inspreek tekst Marc Antheunisse
Tekst van het document
Geachte commissieleden en anderen, Ik spreek hier ook namens tal van andere horecaondernemers uit de binnenstad. Het hele traject van evaluatie 2019, concept 2023 naar het eerste concept 2025 naar huidig concept wat er nu ligt voelt als een black friday deal: Eerst zetten we er heel veel regels bij en daarna halen we er weer regels af. Dat is ons gevoel. Dan nu het verslag — de opbrengst — van het participatieproces. Ik zal hier niet te diep op ingaan; andere insprekers zullen dit ongetwijfeld ook benoemen en er zijn al veel brieven en zienswijzen over geschreven. Maar de opbrengst komt niet overeen met de rauwe data. In mijn ingezonden brief staan de getallen en percentages. Als er volgens de participatie een zeer positief beeld naar voren komt, waarom zijn er dan zoveel aanpassingen gedaan in het concept, zeker in vergelijking met het concept van 2023 dat aan de participatie ten grondslag lag? Daarnaast is de participatie uitgevoerd met het oog op wat er in 2024 & 2025 stond. Ook de schouw die maar 1,2% van de hele participatie was, die tevens niet openbaar was, heeft opvallend veel invloed gekregen in de opbrengst. Veel zaken zijn één-op-één overgenomen in het concept. Deze schouw was echter niet toegankelijk voor alle inwoners. Inclusief mijzelf terwijl ik ook binnenstadbewoner ben.
Mijns inziens moet deze schouw dan ook buiten beschouwing worden gelaten, of in ieder geval anders worden gewogen. De Inhoudelijke zorgen over het concept: Reclame Reclame is nu toegestaan op de volant en op stoepborden (bijvoorbeeld Duvelborden met het menu erop). Deze zouden straks moeten verdwijnen. Gisteren is besloten in de commissie ruimte dat de NRK doorgaat naar de raad, de wethouder antwoordde op vragen van de commissie dat er wezenlijk niks veranderd in dat beleid. Dat betekend dat de detail handel wel reclame mag uiten op de volant, ook rekken & stoepborden etc. Na een rondje lopen door de binnenstad blijkt dat bijna elke winkel 1-2 stoepborden met reclame heeft staan. Is dit geen ongelijkheid of concurrentie vervalsing?
Gevelheaters Het verbieden van gevelheaters via de NRK of omgevingsvergunning roept vragen op. Wat beoogt de gemeente hiermee te bereiken? Losse branders zijn minder zuinig, minder veilig en minder duurzaam. Gevelheaters zijn juist populair omdat ze wél duurzaam, veilig en zuinig zijn. Bovendien zie je ze vaak nauwelijks omdat ze onder een luifel hangen. Bijna alle terrassen hebben deze heaters. Thijs die straks inspreekt gaat er verder op in. Leuk detail; Rijksdienst voor ondernemend Nederland heeft precies vandaag enquete eruit gedaan over stoel verwarming, misschien wachten op uitkomst? Parasols De “1 paal, 4 kappen”-parasols zouden mogen , maar onder zeer strenge regels. De eisen die gesteld worden, zijn echter niet uitvoerbaar; dergelijke parasols bestaan simpelweg niet in de vorm die de gemeente voorschrijft. Er wordt gezegd dat degene die er nu staan ‘niet mooi’ zijn. Maar wie vindt dat? En waar komt dat precies naar voren? Niet uit het participatie verslag. Zelfs het voorgestelde merk dat de beleidsmakers aandragen voldoet niet aan de door hénzelf opgestelde regels. Tevens zijn alle parasols obstakels het voorgestelde merk is ingeklapt het zelfde obstakel als die er nu staan. Uitgeklapt idem Bloembakken die mogen, maar niet zoals die nu in 80% van de gevallen staan. Aan de rand van een terras, die staan daar met een reden, wind, etsen of veiligheid.
Vergunningstermijn Een termijn van vijf jaar voor een terrasvergunning is geen vooruitgang. Een langere termijn is wenselijk voor ondernemers die moeten kunnen plannen en investeren. Zie ook de begeleidende brief. Dan nog de Onzekerheid rond het Damplein en Plein 1940 De onzekerheid over deze twee pleinen duurt voort. Was het niet logisch geweest om dit eerst uit te zoeken voordat er nieuw beleid werd opgesteld?
fi
Economische gevolgen In de zienswijzen is gevraagd naar de economische impact van dit beleid. Tot op heden hebben wij hier geen antwoord op ontvangen. Wij voorzien negatieve gevolgen: hoge investeringen, waardevermindering van bestaand materiaal en risico’s voor werkgelegenheid.
Winterstad hebben we in ongeveer 15 jaar opgebouwd tot een groot succes. In de nota komt naar voren dat in participatie is gebleken dat er veel waarde gehecht wordt aan uniform en transparante bouwwerken. Dat blijkt niet uit de rauwe data, is wel heel veel aan bod gekomen bij de schouw en bijeenkomst. Maar dat is niet representatief naar alle deelnemers aan de participatie. Volgens de presentatie van maandag 24 november, hier voor u, door een beleidsmedewerker wordt voorgesteld een architect te vragen om een nieuw ontwerp te maken en regels vast te stellen voor Winterstad. U begrijpt dit gaat een grote investering eisen. En de reeds gedane investeringen hoe gaan we hier mee om? Natuurlijk is verbetering mogelijk, maar is de huidige situatie echt zó slecht?
Tot slot; Kijkt u kritisch naar de totstandkoming van dit beleid, de weging van de participanten en als het zo positief blijkt uit participatie en tevens de poll van de PZC, moet er dan zoveel veranderen, moet de huidige situatie dan niet het uitgangspunt zijn van het beleid?
Dank u wel voor het luisteren.