CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

03 Aanbiedingsbrief RK Ouderenbeleid v25apr23

Raadsvergadering 8 juni 2023, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Rekenkameronderzoek ouderenbeleid1.375 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rekenkameronderzoek Ouderenbeleid Bevindingen, conclusie en aanbevelingen Aan: De leden van de gemeenteraad; De leden van het college van burgemeester en wethouders; De gemeentesecretaris; De griffier; van de gemeente Midden-Groningen.

Geachte heer/mevrouw, De Rekenkamer Midden-Groningen heeft een tussenevaluatie uitgevoerd naar de uitvoering van het Ouderenbeleid. Hierbij ontvangt u de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek.

Rekenkamer Midden-Groningen drs. M.G. Poorthuis MPM, voorzitter rekenkamer ir. M. Visser, lid rekenkamer M.J.R. Zwerver MBA, lid rekenkamer J.P. Stap MA MSc, ambtelijk secretaris Eindversie 25 april 2023

Inleiding en procesbeschrijving De rekenkamer Midden-Groningen heeft tot doel om de kaderstellende- en controlerende rol van de gemeenteraad te ondersteunen. Dat doet de rekenkamer door onderzoek uit te voeren naar het gevoerde beleid van de gemeente. De rekenkamer heeft onlangs een onderzoek (tussenevaluatie) naar het Ouderenbeleid afgerond. Hierbij ontvangt u de uitkomsten van het uitgevoerde onderzoek. Bij de start van een onderzoek voert de rekenkamer altijd eerst een vooronderzoek uit. Afhankelijk van de bevindingen uit het vooronderzoek voert de rekenkamer zelf verdiepend onderzoek uit of wordt het verdiepend onderzoek (samen) met een extern onderzoeksbureau uitgevoerd. Bij dit onderzoek naar het Ouderenbeleid is het verdiepend onderzoek uitgevoerd door onderzoeksbureau BMC, onder regie en verantwoordelijkheid van de rekenkamer. Deze rapportage bestaat uit vier onderdelen: • De aanbiedingsbrief van de rekenkamer met bevindingen, conclusie en aanbevelingen. Het doel van de aanbiedingsbrief is om de belangrijkste uitkomsten van het onderzoek samen te vatten, te duiden en te vertalen naar politieke besluitvorming; • Het uitgebreide onderzoeksrapport ‘Tussenevaluatie Ouderenbeleid’ uitgevoerd en opgesteld door onderzoeksbureau BMC; • De bestuurlijke reactie van het college van Burgemeester en Wethouders op de uitkomsten van het onderzoek; • Het raadsvoorstel t.b.v.

besluitvorming door de gemeenteraad (wordt door de griffie opgesteld als stukken naar de raad gaan). De rapportage wordt aangeboden aan de gemeenteraad en wordt geagendeerd voor de raadscommissie. Bij publicatie van de stukken voor de raadscommissie worden de uitkomsten van het onderzoek openbaar. Tijdens de behandeling in de raadscommissie zullen de uitkomsten van het onderzoek door het rekenkamerlid, die het onderzoek heeft geleid, kort worden toegelicht. Vervolgens is er gelegenheid om technische vragen aan de rekenkamer te stellen en bestuurlijke vragen aan de portefeuillehouder te stellen. Op basis van de commissiebehandeling wordt vervolgens de wijze van agendering voor de raadsvergadering bepaald (bespreekstuk of hamerstuk). Tijdens de raadsvergadering bestaat de mogelijkheid om het (politieke) debat te voeren en gaat de raad over tot besluitvorming, op basis van het bijbehorende raadsvoorstel. Daarbij kan uiteraard ook gebruik worden gemaakt van instrumenten als het amenderen van het voorstel of een motie. Aanleiding voor dit onderzoek De groep oudere inwoners vormt in toenemende mate een belangrijk aandeel van de inwoners van Midden-Groningen. De gemeenteraad heeft in 2021 het ouderenbeleid 2021 - 2024 vastgesteld, waarin ambities op zeven thema’s zijn vastgesteld: meedoen, wonen, preventie, vitaliteit, zorg & ondersteuning thuis, dementie en eenzaamheid.

Per thema is aangegeven wat de gemeente wil bereiken en wat de gemeente daarvoor gaat doen, uit te werken in een uitvoeringsplan. Nu we halverwege de beleidsperiode zijn lijkt dit een geschikt moment om een tussenevaluatie uit te voeren om vast te stellen waar de gemeente staat. Het onderzoek heeft tot doel om de raad inzicht te geven in de vraag of de gemeente op koers ligt om de vastgestelde doelen te behalen. Een tussenevaluatie geeft de mogelijkheid om eventueel nog bij te sturen. 2

Onderzoeksvraag Naar aanleiding van het vooronderzoek heeft de rekenkamer de volgende onderzoeksvraag geformuleerd: Ligt de uitvoering van het ouderenbeleid op koers om de vastgestelde beleidsdoelen van het ouderenbeleid Midden-Groningen 2021 - 2024 te realiseren ? Bevindingen Om de onderzoeksvraag te beantwoorden zijn deelvragen geformuleerd. Met de bevindingen uit de deelvragen wordt vervolgens de onderzoeksvraag beantwoord. Onderstaand vatten wij de belangrijkste bevindingen samen. Bevinding 1: de resultaten van het specifieke ouderenbeleid zijn nauwelijks zichtbaar Midden-Groningen werkt vanuit het principe van integraal beleid. Dat betekent dat er (in beginsel) geen specifiek beleid voor specifieke doelgroepen wordt uitgewerkt maar dat vanuit alle beleidsdomeinen (bijvoorbeeld ruimtelijk beleid of sociaal beleid) rekening wordt gehouden met alle doelgroepen. Midden-Groningen heeft ervoor gekozen om, aanvullend op het integraal beleid, specifiek ouderenbeleid vast te stellen. Dat betekent dat bij de doelgroep ouderen verwachtingen zijn gewekt om specifieke doelen te willen bereiken. Uit het onderzoek komt naar voren dat specifieke beleidsinspanningen voor de doelgroep ouderen niet herkenbaar zijn. Door of namens het college wordt er op gewezen dat (ook) veel inspanningen voor de doelgroep worden opgepakt via het integraal beleid.

De resultaten van het specifieke ouderenbeleid zijn daarmee voor de doelgroep nauwelijks zichtbaar. Bevinding 2: er is geen concreet uitvoeringsplan uitgewerkt In het vastgestelde ouderenbeleid zijn voor zeven thema’s benoemd welke resultaten de gemeente wil bereiken en wat de gemeente daarvoor gaat doen. Dat zou worden uitgewerkt in een concreet uitvoeringsplan. Uit het onderzoek blijkt dat er geen concreet en samenhangend uitvoeringsplan is uitgewerkt. Er is geen overzicht hoe uitgevoerde activiteiten zich verhouden tot alle doelen. Bevinding 3: er is geen gestructureerde samenwerking met ketenpartners Om op een effectieve wijze invulling te geven aan de uitvoering van het ouderenbeleid moet de gemeente samenwerken met diverse ketenpartners. De gemeente had bijvoorbeeld het voornemen om een regiegroep in te stellen om een extra impuls te geven aan de uitvoering van het beleid. De regiegroep is echter nog niet tot stand gebracht. Ouderenorganisaties ervaren, ondanks alle goede bedoelingen en prettige contacten, onvoldoende actieve samenwerking. Er is gebrek aan regie, er wordt stagnatie ervaren, concrete resultaten blijven achter. In dat kader is het zorgelijk dat uitvoeringsorganisatie Kwartier Zorg & Welzijn een duidelijke ‘opdracht’ van de gemeente mist. Verder is de groep ‘minder goed georganiseerde ouderen’ niet goed in beeld.

Bevinding 4: de interactie tussen raad en college is niet concreet ingevuld Bij de totstandkoming van het Ouderenbeleid is de raad actief betrokken. De interactie tussen college en raad t.a.v. de voortgang van het ouderenbeleid wordt zowel door de raad als door het college als ontoereikend ervaren.

3

Conclusie en beantwoording van de onderzoeksvraag De rekenkamer heeft onderzocht of de uitvoering van het Ouderenbeleid op koers ligt. Uit de bevindingen blijkt dat de uitvoering van het ouderenbeleid stagneert en niet goed op koers ligt. Aanbevelingen De rekenkamer adviseert de gemeenteraad om aan het college het volgende verzoek te richten: 1. Stel voor de resterende periode een uitvoeringsplan op met concreet uit te voeren activiteiten; 2. Stel het uitvoeringsplan samen met de ketenpartners op; 3. Probeer in contact te komen met de groep ‘minder goed georganiseerde’ ouderen; 4. Geef een heldere opdracht aan uitvoeringsorganisatie Kwartier Zorg en Welzijn; 5. Rapporteer over de voortgang van het ouderenbeleid via de reguliere P&C cyclus. De rekenkamer adviseert de gemeenteraad en het college om met elkaar in gesprek te gaan over de onderstaand vraagstuk: 6. Maak samen (raad en college) een keuze of het voor de toekomst nog langer wenselijk is om, naast generiek beleid, ook nog specifiek ouderenbeleid te willen voeren. Ambtelijk wederhoor Er is ambtelijk wederhoor uitgevoerd op basis van de onderzoeksbevindingen van BMC, waarbij enkele (geringe) feitelijke onjuistheden zijn gecorrigeerd. Deze wijzigingen hadden geen invloed op de bevindingen in het concept rapport. Vervolgens zijn de conclusies verwoord.

Bestuurlijke reactie Het college van Burgemeester en Wethouders heeft op 15 maart 2023 het eindrapport, inclusief conclusies en aanbevelingen ontvangen. Het college is in de gelegenheid gesteld om een bestuurlijke reactie te verwoorden. De bestuurlijke reactie van het college van 18 april 2023 is als bijlage van dit rapport toegevoegd. Nawoord rekenkamer In de bestuurlijke reactie geeft het college aan de bevindingen van de rekenkamer te erkennen en te herkennen. Het college neemt de aanbevelingen van de rekenkamer over, schetst de vervolgstappen en het college wil onderzoeken of voor de toekomst generiek of juist specifiek ouderenbeleid passend is. De rekenkamer waardeert dat het college heeft gereflecteerd, de bevindingen erkent en herkent en de aanbevelingen van de rekenkamer overneemt en vertaalt in vervolgstappen. Dit rekenkameronderzoek is uitgevoerd als een tussenevaluatie met als doel om vast te stellen of de uitvoering van het ouderenbeleid op koers ligt. De conclusie is dat de uitvoering helaas stagneert en niet goed op koers ligt. Een tussenevaluatie geeft echter de mogelijkheid om eventueel nog bij te sturen en dat is het resultaat van dit rekenkameronderzoek: het anders en beter te doen!, zoals het college toezegt.

-

Einde 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12885447/1