Beantwoording vervolgvragen over stadscamping - Huib Ghijsen (SP)
Tekst van het document
Commissie
Ruimte – 24 februari 2025
Agendapunt
4
Onderwerp
Stadscamping
Vragensteller
Huib Ghijsen (SP)
Datum ingediend
24 februari 2025
Datum beantwoording
25 februari 2025
Vraag 1
Vragen m.b.t. de Anterieure Overeenkomst. De betreffende artikelen bevinden zich onder de vragen. Art 4 lid 1 en 2 : Is de BOPA al opgestart? Zo nee wanneer wel? Hoe wordt de raad hierover geïnformeerd en met welke documenten?
Antwoord
Er is nog geen aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) ingediend. Wij kunnen niet concreet aangeven wanneer de aanvraag omgevingsvergunning zal worden ingediend. Dit is aan de initiatiefnemer. De raad wordt niet in kennis gesteld van de ontvangst van aanvragen omgevingsvergunningen. Aanvragen omgevingsvergunningen en besluiten op aanvragen omgevingsvergunningen worden conform wet- en regelgeving gepubliceerd in het digitale Gemeenteblad. Voorts worden zij gepubliceerd in huis-aan-huisblad de Middelburgse Bode. Volledigheidshalve wijzen wij erop dat aanvragen omgevingsvergunning enkel aan de raad worden voorgelegd indien sprake is van bindend adviesrecht. Onderhavig plan voor de stadscamping behoort niet tot één van de categorieën waarover de raad advies dient uit te brengen. Het plan behelst namelijk geen uitbreiding van de oppervlakte van het kampeerterrein.
Vraag 2
Art 4 lid 6: Is de gemeente aansprakelijk voor schade indien de raad een bindend negatief advies over de BOPA geeft?
Antwoord
In artikel 4 lid 6 (in samenhang met lid 4) van de anterieure overeenkomst heeft de gemeente aansprakelijkheid, daaronder mede begrepen aansprakelijkheid voor schade, volledig uitgesloten daar waar het de uitoefening van publiekrechtelijke bevoegdheden betreft. Ook artikel 22 lid 1 van de anterieure overeenkomst bepaalt dat de anterieure overeenkomst deze bevoegdheden onverlet laat. De gemeente is dus niet aansprakelijk voor schade indien de raad uit hoofde van haar publiekrechtelijke bevoegdheid een negatief advies over de BOPA geeft.
Vraag 3
Art. 6(1), 22, 25 Waarom is de raad / commissie niet geattendeerd op de ondertekening en de ter inzage legging van de Anterieure overeenkomst in de actieve informatie en / of het weekbericht?
Antwoord
De raad is inderdaad niet expliciet geïnformeerd omdat het aangaan van een anterieure overeenkomst een bevoegdheid is van het college. Tot op heden is het niet gebruikelijk om de raad actief te informeren over alle anterieure overeenkomsten. In geval sprake is van een plan dat ingrijpende gevolgen kan hebben voor de gemeente, wordt de raad geïnformeerd. Het college bekijkt per plan of de raad geïnformeerd moet worden.
Vraag 4
Art. 12(4) Waarom mogen de geplande chalets niet met de bijbehorende grond aan de kopers worden verkocht? Welk belang heeft de gemeente daarbij nu het eigendom van het betreffende perceel niet in handen is van de gemeente? De constructie met erfpacht / opstalrecht is in de regel nadelig voor de koper.
Antwoord
In de considerans, onder f., van de anterieure overeenkomst is verduidelijkt dat het verbod op uitponding één van de voorwaarden is waaronder de gemeente bereid is om medewerking te verlenen aan het verzoek van de exploitant om het initiatief te realiseren. Het uitpondingsverbod, opgenomen in artikel 12 lid 4 van de anterieure overeenkomst, dient het belang van de fysieke leefomgeving van duurzame bedrijfsmatige exploitatie van de chalets om zo te voorkomen dat deze particulier worden verkocht en vervolgens permanent worden bewoond of dat daarin huisvesting (bijvoorbeeld van arbeidsmigranten) plaatsvindt. In artikel 12 lid 3 van de anterieure overeenkomst is dit verbod op (permanente) bewoning c.q. huisvesting opgenomen.
In aanvulling op het vorenstaande wijzen wij nog op het feit dat de (uniformiteit) van de beeldkwaliteit lastig is te handhaven indien er verschillende eigenaren zijn. Ook is in dit geval verzekerd dat er één aanspreekpunt is en blijft voor de gemeente.
Artikel 4 - Planologische procedure 1. Het in artikel 3 van deze overeenkomst omschreven initiatief is in strijd met het vigerend bestemmingsplan "Breeweg - het Zand", vastgesteld door de raad van Gemeente Middelburg bij besluit van zevenentwintig september tweeduizend tien, om redenen die betrekking hebben op het noordelijk deel van het exploitatiegebied. Aan het exploitatiebied is ten dele de enkelbestemming 'Recreatie - Verblijfsrecreatie' en ten dele de enkelbestemming 'Groen' alsmede de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' toegekend. 2. De exploitant verzoekt de gemeente om ten behoeve van de ontwikkeling en realisatie van het initiatief een planologische procedure ex artikel 8.0a lid 2 Besluit kwaliteit leefomgeving ('omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit' oftewel 'BOPA') op te starten. 6. De gemeente is, behoudens in geval van een toerekenbare tekortkoming in de nakoming van haar inspanningsverplichting, nimmer aansprakelijk voor het niet of niet tijdig nemen van het voor de ontwikkeling en realisatie van het initiatief noodzakelijke planologische besluit en/of het niet of niet tijdig verlenen van de voor de ontwikkeling en realisatie van het initiatief noodzakelijke vergunningen Artikel 6 - Realisatie initiatief 1.
De exploitant verplicht en verbindt zich jegens de gemeente binnen maximaal drie (3) maanden na ondertekening door beide partijen van deze overeenkomst een ontvankelijke omgevingsvergunningaanvraag in te dienen voor de benodigde omgevingsvergunning voor de realisatie van het initiatief zoals omschreven in artikel 3 en artikel 4 lid 2 van deze overeenkomst. De Walcherse Adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit (WARK) heeft daarnaast een discretionaire privaatrechtelijke bevoegdheid om het eindtype van de permanente standplaatsen (de chalets) al dan niet goed te keuren. Artikel 22 - Publiekrechtelijke positie gemeente 3.De gemeente is krachtens artikel 6.24, lid 3 van de Wet ruimtelijke ordening, dan wel artikel 16.138 van de Omgevingswet, verplicht binnen veertien dagen na het ondertekenen door beide partijen van deze overeenkomst kennis te geven van deze overeenkomst in een van gemeentewege uitgegeven blad of een dag-, nieuws- of huisaan-huisblad, dan wel op de in artikel 12 van de Bekendmakingswet bepaalde wijze. 4.De gemeente is krachtens artikel 6.2.12 van het Besluit ruimtelijke ordening verplicht binnen veertien dagen na het ondertekenen door beide partijen van deze overeenkomst een zakelijke beschrijving ter inzage te leggen gelegd overeenkomstig de tekst uit bijlage 4.
Artikel 25 - Publicatie en ter inzage legging In aanvulling op artikel 22, lid 3 en lid 4 van deze overeenkomst alsmede op grond van het bepaalde in artikel 6.24, lid 3 van de Wro zal binnen twee weken na ondertekening van deze overeenkomst hiervan kennis worden gegeven in het huis-aan-huisblad De Middelburgse Bode en op grond van artikel 6.2.12 van het Bro zal een zakelijke beschrijving van de inhoud van deze overeenkomst in het stadskantoor van Gemeente Middelburg ter inzage worden gelegd overeenkomstig de tekst uit bijlage 4, behoudens ingeval op deze overeenkomst de Omgevingswet van toepassing is.
Art. 12 (4) Uitponding van één of meer van de in lid 1 van dit artikel bedoelde verblijfseenheden is niet toegestaan. Het is exploitant nadrukkelijk wel toegestaan om enkel de opstallen (chalets) op de permanente standplaatsen in het zuidelijk deel zonder de ondergrond te verkopen en waarbij die kopers middels een recht van opstal en/of erfpacht hun chalet aldaar hebben en houden, mits alle verplichtingen ten aanzien van gebruik - zoals voortvloeiend uit de onderhavige overeenkomst - ook contractueel worden opgelegd aan deze kopers van chalets en daarmee aan hun eventuele rechtsopvolgers.