CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020 - AANGEPAST

Gemeenteraad 7 juli 2021, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Bijlage 1 - Bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 202034.183 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 4

Gemeente Middelburg

Bestemmingsplan ‘‘Waterpark Veerse Meer 2020” Vaststelling

Juli 2021

Gemeente Middelburg

Bestemmingsplan ‘‘Waterpark Veerse Meer 2020” Vaststelling

Inhoud: • • •

Toelichting Regels Geometrische plaatsbepaling (verbeelding)

werknummer: datum: bestand:

619.115.60 8 juli 2021 J:\619\115\60\3.projectresultaat\b. ontwerp

Procedureoverzicht Fase

Datum

Concept-ontwerp

1 oktober 2020

Ontwerp

17 december 2020

Terinzagelegging Vast te stellen

17 december 2020 tot en met 27 januari 2021 8 juli 2021

Vastgesteld

KuiperCompagnons BV Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Architectuur, Landschap Rotterdam in samenwerking met BuroStedenbouw

TOELICHTING

2

Inhoudsopgave van de toelichting

1

Inleiding

7

1.1 1.2 1.3 1.4 1.5

Aanleiding en doel van het plan Ligging en begrenzing plangebied Voorgaande plannen Relevante plannen en besluiten in de omgeving Leeswijzer

7 7 9 13 14

2

Milieueffectrapportage

15

2.1 2.2 2.3 2.4

Inleiding Kader Alternatieven en varianten Effecten

15 15 16 19

3

Planbeschrijving

22

3.1 3.2

Bestaande situatie Ontwikkelingen 3.2.1 Algemeen 3.2.2 Landschapsplan 3.2.3 Beeldregieplan 3.2.4 Marktonderzoek Juridische aspecten 3.3.1 Planmethodiek 3.3.2 Regels 3.3.3 Geometrische plaatsbepaling

24 32 32 33 43 43 45 45 45 48

4

Ruimtelijke Ordening

50

4.1

4.2

Kader en onderzoek 4.1.1 Nationaal beleid 4.1.2 Provinciaal beleid 4.1.3 Gemeentelijk beleid Conclusie

50 50 55 77 77

5

Mobiliteit

78

5.1

5.2 5.3

Kader 5.1.1 Rijksbeleid 5.1.2 Gemeentelijk beleid Onderzoek Conclusie

78 78 78 78 85

6

Ecologie

86

6.1 6.2 6.3

Kader Onderzoek Conclusie

86 87 90

3.3

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

3

7

Water

91

7.1 7.2 7.3

Wettelijk kader Onderzoek Conclusie

91 93 98

8

Archeologie en cultuurhistorie

99

8.1

Archeologie 8.1.1 Wettelijk kader 8.1.2 Onderzoek 8.1.3 Conclusie Cultuurhistorie 8.2.1 Kader 8.2.2 Onderzoek 8.2.2 Conclusie

99 99 100 100 100 100 101 102

Milieu

104

8.2

9 9.1 9.2

Algemeen Bodemkwaliteit 9.2.1 Kader 9.2.2 Onderzoek 9.2.3 Conclusie 9.3 Wegverkeerslawaai 9.3.1 Kader 9.3.2 Onderzoek 9.3.3 Conclusie 9.4 Industrielawaai 9.4.1 Kader 9.4.2 Onderzoek 9.4.3 Conclusie 9.5 Luchtvaartverkeer 9.5.1 Kader 9.5.2 Onderzoek 9.5.1 Conclusie 9.6 Luchtkwaliteit 9.6.1 Kader 9.6.2 Onderzoek 9.6.3 Conclusie 9.7 Milieuzonering 9.7.1 Kader 9.7.2 Onderzoek 9.7.3 Conclusie 9.8 Externe veiligheid 9.8.1 Kader 9.8.2 Onderzoek 9.8.3 Conclusie 9.9 Overige belemmeringen 9.10 Explosieven

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

104 104 104 105 106 106 106 107 108 108 108 108 108 109 109 109 112 112 112 112 112 113 113 113 116 116 116 118 123 123 124

4

9.10.1 Kader 9.10.2 Onderzoek 9.10.2 Conclusie 9.11 Duurzaamheid 9.11.1 Kader 9.11.2 Onderzoek 9.11.3 Conclusie

124 124 125 126 127 129 131

10

132

Uitvoerbaarheid

10.1 Economische uitvoerbaarheid 10.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 10.3 Handhavingaspecten

132 132 133

11

Procedure

134

11.1 Voorbereidingsfase 11.2 Ontwerpfase 11.3 Vaststellingsfase

134 134 135

Separate bijlagen bij de toelichting Bijlage 1: Diverse onderzoeken haalbaarheid Waterpark Veerse Meer 2020 a. Toets haalbaarheid Waterpark Veerse Meer nieuw, ZKA Leisure consultants, d.d. april 2020 b. Laddertoets dagrecreatieve voorzieningen, ZKA Leisure consultants, d.d. mei 2021 Bijlage 2: Bodemrapport diverse onderzoeken Muidenweg 3 te Arnemuiden, Greenhouse Advies B.V., d.d. 12 december 2018 Bijlage 3: Ontwerp Achtergrondrapport verkeer, MER Waterpark Veerse Meer, Goudappel Coffeng, d.d. 30 maart 2020 Bijlage 4: Diverse onderzoeken Wet natuurbescherming a. Rapportage quick scan flora & fauna, Waterpark Veerse Meer fase 1, GRAS Advies, d.d. 23 november 2020 b. Rapportage quick scan flora & fauna, Waterpark Veerse Meer fase 2, GRAS Advies, d.d. 23 oktober 2020 c. Rapportage aanvullend soortenonderzoek Wet natuurbescherming, GRAS Advies, d.d. 29 april 2021 Bijlage 5: Landschapsplan, KuiperCompagnons, d.d. november 2020 Bijlage 6: Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai, KuiperCompagnons, d.d. 16 september 2020 Bijlage 7: Geohydrologisch onderzoek, Sweco, d.d. 15 april 2021 Bijlage 8: Milieueffectrapport Waterpark Veerse Meer, Gecombineerd plan- en projectMER, Tauw, kenmerk R004-1269443EMG-V01, d.d. 6 mei 2021, inclusief Oplegnotitie MER, d.d. 7 juni 2021 Bijlage 9: Achtergronddocumenten bij het MER a. Akoestisch onderzoek Waterpark Veerse Meer b. Aanmeldnotitie m.e.r.

beoordeling Bodemenergiesysteem c. Besluitvormingsnotitie Fase 1 Gebiedsvisie Veerse Meer d. Onderzoek stikstofdepositie AERIUS berekening

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

5

-

-

e. Bouwroutes Waterpark Veerse Meer f. Effectbeoordeling Natuurnetwerk Zeeland herontwikkeling Waterpark Veerse Meer g. Kruispuntenanalyse Oranjeplaatweg-Muidenweg-Calandweg h. Luchtkwaliteit MER Waterpark Veerse Meer i. Mer besluit provincie en m.e.r. beoordelingsnotitie baanrotatie VMZ j. Passende beoordeling Waterpark Veerse Meer k. Notitie analyse telgegevens vogels l. Visualisaties Waterpark Veerse Meer m. C02 berekening referentiesituatie incl. aanvulling Bijlage 10: Verkeersveiligheidsanalyse, Goudappel Coffeng, d.d. 28 oktober 2019 Bijlage 11: Watertoetstabel Bijlage 12: Vooronderzoek naar het risico op het aantreffen van conventionele explosieven in het onderzoeksgebied “Oranjeplaat te Arnemuiden”, XPLOSURE, kenmerk 325-018-VO01, d.d. 2 april 2019 Bijlage 13: Duisternis- / Verlichtingsplan, DAGnl, d.d. 4 november 2020 Bijlage 14: Variantenstudie Circulaire infrastructuur ten behoeve van het Waterpark Veerse Meer, SWECO, projectnummer 373445, d.d. 30 oktober 2020 Bijlage 15: Beeldregieplan, KuiperCompagnons, kenmerk 619.128.81, d.d. maart 2021 Bijlage 16: Effectbeoordeling alternatieve verkeersgeneratie, Goudappel Coffeng, kenmerk 993720.20200910.R14.04, d.d. 7 oktober 2020 Bijlage 17: Toetsing verkeersgeneratie vergelijkbaar park ten opzichte van CROW-kencijfer 'bungalow', Goudappel Coffeng, d.d.

11 augustus 2020 Bijlage 18: Waterpark Veerse Meer BPRW – Toetsingskader Waterkwaliteitstoets (KRW), Tauw, kenmerk R003-1269443SBO-V01-ssc-NL, d.d. 6 mei 2021 Bijlage 19: Notitie plaagsoorten, Tauw, kenmerk R004-1269443MFW-V01, d.d. 26 november 2020 Bijlage 20: Milieuhygiënisch vooronderzoek Waterpark Veerse Meer (deelgebied 2), Greenhouse Advies, d.d. 4 juni 2020 Bijlage 21: Nota inspraak en overlegreacties, gemeente Middelburg, d.d. oktober 2020 Bijlage 22: Notitie verkeerseffecten openbaarheid voorzieningen Waterpark Veerse Meer, Goudappel B.V., kenmerk 003721.20210416.N2.01, d.d. 4 mei 2021 Bijlage 23: Notitie zienswijzen incl. staat van wijzigingen, gemeente Middelburg, d.d. juni 2021

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

6

Afbeelding 1.1.: ligging bestemmingsplangebied “Waterpark Veerse Meer 2020” op de grens tussen Walcheren en ZuidBeveland

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

7

1

Inleiding

1.1

Aanleiding en doel van het plan Met de opening van Camping de Witte Raaf (1972) werd in Arnemuiden één van de grootste campings in Zeeland gerealiseerd. In de loop der jaren hebben diverse ontwikkelingen plaatsgevonden. Door de toevoeging van onder meer een jachthaven, recreatiebungalows, chalets en centrumvoorzieningen is het terrein steeds verder uitgebreid. In 2004 is door de Provincie Zeeland en de betrokken gemeenten een gebiedsvisie ‘Rondom het Veerse Meer’ opgesteld, waarin de provincie ervoor kiest op de toeristische ontwikkelingen rondom het Veerse Meer te beperken tot zes ‘hotspots’, waar de voorliggende planlocatie er één van is. Voor de verdere ontwikkeling van het gebied werd ingezet op de realisatie van het ‘Waterpark Veerse Meer’: ontwikkeluitbreiding en verdichting van verblijfsrecreatie in combinatie met het bevorderen van watergerichte activiteiten. Nog voor de afronding van de realisatie van het Waterpark Veerse Meer ging het park in 2015 failliet. In 2018 is het park aangekocht, met als doel het recreatiepark een nieuwe impuls te geven. Het voornemen is om de bestaande locatie aan de Muidenweg in Arnemuiden te herontwikkelen en uit te breiden tot een kwalitatief hoogstaand recreatiepark met recreatiewoningen en uitgebreide centrumvoorzieningen. Om een hoge ruimtelijke kwaliteit te bieden zal de dichtheid van de accommodaties afnemen.

Daarnaast wordt circa 14 hectare natuurgebied ontwikkeld. Afbeelding 1.1. geeft de ligging van het plangebied weer. Het park krijgt een onderscheidend concept door zich te richten op een nieuwe doelgroep: families, van jong tot oud, met activiteiten die zich richten op het samenspel tussen (groot)ouders en (klein)kinderen. Daarbij wordt uitgegaan van een homogeen karakter, in tegenstelling tot het voorgaande plan voor Waterpark Veerse Meer waarin een diverse mix aan recreatieverblijven werd voorzien. Ook wordt het aantal recreatieve eenheden beperkt, maar wordt het recreatiepark in oppervlakte verruimd. Hierdoor ontstaat meer ruimte voor kwalitatieve water- en groenstructuren en landschappelijke inpassing. Dit concept maakt het mogelijk om het park jaarrond te exploiteren, wat zorgt voor een duurzame impact op de samenleving en een positieve bijdrage aan de lokale economie. Thans bestaat er een conceptverkaveling die kaders biedt voor de herontwikkeling van het waterpark. Deze ontwikkeling is, hoewel de gronden grotendeels al een recreatieve bestemming hebben, op grond van de vigerende bestemmingsplannen 'Buitengebied', 'Oranjeplaat' en 'Waterpark Veerse Meer' niet toegestaan. Om de ontwikkeling toch mogelijk te maken is het voorliggende bestemmingsplan opgesteld.

1.2

Ligging en begrenzing plangebied Het plangebied ligt in het noordoostelijke deel van de gemeente Middelburg, op circa 5 kilometer van het dorpscentrum van Arnemuiden. Het centrum van Middelburg ligt op circa 12 kilometer. Het plangebied wordt aan de zuid- en oostzijde omgeven door overwegend agrarisch gebied. Ten noorden van het plangebied liggen het Veerse Meer en de natuurgebieden rondom ‘De Piet’. De westgrens van het plangebied wordt bepaald door het aangrenzende recreatiegebied Oranjeplaat, bestaande uit een jachthaven met daarbij behorende bedrijvigheid en een aantal Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

8

recreatiewoningen rondom de haven. Een deel van deze recreatiewoningen is bestemd voor wonen. De zuid- en oostgrens van het plangebied wordt bepaald door de Muidenweg. Aan de noordzijde wordt het plan begrensd door het Natura 2000 gebied ‘Veerse Meer’.

Afbeelding 1.2.: globale ligging van de planlocatie (bron: www.opentopo.nl)

Het bestemmingsplangebied bestaat uit een groot aantal kadastrale percelen, met een gezamenlijk oppervlak van circa 115 hectare. Het plangebied is op te delen in twee deelgebieden, die van elkaar worden gescheiden door de Oranjeplaatweg (afbeelding 1.3). Het zuidelijke deelgebied (deelgebied 1) bestaat uit het gedeeltelijk gerealiseerde oorspronkelijke recreatiepark Waterpark Veerse Meer. Het noordelijke deelgebied (fase 1c, 2a en 2b.) bestaat voornamelijk uit agrarische gronden. Deze gronden zijn in eigendom van twee eigenaren en worden gepacht door het agrarisch bedrijf dat is gevestigd aan de Muidenweg 11. Het bestaande recreatiepark beslaat circa 57 hectare. Met voorliggend plan wordt dit park uitgebreid met circa 32 hectare. De overige circa 26 hectare bestaat uit openbare natuur en de kreek tussen deelgebied 1 en 2.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

9

Afbeelding 1.3.: situering van deelgebieden in het plangebied, weergegeven op de luchtfoto (bron: www.maps.google.nl)

1.3

Voorgaande plannen Het nieuwe bestemmingsplan vervangt (gedeeltelijk) de volgende voorgaande plannen en besluiten, in volgorde van vaststelling: Naam voorgaand plan / besluit

Vaststelling (bevoegd gezag)

1 Bestemmingsplan “Buitengebied’

28 september 2009 (gemeenteraad Middelburg)

2 Bestemmingsplan “Oranjeplaat”

24 juni 2013 (gemeenteraad Middelburg)

3 Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer”

22 september 2014 (gemeenteraad Middelburg)

Afbeelding 1.4. geeft de ligging van deze plannen weer.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

10

Afbeelding 1.4.: globale overzichtskaart van de voorgaande bestemmingsplannen ter hoogte van het plangebied

Ad 1) Het bestemmingsplan 'Buitengebied' (afbeelding 1.5) van de gemeente Middelburg is vastgesteld op 28 september 2009 en van toepassing op deelgebied 2 van het plangebied. Voor dit deel van het plangebied geldt de bestemming 'Agrarisch', bedoeld voor grondgebonden agrarische bedrijven. Daarnaast zijn de gebiedsaanduidingen 'luchtvaartverkeerszone - 1' en 'luchtvaartverkeerszone - 2' (paarse contour) opgenomen, waarbinnen nieuwe geluidgevoelige objecten niet, of beperkt zijn toegestaan. Op het perceel aan de Muidenweg 11 is een agrarisch bedrijf gevestigd. Op het perceel is een bouwvlak aanwezig, waarbij een goot- en bouwhoogte van resp. 6 en 10 meter gelden.

Afbeelding 1.5.: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Buitengebied’ (2009) met de toenmalig geldende contouren rondom het vliegveld (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

11

Ad 2) Het bestemmingsplan 'Oranjeplaat' van de gemeente Middelburg is vastgesteld op 24 juni 2013 en van toepassing op de noordoostelijke hoek van het deelgebied 1 van het plangebied, gelegen tussen de kreek, de Oranjeplaatweg en de Muidenweg. Het betreft een strook die is bestemd voor ‘Groen’. De Oranjeplaatweg aan de noordzijde is bestemd voor ‘Verkeer’. Daarnaast geldt de gebiedsaanduiding 'luchtvaartverkeerszone - 1'. Het zuidwestelijke deel van bestemmingsplan Oranjeplaat valt buiten het plangebied (afbeelding 1.6).

Afbeelding 1.6.: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Oranjeplaat (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Ad 3) Het bestemmingsplan ‘Oranjeplaat’ is in 2013 en 2014 op enkele onderdelen herzien. Voor een deel van de gronden is daarom een nieuw bestemmingsplan opgesteld. Het bestemmingsplan 'Waterpark Veerse Meer' van de gemeente Middelburg is vastgesteld op 22 september 2014 en van toepassing op het zuidelijk deel (deelgebied 1) van het voorliggende plangebied (afbeelding 1.7). Ter plaatse geldt de bestemming 'Recreatie - Verblijfsrecreatie 3', bedoeld voor recreatiewoningen, bedrijfswoningen, een receptiegebouw een daarbij behorende ontsluitingswegen en voorzieningen ten behoeve van het parkeren.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

12

Afbeelding 1.7.: Uitsnede verbeelding bestemmingsplan ‘Waterpark Veerse Meer’ (bron: www.ruimtelijkeplannen.nl)

Het geldende bestemmingsplan maakt het volgende programma mogelijk: • 668 chalets, stacaravans en andere accommodatievormen; • 241 toeristische standplaatsen (kampeerplaatsen); • 180 recreatiewoningen; • 46 ligplaatsen voor de pleziervaart; • 1 jachthaven met 200 ligplaatsen voor de pleziervaart; • 2 bedrijfswoningen; • 1 voorzieningencomplex met een receptie, overdekt zwembad, sauna en wellness, restaurant, bowlingcentrum, detailhandel, supermarkt en een overdekte speelvoorziening met een maximum bebouwd oppervlak van circa 7.250 m²; • 2 gebouwen ten behoeve van sanitaire voorzieningen met een maximum bebouwd oppervlak van 50 m² per gebouw en een gebouw ten behoeve van sanitaire voorzieningen in het recreatiegebied ten noorden van het water. In totaal zijn er in de huidige situatie 1.335 recreatie-eenheden ten behoeve van recreatief nachtverblijf (totaal aan chalets, stacaravans en andere accommodatievormen, standplaatsen, recreatiewoningen en ligplaatsen voor de pleziervaart) bestemd. Hierbij zijn 'andere accommodatievormen' niet nader omschreven, wat een brede toepassing mogelijk maakt, en is het gebruik van ligplaatsen voor recreatief nachtverblijf niet uitgesloten. Beperking van het aantal recreatie-eenheden Op grond van het bestemmingsplan 'Waterpark Veerse Meer' uit 2014 zijn 1.335 recreatie-eenheden mogelijk.

In de nieuwe situatie neemt het aantal recreatie-eenheden voor recreatief nachtverblijf af met 448 eenheden ten opzichte van de huidige mogelijkheden voor Waterpark Veerse Meer (1.335 – 887). Daarmee past het plan ruim binnen het programma zoals dat op grond van het voorgaande bestemmingsplan mogelijk is.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

13

Strijdigheid Met de herontwikkeling van het bestaande recreatiepark zal de inrichting wijzigen. Op grond van de bestemmingsplannen ‘Waterpark Veerse Meer’ en ‘Oranjeplaat’ zijn de recreatie-, groen-, bosen verkeersbestemmingen gedetailleerd ingetekend. Het nieuwe ontwerp voor het Waterpark zal afwijken van deze bestemmingsgrenzen, waardoor het plan in strijd is met de voorgaande bestemmingsregeling. Het bestaande recreatiepark heeft een oppervlakte van circa 57 hectare. Met voorliggend plan wordt het park vergroot met circa 32 hectare, en wordt aansluitend circa 14 hectare natuurgebied ingericht als overgang naar het bestaande en aangrenzende natuurgebied Grote Piet (ontwikkelingen deelgebied 2). Deze gronden hebben momenteel op grond van bestemmingsplan ‘Buitengebied’ een agrarische bestemming. Er is een bestemmingswijziging benodigd om de gronden in te richten voor recreatieve doeleinden en natuur. Ten slotte is het gewenst om de ruime mogelijkheden voor accommodatievormen in het voorgaande bestemmingsplan te beperken tot uitsluitend verblijfsrecreatieve woningen. Op grond van de Zeeuwse Kustvisie 2017 en de Omgevingsverordening Zeeland 2018 is het wenselijk de uitbreiding enkel mogelijk te maken indien sprake is van verdunning van recreatie-eenheden en de centraal bedrijfsmatige exploitatie van één recreatiepark.

Daarmee wordt gestuurd op een overkoepelende, gebiedsgerichte ruimtelijke kwaliteit en inrichting van het landschap. Het is niet gewenst twee recreatieparken naast elkaar te vestigen. Daarbij is nieuwvestiging op gronden buiten het bestaand stedelijk gebied op grond van de provinciale Omgevingsverordening ook niet mogelijk. Met voorliggend plan wordt beoogd het aantal overnachtingseenheden op het bestaande park te beperken, en het ruimtelijk oppervlak uit te breiden. 1.4

Relevante plannen en besluiten in de omgeving In de directe omgeving van het plangebied zijn twee ontwikkelingen gaande die in ogenschouw moeten worden genomen bij de voorgenomen herontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer. Baanrotatie Vliegveld Midden-Zeeland De exploitant van het Vliegveld Midden-Zeeland, gelegen aan de Calandweg, heeft bij de provincie Zeeland in mei 2020 een verzoek ingediend om de start- en landingsbaan van het vliegveld te roteren. Ten behoeve van deze rotatie dient de provincie een luchthavenbesluit te nemen. Daarnaast zal het bestemmingsplan voor het vliegveld gewijzigd moeten worden om de baanrotatie mogelijk te maken en zullen de contouren van de hoogtebeperkingen van de aangrenzende bestemmingsplannen - ook in de vijf aangrenzende gemeenten - aangepast moeten worden. De zes gemeenten hebben aan de provincie gevraagd om in plaats hiervan een inpassingsplan vast te stellen. De planning is om deze planologische procedures medio 2021 te starten. De zones die op grond van het vigerende plan gelden vanwege het vliegveld zijn in het voorliggende plan overgenomen. Ten behoeve van het luchthavenbesluit is een m.e.r.-beoordelingsnotitie opgesteld. Op basis hiervan hebben Provinciale Staten op 29 mei 2020 besloten dat voor de baanrotatie geen milieueffectrapportage hoeft te worden opgesteld.

Deze m.e.r.-beoordelingsnotitie wordt betrokken bij de Milieu Effect Rapportage (MER) voor dit bestemmingsplan (zie voorts hoofdstuk 2). De rotatie van de start- en landingsbaan heeft

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

14

positieve effecten op de geluidsbelasting en externe veiligheid voor deelgebied 1 van het Waterpark Veerse Meer en zorgt voor minder verstoring van het nabijgelegen Natura 2000 gebied. Kampeerboerderij 'De Kruitmolen' Als gevolg van de voorgenomen herontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer heeft de curator de overeenkomsten met de jaarplaatshouders opgezegd. De gemeente Middelburg heeft toegezegd zich te zullen inspannen om de jaarplaatshouders te verplaatsen naar De Kruitmolen en de ook de initiatiefnemer heeft waar mogelijk deze inspanning ondersteund. Om de verplaatsing mogelijk te maken dient het bestemmingsplan ter plaatse van De Kruitmolen gewijzigd te worden. Na terinzagelegging van het ontwerpbestemmingsplan is de procedure voor de Kruitmolen stopgezet. De gemeenteraad van Middelburg heeft op 10 december 2020 besloten dat het ontwerpbestemmingsplan niet wordt vastgesteld. Daarom wordt deze ontwikkeling buiten beschouwing gelaten.

Afbeelding 1.8.: globale aanduiding relevante ontwikkelingen in de omgeving (bron: www.opentopo.nl)

1.5

Leeswijzer In het vervolg van deze toelichting wordt in hoofdstuk 2 ingegaan op de planMER. Vervolgens wordt in hoofdstuk 3 een beschrijving van de ontwikkeling gegeven. Tevens bevat dit hoofdstuk de juridische planbeschrijving, waarin de regels nader worden toegelicht. In hoofdstuk 4 wordt de gewenste ontwikkeling getoetst aan de geldende beleidskaders. In de daarop volgende hoofdstukken 5 tot en met 9 wordt de ontwikkeling getoetst aan de sectorale (milieu)wetgeving. Hoofdstuk 10 wordt de economische en maatschappelijke uitvoerbaarheid van het plan besproken. Tot slot wordt in hoofdstuk 11 ingegaan op de bestemmingsplanprocedure.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

15

2

Milieueffectrapportage

2.1

Inleiding De realisatie van Waterpark Veerse Meer is van een dusdanige omvang dat een milieu-effectrapportage (MER) is opgesteld1, bedoeld om de keuzes in de besluitvorming van een goede milieuafweging te voorzien. In de periode 2019-2020 is de procedure van milieueffectrapportage (m.e.r.) bij het bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” doorlopen. In 2019 is reeds een Notitie Reikwijdte en Detailniveau (NRD)2 opgesteld, als startpunt van de m.e.r.-procedure en kader voor de op te stellen MER. De Commissie voor de milieueffectrapportage zal na de ontwerpfase van het bestemmingsplan een toetsingsadvies op het MER uitbrengen.

2.2

Kader Op 7 juli 2017 is het gewijzigde Besluit m.e.r. in werking getreden. De wijziging van het Besluit m.e.r. volgt uit de implementatie van artikel 1, vierde lid, onder a en b, van Richtlijn 2014/52/EU van de Europese Unie. In de Wet milieubeheer (Wm) is in hoofdstuk 7 geregeld dat van plan- en besluitvorming met mogelijke grote milieugevolgen de effecten op het milieu in beeld gebracht moeten worden. In de bijlage bij het Besluit m.e.r. is bepaald voor welke activiteiten een m.e.r. procedure doorlopen moet worden. M.e.r.-plicht De m.e.r.-plicht voor een bestemmingsplan ontstaat hier als in C of D lijst in de bijlage bij het Besluit milieueffectrapportage: • • • •

de activiteit wordt genoemd in kolom 1; er wordt voldaan aan de voorwaarden in kolom 2; het bestemmingsplan wordt genoemd in kolom 3; het bestemmingsplan een kader vormt voor een (toekomstig) besluit dat wordt genoemd in kolom 4.

Wanneer het bestemmingsplan wordt genoemd in kolom 3 én in kolom 4, dan is een bestemmingsplan plan m.e.r.-plichtig als er sprake is van een kaderstellend plan waarbij de activiteiten pas kunnen worden gerealiseerd na een later te nemen m.e.r.-(beoordelings)plichtig besluit (bijvoorbeeld een wijzigings- of uitwerkingsplan zijn, maar ook een ander besluit). Is er na een bestemmingsplan geen m.e.r.-(beoordelings)plichtig besluit meer nodig, dan is er sprake van een bestemmingsplan in kolom 4 (besluiten). Daarnaast kan een m.e.r.-plicht gelden omdat een Passende Beoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming opgesteld moet worden. Volgens art. 7.2a lid 1 Wm zijn bestemmingsplannen waarvoor een passende beoordeling moet worden gemaakt m.e.r.-plichtig. M.e.r.-plicht bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer 2020 In het geval van het Waterpark Veerse Meer zijn de categorieën D10 en D16.1 uit de bijlagen bij het Besluit m.e.r. relevant.

1

Bijlage 8: Milieueffectrapport Waterpark Veerse Meer, Gecombineerd plan- en project-MER, Tauw, kenmerk R0011269443EMG-V01, d.d. 6 mei 2021 incl. oplegnotitie d.d. 2 juni 2021 2 Notitie Reikwijdte en Detailniveau planMER Waterpark Veerse meer, Tauw, d.d. 22 mei 2019

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

16

De herontwikkeling en uitbreiding van Waterpark Veerse Meer valt onder categorie D10: de aanleg wijziging of uitbreiding van vakantiedorpen en bijbehorende voorzieningen. Voor deze categorie gelden als relevante drempelwaarden dat de activiteiten betrekking hebben op 250.000 bezoekers of meer per jaar en een oppervlakte beslaan van 25 hectare of meer. Het Waterpark Veerse Meer overschrijdt deze drempelwaarden. Daarnaast is voor het plan een Passende beoordeling uitgevoerd, waardoor een m.e.r.-plicht geldt. De kreken in het plangebied zijn aan te merken als categorie D16.1. Deze categorie omvat de ontginning dan wel wijziging of uitbreiding van de ontginning van steengroeven of dagbouwmijnen, met inbegrip van de winning van oppervlaktedelfstoffen uit de landbodem. Voor categorie D16.1 geldt als drempelwaarde dat de activiteit betrekking heeft op een terreinoppervlakte van 12,5 hectare of meer. Door de aanleg van de kreken wordt deze drempelwaarde overschreden. Ten aanzien van het Waterpark Veerse Meer leidt categorie D10 tot een bestemmingsplan dat m.e.r.- beoordelingsplichtig is. Besloten is echter om geen m.e.r. beoordeling op te stellen maar direct een projectMER. Ten behoeve van de inrichting van het recreatiepark wordt meer dan 12,5 hectare ontgrond. In dat geval is het bestemmingsplan kaderstellend voor het verlenen van een ontgrondingsvergunning.

Deze activiteit is daarmee planm.e.r.-plichtig. Omdat zowel sprake is van een projectMER als een planMER is besloten om één gecombineerd plan- en projectMER op te stellen. In het vervolg MER genoemd. Als gevolg van de aanpassing van het bestemmingsplan (in hoofdlijnen de herontwikkeling en uitbreiding van het bestaande recreatiepark en de aanleg van een natuurgebied) is onderzocht of de milieugevolgen van het nieuwe bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” wijzigen. Het MER maakt als bijlage onderdeel uit van dit bestemmingsplan. 2.3

Alternatieven en varianten In een m.e.r. is het verplicht alle ‘redelijkerwijs te beschouwen alternatieven’ te beschouwen. Met alternatieven wordt gedoeld op grote verschillen in de wijze waarop de voorgenomen activiteiten gerealiseerd kunnen worden. Dit betreft bijvoorbeeld het meenemen van andere locaties waar de voorgenomen activiteit gerealiseerd kan worden of het beschouwen van een significant groter of kleiner programma. Locatie-afwegingen De locatie van de herontwikkeling en uitbreiding van het Waterpark Veerse Meer staat vast. De uitbreiding sluit aan op het bestaande waterpark. Een uitbreiding is aan een andere zijde van het terrein niet mogelijk, omdat het terrein aan de zuidzijde begrensd wordt door de Muidenweg en de A58, aan de westzijde door de jachthaven en aan de noordzijde door het Veerse Meer. Bovendien ligt de plaats van het waterpark al vast in de gemeentelijke, regionale en provinciale plannen. Advies van de commissie m.e.r. Op 22 februari 2021 heeft de Commissie voor de m.e.r. een advies gegeven over het MER. Op basis van het overleg met de Commissie m.e.r en het uitgevoerde MER in het kader van het ontwerpbestemmingsplan heeft de Commissie geconcludeerd dat voor het meewegen van de milieubelangen het MER op enkele punten nadere informatie moet bevatten. Hiertoe is in juni

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

17

2021 een aanvulling op het MER opgesteld. De Aanvulling op het MER (oplegnotitie) maakt deel uit van bijlage 8. De belangrijkste aanvullingen zijn als volgt: • In het MER is ook beschreven wat de milieugevolgen zijn en/of het plan uitvoerbaar is als de draaiing van de start- en landingsbaan niet doorgaat. • De impact van de verwachte toename aan vaarbewegingen op vogels in het beschermde natuurgebied Veerse Meer is nader onderzocht en de effectbeoordeling sluit aan bij de maximale mogelijkheden die in het bestemmingsplan worden geboden. • De daadwerkelijke stikstofdepositie op de omringende stikstofgevoelige beschermde natuurgebieden is verduidelijkt met aangescherpte uitgangspunten (saldering, verkeer); • De effecten van het initiatief op klimaat, duurzaamheid en licht/duisternis zijn afgezet tegen de referentiesituatie om een vertekend beeld te voorkomen. • De effecten van het voorkeursinitiatief op het landschap zoals de invloed op kenmerkende landschapsstructuren en openheid is beschreven te worden. • De becijfering van niet-gasten (bijvoorbeeld bezoekers) die gebruik maken van de voorzieningen op het park zijn nader onderbouwd. Op basis van het advies van de Commissie voor de m.e.r. zijn met name wijzigingen gedaan in Hoofdstuk 6 en 7 over het voorkeursalternatief, de varianten binnen het voorkeursalternatief en de effecten hiervan op de verschillende milieuthema’s.

Verkeersalternatieven Mede op basis van het advies op de NRD van de Commissie voor de m.e.r. zijn alternatieven op het gebied van verkeer en landschap ontwikkeld. Voor verkeer zijn dit: -

Plan Driestar Alternatief 1 gaat uit van de Autonome situatie 2030 maar met de realisatie van de herontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer volgens de verblijfsrecreatie-eenheden die in eerste instantie zijn voorzien; 800 nieuwe grondgebonden recreatiebungalows, 100 nieuwe recreatieappartementen en 50 nieuwe stage en opleidingsappartementen en 65 bestaande bungalows.

-

Plan Driestar Alternatief 2 is opgesteld na het doorlopen van de dialoogsessies met experts, omwonenden en belangstellenden waarbij een aangepast landschapsplan is uitgewerkt, waarbij minder recreatiewoningen en recreatie-appartementen mogelijk zijn. Hierbij wordt uitgegaan van een maximum van 887 nieuwe verblijfseenheden, waarvan 762 grondgebonden recreatiebungalows, 60 recreatieappartementen en 65 bestaande bungalows. Dit alternatief is uiteindelijk gekozen als voorkeursalternatief.

De twee alternatieven zijn vervolgens getoetst ‘verschuivingen van verkeer’, ‘doorstroming’, ‘verkeersveiligheid’, ‘wegverkeersgeluid’ en ‘luchtkwaliteit’. Hierbij is zowel getoetst aan de referentiesituatie 2030 als aan de autonome ontwikkeling 2030. Op basis van het onderzoek wordt geconcludeerd dat bij alternatieven plan Driestar 1 en 2 zich knelpunten voordoen, zoals slechte doorstroming en een overschrijding van het aantal maximaal wenselijke verkeersbewegingen op een aantal wegvlakken. De ontwikkeling ‘Waterpark Veerse Meer’ heeft echter geen groot (extra) effect op deze knelpunten. Zonder de ontwikkeling van het park zullen deze knelpunten, door autonome ontwikkelingen, zich ook voordoen. Vergeleken met de mogelijkheden die het bestemmingsplan biedt (referentiesituatie 2030), neemt het verkeer als gevolg van de voorgenomen herontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer niet toe. De in het onderzoek geconstateerde verkeersknelpunten zijn in de huidige situatie al

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

18

aanwezig, dan wel ontstaan als gevolg van de mogelijkheden die het geldende bestemmingsplan uit 2014 al biedt. De voorgenomen herontwikkeling van het Waterpark Veerse Meer leidt dus niet tot nieuwe knelpunten in de verkeersafwikkeling. Wanneer bij de verkeersgeneratie rekening wordt gehouden met de praktijkmetingen van een aan het waterpark vergelijkbare park Hof van Saksen dan treedt er in vergelijking met de referentiesituatie in sommige gevallen zelfs een licht positief op (verkeersveiligheid). Effecten t.o.v. de autonome situatie en de referentiesituatie op de doorstroming en de verkeersafwikkeling worden in dit geval niet verwacht. Wat betreft de effecten op geluid wordt in alle situaties wel een effect verwacht ten opzichte van de autonome situatie. Zowel in plan Driestar 1 en 2 zal het aantal mensen wat (ernstig) gehinderd of slaapverstoord is toenemen ten opzichte van de hinder die in de autonome situatie ervaren zal worden. Wanneer rekening wordt gehouden met de praktijkmetingen, en dus een verkeersgeneratie die een stuk lager is, dan zijn de verschillen ten opzichte van de autonome situatie maar beperkt aanwezig. Ten opzichte van de referentiesituatie treedt zelfs een beperkt positief effect op. Varianten voor bouwroutes en ontsluiting Naast plan Driestar alternatief 1 en 2 zijn ook varianten voor de bouwroutes 3 en de ontsluiting onderzocht.

Dit laatste heeft er mede toe geleid dat de verschillende wegbeheerders (Waterschap, Provincie Zeeland, Gemeenten Middelburg, Borsele en Goes) hebben vastgesteld dat er in de huidige situatie, ook als er geen ontwikkeling zou zijn op Waterpark Veerse Meer, reeds knelpunten zijn in Arnemuiden en mogelijk ook in Lewedorp en Wolphaartsdijk. De wegbeheerders constateerden dat het gebied tussen Het Kanaal door Walcheren, het Arnezijkanaal, de A58, de A256 en het Veerse Meer behoefte heeft aan een robuuste toekomstbestendige ontsluiting. Hiervoor zullen waarschijnlijk ook Rijkswaterstaat en ProRail nodig zijn. De wegbeheerders willen samen blijven werken om te komen tot een gebiedsvisie voor ontsluiting die onderdeel gaat worden van de Gebiedsvisie Veerse Meer en hebben daarvoor een projectgroep opgestart. Landschap en inrichting Op het gebied van ontwerp en (landschaps-)architectuur heeft Driestar B.V. in de zomer van 2019 vier ontwerpbureaus gevraagd om een landschapsplan te maken te maken voor het Waterpark Veerse Meer. Hiervoor is aan ieder bureau een gelijke set aan randvoorwaarden meegegeven.

In het MER zijn op basis van vier varianten verschillende landschappelijke effecten beschreven: • Boslandschap • Waterpark • Duinlandschap • Compact eilandlandschap Beoordeeld is in hoeverre de variant is ingebed in de omgeving; dus aansluiting vindt bij bestaande landschappelijke waarden van het Veerse Meer. Om deze landschappelijke inpassing te kunnen beoordelen is getoetst aan de volgende vijf deelaspecten:

3

Achtergronddocument bij de MER (opgenomen in bijlage 9): Bouwroutes Waterpark Veerse Meer, Goudappel Coffeng,

kenmerk 00.721.20200818.R15.07, d.d. 7 oktober 2020

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

19

• • • • •

Aansluiting nieuwe landschapstypen bij landschappelijke waarden van het Veerse Meer. Aansluiting vormentaal bij landschappelijke waarden van het Veerse Meer. Zichtrelatie van achterliggend polderlandschap met het Veerse Meer. Zichtrelatie van centrum Waterpark met het Veerse Meer. Silhouet van Waterpark Veerse Meer aan de horizon, gezien vanaf het water.

Uit de beoordeling blijkt dat variant 4, een compact eilandlandschap, op de verschillende aspecten het meest positief scoort. Aandachtspunt vormt echter wel de verstoorde zichtrelatie van het achterliggend polderlandschap met het Veerse Meer. 2.4

Voorkeursalternatief Uitgangspunt voor het plan is “het creëren van een nieuw recreatielandschap dat zich vanzelfsprekend in de omgeving voegt. De kwaliteiten van het Veerse Meer zijn ingezet om te komen tot een hoogwaardig recreatiepark dat de schoonheid en belevingswaarde van het landschap verhoogt en bijdraagt aan de culturele waarde van de plek”. Mede op basis van de in de vorige paragraaf beschreven alternatieven en variantenafweging heeft Driestar een voorkeursalternatief gekozen. Voor verkeer is dat plan Driestar alternatief 2 en voor wat betreft landschappelijke inpassing is dat Variant 4: Compact eilandenlandschap. Wel zal in het ontwerp aandacht worden gegeven aan de zichtrelatie tussen het Veerse Meer en het omliggende open landschap, oftewel het intact houden van de zichtlijn welke over het noordelijk deel van het plangebied loopt. Daarnaast heeft de initiatiefnemer als doel om een park te creëren waarbij de overlast tot een minimum wordt beperkt. In dit geval zijn verkeer en de bijhorende effecten het meest maatgevend. Zoals in het voorgaande hoofdstuk beschreven is daarom een alternatief ontwikkeld, die enerzijds leidt tot een haalbare business case en anderzijds tot zo min mogelijk hinder voor de omgeving. Dit alternatief 2 vormt de basis voor de verdere uitwerking van het voorkeursalternatief.

De uitwerking van het voorkeursalternatief heeft geleid tot een gedetailleerder landschapsontwerp wat als basis zal dienen voor het nieuwe bestemmingsplan.

2.5

Effecten In het MER zijn de effecten van het voorkeursalternatief in beeld gebracht. De effecten zijn beoordeeld voor de gebruiksfase en aanlegfase met en zonder mitigerende maatregelen. Zoals blijkt uit tabel 2.1 zijn de effecten in de gebruiksfase beperkt. De meeste effecten zijn neutraal dan wel licht negatief. Voor de verkeersgerelateerde effecten geldt dat ook in de autonome situatie 2030 al knelpunten aanwezig zijn. De invloed van het Waterpark Veerse Meer hierop lijkt relatief beperkt. Zeker als rekening wordt gehouden met een meer realistische verkeersgeneratie op basis van praktijkmetingen van het vergelijkbare recreatiepark Hof van Saksen. Het oplossen van verkeersknelpunten en daaraan gerelateerde effecten ligt grotendeels buiten de invloedsfeer van het plan. Maatregelen moeten onderdeel uit gaan maken van een robuuste verkeersoplossing voor de gehele regio. Drie beoordelingen zijn voor beide varianten negatief, dat zijn de effecten op soorten, grondwaterkwaliteit en klimaat en energie. In de eerste twee gevallen zijn echter goed uit te voeren

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

20

mitigerende maatregelen voorhanden, waarmee het effect neutraal zal zijn. In het geval van klimaat en energie wordt het effect vooral veroorzaakt door de extra verkeersaantrekkende werking van het park en de daaraan gekoppelde CO2 uitstoot. Dit effect ligt grotendeels buiten de invloedssfeer van de initiatiefnemer en is daarmee lastig te mitigeren. Binnen het park zijn echter wel verschillende ambities en maatregelen benoemd om de CO 2 uitstoot zoveel mogelijk te reduceren. Het plan geeft op verschillende wijzen invulling aan de doelstelling uit de Middelburgse Visie Milieu 2019 – 2025. Onder andere door te kiezen voor een WKO systeem om de voorzieningen zoals het zwembad van warmte te voorzien. Ook wordt gebruik gemaakt van bestaande materialen voor de aanleg van infrastructuur, is er aandacht voor duurzame mobiliteit en het voorkomen van lichthinder. Wat betreft ruimtelijke kwaliteit wordt de gebruiks-, belevings-, en toekomstwaarde in het gebied vergroot door het plan. Dit wordt voor beide varianten positief beoordeeld. De ontwikkeling voegt iets toe aan de beleving van het gebied. Het landschapsontwerp legt de verbinding met de omgeving. Omdat het plan volgens marktonderzoek onderscheidend is ten opzichte van de meeste andere recreatieparken in Zeeland, zal de ontwikkeling van Waterpark Veerse Meer niet leiden tot meer leegstand bij de andere recreatieparken in Zeeland.

Ook blijft het park toegankelijk voor recreatief gebruik van omwonenden wat bijdraagt aan de gebruikswaarde van het gebied. Ook het effect op het thema landschap is overwegend positief. Wel zal de openheid van het aangrenzende Dijkenlandschap, in de nabijheid van het plangebied, iets minder “weids” zijn. De belangrijkste structuren in het landschap blijven echter behouden. De aanlegfase kent een aantal negatieve effecten. Deze effecten hangen vooral samen met heiwerkzaamheden. Het gaat om geluidseffecten en trillingshinder. Om deze effecten te mitigeren worden voor een deel van het park alternatieve funderingsmethoden gebruikt (bijvoorbeeld doormiddel van voorboren of schroefpalen). Daarnaast zijn er effecten van het bouwverkeer (trillingen, veiligheid en geluid). Deze effecten zijn niet geheel weg te nemen. In het MER is ook beschouwd wat het verschil van het voorkeursalternatief is met de referentiesituatie (de situatie waarin het plan wordt doorontwikkeld binnen het huidige bestemmingsplan). Uit deze vergelijking blijkt dat het plan geen extra effect heeft op het verkeer of de daaraan gerelateerde effecten (lucht en geluid). Voor andere aspecten is dit slechts globaal beoordeeld. Uit deze beoordeling blijkt dat de effecten eveneens grotendeels gelijk zijn. Uitzondering vormt de beïnvloeding van de grondwaterkwaliteit als gevolg van het graven van kreken.

Die verslechtert in de plansituatie t.o.v. referentiesituatie. Dit verschil wordt echter met mitigerende maatregelen opgeheven. De effecten op natuur zullen wat betreft soorten in de plansituatie waarschijnlijk iets omvangrijker zijn dan in de referentiesituatie. Echter geldt in de plansituatie dat deze effecten goed te mitigeren zijn. Wat betreft het criterium N2000 gebieden zijn de effecten waarschijnlijk vergelijkbaar. In beide gevallen treden er geen significant negatieve effecten op.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

21

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

22

Tabel 2.1.: effectbeoordeling voorkeursalternatief ten opzichte van de Autonome ontwikkeling 2030

2.6

Leemten in kennis In het MER is gewerkt met worst-case aannames ten aanzien van diverse milieuaspecten, waaronder verkeersbewegingen en emissies. In de onderzoeken zijn de effecten van het plan zo goed mogelijk in beeld gebracht. Er zijn dan ook geen belangrijke leemten in kennis en/of informatie die een goede besluitvorming in de weg staan. Wel zijn er een aantal onzekerheden te benoemen die aandacht vragen bij de verdere uitwerking van de plannen of onderdeel zouden moeten zijn van het evaluatieprogramma. De belangrijkste is de onzekerheid in modellen voor het voorspellen

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

23

van geluid, stikstofuitstoot, verkeer, luchtkwaliteit. Voor wat betreft de te verwachten verkeersbewegingen en bedrijfsactiviteiten en daarmee samenhangende milieugevolgen (lucht, geluid, externe veiligheid) wordt gewerkt met aannames en modelberekeningen. Daar zitten altijd bepaalde onzekerheidsmarges aan vast. Deze onzekerheidsmarges gelden echter voor alle onderzochte alternatieven in dezelfde mate, en zijn dan ook niet van invloed op de vergelijking van de alternatieven.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

24

3

Planbeschrijving

3.1

Bestaande situatie Het plangebied ligt in het noordoostelijke deel van de gemeente Middelburg, op circa 5 kilometer van het dorpscentrum van Arnemuiden, een Zeeuwse “smalstad’ waaraan in de middeleeuwen stadsrechten waren verleend. Aan de noordzijde van het plangebied ligt het Veerse Meer en de natuurgebieden rondom ‘De Piet’. Aan de westzijde ligt het recreatiegebied Oranjeplaat. De zuiden oostgrens van het plangebied worden bepaald door de Muidenweg. Aan de noordzijde wordt het plan begrensd door het Natura 2000 gebied ‘Veerse Meer’. Het terrein is goed ontsloten voor wegverkeer. Recreatiegebied Oranjeplaat en recreatiepark Veerse Meer worden aan de zuidzijde ontsloten via de Muidenweg, ter hoogte van huisnummer 10. Ook verder naar het oosten is, via de Bastiaan de Langeplaat, de interne wegenstructuur van het gebied bereikbaar. Tot slot vormt de Oranjeplaatweg een belangrijke as in het gebied. Deze weg doorsnijdt het voorliggende plangebied en ontsluit onder meer het verkeer van en naar het Fletcher Hotel-Restaurant, gelegen aan de kustlijn van het Veerse Meer. Afbeelding 3.1. geeft de ligging van het plangebied in de omgeving weer.

Afbeelding 3.1.: ligging en bestaande ontsluiting van het plangebied (basis voor het kaartbeeld: Google Maps)

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

25

Ontstaansgeschiedenis Het plangebied ligt op de grens van Walcheren en Zuid-Beveland. Tot het begin van de twintigste eeuw waren dit eilanden in de Zeeuwse Delta omgeven door de Westerschelde en Oosterschelde, het Veersegat, de Zuidvliet en het Zandgat. Walcheren en Zuid-Beveland werden van elkaar gescheiden door Het Sloe, die het Veersegat in het noorden verbond met de Westerschelde in het zuiden.

Afbeelding 3.2.: Uitsnede topografische kaart 1900 (bron: www.topotijdreis.nl)

Op het punt waar het Veersegat, de Zuidvliet en het Zandgat samenkomen met ‘Het Sloe’ liggen, omgeven door water, de Bastiaan de Langepolder en de Calandpolder. Ter plaatse van deze polders ligt tegenwoordig het recreatiepark Waterpark Veerse Meer. Ten noorden en zuiden van deze polders drongen de kreken ‘De Piet’ en ‘Schenge’ diep Zuid-Beveland binnen. Walcheren en Zuid-Beveland waren tot de realisatie van de spoorlijn Roosendaal - Vlissingen in 1873 met elkaar verbonden door een veer. Deze verbinding lag ten zuidoosten van Arnemuiden. Ten behoeve van de aanleg van de spoorlijn werd in 1871 de Sloedam aangelegd. De waterverbinding tussen de Westerschelde en de Oosterschelde werd door de dam gesloten. De doorstroming van deze wateren stagneerde en de randen van Walcheren en Zuid-Beveland verlanden. Rond 1915 zijn ‘De Piet’ en ‘Schenge’ afgedamd en de polders door steeds verder voortgaande verlanding vastgegroeid aan Zuid-Beveland.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

26

Afbeelding 3.3.: Uitsnede topografische kaart 1961 (bron: www.topotijdreis.nl)

Na de Tweede Wereldoorlog werd het gebied ten zuiden van de Sloedam ingepolderd ten behoeve van de landbouw. In het begin van de jaren '60 werd gestart met de aanleg van de Sloehaven op de plek van de voormalige monding van Het Sloe in de Westerschelde. Met de aanleg van de Zandkreekdam in 1960 en de Veersegatdam in 1961 in het kader van de Deltawerken ontstond in dezelfde periode ten noorden van de Sloedam het Veerse Meer. Ter plaatse van het plangebied zijn de Bastiaan de Langepolder en de Calandpolder samengevoegd tot één polder: de Calandpolder. Het gebied rondom de polder verlandt steeds verder tot een kweldergebied met een fijnmazig krekensysteem en verschillende zandplaten, waaronder de Oranjeplaat.

Afbeelding 3.4.: Uitsnede topografische kaart 1965 (bron: www.topotijdreis.nl)

In de late jaren '60 en jaren '70 werden de verlande gebieden langs het Veerse Meer ingepolderd ten behoeve van het agrarische gebruik. De oude dijken van de Calandpolder werden afgegraven. Op deze manier is ter hoogte van het plangebied vanaf de oevers van het Veerse Meer tot aan de Pietweg een grootschalig agrarisch landschap ontstaan. In 1970 wordt in dit gebied het Vliegveld Midden-Zeeland geopend. Het gebied werd ontsloten door een nieuwe weg: de Muidenweg voert vanaf de Oranjepolderseweg in noordoostelijke richting naar Oud-Sabbinge en Wolphaartsdijk. Diverse terreinen werden ingericht voor natuurontwikkeling. In de gebieden ten

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

27

noorden van ‘De Piet’ zijn op deze manier grootschalige natuur- en bosgebieden ontstaan. De contouren van het huidige landschap zijn daarmee in deze periode gelegd. In deze periode worden ook de eerste recreatiegebieden aangelegd. Ten noorden van Arnemuiden wordt aan de Muidenweg de jachthaven Oranjeplaat gerealiseerd. Ook is in 1972 camping de Witte Raaf gerealiseerd.

Afbeelding 3.5.: Uitsnede topografische kaart 1975 (bron: www.topotijdreis.nl)

Van het midden van de jaren '80 neemt het belang van de recreatiesector toe. De jachthaven aan de Muidenweg wordt uitgebreid met recreatiewoningen en uitbreiding van camping De Witte Raaf. De camping wordt vanaf 2000 verder ontwikkeld tot een recreatiepark met chalets en recreatiewoningen: het Waterpark Veerse Meer. Het toeristisch kamperen op camping De Witte Raaf verschuift in deze periode naar de noordoever van de voormalige kreek. Op deze manier is vanaf de jaren '70 in het voormalig buitendijkse gebied aan het Veerse Meer een grootschalig recreatiegebied met 1.000 eenheden ontstaan.

Afbeelding 3.6.: Uitsnede topografische kaart 1990 (bron: www.topotijdreis.nl)

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

28

Ruimtelijke structuur De historische ontwikkeling is nog duidelijk herkenbaar in het huidige landschap. De oorspronkelijke bedijking van het Veersegat, de Zuidvliet en het Zandgat is nog duidelijk zichtbaar en beleefbaar. Deze dijk (ter plaatse van de Muidenweg) vormt een harde grens tussen het 'oude' landschap van Zuid-Beveland en de naoorlogse inpolderingen van Het Sloe en het verlande kweldergebied. Ook de Sloedam is in het huidige landschap nog goed terug te vinden, de spoorlijn tussen Roosendaal en Vlissingen en de snelweg A58 lopen er overheen.

Afbeelding 3.7.: Landschappelijke structuur in en rondom het plangebied

Het 'oude' landschap van Zuid-Beveland ten zuiden en oosten van de dijk (ter plaatse van de Muidenweg) bestaat uit een lappendeken van verschillende grotere en kleinere polders. De polders worden elk van elkaar gescheiden door lage en smalle dijkjes, vanaf waar je een mooi uitzicht hebt over het landschap. De polders zijn grillig gevormd en hebben elk hun eigen ontwaterings- en ontsluitingsstructuur. Deze ontwaterings- en ontsluitingsstructuren hebben veelal een rechthoekige vorm, die min of meer parallel loopt aan oriëntatierichting van de polder. De kreken van ‘De Piet’ en ‘Schenge’ zijn in dit landschap nog duidelijk te herkennen. Bebouwing komt verspreid voor langs de wegen in de polder of is her en der geclusterd nabij kruisingen. Deze landschappelijke structuur was ook aanwezig in op Walcheren. Tijdens de bevrijding van Zeeland in 1944 is Walcheren door de geallieerden gebombardeerd. Mede hierdoor en door de Watersnoodramp in 1953 is de landschappelijke structuur verdwenen en de schaal van het landschap is hierdoor vergroot. Het gebied ten noorden van de oorspronkelijke bedijking is na de Tweede Wereldoorlog definitief ingepolderd en ingericht voor de moderne landbouw. In de omgeving van het plangebied is dit goed herkenbaar aan het relatief grootschalige karakter en moderne opzet. Het gebied is verkaveld in grote blokvormige agrarische percelen.

Het gebied wordt ontsloten door de Muidenweg, die van Arnemuiden in het westen richting Wolphaartsdijk in het oosten loopt, en de Calandweg, die vanaf de Muidenweg in oostelijke richting loopt. De weg wordt net als het landschap

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

29

gekenmerkt door een ruime opzet van brede bermen met fietspad en lange rechtstanden. Diverse gebieden zijn in gericht als bos- en natuurgebieden. De gebieden liggen vooral langs de oevers van het Veerse Meer en worden gekenmerkt door de relatief grote schaal ervan. De bebouwing bestaat hoofdzakelijk uit agrarische bedrijven en ligt langs de belangrijkste uitsluitingswegen van dit gebied met regelmatige tussenafstanden. In dit landschap hebben twee relatief grootschalige functies een plek gekregen. Tussen de Muidenweg en de oevers van het Veerse Meer ligt het recreatiepark Waterpark Veerse Meer en ten oosten daarvan het Vliegveld Midden-Zeeland. Functionele structuur De omgeving van het plangebied heeft hoofdzakelijk een agrarische functie. Ten noorden en ten zuiden van het plangebied liggen aan de Muidenweg oorspronkelijk drie agrarische bedrijven. Daarnaast liggen aan de noordzijde van de Calandweg twee agrarische bedrijven. Aan de Oranjeplaatweg, ten noorden van het plangebied, liggen een kampeerterrein en een hotel met daarbij behorende en in aanbouw zijnde recreatie-appartementengebouwen. Het gebied rondom De Piet en verder in noordelijke richting is tussen de Muidenweg en het Veerse Meer ingericht als bos- en natuurgebied met extensieve recreatieve functies. Ter hoogte van de monding van De Piet in het Veerse Meer is een kleine jachthaven aangelegd.

Het gebied eromheen is ingericht als extensief recreatiegebied. Ten zuiden van de Calandweg ligt het Vliegveld Midden-Zeeland. Het vliegveld bestaat uit een strook met bedrijfsbebouwing en een horecagelegenheid parallel aan de Calandweg en één starten landingsbaan voor recreatief en zakelijk vliegverkeer. De baan ligt min of meer parallel aan de Calandweg. De westgrens van het plangebied wordt bepaald door het aangrenzende recreatiegebied Oranjeplaat, bestaande uit een jachthaven met daarbij behorende bedrijvigheid en een aantal recreatiewoningen rondom de haven. Een deel van deze recreatiewoningen is bestemd ten behoeve van wonen. Ten westen van de jachthaven bevindt zich camping ‘De Kruitmolen’.

Afbeelding 3.8.: ligging plangebied (wit omlijnd) met functies (basis voor het kaartbeeld: Google Maps)

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

30

De functionele structuur van het plangebied en omgeving komt daarmee overeen met de landschappelijke structuur in de omgeving. De relatief grote schaal van het landschap biedt mogelijkheden voor de moderne landbouw, maar ook voor relatief grootschalige aanleg van bos- en natuurgebieden, de aanleg van een regionaal vliegveld en een grootschalig recreatiepark. Plangebied Het plangebied bestaat grofweg uit een deel dat is ingericht ten behoeve van het recreatiepark en een deel dat is ingericht ten behoeve van het agrarisch gebruik (afbeelding 3.7). De Oranjeplaatweg vormt de grens tussen beide delen. Het bestaande Waterpark Veerse Meer Het gedeelte ten zuiden van de kreek vormt het huidige Waterpark Veerse Meer. Het park heeft een oppervlakte van circa 57 hectare. De westelijke helft van het gebied is bebouwd met recreatiewoningen, chalets en een gedateerd voorzieningengebouw. Dit deel van het terrein wordt ontsloten in de meest zuidwestelijke hoek van het plangebied, vanaf de Muidenweg. De oostelijke helft van dit terrein is onbebouwd en heeft een landschappelijke inrichting. Vanwege het vliegveld Midden-Zeeland gelden beperkingen als gevolg van de aspecten geluid en externe veiligheid. Deze beperkingen hebben betrekking op een beperkt deel van het waterpark. Nieuwe geluidgevoelige objecten zijn daar niet toegestaan.

Tussen de kreek en de Oranjeplaatweg ligt een camping voor toeristisch kamperen. In 2015 is Waterpark Veerse Meer failliet gegaan. De centrumvoorzieningen zijn niet afgebouwd. 65 bestaande recreatiewoningen, circa 185 chalets/stacaravans en 30 verhuurde chalets/stacaravans zijn in gebruik ten behoeve van verblijfsrecreatie (afbeelding 3.8 t/m 3.11).

Afbeelding 3.9.: impressie huidige situatie Waterpark Veerse Meer

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

31

Afbeelding 3.10.: impressie huidige situatie (half afgebouwde) centrumvoorzieningen in Waterpark Veerse Meer .

Afbeelding 3.11.: Impressie van de kreek, gezien vanaf de camping aan de Oranjeplaatweg (bron: Google Streetview).

De gronden waar het Waterpark wordt uitgebreid In de bestaande situatie hebben de gronden aan de overzijde van de Oranjeplaatweg, waar het Waterpark wordt uitgebreid, nog een agrarische functie. De gronden bestaan grotendeels uit cultuurgronden voor gewassen zoals aardappelen (afbeelding 3.4). Het gebied behoort nu nog tot het buitengebied maar wordt straks voor een deel (32 ha) bij het bebouwde recreatiegebied betrokken. De gronden aan de noordzijde worden ingericht voor natuur. In het noordelijk deel is één bedrijfsperceel aanwezig, aan de Muidenweg 11. Het betreft een bedrijfswoning en diverse opstallen.

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

32

Afbeelding 3.12.: Impressie van het agrarisch gebied langs de Muidenweg, met rechts de bedrijfsbebouwing ter hoogte van huisnummer 11 (bron: Google Streetview).

3.2

Ontwikkelingen

3.2.1 Algemeen Het voornemen is om het bestaande Waterpark Veerse Meer te herontwikkelen en uit te breiden, waardoor verdunning van het aantal recreatie-eenheden ontstaat en een ruimtelijke kwaliteitsslag kan worden gemaakt. Ook wordt circa 14 hectare natuurgebied ontwikkeld, aansluitend op het bestaande natuurgebied Grote Piet. Er wordt een kwalitatief hoogstaand en homogeen recreatiepark nagestreefd. Het recreatiepark richt zich nadrukkelijk op het faciliteren van families die bewust kiezen voor een actieve vakantie met hun kinderen. Het park onderscheidt zich door de ruimtelijke opzet, landschappelijke inrichting en het specifiek op de doelgroep gerichte, uitgebreide aanbod van recreatieve faciliteiten. Daarmee wordt voorzien in een onderscheidend concept ten opzichte van bestaande recreatieparken in Zeeland. Nut en noodzaak voor ruimtelijke uitbreiding van het waterpark De voorgenomen ontwikkelingen voorzien in de herontwikkeling van het bestaande Waterpark Veerse Meer met als doel een kwalitatief hoogstaand en homogeen familiepark te realiseren met recreatiewoningen en uitgebreide centrumvoorzieningen. Deze ontwikkelingen vinden plaats binnen en buiten bestaand stedelijk gebied en buiten de Kustzone.

Om het gewenste hoogstaande kwaliteitsniveau van het recreatiepark als geheel en de uitgebreide centrumvoorzieningen te kunnen realiseren, is het noodzakelijk circa 822 recreatie-eenheden te realiseren in een lagere dichtheid zoals die is toegestaan in de huidige situatie (conform het geldende bestemmingsplan 'Waterpark Veerse Meer'). Deze recreatie-eenheden kunnen in een lagere dichtheid, waarbij rekening gehouden wordt met een kwalitatieve groene omgeving, natuur en landschap niet worden gerealiseerd in het huidige oppervlak van het Waterpark Veerse Meer. Een uitbreiding van het bestaande oppervlak van het recreatiepark om het gewenste hoge kwaliteitsniveau te kunnen realiseren is daarom noodzakelijk. Met de ontwikkeling wordt ingespeeld op de landschappelijke kenmerken van het gebied, zoals de kreekrijke omgeving en aansluiting op het naastgelegen

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

33

natuurgebied De Piet. De herontwikkeling zorgt daarmee naast de uitbreiding van het recreatiepark ook voor een nieuwe impuls van het aanwezige landschap. Voor de ontwikkeling is door KuiperCompagnons een landschappelijk inpassingsplan4 opgesteld. Om verdere richting te geven aan de gewenste kwaliteit en uitstraling van het gebied is tevens een beeldregieplan opgesteld. Tenslotte is door ZKA een marktonderzoek uitgevoerd om te bepalen of er voldoende marktruimte is voor de beoogde ontwikkelingen. De voorgenoemde documenten worden hieronder beknopt samengevat. Het landschappelijk inpassingsplan, beeldregieplan en marktonderzoek worden als bijlage bij deze toelichting gevoegd. 3.2.2 Landschapsplan Het totale bestemmingsplangebied omvat circa 115 hectare. Het nieuwe recreatiepark heeft een omvang van 89 hectare, het bestaande recreatiepark heeft een omvang van circa 57 hectare. Buiten de 65 recent gerealiseerde recreatiewoningen zal de inrichting van het bestaande recreatiepark naar verwachting geheel worden verwijderd en nieuw gerealiseerd worden. Verdunning Het huidige bestemmingsplan biedt de mogelijkheid tot de realisatie van 1.335 toeristische overnachtingseenheden. Daarmee kan echter niet de gewenste ruimtelijke kwaliteit worden geleverd. De dichtheid van het huidige Waterpark Veerse Meer is 23,5 recreatie-eenheden per hectare op het huidige terrein.

Dit is een erg hoge bebouwingsdichtheid, die leidt tot relatief veel bebouwing en weinig ruimte voor groen en water. Het plan voorziet daarom in een ruimtelijke uitbreiding van circa 32 hectare in combinatie met een afname in het totaal aantal overnachtingseenheden. Daarmee komt de totale omvang van het toekomstige recreatiepark op circa 89 hectare, waar 822 nieuwe accommodaties worden gebouwd. Door afname van het aantal recreatie-eenheden en de uitbreiding van oppervlakte wordt de dichtheid teruggebracht naar 10 recreatie-eenheden per hectare. Op deze manier ontstaat veel meer ruimte voor een hoogwaardige landschappelijke inrichting van de buitenruimte en natuur en kan het park beter worden ingepast in het omringende landschap. Uitbreiding van het ruimtelijk oppervlak is essentieel om deze kwaliteiten te realiseren.

4

Bijlage 5: Landschapsplan Waterpark Veerse Meer, KuiperCompagnons, d.d. november 2020

Bestemmingsplan “Waterpark Veerse Meer 2020” Toelichting Vaststelling, 8 juli 2021

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10359083/1