CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

AB.2021.03.02 Memo inwerkingtreding Tijdelijke wet maatregelen covid-19

Commissie Algemeen Bestuur 2 maart 2021, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Memo inwerkingtreding Tijdelijke wet maatregelen covid-19 - geagendeerd op verzoek van Willemien Treurniet (ChristenUnie) na aanleiding van commissie AB 19 januari 20212.031 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

MEMO Aan Van Datum

: : :

Onderwerp

:

Gemeenteraad Burgemeester H.M. Bergmann 3-12‑2020 Inwerkingtreding Tijdelijke wet maatregelen covid-19

Geachte raad, Inleiding Op 1 december jl. is de Tijdelijke wet maatregelen covid-19 (hierna: Twm) in werking getreden. De structuur van aanwijzingen en noodverordeningen heeft plaats gemaakt voor ministeriële regelingen. De Tijdelijke wet kent een centrale sturing, maar sluit daarnaast aan bij de bestuurlijke verhoudingen die buiten crisissituaties gelden. Ook voorziet de Twm in mogelijkheden voor lokaal maatwerk. Dit heeft gevolgen voor u als gemeenteraad, voor het college van B en W en voor mij als burgemeester. De lokale ruimte die geboden wordt, is daarbij overigens wel afhankelijk van de ruimte die geboden wordt in de minsteriele regeling. In deze regeling zijn de coronamaatregelen opgenomen zoals deze tot nu in de noodverordening stonden. Via dit memo informeer ik u over de hoofdlijnen van de Twm. Daarnaast informeer ik u over de werkwijze waarop wij als Zeeuwse gemeenten blijven samenwerken bij de aanpak van het coronavirus. De Tijdelijke wet maatregelen covid-19 in het kort Met de Twm wordt een nieuw hoofdstuk toegevoegd aan de Wet publieke gezondheid (Wpg). Hierin wordt een grondslag opgenomen voor aanvullende maatregelen die nodig zijn ter bestrijding van de covid-19 epidemie. De Twm kent twee belangrijke uitgangspunten.

In de eerste plaats beoogt de Twm de wettelijke basis voor de bestrijding van covid-19 te versterken door deze te baseren op ministeriële regelingen. Hiermee vervalt de huidige situatie waarbij sinds 12 maart 2020 de voorzitter van de veiligheidsregio een noodverordening vaststelt die is gebaseerd op een aanwijzing van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (hierna: VWS). Door het vaststellen van de ministeriële regelingen krijgt het parlement positie, zodat de democratische legitimiteit van maatregelen is geborgd en wordt een specifieke wettelijke basis geboden voor maatregelen die grondrechten beperken. In de tweede plaats beoogt de Twm de positie van het lokale bestuur en de lokale democratie in het bestrijden van (de gevolgen van) de coronacrisis te versterken. De wet biedt meer ruimte voor lokaal en regionaal maatwerk, waardoor gerichte maatregelen per gebied kunnen worden getroffen en andere gebieden niet méér beperkingen ondervinden dan nodig is. Onder de Twm wordt de 1,5 meter-afstandsregel bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld en worden de huidige maatregelen ter bestrijding van covid-19 vastgesteld en uitgewerkt in ministeriële regelingen. Ook de mondkapjesplicht, die eveneens is ingegaan per 1 december jl., is daarin geregeld. De noodverordening covid-19 Veiligheidsregio Zeeland d.d. 18 november 2020 is op 1 december jl. ingetrokken.

De rol van de burgemeester op grond van de Twm De verantwoordelijkheden en bevoegdheden ten aanzien van het verlenen van ontheffingen van landelijke regels, het geven van aanwijzingen en bevelen en de bestuurlijke handhaving 1

voor de bestrijding van de coronacrisis worden belegd bij de burgemeester. Hiermee wordt een terugkeer naar de normale bestuurlijke verhoudingen beoogd. De burgemeester legt over de inzet van de bevoegdheden die hem op grond van de Twm toekomen, verantwoording af aan de gemeenteraad. Het uitgangspunt is: landelijk waar het moet, lokaal maatwerk waar het kan. De minister bepaalt in overleg met het parlement de noodzakelijke maatregelen en legt deze vast in ministeriële regelingen. De gemeenten voeren deze maatregelen uit en hebben lokaal in bepaalde gevallen autonome afwegingsruimte. Het is van belang te benadrukken dat de fase waarin de bestrijding van het virus zich bevindt, bepalend is voor de mate waarin lokaal maatwerk aan de orde kan zijn. Lokaal maatwerk komt tot stand doordat de minister differentiatie aanbrengt tussen gemeenten en (veiligheids)regio’s als er tussen die gemeenten en regio’s grote verschillen zijn in de verspreiding van het virus. Daarnaast kan de ministeriele regeling bepalen dat de burgemeester aanwijzingsbesluiten kan nemen en/of in bijzondere situaties ontheffingen kan verlenen. Los hiervan geldt dat gemeenten/gemeenteraden met reguliere gemeentelijke verordeningen en bevoegdheden zelf regels kunnen stellen, zolang deze niet in strijd zijn met de bij of krachtens de Twm gestelde regels.

Dit kan bijvoorbeeld betrekking hebben op de fysieke openbare ruimte. Te denken valt aan het afsluiten van straten, gebieden en/of het verplaatsen van markten vanwege het risico van opeenhoping van mensen. Het gaat om bevoegdheden zoals die ook al bestonden naast het regime van de noodverordeningen. Ontheffingsmogelijkheid De burgemeester is bevoegd, binnen de wettelijke kaders, ontheffingen te verlenen. De ontheffing kan betrekking hebben op de groepsvorming, publieke plaatsen en evenementen. Een ontheffing kan worden verleend wanneer voldaan wordt aan de volgende punten:  Het ontheffingsverzoek wordt afgewogen tegen het belang van de bestrijding van het virus. Als de burgemeester van mening is dat het belang van die bestrijding zich tegen de ontheffing verzet, wordt de ontheffing niet verleend.  Ontheffingsbesluiten zijn altijd gericht op een bijzonder, concreet geval. Dat wil zeggen dat ontheffingen als individuele uitzondering op de algemene regel dienen en niet bedoeld zijn om nieuwe algemene uitzonderingen te maken of een ander regime te laten gelden. Het feit dat ontheffingen alleen zien op een individuele, lokale situatie, betekent evenmin dat ze voor een hele branche kunnen gelden.  De burgemeester raadpleegt de GGD voordat de ontheffing wordt verleend.

Aan de ontheffing kunnen door de burgemeester voorschriften en beperkingen worden verbonden, al dan niet naar aanleiding van het advies van de GGD. Op dit moment is de situatie dusdanig ernstig dat landelijk uniforme maatregelen genomen zijn door het Rijk. De eerste ministeriële regeling voorziet dan ook niet in aanvullende ontheffingsmogelijkheden of vergelijkbare bevoegdheden voor de burgemeester.1 Maar, naarmate de situatie verbetert en het risiconiveau in regio’s wordt afgeschaald, ligt het voor de hand dat er meer ruimte komt voor lokaal maatwerk. Handhaving In reguliere regelgeving heeft de burgemeester de mogelijkheid tot het geven van aanwijzingen en bevelen wanneer de openbare orde en veiligheid dat vereist. In het verlengde daarvan geeft de Twm de burgemeester ook in het kader van de bestrijding van covid-19 een dergelijke aanwijzings- en bevelsbevoegdheid. Het gaat dan bijvoorbeeld om aanwijzingen en bevelen ter handhaving van de zorgplicht die rust op ondernemers of exploitanten om de veilige afstand tussen personen te waarborgen.

1 Zie VNG Ledenbrief 20/082: Inwerkingtreding Tijdelijke wet maatregelen covid-19

2

Op grond van artikel 125 van de Gemeentewet komen de burgemeester handhavingsbevoegdheden toe ten aanzien van de regelgeving die hij uitvoert. De burgemeester kan waarschuwingsbrieven verzenden en lasten onder dwangsom of bestuursdwang opleggen. Tot 1 december lagen deze bevoegdheden op grond van de noodverordening bij de voorzitter van de veiligheidsregio. Deze bevoegdheden zijn per 1 december overgegaan naar de individuele burgemeesters. Voor een volledig overzicht van de handhavingsmogelijkheden van de burgemeester wordt verwezen naar p. 33 van de VNG Handreiking Tijdelijke wet maatregelen covid-19 voor gemeenten. Overige bevoegdheden van de burgemeester Bij een ramp of crisis van meer dan lokale betekenis (zoals de covid-19 crisis) is normaal gesproken de voorzitter van de veiligheidsregio bevoegd om in plaats van de burgemeester toepassing te geven aan de openbare orde-bevoegdheden. De Twm maakt op die systematiek een uitzondering. Het gaat om de openbare orde-bevoegdheden uit de Gemeentewet (met uitzondering van de bevoegdheid om noodverordeningen vast te stellen), het gezag over brandweer en politie en de bevoegdheden uit de Wet openbare manifestaties. Deze bevoegdheden blijven dus bij de burgemeester, ook in relatie tot de bestrijding van de covid-19 epidemie.

Rol voorzitter veiligheidsregio Indien de uitoefening van de bevoegdheden van de burgemeesters (bijvoorbeeld als die betrekking hebben op een evenement) leidt tot bovenlokale effecten, kan de minister van VWS besluiten dat de voorzitter van de veiligheidsregio alsnog bij uitsluiting bevoegd is toepassing te geven aan de aan de burgemeester toegekende openbare-ordebevoegdheid en de bevoegdheid tot handhaving, voorzover dit nodig is voor de bestrijding van de epidemie. Deze overdracht dient steeds niet langer te duren dan strikt noodzakelijk is, gelet op het uitgangspunt dat de bevoegdheden bij burgemeesters belegd zijn. In die situatie is de voorzitter van de veiligheidsregio verantwoording schuldig aan de betrokken gemeenteraden. De voorzitter van de veiligheidsregio behoudt daarnaast zijn coördinerende en signalerende rol. Hij verzamelt de nodige informatie over de lokale uitvoeringspraktijk. Als voorzitter van het regionaal beleidsteam heeft hij een rol bij de afstemming tussen gemeenten (zie ook kopje ‘regionale aanpak Zeeland’). Ook blijft de voorzitter zoals voorheen specifieke bevoegdheden uit de Wet publieke gezondheid uitoefenen, zoals het in isolatie of quarantaine plaatsen van personen en het treffen van maatregelen gericht op gebouwen, goederen en vervoermiddelen.

Positie gemeenteraad en college van B en W De burgemeester legt over zijn inzet van de bevoegdheden die hem op grond van de Twm toekomen verantwoording af aan de gemeenteraad. Het gaat hierbij om verantwoording over zijn beleid omtrent de verlening of weigering van ontheffingen, het geven van aanwijzingen die betrekking hebben op onder meer de zorgplicht in publieke en besloten plaatsen en de inzet van toegekende bevelsbevoegdheden. Dit maakt voor deze onderwerpen lokaal debat mogelijk, zoals dat nu gebeurt ten aanzien van de reguliere (openbare orde-)bevoegdheden van de burgemeester als eenhoofdig orgaan. Verantwoording over de inzet van bevoegdheden hoeft niet steeds per geval te gebeuren; door middel van periodieke rapportages kan verantwoording worden afgelegd. De Twm en de daarop gebaseerde ministeriële regelingen gaan boven lokale regelgeving. Op de terreinen waar geen ministeriële regeling van toepassing is, is het lokaal bestuur bevoegd om zelf regels te stellen met reguliere gemeentelijke bevoegdheden (autonomie), zodra landelijke regels hiervoor de ruimte bieden. Zolang bij ministeriële regeling een maatregel wordt getroffen, kan een gemeente niet zelf een soepelere regeling treffen. De aan de burgemeester toegekende bevoegdheden uit de Twm kunnen de taken en bevoegdheden die het college van B en W op verschillende beleidsterreinen heeft, raken.

Daarom is in de wet vastgelegd dat de burgemeester de wethouders de informatie verstrekt over de uitoefening van zijn bevoegdheden uit de Wpg die zij nodig hebben voor de 3

uitoefening van de taken van het college van B en W als geheel. Over de uitoefening van hun bevoegdheden leggen de lokale bestuurders verantwoording af aan de gemeenteraad en vindt lokaal debat plaats. Regionale aanpak Zeeland GRIP niveau Bij een (dreigende) crisis van meer dan plaatselijke betekenis wordt doorgaans opgeschaald naar GRIP-4. Van deze opschalingfase was in Zeeland sinds 12 maart 2020 sprake. De Twm spreekt echter niet over GRIP-4 niveau. De wet is leidend, de GRIP-procedure is als instrument volgend. Het al dan niet opschalen in de GRIP-structuur heeft in beginsel geen effect op de verdeling van verantwoordelijkheden en bevoegdheden die zijn vastgelegd in de Twm en die hierboven zijn toegelicht. Afstemming op regionaal niveau Het regionale beleidsteam blijft als overleggremium fungeren. Aan dit regionaal beleidsteam nemen onder andere alle 13 Zeeuwse burgemeesters deel. In het beleidsteam stemmen we regionaal af. Daarmee wordt duidelijkheid verschaft aan inwoners en (bovenlokaal opererende) bedrijven en organisaties en wordt differentiatie en onduidelijkheid over regels en handhaving in de regio zo veel als mogelijk voorkomen. Het huidige regionale handhavingsbeleid, waarin de maatregelen en handhavingsstrategie worden afgestemd om een waterbedeffect te voorkomen, zal dus nadrukkelijk als uitgangspunt worden genomen.

Ook de regionale communicatie wordt in stand gehouden, met het oog op het uitdragen van een eenduidige boodschap. Operationeel wordt de crisisorganisatie aangepast naar een projectorganisatie, die zal fungeren als schakel naar de individuele Zeeuwse gemeenten. Verantwoording voorzitter VRZ over periode 12 maart-30 november 2020 Conform de Wet veiligheidsregio’s volgt een schriftelijke verantwoording van de voorzitter Veiligheidsregio Zeeland aan de gemeenteraden over de aanpak van de crisis in de periode dat GRIP 4 van kracht was tot het moment van inwerkingtreding van de Twm. Dit gebeurt binnen een maand na inwerkingtreding van de Twm. Eerder hebt u een tussentijdse, schriftelijke verantwoording ontvangen over de aanpak van de crisis. Daarnaast is op 4 en 18 november via een webinar informatie gedeeld. Tot slot Zoals ik hierboven aan gaf, leg ik als burgemeester over de inzet van de bevoegdheden die mij sinds 1 december 2020 op grond van de Twm toekomen verantwoording af aan uw gemeenteraad. Op korte termijn treed ik met uw raad in overleg om nadere afspraken te maken over de wijze van verantwoording. Ik vertrouw erop u hiermee voldoende te hebben geïnformeerd.

De burgemeester van Middelburg,

H.M. Bergmann

Bijlagen: - VNG Handreiking Tijdelijke wet maatregelen covid-19 voor gemeenten - VNG Ledenbrief 20/082: Inwerkingtreding Tijdelijke wet maatregelen covid-19 4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/9650993/1