CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Beantwoording vragen commissie Ruimte aan WARK

Commissie Ruimte 28 juni 2021, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Opening, toelichting Walchers Adviesteam Ruimtelijke Kwaliteit2.392 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Vragen n.a.v. de toelichting WARK 28 juni 2021 De heer Van Eijkelenburg (D66) De WARK heeft een hele ruime opdracht; bouwstijl, directe omgeving e.d. Wat dhr. van Eijkelenburg hoort van eigenaren van monumentenpanden in de stad, dat de adviezen van de WARK onnavolgbaar zijn, er wordt geen consistentie ervaren in de adviezen. Heeft dat te maken met de optie die de WARK heeft, om maatwerk te leveren? Of zijn er andere factoren die meespelen? Monumentenpanden zijn uniek en om die reden is een standaardoplossing niet altijd mogelijk. Bij het toetsen van ingrepen bij monumentenpanden moet daarbij niet alleen aan het beleid van de gemeente worden getoetst, maar ook aan de Monumentenwet. Een belangrijk uitgangspunt van de Monumentenwet is behoud van historische (ge)bouwdelen/historisch materiaal, bijvoorbeeld kozijnen. Bij het ene monument zijn meer historische (ge)bouwdelen bewaard gebleven dan bij andere monumenten. Dat kan betekenen dat wat bij het ene monument wel kan, bij het andere monument niet is toegestaan. Dat kan overkomen als niet consistent, maar is een gevolg van beleidsmatige keuzes en (landelijke) wet- en regelgeving. De intentie is echter altijd om een oplossing te zoeken die recht doet aan het verzoek van de eigenaar van het pand én aan de historische kwaliteiten van het monument.

Bovendien worden de argumenten die ten grondslag liggen aan de adviezen zo goed mogelijk gecommuniceerd. M.b.t. de realisatie van een nieuw politiebureau in de Mortiere; u heeft daar ongetwijfeld ook advies in gegeven. In uw presentatie gaf u aan een beleid te ontwikkelen rondom zonneparken. De raad heeft toen ingegrepen door te zeggen; in de wijk geen windmolens. Blijkbaar heeft de WARK dat geen bezwaar gevonden, anders had het niet bij de raad gekomen. Kunt u bij die afweging nog wat toelichten als het gaat om windenergie? Het WARK ontwikkelt zelf geen beleid voor zonneparken. Beleid wordt ambtelijk voorbereid, aan het college voorgelegd en vastgesteld door de gemeenteraad. In het voortraject van ruimtelijke beleidsvorming wordt het WARK vaak wel om advies gevraagd. In het geval van het voorbeeld uit de presentatie is dat advies gevraagd toen de (concept)aanvraag al was ingediend. Bij de nieuwbouw van het politiebureau is door de aanvrager geopperd enkele relatief kleine windmolens te plaatsen om (deels) in de eigen energiebehoefte te voorzien. Het WARK+ heeft daar, gezien de aard en schaal van de directe omgeving (bedrijventerrein Mortiere en het ZEP) en de ligging naast een belangrijke en drukke toegang tot de stad (de Schroeweg) positief op .gereageerd. De windmolens pasten tevens bij het bijna energie-neutrale ontwerp van het politiebureau.

Vraag aan het college; bij adviezen van de WARK is geen beroep of bezwaar mogelijk, maar hebben de aanvragers wel de mogelijkheid om bij u duiding te krijgen op de verstrekte adviezen? Bij het WARK is er voor aanvragers/architecten zowel ruimte om het plan toe te lichten als om nadere uitleg te krijgen over de uitgebrachte adviezen. Komt de aanvrager/architect er met het WARK niet uit, dan is een gesprek met de wethouder mogelijk. Zo ver komt het in de praktijk meestal niet.

De heer de Buck (LPM): We krijgen in deze raad vaak besluitvorming over een beeldkwaliteitsplan. Begrijp ik het goed dat wij dan een besluit nemen over een besluit wat al genomen is door de WARK? Heeft begrepen dat de WARK niet toetst aan regels uit bestemmingsplan, artikel over het beschermd stadsgezicht. Waarom is dat? Het WARK neemt geen besluiten, ook niet over Beeldkwaliteitsplannen. Het WARK wordt wel om advies gevraagd voordat het Beeldkwaliteitsplan aan de gemeenteraad wordt voorgelegd. Het WARK toetst formeel niet aan de regels van het bestemmingsplan, die toets wordt door de(een) behandelend ambtenaar gedaan. Blijkt uit de ambtelijke toets dat er vanwege de ligging van het plan in een Beschermd stadsgezicht vrijstelling van de in het bestemmingsplan opgenomen voorschriften vereist is, dan wordt het plan voorgelegd aan het WARK, inclusief de monumentendeskundigen van het WARK. Met het verzoek te adviseren of het voorliggende plan afbreuk doet aan het historische en ruimtelijke karakter van het beschermde stadsgezicht. Mevrouw Jimenez (VVD): Regelmatig in de commissies inspraak over de plannen in hun omgeving, dan ligt er al een WARK advies en nu komen zij pas in beeld. Er is een rol voor de WARK in een vooroverleg met de gemeente en een rol op een toetsingsmoment als er een ontwerp ligt.

Men merkt dat er regelmatig onduidelijkheid is over wat de rol is van de WARK en in welke fase. Hebben jullie daar vaak mee te maken? Kunnen jullie daar iets over vertellen? Zijn er weleens omwonenden die naar jullie toekomen en dan tegen ze moet zeggen; daar gaan wij niet over? Waar zit die dynamiek met de omwonenden? Het WARK geeft in de initiatiefase/vooroverlegfase (WARK+/WARK) advies over plannen die van invloed (kunnen) zijn op de ruimtelijke kwaliteit van de stad. Dat kan gaan over (nieuwe) bestemmingsplannen, inbreidingsplannen, herinrichting, monumenten, particuliere woningbouw en aan- en uitbouwen. Het WARK geeft ook advies na het indienen van een aanvraag voor een omgevingsvergunning. Sommige plannen worden zowel in de initiatieffase (WARK+), de vooroverlegfase (WARK+ of WARK) als in de vergunningfase (WARK) voorgelegd. De meeste plannen volgen een vooroverlegfase in het WARK met aansluitend een beoordeling nadat de aanvraag is ingediend. Soms worden plannen meteen als aanvraag ingediend en wordt het vooroverleg overgeslagen. De aanvrager mag dat zelf bepalen. Het WARK heeft zelf geen contact met omwonenden omdat in de vooroverlegfase de behandeling van ingediende plannen niet openbaar is. Er is dan ook geen dynamiek tussen omwonenden en het WARK. Omwonenden krijgen in het voortraject bij grotere projecten de mogelijkheid tot participatie/inspraak.

En bij reguliere aanvragen de mogelijkheid tot bezwaar en beroep. De rol van het WARK is, als onafhankelijk adviseur van het college, strikt afgebakend. Deelname van het WARK aan het inspraak-/participatietraject zou de rol van het WARK diffuser en minder onafhankelijk maken. Voorkomen moet worden dat het WARK uiteindelijk een plan moet beoordelen op criteria van ruimtelijke kwaliteit, waarbij het WARK zelf een (participerende) rol in de totstandkoming van het plan heeft gehad. Monumenten; vorig jaar een presentatie gehad en over het monumentpaspoort en verduurzaming van monumenten. Hoe kijken jullie aan tegen dat instrument? Zit daar een relatie tussen met jullie werk? Er is destijds bij de totstandkoming van de monumentenpaspoorten overleg geweest met de provinciale Monumentenwacht. Het monumentenpaspoort is een rapport, een momentopname, van de staat van het monument, waarin tevens aanbevelingen worden gedaan om het monument te onderhouden, herstellen, energiezuiniger te maken. Het rapport kan als basis dienen voor het

opmaken en indienen van plannen, die vervolgens moeten worden voorgelegd aan het WARK. Het monumentenpaspoort is vaak een eerste aanzet tot het renoveren, restaureren, verduurzamen van het monument en helpt daarbij het monument ook op termijn te behouden. Openbaarheid; we hebben onlangs aan de wethouder gevraagd om duidelijker te zijn, ook op de website. Dit sluit goed aan op de adviezen die jullie ook hebben over de procedures die gelden t.a.v. het werk en de rol van het WARK. Misschien dit in de vorm van een infographic voor initiatiefnemers, particulieren. Dat wordt door de secretaris van het WARK en de beleidsmedewerker ruimtelijke kwaliteit/monumenten opgepakt. De heer Noom (ChristenUnie): Ondernemers willen graag het open karakter voor toerisme waarborgen, is dat iets waar de WARK ook oog voor heeft? En op welke manier? Hoe meet de WARK of ze succesvol is? Wat zijn precies de doelen en wie beoordeelt dit dan? Niet helemaal duidelijk is wat met “het open karakter voor toerisme” wordt bedoeld. Als het gaat om het open karakter van het Zeeuwse landschap, dan wordt het WARK+ daar tot op zekere hoogte bij betrokken. Het WARK+/WARK heeft echter geen rol in de keuze waar welke nieuwe ontwikkelingen (nieuwe woonwijken/bedrijventerreinen) plaats vinden. Die keuze is aan de gemeenteraad.

Het WARK+/WARK kan naar aanleiding van een voorgelegd plan de gemeente wel (ongevraagd) adviseren voor het voorliggende initiatief beleid op te (laten) stellen. Een voorbeeld daarvan is het advies om beleid op te (laten) stellen waar wel (en dus ook waar geen) mogelijkheden zijn voor het realiseren van “zonneweides” in het buitengebied. De opdracht van het WARK is om te adviseren of (bouw)plannen voldoen aan vastgesteld beleid (de Nota Ruimtelijke Kwaliteit, de Monumentenwet, Beeldkwaliteitsplannen, enz.). Uitgangspunt bij ruimtelijke kwaliteit is voldoen aan “redelijke eisen van welstand” en bij monumenten voldoen aan de voorschriften uit de Monumentenwet en de beeldkwaliteitsaspecten uit de beschermde stadsgezichten/bestemmingsplannen Binnenstad en Noordweg. “Redelijke eisen van welstand” is een minimum niveau (een zesje). Het WARK kan succesvol zijn indien een plan dat die drempel niet haalt alsnog door adviezen van het WARK op een aanvaardbaar niveau wordt gebracht. Dat kan inzichtelijk worden gemaakt door de diverse stadia van een plan naast elkaar te leggen (zoals tijdens de beoordeling van plannen ook gebeurt). Succes kan ook worden vertaald in het op een hoger niveau brengen van een plan dat al aan het minimum niveau voldoet.

Het helpt soms om anders naar een plan te kijken om het, zonder extra kosten, op een hoger niveau (bijvoorbeeld van een zesje naar een acht) te brengen. Het WARK kan daar met haar adviezen aan bijdragen. Bij monumenten vertaalt “succes” zich vooral in het voorkomen dat de voorgestelde ingrepen in het monument te veel ten koste gaan van de historische en monumentale waarden van het monument zonder daarmee het (toekomstige) gebruik, wat ook een vorm van behoud is, te veel te belemmeren. Het jaarverslag is het moment om dat aan de hand van voorbeelden inzichtelijk te maken.

Mevrouw Poppe (CDA) U noemde 9 aanbeveling maar er staan er maar 8 in de presentatie. Graag een actuele presentatie. Er werd benoemd dat ambtenaren ook een deel van de beoordeling hebben gedaan in 2020. Wat was daarvan dan de omvang, kuub en de afweging? Graag een toelichting. Er worden sinds 2016 plannen ambtelijk getoetst aan de criteria uit de Nota Ruimtelijke Kwaliteit. Het gaat om plannen die passen binnen de Sneltoetscriteria en de criteria voor Flitsvergunningen. Ook worden plannen die aangepast zijn aan het advies van het WARK (plannen die een akkoord mits advies van het WARK kregen) ambtelijk afgedaan. De ambtelijke toets wordt uitgevoerd door de behandelend ambtenaar (bij Flitsvergunningen) en/of door de secretaris van het WARK en enkele vergunningverleners/bouwplantoetsers (bij plannen die onder de Sneltoetscriteria vallen). De ambtelijke toets vindt elke week plaats, wat de behandeltijd van een plan versnelt (het WARK vergadert normaliter om de drie weken). Indien het plan toch niet binnen de criteria past wordt het doorverwezen naar het WARK. In 2020 zijn 284 plannen ambtelijk beoordeeld. 219 als Sneltoets en 75 als Flitstoets (in 2019 waren die aantallen respectievelijk 138 en 33). Welke plannen in aanmerking komen voor een snel- of flitstoets staat beschreven in de Bouwverordening (art. 9.7).

Wat is de rol van participatie in relatie met de WARK? Als er afgeweken wordt van iets of er worden overwegingen om af te wijken van de ruimtelijke kwaliteit. Zijn dan al die afwegingen dan vastgelegd in het verslag wat dan openbaar is? Het WARK speelt geen rol in het participatieproces. De rol van het WARK beperkt zich tot het adviseren van B&W op het gebied van ruimtelijke kwaliteit (zie ook de beantwoording van de vragen van mevrouw Jimenez (VVD)). Indien het WARK adviseert af te wijken van het door de gemeenteraad vastgestelde ruimtelijke beleid, wordt de motivatie daarvoor vastgelegd in het advies/het verslag. Dat verslag is bij vooroverleg pas openbaar na het indienen van de formele aanvraag (of eerder indien de aanvrager/initiatiefnemer daar geen bezwaar tegen heeft). Mevrouw Golsteijn (GroenLinks): U geeft aan dat u 1 x per jaar overleg heeft met de HZ. Waar gaat dit overleg over? Overleg is in dit verband misschien niet het goede woord. De studenten van de HZ opleiding bouwkunde is afgelopen jaren de mogelijkheid geboden, in het kader van hun opleiding, een door hun uitgewerkte ontwerpopgave ter beoordeling voor te leggen aan het WARK. Vijf van de door de HZ geselecteerd studenten lichten hun plan ook mondeling toe. Op die manier maken de studenten ook kennis met dat aspect van hun toekomstige vak.

Het WARK beoordeelt de plannen op de wijze waarop werkelijk ingediende plannen worden beoordeeld. U probeert ook mensen een trede hoger te laten presteren. Betekent dit dan eigenlijk dat ze iets meer moeten doen dan eigenlijk noodzakelijk is? Het WARK toetst aan het vastgestelde beleid (Nota Ruimtelijke Kwaliteit, Beeldkwaliteitsplannen, enz.). Indien een plan past binnen de criteria van dat beleid, krijgt het plan een positief advies. Het WARK kan daarnaast ook een ongevraagd advies uitbrengen. Vaak is het mogelijk, doordat het WARK met een andere blik naar het plan kijkt, om een plan met enkele aanpassingen op “een hoger niveau te tillen” (van een zesje een zeven of hoger te maken), zonder dat daarvoor (veel) extra kosten hoeven te worden gemaakt. Het is niet verplicht een dergelijk advies op te volgen. Al komt het vaak voor dat een opdrachtgever/ontwerper het (vrijblijvende) advies opvolgt.

De heer Francke (SGP): Werken jullie alleen voor de gemeente Middelburg? De naam, Walchers Adviesteam Ruimtelijke Kwaliteit, doet anders vermoeden, maar het WARK werkt alleen voor de gemeente Middelburg. De naam is destijds gekozen omdat de drie gemeenten op Walcheren toen nog voorzagen intensief(ver) op het gebied van ruimtelijke kwaliteit (voorheen welstand) samen te werken. Het is uiteindelijk anders uitgepakt, omdat de twee andere gemeenten op Walcheren andere keuzes hebben gemaakt. Overigens werkt één van de monumentendeskundigen van het WARK ook in de monumentencommissies van de twee andere gemeenten. Jullie kijken voornamelijk naar de ruimtelijke kwaliteit, nemen jullie dan ook andere aspecten mee als historische waarden? Het WARK bestaat uit vier leden; twee architecten en twee monumentendeskundigen. De plannen buiten de beschermde stadsgezichten (met uitzondering van de monumenten buiten de beschermde stadsgezichten) worden door de twee architect-leden beoordeeld. Alle plannen binnen de beschermde stadsgezichten (en alle monumenten daarbuiten) worden behandeld door de twee architect-leden én de twee monumentendeskundigen. In dat deel van de vergadering zijn de historische/monumentale aspecten leidend in de beoordeling.

De monumentendeskundigen bezoeken ook met grote regelmaat (monumenten)panden om de impact van een plan op de historische/monumentale waarden van het pand ter plaatse in te kunnen schatten en om zo tot een beter advies te kunnen komen. Dat advies wordt overigens plenair, dus samen met de architect- leden opgesteld.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10402712/1