Bijlage 1 Technische toelichting Decembercirculaire 2023
Tekst van het document
Bijlage: Technische toelichting Decembercirculaire 2023 Hieronder volgt een technische toelichting van de financiële gevolgen van de decembercirculaire 2023. Overzicht van cijfers
De items in voorgaande toelichting leidt tot het volgende cijfermatige overzicht. Bedragen zijn in duizenden euro’s.
Berekening beginstand Uitkeringsfactor, algemeen
2023
2024
2025
2026
2027
114.904
122.342
128.577
121.992
127.102
Uitkeringsfactor 2024, uitkeren verdeelreserve
91
Subtotaal: Uitkeringsfactor, ontwikkeling uitkeringsbasis
91
Uitkeringsfactor, ontwikkeling uitkeringsbasis
-631
-726
Subtotaal: Taakmutaties
-631
-726
Naheffing BRP 2022
-3
BRP experiment
3
BRP Logisch ontwerp
5
Vrijval restant compensatieregeling Voogdij 18+
6
Restant Hervormingsagenda Jeugd
4
Subtotaal: IU/DU/SU
15
Faciliteitenbesluit opvangcentra (DU) Maatschappelijke begeleiding statushouders (DU)
135
Einde lening inburgeringsplichtig (DU)
28 3
Invoeringskosten Omgevingswet
257
Uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak
15
Meerkosten Oekraïne sociaal domein
50
Energietoelage
2.316
Subtotaal:
2.804
Totaal verschil
2.188
-635
0
0
0
117.092
121.707
128.577
121.992
127.102
Berekening eindstand
Uitkeringsjaar 2021 Vanwege nieuwe definitieve gegevens over de belastingcapaciteit 2021 stijgt de uitkeringsfactor voor 2021 met 1 punt naar 1,6900. Dit vertaald zich in een positief effect van € 54.588,96
Uitkeringsjaar 2022 De uitkeringsfactor voor 2022 blijft ten opzichte van de septembercirculaire 2023 ongewijzigd op 1,824. Voor uitkeringsjaar 2022 is er geen aanleiding geweest om de verdeelreserve (€ 20 miljoen) aan te wenden. De verdeelreserve is een buffer die wordt aangehouden om boekhoudkundige verschillen op te kunnen lossen als volumina na afloop van een uitkeringsjaar worden geactualiseerd. Het was gebruikelijk om deze reserve aan het eind van het kalenderjaar vrij te laten vallen. Echter, er is voor gekozen om de verdeelreserve van enig jaar voortaan aan te houden totdat de laatste voluminastanden van dat desbetreffende jaar (in dit geval belastingcapaciteit 2022) zijn opgeleverd en verwerkt, naar verwachting in 2024. Immers, de noodzaak om de verdeelreserve voor enig jaar aan te wenden ontstaat pas na de oplevering van de definitieve voluminastanden van dat desbetreffende jaar.
1
Bijlage: Technische toelichting Decembercirculaire 2023 Uitkeringsjaar 2023 Uitkeringsfactor 2023 en 2024
Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft recent actuele aantallen aangeleverd bij het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) voor de maatstaf Huishoudens met een laag inkomen met drempel1. De actualisatie van de aantallen voor de maatstaf Huishoudens met een laag inkomen met drempel heeft gevolgen voor de uitkeringsfactor voor de jaren 2023 en 2024. Een stijging van de aantallen voor deze maatstaf zorgt voor een daling van de uitkeringsfactor. Door deze actualisatie daalt de uitkeringsfactor voor het jaar 2023 met 7 uitkeringspunten. Taakmutaties
In de Decembercirculaire 2023 zijn de volgende taakmutaties opgenomen: ▪ Naheffing BRP 2022 -€ 1,14 miljoen eenmalig in 2023, voor Middelburg - € 3.000; ▪ BRP experiment € 0,82 miljoen eenmalig in 2023, voor Middelburg € 3.000; ▪ BRP Logisch ontwerp € 1,89 miljoen eenmalig in 2023, voor Middelburg € 5.000; ▪ Vrijval restant compensatieregeling Voogdij 18+ € 2,12 miljoen eenmalig in 2023, voor Middelburg € 6.000; ▪ Restant Hervormingsagenda Jeugd € 1,06 miljoen eenmalig in 2023, voor Middelburg € 15.000. Naheffing BRP 2022 In verband met extra gebruik door gemeenten in 2022 wordt een aanvullende bijdrage doorbelast van € 1,1 miljoen, deze correctie geschiet op basis van aantal inwoners. BRP experiment In verband met een experiment waarbij gemeenten ingeschrevenen actief moeten informeren ontvangen gemeenten een incidentele vergoeding van in totaal € 0,8 miljoen voor de periode 20232026, deze correctie geschiet op basis van aantal inwoners. BRP Logisch ontwerp Gemeenten ontvangen een vergoeding van bijna € 1,9 miljoen in verband met extra kosten die zij maken in 2023 en 2024 als gevolg van aanpassingen aan het logisch ontwerp van de BRP, deze correctie geschiet op basis van aantal inwoners.
Vrijval restant compensatieregeling Voogdij 18+ Binnen de integratie-uitkering Voogdij 18+ resteert nog een budget van € 2,1 miljoen, als gevolg van aanvullend toegekende loon- en prijsontwikkeling. Dit resterend budget is in 2023 niet nodig voor de compensatieregeling en wordt zoals gebruikelijk overgeheveld naar de algemene uitkering. Restant Hervormingsagenda Jeugd In de septembercirculaire 2021 is voor 2022 door het kabinet € 1,314 miljard beschikbaar gesteld ter compensatie van tekorten in de jeugdzorg. Op dat moment is, na overleg met de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG), besloten om hiervan € 9 miljoen over te hevelen naar de begroting van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport ten behoeve van de uitvoering van de hervormingsagenda in 2022. Echter, het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport heeft niet het gehele bedrag besteed. Het restant van bijna € 1,1 miljoen wordt daarom nu teruggeboekt naar de algemene uitkering van het gemeentefonds en verdeeld over de gemeenten. De kosten voor deze taakmutaties zijn al verwerkt in het boekjaar 2023, daarom worden de nu verkregen middelen op eenzelfde manier verwerkt. Nieuwe decentralisatie- en integratie-uitkeringen
In de Decembercirculaire zijn de volgende nieuwe decentralisatie-uitkeringen opgenomen: ▪ Energietoeslag € 867,5 miljoen in 2023, voor Middelburg € 2.316.000; 1
Definitie: aantal huishoudens met laag inkomen voor zover dit aantal meer is dan 10% van het aantal woonruimten van hetzelfde jaar. 2
Bijlage: Technische toelichting Decembercirculaire 2023 ▪
Uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak € 10 miljoen in 2023, voor Middelburg € 15.000;
Energietoeslag In 2023 worden middelen aan het gemeentefonds toegevoegd om mensen met een laag inkomen te ondersteunen bij het voldoen van de energierekening. Van het beschikbare bedrag van € 1,4 miljard is in 2022 al € 500 miljoen uitgekeerd. Daarnaast is ten behoeve van de vangnetregeling een bedrag van € 32,5 miljoen gereserveerd op de begroting van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Van de overige € 867,5 miljoen wordt € 15,5 miljoen verdeeld op grond van de verdeelherstelactie 2022, waarmee gemeenten die in 2022 nadeel hadden van de gehanteerde verdeelsystematiek een aanvulling ontvangen. De volledige € 1.352 miljoen is verdeeld op basis van het aantal huishoudens met langdurig laag inkomen (<120% van het sociaal minimum). Per gemeente is dat bedrag verlaagd met het bedrag dat de gemeente eerder ontvangen heeft vanuit de € 500 miljoen. Het dan resterende bedrag per gemeente wordt nu uitgekeerd. Deze kosten zijn voor Middelburg al verwerkt. Orionis verzorgt de uitvoering hiervan. Uitvoeringskosten gebiedsgerichte aanpak Gemeenten spelen naast provincies en waterschappen een belangrijke rol bij de totstandkoming van de provinciale gebiedsprogramma’s en dat vraagt extra inzet van personeel. Deze decentralisatie-uitkering is een bijdrage in de gemaakte kosten vanuit gemeenten voor hun bijdrage aan gebiedsprogramma’s in 2023.
De bijdrage aan gemeenten bedraagt in totaal € 10 miljoen, uiteenlopend van € 5.251 tot € 80.001 per gemeente. De verdeelsleutel die hiervoor wordt gehanteerd, is in overleg met de VNG tot stand gekomen en is gebaseerd op CBS-gegevens: de percentages agrarisch landgebruik en bos en het aantal landbouwbedrijven. Omdat dit een nieuwe decentralisatie-uitkering is hebben wij hier nog geen middelen aan uitgegeven, daarom stellen wij voor om voor deze middelen bij de jaarrekening 2023 te reserveren. Bestaande decentralisatie- en integratie-uitkeringen
In bestaande DU’s zijn wijzigingen opgenomen, waarbij het macrobudget van de uitkering wijzigt. Twee mutaties hebben een omvang groter dan € 10 miljoen. ▪ Invoeringskosten Omgevingswet € 103,6 miljoen in 2023, voor Middelburg € 257.000; ▪ Meerkosten Oekraïne sociaal domein € 20,2 miljoen in 2023, voor Middelburg € 50.000; ▪ Faciliteitenbesluit opvangcentra € 12,6 miljoen in 2023, voor Middelburg € 135.000; ▪ Maatschappelijke begeleiding statushouders € 8,1 miljoen in 2023, voor Middelburg € 28.000; ▪ Einde lening inburgeringsplichtig € 1,1 miljoen in 2023 voor Middelburg € 3.000. Invoeringskosten Omgevingswet Vanuit het Coalitieakkoord van het kabinet-Rutte IV worden middelen ingezet voor het bereiken van de doelen van de Omgevingswet. Met het uitkeren van deze € 103 miljoen in 2023 kunnen de ontvangende partijen in hun transitie zorgdragen dat ze aangesloten, geoefend en ingeregeld zijn en voldoen aan de in de Omgevingswet gestelde eisen. Op de aanvullende post bij het ministerie van Financiën staat nog een reservering van in totaal ruim € 151 miljoen. Zodra deze middelen naar het gemeentefonds wordt overgeheveld zal daar melding van worden gemaakt in een volgende circulaire. Ook na 1 januari worden nog extra kosten (ambtelijke inzet) verwacht voor de inzet van deze middelen.
Bovendien is het mogelijk dat we na inwerkingtreding (1 januari 2024) van de omgevingswet nog geconfronteerd worden met extra aanvullende kosten die we nog niet hadden voorzien. Mocht medio 2024 blijken dat de beschikbare middelen niet geheel noodzakelijk zijn dan zullen deze alsnog vrijvallen. Meerkosten Oekraïne sociaal domein Ook De verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning vanuit de Wmo 2015 en de Jeugdwet, de uitvoering van het basistakenpakket Jeugdgezondheidszorg, het Rijksvaccinatieprogramma en het prenataal huisbezoek uit de Wet publieke gezondheid, ligt ook voor Oekraïense ontheemden bij gemeenten. Het aantal Oekraïense ontheemden is dusdanig groot in omvang dat dit niet als een onderdeel 3
Bijlage: Technische toelichting Decembercirculaire 2023 van gebruikelijke fluctuaties gezien kan worden. Daarnaast leidt de opvang van Oekraïense ontheemden tot clustering bij specifieke gemeenten, namelijk in die gemeenten waar opvanglocaties zijn gerealiseerd. Deze mogelijke extra kosten zijn en/of worden al in de beschikbare budgetten verantwoord daarom is reservering niet nodig. Faciliteitenbesluit opvangcentra In het faciliteitenbesluit is geregeld dat aan gemeenten die een opvangcentrum voor asielzoekers hebben jaarlijks door het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) een uitkering wordt verstrekt. De uitkering wordt gebaseerd op het aantal door asielzoekers permanent te bezetten capaciteitsplaatsen verminderd met het op 1 januari van het uitkeringsjaar aantal in de basisregistratie personen ingeschreven bewoners van het opvangcentrum. Het bedrag betreft alle beschikkingen die er dit jaar voor gemeenten zijn opgesteld, om hun werkzaamheden in en voor de opvangcentra te kunnen vergoeden. De kosten hiervoor zijn al gemaakt en daarom is reservering niet nodig. Maatschappelijke begeleiding statushouders De gemeenten dragen zorg voor de maatschappelijke begeleiding van inburgeringsplichtige asielmigranten en ontvangen daarvoor € 2.370 per inburgeringsplichtige migrant en hun gezinsleden. Voor Middelburg betreft het 12 personen, een bedrag van € 28.440.
Dit bedrag dient ter dekking van de al in de begroting opgenomen bijdrage aan de stichting Vluchtelingenwerk. Einde lening inburgeringsplichtig (ELIP) Rijk en gemeenten hebben afspraken gemaakt over het ondersteunen van de zogenaamde ELIPs. Dit zijn inburgeraars die hun lening voor de inburgering (vrijwel) volledig hebben uitgeput, maar nog steeds inburgeringsplichtig zijn. In het besluit Inburgering is nu opgenomen dat gemeenten inburgeraars die onder de ELIP-definitie gerekend worden, hulp en begeleiding kunnen aanbieden. Eerder hebben wij hiervoor middelen gekregen. Bij de najaarsbrief 2023 is het restant van de middelen ter overheveling voorgelegd, de raad heeft hiermee ingestemd. Gezien het nu verkregen bedrag (€ 3.000) wordt voorgesteld dit niet te reserveren en geen saldobestemming op te nemen bij de jaarrekening 2023.
Uitkeringsjaar 2024 Uitkeringsfactor 2023 en 2024
Ook voor het jaar 2024 heeft de aanpassingen van de maatstaf Huishoudens met een laag inkomen met drempel2 gevolgen voor de uitkeringsfactor. Een stijging van de aantallen voor deze maatstaf zorgt voor een daling van de uitkeringsfactor. Door deze actualisatie daalt de uitkeringsfactor voor het jaar 2024 met 8 uitkeringspunten.
2
Definitie: aantal huishoudens met laag inkomen voor zover dit aantal meer is dan 10% van het aantal woonruimten van hetzelfde jaar. 4