waar ze zijn en geeft een gevoel van vertrouwdheid en herkenning.

11

1.2 Schaduwkanten van kunstlicht De wereld veranderde ingrijpend door de uitvinding van elektriciteit, ook als het gaat om verlichting. Het werd veel eenvoudiger om het licht te laten branden. Daardoor is het mogelijk om ook in de avond en nacht actief te zijn. Het gevolg van al deze verlichting is dat op veel plaatsen de donkerte uit de nacht verdween. De afgelopen decennia werden de schaduwkanten van kunstlicht steeds meer duidelijk. Het gaat daarbij met name om: lichthinder voor mensen verstoring van fauna en flora verstoring van het natuurlijke, donkere landschap verminderde zichtbaarheid van de sterrenhemel verbruik van energie verbruik van materialen kosten van arbeid en materialen Daar komt nog bij dat meer licht niet automatisch meer veiligheid betekent. Ook overdag gebeuren ongelukken en worden delicten gepleegd. Openbare verlichting is van belang, maar niet allesbepalend. Ook zaken als deugdelijk onderhoud van de wegen, goed wegontwerp en sociale controle spelen een belangrijke rol.

1.3 Motto: Donker waar het kan en licht waar het moet Veiligheid is belangrijk, maar daarvoor hoeft niet overal en altijd openbare verlichting te branden. Zeker in onze groene, landelijke gemeente is op sommige plekken en momenten de natuurlijke donkerte passender. Het motto van de gemeente Midden-Groningen is daarom: Donker waar het kan en licht waar het moet. Per situatie bekijken we of openbare verlichting wenselijk en noodzakelijk is. En zo ja, of deze dan de hele nacht moet branden of dat de verlichting vanaf een bepaald tijdstip gedimd of uitgeschakeld kan worden. Met name parken, trapveldjes en buiten de kom verlichten we in principe niet. Ook zijn we tegenhoudend met het aanlichten van monumenten en kunstwerken. Het streven van de gemeente is het motto te laten gelden voor alle lichtbronnen in de openbare ruimte. Als eigenaar van de openbare verlichting, willen we hierbij het goede voorbeeld geven.

12

13

2. Maatschappelijke ontwikkelingen en ambities Bij openbare verlichting speelt techniek van oudsher een grote rol. De laatste jaren is er echter steeds meer aandacht voor de maatschappelijke ontwikkelingen die raken aan openbare verlichting. Deze hebben direct invloed op de keuzes die de gemeente maakt. In dit hoofdstuk gaat we daar dieper op in. Achtereenvolgens komen aan bod: Lichthinder en lichtvervuiling Energie en klimaat Circulariteit Sociale duurzaamheid en participatie De laatste paragraaf van dit hoofdstuk gaat over de ambities en doelen van de gemeente Midden-Groningen wat betreft deze maatschappelijke thema’s. Daarbij komen onder andere de Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties aan de orde en het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI).

2.1 Lichthinder en lichtvervuiling Er zijn allerlei lichtbronnen in de openbare ruimte die lichthinder en -vervuiling kunnen veroorzaken. Openbare verlichting is daar één van. Door bewust te verlichten (of bewust niet te verlichten), worden de nadelige effecten beperkt én geeft de gemeente het goede voorbeeld aan overige lichtbroneigenaren. De laatste jaren is er, nationaal en internationaal, steeds meer aandacht voor dit thema. Daarbij spelen verschillende aspecten een rol.

Lichthinder bij mensen

Mensen kunnen hinder ondervinden door (openbare) verlichting. Denk hierbij aan weggebruikers die erdoor verblind raken of omwonenden die last hebben van licht dat hun huis binnen schijnt. Door de komst van ledverlichting, die vaak als feller wordt ervaren, is het onderwerp nog meer in de belangstelling komen te staan. Ook is er steeds meer aandacht voor de impact van (met name blauw) kunstlicht op onze gezondheid vanwege verstoring van ons bioritme.

Verstoring van fauna en flora

De laatste jaren is uitgebreid onderzoek gedaan naar de effecten van kunstlicht op dieren en planten. Het blijkt dat veel nacht-actieve dieren direct en sterk reageren: afschrikking door kunstlicht leidt tot verlies van leefgebied, aantrekking tot licht juist tot uitputting en sterfte. Ook bij dag-actieve dieren zijn er negatieve effecten, zoals de verstoring van het dag- en nachtritme

14

15

en het seizoensritme. Ook kunnen problemen ontstaan met de voortplanting. Er zijn schadelijke effecten waargenomen bij vleermuizen, maar ook bij andere zoogdieren, vogels, amfibieën, insecten en planten. Hierdoor vormt kunstlicht een bedreiging voor de biodiversiteit. Natuurwaarden spelen een grote rol bij Natura2000-gebieden zoals het Zuidlaardermeer, overige natuurgebieden zoals ‘t Roegwold en andere delen van het buitengebied. Maar ook bij dorpsranden, parken en het Historische Lint, dat door de oude lanen extra aantrekkelijk is voor vleermuizen.

2.2 Energie en klimaat Het laten branden van openbare verlichting kost veel energie. Meerdere actuele thema’s komen hierin samen: energieverbruik leidt tot CO2-uitstoot, het terugdringen hiervan is in diverse nationale en internationale afspraken vastgelegd; olie en gas raken op den duur uitgeput en de marktprijs loopt op; de winning van deze fossiele brandstoffen brengt op diverse plekken schade toe aan de leefomgeving en het milieu; de behoefte en noodzaak groeit om minder afhankelijk te zijn van buitenlandse energietoevoer. Op dit moment zijn we landelijk volop bezig met de energietransitie: fossiele bronnen vervangen door hernieuwbare bronnen zoals zon en wind. Voor onze gemeente, waarin de schadelijke effecten van de gaswinning nog dagelijks een grote impact hebben, is dit onderwerp extra belangrijk.

O.a. de kerkuil (links), nachtzwaluw (midden) en steenuil (rechts) zijn gevoelig voor licht. Foto’s: website Vogelbescherming.

Er is wereldwijd vooralsnog een tekort aan duurzaam opgewekt energie. Daarom is het noodzakelijk om ons tegelijkertijd te richten op het beperken van ons energieverbruik, ook bij openbare verlichting. Dit doet we onder andere door alleen te verlichten waar het echt nodig is en in die gevallen te kiezen voor energiezuinige ledverlichting, een lage verlichtingssterkte en dimmen in de late avond en nacht.

2.3 Circulariteit

Dit geldt ook voor zoogdieren zoals boommarter (links), dwergmuis (midden) en egel (rechts). Foto’s: website Zoogdiervereniging

Verstoring donkere landschap en zichtbaarheid sterrenhemel

Zeker in een open landschap zijn felle lichtbronnen tot op grote afstand zichtbaar. Ze verstoren het van nature donkere landschap. Als er veel kunstlicht is, zijn er ook minder sterren zichtbaar. Als het echt donker is, dus met weinig lichtbronnen in de buurt, kun je circa 2000 sterren zien en ook de Melkweg. In Nederland is dat een bijzonderheid geworden. In de grote steden zijn ook op een nacht zonder wolken, vaak minder dan 50 sterren zichtbaar.

16

Lange tijd was energiebesparing hét thema als het ging om duurzaamheid. De laatste jaren is daar circulariteit bijgekomen. Het gebruik van grondstoffen is in vijftig jaar explosief gestegen. Dit komt door de groeiende welvaart en het ontstaan van een ‘wegwerpeconomie’, maar ook door de snelle toename van de wereldbevolking en de langere levensverwachting. Natuurlijke bronnen van grondstoffen raken hierdoor op termijn uitgeput. Dit maakt het noodzakelijk om over te schakelen naar een circulaire economie: een economie zonder afval. Het gebruik van grondstoffen wordt beperkt, producten blijven zo lang als mogelijk in gebruik en materialen worden steeds opnieuw gebruikt als grondstof.

17

In het schema hieronder staan enkele manieren om op eenvoudige wijze invulling te geven aan circulariteit binnen de openbare verlichting. De meeste van deze strategieën worden al toegepast in onze gemeente.

R1

Er zijn meerdere manieren om vorm en inhoud aan te geven aan circulariteit. De zogenaamde R-ladder biedt daarbij houvast en geeft zes strategieën, van R1 tot en met R6. Hoe hoger de strategie op de ladder staat, des te groter is het effect. Zo leidt het afzien van producten (R1) tot een grotere bijdrage aan circulariteit dan energiewinning bij het verbranden van materialen (R6). In het eerste geval gebruik je immers helemaal geen grondstoffen, in het laatste geval is er weliswaar energie gewonnen, maar zijn de grondstoffen definitief verloren gegaan.

R-strategie

Praktische uitvoering

Refuse en rethink = weigeren, anders denken

‘Niet verlichten, tenzij’, kiezen voor markering en reflectie waar mogelijk. Minder verlichting plaatsen of kiezen voor producten met minder materiaalgebruik.

R2

Reduce = verminderen, reduceren

R3

Re use = hergebruiken

Masten en armaturen elders hergebruiken als ze nog goed zijn i.p.v. weggooien.

R4

Repair, refurbish = repareren, opknappen

Masten en armaturen (laten) repareren, opknappen of upgraden i.p.v. weggooien, bijv. door toepassing van retrofit led

R5

Recycling = recyclen

Afgedankte producten (laten) afvoeren naar een CENELEC erkende verwerker zodat de materialen een nieuwe toepassing krijgen.

R6

Recover =

Energieterugwinning uit materialen, dit is eigenlijk niet echt circulair omdat de grondstof hierbij definitief verloren gaat.

Levensduur verlengen, bijv. door visuele inspecties en maaiveldbeschermers bij masten en het inkopen van armaturen die goed te repareren zijn.

De strategieën R1 tot en met R5 dragen allemaal bij aan meer circulariteit en zijn alle vijf noodzakelijk om de circulariteitsdoelen te behalen.

18

19

2.4 Sociale duurzaamheid en participatie

2.5 De ambities van Midden-Groningen

Sociale duurzaamheid is een veelzijdig begrip. Het gaat over zorg voor het welzijn van mensen in huidige en toekomstige generaties. Het thema openbare verlichting raakt op diverse manieren aan sociale duurzaamheid.

SDG en MVOI

SROI – Social Return On Investment

SROI omvat diverse afspraken over de inzet van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt. In 2015 is hier ondersteunende wetgeving aan toegevoegd: de Participatiewet. Midden-Groningen geeft invulling aan SROI bij het inkopen van producten en diensten. Dit heeft zij vastgelegd in haar Inkoop- en aanbestedingsbeleid (2024) en uitgewerkt in de ‘Leidraad Social Return voor inkopers’. Het doel van Social Return is om werkplaatsen en leerplekken te creëren en op die manier mensen te helpen, die zonder ondersteuning niet aan het werk komen.

VN Verdrag over Toegankelijkheid 2016

In 2008 trad het VN-verdrag in werking over rechten van personen met een handicap. In 2016 heeft Nederland het verdrag formeel bekrachtigd. Doel van het verdrag is om de positie van mensen met een beperking te verbeteren zodat zij volwaardig deel kunnen nemen aan onze samenleving. Dit kan alleen als diensten en goederen ook toegankelijk zijn voor mensen met een fysieke, psychische, intellectuele of zintuiglijke beperking en er dus ook rekening gehouden wordt met hún beleving. Voor openbare verlichting betekent dit onder andere dat het, met het oog op mensen met een visuele beperking, nog belangrijker is om te letten op: goede markering en contrastwerking het naar beneden richten van verlichting voldoende gelijkmatigheid en verlichtingssterkte de keuze voor warm wit licht, dat minder verblindt dan blauwer licht

Beleving van licht en participatie

Bij openbare verlichting richten we ons al snel op armaturen, technieken, lichtberekeningen en beheerkosten. Maar uiteindelijk heeft al dat werk maar één doel: zorgen dat de openbare ruimte veilig en prettig is voor de gebruikers. Het gaat uiteindelijk om de mensen. Die staan centraal, daar doe je het voor. Het is daarom van belang om in contact te staan met inwoners en weggebruikers. Om hen te informeren over ingrijpende aanpassingen en hen er eventueel bij te betrekken. Dat helpt om goede keuzes te maken, afgestemd op de wensen en behoeften van de gebruikers. En vergroot de betrokkenheid van mensen bij hun leefomgeving.

20

Klimaat, energie, circulariteit, biodiversiteit, SROI, toegankelijkheid en participatie zijn belangrijke thema’s voor ons. Daarom hebben we ervoor gekozen een SDG-gemeente te worden en ons aan te sluiten bij het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen (MVOI). Als SDG-gemeente hebben we de 17 Sustainable Development Goals van de Verenigde Naties omarmd en streven we deze doelen lokaal na. Het Manifest MVOI heeft 6 belangrijke thema’s. Bij openbare verlichting worden al deze thema’s overwogen. Thema 1, 2, 3 en 6 van het Manifest raken het sterkst aan openbare verlichting en zijn in voorgaande paragrafen toegelicht. Het gaat hierbij om Milieu, Klimaat, Circulair en Social Return. De afbeelding op de laatste pagina van dit hoofdstuk laat zien hoe de 17 duurzame ontwikkelingsdoelen samenhangen met de 6 thema’s van het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen.

Beleid en Omgevingsvisie

Wat betreft energie en klimaat is in de Duurzaamheidsvisie vastgelegd dat we onder andere inzetten op: 55% reductie CO2-uitstoot in 2030 (ten opzichte van 1990) 1,5% energiebesparing per jaar efficiënter gebruik van fossiele bronnen het vergroten van de duurzame energieproductie (we streven naar 25% duurzame energie geproduceerd binnen onze gemeente in 2030) Wat betreft circulariteit onderschrijven we de doelstelling van de rijksoverheid: 100% circulariteit in 2050, met als tussendoel 50% minder primaire grondstoffen in 2030. We zetten de strategieën van de R-ladder in om deze doelen te behalen. In het Inkoop- en aanbestedingsbeleid 2024 is vastgelegd dat we bij het formuleren van opdrachten en uitzetten van inkooptrajecten optimaliseren op positieve effecten voor duurzaamheid, circulariteit, milieu, enzovoort. In de Omgevingsvisie Midden-Groningen (2023) wordt de doelstelling van 55% reductie CO2uitstoot in 2030 herhaald en is versterking van de biodiversiteit één van de speerpunten. Ook het behoud van donkerte wordt in de Omgevingsvisie expliciet genoemd.

21

Integrale aanpak om ambities te realiseren

Als gemeente willen we zorgen voor een prettige, veilige leefomgeving. Openbare verlichting maakt hier deel van uit. Dit kost energie, materialen en geld. Tegelijkertijd hebben we als gemeente maatschappelijke ambities, onder andere op het gebied van energiebesparing, circulariteit en biodiversiteit. Een integrale aanpak maakt dat we betere oplossingen kunnen bedenken en brengt de realisatie van onze ambities dichterbij. Door bijvoorbeeld in een vroeg stadium met elkaar in gesprek te gaan over wegontwerp en het toepassen van markering en reflectie, wordt het mogelijk om minder (of zelfs geen) verlichting te plaatsen. Door samen te werken met ecologen, kan optimaal rekening worden gehouden met kwetsbare diersoorten en gezocht worden naar oplossingen die de biodiversiteit niet verder aantasten en zelfs versterken. Zo zijn er nog veel meer dwarsverbanden, onder andere met mobiliteit, verkeer en duurzaamheid. Bij ruimtelijke ontwikkelingen is het daarom van belang om al in de planfase openbare verlichting mee te nemen. Door de sterke koppeling van openbare verlichting met belangrijke maatschappelijke thema’s is integraal werken noodzakelijk om gemeentelijke doelen te kunnen realiseren. In het volgend hoofdstuk duiken we in de wereld van de techniek. En laten we zien hoe deze ons helpt bij de realisatie van onze ambities.

Deze afbeelding is afkomstig uit het Manifest Maatschappelijk Verantwoord Opdrachtgeven en Inkopen, 2022.

22

23

3. Technische begrippen en ontwikkelingen Bij openbare verlichting speelt techniek van oudsher een grote rol. De laatste jaren is er echter steeds meer aandacht voor de maatschappelijke ontwikkelingen die raken aan openbare verlichting. Deze hebben direct invloed op de keuzes die de gemeente maakt. In dit hoofdstuk gaat we daar dieper op in. Achtereenvolgens komen aan bod: Lichthinder en lichtvervuiling Energie en klimaat Circulariteit Sociale duurzaamheid en participatie In elke paragraaf wordt de techniek beschreven en ook hoe welke keuzes onze gemeente hierbij maakt. De laatste paragraaf van dit hoofdstuk bevat een overzicht van alle keuzes.

3.1 Armaturen en masten In Midden-Groningen zijn circa 16.500 lichtpunten openbare verlichting. De belangrijkste onderdelen van openbare verlichting zijn armaturen en masten, hiervan is de gemeente eigenaar. Daarnaast zijn er kabels, leidingen en kasten nodig om het licht te laten branden. Netbeheerder Enexis is hiervan eigenaar.

Armaturen

Er zijn veel verschillende soorten armaturen. Het aanbod en de diversiteit is groot. Er zijn daarbij twee hoofdtypen: kegelarmaturen (ook wel rondstralers of paaltoppers genoemd) en kofferarmaturen.

Links: standaard kegelarmatuur in Midden-Groningen op 4 meter mast Rechts: standaard kofferarmatuur in MiddenGroningen op 6 meter mast Foto: Adri van der Veen

24

25

Kegelarmaturen geven vaak meer sfeer omdat ze ook de omgeving aanstralen, zoals gevels. Ze worden daarom vaak gebruikt in centrumgebieden en woonwijken. Door de vormgeving kunnen deze armaturen ook overdag een kwaliteit toevoegen aan het straatbeeld. Nadeel is dat ze lichthinder kunnen geven en het licht van grotere afstand zichtbaar is, zeker als ze aan de rand van het open landschap staan. Door moderne technieken kunnen we beter inregelen waarheen het licht straalt (asymmetrische lichtverdeling). Hierdoor wordt lichthinder richting woningen beperkt. Kegelarmaturen worden vaak geplaatst op een mast van 4 meter. Kofferarmaturen worden soms minder sfeervol gevonden vanwege hun meer functionele uiterlijk en omdat vooral de rijbaan wordt verlicht. Voordeel is dat er minder lichtvervuiling en lichthinder optreedt. Kofferarmaturen worden vaak geplaatst op een mast van 6 meter of langer. De laatste jaren worden armaturen steeds vaker modulair ontworpen. Belangrijke onderdelen, zoals driver en ledmodule, kunnen dan makkelijk worden vervangen als ze stuk zijn. De nieuwe generatie armaturen is daardoor makkelijker te repareren. Dit verlengt de levensduur en past bij onze aanpak en ambities op het gebied van circulariteit. In Midden-Groningen kiezen we in het algemeen voor sobere, robuuste armaturen. Dat draagt bij aan een rustig straatbeeld.

Alleen in het centrum of op bijzondere locaties, plaatsen we armaturen en masten met speciale vormgeving en/of kleur. Deze accenten vallen extra op, juist omdat de rest uniform is.

3.2 Reflectie en markering Markeringstechnieken en reflectiematerialen kunnen de verkeersveiligheid vergroten. Ze maken het verloop van de weg zichtbaar en attenderen weggebruikers op een scherpe bocht, kruising of oversteekplaats. In het buitengebied kiezen gemeenten maar ook provincies vaak voor markering en reflectie in plaats van openbare verlichting. Ook binnen de bebouwde kom dragen markering en reflectie bij aan veiliger en comfortabeler weggebruik. Ook maken ze het mogelijk om een lagere verlichtingssterkte te kiezen. Door innovaties in het verleden is de reflectie steeds beter geworden. Er zijn veel varianten beschikbaar zoals reflectorpaaltjes, schrikhekken en verf met glasparels voor een verhoogde reflectie van de witte lijnen of pijlen op het wegdek. Men kan ook kiezen voor een lichter wegdek. Daardoor is met de koplamp van voertuigen meer van de omgeving te zien. Binnen de bebouwde kom wordt er steeds meer gewerkt met kleurcontrasten bijvoorbeeld tussen een stoep en de rijbaan. In Midden-Groningen zetten we in op het optimaal benutten van markerings-technieken en reflectiematerialen. Zeker buiten de bebouwde kom, op plekken waar openbare verlichting niet gewenst is, maken we de weg op die manier zichtbaarder en veiliger. Het gebruik van een lichter wegdek heeft nog een extra voordeel, een lichter wegdek geeft namelijk minder hittestress dan een donker wegdek.

Masten

De meeste lichtmasten in Nederland zijn gemaakt van staal of aluminium. Daarnaast zijn er lichtmasten van gietijzer, hout en kunststof. In Midden-Groningen kiezen we standaard voor stalen, gegalvaniseerde masten. Sinds 2023 worden nieuwe masten voorzien van een maaiveld-beschermer, dit is een levensduurverlengende investering wat past in onze circulariteitsdoelen. In bepaalde straten, met name in centrumgebieden, kiezen we vanwege de beeldkwaliteit voor stalen masten met een gekleurde coating met bijpassend armatuur met een bijzondere vormgeving.

Links: gekleurde mast met bijpassend sierlijk kegelarmatuur in Muntendam Recht: gekleurde, sierlijk gebogen mast met bijpassend armatuur in Noordbroek Foto: Adri van der Veen

26

Reflecterende stippen op het fietspad in Westerbroek maken dat de fietsers ook in het donker het wegverloop goed kunnen zien

Door het gebruik van een lichter wegdek en andere reflectiematerialen zijn de weg en het wegverloop goed zichtbaar (Tripscompagnie)

27

3.3 Led en lichtkleur Led

‘Led’ staat voor light-emitting diode. Deze techniek ontwikkelde zich de afgelopen jaren snel en heeft meerdere voordelen: het is energiezuinig langere levensduur dus minder onderhoud goed te dimmen en te richten In Midden-Groningen kiezen we, net als in de rest van Nederland, bij het plaatsen van nieuwe verlichting voor ledverlichting. Dat is een belangrijke manier om energie te besparen. Begin 2025 is ruim 70% van ons areaal voorzien van led. Een aandachtspunt bij het plaatsen van deze verlichting, is dat het verblinding kan veroorzaken doordat het licht fel en wit kan zijn. Dit is te voorkomen door het licht goed te richten, afscherming, het kiezen van een ‘warmere’ kleurtemperatuur en te dimmen wanneer dat kan.

Kleurtemperatuur in kelvin

De kleurtemperatuur van licht wordt aangegeven in kelvin (K). Hoe lager de kelvinwaarde is, hoe warmer het licht oogt. Ledverlichting van 2700K, en in iets minder mate 3000K, ervaren we als warm wit. 4000K is koeler, blauwwit licht. Warm wit licht wordt minder snel als verblindend ervaren. Bovendien is het beter voor dieren: hoe lager de kleurtemperatuur, hoe minder blauw, hoe kleiner de verstoring. Ook is de lichtvervuiling dan minder groot: juist de component blauw dringt dieper door in de donkere hemel. In Midden-Groningen kiezen we bij nieuwe verlichting daarom in het algemeen voor 3000 kelvin binnen de kom en 2700 kelvin buiten de kom.

het sfeerbeeld en omdat andere kleuren niet meer zichtbaar zijn bij rood licht. Als er lichtgevoelige vleermuissoorten zijn (zoals langzaam vliegende grootoorvleermuizen en soorten van de Myotis familie) én verlichting echt nodig is, dan is rode verlichting een optie. Het kan echter ook zijn dat het gebruik van lagere masten en (eventueel deels afgeschermde) goed naar beneden gerichte armaturen met bescheiden warm-wit licht een betere oplossing is. Vanuit marktpartijen wordt amberkleurige verlichting aangeboden als zijnde vleermuisvriendelijk. Er is echter geen wetenschappelijk bewijs dat amberkleurige verlichting significant minder verstorend is voor vleermuizen dan warm-wit licht. Amberkleurige verlichting is wel voor veel andere dieren gunstig, omdat er geen of weinig blauw in zit.

3.4 Dimmen Als er bijna geen verkeer is, is er minder licht nodig. Door te dimmen kan men de hoeveelheid licht (‘verlichtingssterkte’) afstemmen op de hoeveelheid verkeer. Andere voordelen van dimmen zijn: minder energieverbruik minder lichthinder en lichtvervuiling langere levensduur van de leds lagere onderhoudskosten In de praktijk blijkt dat inwoners en weggebruikers geen bezwaar hebben tegen dimmen. Sterker nog: men merkt het meestal niet eens. In Midden-Groningen passen we standaard dimregime 3A toe: Dimregime 3A Aan - 22:00 uur

100%

22:00 - 0:00 uur

70%

0:00 - 05:00 uur

50%

5:00 - 06:00 uur

70%

6:00 uur - Uit

100%

Circa 28% energiebesparing*

Andere kleuren licht

Het is mogelijk om met led andere kleuren licht te maken, bijvoorbeeld groen, rood of amber. Het vergt specialistische kennis, van zowel fauna als van verlichting, om hierin een goede keuze te maken. Zo is groen licht alleen gunstig voor vogels boven zee die lange afstanden vliegen. Voor andere diersoorten kan groen licht juist verstorend werken. Vleermuizen worden minder verstoord door rood licht (golflengten meer dan 600 nm), omdat ze deze verlichting niet goed zien. Veel mensen ervaren rode verlichting als onaangenaam, vanwege

28

In de beleidsperiode 2025-2029 onderzoeken we of het mogelijk is om op bepaalde locaties een strikter dimregime toe te passen, bijvoorbeeld dimregime 4A. Hierbij wordt de verlichting om 20.00 uur al teruggeschakeld van 100 naar 70%, en via 50% midden in de nacht, pas om 6.30 uur opgeschaald van 70 naar 100%. De energiebesparing hierbij is circa 34%*. Noot: de data inzake energiebesparing zijn overgenomen van Lightronics.

29

3.5 Slimme verlichting Door innovaties en ICT is steeds meer mogelijk. Zo is het de laatste jaren gangbaarder om op armaturen een ‘puck’ te plaatsen, waardoor extra opties kunnen worden toegevoegd: het armatuur geeft automatisch een melding bij een defect of storing het armatuur is van een afstand aanstuurbaar (o.a. dimregime aanpassen of meer licht bij een calamiteit) de verlichtingssterkte is gekoppeld aan bewegingsdetectie In Midden-Groningen hebben we de afgelopen jaren volop ervaring opgedaan met deze slimme verlichting. Anno 2024 zijn circa 3000 armaturen voorzien van een puck, waardoor ze vanaf een afstand instelbaar zijn en zelf storingen en schades melden. In één straat, Borgercompagnie, is dynamische verlichting geplaatst. Hier wordt de verlichting opgeschaald (van 30% naar 80%) zodra er een weggebruiker passeert die langzamer rijdt dan 30 km per uur.

In Midden-Groningen onderzoeken we de komende beleidsperiode waar dynamische verlichting de extra investering waard is in het kader van de onze ambitie om energie te besparen, de natuurlijke donkerte meer ruimte te geven en het licht alleen te laten branden wanneer dit echt nodig is. Ook gaan we onderzoeken of er oplossingen zijn waardoor we de energiebesparing van dynamische verlichting toch verrekend krijgen met het energiebedrijf.

3.6 Smart City en andere innovaties Naast ‘slimme verlichting’ is er ook ‘Smart City’. Dit omvat veel meer dan alleen verlichting. Denk hierbij aan het koppelen van sensoren aan de lichtmast voor bijvoorbeeld milieumetingen (luchtkwaliteit, geluid), het signaleren of een omleiding nodig is om file te voorkomen of het signaleren of een parkeerruimte of vuilnisbak vol is. Midden-Groningen volgt deze ontwikkelingen met belangstelling, maar past ze op dit moment niet toe omdat de extra investeringen nu nog niet opwegen tegen de voordelen.

Andere innovaties

Een recente ontwikkeling is het combineren van lichtmasten met oplaadpalen voor elektrische auto’s. Dit is niet eenvoudig, omdat voor het opladen van auto’s 24/7 stroom nodig is en dit bovendien veel meer elektriciteit vraagt dan openbare verlichting. Deze innovatie is dan ook nog volop in ontwikkeling.

Bij Borgercompagnie brandt dynamische verlichting Foto: Adri van der Veen Een puck op een armatuur biedt extra mogelijkheden, maar brengt ook extra kosten voor aanschaf en beheer met zich mee. In Midden-Groningen maken we daarom een bewuste keuze en plaatsen we vanaf 2024 alleen nog armaturen met pucks waar dit van belang is voor het melden van een defect of storing. Het gaat dan met name om gebieden waar weinig of geen mensen wonen, zoals industrieterreinen en het buitengebied. In woonwijken, waar defecten en storingen goed gemeld worden door inwoners, is het niet zinvol om elk armatuur van een puck te voorzien. Om zicht te hebben op de omvang van netwerkstoringen (ofwel: werkt het energienetwerk voor openbare verlichting in één straat niet of is er storing in een groter gebied), is het wel aan te bevelen om in woonwijken bijvoorbeeld één op de vijf armaturen van een puck te voorzien. Wat betreft dynamisch verlichten en dimmen, waarbij de verlichting reageert op de aanwezigheid van verkeer, doet zich een specifiek probleem voor. Omdat Midden-Groningen een onbemeterd net heeft, is het niet mogelijk om het feitelijke, lagere energieverbruik af te rekenen met de energieleverancier. Dynamisch dimmen levert hierdoor geen kostenbesparing op, terwijl het wel een extra investering vraagt.

30

Een uitvinding die al langer op de markt is, is een lichtmast met een eigen zonnecel en/of windmolentje. Dat heeft een hoog aaibaarheidsgehalte, maar helaas zijn er enkele praktische bezwaren. Een dergelijke lichtmast is over het algemeen duur, vraagt om extra onderhoud en is door de extra materialen niet duurzamer. Bovendien moet de techniek nog verder worden doorontwikkeld, zodat ook in de winter voldoende stroom wordt opgewekt en opgeslagen om de hele avond en nacht te verlichten. Het plaatsen van dergelijke masten kan een oplossing zijn voor locaties waar geen elektriciteitsnet is, zoals een afgelegen plek in het buitengebied. Het is dan niet nodig om voor één of enkele lichtmasten een nieuwe elektriciteitskabel aan te leggen.

3.7 Verlichtingssterkte, gelijkmatigheid en richtlijnen Richtlijnen

De Nederlandse Praktijkrichtlijn (NPR 13201+A1) wordt in heel Nederland gebruikt voor het maken van lichtplannen voor openbare verlichting. Er staan onder andere kwaliteitscriteria in voor verlichtingssterkte en gelijkmatigheid. Daarnaast is er de NSVV Richtlijn Tunnelverlichting (2023) beschikbaar. Een ander belangrijk document is de Richtlijn Lichthinder van de Nederlandse Stichting voor Verlichtingskunde (NSVV) uit 2020. Dit is hét landelijke standaardwerk als het gaat om het voorkomen van lichthinder. Het gaat niet alleen over openbare verlichting, maar ook over andere lichtbronnen, zoals sportverlichting, reclameverlichting en het aanlichten van gebouwen.

31

Zowel de NPR als de Richtlijnen van de NSVV zijn geen wetgeving. Het is mogelijk om er (gemotiveerd) van af te wijken.

3.8 De installatie(verantwoordelijkheid) Installatieverantwoordelijkheid NEN 1010 en NEN 3140

Bij openbare verlichting is installatieverantwoordelijkheid van groot belang. Het gaat immers om een elektrische installatie, daaraan zijn risico’s verbonden. Als er iets misgaat, is de gemeente Midden-Groningen aansprakelijk. De gemeente is verantwoordelijk voor de verlichtingsinstallatie van de secundaire aansluitklemmen van de zekeringskast tot en met het armatuur. Voor bestaande installaties geldt de NEN 3140, voor nieuwe installaties de NEN 1010. Deze verantwoordelijkheid kan de gemeente verleggen naar een externe beheerder. Deze draagt dan zorg voor de veilige bedrijfsvoering van de elektrische installaties openbare verlichting. Van de verdeelkast tot de zekering in de mast (ondergronds netwerk) is de netbeheerder installatieverantwoordelijk.

Masten die niet op gemeentelijke grond staan

Verlichtingssterkte

In de verlichtingswereld betekent verlichtingssterkte: de hoeveelheid licht die op een bepaald oppervlak schijnt. Verlichtingssterkte wordt gemeten in de eenheid lux. De adviezen in de NPR sluiten qua verlichtingssterkte vooral aan bij de gebouwde omgeving in stedelijke gebieden. Daar is men gewend aan meer licht op straat en zijn er veel andere lichtbronnen, waardoor de openbare verlichting sterk moet branden om goed zicht te bieden. In Midden-Groningen kiezen we voor verlichting die past bij ons landelijke karakter. Dit betekent dat wij er in het algemeen naar streven 70% van de verlichtingssterkte toe te passen ten opzichte van de NPR. Dit sluit aan bij onze ambities wat betreft energiebesparing en het voorkomen van lichtvervuiling. Alleen in centrumgebieden streven we (bij herinrichting) naar een verlichtingssterkte van 100% van de NPR.

Gelijkmatigheid

Bij openbare verlichting betekent gelijkmatigheid: een goede spreiding van het licht over het wegdek. Er zijn dan geen donkere vlekken tussen de lichtmasten in. Dit verhoogt het comfort en het gevoel van veiligheid en sfeer in centrum en woonwijken. Op doorgaande wegen draagt gelijkmatigheid bij aan verkeersveiligheid en rijcomfort. In Midden-Groningen streven we binnen de bebouwde kom naar gelijkmatigheid conform de NPR, mits dit mogelijk is bij de bestaande mastafstand. Buiten de bebouwde kom heeft openbare verlichting vaak de functie van oriëntatieverlichting. Hierbij staan de masten verder uit elkaar en wordt niet gestreefd naar gelijkmatigheid.

32

Sommige van onze lichtmasten staan op wegen of achterpaden die niet in eigendom zijn van de gemeente. Deze masten zijn vaak slecht bereikbaar, waardoor het uitvoeren van onderhoud of het vervangen van de mast erg moeilijk is en er een groot risico bestaat op schade aan (particuliere) eigendommen. De gemeente is installatieverantwoordelijk voor deze lichtmasten, maar deze verantwoordelijkheid kunnen we alleen dragen als masten goed toegankelijk zijn. Daarom worden deze masten te zijner tijd overgedragen of verwijderd.

Aansluiting op het elektriciteitsnet

Het elektriciteitsnet voor openbare verlichting is bedoeld voor verlichtingsinstallaties. Dit kan ook gaan om abri’s, het aanlichten van monumenten en eventuele lichtreclame aan masten onder contract van de gemeente. Vanuit beheer, installatieverantwoordelijkheid en netbeheerder Enexis geldt dat geen andere zaken dan gemeentelijke openbare verlichting aan het OVL-elektriciteitsnet worden gekoppeld. Dit gaat bijvoorbeeld om feestverlichting. Als er een storing is in het elektriciteitsnet, en de openbare verlichting hierdoor niet brandt, dan kunnen we dit niet zelf oplossen. We zijn afhankelijk van de netbeheerder. Om die reden is er regelmatig overleg met deze partij.

Nevenfuncties van masten

Soms is er behoefte om zaken aan de mast te hangen, zoals decoraties, bloembakken en (reclame) borden. Zo’n extra functie heeft invloed op de stabiliteit van de mast door het extra gewicht en windbelasting. De mast is berekend op het dragen van alleen het armatuur en eventueel verkeersborden en straatnaamborden. Vanuit beheer geldt daarom dat er geen extra zaken aan de mast mogen hangen, tenzij hier expliciet toestemming voor is gegeven.

Aansprakelijkheid (Burgerlijk Wetboek)

Per gebiedstype (en per wegvak) wordt zorgvuldig afgewogen of verlichting noodzakelijk is en zo ja, wat passende verlichting is. Dit beleidsplan geeft aan welke argumenten meespelen bij het maken van deze keuzes.

33

Bij de zorgplicht hoort niet alleen een bewuste keuze voor wat betreft nieuwe verlichting. Van evenveel belang is goed beheer en onderhoud door tijdige vervanging van lampen, armaturen en masten.

3.9 De technische keuzes van Midden-Groningen Technische ontwikkelingen maken dat er steeds meer mogelijk is. Ze kunnen helpen invulling te geven aan onze ambities op het gebied van duurzaamheid, het beschermen van de biodiversiteit en het voorkomen van lichtvervuiling.

Tegelijkertijd is het belangrijk dat ons areaal betaalbaar en goed te beheren is. Ook dit is van invloed op onze keuzes. Hieronder staat de samenvatting van de technische keuzes van onze gemeente die in dit hoofdstuk beschreven zijn.

34

35

4. Streefbeeld en keuzes per wegtype Het voorgaande hoofdstuk beschrijft de algemene technische keuzes van MiddenGroningen. Openbare verlichting verschilt echter per gebied en wegtype: in een dorpskern past andere verlichting dan op een bedrijven-terrein, en voor een recreatief fietspad maken we andere keuzes dan voor een doorgaande weg. In dit hoofdstuk gaan we hier dieper op in en noemen we de specifieke technische keuzes bij nieuwe aanleg, herinrichting en grootschalige vervanging van openbare verlichting. We maken daarbij onderscheid tussen wegen binnen en buiten de bebouwde kom. Achtereenvolgens komen aan bod: Binnen de kom: centrumgebieden woonwijken doorgaande wegen met fietsers op de rijbaan doorgaande wegen zonder fietsers op de rijbaan fiets- en wandelpaden parken bedrijventerreinen parkeerterreinen Buiten de kom: doorgaande wegen fietspaden wegen door natuurgebieden overige wegen (erfontsluitingswegen,) carpoolplaatsen en andere parkeerterreinen

Afbeelding: Woonwijk in Zuidbroek

4.1 Binnen de bebouwde kom Centrumgebieden

In een centrumgebied komen mensen niet alleen om zich van A naar B te verplaatsen, ze willen er ook verblijven. Dat maakt het extra belangrijk dat men zich hier prettig en veilig voelt, ook in de avond en nacht. Daarom plaatsen we hier openbare verlichting. We doen dit vanwege de verkeersveiligheid, maar ook om bij te dragen aan (het gevoel van) sociale veiligheid en de sfeer en de gezelligheid.

36

37

Keuzes: In hoofdstraten mag verlichting qua vormgeving en materialen bijzonder zijn: sierlijke armaturen en gekleurde masten in plaats van de standaard. Verlichtingssterkte volgens de NPR omdat dit verblijfsgebied is.

Doorgaande wegen met fietsers op de rijbaan

Op doorgaande wegen met fietsers op de rijbaan plaatsen we functionele verlichting. We letten hier extra op de verkeersveiligheid van de fietsers en ander langzaam verkeer. Keuzes: Kofferarmaturen, meestal op 6 meter mast

Verlichting in de centrumgebieden van Muntendam, Hoogezand en Noordbroek De middelste foto is gemaakt door A. van der Meulen, de andere twee door Adri van der Veen

Middenweg in Muntendam

Woonwijken

In woonwijken wordt, net als in centrumgebieden, altijd openbare verlichting geplaatst. Dit levert een bijdrage aan een prettige en veilige leefomgeving. De verlichting is bescheiden, gevels en tuinen worden in principe niet verlicht. Hinder door licht dat de woning inschijnt voorkomen we door het licht goed te richten of af te schermen. Keuzes: Kegelarmaturen, meestal op 4 meter mast In nieuwe situaties worden achterpaden en brandgangen niet verlicht door de gemeente. Bestaande verlichting wordt hier niet vernieuwd.

Nieuwbouwwijk Gorecht-West in Hoogezand

38

Doorgaande wegen zonder fietsers op de rijbaan

Als er geen fietsers op de rijbaan komen, omdat deze een eigen fietspad hebben, dan plaatsen we op de hoofdrijbaan alleen oriëntatieverlichting. We verlichten met name kruisingen en oversteekplaatsen. Het naastgelegen fietspad wordt afzonderlijk verlicht als het een hoofdfietsroute betreft. Recreatieve fietspaden verlichten we niet. Keuzes: Kofferarmaturen, op 6 of 8 meter mast Fietspad wordt afzonderlijk verlicht

Doorgaande weg met naastgelegen fietspad in Hoogezand. De armaturen zijn vervangen medio 2024 door vlakke kofferarmaturen die minder lichtvervuiling geven.

39

Fiets- en wandelpaden

Vrijliggende fiets- en voetpaden, die dus niet naast een weg liggen, verlichten we alleen als zij een doorgaande functie hebben en veel gebruikt worden. Het gaat daarbij om hoofdverbindingen, bijvoorbeeld naar scholen of sportlocaties. In de overige gevallen plaatsen we geen verlichting. Keuze indien er verlicht wordt: Kofferarmaturen, op 4 meter mast

Parkeerterreinen

Parkeerterreinen bij woonwijken, scholen, winkel- en uitgaansgebieden, etc verlichten we om ze zo comfortabel en veilig mogelijk te maken. Als ze in de avond of nacht (vrijwel) niet gebruikt worden, dan passen we een strenger dimregime toe. Parkeerterreinen die meer aan de rand liggen, minder gebruikt worden of nabij groene zones gelegen zijn, verlichten we bij voorkeur niet. Zo besparen we energie en voorkomen we onnodige lichtvervuiling. Keuzes: Kleine parkeerterreinen kegelarmaturen en 4 meter mast Grotere parkeerterreinen koffiearmaturen en 6 meter mast

Parkeerplaats in wijk De Vosholen, nabij een school. Deze verlichting is geplaatst op hoge masten en wordt gedimd in de nacht.

Onverlicht voetpad in Muntendam. Foto: Adri van der Veen

Parken, speelplekken, voettrapveldjes, basketbalveldjes en groenstroken

Deze locaties verlichten we in principe niet, om donkerte en natuur te beschermen en om schijnveiligheid te voorkomen. Waar mogelijk halen we verlichting weg. Alleen in uitzonderlijke gevallen kan ervoor gekozen worden een park wel te verlichten. We zoeken dan naar een passende oplossing, zoals zo min mogelijk lichtpunten, het uitschakelen van de verlichting om 22.00 of 23.00 uur, het gebruik van 2200 kelvin en het toepassen van een koffer- in plaats van kegelarmatuur. Keuze indien er verlicht wordt: Kofferarmaturen, op 4 meter mast

Een park verlicht met kegelarmaturen. Aan de linkerzijde is een verlichte straat te zien. Dit is in de avond en nacht een goede, veiligere route voor voetgangers. Geen verlichting of kofferarmaturen was in deze situatie beter geweest.

40

Bedrijventerreinen

De verlichting op bedrijventerreinen stemmen we af op de mate van bedrijvigheid in de avond en nacht. De verlichting schijnt het wegdek aan met een goede gelijkmatigheid. ’s Nachts dimmen we de verlichting. Bedrijven zorgen voor hun eigen terreinverlichting. Deze is bij voorkeur goed naar beneden gericht en wordt uitgeschakeld of gedimd zodra dit kan. Voor beveiliging is een camera en verlichting op aanwezigheidsdetectie vaak een goed alternatief. Keuzes: Kofferarmatuur op 6 of 8 meter mast Indien mogelijk dimmen tot 50% van vrijdagavond tot maandagochtend

Verlichting op bedrijventerrein in Zuidbroek (nog geen led)

41

4.2 Buiten de bebouwde kom Doorgaande wegen

Doorgaande wegen buiten de kom verlichten we in principe niet. We passen goed wegontwerp, markering en geleiding toe om de verkeersveiligheid en rijcomfort te ondersteunen. Kleurcontrasten en reflecterende materialen maken hier onderdeel van uit. Alleen waar dat echt noodzakelijk is in het kader van de verkeersveiligheid, plaatsen we (beperkt) verlichting. Denk hierbij aan gevaarlijke kruispunten, oversteekplaatsen of wegversmallingen die met markering onvoldoende zijn aan te geven. Keuzes indien er verlicht wordt: Kofferarmatuur op 6 meter mast Maximaal 2700 kelvin

Bovenweg, tussen Muntendam en Veendam. Het licht is goed naar beneden gericht, waardoor de omgeving donker blijft en de sterrenhemel zichtbaar is.

Wegen door natuurgebieden

Deze wegen verlichten we niet, tenzij dit vanwege de verkeersveiligheid echt noodzakelijk is. In dat geval passen we heel beperkt verlichting toe. Keuzes indien er verlicht wordt: Kofferarmatuur Maximaal 2700 kelvin, speciale lichtkleur indien gewenst vanwege fauna Sterk dimmen of uitschakelen in de nacht Alleen bij de wegversmalling en in de bocht staat verlichting (Tripscompagnie)

Slochtermeenteweg door natuurgebied ’t Roegwold, zonder openbare verlichting. De Omgevingsvisie benoemt het belang van nachtelijke duisternis in dit gebied. Foto: Adri van der Veen

Fietspaden

Buiten de kom verlichten we alleen veelgebruikte fietsroutes, die intensief gebruikt worden bijvoorbeeld voor woon-werkverkeer of om naar een sportaccommodatie te gaan. Door deze fietspaden te verlichten, willen we stimuleren dat mensen dezelfde route kiezen, waardoor de sociale veiligheid groter wordt. Recreatieve fietspaden verlichten we niet. Keuzes indien er verlicht wordt: Kofferarmatuur op 4 meter mast Maximaal 2700 kelvin Sterk dimmen in de nacht, als er (vrijwel) geen fietsers meer komen

Carpoolplaatsen en andere parkeerterreinen

We verlichten carpoolplaatsen buiten de kom, omdat we het belangrijk vinden dat mensen zich hier veilig voelen. We verlichten hier op een laag niveau, in de nacht dimmen we de verlichting extra ver terug bijvoorbeeld naar 30%. Overige parkeerterreinen, zoals die met een recreatieve functie, verlichten we niet. Keuzes: Kofferarmatuur, op 6 meter mast of hoger Verlichtingssterkte 30% van de NPR in de nacht Maximaal 2700 kelvin

42

43

Carpoolplaats bij Hoogezand

Erftoegangswegen, ruilverkavelingswegen en overige wegen

We verlichten deze wegen niet, omdat dit niet noodzakelijk is in het kader van de verkeersveiligheid. Er komt hier slechts zeer beperkt verkeer in de avond en in de nacht. Het behoud van de natuurlijke donkerte heeft hier de voorkeur.

Ruilverkavelingsweg Daaleweg nabij Muntendam. Hier is het ’s nachts nog donker. Foto: Adri van der Veen

44

45

5. Areaal, financiën, onderhoud en vervanging Het laten branden van de openbare verlichting in onze gemeente kost geld. De belangrijkste kostenposten daarbij zijn: energie, dagelijks onderhoud, groot onderhoud en vervangingsinvesteringen. De afgelopen jaren is er extra geïnvesteerd in het areaal om achterstanden weg te werken. In dit hoofdstuk leest u wat het effect is van deze investeringen en geven wij een overzicht van de begrote kosten voor de beleidsperiode 2025-2029.

5.1 Terugblik vorige beleidsperiode en het huidige areaal Alle openbare verlichting van Midden-Groningen is aangesloten op het elektriciteitsnet van netbeheerder Enexis. Het areaal van onze gemeente bevat dus geen eigen net. Wel zijn we eigenaar van de masten en armaturen. In 2017 is er een flinke achterstand geconstateerd wat betreft dit areaal: een deel van de materialen was oud en verkeerde in slechte staat. De afgelopen jaren is door de Raad extra geld beschikbaar gesteld om deze achterstand in te lopen en het areaal op orde te brengen. In deze paragraaf leest u over het effect van deze extra investering en over de huidige staat van het areaal.

Masten

Midden-Groningen is eigenaar van circa 16.390 lichtmasten. Er zijn meer dan 60 verschillende typen in gebruik, variërend in hoogte, vorm en materiaal. Aluminium masten hebben een economische levensduur van ongeveer 30 jaar. Hiervan hebben we er in onze gemeente minder dan 1000 stuks, deze zullen de komende periode grotendeels vervangen worden door stalen masten met een economische levensduur van 40 jaar. Op een areaal van 16.390 masten is een vervanging van gemiddeld 410 masten per jaar nodig om het areaal op orde te houden. Toen in 2017 bleek dat het mastenareaal sterk verouderd was en er een financiële impuls kwam om deze achterstand weg te werken, zijn extra vervangingswerkzaamheden gestart. Het resultaat hiervan is dat in de beleidsperiode 2025-2029 gemiddeld slechts 185 masten per jaar vervangen hoeven te worden. De achterstand is volledig weggewerkt.

Armaturen

Midden-Groningen is eigenaar van circa 16.500 armaturen (status januari 2025). Dit is meer dan het aantal masten, omdat sommige masten meerdere armaturen hebben. Verlichtingsarmaturen hebben een economische levensduur van circa 20 jaar. Dit betekent dat gemiddeld circa 825 armaturen per jaar vervangen moeten worden.

46

47

Ook wat betreft de armaturen zijn de achterstanden ingelopen. Het resultaat hiervan is dat in de beleidsperiode 2025-2029 gemiddeld 825 armaturen per jaar vervangen moeten worden, ofwel het gemiddeld te vervangen aantal armaturen. Bovendien bestaat begin 2025 ruim 70% van ons areaal uit energiezuinige ledverlichting. Aan het begin van de vorige beleidsperiode, in 2021, was dit slechts circa 22%. Ook in dit opzicht is het areaal van Midden-Groningen op orde. In de beleidsperiode 2025-2029 zullen de overige armaturen worden voorzien van een led-lichtbron.

5.2 Financiën: energie, onderhoud en vervanging De afgelopen beleidsperiode zijn achterstanden ingelopen, waardoor het openbare verlichtingsareaal van onze gemeente anno 2025 op orde is. Deze verbeterslag is terug te zien in de begroting voor de periode 2025-2029. Hoewel de prijzen van energie, materialen en arbeid fors zijn gestegen, daalt het benodigde budget voor beheer, regulier- en periodiekonderhoud. Om geen nieuwe achterstanden te laten ontstaan zijn nieuwe investeringen nodig. In combinatie met de stijgende energieprijzen zien we in 2027 en de jaren daarna een te kort ontstaan.

BESCHIKBAAR SALDO BEGROTING KOSTEN

€ 1.135.072

€ 1.160.532

€ 1.186.394

€ 1.213.054

BUDGET 2025

BUDGET 2026

BUDGET 2027

BUDGET 2028

BUDGET 2029

A

Energie

€

501.917

€

506.928

€

515.801

€

524.327

€

534.270

B

Beheer en regulier onderhoud

€

374.750

€

386.817

€

398.421

€

410.374

€

422.685

C

Periodiek onderhoud

€

15.100

€

15.586

€

16.054

€

16.535

€

17.031

D

Kapitaalslasten

€

230.577

€

267.142

€

287.792

€

308.147

€

326.844

TOTAAL per jaar

€ 1.122.345

€ 1.176.473

€ 1.218.069

€ 1.259.383

€ 1.300.830

OPBRENGSTEN

BUDGET 2025

BUDGET 2026

BUDGET 2027

BUDGET 2028

BUDGET 2029

E

Schadevergoedingen Nederlandse Organisatie voor Debiteurenbeheer

€

-51.000

€

-52.642

€

-54.221

€

-55.848

€

-57.524

TOTAAL per jaar

€

-51.000

€

-52.642

€

-54.221

€

-55.848

€

-57.524

SALDO

48

€ 1.088.325

BUDGET 2025

BUDGET 2026

BUDGET 2027

BUDGET 2028

BUDGET 2029

TOTAAL benodigd budget per jaar

€ 1.071.345

€ 1.123.831

€ 1.163.847

€ 1.203.535

€ 1.243.306

Voorjaarsnota 2025 en meerjarenbegroting

€

€

€

€

€

16.980

11.241

-3.315

-17.141

-30.252

49

A. Energie

B. Beheer en regulier onderhoud

A

KOSTENPOST

BUDGET

B

KOSTENPOST

BUDGET

1

Energieverbruik

€ 230.831

1

Beheer

€ 34.400

2

Energiebelasting

€ 72.252

2

Automatiseringskosten (gateways)

€

3

Netbeheer

€ 180.834

3

Advies en overige kosten

€ 93.000

4

Uitbestede nutsvoorzieningen

€ 18.000

4

Elektrische installaties en veiligheid

€ 10.000

TOTAAL per jaar

€ 501.917

5

Kleine werkopdrachten

€ 15.000

6

Nachtschouw

€

7

Incidentele uitval/ Oplossen storingen

€ 50.000

8

Schades

€ 68.000

9

Kwaliteitshandhaving

€ 60.000

10

Maatregelen donkertebeleid

€ 35.500

TOTAAL per jaar

€ 374.750

Toelichting energiekosten: A1 – Energieverbruik Het is onbekend hoe de energieprijzen zich gaan ontwikkelen, daarom hanteren we het tarief van 2024 per kWh. Door het gebruik van ledverlichting besparen we energie, maar in het algemeen hebben we ook te maken met areaaluitbreiding. Toch gaan we ervan uit dat het energieverbruik per saldo nog zal dalen in de komende jaren. Met een geschat energieverbruik in 2025 van 1.750.000 kWh verwachten we € 230.831,energiekosten uit te geven. A2 – Energiebelasting De rijksoverheid heft sinds 1996 energiebelasting. De kosten hiervan zijn de afgelopen jaren hard gestegen. Omdat de tarieven voor 2025-2029 nog niet bekend zijn, rekenen we met gemiddelden. Op basis van het verbruik van circa 1.750.000 kWh nemen we voor de energiebelasting € 72.252 in de begroting op. A3 – Netbeheer Midden-Groningen betaalt netbeheerder Enexis een vergoeding voor elke lichtmast die is aangesloten op het netwerk. Het tarief is de afgelopen jaren gestegen van € 6,53 naar € 10,92 per mast. Deze prijswijzigingen van Enexis zijn goedgekeurd door de Autoriteit Consumenten & Markt (ACM). We begroten deze post op € 180.834,-. Hierbij gaan we uit van 16.375 aansluitingen in 2025.

A4 – Uitbestede nutvoorzieningen We betalen jaarlijks € 18.000 aan Enexis voor het doorvoeren van aanpassingen waar MiddenGroningen belang bij heeft, bijvoorbeeld het aanpassen van schakeltijden of het verplaatsen van masten.

50

2.850

6.000

Toelichting beheer en dagelijks onderhoud: B1 – Beheer Voor goed en efficiënt beheer is administreren noodzakelijk: gegevens van toegepaste materialen en van storingen houden we bij in een managementsysteem specifiek voor verlichting. De kosten hiervoor zijn € 2,10 per lichtmast x 16.390 masten = € 34.400. B2 – Automatiseringskosten Bij slimme verlichting (zie §3.5) is het mogelijk vanaf een afstand het dimregime aan te passen of gegevens uit te lezen. In Midden-Groningen zijn acht gateways ofwel netwerkpunten geplaatst die dit mogelijk maken. Hiervoor betalen we € 1.350 abonnements- en € 1.500 onderhoudskosten. B3 – Advies en overige kosten Onze gemeente maakt, samen met 5 andere gemeenten en 2 provincies, deel uit van SOVL ofwel Samenwerking Openbare VerLichting (voorheen EGD-project). Voor advies en het beheerbestek betaalt de gemeente een bijdrage van € 84.400. Daarnaast zijn er kapitaallasten van oud Slochteren ad € 8.600. In totaal is dit € 93.000. B4 – Elektrische installaties en veiligheid De bedrijfsvoering van lichtmasten moet gebeuren conform de NEN3140. Dit vereist bepaalde procedures en inspecties. Op die manier voldoen we als gemeente aan de regels van de Arbeidsomstandighedenwetgeving en worden we beschermd tegen aansprakelijkheidstelling in het kader van het Burgerlijk Wetboek.

Voor de implementatie en uitvoering van procedures en inspecties, zoals beschreven in NEN3140, is een bedrag van € 10.000 per jaar nodig.

51

B5 en B6 – Kleine werkopdrachten en Nachtschouw Onder kleine werkopdrachten verstaan we zaken zoals het incidenteel verplaatsen, verwijderen of bijplaatsen van een lichtmast. De ervaring leert dat dit jaarlijks circa € 15.000 kost. De nachtschouw vindt 4x per jaar plaats en kost circa € 1.500 per keer. Hierbij wordt gecontroleerd of de verlichting goed werkt. B7 – Incidentele uitval/Oplossen storingen Een grote kostenpost bij het dagelijks onderhoud is het oplossen van storingen. Het gaat hierbij niet om netwerkstoringen (dat is de verantwoordelijkheid van de netbeheerder), maar om armaturen die niet meer goed werken. Bij ledverlichting komen storingen en uitval minder voor dan bij de conventionele lampen. Daarom is deze kostenpost gehalveerd ten opzichte van de vorige beleidsperiode. B8 – Schades In Midden-Groningen vinden gemiddeld 150 schadegevallen per jaar plaats met name veroorzaakt door aanrijdingen. In 75% van de gevallen wordt de schade vergoed wanneer de veroorzaker bekend is of wanneer het aantoonbaar door een motorvoertuig is veroorzaakt, door Waarborgfonds Motorverkeer. Het Waarborgfonds hanteert wel een eigenrisico van € 250,- per schade. In de overige gevallen komt de kosten voor rekening van de gemeente zelf. De kosten voor schadeherstel zijn geraamd op bedrag van € 68.000,- per jaar waarvan ongeveer 75% wordt vergoed.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14941863/1