Bijlage 1. Technische toelichting Septembercirculaire 2024
Tekst van het document
Bijlage: Technische toelichting Septembercirculaire 2024 Hieronder volgt een technische toelichting van de financiële gevolgen van de septembercirculaire 2024 en verder. Bedragen x € 1.000
2024
2025
2026
2027
2028
-46
-162
-319
-468
543
622
710
652
-19
9
-9
18
-18
-18
-18
-18
1.278
460
451
364
184
Ontwikkeling uitkeringsbasis, hoeveelheidsverschillen en WOZ
12
-233
-252
-273
-360
Subtotaal (B):
12
-233
-252
-273
-360
3
5
Digitaal Stelsel Omgevingswet
-30
-39
-48
-58
-68
Subtotaal (C):
-27
-34
-48
-58
-68
9
10
10
15
16
17
Bijstand jongerennorm
-28
-30
-31
Besparingsverlies jeugd
1.592
1.683
1.740
Indexatie Wmo demografie
259
529
811
15
1.847
2.208
2.547
54
46
25
20
Openbare bibliotheken - DU
148
148
Participatie - IU
53
52
52
51
Uitkeringsfactor, algemeen LPO accres prijs Bbp Volume accres historisch Bbp Afrekening ruimte onder BCF-plafond 2024 Overige ontwikkelingen uitkeringsfactor (o.a. afronding)
1.351 -73
Indexatie DU Jeugd: overh. van accres naar regionaal progr. Subtotaal (A): Uitkeringsfactor, ontwikkeling uitkeringsbasis
Taakmutaties met budgettair voor- of nadelen Toezicht en handhaving aanp.kwaliteitseisen kinderopvang
Taakmutaties met corresponderende gevolgen voor uitgaven Wet op de lijkbezorging Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI)
Subtotaal (D):
15
-
IU/DU/SU Faciliteitenbesluit opvangcentra - DU
127
Alleenverdienersproblematiek 2023-2024 - DU
48
Einde lening inburgeringsplichtig - DU
4
Landelijke Aanpak Adreskwaliteit (LAA) - DU
7
Wet Betaalbare huur - DU
35
Subtotaal (E):
221
255
246
77
71
Totaal verschil
1.484
463
2.244
2.318
2.374
124.963
128.750
125.946
130.800
135.223
Berekening eindstand Tabel 1
1
Bijlage: Technische toelichting Septembercirculaire 2024 De belangrijkste mutaties worden hieronder toegelicht.
(A) (B) - Algemene) mutaties met budgettaire voor- of nadelen LPO accres De indexatie voor inflatie volgt de prijs bbp van het lopende jaar. Voor 2025 is de raming voor de prijs bbp omhoog bijgesteld. De ramingen voor de ontwikkeling van de prijs bbp lijkt structureel te laag te zijn . Zo is als voorbeeld het percentage van de prijs bbp voor het jaar 2024 vastgezet in de meicirculaire 2024 op basis van de CEP24 op 4%. Op basis van de werkelijke cijfers bedraagt de werkelijke ontwikkeling op basis van de MEV25 5,1%. Er vindt in deze circulaire geen compensatie voor de hogere prijsontwikkeling plaats. Voor Middelburg is dit te vertalen naar een verlaging van de algemene uitkering van € 47.000 in 2025 oplopend naar € 468.000 in 2028. Volume accres Het volume accres wordt vanaf 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. In de septembercirculaire is een nieuwe raming voor het accres 2025 en verder opgenomen. Deze raming is gebaseerd op de actuele raming van de ontwikkeling van het bbp door het Centraal Planbureau (CPB; MEV25). Voor de jaren 2025 tot en met 2029 is de raming van het volume deel neerwaarts bijgesteld. Voor Middelburg is dit te vertalen naar een verhoging van de algemene uitkering van € 543.000 in 2025 oplopend naar € 652.000 in 2028.
BTW - Compensatie Fonds (BCF) Het BTW - Compensatiefonds (BCF) heeft een plafond. Dit plafond muteert jaarlijks met het accrespercentage. In 2024 bedraagt het BCF-plafond voor gemeenten € 4,3 miljard. Als de gezamenlijke declaraties onder dit plafond blijven, wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding volgt een uitname. Jaarlijks wordt bij de septembercirculaire een voorschot verstrekt op de verwachte onderschrijding van dat kalenderjaar. In de meicirculaire van het volgende jaar volgt dan de afrekening. In deze circulaire bedraagt het voorschot voor het jaar 2024 € 447 miljoen. Dit vertaalt zich voor Middelburg in een extra bijdrage van € 1,35 mln. Indexatie DU Jeugd: overh. van accres naar regionaal programma
In de meicirculaire 2024 is gemeld dat de decentralisatie-uitkering Jeugd (DU Jeugd) (jaarlijks € 21,7 miljoen) met ingang van 2025 wordt beëindigd en dat deze middelen structureel worden toegevoegd aan het budget voor de (contact)gemeente voor het regionaal programma op de begroting van het ministerie van Onderwijs Cultuur en Wetenschappen (OCW). Aangezien decentralisatie-uitkeringen deel uitmaken van de grondslag van de accres berekening wordt nu vanaf 2025 een deel van het accres structureel toegevoegd aan het budget voor de (contact)gemeente voor het regionaal programma. Het gaat om jaarlijks € 7,4 miljoen. Dit bedrag is gebaseerd op een (CPB-)raming van de loon-en prijsontwikkeling. Voor Middelburg wordt de algemene uitkering met een bedrag van € 18.000 neerwaarts bijgesteld. (C) - Taakmutaties met budgettair voor- of nadelen
Toezicht en handhaving aanpassing kwaliteitseisen kinderopvang In de Voorjaarsnota 2024 zijn middelen vrijgemaakt voor incidentele meerkosten voor toezicht en handhaving op aangepaste kwaliteitseisen in de kinderdagopvang, buitenschoolse opvang en meertalige opvang voor 2024 en 2025. De aanpassingen zijn in werking getreden op 1 juli 2023, 1 februari 2024 en 1 juli 2024. Het gaat om kosten van implementatie van de regelgeving bij gemeenten en de GGD en het uitvoeren van de eerste keer toezicht en handhaving op de
2
Bijlage: Technische toelichting Septembercirculaire 2024 aangepaste kwaliteitseisen. Het betreft hier een bedrag van € 3.000 (2024) en € 5.000 (2025). Deze bedragen kunnen binnen het gemeentelijk budget worden opgevangen. Digitaal Stelsel Omgevingswet Op grond van de Beheerovereenkomst van 18 december 2018 dragen de gemeenten vanaf 1 januari 2020 jaarlijks 70% bij aan de kosten van beheer en doorontwikkeling van het Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO) en het Informatiepunt Leefomgeving (IPLO). Met deze taakmutatie wordt deze gemeentelijke bijdrage structureel verhoogd naar € 31,4 miljoen vanaf 2024. Het nog over te hevelen bedrag voor 2024 bedraagt € 10,6 miljoen, aangezien reeds € 20,9 miljoen naar de begroting van BZK is overgeheveld. Deze bekostiging van het DSO is voor Middelburg € 30.000 (2024) oplopend naar € 68.000 (2028). (D) - Taakmutaties met corresponderende gevolgen voor uitgaven Wet op de lijkbezorging De inwerkingtreding van het wetsvoorstel van de modernisering van de Wet op de lijkbezorging (Wlb) is voorzien op 1 januari 2026. Ten behoeve van de financiering van de beoogde wettelijke uitbreiding van de taken van de gemeentelijke lijkschouwer is voor de periode 2026-2031 jaarlijks € 3,2 miljoen naar de algemene uitkering overgeheveld.
Voor de jaren 2032 en verder dient over het structureel toekennen van middelen in het kader van het programma Werk aan Uitvoering (WaU) nog een besluit te worden genomen door de Ambtelijke Commissie Uitvoering (ACU). Voor Middelburg betreft het hier een bedrag van € 10.000 wat aan het beschikbare budget zal worden toegevoegd.
Kinderopvang Sociaal Medische Indicatie (SMI) De Sociaal Medische Indicatie (SMI) is een gemeentelijke regeling om gezinnen die geen recht hebben op Kinderopvangtoeslag, maar die ook niet in staat zijn de zorg voor hun kinderen volledig te dragen vanwege sociale of medische problematiek, een vergoeding te kunnen bieden voor het gebruik van kinderopvang. Door verschillende ontwikkelingen is de SMI budgettair steeds meer onder druk komen te staan. Om dit te kunnen ondervangen, wordt het SMI budget in een aantal stappen verhoogd. Voor de jaren 2025-2027 gaat het om € 5,4 miljoen, voor 2028 gaat het om € 5,5 miljoen en vanaf 2029 om jaarlijks € 10 miljoen. Voor Middelburg is dit om structureel €15.000, dit zal toegevoegd worden aan het budget minimabeleid. Bijstand jongerennorm Gemeenten kunnen vanuit de bijzondere bijstand een aanvulling op de bijstand aan 21-minners geven als hun ouders niet bij kunnen springen. Met het wetsvoorstel Participatiewet in balans wordt de bijzondere bijstand met ingang van 1 januari 2026 overgeheveld naar de algemene bijstand. De aanvulling op de bijstand is bedoeld voor algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan en daarmee is de algemene bijstand het juiste instrument voor dit soort kosten.
Daarom worden er middelen vanuit de algemene uitkering overgeheveld naar de algemene bijstand, op de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid (SZW). Het gaat om jaarlijks € 9,4 miljoen vanaf 2026. Voor Middelburg is dit een bedrag van € 30.000. Besparingsverlies Jeugd Het kabinet Rutte IV had besloten om te besparen op jeugdzorg. Deze besparing (oplopend tot € 511 miljoen in 2027) was in mindering gebracht op de middelen voor jeugdzorg op de aanvullende post van het ministerie van Financiën. Het nieuwe kabinet Schoof kiest ervoor om deze besparing te laten vervallen. De genoemde besparing wordt daarom nu toegevoegd aan het cluster Individuele voorzieningen jeugd van de algemene uitkering van het gemeentefonds. Het gaat om € 500 miljoen in 2026 en € 511 miljoen vanaf 2027. In de meicirculaire 2024 is reeds gemeld dat de besparing van € 500 miljoen voor 2025 nog niet gerealiseerd kon worden en dat daarom voor 2025 een bedrag van € 500 miljoen is toegevoegd aan de 3
Bijlage: Technische toelichting Septembercirculaire 2024 algemene uitkering van het gemeentefonds. In de meerjarenraming van Middelburg was deze bezuiniging pas vanaf 2026 budgetneutraal ingeboekt, door de algemene uitkering neerwaarts bij te ramen maar ook het budget Jeugdzorg te verlagen. Overheveling middelen indexatie Wmo demografie Met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) is afgesproken dat in de toekomst (een nader te bepalen deel van) de Wmo niet langer via de algemene uitkering van het Gemeentefonds gaat, maar via een aparte financiering. Afhankelijk van de gekozen bekostigingsvorm wordt een passende geobjectiveerde indexering onderzocht die ook rekening houdt met kostenontwikkeling en demografie/vergrijzing. Vooruitlopend op de uitwerking is bij Voorjaarsnota 2024 op de Aanvullende Post een jaarlijkse tranche van € 75 miljoen vanaf 2026 oplopend tot € 300 miljoen in 2029 gereserveerd voor een aanvullende indexering voor demografie. Het kabinet heeft deze middelen bij Miljoenennota 2025 overgeheveld naar het begrotingsartikel Accres zodat gemeenten hier rekening mee kunnen houden in hun meerjarenbegroting. In de begroting van Middelburg wordt jaarlijks al rekening gehouden met een hoger inflatiepercentage om hoger prijsinflaties af te dekken. Voor de hoger Wmo kosten als gevolg van vergrijzing is dit nog niet het geval.
In afwachting van de kostenontwikkeling Wmo zullen deze middelen op een stelpost worden geraamd. Indien toekomstige kostenstijgingen zich voordoen zullen deze hiermee afgedekt kunnen worden.
(E) - Taakmutaties (decentralisatie- en integratie-uitkeringen) Faciliteitenbesluit opvangcentra (DU) Op basis van het Faciliteitenbesluit opvangcentra hebben gemeenten waar een opvanglocatie is gevestigd, recht op een vergoeding. Het Faciliteitenbesluit voorziet in vergoeding aan deze gemeenten voor de in de opvanglocatie verblijvende vreemdelingen die nog niet in de Basisregistratie personen staan ingeschreven. De gemeente ontvangt op basis van de opgave van uw gemeente een beschikking van het COA met de specificatie van de vergoeding voor de zogenaamde "Decentralisatie-uitkering". Omdat de personen niet ingeschreven zijn, tellen ze namelijk niet mee voor de maatstaven van de algemene uitkering. De aparte uitkering dient ter compensatie van de gelden die gemeenten normaliter via de algemene uitkering ontvangen.
Alleenverdienersproblematiek Gemeenten kunnen financiële ondersteuning bieden aan huishoudens die als gevolg van de alleenverdienersproblematiek in 2023 en 2024 onder het bestaansminimum uitkomen. Gemeenten kunnen de gemiste huur- en zorgtoeslag compenseren vanuit de individuele bijzondere bijstand. Via deze decentralisatie-uitkering ontvangen gemeenten budget om aan de betreffende huishoudens bijzondere bijstand te verstrekken. Nu wordt een bedrag van € 22,6 miljoen uitgekeerd. De hoogte van het budget per gemeente is mede gebaseerd op informatie van de Belastingdienst over (1) de voorlopige aantallen huishoudens waar de alleenverdienersproblematiek speelt, en (2) de gemiddelde hoogte van de misgelopen toeslagen. De budgetten worden zo nodig bijgesteld wanneer definitieve gegevens beschikbaar zijn, naar verwachting bij de meicirculaire 2025 en de meicirculaire 2026. De uitvoering hiervan is bij Orionis belegd. Wet betaalbare huur Met de Wet betaalbare huur wordt de op 1 juli 2023 in werking getreden Wet goed verhuurderschap gewijzigd.
Daarmee krijgen gemeenten de bevoegdheid om toezicht te houden en handhavend op te treden met betrekking tot: • De maximale huurprijzen die gelden op grond van het woningwaarderingsstelsel (WWS); • De maximale huurverhogingen in de gereguleerde sector; • De informatieplicht op verhuurders om hun huurders een puntentelling te overleggen bij het afsluiten van een contract. 4
Bijlage: Technische toelichting Septembercirculaire 2024
Het Rijk stelt middelen ter beschikking om gemeenten financieel te ondersteunen bij de implementatie en uitvoering van het wetsvoorstel. De financiering bestaat uit een incidentele bijdrage van circa € 5,5 miljoen in 2024 voor de eenmalige kosten die gemeenten maken bij de implementatie van het wetsvoorstel. Deze implementatiegelden worden verdeeld aan de hand van de grootte van de gemeenten. Daarnaast ontvangen gemeenten een bijdrage voor het ontvangen en behandelen van meldingen en de handhaving op deze meldingen. Voor deze werkzaamheden ontvangen gemeenten vanaf 2024 een structurele bijdrage van circa € 6,5 miljoen per jaar. Deze middelen worden verdeeld op basis van het aandeel private huur per gemeente en de lokale woningmarktdruk (gemeten op basis van de gemiddelde WOZ-waarde). Vanwege de piekperiode in de eerste jaren na inwerkingtreding van de wet is er een aanvullende incidentele bijdrage beschikbaar. De incidentele middelen worden in de periode 2024-2028 uitgekeerd op basis van inschattingen van de piek. Daarmee wordt er zorg voor gedragen dat de gemeenten die naar verwachting veel meldingen zullen ontvangen, hiervoor ook gecompenseerd worden. Deze incidentele middelen worden eveneens verdeeld op basis van het aandeel private huur per gemeente en de lokale woningmarktdruk (gemeten op basis van de gemiddelde WOZ-waarde).
Openbare bibliotheken In In de periode 2023-2024 konden gemeenten een specifieke uitkering ontvangen voor het versterken van het lokale bibliotheekstelsel. Daarna zal een wettelijke zorgplicht voor gemeenten worden ingevoerd ten aanzien van de openbare bibliotheek. Voor het uitvoeren van deze taak zullen gemeenten een structurele bijdrage via het gemeentefonds ontvangen. In de periode tussen de specifieke uitkering en de invoering van de wettelijke zorgplicht ontvangen de gemeenten een decentralisatie-uitkering, om zich op de periode van de zorgplicht te kunnen voorbereiden. Hiervoor is in 2025 en 2026 in totaal een bedrag van € 59,3 miljoen beschikbaar. Dit bedrag wordt over alle gemeenten verdeeld op basis van een bedrag van € 2,95 per inwoner. Voor Middelburg is dit € 148.000. . Participatie (WSW) Gemeenten worden vanaf 2025 gecompenseerd voor de afschaffing van het Lage-inkomensvoordeel (LIV). Het gaat om het LIV dat de gemeente of haar sociaal ontwikkelbedrijf ontvangt voor werknemers met een interne plaatsing op basis van de Wet Sociale werkvoorziening (Wsw) of in nieuw beschut werk op basis van de Participatiewet. Compensatie vindt plaats via de gebruikelijke financieringsstromen voor de Sociale werkvoorziening (SW) en voor Beschut werk via de Integratie-uitkering Participatie. In 2025 gaat het in totaal om € 19,8 miljoen.
De effecten voor Middelburg worden meegenomen bij de GR Orionis.
5