CConstaterende datMidden-Groningen
Koppel je AI →
Document · PDF

01. Raadsvoorstel Richtinggevend kader Maatregel 14 Nij Begun

Raadsvergadering 5 maart 2026, gemeente Midden-GroningenBij agendapunt: Richtinggevend kader Maatregel 14 Nij Begun4.709 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Openbaar

Voorstel Gemeenteraad

Datum:

13 januari 2026

Opsteller:

Daan van Gulik

Zaak:

1604832

Contactgegevens:

daan.vangulik@midden-groningen.nl

Portefeuillehouder: Evert Offereins Onderwerp:

Richtinggevend kader Maatregel 14

1. Voorstel 1. Het richtinggevend kader Maatregel 14, inclusief bijbehorende budgetverdeling, vast te stellen, bestaande uit een Dorpenbudget, een Gerichte impulsenbudget, Ambitiebudget en uitvoeringskosten, conform de uitwerking in het raadsvoorstel. 2. Het college opdracht te geven om op basis van het vastgestelde richtinggevend kader een uitvoeringsprogramma voor Maatregel 14 op te stellen en dit, in samenspraak met inwoners en lokale betrokkenen, verder uit te werken en uit te voeren. 3. In te stemmen met de verwerking van de Rijksbijdrage voor Maatregel 14 in de begroting via de maandelijkse begrotingswijzigingen, conform de reguliere planning- en controlcyclus. 2. Inleiding De gevolgen van de gaswinning hebben zich niet alleen beperkt tot fysieke schade aan gebouwen. Tot op de dag van vandaag wordt er hard gewerkt aan de grootschalige versterkings- en hersteloperatie, maar die werkzaamheden en jarenlange onzekerheid hebben grote impact op de leefbaarheid in onze dorpen en wijken. Dat zien we zowel in de openbare ruimte als in de sociale cohesie binnen onze lokale gemeenschappen. Middels Maatregel 14 uit Nij Begun stelt het Rijk €28,12 miljoen beschikbaar voor de gemeente Midden-Groningen om te investeren in de leefbaarheid. Hiermee kunnen we een eerste stap zetten om samen met inwoners te gaan werken aan herstel van de leefbaarheid.

Tijdens de behandeling van de Gemeentebegroting 2026 is Maatregel 14 door uw raad besproken. Daarbij is aangegeven dat het toen voorliggende begrotingsvoorstel nadere duiding en aanscherping behoefde, met name ten aanzien van de afbakening, de budgetverdeling en het investeringszwaartepunt. Het college heeft de tussentijd benut om het voorstel opnieuw tegen het licht te houden en op onderdelen te verbeteren. Het voorstel dat nu voorligt wijkt daarmee af van de eerdere versie doordat het investeringszwaartepunt explicieter in het versterkingsgebied is gelegd, de keuzes in budgettering scherper zijn onderbouwd en het onderscheid tussen de

Pagina:

2 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

verschillende budgetten duidelijker is uitgewerkt. Daarbij zijn de signalen uit uw raad én de dorpen en wijken meegewogen. Tevens is betrokken dat het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties in een eerder met uw raad gedeelde brief heeft bevestigd dat besteding van middelen uit Maatregel 14 buiten het formele versterkingsgebied rechtmatig is. In dit raadsvoorstel draagt het college een richtinggevend kader aan om vervolgens samen met inwoners, dorpsbelangenverenigingen en andere lokale partners te gaan werken aan de leefbaarheid. De opdracht vanuit het Rijk is om te investeren in de gebieden waar de gevolgen van de versterking en schadeafhandeling het meest ingrijpend zijn. Dat betekent dat we het overgrote deel van de beschikbare middelen in het versterkingsgebied laten landen. Tegelijkertijd willen we onze ogen ook niet sluiten voor de impact van de gaswinning buiten het Versterkingsgebied, maar deze is aanzienlijk minder. Hier is rekening mee gehouden in de verdeling van middelen. Wij stellen voor om samen met inwoners te werken aan een uitvoeringsprogramma voor het versterken van de leefbaarheid. Om dit traject zorgvuldig én voortvarend te kunnen doorlopen, zijn vooraf duidelijke en richtinggevende kaders nodig. De middelen uit Maatregel 14 zijn tijdelijk beschikbaar en moeten uiterlijk in 2032 zijn besteed.

Juist met het oog op deze tijdelijkheid en de wens om de beschikbare middelen zo goed mogelijk te laten landen in dorpen en wijken, vragen wij de raad met dit voorstel om de kaders vast te stellen. Het voorstel bevat een Dorpenbudget (grotendeels in het versterkingsgebied en deels daarbuiten), een Gerichte impulsenbudget (versterkingsgebied) en een Ambitiebudget (versterkingsgebied). Deze kaders bieden vooraf openheid en duidelijkheid richting inwoners over de beschikbare middelen en de ruimte waarbinnen samen invulling kan worden gegeven, en maken het mogelijk om naast Maatregel 14 ook koppelkansen en andere budgetten te benutten voor een zo groot mogelijk effect. Ons college hecht er groot belang aan dat het uitvoeringsprogramma voor Maatregel 14 in nauwe samenspraak met inwoners tot stand komt. De overheid bepaalt immers niet zelf of een woonen leefomgeving leefbaar is; dat wordt in de eerste plaats ervaren en benoemd door inwoners. Dit richtinggevend kader zien wij daarom als een bewuste eerste stap: het biedt vooraf duidelijkheid en houvast over de financiële ruimte en de uitgangspunten, zodat in de vervolgfase samen met inwoners, dorpsbelangenverenigingen en andere betrokkenen gericht en met tempo kan worden gewerkt aan concrete investeringen.

Inwoners worden nadrukkelijk uitgenodigd om mee te denken, ideeën aan te dragen en samen met de gemeente te werken aan verbeteringen die aansluiten bij wat in hun dorp of wijk nodig is. 3. Publiekssamenvatting Met Maatregel 14 uit Nij Begun stelt het Rijk €28,12 miljoen beschikbaar voor de gemeente Midden-Groningen om te investeren in de leefbaarheid. De gemeente wil samen met de inwoners gaan werken aan een uitvoeringsprogramma voor het herstellen van de leefbaarheid. De opdracht vanuit het Rijk is om te investeren in de gebieden waar de gevolgen van de versterking en schadeafhandeling het meest ingrijpend zijn. Daarom kiest het college ervoor om het overgrote deel van de beschikbare middelen in het versterkingsgebied laten landen. De richtinggevende kaders hiervoor moeten vooraf worden vastgesteld zodat we op korte termijn doelmatig, evenredig en met participatie van inwoners aan de slag kunnen. De gemeente heeft

Pagina:

3 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

hiervoor een voorstel gemaakt met een verdeling in drie budgetten. Dat zijn Dorpenbudget (gemeentebreed, maar grotendeels in het versterkingsgebied), Gerichte impulsenbudget (versterkingsgebied) en Ambitiebudget (versterkingsgebied). Na goedkeuring worden vervolgens de verdere uitwerking en uitvoering in samenspraak met inwoners en dorpsverenigingen vormgegeven binnen de vastgestelde kaders. 4. Bevoegdheid van de raad De raad heeft een kaderstellende rol. Met dit raadsvoorstel wordt de gemeenteraad gevraagd het richtinggevend kader voor Maatregel 14 vast te stellen. Daarmee geeft de raad richting aan inzet van de middelen die de gemeente Midden-Groningen vanuit het Rijksprogramma Nij Begun ontvangt en stelt zij de financiële randvoorwaarden vast voor de verdere uitwerking van Maatregel 14. De verdere uitwerking en uitvoering worden vervolgens in samenspraak met inwoners vormgegeven binnen deze door de raad vastgestelde kaders. Het vaststellen van dit richtinggevend kader is een bewuste eerste stap, die past binnen de Leidraad participatie van de gemeente Midden-Groningen, zoals vastgesteld door de raad op 30 oktober 2025. In deze leidraad is vastgelegd dat participatie aanvullend is op de representatieve democratie en plaatsvindt binnen door de raad gestelde kaders.

Door eerst het richtinggevend kader vast te stellen, geeft de raad richting en duidelijkheid vooraf voor een zorgvuldig en doelgericht participatieproces in de vervolgfase. 5. Beoogd effect Maatregel 14 van Nij Begun is bedoeld om te investeren in de leefbaarheid van onze straten, wijken en dorpen die te maken hebben gehad met de gevolgen van de gaswinning. Daarbij stelt het college voor om het zwaartepunt nadrukkelijk in het versterkingsgebied te leggen, waar die gevolgen het meest merkbaar zijn. Het programma richt zich op het verbeteren van de kwaliteit van de woon- en leefomgeving, zowel fysiek als sociaal, met aandacht voor wat in verschillende dorpen en wijken nodig is. De gemeente krijgt hiervoor de opdracht vanuit het Rijk middels een Specifieke Uitkering (SPUK (zie ook bijlage 1)). Het doel is om uiterlijk in 2032 samen met inwoners een plus aangebracht te hebben in de leefbaarheid. Dit traject loopt naast de reguliere versterkings- en herstelwerkzaamheden. Om het effect zo groot mogelijk te maken zoeken we nadrukkelijk de samenhang met het budget vanuit Nij Begun in het herstel van de fysieke leefomgeving (Maatregel 15; inpassingskosten), de Sociale- en Economische Agenda, bestaande dorps- en wijkplannen, gemeentelijk beleid en mogelijke co-financieringsbronnen, zoals subsidies en fondsen.

Met het vaststellen van het richtinggevend kader wordt de basis gelegd voor een doelmatige en transparante aanpak. Het kader biedt duidelijkheid over de uitgangspunten en een vertrekpunt om, met betrokkenheid van inwoners en lokale belanghebbenden, invulling te gaan geven aan leefbaarheidsinvesteringen die aansluiten bij de lokale context en behoeften. 6. Historische context De gaswinning heeft in Midden-Groningen geleid tot langdurige versterkings- en schadeafhandelingstrajecten, ingrijpende werkzaamheden in de leefomgeving en aanhoudende onzekerheid voor inwoners. Naast fysieke schade aan gebouwen en de uitvoering van

Pagina:

4 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

versterkingsmaatregelen heeft dit ook gevolgen gehad voor de leefbaarheid in dorpen en wijken, onder meer voor de kwaliteit van de openbare ruimte, voorzieningen en sociale samenhang. In Nij Begun heeft het Rijk erkend dat de gevolgen van de gaswinning niet alleen technisch en financieel van aard zijn, maar ook doorwerken in de leefomgeving en het dagelijks leven van inwoners. Maatregel 14 is één van de vijftig maatregelen uit Nij Begun en is gericht op het beschikbaar stellen van extra middelen om te investeren in leefbaarheid en wijkontwikkeling als gevolg van de gaswinning. Maatregel 14 is door het Rijk, in samenspraak met de regio, verder uitgewerkt in een SPUK, met bijbehorende beleidsregels voor de inzet en verantwoording van de middelen. De SPUK biedt gemeenten de ruimte om, binnen gestelde kaders, invulling te geven aan Maatregel 14. Naar aanleiding daarvan heeft het college de raad tijdens de begrotingsbehandeling van 6 november 2025 een eerste voorstel gedaan. Bij de besluitvorming is een amendement aangenomen om de uitwerking van Maatregel 14 uit de begroting te halen. Er is besloten dit met een apart voorstel te behandelen. In overleg met de raadswerkgroep Nij Begun (4 december jl.) is het vervolgproces besproken. 7.

Argumenten 7.1 Vaststellen richtinggevend kader Met dit richtinggevend kader wil het college samen met inwoners gericht werken aan het versterken van de leefbaarheid in dorpen en wijken. Het kader biedt vooraf duidelijkheid over de uitgangspunten en de ruimte waarbinnen dit gesprek met inwoners wordt gevoerd. Door deze richting vooraf te bepalen, ontstaat houvast om samen keuzes te maken en toe te werken naar een uitvoeringsprogramma dat aansluit bij wat lokaal nodig is en tegelijkertijd uitvoerbaar en samenhangend is. Het vaststellen van dit kader past binnen de Leidraad participatie van de gemeente MiddenGroningen en geeft vooraf duidelijkheid over de randvoorwaarden waarbinnen samen met inwoners wordt gewerkt aan herstel en versterking van de leefbaarheid. Daarbij speelt mee dat de middelen tijdelijk beschikbaar zijn en uiterlijk in 2032 moeten zijn besteed. Door deze kaders nu vast te stellen, kan op korte termijn doelmatig en met betrokkenheid van inwoners aan de slag worden gegaan. De budgetten binnen Maatregel 14 zijn aanvullend op bestaande geldstromen en nadrukkelijk niet vervangend. 7.2 Keuze voor drie budgetten Om samen met inwoners gericht en samenhangend te kunnen werken aan het versterken van de leefbaarheid, is gekozen voor een indeling in drie budgetten.

Deze indeling vormt de basis voor een samenhangend uitvoeringsprogramma, waarin concrete investeringen centraal staan en de budgetten richting geven aan de keuzes die samen met inwoners worden gemaakt. Deze indeling geeft vooraf richting aan het type investeringen dat kan bijdragen aan de leefbaarheidsopgave en helpt om de beschikbare middelen doelmatig in te zetten. Door drie budgetten (exclusief uitvoeringskosten) te onderscheiden, brengen we focus en samenhang aan in de inzet van het beschikbare budget van €28,12 miljoen. Op basis van een inventarisatie van door inwoners zelf opgestelde dorps- en wijkplannen, gemeentelijk beleid en gesprekken met onder meer het

Pagina:

5 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

Kennisplatform Leefbaar en Kansrijk Groningen onderscheiden we drie samenhangende manieren waarop leefbaarheid kan worden versterkt. In de eerste plaats investeren we in initiatieven die direct bijdragen aan de kwaliteit van leven in dorpen en wijken, voortkomend uit lokale behoeften en ideeën van inwoners. Dit betreft zowel fysieke verbeteringen in de leefomgeving als sociale en organisatorische initiatieven. Hiervoor stellen we een dorpenbudget beschikbaar. Daarnaast zien we de noodzaak om te investeren in voorzieningen en initiatieven met een duidelijke dorpsoverstijgende betekenis. Het gaat om impulsen die meerdere kernen of doelgroepen bedienen en daarmee de samenhang en voorzieningenstructuur in de gemeente versterken. Deze investeringen doen we, in samenspraak met inwoners en partners, vanuit het Gerichte impulsenbudget. Tot slot erkennen we dat leefbaarheid zich niet alleen richt op de korte termijn, maar ook vraagt om vooruitkijken en strategische keuzes. Met het Ambitiebudget investeren we in ontwikkelingen die bijdragen aan een duurzame en toekomstbestendige leefomgeving, ook na 2032. 7.3 Financiële onderbouwing budgetten Bij de verdeling van de middelen voor Maatregel 14 is aangesloten bij de inhoudelijke opdracht van de regeling en bij de feitelijke impact van de versterking en schadeafhandeling binnen de gemeente Midden-Groningen.

Maatregel 14 is bedoeld om te investeren in gebieden waar deze gevolgen het meest ingrijpend zijn. Binnen de gemeente zijn deze gevolgen het zwaarst zichtbaar in het versterkingsgebied. Dit vormt het uitgangspunt voor de financiële keuzes in dit voorstel. Tegelijkertijd biedt de SPUK voor Maatregel 14 de ruimte om middelen ook buiten het formele versterkingsgebied in te zetten, mits dit past binnen de kaders van de regeling. In een eerder met uw raad gedeelde brief van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties is bevestigd dat een dergelijke inzet rechtmatig is. De voorgestelde budgetverdeling geeft hier zorgvuldig invulling aan door het financiële zwaartepunt in het versterkingsgebied te leggen en tegelijkertijd beperkte ruimte te laten voor investeringen daarbuiten, wanneer deze aantoonbaar bijdragen aan de leefbaarheid van het versterkingsgebied. Concreet betekent dit dat het Dorpenbudget grotendeels wordt ingezet in het versterkingsgebied, met een nadere onderbouwing van deze verdeling in de volgende paragraaf. De middelen binnen het Gerichte impulsenbudget en het Ambitiebudget zijn volledig beschikbaar voor investeringen binnen het versterkingsgebied.

Alleen wanneer vanuit het versterkingsgebied zelf wordt aangegeven dat een investering buiten dit gebied een duidelijke en breed gedragen bedieningsfunctie heeft voor het versterkingsgebied, kan hiervan worden afgeweken. Met deze verdeling wordt invulling gegeven aan een financieel doelmatige en rechtmatige inzet van de beschikbare middelen, waarbij de middelen daar terechtkomen waar de opgave het grootst is en tegelijkertijd wordt voldaan aan de kaders van de regeling. 7.4 Geografische onderbouwing Dorpenbudget Zoals hierboven beschreven wil het college in het voorstel recht doen aan het feit dat de meest ingrijpende gevolgen van de gaswinning in het versterkingsgebied liggen. Daarom wordt in dit voorstel ook het meeste geld voor versterkingsdorpen vrijgemaakt. Aangezien investeringen vaak het nodige aanvangskapitaal vragen wordt voorgesteld om elk dorp in het versterkingsgebied een startbedrag van €250.000 toe te wijzen en aanvullend €300 per inwoner. Het college kiest ervoor het inwoneraantal als maatstaf te hanteren, omdat dit een objectieve, goed uitlegbare en

Pagina:

6 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

voor iedereen herkenbare indicator is. Het inwoneraantal zegt iets over de omvang van een dorp, het aantal mensen dat dagelijks gebruikmaakt van voorzieningen en de schaal waarop investeringen effect hebben op de leefbaarheid. Tegelijkertijd wil het college de ogen niet sluiten voor de impact van schadeafhandeling buiten het versterkingsgebied. Uit cijfers van het Instituut Mijnbouwschade Groningen (IMG) blijkt dat ook daar sprake is van een aanzienlijk schadebeeld (zie bijlage 2). Daarnaast zien we in het gebied tussen de A7 en het versterkingsgebied nog een relevant aantal versterkingen. Voor dit voorstel duiden we dit gebied aan als het overgangsgebied: het gebied tussen de A7 en het versterkingsgebied, bestaande uit de dorpen Kolham, Scharmer en Harkstede en delen van Zuidbroek en Sappemeer-Noordoost. Voor dit overgangsgebied wordt voorgesteld om €200 per inwoner aan dorpen toe te wijzen. Voor dorpen en wijken onder de A7, waar met name sprake is van grootschalige schadeafhandeling, stellen we €75 per inwoner beschikbaar, met een minimum van €25.000. Zuidbroek en Sappemeer-Noordoost krijgen daarbij een budget toegewezen op basis van 50% overgangsgebied en 50% onder de A7.

7.5 Invulling Dorpenbudget Met het Dorpenbudget stellen we per dorp of wijk een bedrag beschikbaar om samen met inwoners concrete investeringen te doen die de leefbaarheid verbeteren in de eigen woon- en leefomgeving. Inwoners weten immers als geen ander wat in hun buurt nodig is om prettig te kunnen wonen en leven. Het kan daarbij gaan om zowel fysieke investeringen als sociale initiatieven. Als basis gebruiken we de door dorpen en wijken zelf opgestelde dorps- en wijkplannen. In de afgelopen jaren hebben zij daarin al een fundament gelegd – of zijn daar nog mee bezig – voor hun visie op de toekomst van de leefomgeving. Per dorp of wijk wordt samen met de bewonersorganisatie bezien of het bestaande dorps- en wijkplan voldoende houvast biedt voor de inzet van het Dorpenbudget, of dat een aanvulling nodig is om de extra investeringsmogelijkheden goed te benutten. Voor ondersteuning hierbij is vanuit de uitvoeringskosten van Maatregel 14 budget beschikbaar. Het Dorpenbudget is nadrukkelijk aanvullend op de bestaande subsidies van het NPG-project ‘Dorps- en wijkplannen maken’. 7.6 Invulling Gerichte impulsenbudget Met het Gerichte impulsenbudget investeren we in voorzieningen in het versterkingsgebied die een betekenis hebben voor meerdere dorpen.

Het gaat om initiatieven op centrale plekken of in het buitengebied waarvan inwoners uit verschillende dorpen gebruikmaken en die bijdragen aan de leefbaarheid en samenhang in het gebied. Juist bij dit soort voorzieningen ligt het niet voor de hand dat één dorp hier zelfstandig verantwoordelijkheid voor neemt of dat dorpen onderling moeten afwegen wie investeert en wie profiteert. Dit budget is daarom nadrukkelijk bedoeld als een gerichte financiële impuls voor opgaven met een dorpsoverstijgende functie. Met name op het gebied van sport- en ontmoetingsvoorzieningen, verbeteringen in de openbare ruimte en recreatiemogelijkheden zien wij potentie voor investeringen die significant kunnen bijdragen aan de leefbaarheid en samenhang in het versterkingsgebied. Vaak gaat het hierbij om bestaande, breed gedragen wensen van inwoners en belanghebbenden, die bovendien een schaal en complexiteit kennen waarvoor bundeling van middelen nodig is. Door deze investeringen vanuit het Gerichte impulsenbudget te benaderen, kan in nauwe samenspraak met inwoners gericht worden geïnvesteerd in voorzieningen die meerdere dorpen verbinden. Daarnaast zien we dat

Pagina:

7 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

vergelijkbare vraagstukken zich in meerdere dorpen tegelijk kunnen voordoen. Ook in die gevallen biedt het Gerichte impulsenbudget de mogelijkheid om deze opgaven gebundeld en samenhangend aan te pakken, in plaats van versnipperd per dorp of locatie. Daarmee draagt dit budget bij aan een doelmatige inzet van middelen en aan een samenhangende versterking van de leefbaarheid in het versterkingsgebied. 7.7 Invulling Ambitiebudget Met Maatregel 14 investeren we in het versterken van de leefbaarheid in het versterkingsgebied, zowel op de korte als op de lange termijn. Om ook ruimte te bieden aan structurele en toekomstgerichte ontwikkelingen stellen we het Ambitiebudget in. Dit budget wordt ingezet voor strategische projecten en gebiedsontwikkelingen die duurzaam bijdragen aan de leefbaarheid, zoals bijvoorbeeld rondom het Roegwold en de Damsterplas. Het Ambitiebudget biedt ruimte voor het ontwikkelen van initiatieven en de bijbehorende planvorming die nodig is om aan te sluiten bij aanvullende financieringsbronnen, zoals de economische en sociale agenda van Nij Begun. Daarnaast zorgt het budget voor wendbaarheid, zodat kan worden ingespeeld op nieuwe kansen die zich gedurende de looptijd van Maatregel 14 voordoen en die aantoonbaar bijdragen aan de leefbaarheidsambities in het versterkingsgebied.

De verdere uitwerking van het Ambitiebudget vindt plaats in samenspraak met inwoners en gebiedspartners en wordt vastgelegd in het uitvoeringsprogramma. 7.8 Onderbouwing uitvoeringskosten Voor een zorgvuldige en doelmatige uitvoering van Maatregel 14 zijn uitvoeringskosten noodzakelijk. Deze kosten hangen direct samen met het voorbereiden, uitvoeren en verantwoorden van het programma en zijn nodig om te komen tot samenhangende en uitvoerbare investeringen in leefbaarheid. Gelet op de omvang, complexiteit en looptijd van Maatregel 14 passen deze werkzaamheden niet binnen de bestaande taakstelling en beschikbare middelen van de gemeentelijke organisatie en is aanvullende financiering vereist. De uitvoeringskosten hebben betrekking op meer dan alleen personele inzet. Het gaat onder meer om kosten voor participatie en communicatie, het organiseren en begeleiden van bijeenkomsten, proces- en projectbegeleiding, inhoudelijke ondersteuning, externe expertise en juridische en financiële verantwoording, evenals monitoring en evaluatie. De inzet van uitvoeringskosten past binnen de kaders van de SPUK-beschikking voor Maatregel 14. In de regeling is vastgelegd dat middelen kunnen worden ingezet voor planvorming, het voeren van een (doorlopend) participatief proces en voor uitvoering en beheer, voor zover dit bijdraagt aan de leefbaarheid.

De uitvoeringskosten maken daarmee integraal onderdeel uit van de regeling. Het aandeel voor uitvoeringskosten is gemaximeerd op 10% van het totale budget. Dit percentage is een realistisch bedrag op basis van vergelijkbare gebiedsgerichte programma’s en sluit aan bij ervaringscijfers, onder meer binnen het Nationaal Programma Groningen. Gezien de aard en omvang van Maatregel 14 acht het college deze reservering passend en stuurt het actief op een doelmatige inzet van deze middelen. 7.9 Continue monitoring en bestuurlijke evaluatie in 2027 en 2029 Het college is van mening dat we met dit voorstel een goede basis leggen om doelmatig en samen met inwoners aan de slag kunnen gaan om de leefbaarheid in het versterkingsgebied, en een

Pagina:

8 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

beetje daarbuiten, te vergroten. Tegelijkertijd is bij dit soort grootschalige en intensieve programma’s niet alles vooraf te overzien. Daarom monitoren we de vooruitgang, effectiviteit en participatie structureel en verantwoorden we hierover in de jaarlijkse P&C-cyclus. Tevens leggen we vooraf twee bestuurlijke evaluatiemomenten (2027 en 2029) vast. De resultaten hiervan zullen met uw raad gedeeld worden. Bij onvoorziene omstandigheden of voortschrijdend inzicht gaat het college met uw raad in gesprek om bij te sturen waar nodig. 8. Kanttekeningen en risico’s De middelen voor Maatregel 14 zijn via de SPUK beschikbaar gesteld tot en met 2032. Nietbestede middelen dienen na afloop van deze periode te worden terugbetaald aan het Rijk. De uitvoering is in hoge mate afhankelijk van participatieprocessen, planvorming en uitvoeringscapaciteit. Vertraging in voorbereiding, besluitvorming of realisatie kan daardoor direct ten koste gaan van de beschikbare tijd om daadwerkelijk tot investeringen te komen. Wat het college betreft is het een prioriteit om te zorgen dat de middelen uiterlijk in 2032 worden besteed. Hoewel sprake is van een substantieel totaalbudget van €28,12 miljoen, is de verwachting dat het aantal plannen en initiatieven de beschikbare middelen zal overstijgen.

Ook wanneer in het uitvoeringsprogramma actief wordt ingezet op het benutten van financiële koppelkansen, is het niet uitgesloten dat niet alle leefbaarheidsambities binnen Maatregel 14 kunnen worden gerealiseerd. Dit vraagt om keuzes en prioritering. De uitvoering van Maatregel 14 legt een aanzienlijk beslag op de ambtelijke capaciteit. Binnen de huidige formatie is deze capaciteit niet volledig beschikbaar. Hiervoor zijn middelen gereserveerd binnen de uitvoeringskosten, maar in combinatie met de krapte op de arbeidsmarkt vormt het tijdig aantrekken en behouden van voldoende capaciteit een reëel risico voor de voortgang. De organisatie rondom Maatregel 14 zal daarom gefaseerd verder moeten worden uitgebouwd, in lijn met de groei van de opgave. Dorpen en wijken bevinden zich in uiteenlopende fasen van idee- en planvorming. Waar sommige beschikken over actuele dorps- of wijkplannen, staan andere nog aan het begin van dit proces. Dit vraagt om maatwerk in tempo, ondersteuning en fasering. Daarnaast zal in meerdere gevallen sprake zijn van projectontwikkeling, waarvoor interne afstemming tussen verschillende gemeentelijke domeinen noodzakelijk is. Ook hier geldt dat zowel planvormings- als uitvoeringscapaciteit beperkende factoren kunnen zijn. De aanpak zal hierop moeten anticiperen door flexibel in te spelen op verschillen tussen dorpen en wijken.

Tot slot stelt het Rijk via Nij Begun met Maatregel 14 middelen beschikbaar voor het herstel van de leefbaarheid als gevolg van de gaswinning. Voor het college is het uitgangspunt dat deze middelen aanvullend zijn en niet in de plaats komen van andere leefbaarheidsmiddelen waar de gemeente Midden-Groningen aanspraak op heeft. Actieve monitoring blijft noodzakelijk om te voorkomen dat Maatregel 14 in de praktijk wordt gebruikt als argument om aanvullende Rijksmiddelen voor leefbaarheid achterwege te laten.

Pagina:

9 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

9. Financiële paragraaf Voor de uitvoering van Maatregel 14 ontvangt de gemeente Midden-Groningen een specifieke uitkering (SPUK) van het Rijk ter hoogte van € 28,1 miljoen voor de periode tot en met 31 december 2032. De middelen worden verantwoord conform de voorwaarden van de SPUKbeschikking en dienen uiterlijk binnen de looptijd van de regeling te zijn besteed. Van het totale SPUK-budget wordt maximaal 10% (€ 2,8 miljoen) aangewend voor organisatie- en uitvoeringskosten. Deze kosten hebben betrekking op onder meer participatie, communicatie, projectleiding, afstemming en financiële verantwoording en vormen een noodzakelijke randvoorwaarde voor een zorgvuldige, doelmatige en rechtmatige uitvoering van Maatregel 14. Na aftrek van deze uitvoeringskosten resteert een netto investeringsbudget van € 25,3 miljoen. Dit netto investeringsbudget is beschikbaar voor investeringen in leefbaarheid. Het netto investeringsbudget wordt verdeeld over drie budgetcategorieën: het Dorpenbudget (€ 11,1 miljoen), het budget voor Gerichte impulsen (€ 10 miljoen) en het Ambitiebudget (€ 4,2 miljoen). Deze verdeling vormt het richtinggevend kader waarbinnen het uitvoeringsprogramma voor Maatregel 14 wordt opgesteld. De nadere toedeling van het Dorpenbudget per dorp of wijk is uitgewerkt in bijlage 3.

De inzet van de middelen is in lijn met de opdracht vanuit het Rijk om primair te investeren in gebieden waar de gevolgen van schadeafhandeling en versterking het meest ingrijpend zijn. Dit betekent dat het overgrote deel van het netto investeringsbudget in het versterkingsgebied zal landen. Het budget voor Gerichte impulsen en het Ambitiebudget worden volledig binnen het versterkingsgebied ingezet. Binnen het Dorpenbudget gaat eveneens het grootste aandeel naar dorpen en wijken in het versterkingsgebied. In totaal wordt € 20,5 miljoen, oftewel 81,0% van het netto investeringsbudget, besteed in het versterkingsgebied. Aangezien Maatregel 14 grotendeels in dit gebied wordt uitgevoerd, komen ook de uitvoeringskosten in overwegende mate ten goede aan het versterkingsgebied.

Budgetcategorie Dorpenbudget

Bedrag

Versterkingsgebied

Versterkingsgebied

(€ mln)

(€ mln)

(%)

11,1

6,3

56,6%

Gerichte impulsen

10

10

100,0%

Ambitiebudget

4,2

4,2

100,0%

25,3

20,5

81,0%

Subtotaal investeringen (netto) Uitvoeringskosten Totaal SPUK Maatregel 14

2,8 28,1

grotendeels versterkingsgebied —

— —

Pagina:

10 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

Omdat de lasten van dit voorstel volledig gedekt worden uit de baten van de Rijksbijdrage wordt voorgesteld om de budgettair neutrale wijziging in de begroting te verwerken in een maandelijkse begrotingswijziging. Verantwoording over de inzet van deze middelen gebeurt in de reguliere planning en control documenten onder het programma Gevolgen gas- en zoutwinning en NPG. Bij de jaarrekening dient deze Rijksbijdrage verplicht opgenomen te worden in de SiSaverantwoording (single information, single audit). De accountant controleert elk jaar de besteding en informeert uw raad specifiek over de SiSa in het accountantsverslag. 10. Communicatie De dorpsbelangenverenigingen zijn over de totstandkoming en de inhoud van het voorstel geïnformeerd (zie bijlage 4). Na goedkeuring door uw raad worden met alle dorpsbelangenverenigingen afzonderlijke afspraken gepland om verdere invulling te geven aan de besteding van de beschikbare middelen. De media informeren we met een persbericht. 11. Draagvlak en vervolgtraject (afstemming, tijdpad) Met dit raadsvoorstel wordt bewust gekozen voor het vooraf vaststellen van richtinggevende kaders voor Maatregel 14.

Daarmee ontstaat duidelijkheid over de uitgangspunten en de beschikbare ruimte, zodat in de vervolgfase samen met inwoners, dorpsbelangenverenigingen en andere lokale betrokkenen kan worden gewerkt aan een samenhangend uitvoeringsprogramma dat aansluit bij lokale behoeften in onze dorpen en wijken. Het vaststellen van dit kader vormt daarmee nadrukkelijk het startpunt voor verdere dialoog en gezamenlijke uitwerking. In de aanloop naar dit raadsvoorstel zijn vanuit dorpsbelangenverenigingen uit het Versterkingsgebied zorgen en aandachtspunten geuit over het oorspronkelijke voorstel, onder meer over de verdeling van middelen en de herkenbaarheid daarvan. Het college heeft deze signalen betrokken bij de verdere uitwerking van het voorstel. Dit heeft geleid tot aanscherpingen, waaronder een duidelijker investeringszwaartepunt in het versterkingsgebied. Na vaststelling van het richtinggevend kader door uw raad wordt het uitvoeringsprogramma voor Maatregel 14 verder uitgewerkt. Dorps- en wijkplannen vormen hierbij een belangrijk vertrekpunt. In de uitwerking wordt per dorp of wijk gekeken naar een passende invulling, tempo en ondersteuning, rekening houdend met verschillen in fase van planvorming en uitvoeringskracht.

Ook wordt bezien hoe initiatieven kunnen worden verbonden met andere programma’s en financieringsbronnen, zoals Maatregel 15 (inpassingskosten), de Sociale en Economische Agenda van Nij Begun en bestaand gemeentelijk beleid. Het college zal uw raad nog in 2026 informeren over de voortgang en de hoofdlijnen van het uitvoeringsprogramma. Daarnaast wordt de voortgang van Maatregel 14 gemonitord en verantwoord via de reguliere planning- en controlcyclus. Ook worden de eerder vastgelegde bestuurlijke evaluatiemomenten in 2027 en 2029 benut om samen met de raad te reflecteren op de voortgang, effecten en het participatieproces, en om waar nodig bij te sturen.

Pagina:

11 van 11

Datum:

13 januari 2026

Zaak:

1604832

Burgemeester en wethouders van de gemeente Midden-Groningen,

E. van Lente Burgemeester

M.H.M. Nieuwenhuijsen-Janssens Gemeentesecretaris

Bijlage: 1 Bijlage 1 – Specifieke Uitkering Maatregel 14 2 Bijlage 2 – Schadebeeld gemeente Midden-Groningen vanuit IMG 3 Bijlage 3 – Budgetverdeling Dorpenbudget Maatregel 14 4 Bijlage 4 – Informatiebrief aan Dorpsbelangenverenigingen

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16519022/1