Bijlage 1. Rapportage Sociaal Domein Middelburg 2025 - versie mei 2026
Tekst van het document
Rapportage Sociaal domein 2025 Versie mei 2026
1
Inhoudsopgave INHOUDSOPGAVE ..........................................................................................2 1. INLEIDING .................................................................................................3 2. TOEGANG IN MIDDELBURG (TIM)..........................................................4 3.1Proces .................................................................................................................4 3.2Resultaten ...........................................................................................................4
3. ZORGGEBRUIK WMO ..............................................................................7 4.1Proces .................................................................................................................7 4.2Resultaten ...........................................................................................................7
4. ZORGGEBRUIK JEUGD ...........................................................................9 5.1Proces .................................................................................................................9 5.2Resultaten .........................................................................................................10
5. MEEDENKERS ZEELAND ......................................................................15 6. BRONNEN ...............................................................................................18
2
1. Inleiding Voor u ligt de Rapportage Sociaal Domein Middelburg 2025, vastgesteld in mei 2026. Aan deze rapportage ligt het Monitoring- en evaluatieontwerp (M&E-ontwerp) Middelburgs Model ten grondslag. Dit ontwerp is gebaseerd op de beleids- en stuurdoelen zoals deze geformuleerd zijn in het Programma Middelburgs Model voor zorg en ondersteuning. Het Middelburgs Model heeft als hoogste doel: Passende zorg en ondersteuning. Nu en in de toekomst. Om dit doel te bereiken wordt er gewerkt aan een drietal beleidsdoelstellingen: normaliseren, preventie en kwaliteit van zorg en dienstverlening. Deze beleidsdoelen zijn geoperationaliseerd in een set stuurdoelen. Bijvoorbeeld: verminderen van specialistische en individuele zorg en ondersteuning; of vindbare en toegankelijke dienstverlening. Deze stuurdoelen zijn op hun beurt weer zijn uitgewerkt in meetbare indicatoren. In de rapportages informeren we over de belangrijkste onderdelen van het Middelburgs Model. Dat gaat om: • Sociaal Team Middelburg • Meedenkers (voorheen OCO) • Ondersteuningsstructuur onderwijs • Toegang in Middelburg (TIM) • Zorggebruik Wmo en Jeugd In de voorliggende rapportage (mei 2026) geven we u informatie over het gebruik van hulp gedurende het hele kalenderjaar 2025. Dit keer veel aandacht voor de financiële resultaten en ontwikkelingen.
Daar waar mogelijk worden op basis van de beschikbare data, signalen en ontwikkelingen besproken en geduid. Zoals we in onze vorige rapportage al meldden, laat de data van Vizita over het sociaal team nog op zich wachten. Dat komt omdat het nieuwe cliëntvolgsysteem van Vizita – Regicare – in gebruik is genomen maar naar verwachting pas dit najaar gegevens oplevert, die bruikbaar zijn voor de rapportage. Ook dan zit het cliëntvolgsysteem nog in de zogenoemde “doorlooptijd” en moet op dat moment bekeken worden of de data hieruit voldoende betrouwbaar is om opgenomen te kunnen worden in de rapportage. In het najaar van 2025 rapporteerden wij los de uitkomsten van het Cliëntervaringsonderzoek (Ceo) over het jaar 2024. Dit jaar zijn de uitkomsten eerder opgeleverd en kunnen deze worden meegenomen in deze rapportage. Wanneer in de rapportage wordt gesproken over de ervaringen van inwoners, is deze informatie gebaseerd op het Ceo Wmo 2025 en het Ceo Jeugd 2025. Beide onderzoeken zijn uitgevoerd door het onafhankelijke onderzoeksbureau ZorgfocuZ. De respons bedroeg respectievelijk 36% voor Wmo, voor Jeugd 20% onder ouders/verzorgers en 17% onder jongeren.
3
2. Toegang in Middelburg (TIM) 3.1
Proces
In 2025 hebben we verschillende acties ondernomen om de toestroom van meldingen en aanvragen van inwoners en externen zo efficiënt mogelijk te verwerken zonder dat dit afdoet aan de kwaliteit van onze dienstverlening. Daarnaast heeft dit jaar de nadruk gelegen op het verbeteren van werkprocessen en is er aandacht geweest voor het door ontwikkelen van de website. Er is in 2025 opnieuw geïnvesteerd in de kennis en expertise van de hele afdeling. Zo hebben medewerkers deelgenomen aan trainingen en cursussen, was er aandacht voor de rechtmatigheid en doelmatigheid en voor de privacywetgeving. Zo hebben in Juni 2025 alle medewerkers van de afdeling TIM een AVG training gevolgd, verzorgd door een docent gespecialiseerd in privacywetgeving binnen het Sociaal Domein. Ook is gestart met het project ‘Herstellen en borgen van rechtmatigheid Wmo’. Gedurende dit project worden Wmo dossiers onderzocht die tijdens de Porthos tijd zijn beschikt. De dossiers die niet rechtmatig zijn worden hersteld. Doel van dit project is het minimaliseren van de financiële onzekerheden voortkomend uit de Wmo - dossiers TIM met als resultaat dat wij grip hebben op al onze bestaande dossiers. Verder is ook de samenwerking met externe partijen zoals met huisartsen, kinderopvang en onderwijs doorontwikkeld.
Zo voerden we in 2025 samen met Orionis Walcheren een pilot uit waarin we aan de hand van casuïstiek verkenden hoe we onze werkprocessen beter op elkaar kunnen afstemmen om integrale hulpverlening voor inwoners mogelijk te maken. Daarnaast is het team 18 -/+ in overleg gegaan met Orionis om in kaart te brengen wat Orionis aan jeugdigen kan bieden en waar wij vanuit team Jeugd behoefte aan hebben. Een opbrengst hiervan is dat er nu contactpersonen zijn zodat we jongeren warm kunnen overdragen. Op het gebied van communicatie is in 2025 geïnvesteerd in het inzichtelijk maken van algemene voorzieningen voor de inwoner. Hierop is de website aangepast en wordt hier meer naar verwezen door medewerkers.
3.2
Resultaten
Indicator: Aantal binnenkomende signalen TIM TIM ontvangt vanuit de inwoners vragen, informatie & advies verzoeken om ondersteuning in het kader van de Wmo en of Jeugdhulp die bij TIM binnenkomen. Deze worden geregistreerd als signaal. Een signaal is in feite het begin van een proces wat kan leiden tot een onderzoek of een registratie van een informatie en advies vraag. Het aantal binnenkomende signalen is feitelijk meer dan in onderstaande tabel is weergegeven. De exacte data zijn op dit moment niet uit het systeem te genereren, omdat binnenkomende signalen (telefoon, mail of op andere wijze) in reeds lopende casussen niet als nieuw gestart hulpproces worden verwerkt, maar als notities worden toegevoegd. Onderstaande tabel geeft een globale weergave. De categorie Jeugd overige verwijzers (315-317) betreft verzoeken van zorgaanbieders voor het starten van jeugdhulp nadat een jeugdige zich heeft laten doorverwijzen via een huisarts/kinderarts/medisch specialist (315) en verzoeken om wijziging in een lopende indicatie van de zorgaanbieder aan de gemeente omdat een ander volume/duur nodig is (317).
4
Tabel 2: Bron: ZorgNed
Aantal signalen Wmo Jeugd Jeugd overige verwijzers (315-317) Casusregie Totaal
Totaal 2025
Totaal 2024
Totaal 2023
5543 566 1267 117 7656
5173 576 1711 49 7509
4736 647 1626 140 7149
Het aantal signalen voor de Wmo is deels opgelopen in verband met het Project Rechtmatigheid. Hieruit zijn in 2025 zo’n 200 onderzoeksprocessen gestart vanuit een signaal. Een groot deel van deze signalen hebben daadwerkelijk geleid tot het opnieuw onderzoeken van de lopende voorziening en het nemen van een besluit. In 2025 is het team casusregie uitgebreid met meer medewerkers. Zij kunnen meer casuïstiek oppakken waardoor ook meer processen worden gestart. Voorheen werden meer casussen belegd bij externe casusregisseurs en deze worden op een andere manier geregistreerd. Dit verklaart de toename van signalen bij casusregie. Indicator: Doorlooptijd TIM Om de doorlooptijden in kaart te brengen, worden data uit het cliëntvolgsysteem ZorgNed gebruikt. De doorlooptijd TIM is het aantal kalenderdagen tussen ontvangst van het meldingsformulier (Wmo) / aanvraag (Jeugd) tot het verzenden van het ondersteuningsplan (OP) aan de inwoner. Door een aanpassing in de processen binnen ZorgNed zijn er geen doorlooptijden bekend over 2023. Tabel 3: Bron: ZorgNed
Gemiddelde doorlooptijd TIM in rapportageperiode Peildatum: 31-03-2026 In kalenderdagen
2025
2024
Wmo
82
55
Jeugd
60
71
Indicator: Wachttijd TIM De wachttijd TIM is het aantal kalenderdagen tussen ontvangst van het meldingsformulier (Wmo) / aanvraag (Jeugd) en het onderzoeksgesprek met de inwoner. Door een aanpassing in de processen binnen ZorgNed zijn er geen doorlooptijden bekend over 2023. Tabel 4 Bron: ZorgNed
Gemiddelde wachttijd TIM in rapportageperiode Peildatum 31-03-2026 In kalenderdagen
2025
2024
Wmo
68
41
Jeugd
36
34
Wanneer een inwoner op het gebied van participatie en zelfredzaamheid er niet meer zelf uitkomt
5
kan de inwoner de gemeente om Wmo hulp vragen en wordt een onderzoeksgesprek ingepland met de inwoner. Soms zijn vragen van inwoners al telefonisch te beantwoorden door consulenten. In het eerste contactmoment met de inwoner geven consulenten informatie en advies aan inwoners. Er wordt een korte uitvraag gedaan naar de hulpvraag van de inwoner en er wordt geadviseerd over mogelijke oplossingen in het voorliggend veld. Door vanaf het eerste contact met inwoners zorgvuldig uit te vragen worden vragen (bijvoorbeeld voor andere wetten of voorliggend veld) afgevangen. Dit heeft effect op wacht- en doorlooptijden. De hulpvragen die bij Jeugd binnenkomen worden ook dit jaar in toenemende mate ervaren als complex. Dit speelt niet alleen in onze regio. Regelmatig blijkt dat de problematiek in gezinnen breder is dan aanvankelijk gedacht. Zo spelen er meerdere problemen tegelijk zoals schulden, huisvesting, psychische problematiek of schooluitval. De grondige analyse die noodzakelijk is, vraagt tijd en dat kan gevolgen hebben voor de wacht- en doorlooptijden. Indicator: Tevredenheid inwoners over vindbaarheid en toegankelijkheid TIM In het kader van de vindbaarheid en toegankelijkheid van TIM is in de beide cliëntervaringsonderzoeken (CEO) van Jeugd en Wmo de stelling voorgelegd in welke mate men wist waar terecht te kunnen met de hulpvraag of om hulp te krijgen.
Van de 303 respondenten uit het Ceo Wmo 2025 geeft 81% aan het eens te zijn met deze stelling. 85% van de 13 respondenten uit het Ceo Jeugd – Jongeren en 82% van de 67 respondenten uit het Ceo Jeugd – ouders geven aan dat zij wisten waar terecht te kunnen. Indicator: Mate van tevredenheid inwoner over dienstverlening TIM In het Ceo Wmo 2025 geeft 86% van de 307 respondenten aan dat men op een prettige manier is geholpen door de medewerkers van TIM. 77% van de 13 respondenten uit het Ceo Jeugd – Jongeren en 85% van de 60 respondenten uit het Ceo Jeugd – ouders geeft aan op een prettige manier te zijn geholpen door de medewerkers van TIM. Tabel 5 : resultaten uit cliëntervaringsonderzoeken 2025 in het kader van mate van tevredenheid over dienstverlening TIM
Stelling
Aantal
(Helemaal) eens
Neutraal
(Helemaal) Oneens
Ceo Wmo 2025 Ik werd snel geholpen
308 (308)
71% (72%)
19% (18%)
10% (10%)
De medewerker nam mij serieus
309 (305)
87% (88%)
8% (8%)
1% (4%)
De medewerker en ik hebben in het gesprek samen naar oplossingen gezocht De medewerker heeft mij deskundig geholpen
292 (296)
79% (83%)
15% (11%)
6% (5%)
302 (306)
82% (88%)
12% (8%)
6% (4%)
>10 (16)
- (44%)
- (38%)
- (19%)
10 (15)
80% (73%)
10% (20%)
10% (7%)
11 (16)
90% (87%)
0% (6%)
9% (6%)
12 (17)
75% (29%)
17% (29%)
8% (18%)
11 (18)
63% (50%)
36% (33%)
0% (17%)
13 (18)
93% (44%)
0% (39%)
8% (17%)
13 (18)
61% (28%)
8% (33%)
31% (39%)
62 (65)
62% (65%)
26% (22%)
12% (12%)
Ceo Jeugd – Jongeren 2025 De medewerkers van de gemeente zijn goed te bereiken De medewerker die mij hielp wist genoeg om mij te kunnen helpen Ik voelde mij serieus genomen tijdens de gesprekken Ik kreeg voldoende informatie over de mogelijkheden voor hulp Na het onderzoeksgesprek wist ik wat ik kon verwachten Er werd samen met mij en mijn ouders/verzorgers gezocht naar best passende oplossing Ik ben snel geholpen bij mijn hulpvraag Ceo Jeugd – Ouders 2025 De medewerkers van de gemeente zijn goed te bereiken
6
De medewerker die mij hielp wist genoeg om mij te kunnen helpen Ik voelde mij serieus genomen tijdens de gesprekken Ik kreeg voldoende informatie over de mogelijkheden voor hulp Na het onderzoeksgesprek wist ik wat ik kon verwachten Er werd samen met mij (en mijn kind) gezocht naar de best passende oplossing Ik ben snel geholpen bij mijn hulpvraag
58 (57)
77% (75%)
12% (12%)
10% (13%)
60 (58)
83% (83%)
8% (10%)
8% (7%)
62 (56)
66% (69%)
26% (20%)
8% (10%)
55 (56)
75% (71%)
18% (16%)
13% (7%)
57 (56)
70% (72%)
19% (18%)
10% (11%)
61 (63)
53% (63%)
25% (17%)
22% (19%)
3. Zorggebruik Wmo 4.1
Proces
In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in het gerealiseerde zorggebruik Wmo in 2025. Om die gegevens te duiden presenteren we deze waar beschikbaar, naast de gegevens uit voorafgaande jaren. De nacalculaties over 2025 kunnen nog van invloed zijn op de hier gepresenteerde gegevens over het aantal unieke gebruikers en de hoogte van de kosten.
4.2
Resultaten
Indicator: Aantal inwoners dat geïndiceerde zorg gebruikt
Tabel 6: Aantal unieke inwoners met Wmo voorziening (Bron: Wmo declaraties uit ZorgNed)
Wmo voorzieningen bestaat uit verschillende categorieën, namelijk Huishoudelijke Hulp, Huishoudelijke Zorg, Begeleiding en Dagbesteding. In onderstaande tabellen wordt de ontwikkeling van het aantal gebruikers van deze verschillende productcategorieën weergegeven.
Van het totale bestand Wmo voorzieningen zoals weergegeven in tabel 6, bestaat 60% uit Huishoudelijke Hulp. De verklaring hiervoor is de invoering van het abonnementstarief op de Wmo, wat leidt tot een aanzuigende werking op deze maatwerkvoorzieningen. Door het bij de intake
7
kritisch kijken naar wat de ondersteuningsbehoefte is, neemt het aantal (nieuwe) ontvangers van Huishoudelijke Hulp toe, maar stabiliseert (gemiddeld gezien) het aantal indicaties voor de duurdere Huishoudelijk Zorg.
Het aantal ontvangers voor dagbesteding neemt toe. Dit past bij de hoge mate van vergrijzing binnen onze gemeente, waardoor gemiddeld meer beroep gedaan wordt op deze voorziening.
Het aantal ontvangers van Begeleiding neemt toe. De toename sluit aan bij het landelijk beleid om ondersteuning zo veel mogelijk in de eigen leefomgeving van de inwoner te laten plaatsvinden, waardoor meer ambulante begeleiding wordt ingezet. Daarbij zien we in 2025 dat de stijging minder sterk is dan in 2024. Hiervoor zien we geen directe verklaring.
Indicator: Hoogte van gedeclareerde kosten zorg De totale kosten voor de Wmo voorzieningen in 2025 bedragen € 11.224.000. Vooral de groei van kosten voor Hulp bij huishouden valt op maar ook bij de andere categorieën van Wmo hulp is de toename zichtbaar. Tabel 7: Opbouw declaraties per productcategorie (Bron: financieel systeem Coda)
Opbouw Declaraties Productcategorie (€ x 1000) Hulp bij huishouden & Huishoudelijke zorg Wmo Begeleiding Wmo Dagbesteding Wmo
Realisatie 2025
Begroot 2025 (na wijziging)
Begroting -/- kosten
Realisatie 2024
Verschil 2024-2025
5.040
5.182
142
4.506
+534
3.735
3.849
114
3.905
-170
2.449
2.522
73
2.305
+144
11.224
11.553
329
10.716
508
Ondanks de afname van het aantal ontvangers van Huishoudelijke zorg nemen de kosten niet evenredig af. Dit is het gevolg van de indexering van het tarief voor deze Wmo voorziening. Zie ook tabel 8. Tabel 8: Tarieven Huishoudelijke Hulp en Huishoudelijke Zorg
Uurtarieven (€) Huishoudelijke hulp Huishoudelijke zorg
2020 € 27,60
2021 € 28,8
2022 € 29,40
2023 € 30,60
2024 € 32,40
2025 € 34,24
€ 31,20
€ 32,40
€ 33,00
€ 34,20
€ 36,60
€ 38,70
8
Indicator: mate van tevredenheid inwoner over geboden hulp zorgaanbieder De mate van tevredenheid van de inwoner over de geboden hulp van de zorgaanbieder is onder te verdelen in twee pijlers. A. Kwaliteit van de ondersteuning/hulp B. Resultaat (effect) van de ondersteuning/hulp A. Kwaliteit van de ondersteuning In het Ceo Wmo 2025 hebben 335 respondenten antwoord gegeven op de stelling of men de kwaliteit van de ontvangen ondersteuning goed vindt. 85% van de respondenten is het helemaal eens of eens met deze stelling. Naast de bovenstaande genoemde stelling zijn er in het Ceo nog drie stellingen voorgelegd in relatie tot de kwaliteit van ondersteuning. In de volgende tabel de resultaten. Stelling
Aantal
(Helemaal) eens
Neutraal
(Helemaal) oneens
Ceo Wmo 2025 De ondersteuning die ik krijg, past bij mijn 332 (313) 87% (87%) 9% (9%) 4% (4%) hulpvraag De ondersteuning die ik krijg, past bij mijn 328 (307) 86% (85%) 8% (10%) 6% (5%) persoonlijke situatie De ondersteuning die ik krijg, kan worden 303 (277) 71% (72%) 21% (22%) 8% (6%) aangepast aan veranderingen in mijn persoonlijke situatie Tabel 9 : resultaten van overige stellingen uit het cliëntervaringsonderzoek in het kader van kwaliteit en ondersteuning
B. Resultaat (effect) van de ondersteuning In totaal hebben 335 respondenten uit het Ceo Wmo 2025 antwoord gegeven op de stelling of men door het ontvangen van de ondersteuning zichzelf beter kan redden. 86% van de respondenten is het helemaal eens of eens met deze stelling. 347 respondenten uit het Ceo Wmo 2025 geven hun tevredenheid over de kwaliteit van ontvangen ondersteuning het rapportcijfer 8,0. Naast de bovenstaande genoemde stelling of vraag zijn er in het Ceo nog stellingen voorgelegd in relatie tot het resultaat (effect) van ondersteuning. In onderstaande tabel de resultaten. Stelling
Aantal
(Helemaal) eens
Neutraal
Oneens
Ceo Wmo 2025 Door de ondersteuning die ik krijg, kan ik beter de 330 (300) 81% (77%) 14% (18%) 5% (5%) dingen doen die ik wil Door de ondersteuning die ik krijg, heb ik een 333 (305) 81% (77%) 16% (18%) 3% (4%) betere kwaliteit van leven Tabel 10 : resultaten van overige stellingen uit cliëntervaringsonderzoek Wmo 2025 en 2024 in het kader van resultaat (effect) van ondersteuning
4. Zorggebruik Jeugd 5.1
Proces
In dit hoofdstuk wordt inzicht geboden in de begroting en realisatie van het jeugdhulpgebruik in 2025. Ter duiding worden deze gegevens naast de realisaties uit 2024 en 2023 gepresenteerd. In de inleiding van deze rapportage is toegelicht dat gebruik is gemaakt van verschillende databronnen. Allereerst wordt een overzicht gegeven van de totale kosten voor jeugdhulp. Vervolgens worden in de daaropvolgende paragrafen gedetailleerdere overzichten en toelichtingen gepresenteerd
9
betreffende de kosten van de gedeclareerde jeugdhulpproductcategorieën (zorg in natura). Voor de gegevens over de totale kosten voor jeugdhulp is gebruikgemaakt van de rapportages en het dashboard van de Inkooporganisatie Jeugdhulp Zeeland (IJZ). De gegevens over de zorg in natura zijn gebaseerd op de daadwerkelijk verwerkte declaraties. Ook hiervoor is de informatie van IJZ gebruikt. Zoals ieder jaar moet rekening worden gehouden met na-ijleffecten.
5.2
Resultaten
In 2025 hebben 1.722 unieke jeugdigen een beschikking voor jeugdhulp ontvangen die ook is verzilverd. Dit betreft zowel nieuwe als doorlopende beschikkingen. Ter vergelijking: • •
in 2023 betrof dit 1.605 unieke jeugdigen; in 2024 1.678 unieke jeugdigen.
De tabellen geven een overzicht van het aantal unieke ontvangers en de kosten van van jeugdhulp (zorg in natura) waarop zorg is gedeclareerd per categorie in de jaren 2023, 2024 en 2025.
Activiteiten Preventief Justitieel Kader In de categorie Activiteiten Preventief Justitieel Kader zien we in 2025 een duidelijke stijging van zowel kosten als volume. De kosten namen toe met circa €90.000 (+24,7% ten opzichte van 2024), terwijl het aantal jeugdigen steeg met 8 (+10,4%). Hoewel indexatie een rol speelt, is de toename vooral toe te schrijven aan groei van het aantal jeugdigen en van het aantal declaraties.
10
Dagbehandeling
De categorie Dagbehandeling laat in 2025 voor het eerst in jaren een stabilisatie zien. Waar eerdere jaren werden gekenmerkt door scherpe stijgingen, daalden de kosten nu licht met –1,1%. Het aantal jeugdigen nam af met 18 (–10,3%). Vooral binnen de zware vorm van dagbehandeling blijft de inzet kostbaar, maar het volume lijkt na jaren van groei nu te stabiliseren.
Jeugd-GGZ Voor Jeugd-GGZ is een aanzienlijke kostenstijging zichtbaar. De kosten stegen met circa €700.000 (+16,4%), terwijl het aantal jeugdigen licht toenam (+3,6%). De oorzaak ligt vooral in indexatie, intensiever zorggebruik per jeugdige en de inzet van zwaardere vormen van behandeling, die relatief hoge kosten met zich meebrengen.
Jeugdbescherming Jeugdbescherming laat een gunstige ontwikkeling zien. De kosten daalden met ongeveer €115.000 (–8,3%) en het aantal jeugdigen met 25 (–17,4%). Deze daling volgt op een forse kostenstijging in 2024 door landelijke tariefwijzigingen. De afname van het aantal jeugdigen met een beschermingsmaatregel is positief en werkt direct door in de kosten.
Jeugdhulp Ambulant In de categorie Jeugdhulp Ambulant is een vergelijkbare ontwikkeling zichtbaar. De kosten namen toe met ongeveer €450.000(+8,2%), terwijl het aantal jeugdigen slechts licht steeg (+2,4%). De verklaring ligt primair bij indexatie, meer zorggebruik en de inzet van zwaardere ondersteuningstrajecten, meer dan bij volumegroei.
11
Jeugdhulp – Verblijf
Bij Verblijf exclusief behandeling zien we dat de kosten licht zijn gestegen (+1,7%), terwijl het aantal jeugdigen juist daalde (–7,8%). De afname in volume dempt de kostenstijging aanzienlijk. Deze ontwikkeling is positief en sluit aan bij de regionale en lokale doelstellingen om uithuisplaatsingen te beperken. De categorie Verblijf inclusief behandeling laat een stijging van de kosten zien van circa €90.000. Het aantal jeugdigen nam licht toe (-1 jeugdige, +4%, van 25 naar 26). Hoewel het aantal declaraties daalde, namen de kosten toe door indexatie, door zwaardere zorg en vooral door een sterke toename van het zorggebruik per jeugdige. Binnen deze categorie veroorzaakt een kleine groep jeugdigen een groot deel van de totale kosten.
Jeugdreclassering In de Jeugdreclassering zien we in 2025 een stijging van de kosten met ongeveer €25.000 (+15%), terwijl het aantal jeugdigen iets daalde (–1 jeugdige, –4,3%). De kosten nemen toe door indexatie en intensiever zorggebruik, ondanks de afname van het volume.
Kindergeneeskunde De categorie Kindergeneeskunde laat een beperkte kostenstijging zien van circa €15.000, in combinatie met een lichte volumestijging (+2,1%, 340 jeugdigen totaal). Ondanks het relatief grote aantal jeugdigen blijven de kosten in deze categorie laag. De stijging hangt samen met indexatie, zorggebruik en de toename van het aantal jeugdigen.
Landelijke ingekochte zorg Bij Landelijke Ingekochte Zorg is sprake van een sterke toename van de kosten (+€135.000, +22%). Dit gebeurt ondanks een daling van het aantal jeugdigen met –16,7% (van 42 naar 35). De forse stijging wordt veroorzaakt door een grote toename van het zorggebruik per jeugdige (+36%), waardoor de lagere aantallen niet tot kostenreductie leiden.
12
Maatwerkarrangementen Jeugdhulp De categorie Maatwerkarrangementen Jeugdhulp kent de sterkste procentuele groei. De kosten stegen met circa €230.000 (+54,1%), het aantal jeugdigen nam toe met 8 (+20%) en de prijs van
de producten steeg met +31%. Maatwerk wordt vaak ingezet voor jeugdigen buiten de eigen regio, waardoor de gemeente afhankelijk is van tarieven elders. Indexatie en hogere zorgzwaarte versterken deze kostenstijging.
Vervoersdiensten Bij Vervoersdiensten daalden de kosten licht (–3,3%). Zowel het aantal jeugdigen (–14,5%) als het aantal declaraties nam af. Doordat de prijs is gestegen, valt de kostenreductie minder groot uit dan de volumevermindering doet vermoeden.
Indicator: Hoogte van gedeclareerde kosten zorg De totale kosten voor Jeugdhulp omvatten behalve de declaraties (zorg in natura) voor de geleverde jeugdhulp, ook kosten voor projecten en organisatiekosten. Kijken we naar die totale kosten voor Jeugdhulp in 2025. Tabel 11: Gedeclareerde kosten zorg t.o.v. voorgaande jaar
Bedragen Zorg in Natura
Realisatie 2025 21.753.420
Begroting Begroting -/kosten 2025 22.791.885 1.038.465
Realisatie 2024 20.172.762
Verschil 2025-2024 1.580.659
Bijdrage crisisopvang
535.390
586.677
51.287
532.496
2.894
Jeugdzorg +
895.074
763.573
-131.500
998.234
-103.160
Projecten
253.753
366.867
113.114
285.306
-31.553
Uitvoeringskosten
278.111
277.375
-736
258.848
19.262
Taskforce jeugd
58.126
52.864
-5.262
42.307
15.819
1.141.913
1.007.983
-133.930
1.039.639
102.274
24.915.787
25.847.224
23.329.592
1.586.195
Overige zorgkosten Totaal
931.438
Tabel 12: Opbouw declaraties per productcategorie t.o.v. voorgaande jaar
Opbouw Declaraties Productcategorie (€)
Realisatie* 2025
Begroot 2025
Activiteiten preventief justitieel kader Dagbehandeling
464.199,08
489.470
25.270,92
349.278
114.921
2.870.716,65
3.211.071
240.354,35
2.902.150
-31.433
Jeugdbescherming
1.270.432,10
1.281.038
10.605,90
1.354.000
-83.568
Jeugd-GGZ
4.934.360,32
4.771.365
-162.995,32
4.236.981
697.379
Begroting -/- kosten
Realisatie 2024
Verschil 2025-2024
13
Jeugdhulp ambulant
5.869.228,78
6.110.638
241.409,22
5.489.393
379.836
1.898,05
343
-1.555,05
2.425
-527
2.883.515,93
3.126.486
242.970,07
2.806.403
77.113
1.446.705,65
1.601.661
154.955,35
1.341.173
105.533
Jeugdreclassering
190.272,02
214.257
23.984,98
159.623
30.649
Kindergeneeskunde
240.829,90
318.589
77.759,10
228.460
12.370
Landelijk ingekochte zorg
754.925,39
818.282
63.356,61
620.044
134.881
Maatwerkarrangementen Jeugdwet Persoonlijke verzorging
648.650,67
665.725
17.074,33
421.559
227.092
0
0
0
77.732
-77.732
Vervoerdiensten
177.685,27
182.960
5.274,73
183.540
-5.855
Totaal
21.753.420 22.791.885
1.038.465
20.172.762
1.580.659
Jeugdhulp crisis Jeugdhulp verblijf (excl. Behandeling)
Jeugdhulp verblijf (incl. behandeling)
Indicator: Mate van tevredenheid inwoner over geboden hulp zorgaanbieder De mate van tevredenheid van de inwoner over de geboden hulp van de zorgaanbieder is onder te verdelen in twee pijlers. A. Kwaliteit van de ondersteuning/hulp B. Resultaat (effect) van de ondersteuning/hulp A. Kwaliteit van de ondersteuning Van de 30 respondenten uit het Ceo Jeugd – Jongeren vindt 94% dat de hulp die zij krijgen van goede kwaliteit is. 7% geeft aan hier neutraal in te staan en geen enkele respondent geeft aan dat de ontvangen ondersteuning niet goed is. Uit het Ceo Jeugd – ouders/verzorgers blijkt dat 88% van de 137 respondenten de kwaliteit van ingezette hulp als goed ervaart. 7% van de respondenten ervaart de kwaliteit van ingezette hulp als niet goed en 7% staat hier neutraal in. Naast de bovenstaande genoemde stelling zijn er in het Ceo nog drie stellingen voorgelegd in relatie tot de kwaliteit van ondersteuning. In de volgende tabel de resultaten.
Stelling
Aantal
(Helemaal) eens
Neutraal
(Helemaal) oneens
Ceo Jeugd – Jongeren 2025 De hulp die ik krijg, past bij mijn hulpvraag 30 (49) 93% (6%) 3% (18%) 3% (14%) De hulp die ik krijg, past bij mijn persoonlijke 30 (50) 90% (68%) 10% (20%) 0% (12%) situatie De hulp die ik krijg, kan worden aangepast aan 29 (48) 93% (73%) 3% (17%) 3% (10%) veranderingen in mijn persoonlijke situatie Ceo Jeugd – Ouders 2025 De hulp die is ingezet, past bij onze hulpvraag 136 (179) 84% (85%) 10% (10%) 6% (4%) De hulp die is ingezet, past bij onze persoonlijke 135 (180) 86% (82%) 7% (13%) 7% (5%) situatie De hulp die is ingezet, kan worden aangepast 131 (171) 83% (75%) 11% (20%) 5% (4%) aan veranderingen in onze persoonlijke situatie Tabel 13 : resultaten van overige stellingen uit het cliëntervaringsonderzoek in het kader van kwaliteit en ondersteuning
14
B. Resultaat (effect) van de ondersteuning In het Ceo Jeugd – Jongeren en het Ceo Jeugd – ouders is de vraag gesteld hoe tevreden men is over de hulp die in het algemeen ontvangen wordt. De 30 respondenten uit het Ceo Jeugd – Jongeren geven hun tevredenheid over de kwaliteit van ontvangen hulp het gemiddelde rapportcijfer 8,2 (vorig jaar was dit 7,3 van 49 respondenten). De 137 respondenten uit het Ceo Jeugd – ouders/verzorgers geven hun tevredenheid over de kwaliteit van ontvangen hulp het gemiddelde rapportcijfer 7,7 (vorig jaar was dit 7,9 van 182 respondenten). Naast de bovenstaande genoemde stelling of vraag zijn er in het Ceo nog stellingen voorgelegd in relatie tot het resultaat (effect) van ondersteuning. In onderstaande tabel de resultaten. Stelling
Aantal
(Helemaal) eens
Neutraal
Oneens
Ceo Jeugd – Jongeren 2025 Door de hulp die ik krijg, voel ik mij beter 30 (47) 73% (65%) 23% (20%) 3% (14%) Door de hulp die ik krijg, kan ik beter mijn 30 (49) 77% (59%) 17% (29%) 7% (12%) problemen oplossen Door de hulp die ik krijg, gaat het beter op 30 (47) 64% (60%) 33% (26%) 3% (15%) school, werk of dagbesteding Ceo Jeugd – Ouders 2025 Door de hulp voelt mijn kind zich beter 134 (171) 70% (76%) 25% (19%) 7% (6%) Door de hulp kan mijn kind beter problemen 134 (170) 62% (68%) 28% (25%) 10% (7%) oplossen Door de hulp gaat het beter met mijn kind op 132 (169) 65% (70%) 26% (25%) 9% (5%) school, werk of dagbesteding Tabel 14 : resultaten van overige stellingen uit cliëntervaringsonderzoek in het kader van resultaat (effect) van ondersteuning
5. Meedenkers Zeeland In dit hoofdstuk wordt inzicht gegeven in de uitkomsten van het cliëntervaringsonderzoek (Ceo) met betrekking tot Meedenkers Zeeland in 2025. Deze resultaten zijn als apart hoofdstuk opgenomen, omdat de overige Ceo-onderdelen zijn geïntegreerd in de voorgaande hoofdstukken. Het Ceo werd tot en met vorig jaar als separate rapportage aangeboden. We presenteren indicatoren over de bekendheid van Meedenkers Zeeland en de mate waarin inwoners ervaren samen met meedenkers naar een oplossing te hebben gezocht. Indicator: Aantal inwoners dat bekend is met Meedenkers Zeeland Wmo In totaal hebben 320 respondenten (inwoners) in het Ceo Wmo 2025 de vraag beantwoord of men bekend is met Meedenkers Zeeland. Van deze 320 heeft 19% aangegeven dat men wist gebruik te kunnen maken van Meedenkers Zeeland. In totaal hebben 15 respondenten aangegeven gebruik
15
te hebben gemaakt van Meedenkers Zeeland. In vergelijking met vorig jaar is dit een stuk lager. Toen gaven 28 respondenten aan gebruik te hebben gemaakt van Meedenkers Zeeland. Het bovenstaande aantal respondenten wat gebruik heeft gemaakt van Meedenkers Zeeland is niet hoog. Echter, 189 respondenten geven aan dat zij geen ondersteuning nodig hadden, omdat zij het zelf goed konden regelen of hulp kreeg vanuit het eigen netwerk. 86 respondenten geven aan dat als zij hadden geweten dat Meedenkers Zeeland hen kon ondersteunen dit ook daadwerkelijk graag wilden. Vanuit TIM wordt er op verschillende manieren gecommuniceerd over Meedenkers Zeeland (brieven, infographic Jeugd, website en in gesprekken met inwoners). Ondanks deze inzet blijft het aantal inwoners dat graag gebruik had willen maken net als voorgaande jaren relatief hoog. Jeugd In het Ceo Jeugd – Jongeren hebben 16 respondenten de vraag beantwoord of men bekend was met de mogelijkheid om gebruik te maken van de ondersteuning van Meedenkers Zeeland. Van deze 16 respondenten heeft 6% aangegeven dat men wist gebruik te kunnen maken van Meedenkers Zeeland. Er heeft geen enkele respondent aangegeven gebruik te hebben gemaakt van Meedenkers Zeeland. Dit was hetzelfde in 2024.
In het Ceo Jeugd – ouders/verzorgers hebben 70 respondenten de vraag beantwoord of men bekend was met de mogelijkheid om gebruik te maken van de ondersteuning van Meedenkers Zeeland. Van de respondenten heeft 13% aangegeven dat men wist gebruik te kunnen maken van Meedenkers Zeeland. In totaal heeft 1 respondent aangegeven gebruik te hebben gemaakt van Meedenkers Zeeland. In 2024 waren dit 4 respondenten. Het bovenstaande aantal respondenten wat gebruik heeft gemaakt van Meedenkers Zeeland is niet hoog. Echter, 48 respondenten geven aan dat zij geen ondersteuning nodig hadden, omdat zij het zelf goed konden regelen of hulp kreeg vanuit het eigen netwerk. 16 respondenten geven aan dat als zij hadden geweten dat Meedenkers Zeeland hen kon ondersteunen dit ook daadwerkelijk graag wilden.
Indicator: tevredenheid over ondersteuning van de meedenkers Wmo 14 respondenten uit het Ceo Wmo 2025 die gebruik hebben gemaakt van de ondersteuning van Meedenkers Zeeland gaven samen het rapportcijfer 7,9 over de tevredenheid van ondersteuning door Meedenkers Zeeland. Dit was in 2024 het rapportcijfer 8,1. Jeugd Uit het Ceo Jeugd zijn geen gegronde en betrouwbare gegevens te generen, omdat er minder dan 10 respondenten de vragen hebben beantwoord en deze dan ook om privacy redenen niet worden verwerkt. Indicator: mate waarin inwoner ervaart samen met meedenkers naar een oplossing te hebben gezocht Wmo
16
De 14 respondenten uit het Ceo Wmo 2025 zijn naast hun tevredenheid over de ondersteuning van Meedenkers Zeeland ook tevreden over de mate waarin men heeft ervaren dat er samen naar een oplossing is gezocht. De respondenten geven voor het gezamenlijk zoeken naar een passende oplossing met Meedenkers Zeeland het rapportcijfer 7,7. Dit was in 2024 het rapportcijfer 8,0. Jeugd Uit het Ceo Jeugd zijn geen gegronde en betrouwbare gegevens te generen, omdat er minder dan 10 respondenten de vragen hebben beantwoord en deze dan ook om privacy redenen niet worden verwerkt.
17
6. Bronnen In onderstaand overzicht zijn de bronnen opgenomen die we gebruiken voor het opstellen van de rapportages sociaal domein. Zoals hierboven aangegeven zijn niet alle bronnen tweemaal per jaar beschikbaar. De grijs gearceerde bronnen zijn voor deze rapportage niet beschikbaar. Tabel 1: Bronnen rapportage Sociaal Domein
Bronnen
Soort data
Frequentie ontsluiten
Periode
Peildatum
Eindrapportage cliëntervaringsonderzoek Jeugd – jongeren
Cliëntervaringen en tevredenheid
Jaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
n.v.t.
Eindrapportage cliëntervaringsonderzoek Jeugd – ouders/verzorgers
Cliëntervaringen en tevredenheid
Jaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
n.v.t.
Eindrapportage cliëntervaringsonderzoek Wmo Inkooporganisatie IJZ Monitor Grip op Jeugd
Cliëntervaringen en tevredenheid
Jaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
n.v.t.
Inkoop en declaraties Jeugdhulp
Halfjaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
17-3-2026
Inkooporganisatie IJZ Monitor grip op Jeugd
Gezamenlijke kosten inkooporganisatie
Halfjaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
17-3-2026
ZorgNed Coda en Berichtenverkeer
Data cliëntgroepen Wmo en Jeugd
Halfjaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
3-3-2026 en 31-3-2026
Coda en Berichtenverkeer
Resultaten Wmo en Jeugd
Halfjaarlijks
1-1-2025 t/m 31-122025
3-3-2026
Vizita -RegiCare
Data Sociaal Team en Meedenkers
Halfjaarlijks
Externe bronnen Preventief Jeugdteam Emergis-preventie, Halt, Vizita, GGD
Diverse data en input
Jaarlijks
CEO Vizita
Cliëntervaringen en tevredenheid Cliëntervaringen en tevredenheid
Jaarlijks
CEO Preventief Jeugdteam
Jaarlijks
18