Bijlage 23 Bestemmingsplan - Notitie zienswijzen incl. staat van wijzigingen, gemeente Middelburg, d.d. juni 2021-VERVALLEN
Tekst van het document
Bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020
Notitie van zienswijzen
Vastgesteld door de gemeenteraad van Middelburg op 8 juli 2021 De griffier,
De voorzitter,
A. Rijpert
mr. H.M. Bergmann
1
Leeswijzer Driestar BV wil het bestaande Waterpark Veerse Meer herontwikkelen. Dit vergt herziening van het bestemmingsplan. De hiervoor wettelijk voorgeschreven procedure is in 2019 gestart. Het voorontwerpbestemmingsplan heeft in de zomerperiode van 2020 ter inzage gelegen. Aansluitend is het ontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd van 17 december 2020 tot en met 27 januari 2021, samen met het opgestelde milieueffectrapport. In die periode konden zienswijzen worden ingediend op het ontwerpbestemmingsplan en het milieueffectrapport. In totaal zijn drieëndertig zienswijzen ontvangen. Sommige zienswijzen zien alleen op het ontwerpbestemmingsplan, andere zien op het milieueffectrapport en soms wordt op beide documenten gereageerd. In de voorliggende Notitie van Zienswijzen zijn de zienswijzen samengevat en van een reactie voorzien. Hierbij is ook rekening gehouden met het advies van de Commissie voor de m.e.r. op het milieueffectrapport. Dit advies is verplicht op grond van de Wet milieubeheer. De commissie heeft op twee momenten advies uitgebracht. Op 22 februari 2021 bracht zij een voorlopig toetsingsadvies uit, gevolgd door haar definitieve advies van 27 mei 2021. Zienswijzen die zijn ingediend door particulieren, zijn geanonimiseerd. Binnen de termijn van ter inzage legging zijn tweeëndertig zienswijzen ontvangen. Daarnaast is één zienswijze buiten de termijn ontvangen.
Deze was, zoals blijkt uit het poststempel, ook buiten de termijn ingediend. Dit leidt tot niet-ontvankelijkheid en de (inhoud van de) zienswijze blijft in deze notitie dan ook buiten beschouwing. In de notitie wordt per (onderdeel van de) zienswijze aangegeven of en zo ja, op welke wijze dit leidt tot gewijzigde vaststelling.
2
Zienswijze 1, N.N. te Arnemuiden Samenvatting Op de Derringmoerweg (Arnemuiden) is nu al veel landbouw-, vracht-, en woonverkeer plus 's zomers (lawaai)overlast van motoren. Door het waterpark neemt het aantal verkeersbewegingen nog meer toe. Een structurele oplossing kost veel tijd, reclamant pleit voor een nieuwe ontsluiting vóór de bouw van het park, die ook als bouwweg dient. In de pers (PZC) wordt de Derringmoerweg als bouwweg genoemd. Reclamant suggereert Muidenweg, Oranjepolderseweg, Van Cittersweg, Weg van Kleverskerke naar Veere, Kanaalweg, Kleverskerkseweg. Beantwoording Deze zienswijze heeft geen betrekking op het plan zelf, maar op de uitvoering. Uitvoeringsaspecten zijn in een bestemmingsplanprocedure niet aan de orde. Wel kan hierover het volgende worden opgemerkt. In het onderzoek naar mogelijke routes voor het bouwverkeer zijn de routes beoordeeld op verschillende aspecten. Criteria waarop onder andere beoordeeld is, zijn (1) Het bouwverkeer zo snel mogelijk (liefst direct) leiden naar wegen van hogere orde (2) zo min mogelijk bouwverkeer door de bebouwde kom en via een gewenste wegbreedte van minimaal 6 meter. De beoogde route via de Derringmoerweg voldoet aan deze criteria.
De route via de Weg van Kleverskerke naar Veere voldoet niet aan deze criteria: hierbij is geen sprake van een directe route naar een weg van hogere orde, de rijbaan is te smal en het is bovendien een recreatieve fietsroute. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Het MER bevat geen metingen of prognoses voor verkeershinder op de Derringmoerweg. Beantwoording De Derringmoerweg is opgenomen in het verkeersmodel van Walcheren. Op basis van dit model zijn de verkeersprognoses berekend. De Derringmoerweg is niet apart benoemd in het rapport omdat er geen knelpunten ontstaan en er ook geen grote toename van verkeer is. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting Reclamant heeft een dijkwoning ten noorden van het spoor op de Nieuwe Kraaijertsedijk. Volgens de verkeersveiligheidsanalyse van Goudappel Coffeng is dit een knelpunt. Door uitvoering van het project stijgt het aantal verkeersbewegingen van 700 tot 1.800 mvt/etmaal. Dit is onverantwoord. Voor aanvang van de bouw dient het bestemmingsplan in een veilige en juridisch afdwingbare aanvoerroute te voorzien.
Beantwoording Uit het verkeersonderzoek voor het Waterpark Veerse Meer blijkt dat het nieuwe waterpark niet meer verkeer genereert dan wat er met het vigerende bestemmingsplan al mogelijk is. De verkeersproblematiek verandert niet met het nieuwe bestemmingsplan. De gezamenlijke wegbeheerders erkennen dat, als gevolg van autonome groei van het verkeer en de uitbreiding van recreatieve voorzieningen in het Veerse Meer-zuidgebied, de verkeersproblemen zullen toenemen en bestaande knelpunten zullen verergeren. Om die reden zijn de gezamenlijke wegbeheerders (gemeenten Borsele, Goes en Middelburg en waterschap Scheldestromen) samen met de provincie 3
Zeeland, ProRail en Rijkswaterstaat een onderzoek gestart naar een robuuste ontsluiting van het gebied waarbij oplossingen geboden worden voor het aanpakken van bestaande en toekomstige verkeersknelpunten op de korte, middellange en lange termijn. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Het effect van de toename van (zwaar) verkeer op de dijkwoningen (fundering, gevels) aan de Nieuwe Kraaijertsedijk is niet onderzocht. Beantwoording Deze zienswijze heeft geen betrekking op het plan zelf, maar op de uitvoering. Uitvoeringsaspecten zijn in een bestemmingsplanprocedure niet aan de orde. Wel kan hierover het volgende worden opgemerkt. In de verkenning naar de mogelijke routes voor het bouwverkeer zijn aandachtspunten gesignaleerd waar mogelijk trillinghinder kan ontstaan. De mate van hinder en de kans op eventuele schade is echter op dit moment nog niet aan te geven. Dit is afhankelijk van verschillende factoren zoals de ondergrond, fundatie van de woningen, wegverharding, de omvang in aantallen en zwaarte van het bouwverkeer. Er moeten nog keuzes worden gemaakt over de route(s) van het bouwverkeer. Die keuzes volgen na verdere uitwerking en concretisering van het bouwplan.
Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Er is geen onderzoek gedaan naar de overlast van geluid en trillingen door de verkeerstoename van het verkeer tijdens bouw en exploitatie. Beantwoording Deze zienswijze heeft geen betrekking op het plan zelf, maar op de uitvoering. Uitvoeringsaspecten zijn in een bestemmingsplanprocedure niet aan de orde. Wel kan hierover het volgende worden opgemerkt. In de verkenning naar mogelijke routes voor het bouwverkeer zijn aandachtspunten gesignaleerd waar mogelijk trillinghinder kan ontstaan. Bij de definitieve keuze van de bouwroute zal aan dit aspect nader aandacht gegeven worden. Over verkeer tijdens de exploitatiefase worden keuzes gemaakt op basis van de nu in ontwikkeling zijnde gebiedsontsluitingsvisie. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Het bestemmingsplan maakt een nieuw dorp mogelijk met de omvang van Lewedorp. Er is geen adequate aanvoerweg maar slechts vage beloftes over een gebiedsontsluitingsvisie. Het onderzoek naar een bouwverkeersroute met no-regret-maatregelen geeft onvoldoende vertrouwen.
Beantwoording Zoals hiervoor al aangeven genereert het nieuwe waterpark niet meer verkeersbewegingen dan met uitvoering van het huidige bestemmingsplan zouden ontstaan. Vanwege autonome groei en alle (andere) ontwikkelingen in het Veerse Meer-zuidgebied voeren de gezamenlijke wegbeheerders een 4
integraal onderzoek uit. Dat reclamant hierin op voorhand geen vertrouwen heeft, is prematuur en ongefundeerd. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Als het plan voor het waterpark niet doorgaat dan betekent dit volgens de gemeente niet dat er minder verkeer gaat komen omdat het vigerende bestemmingsplan (2014) dan naar alle waarschijnlijkheid wordt uitgevoerd. De afgelopen 6 jaar heeft niemand het plan willen ontwikkelen, het is niet waarschijnlijk dat iemand dat nu wel wil. Reclamant is van mening dat niet-doorgaan op de korte en middellange termijn in ieder geval 1.180 mvt/etmaal minder betekent. Beantwoording De vorige eigenaar wilde dit plan uitvoeren maar raakte in faillissement. Uiteindelijk is het park in het kader van dat faillissement verkocht aan de huidige eigenaar. In het proces zijn er echter ook bieders geweest die het plan wilden uitvoeren op basis van het bestemmingsplan uit 2014. Dit bestemmingsplan biedt die mogelijkheid en dat is bepalend voor de berekening van de mogelijke verkeersintensiteit op basis van dit plan. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
Samenvatting Vanwege het geplande culturele centrum, visrestaurant en winkel(s) verwacht reclamant veel meer vervoersbewegingen dan 1.180 mvt/etmaal. Als de parkeerplaatsen vol zijn, zetten bezoekers auto's in het gras, net als nu bij het vliegveld. Beantwoording De bij het park behorende leisure- en dagrecreatieve voorzieningen, horeca en detailhandel zijn alleen toegankelijk voor personen die verblijfsrecreatief op het park verblijven, voor gasten van die personen en voor dag-gasten. Per week mogen maximaal 300 motorvoertuigen van dag-gasten worden toegelaten op het recreatiepark, waarbij het aantal motorvoertuigen per dag dient te worden geregistreerd. De verslaglegging hiervan dient op verzoek van het bevoegd gezag te worden overgelegd. Artikel 5.3.5 van de Regels wordt hiertoe gewijzigd. Besluit De zienswijze ontvankelijk en gegrond te verklaren. De zienswijze leidt tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De gemeente is vanaf 2008 bekend met verkeersdruk door realisatie van de plannen en heeft voldoende tijd gehad voor de aanleg van een adequate voorziening naar het park. Vanwege deze nalatigheid dient de gemeente meer geld beschikbaar te stellen voor een snelle no-regret-maatregel voor de bouw- en exploitatiefase.
Beantwoording De toenemende verkeersdruk in het Veerse Meer zuid-gebied van de afgelopen jaren is niet enkel afhankelijk van de ontwikkeling van het waterpark. Wel erkennen de gezamenlijke wegbeheerders dat, als gevolg van autonome groei van het verkeer en de uitbreiding van diverse recreatieve 5
voorzieningen in het totale Veerse Meer zuid-gebied, de verkeersproblemen toenemen en bestaande knelpunten zullen verergeren. Om die reden zijn de gezamenlijke wegbeheerders samen met de provincie Zeeland, ProRail en Rijkswaterstaat een onderzoek gestart naar een robuuste ontsluiting van het totale gebied waarbij oplossingen geboden worden voor het aanpakken van bestaande en toekomstige verkeersknelpunten op de korte, middellange en lange termijn. Een prioriteringsvoorstel maakt onderdeel uit van deze studie. De resultaten hiervan zijn in de zomer van 2021 gereed. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De Nieuwe Kraaijertsedijk ligt deels in de gemeente Goes. Die bewoners zijn nooit door gemeente Middelburg geïnformeerd of uitgenodigd zodat ze geen mogelijkheid hebben gehad inspraakreacties of bezwaren in te dienen tegen het vigerende bestemmingsplan. De bezoekersroute voor het waterpark en het effect daarvan bleek pas uit het antwoord van de gemeente Middelburg op de inspraakreactie van 14 december 2020. De reclamant maakt daarom - voor zover nodig - alsnog bezwaar tegen het vigerende bestemmingsplan. Beantwoording Het op 22 september 2014 vastgestelde bestemmingsplan is voorbereid conform de wettelijke procedure, met diverse publicatiemomenten.
Een ieder heeft zienswijzen kunnen indienen, ook inwoners van buurgemeenten. Dit bestemmingsplan is vastgesteld en is onherroepelijk; er kunnen geen bezwaren, zienswijzen of beroepen (meer) worden ingediend of ingesteld. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting In het vigerende bestemmingsplan ontbreekt, ondanks een volledige verkeersanalyse, een adequate aanvoerroute, omdat de Nieuwe Kraaijertsedijk niet in die analyse is meegenomen. Hierdoor is niet de vereiste kennis vergaard. Beantwoording Het vigerende bestemmingsplan is een consoliderend plan waarin vier oudere bestemmingsplannen zijn samengevoegd. Voor dit nieuwe bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020 is een volledig nieuw verkeersonderzoek uitgevoerd op basis van actuele verkeersintensiteiten, CROW-kengetallen en geactualiseerde verkeersmodellen. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Het pijnpunt op de Nieuwe Kraaijertsedijk is niet meer dan 1 km lang. Met een voet-/fietspad aan de westzijde van de dijk kan voor zo'n kort traject in korte tijd een alternatief worden gerealiseerd. Dit heeft een positief effect op verkeersveiligheid en geluid-/ trillinghinder.
Aan de oostzijde van de dijk kan een verkeersroute worden aangelegd van en naar een spoorwegovergang, parallel aan die op de Nieuwe Kraaijertsedijk.
6
Beantwoording Deze suggestie zal worden meegenomen in de gebiedsontsluitingsvisie. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De reclamant verzoekt om de aanleg van een adequate aanvoerroute in het bestemmingsplan op te nemen voordat met de bouw wordt begonnen, om extra verkeersdruk op de Nieuwe Kraaijertsedijk te voorkomen. Beantwoording Deze zienswijze heeft geen betrekking op het plan zelf, maar op de uitvoering. Uitvoeringsaspecten zijn in een bestemmingsplanprocedure niet aan de orde. Wel kan hierover het volgende worden opgemerkt. In de gebiedsontsluitingsvisie is de Nieuwe Kraaijertsedijk gemarkeerd als aandachtpunt met betrekking tot toename van verkeersintensiteit, verkeersveiligheid en hinder. Binnen deze studie wordt onderzocht welke maatregelen noodzakelijk zijn op de korte, middellange en lange termijn. De relatie met mogelijke routes voor het bouwverkeer wordt hierin meegenomen. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2a, N.N.
te 's Heer Arendskerke (19 ondertekenaars) Samenvatting Het smalle gedeelte van de Nieuwe Kraaijertsedijk op grondgebied van gemeente Goes levert al jarenlang gevaar op voor bewoners, waaronder fietsende en lopende schoolgaande kinderen. Het bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer verveelvoudigt de levensgevaarlijke situaties die zich de afgelopen jaren hebben voorgedaan. Deze verkeerssituatie dient eerst te worden opgelost. Gewezen wordt op: 1. De Nieuwe Kraaijertsedijk is in 2013 geschikt gemaakt voor landbouwverkeer en is daarom qua breedte en kwaliteit ongeschikt voor zwaar (bouw)verkeer. Gewezen wordt op bermschade, slechte verlichting e.d. 2. Kruispunt De Piet met de wegen Nieuwe Kraaijertsedijk, Noord Kraaijertsedijk, Meerkoetweg; 3. Kruispunt Nieuwe Kraaijertsedijk bij de spoorwegovergang met de Oranjeplaatsweg en het zijstraatje bij het spoor; 4. De smalle weg van het viaduct onder de A58; 5. Bouwtechnische gevolgen en geluidsoverlast door toename (zwaar bouw)verkeer. Reclamanten willen suggesties en alternatieven tijdens een inspraakavond naar voren brengen. Beantwoording Als we uitgaan van de huidige ontsluiting van het Veerse Meer-zuidgebied dan zal de verkeersintensiteit op de Nieuwe Kraaijertsedijk sterk toenemen. Ongeacht of het vigerende bestemmingsplan of het plan Driestar wordt uitgevoerd, de toename van de verkeersdruk is voor beide situaties aanzienlijk.
Hetgeen is aangegeven in de zienswijzen is bij de gemeente bekend en heeft er mede toe bijgedragen dat de gezamenlijke wegbeheerders een gebiedsontsluitingsvisie opstellen waarin oplossingen worden voorgesteld voor de gesignaleerde knelpunten. De bewoners worden via participatiebijeenkomsten betrokken bij de opstelling van deze gebiedsontsluitingsvisie.
7
Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2b, N.N. te 's Heer Arendskerke (19 ondertekenaars) Samenvatting Reclamanten vragen aandacht voor (1) de spoorovergang (onvoldoende ruimte voor tweerichtingsverkeer: fietsers en voetgangers tegelijk), (2) de kruising met de zijstraat over het spoor en de wei over de dijk, en (3) de smalle en nauwe passage onder het viaduct. Beantwoording In het kader van de gebiedsontsluitingsvisie dient in opdracht van ProRail een verkeersveiligheidsanalyse voor de spoorwegovergangen uitgevoerd te worden. De conclusies en aanbevelingen worden meegenomen in de gebiedsontsluitingsvisie. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2c, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting Is er geen MER beschikbaar van 29 mei 2020? Beantwoording Aangenomen wordt dat wordt gedoeld op het nog niet voorhanden zijn van een MER bij het voorontwerpbestemmingsplan. Dit klopt, dit is ter inzage gelegd bij het ontwerpbestemmingsplan. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De nieuwe aanvliegroute kruist de spoorlijn en snelweg.
Beantwoording Dit valt buiten het kader van het bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De spoorwegovergang van de Nieuwe Kraaijertsedijk richting Lewedorp is erg onoverzichtelijk. Beantwoording Dit betreft de huidige situatie en valt daarmee onder verantwoordelijkheid van de wegbeheerder. In de gebiedsontsluitingsvisie nemen we dit mee als aandachtspunt. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. 8
Samenvatting De kruising Nieuwe Kraaijertsedijk - Meerkoetweg - Noord Kraaijertsedijk is erg gevaarlijk. Beantwoording Dit betreft de huidige situatie en valt daarmee onder verantwoordelijkheid van de wegbeheerder. In de Gebiedsontsluitingsvisie nemen we dit mee als aandachtspunt. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Stuntvliegers veroorzaken lawaai en zijn het gevaarlijkst. Beantwoording Het bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020 ziet niet op mogelijke overlast van vliegtuigen. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Er treedt waardevermindering van woonhuizen op. Beantwoording Het is de vraag of, als deze waardevermindering er inderdaad is, dit toe te rekenen is aan het bestemmingsplan zoals dat nu voorligt aangezien dat niet meer verkeer genereert dan het bestemmingsplan uit 2014. Dit zal per individueel geval moeten worden beoordeeld. Mocht er inderdaad sprake zijn van waardevermindering (planschade), dan geldt hiervoor een afzonderlijke procedure. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
Zienswijze 2d, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting Reclamanten maken geen bezwaar tegen de uitvoering van het bestemmingsplan. Driestar is bij participatiebijeenkomsten een goede partij gebleken die een relatief luxe park wil neerzetten met veel groen en oog voor omgeving en natuur. Goed voor werkgelegenheid en economie; is nodig om vergrijzing tegen te gaan en biedt toekomst aan de kinderen. Beantwoording Van deze reactie wordt kennis genomen. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
9
Zienswijze 2e, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting Reclamanten hebben bezwaar tegen de afwikkeling van verkeer, bouwverkeer en landbouwverkeer naar weegbrug CZAV, toenemende bermschade, schade aan spoorwegovergang, te hard rijdend verkeer, slechte/ontbrekende verlichting, ontbreken gescheiden fiets-/wandelpad, veranderende samenstelling bewoners 'geitendorp', die aan de rand van de gemeente wonen en daardoor geen steun van de gemeente krijgen (afvalputje gemeenten Goes en Borsele, zonnepanelenpark). Middelburg plukt de vruchten en Borsele en Goes hebben de lasten/overlast. Er wordt gesproken met bewoners van Lewedorp en Arnemuiden maar niet van 's Heer Arendskerke. Beantwoording In deze zienswijze is sprake van actuele klachten waarvoor de wegbeheerder verantwoordelijk is. De genoemde punten nemen we wel mee in de Gebiedsontsluitingsvisie. Bij de uitwerking van de Gebiedsontsluitingsvisie worden de bewoners betrokken zoals dat ook het geval was bij de dialoogbijeenkomsten voor het Waterpark Veerse Meer. Meerdere bewoners van het dorp waren hierbij aanwezig. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2f, N.N. te 's Heer Arendskerke, ontvangen op 5 januari 2021 Samenvatting Graag aandacht voor kruispunt De Piet waar vier wegen samenkomen.
In toeristenseizoen teveel verkeer: oogstseizoen, (grote) landbouwmachines, vrachtwagens, fietsers en wandelaars. Breng verkeersremmers aan op de Nieuwe Kraaijertsedijk en de Meerkoetweg. Beantwoording Dit aandachtspunt zal nader worden onderzocht in de uitwerking van de Gebiedsontsluitingsvisie Veerse Meer-zuid. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 2g, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting De spoorwegovergang is niet bestand tegen zwaar verkeer. Slechte verlichting waardoor er onvoldoende overzicht en veiligheid is. Er wordt te hard gereden: met toename van verkeer komt er meer gevaar. Beantwoording In het kader van de gebiedsontsluitingsvisie dient er in opdracht van ProRail een verkeersveiligheidsanalyse voor de spoorwegovergangen uitgevoerd te worden. De conclusies en aanbevelingen worden meegenomen in de gebiedsontsluitingsvisie. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
10
Zienswijze 3, N.N. te 's Heer Arendskerke Samenvatting Reclamanten bewonen en exploiteren een akkerbouwbedrijf aan de Nieuwe Kraaijertsedijk (gem. Goes). Diverse navigatiesystemen sturen het verkeer via de afslag Heinkenszand naar de Postweg, Vlaamseweg en de Nieuwe Kraaijertseweg naar het Veerse Meer. De twee laatstgenoemde wegen zijn ongeschikt voor dergelijke verkeersstromen. De wegen zijn smal en (landbouw)verkeer kan niet uitwijken. Reclamanten vragen om samen met de andere betrokken partijen te komen tot een optimale en veilige verkeersafwikkeling voor het nog te realiseren waterpark. Dit is van belang voor de recreatie, agrarische bedrijvigheid en de omwonenden in het buitengebied. Beantwoording Vanuit de gesignaleerde problematiek hebben de gezamenlijke wegbeheerders besloten een gebiedsontsluitingsvisie op te stellen met maatregelen voor de korte, middellange en lange termijn om zo te komen tot een robuuste ontsluiting van het Veerse Meer-zuidgebied. Voor de huidige problematiek met betrekking tot navigatiesystemen kan de wegbeheerder contact opnemen met de diverse kaartenmakers van deze systemen om de beperkingen van deze routes door te geven. Besluit De zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
Zienswijze 4, Stadsraad Veere Samenvatting De ontwikkeling van het waterpark biedt meer gelegenheid tot toeristisch verblijf en leidt dus tot meer toeristische druk. De stelling van uitwisseling van druk met het nu vigerende plan klopt niet. Beantwoording Op basis van het vigerende plan kunnen er meer eenheden worden gebouwd dan op basis van het nieuwe bestemmingsplan. De verkeersgeneratie voor het (nieuwe) waterpark is berekend op basis van de CROW-kengetallen (publicatie 381). De CROW hanteert voor de verkeersgeneratie per functie een bandbreedte. In het verkeersonderzoek is uitgegaan van maximale waarde van de bandbreedte. Op basis van het vigerende bestemmingsplan is met dezelfde actuele CROW-richtlijn de verkeersgeneratie van de verschillende functies doorgerekend. De conclusie is dat de verkeersproductie van het bestemmingsplan uit 2014 vergelijkbaar is met de verkeersproductie op basis van het ontwerpbestemmingsplan. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De bebouwing leidt tot vernieling van de weidsheid. Het schaamgroen met bomen hoort in het Zeeuwse landschap niet thuis. Beantwoording Met het plan voor Waterpark Veerse Meer is er sprake van minder bebouwingseenheden dan in het huidige bestemmingsplan zijn toegestaan.
Door de grotere oppervlakte kan meer kwaliteit worden geboden en is er ook meer ruimte voor landschapscreatie. Zo is de geschiedenis van de plek een belangrijk uitgangspunt geweest voor het maken van het ontwerp. Tot de afsluiting van het Veerse Meer in 1961 stond het meer onder invloed van getijde en was het plangebied een schorrengebied met een fijnmazig netwerk van kreken. Deze structuur is inspiratie geweest voor de krekenstructuur in het inrichtingsplan. Echter, het landschap is geen stilstaand beeld. Het natuurlijk leven is erg veranderd na de afsluiting van het Veerse Meer door de Veerse Gatdam: de (avi)fauna van het 11
getijdengebied is er niet meer. Het huidige recreatiepark is nu een grote camping, half afgebouwd, grenzend aan landbouwgebied. De voorgenomen ontwikkeling betreft een uitbreiding van één van deze aanwezige recreatieparken, waarmee een enorme kwaliteitsslag wordt gemaakt. N.a.v. participatie is ervoor gekozen om het oostelijke deel, in totaal circa 14 hectare, te bestemmen als natuur met een vergelijkbare inrichting als Natuurgebied de Middelplaten. Op deze manier blijft dit gedeelte open en blijft het mogelijk vanaf de Muidenweg over dit gedeelte uitzicht op het meer te hebben. Het overige deel van het terrein zal vanwege de inpassing van het landschap juist veel opgaand groen bevatten. Hierbij is met precisie gezocht naar aansluiting bij de principes van het landschapsplan van Nico de Jonge uit 1960, met een inrichting die teruggrijpt op de oorspronkelijke inrichting van het gebied met kreken, platen en bosschages. Met de realisatie van het nieuwe Waterpark komt er veel meer ruimte voor onderwaterleven, oevervegetatie en vogelsoorten die bos en beplantingen nodig hebben. De natuurwaarden in het gebied nemen hiermee aanzienlijk toe. In de plantoelichting is dit in paragraaf 3.2.2 nader toegelicht. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
Samenvatting Het natuurgebied met kreken wordt ook toegankelijk voor toeristen en wordt daarmee een recreatiegebied waar voor natuur weinig plaats is. De verstoring van de natuur door meer mensen en meer bebouwing strekt zich uit tot het aangrenzende Natura 2000-gebied. Beantwoording Met de realisatie van het nieuwe waterpark komt er veel meer ruimte voor onderwaterleven, oevervegetatie en vogelsoorten die bos en beplantingen nodig hebben. De natuurwaarden in het gebied nemen hiermee aanzienlijk toe. Uit de passende beoordeling blijkt dat de natuurlijke kenmerken van Natura 2000-gebieden, waaronder die van het aangrenzende Natura 2000-gebied, niet worden aangetast. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De Stadsraad is blij dat serieus wordt gekeken naar de verkeersproblematiek, maar vindt het zorgelijk dat de uitbreiding van het waterpark als ondergeschikt probleem wordt gezien. De Stadsraad dringt aan op het verhalen van de kosten van verkeersmaatregelen op de ontwikkelaar (wettige profijtbeginsel). Beantwoording Van deze zienswijze wordt kennis genomen. Het beginsel waarop reclamant doelt is in deze situatie niet van toepassing. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren.
De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Het bescheiden opknappen van het huidige park op kleine schaal, zonder uitbreiding, is niet een probleem zolang dit ook aan de bevolking ter beoordeling wordt voorgelegd. 12
Beantwoording Dit is niet de ambitie van de ondernemer en ook niet die van het bestemmingsplan. De gemeenteraad heeft zich op 8 oktober 2018 positief uitgesproken over de ambities van de ondernemer. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Zienswijze 5, Veiligheidsregio Zeeland Samenvatting In de toelichting staat dat toekomstige werknemers geïnformeerd moeten worden over de risico’s. Dit geldt naast de werknemers uiteraard ook voor de bezoekers en alle andere aanwezigen. Ons advies is om dit nog in de Toelichting aan te passen. Beantwoording De gevraagde toevoeging wordt opgenomen in paragraaf 8.2 van de Toelichting. Besluit De zienswijze ontvankelijk en gegrond te verklaren. De zienswijze leidt tot wijziging van het bestemmingsplan door een toevoeging in de Toelichting. Zienswijze 6, N.N. te Arnemuiden Samenvatting Reclamant heeft een akkerbouwbedrijf in Suzannapolder en vreest voor klachten als gevolg van bemesten met o.a. champost. Bemesting vindt m.n. plaats in periode dat er weinig overnachtingen zijn in stacaravans, maar voorgenomen uitbreiding en omzetting (plm. 1.000 stuks) naar luxe kampeerboerderijen leidt tot intensievere bezetting en dus meer klachten. Dit is een gevaar voor exploitatie van het akkerbouwbedrijf.
De reclamant is bang voor schadeverhaal bij vertrekkende gasten van waterpark, stilleggen activiteiten akkerbouwbedrijf en negatieve publiciteit beide bedrijven. Beantwoording De agrarische gronden die in eigendom zijn bij reclamant liggen op ten minste 450 meter afstand van het bestemmingsplangebied. Dit betreft de afstand tot de begrenzing van het gebied dat nu al een recreatieve bestemming heeft en waar met het nieuwe bestemmingsplan verdunning zal plaatsvinden. Op grond van de VNG-brochure 'Bedrijven en milieuzonering' is een champignonkwekerij met mestfermentatie aan te merken als bedrijvigheid in milieucategorie 3.2, met een richtafstand van 100 meter voor wat betreft geur (SBI-0113). Deze richtafstand wordt ruimschoots in acht genomen. Klachten omtrent hinder ten aanzien van het akkerbouwbedrijf in Suzannapolder zijn dan ook onwaarschijnlijk. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De gronden van het akkerbouwbedrijf van reclamant liggen aan beide zijden snelweg/spoor. Reclamant moet vaak met groot/zwaar verkeer door de kern van Arnemuiden. Toenemend verkeer in dorp is negatief voor exploitatie van zijn bedrijf.
Hij twijfelt aan de juistheid van rapportages Goudappel Coffeng: geen correcte uitgangspunten gehanteerd voor referentiesituatie en plan Driestar. Wat juridisch mogelijk is binnen bestemmingsplan moet uitgangspunt zijn. De bebouwing 13
neemt in volume (m³) toe met factor 14 t.o.v. huidige bestemmingsplan. Het maximaal aantal overnachtingsmogelijkheden zegt niets over toeloop overdag naar vakantiewoningen en naar centrale voorzieningen. Beantwoording Binnen het vigerende bestemmingsplan is uitbreiding mogelijk tot 668 chalets, stacaravans of andere accommodatievormen, 180 bungalows, 241 toeristische standplaatsen, 2 bedrijfswoningen en 246 ligplaatsen. In de CROW-kengetallen wordt de verkeersgeneratie (het aantal verplaatsingen van gemotoriseerd verkeer) per recreatie-eenheid weergegeven, niet op basis van volumes van woningen. De CROW-kengetallen worden regelmatig herzien: ten aanzien van recreatieve voorzieningen is het kengetal in de afgelopen 10 jaar gestegen. Het CROW geeft geen onderbouwing voor de ophoging van het kengetal in de periode tussen 2008 en 2018. Het ligt echter in de lijn der verwachting dat dit met name veroorzaakt wordt door algemene ontwikkelingen in deze branche. Zo is de gemiddelde huisjesgrootte (het aantal slaapplekken per vakantiehuis) in de afgelopen 10 jaar toegenomen: waar 10 jaar geleden een grootte van 4 tot maximaal 8 personen de ‘standaard’ was, zijn er nu meer huisjes voor grotere groepen. Aanvullend (dus niet in de plaats van) zijn de berekeningen op basis van de CROW-kengetallen vergeleken met praktijkcijfers van recreatiepark Hof van Saksen (Drenthe).
Dit heeft eenzelfde kwaliteitsniveau als Waterpark Veerse Meer en ook een vergelijkbaar gemiddeld aantal bedden per recreatie-eenheid (6,1 bedden per woning in Hof van Saksen versus 6,3 bedden per woning in Waterpark Veerse Meer). De verkeersgeneratie voor Hof van Saksen in 2019 is berekend op 1,6 per woning op een gemiddelde weekdag in het hoogseizoen, terwijl de werkelijke verkeersgeneratie 58% lager ligt. In de verkeersstudie voor Waterpark Veerse Meer is gerekend met een kengetal van 2,8 verkeersbewegingen per recreatiewoning, waarbij die norm is in het hoogseizoen met 40% is opgehoogd. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De lokale belastingbetaler moet betalen voor voorzieningen, winsten gaan waarschijnlijk naar de provincie. Grondeigenaren (waaronder mogelijk ook reclamant) moeten grond afstaan voor ontsluiting van het park. Daarom vraagt reclamant om nieuwe infrastructuur tussen mogelijke nieuwe ontsluiting op A58 en het park alleen op vrijwillige basis te laten plaatsvinden. Beantwoording Het verkeersprobleem is in de eerste plaats voor het overgrote deel een nu al bestaand probleem, wat niet veroorzaakt wordt door de herontwikkeling van Waterpark Veerse Meer.
Een oplossing voor deze problematiek is dringend gewenst en nodig, maar staat los van het plan voor het waterpark. In beginsel zal altijd geprobeerd worden om op basis van vrijwilligheid en redelijkheid tot afspraken over grondverwerving te komen, ook voor infrastructuurvoorzieningen. De gemeente kan en wil echter geen toezegging doen dat zij de aanleg van deze voorzieningen ten principale afhankelijk maakt van de instemming van individuele eigenaren. Het verkeersprobleem is in de eerste plaats voor het overgrote deel een nu al bestaand probleem, wat niet veroorzaakt wordt door de herontwikkeling van Waterpark Veerse Meer. Een oplossing voor deze problematiek is dringend gewenst en nodig, maar staat los van het plan voor het waterpark. In beginsel zal altijd geprobeerd worden om op basis van vrijwilligheid en redelijkheid tot afspraken over grondverwerving te komen, ook voor infrastructuurvoorzieningen. De gemeente kan en wil echter geen toezegging doen dat zij de aanleg van deze voorzieningen ten principale afhankelijk maakt van de instemming van individuele eigenaren. 14
Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De inspreker twijfelt aan de kwaliteit van het verkeersonderzoek door Goudappel Coffeng: er is geen rekening gehouden met type/grootte vakantiewoningen, toeleveranciers, toeloop naar centrale voorzieningen van buitenaf, personeel, piekdruktes, extra fietsers en bepaalde evenementen. Verkeersdrukte kan belangen van reclamant schaden. Wil Wob-verzoek doen voor modellen en data verkeersonderzoek. Beantwoording Om de verkeerseffecten van het voorkeursalternatief Plan Driestar te bepalen is gebruik gemaakt van de CROW-kengetallen, zoals vastgelegd in CROW-publicatie 381, december 2018. Hierbij zijn voor de verschillende accommodatievormen de meest strenge normen gehanteerd. In het kengetal voor de functie 'bungalowpark' is de verkeersproductie van toeleveranciers en personeel meegenomen. Verder zijn ook berekeningen uitgevoerd voor een piekdag (middels een ophoogfactor van 40% voor het hoogseizoen). De rapportages zijn openbaar en zijn te raadplegen op de gemeentelijke website. Daarvoor is geen WOB-verzoek benodigd. Hierin zijn ook de uitgangspunten voor de achterliggende data opgenomen.
De bij het park behorende leisure- en dagrecreatieve voorzieningen, horeca en detailhandel zijn alleen toegankelijk voor personen die verblijfsrecreatief op het park verblijven, voor gasten van die personen en voor dag-gasten. Per week mogen maximaal 300 motorvoertuigen van dag-gasten worden toegelaten op het recreatiepark, waarbij het aantal motorvoertuigen per dag dient te worden geregistreerd. De verslaglegging hiervan dient op verzoek van het bevoegd gezag te worden overgelegd. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Heeft de gemeente Middelburg financieel belang bij realisatie van het waterpark? Een gesloten deal kan meer kosten dan nu al het geval is. Het is onwenselijk dat bijkomende kosten voor bijv. aanpassing infrastructuur of ondeugdelijke afspraken over terugbetalingen/leningen of andere kostenposten hoger zijn dan de nu geleden kosten. Staat de gemeente open voor een Wob-verzoek tot volledige openheid van alle gesloten contracten en (financiële) afspraken m.b.t. het waterpark? Beantwoording De gemeente heeft in zoverre een financieel belang bij het doorgaan van de ontwikkeling van Waterpark Veerse Meer dat, wanneer dit park gerealiseerd wordt, zij daarvan inkomsten zal krijgen in de vorm van toeristenbelasting.
Dat geldt overigens ook als een alternatief plan gerealiseerd zou worden binnen de huidige bestemmingsplanmogelijkheden. Voor het overige geldt dat alle gemaakte (financiële en andere) afspraken zijn vastgelegd in een anterieure overeenkomst die volledig openbaar is en te raadplegen is op de gemeentelijke website. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
15
Samenvatting Reclamant vraagt zich als inwoner van Arnemuiden af wat de gemeente vindt van de impact van zo'n groot park op de sociale cohesie van de gesloten gemeenschap van Arnemuiden. Beantwoording In de eerste plaats staat het huidige bestemmingsplan meer overnachtingseenheden toe dan het plan waarvoor nu een ontwerp is gemaakt. Dit nieuwe plan kenmerkt zich door de grote hoeveelheid en kwalitatief hoogwaardige voorzieningen voor de beoogde doelgroep, waardoor bezoekers meer op het park zullen verblijven dan in vergelijkbare parken of bij een park zoals het vigerende bestemmingsplan dat nu toestaat. Ook zoekt de initiatiefnemer juist de samenwerking met lokale bedrijven en instellingen voor de beoogde exploitatie van het park. Op die manier zal de initiatiefnemer rekening houden met de sociale cohesie en daar waar mogelijk aan bijdragen. De (gekozen) gemeenteraad heeft zich op 8 oktober 2018 positief uitgesproken over de ambities van de ondernemer. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De misschien wel beste zoetwaterbel van Zeeland ligt nabij het Waterpark. Deze is bij de toenemende droogte van onschatbare waarde.
Hoe wordt dit gecompenseerd? De benodigde toename van zoetwater als gevolg van regenval verdwijnt door de bouw van huizen met zoutwaterpartijen. Dit verkleint de beregeningsmogelijkheden en dat leidt tot prijsopdrijving van agrarische grond. Hoe worden deze belangen gewaarborgd? Beantwoording De zoetwaterbel ligt in de ondergrond van de Calandpolder en strekt zich slechts voor een klein deel uit onder de gronden tussen de Muidenweg en de oever van het Veerse Meer. De begrenzing van het recreatiepark blijft hiervan op respectabele afstand. Met de beoogde ontgraving van gronden voor de nieuwe kreken in het landschapsontwerp, wordt met het aanbrengen van verschil in waterpeil (waardoor 'tegendruk' ontstaat) eveneens op de aanwezigheid van deze zoetwaterbel geanticipeerd. Hierover is overlegd met het waterschap Scheldestromen. Feitelijk voorziet de ontwikkeling op tal van fronten op het voorkómen van verdere verzilting van de omgeving. Van verplaatsing van landbouwgronden naar gronden zonder zoet water is geen sprake. Er is geohydrologisch onderzoek uitgevoerd om het effect van deze ontwikkeling op de zoetwaterbel te bepalen (zie bijlage 7 bij het bestemmingsplan, Sweco, 26 juni 2020).
Hieruit blijkt dat het grondwater ter plaatse van het uitbreidingsgebied van het waterpark naar verwachting zout zal worden door menging van water vanuit de kreken met het zoete grondwater ter plaatse. Door het opzetten van het peil wordt de invloed op de omgeving opgeheven, waardoor de verwachting is dat de invloed op de zoetwatervoorkomens nihil is. Ook hierover is overlegd met het waterschap; in de nog aan te vragen en te verlenen (benodigde) watervergunning worden afspraken opgenomen over de borging van deze mitigerende maatregel en de monitoring daarvan. De aanleg van het natuurgebied kan leiden tot een hogere grondwaterstand, waardoor de dikte van de zoetwaterlens naar verwachting zal toenemen. In combinatie met ophoging van het maaiveld kan dit ertoe leiden dat zoetwatervoorkomens verder gemitigeerd worden. Hiertoe worden de stijghoogten en geleidbaarheid in de directe omgeving gemonitord. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. 16
Samenvatting Reclamant is sinds 7 jaar initiatiefnemer van een kleinschalige recreatievoorziening bij Wolphaartsdijk (gem. Goes). Kleinere projecten zijn makkelijker tegen te houden door weerstand tegen nieuwbouw vakantiehuizen en omzetten stacaravans naar huisjes in grote projecten zoals Waterpark Veerse Meer 2020. NN loopt hierdoor ook vertraging op en vreest voor niet doorgaan. Gebiedsvisie Veerse Meer wordt opgesteld zodat alle plannen een eerlijke kans krijgen. Waterpark Veerse Meer 2020 krijgt nu al status, is oneerlijk t.o.v. plan reclamant, hem is gevraagd te wachten met zijn plan in afwachting van de gebiedsvisie. Beantwoording Voor de doorontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer heeft de gemeenteraad in oktober 2018 ingestemd met een anterieure overeenkomst. Daarmee heeft de initiatiefnemer bestuurlijke zekerheid gekregen dat de planvorming kon doorgaan. In november 2019 is het proces voor het maken van een nieuwe Gebiedsvisie Veerse Meer gestart. De eerste fase hiervan is intussen ook bestuurlijk vastgesteld. Om ondernemers duidelijkheid te geven over het beleid waar de plannen aan worden getoetst, is besloten dat voor alle ontwikkelingen waarvoor vóór 1 augustus 2020 een ontwerpbestemmingsplan ter inzage is gelegd of een anterieure overeenkomst is gesloten, het vigerende beleid van toepassing is. Dit zijn zogenoemde 'pijplijnprojecten'.
Deze besluitvorming geldt voor zowel kleine als grote projecten: daarin is geen onderscheid gemaakt. Wel is in fase 1 van de gebiedsvisie afgesproken dat betrokken partijen ernaar streven de uitwerking van de plannen zoveel mogelijk te doen overeenkomstig de uitgangspunten van de nieuwe gebiedsvisie Veerse Meer (zie Besluitvormingsnotitie Fase 1 Gebiedsvisie Veerse Meer 2020-2030, pagina 24). Voor de plannen van reclamant is gemeente Goes bevoegd gezag. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Ondernemer met vergunning voor bijv. stacaravans mag niet meer rechten hebben dan ondernemer met land waarop nog niets staat. Reclamant is al 7 jaar bezig, plan Waterpark Veerse Meer is amper een jaar oud. Moeten wachten op Gebiedsvisie voelt als onrecht. Argument van kwaliteitsverbetering is ongegrond: aantal eenheden daalt wel, maar oppervlakte en volume van eenheden stijgt. In zowel de huidige als nieuwe situatie weet je nooit in welke handen het park uiteindelijk terechtkomt en wat de kwaliteit wordt. De mogelijkheden voor stenen bebouwing (oppervlakte, aantal, hoogte) worden in het nieuwe bestemmingsplan veel groter, dat kan leiden tot lagere kwaliteit. Beantwoording Het Waterpark Veerse Meer biedt minder eenheden dan het huidige bestemmingsplan toestaat.
Door de grotere oppervlakte kan meer kwaliteit worden geboden en is er ook meer ruimte voor landschappelijke inrichting en natuurontwikkeling. Het plan wordt grotendeels aan het zicht onttrokken vanaf het Veerse Meer zodat dit plan zal bijdragen aan een hogere kwaliteit voor het Veerse Meer. Hiervoor zijn onder meer afstanden van bebouwing tot het Veerse Meer aangehouden (min. 175-200 meter), zijn delen groen bestemd en zijn maximale hoogtes opgenomen op de verbeelding van het bestemmingsplan. Ook de groene afscherming van het terrein naar de omgeving is juridisch geborgd. Voor de plannen van reclamant is de gemeente Goes het bevoegde gezag. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
17
Zienswijze 7, N.N. te Wolphaartsdijk Samenvatting Het park wordt qua oppervlak en woningen een van de grootste van Nederland en past niet in de kleinschaligheid van het Veerse Meer en Zeeland. Veel inwoners van Middelburg maar ook elders woonachtige Zeeuwen zijn tegen het park. Beantwoording Er is uitgebreid nagedacht en overlegd met zowel experts als bewoners en belanghebbenden om tot een goede landschappelijke inpassing te komen. Over het uiteindelijke landschapsplan is een waardering uitgesproken. De gemeenteraad, de gekozen volksvertegenwoordiging, heeft zich op 8 oktober 2018 positief uitgesproken over de gestelde ambities. Het is ook de gemeenteraad die uiteindelijk een integraal afgewogen besluit zal nemen omtrent de vaststelling van het bestemmingsplan. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De omvang heeft desastreuze gevolgen voor natuur, ruimte en openheid in het gebied. Het Natura 2000-gebied het Veerse Meer lijdt eronder, en het kenmerkende Zeeuwse landschappelijke karakter wordt onacceptabel aangetast. Beantwoording Ten aanzien van het kenmerkende Zeeuwse landschappelijke karakter: de geschiedenis van de plek is een belangrijk uitgangspunt geweest voor het maken van het ontwerp.
Tot de afsluiting van in 1961 stond het het Veerse Meer onder invloed van getijde en was het plangebied een schorrengebied met een fijnmazig netwerk van kreken. Deze structuur is inspiratie geweest voor de krekenstructuur in het inrichtingsplan. Echter, het landschap is geen stilstaand beeld. Het natuurlijk leven is erg veranderd na de afsluiting van het Veerse Meer door de Veerse Gatdam: de (avi)fauna van het getijdengebied is er niet meer. Het waterpark is nu een grote camping, half afgebouwd, grenzend aan landbouwgebied. Ten aanzien van de natuurwaarden: met de realisatie van het nieuwe Waterpark komt er veel meer ruimte voor onderwaterleven, oevervegetatie en vogelsoorten die bos en beplantingen nodig hebben. Aan de oostkant van het plangebied wordt een natuurgebied met inrichting vergelijkbaar aan de Middelplaten gerealiseerd. De verwachting is dat de natuurwaarden juist aanzienlijk toenemen. Ten aanzien van de openheid in het gebied: de weidsheid van het Veerse Meer is één van de ruimtelijke kwaliteiten waarmee zoveel mogelijk rekening is gehouden bij het maken van het inrichtingsplan. De ondernemer heeft steeds het uitgangspunt gehad om een deel van het terrein in te richten voor natuur. Naar aanleiding van. de participatie is ervoor gekozen om het oostelijke deel, in totaal circa 14 hectare, te bestemmen als natuur met een inrichting vergelijkbaar aan de Middelplaten.
Op deze manier blijft dit gedeelte open en blijft het mogelijk vanaf de Muidenweg over dit gedeelte uitzicht op het meer te hebben. Het overige deel van het terrein zal vanwege de inpassing van het landschap juist veel opgaand groen bevatten. De openheid verdwijnt hier voor een deel, maar er is met precisie gezocht naar aansluiting bij de principes van het landschapsplan van Nico de Jonge uit 1960, met een inrichting die teruggrijpt op de oorspronkelijke inrichting van het gebied met kreken, platen en bosschages. Al met al voegt de nieuwe inrichting meer natuurwaarden (water, oevers en bosschages) toe aan de omgeving. Ten aanzien van Natura 2000-gebied: in het kader van de milieueffectrapportage is aanvullend onderzoek gedaan naar de effecten op de Natura 2000-gebieden en op de Natuur Netwerk Nederland/Zeeland gebieden. Uit de effectbeoordeling blijkt dat zowel tijdens de aanleg als in de gebruiksfase geen sprake is van een onevenredige aantasting van de wezenlijke kenmerken en waarden van het Natuur Netwerk Zeeland. Ook wordt aangetoond dat er geen verslechtering of (significante) verstoring zal optreden als gevolg 18
van de gebruiksfase van Waterpark Veerse Meer. Het project leidt er dan ook niet toe dat het halen van de instandhoudingsdoelen in de relevante Natura 2000-gebieden geschaad wordt. Derhalve is verzekerd dat de natuurlijke kenmerken van deze Natura 2000-gebieden niet worden aangetast. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De toeristische druk wordt te hoog. Beantwoording Ten opzichte van de mogelijkheden in het vigerende bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer uit 2014 neemt de capaciteit van het aantal overnachtingsplaatsen in het nieuwe bestemmingsplan af in plaats van toe. Bovendien kenmerkt het nieuwe plan zich juist door uitgebreide en kwalitatief hoogwaardige voorzieningen op het park zelf, waardoor gasten veelal op het park zullen blijven en de toeristische druk elders minder zal zijn dan bij een ontwikkeling conform het vigerende bestemmingsplan. Met het verkeersonderzoek van Goudappel Coffeng is inzichtelijk gemaakt wat de effecten zijn van de (recreatieve) ontwikkelingen en autonome groei van het verkeer in het Veerse Meer-zuidgebied op basis van de huidige verkeersstructuur. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan.
Samenvatting In september 2019 is een door 13.000 mensen ondertekende petitie aangeboden aan gemeente Middelburg. Deze mensen hebben bezwaar tegen de exceptionele plannen van het waterpark. In augustus 2020 is in gemeente Goes door 1.200 mensen een enquête ingevuld over de Gebiedsvisie Veerse Meer. Een overgrote meerderheid is tegen uitbreiding van verblijfsrecreatiegebieden. Beantwoording De zorgen die uit de petitie bleken zijn betrokken bij de verdere planuitwerking. Over zowel verkeer als landschappelijke inpassing en natuur heeft een uitvoerig participatietraject plaatsgevonden. Verder wordt opgemerkt dat de gemeenteraad bij de vaststelling een integrale afweging zal maken. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De Besluitvormingsnotitie Gebiedsvisie Veerse Meer probeert te voldoen aan de wensen van burgers en organisaties. De meerderheid van de Zeeuwen wil geen nieuwe parken en bebouwing. Het is onbegrijpelijk dat de Middelburgse gemeente en politiek het plan steunt en uitwerkt. Beantwoording In de Besluitvormingsnotitie fase 1 Gebiedsvisie Veerse Meer (mei 2020) zijn tevens afspraken gemaakt over het overgangsrecht. In onze democratie hechten we eraan dat ondernemers bestuurlijke zekerheid krijgen gedurende een planontwikkeling.
Het zou niet eerlijk zijn de spelregels gedurende het traject te veranderen. Omdat de doorontwikkeling van het waterpark al in oktober 2018 is geaccordeerd door de gemeenteraad, is dit een zogenaamd 'pijplijnproject'. Dat houdt in dat de ontwikkeling wordt getoetst aan het vigerende beleid. Dat neemt niet weg dat vanaf het begin een duidelijke link is gelegd met de Gebiedsvisie Veerse Meer. De uitgangspunten uit de 19
Besluitvormingsnotitie fase 1 Gebiedsvisie Veerse Meer zijn meegenomen in het ontwerp van het waterpark. Zo zijn onder meer voorwaarden gesteld aan zicht vanaf het meer en vanaf de weg, aan de openbare toegankelijkheid van het park en in het bijzonder aan de inrichting van de oevers. Het waterpark is overigens geen nieuw park, maar een bestaand park waarbij de afronding en vernieuwing door een faillissement nooit is afgebouwd en dat nu verloederd is. Het vigerende bestemmingsplan biedt ruimte aan 1.335 verblijfseenheden, een aantal gebaseerd op de Gebiedsvisie Rondom het Veerse Meer (2004) waarin deze plek was aangewezen als hot spot. Overigens heeft dit onderdeel van de zienswijze betrekking op de gebiedsvisie en niet op het bestemmingsplan. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting In de Nota van Beantwoording van oktober 2020 is aangegeven dat het om een pijplijnproject gaat. Waarom is dit, wie heeft dit bepaald en heeft de provincie deze status aantoonbaar bevestigd? Ook is aangegeven dat het "niet eerlijk zou zijn om de spelregels gedurende het traject te veranderen".
Reclamant vindt het niet eerlijk dat de mening en belangen van de eigen inwoners en aangrenzende gebieden domweg niet meer meetellen en dat voorkeur wordt gegeven aan het volledig uitvoeren van het plan Waterpark. Beantwoording Het overgangsrecht is opgenomen in de Besluitvormingsnotitie Fase 1 van de Gebiedsvisie Veerse Meer 2020-2030, pagina 24). Deze notitie is vastgesteld door Provinciale Staten, de gemeenteraden van de gemeenten rondom het Veerse Meer en het Algemeen Bestuur van waterschap Scheldestromen. Juridisch uitgangspunt voor het bepalen van de projecten die onder het overgangsrecht - de 'pijplijnprojecten' - vallen is of er op 1 augustus 2020, vlak na het vaststellen van de Besluitvormingsnotitie, een plan ligt waaraan de betrokken overheid zich aantoonbaar heeft gecommitteerd. Dat kan zijn een ontwerpbestemmingsplan, een aanvraag omgevingsvergunning voor het afwijken van een bestemmingsplan, een (openbare) overeenkomst met de betreffende overheid of een raadsbesluit. In het geval van het waterpark heeft de gemeenteraad in oktober 2018 ingestemd met een anterieure overeenkomst. Daarmee valt het waterpark onder het overgangsrecht. Overigens is het niet zo dat de mening en de belangen van de eigen inwoners niet meetellen.
Naar aanleiding van opmerkingen in een uitgebreid participatieproces met maatschappelijke organisaties en inwoners is het plan van Driestar op vele punten aangepast. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting De gemeenteraad heeft ingestemd met de anterieure overeenkomst en kan daarmee zijn controlerende functie niet meer neutraal uitvoeren. De gemeente kan niet meer als betrouwbare bestuurder optreden. Niemand zit erop te wachten dit gebied voor euro's te verkwanselen. Beantwoording Om een planontwikkeling te starten en een plan in procedure te brengen is de eerste stap dat de gemeente in beginsel moet kunnen instemmen met de uitgangspunten. Op grond van de Wet ruimtelijke ordening is de gemeente verplicht om de kosten die zij voor een ontwikkeling maakt, te verhalen. Dat gebeurt in deze casus met een anterieure overeenkomst. Overigens behoudt de gemeenteraad onverkort zijn publiekrechtelijke bevoegdheden zoals vastgelegd in artikel 4.5 van de 20
anterieure overeenkomst. De overeenkomst is openbaar en raadpleegbaar op de website van de gemeente Middelburg zodat eenieder kan zien wat tussen partijen is afgesproken. Het sluiten van een anterieure overeenkomst is volledig conform de regelgeving zoals vastgelegd in de Wet ruitmelijke ordening. In het proces om te komen tot een bestemmingsplan vindt participatie plaats en kunnen inspraakreacties en zienswijzen worden ingediend. De zienswijzen worden inhoudelijk door de gemeenteraad beoordeeld. Dat leidt dan al dan niet tot aanpassing van het plan. De gemeenteraad neemt uiteindelijk een besluit om het bestemmingsplan wel of niet vast te stellen. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting In de Nota van Beantwoording staat dat de anterieure overeenkomst volgens de regels van de Wet ruimtelijke ordening is. U kunt niet uitleggen hoe u ten volle de belangen van de burgers en van Driestar kunt behartigen. De raad is wettelijk gekozen vertegenwoordiger van de burgers en dient zich primair te richten op hun belangen. Beantwoording Het kostenverhaal is een wettelijke verplichting. In het kader van het bestemmingsplan worden door de gemeenteraad belangenafwegingen gemaakt. In de anterieure overeenkomst gaat het om een inspanningsverplichting van het college.
De gemeenteraad heeft zijn volledige publiekrechtelijke verantwoordelijkheden zoals ook blijkt uit artikel 4.5 van deze overeenkomst. Besluit Dit onderdeel van de zienswijze ontvankelijk en ongegrond te verklaren. De zienswijze leidt op dit punt niet tot wijziging van het bestemmingsplan. Samenvatting Waarom wordt de uitbreiding van het park gekoppeld aan de gewenste nieuwe impuls van het waterpark en kan dit niet binnen het bestaande park worden gerealiseerd? Wat is de ruimtelijke kwaliteit van het aangrenzende landschap en hoe verhoudt dit zich met de eventuele bebouwde uitbreiding? Beantwoording In paragraaf 3.2.1 van het ontwerpbestemmingsplan is omschreven om welke reden de voorgenomen ontwikkeling (uitbreiding) niet past binnen het bestaand stedelijk gebied. Deze redenen hangen samen met de ambitie om het bestaande recreatiepark te herontwikkelen tot een kwalitatief hoogstaand en homogeen recreatiepark met recreatiewoningen en uitgebreide centrumvoorzieningen, gericht op families. Het marktonderzoek toont aan dat met name aan het bij deze ambitie behorende programma (vooral het hoge voorzieningenniveau) behoefte is. Dit hoge voorzieningenniveau is economisch uitsluitend haalbaar indien er voldoende recreatiewoningen worden gerealiseerd van een kwalitatief hoog niveau met veel beschutte ruimte, natuur en voorzieningen.
De oppervlakte van het bestaande recreatiepark (aan te merken als bestaand stedelijk gebied) is hiervoor ontoereikend. Omdat de voorgenomen herontwikkeling ruimer van opzet is met meer ruimte voor water, groen en voorzieningen per recreatie-eenheid is de omvang van het nieuwe recreatiepark groter dan het bestaande recreatiepark. De paragraaf omtrent de Ladder voor duurzame verstedelijking is in het ontwerpbestemmingsplan uitgebreider toegelicht. Het beoogde natuurgebied dat als overgangsgebied dient naar het naastgelegen natuurgebied De Piet, is circa 14 hectare groot en als zodanig bestemd ('Natuur'). De omvang hiervan kan worden aangemerkt als substantieel breed overgangsgebied; het is in de expertmeetings en de informatieavonden in samenspraak met deskundigen en de omgeving bepaald. 21