CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

26-059 Bijlage 2. Ingekomen stukken RM

Gemeenteraad 28 mei 2026, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Ingekomen stukken periode 4 (26-059 MZ/RM/AB)22.935 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 3 van 3

in die zin dat hij niet aan zijrr schaclebeperkingsplicht heeft volclaan of anderszins als cloor de Gerneente en het Consoftiuln betoogd.

De vorderi neen III. IV en V van Verhoeven

20.42. Het hof zal nu cle vorcleringen III, IV en V gezarnenlijk bespreken. Deze vorderiugen, clie verstrekkencl zijn. zijn sumrnier door Verhoe'u'en toegelicht en cloor cle Gemeente etl het Consoftium uitvoerig bestreclen (zie hiervoor hurr merlorie van antwoorcl en htttr autr.voorcfinernorie na deskundigenbericht). Ook na de uitgebreide betr.visting in de irrerttor'ics varl arri.wourci. heeit Veriroeven geen nadere toiiichting op cieze vorcieringen gege\,en. Het hof acht deze vorcleringen. rnecle gelet op cle verstrekkencle ge'uolgen daarvan daarom onvoldoende onderbouud.

20.43. Meer specif rek ziet het holr,oor toervijzing van cleze vorderinsen geen althans onvoldoellcle basis in het deskuncli-eenbericht r,'an Antea. Dit gelclt roor de vorclering clat geeu enkele bour.ractir.'iteit meer mag plaatsr,'inden en dat cle rvoningen in het plangebiecl Morliere fase 98 gesloopt nloeten rvorclen. Dat geldt ook voor de vorclering onr de situatie ter plaatse volledig terug te brengen in de oude toestancl. Verhoeven heeft niet toe-selicht rvaarom dit anclers zottzijt'r. Ook zijn bij cle onclerhavige vorcleringen belangen in het van clerclen -qeclirrg clie door hem niet in deze procedure zijn betrokken. Tot slot zijn deze vorcleringen onvolcloende bepaald om deze te kunnen toelvijzen.

Zaaknurrr nter 200. I 63.8441 02

t4

20.44. Het voorgaancle leidt tot de conclusie clat cle'u'orclerirrgen III. IV en V va¡ Verhoeverr niet toeri ijsbaar zijn. VC

an de Ge

t Consorti

20.45' De Gemeente heefi eert beroep op'cle klachtplicht geclaan. Inclien in rechte zou komen vast te staan clat Verltoeven in cle periocle tot aan 2013, het jaar r.vaarin cle procedures tegentle Genleente zijrr begonnen. schade heeft geleclen én cle Genleente clienaangaancle enig vefwijt gemaakt zou kttnnelt rvorden, stelt de Gerneente zich op het stanclpunt dat Verhoeven heeft nagelaten tiidig te klagen. Daarbij verr,vijst de Gerneente rlaar artikel 6:89 BW. Dit beroep faalt. Na eisrvijziging van Verhoeven is de gronclslag rvanprestatie voor zijrr vorderingen ltiet meer aan cle orde. De gronclslag voor zijn vorcleringen is onrechtrnatige daad. Op een vorderitrg uit onrechtrnatige daad is cle ktachtplicht van artikel 6:89 BW niet van toepassing. Dat is alleen anclers als de vordering Lrit onlechtrnatige daacl is -eerichttegen de schuldenaar en is gegroncl op een gebrek in de prestatie (HR t3 juli 20l8, ECLI:NL.:HR:2018:l 176). maar dat is hier nier her geval.

20.46. Inhettussenarrestvart l2septernber20l6heefttlethofhetberoepvancleGerneente op de vrijrvaring al ver\,vorpen (rov. 3.7.5). Het hof volhardt hierin. Het llof,onderschrijft clus het oorcleel valt de rechtbank in rov. 4.1 van het vonnis rvaarvarl beroep clat cleze vrijwaring

nietvolgtuitdetekstvanarlikel l6lid lvandevaststellingsovereenkornstcl.d.20juni200l. De Genteente heeft onvoldoende onclerbouwcl clat cleze vrijrvaring ziet op cle schadã uit hoofde van de onrechtmatige daadrdie in deze proceclure is komen vast te staan. Dat de Gemeente hiervan rvel mocht uitgaan en dat Verhoeven (althans Van Diike) clit ook redelijkerrvijs rloest begrijpen, blijkt nergens uit.

20.47. Voor het overige hebben de Gerneente en het Consoftiurn geen verlveren gevoercl die hier al dan niet in het kader van de devolutieve werking van het appel dierrerr te vrorclen behanclelcl. altharts is het niet voldoende duideliik voor Verhoeverl en het hof clat clit het geval is. Slotsom en

20.48. De slotsom is dat ltet principaalhoger beroep gegrorrd is. en het inciclenteel hoger beroep ongegrond. Het hof acht verdere deskundige voorlichtin-u niet nooclzakelijk. Ook anderszins is bewijslevering niet rrìeer aan de orde. 24.49. Hei voorgaartcie ieidi ioi de conciLrsie ciai het vonnis vvaarvan beroep ciieni ie rvorcien v'ernietigd. Het hqf zal cle ger.vijzigde eis van Verhoeven toewijzen als hierna in het clictum is l ennelcl.

20.50. De Centeente en het Consortiunr hebben te gelden als cle overrvegend in het ongelijk gestelcle paftÜen. Welisrvaaluvorden enkele vorderingen van Verhoeven algewezeu, maar Verhoeven heeft moeten procedererr om de aansprakelijkheid van cle Gemeente en het Consoftium in rechte te laten r,'aststellen. Als de ovenvegend in het ongelijk gestelcle partijen zullen de Gemeente en het Consoftium hoofdelijk w'orclen veroorcleeld in cle proceskosten vatr de eerste aanleg en het hoger beroep, de kosten ter zake het deskundigenbericht daaronder be-9repen. Deze kosten stelt het hof l'ast op het totaal van het cloor Verhoeven betaalcle voorschot. te weten € 74.000.- inclusief BTW. Deze kosterr acht lret hof in totaal

Zaakntrnr rner 200. I 63.844 102

l5

niet onredelijk gelet op de v'ele extra r'verkzaarnheclen clie cle cleskunclige heeft moeterr verrichtett. otrcler nreer oln te reageren op de cloor cle partijcleskLrrrcli-sen aangeclragen bez'uvaretr en sttggesties. De vorclerin-9 van Verhoeven ter zake cle kosten van het couservatoir beslag zal niet rl'orclen toege$ezerì onlclat hij claarvoor geen bedrag heeft genoemci. Gelet op de samellhatr-Q tttssen het principaal en het inciclenteelhoger beroep, zal het hof ¡iet

afzonderlijk voor het iltciclenteel hoger beroep proceskosten liquicleren (zie ook HR I I mei 2012. ECLI:NL:HR:2012:8V9966). Het hof zal bij cle proceskostenveroorcleling het geldencle liqtridatietarief hanteren, met dien verstancle clat het hof gelet op cle orlvan_9 van cle zaak in plaats van hettlraximurn van clrie punten van tarief II (onbepaalcle lvaarcle) eãn nlaximtlm vall zes punten zal.hanteren. Voor zover Verhoeven een vergoecling vorclerl varl zijn rverkelijke kostell van rechtsbijstand, al clan niet tvegeus de door hem gestelcle schenclin-een van de r,vaarheidsplicht ex artikel 2l Rv cloor cle Gemeente en het Consoftiurn. komt cleze vordering niet voor toervijzing in aanrnerking. nu gestelcl noch gebleken is clat voldaan is aan de daarvoor gelderrde strenge rnaatstaf (vgl. HR l5 september 2017, ECLI:NL:HR:2017:2366, met verwijzing naar cle rnaatstalin FIR 6 april2012. ECLI:NL:HR:2012:8V7828, rov. 5.I ). Daarmee is tot slot ook beslist op vorclering VII van Ver:hoev en.

21.

De uitspraak

Het hof': op het princ'ipaal en inc,iclenteel hoger beroep

vernietigt het vonnis waarvan beroep: opn ieur,v recht cloencle :

verklaart l'oor recht dat de Gemeente en het Consortiunt onrechtmatig hebben gehancleld jegens Verhoeven; veroordeelt de Gemeente ett het Consoftium hoofdelijk schaclevergoeding aarr Verhoeven te voldoen, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de regels van de rvet. te vermeercleren met rvettelijke rente vanaf cle dag der dagvaarcling tot de clag tler algehele

voldoeningl veroordeelt de Gemeente en het Consortium hooldelijk in de proceskosten van de eerste aanleg en het hoger beroep, ett begroot die kosten tot op heden aan cle zijde van Verhoeven op € 147.82 aari clagvaarclirrgskt-rsierr. <:p € 274,- aan gliiñerechi en op € 904.- aan salaris advocaat in eerste aanleg en op € 123,17 aarr daqvaarclingskosteu. op € 1.780.- aan griflfierecht, op € 6.684.- aan salaris adr,'ocaat voor het ho,9er beroep en op € 74.000.- aan kosten ter zake het deskundigenberichtl

verklaall voonlelde leroorclelingen Lritl oerbaar bij voorraad: r.vijst het meer of anders gevordercle af.

Dit arrest is ge'uvezen cloor mrs. O.G.H. Milar. J.P. cle l-laan en A,L. Bervoets en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op l 7 januari 202_3.

Zaaknumme r 200.1 63.844102

griffier

t6

rolraadsheer

gritfier

w.g. de w.g. de VOOR GROSSE / Afgegeven aan: adv,

Griffier

ctclf¿d Ê.f 0,0., llÐl - 2þ>=

Geachte raadsleden, Op 9 maart is het rapport ‘Leven in Zeeland 2025’ van HZ Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving (KCZS) gepresenteerd in het provinciehuis in Middelburg. Twee weken later is het geactualiseerde gemeentelijk dashboard ‘Leven in Zeeland: gemeente- en wijkcijfers’ gepubliceerd. Deze twee kennisproducten bieden veel informatie over brede welvaart in Zeeland, zowel op provinciaal als gemeentelijk als wijkniveau. De cijfers en analyses kunnen u helpen bij uw werk als raadslid. Het onderzoek Leven in Zeeland wordt eens in de vier jaar uitgevoerd door het HZ Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving, in opdracht van de Provincie Zeeland. Als onderzoekers hebben we gebruik gemaakt van de antwoorden die ruim 11 duizend Zeeuwen tussen juni en augustus 2025 hebben gegeven in een vragenlijst over wonen, werken en leven in Zeeland. In het onderzoek hebben we voortgebouwd op de vorige editie uit 2022. Via de volgende ‘vensters’ wordt het leven in Zeeland door de ogen van de inwoners beschouwd: •

Samenleven en meedoen

•

Milieu en klimaat

•

Voorzieningen en bereikbaarheid

•

Werken en loopbaan

•

Signalen van kwetsbaarheid

•

Prettig en veilig wonen

•

Blik op Zeeland: nu en later

In de bijlage vinden jullie een brochure met de Conclusie en denkrichtingen. Voor het gehele rapport verwijzen we jullie graag naar onze publicatiewebsite. We willen de resultaten van het onderzoek zo goed mogelijk over het voetlicht te brengen binnen de Zeeuwse overheden. Naast een overhandiging aan gedeputeerde Harry van der Maas (9 maart) en een presentatie voor GS (17 maart), hebben wij de resultaten ook gepresenteerd voor het OZO strategenoverleg (24 maart) en de Kring van secretarissen (8 april). Ook zullen wij, tijdens een informatiemarkt, de resultaten van het onderzoek onder de aandacht brengen tijdens twee OZO-bijeenkomsten voor de nieuwe bestuurders op 9 en 10 juni aanstaande. Wij wensen jullie – naast veel succes de komende jaren - veel leesplezier en nieuwe inzichten over het leven in Zeeland. Voor een toelichting of een gesprek over het onderzoek kunt u contact opnemen met het Kenniscentrum via kczs@hz.nl.

Met vriendelijke groet namens HZ KCZS, Luc Verschuren Onderzoeker - Coördinator HZ Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving Ik werk op maandag en dinsdag tot half 3 en de overige werkdagen tot 5 uur.

Website | LinkedIn | Twitter T: +31(0)118 48 9650 M: 06 42470376 E: l.b.c.verschuren@hz.nl Bezoekadres: Edisonweg 4, 4382 NW Vlissingen (Klik hier voor route en parkeren) Postadres: Postbus 364, 4380 AJ Vlissingen, The Netherlands K.v.K: 41114014

Vlissingen K.v.K.: 41114014 Disclaimer: hz.nl/disclaimer

Inwonersonderzoek 2025 HZ Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving 1

Leven in Zeeland | Venster ...

Hoe is het gesteld met de kwaliteit van leven in Zeeland?

Conclusie en denkrichtingen

3

Leven in Zeeland | Inhoudsopgave

Inhoudsopgave Hoe is het gesteld met de kwaliteit van leven in Zeeland? Belangrijkste conclusies

5

Denkrichtingen voor beleid

9

Referenties

11

Colofon

12

Leven in Zeeland volgens inwoners Met het onderzoek Leven in Zeeland brengt HZ | Kenniscentrum Zeeuwse Samenleving elke vier jaar in beeld hoe inwoners de kwaliteit van leven in Zeeland op dit moment ervaren (‘hier en nu’) en welke verwachtingen zij hebben ten aanzien van de toekomst (‘later’). Door zeven thematische ‘vensters’ ontstaat een beeld van de Zeeuwse samenleving: hoe ervaren Zeeuwen het wonen, werken en leven in Zeeland anno 2025? Ruim 11 duizend inwoners vulden de vragenlijst in en deelden hun ervaringen en meningen over de regio. In deze slotbeschouwing staat een overzicht van de belangrijkste conclusies uit het onderzoek met daarbij een zestal denkrichtingen voor beleid.

Belangrijkste conclusies Meeste inwoners tevreden, maar ook zorgen Uit dit onderzoek blijkt dat inwoners van Zeeland over het algemeen tevreden zijn over hun eigen leven alsook over het leven in Zeeland in het algemeen: de Zeeuwse samenleving, het Zeeuwse landschap en de Zeeuwse economie krijgen een ruime voldoende. Nog steeds vinden meer inwoners dat het met Zeeland de goede kant opgaat dan de verkeerde, maar het aandeel inwoners dat vindt dat het de verkeerde kant op gaat, is wel toegenomen ten opzichte van vier jaar geleden. Positief en trots zijn inwoners vooral over rust, natuur, ruimte en saamhorigheid. Belangrijkste aandachtsgebieden volgens inwoners zijn op dit moment de bereikbaarheid, de beschikbaarheid en betaalbaarheid van woningen en de druk van toerisme op de lokale leefbaarheid. Voor de toekomst zien inwoners wonen en oudenzorg als belangrijkste prioriteiten.

Woontevredenheid onveranderd hoog, wel toename overlast Inwoners van Zeeland zijn doorgaans erg tevreden met hun eigen woning en woonomgeving, ook in vergelijking met andere Nederlandse regio’s. Ook voelen zij zich relatief veilig in hun woonomgeving. Veiligheid blijft echter wel een belangrijk thema voor inwoners: zij vinden veiligheid een belangrijk onderdeel van hun woontevredenheid. Hoewel een minderheid van de inwoners zich weleens onveilig voelt, is deze groep ten opzichte van 2021 wel gegroeid. Met name Vlissingen scoort op het gebied van, door inwoners ervaren, veiligheid en woontevredenheid laag ten opzichte van andere Zeeuwse gemeenten. Inwoners van Zeeland ervaren meer overlast dan vier jaar geleden. In toeristische gemeenten als Veere en Noord-Beveland gaat het vooral om overlast van toeristen, terwijl inwoners van Vlissingen, Borsele en Terneuzen vaker overlast ondervinden van lawaai, stank en stof en roet.

Beoordeling aanwezigheid voorzieningen: overall positief, maar niet overal Ondanks de grotere afstanden tot voorzieningen in Zeeland, zijn inwoners over het algemeen tevreden met de aanwezigheid van (met name) basisscholen en supermarkten in hun woonomgeving. Minder tevreden zijn ze met de aanwezigheid van een ziekenhuis, culturele voorzieningen en overige winkels. Binnen gemeenten zijn er grote verschillen in de tevredenheid met voorzieningen. De laagste beoordelingen komen veelal van inwoners uit kleinste kernen of uit middelgrote dorpen waar in de afgelopen jaren voorzieningen, zoals een supermarkt, zijn verdwenen. Leven in Zeeland | Conclusie en denkrichtingen

5

Het grootste deel van de inwoners geeft aan dat zij de meeste voor­ zieningen zelfstandig kunnen bereiken. Met name inwoners van 80 jaar of ouder zijn daarvoor afhankelijk van anderen.

Negatief beeld beschikbaarheid en betaalbaarheid openbaar vervoer Het autogebruik is in Zeeland nog altijd hoog, wat waarschijnlijk samen­ hangt met de grotere afstanden tot voorzieningen. Een alternatief voor de auto is het openbaar vervoer (ov). Het incidenteel gebruik van bus en trein door inwoners is sinds 2021 toegenomen, maar dat geldt niet voor frequent gebruik. Bovendien is de tevredenheid over zowel de beschikbaarheid als betaalbaarheid van het ov laag. Die onvrede is bovendien toegenomen in vergelijking met vier jaar geleden. In Zeeuws-Vlaanderen is men het minst tevreden over de beschikbaarheid van het OV.

Tevredenheid met buitengebied, omgevingsoverlast vooral rond industrie Ondanks dat Zeeland ten opzichte van andere provincies relatief weinig natuurgebied heeft, zijn Zeeuwen over het algemeen tevreden met de bossen, natuurgebieden en de hoeveelheid groen in de omgeving. Dat geldt met name in het niet-stedelijk gebied. Deze tevredenheid in relatie tot de relatief lage hoeveelheid natuurgebied in de provincie hangt mogelijk samen met het feit dat inwoners het open landschap (zoals akkers en openwater) ook als natuur ervaren.

6

Leven in Zeeland | Conclusie en denkrichtingen

Mede door haven- en industrieactiviteiten is de uitstoot van broeikas­ gassen en fijnstof in Zeeland, omgerekend per inwoner, relatief hoog vergeleken met andere provincies. Overlast die inwoners ervaren van aan industrie gerelateerde activiteiten (lawaai, stank, stof en roet uit de omgeving) is in de afgelopen jaren licht toegenomen. Deze vormen van overlast komen vooral voor in Terneuzen, Vlissingen en Borsele. Dit hangt onder meer samen met de scheepvaart in de Westerschelde en de industriële activiteiten in North Sea Port.

Zorgen over klimaat, verdeeldheid over verantwoordelijkheid Een meerderheid van de Zeeuwen vindt klimaatverandering een groot probleem. Inwoners van de drie stedelijke gemeenten vinden klimaatverandering vaker een probleem vergeleken met inwoners elders in de regio. Jongvolwassenen, inwoners met basisonderwijs of vmbo-diploma als hoogst behaalde diploma, en inwoners van Tholen en Reimerswaal maken zich het minst zorgen. De verantwoordelijkheid voor het tegengaan van klimaatverandering wordt door inwoners vooral gelegd bij de luchtvaart, landen buiten de Europese Unie en grote bedrijven en industrie, die volgens hen te weinig doen. Boeren en lokale overheden worden relatief minder verantwoordelijk gehouden.

Keuzes maken: leefkwaliteit voor economische groei Als inwoners, in de vorm van dilemma’s, zelf keuzes moeten maken voor Zeeland dan blijkt dat zij kwaliteit van de leefomgeving doorgaans verkiezen boven economische groei. Cultuurhistorie is eveneens een belangrijke waarde die Zeeuwen niet snel zouden opofferen. Ook willen inwoners natuur en landbouwgrond niet zomaar opgeven voor woning- of wegenbouw.

Zeeuwen maatschappelijk betrokken, wel lokale verschillen Veel Zeeuwen zijn actief betrokken bij hun omgeving, bijvoorbeeld door vrijwilligerswerk. In het bijzonder zorg-gerelateerde participatie, zoals mantelzorg geven en zorgafspraken maken met buurtgenoten, is toegenomen in de afgelopen vier jaar. Als het gaat om inwonerinitiatieven in de buurt en deelname aan inspraakavonden, zijn Zeeuwen actiever dan inwoners van andere regio’s in Nederland. Binnen Zeeland zijn er in dit opzicht wel lokale verschillen. Zo zijn in de gemeente Veere zowel maatschappelijke participatie als buurtinitiatieven bovengemiddeld hoog. Op Schouwen-Duiveland zijn er relatief veel inwoners die activiteiten ondernemen in de eigen buurt. De gemeenten Vlissingen en Middelburg scoren op deze aspecten lager.

Persoonlijke kwetsbaarheid Ongeveer twee op de tien inwoners vertonen een sterk signaal van kwetsbaarheid op het gebied van inkomen, gezondheid, zelfstandigheid en/of eenzaamheid. Van de onderzochte signalen van kwetsbaarheid komt eenzaamheid het vaakst voor - vooral bij ouderen en bij jong­ volwassenen. Eén op de tien inwoners voelt zich sterk eenzaam; dit aandeel is toegenomen in de afgelopen vier jaar. Risicogroepen als het gaat om kwetsbaarheid zijn alleenwonenden, alleenstaande ouders en inwoners met een afstand tot de arbeidsmarkt (werkloosheid, arbeidsongeschiktheid). Bijna twee op de tien Zeeuwen hebben te maken met stapeling, ofwel combinaties van meerdere signalen van kwetsbaarheid. Stapeling komt relatief vaak voor in de gemeente Vlissingen en in stedelijk gebied en juist minder vaak in de gemeente Veere. Aandachtspunten rond kwetsbaarheid zijn mentale

gezondheid en toegang tot mensen voor hulp of sociaal contact. Inwoners met signalen van kwetsbaarheid zijn, gemiddeld genomen, minder tevreden met het eigen leven dan inwoners zonder signalen van kwetsbaarheid.

Veel vacatures, maar wisselend beeld van carrièrekansen Zeeland heeft te maken met een zeer krappe arbeidsmarkt; er zijn meer vacatures dan werkzoekenden en dat geldt voor een breed scala aan richtingen en niveaus van beroepen. Het beeld van carrièrekansen dat inwoners voor zichzelf zien in Zeeland is echter wisselend. Van zowel werkenden als scholieren en studenten is 56 procent (zeer) tevreden met de carrièrekansen voor zichzelf in Zeeland. Werkenden met een hbo- of wo-diploma zijn minder tevreden met de carrièrekansen voor zichzelf dan werkenden zonder hbo- of wo-diploma. Scholieren en studenten zijn positiever over de beschikbaarheid van banen en carrièrekansen in Zeeland dan vier jaar geleden.

Meeste forenzen blijven binnen Zeeland, werktevredenheid stabiel hoog Per saldo reizen meer werkenden dagelijks Zeeland uit voor werk dan andersom. Met name in Tholen, Schouwen-Duiveland en Hulst zijn er relatief veel werkenden die dagelijks de provincie uitgaan voor werk. De meeste forensen blijven binnen Zeeland, waarbij relatief veel Zeeuwse pendelaars in Goes werken. De werktevredenheid van de huidige werkenden is stabiel hoog. In de sectoren Horeca en Groothandel ligt de werktevredenheid echter lager. Dat beeld is hetzelfde als vier jaar geleden. Werkenden met een hbo- of wo-diploma zijn bovengemiddeld tevreden over hun werk op dit moment. Leven in Zeeland | Conclusie en denkrichtingen

7

Laag vertrouwen in Tweede Kamer, sterke sociale cohesie in de eigen buurt Een grote meerderheid van de Zeeuwse inwoners heeft vertrouwen in andere mensen, de politie en de rechtspraak. Een kleine meerderheid van de Zeeuwen heeft vertrouwen in het provinciaal en gemeentelijk bestuur. Dat percentage is stabiel in de tijd. Het vertrouwen in de Tweede Kamer is laag en sinds 2021 ook aanzienlijk gedaald: slechts twee op de tien inwoners hebben anno 2025 vertrouwen in de Tweede Kamer. Dit percentage is lager dan in veel andere provincies. De tevredenheid over hoe inwoners in de wijk of kern met elkaar omgaan is hoog. Dit geldt vooral voor de niet-stedelijke wijken van Zeeland. Deze sociale cohesie wordt bovendien positiever beoordeeld dan vier jaar geleden. Er zijn ook regionale verschillen: in Veere zijn zeven op de tien inwoners tevreden over hoe mensen met elkaar omgaan. In Vlissingen is dat minder dan de helft.

Verbondenheid met provincie gestegen, lokale verbondenheid afgenomen Een goede omgang tussen inwoners gaat niet automatisch samen met een gevoel van lokale verbondenheid. Zo is de verbondenheid die inwoners voelen met hun gemeente of wijk lager dan de gevoelde verbondenheid met de provincie. Waar de lokale verbondenheid sinds 2021 is afgenomen, is het gevoel van verbondenheid met de provincie juist toegenomen. In Zeeuws-Vlaanderen en op Tholen voelen inwoners zich met de provincie minder verbonden dan in andere delen van Zeeland.

8

Leven in Zeeland | Conclusie en denkrichtingen

Regionale variatie in brede welvaart De resultaten van Leven in Zeeland geven een beeld van hoe inwoners de verschillende aspecten van wonen, werken en leven waarderen. Veel van deze aspecten zijn lokaal van aard. Niet overal in Zeeland ervaren inwoners dezelfde mate van brede welvaart: in het algemeen is er een contrast tussen stedelijk- (aanwezigheid voorzieningen) en landelijk gebied (nabijheid van natuur, hogere sociale cohesie). Kapelle en Veere zijn, net als in 2021, de gemeenten met de hoogste ervaren brede welvaart. De combinatie van open ruimte en nabijheid van stedelijk gebied lijkt ervoor te zorgen dat inwoners van deze gemeenten zowel de voordelen van de stad als die van het platteland ervaren. In gemeenten Vlissingen, Sluis en Terneuzen is de ervaren brede welvaart relatief laag. Inwoners van Vlissingen scoren met name gezondheid, veiligheid, sociale cohesie en overlast ondermaats. In de Zeeuws-Vlaamse gemeenten spelen lagere beoordelingen van bereikbaarheid en voorzieningen hierin een belangrijke rol.

Denkrichtingen voor beleid Op basis van de resultaten uit ons onderzoek presenteren we een aantal denkrichtingen voor beleid in Zeeland. De signalen van inwoners zelf vormen hiervoor de basis. Voor iedere denkrichting hebben we deze signalen in de actuele Zeeuwse context geplaatst. We hebben onze bevindingen onder andere in het perspectief geplaatst van het in 2025 gepubliceerde Toekomstperspectief Zeeland 2050 (Overleg Zeeuwse Overheden, 2025).

De komende jaren staan in Zeeland meerdere ingrijpende beleidskeuzes op de agenda, zoals rond de mogelijke ontwikkeling van de Green Energy Port met eventuele kerncentrales, en transities op het gebied van woning­bouw, stikstof en de Kaderrichtlijn Water. Voor het draag­ vlak van deze beleidsambities is aandacht voor vertrouwen relevant. Transparante besluitvorming, open communicatie en het samen met inwoners verkennen en ontwikkelen van beleid kunnen hierbij helpen (zie o.a. Van der Meer & Ham, 2023).

Vertrouwen in de overheid

Ervaren kernkwaliteiten

Vertrouwen in de overheid is belangrijk, omdat het van invloed is op de manier waarop inwoners zich verhouden tot beleid en beleidsprocessen, evenals voor het draagvlak van beleid. Zo laat SCP-onderzoek zien (Van der Meer & Den Ridder, 2025) dat een lager vertrouwen samenhangt met een geringere bereidheid om de kosten, risico’s en onzekerheden van nieuw beleid te accepteren, met een grotere kans op maatschappelijke weerstand.

Rust, natuur, ruimte en saamhorigheid: dit zijn volgens de inwoners de sterke punten van Zeeland. Deze kwaliteiten vormen volgens de inwoners de kern van wat Zeeland aantrekkelijk maakt. Tegelijkertijd vraagt het Toekomstperspectief Zeeland 2050 (Overleg Zeeuwse Overheden, 2025) om een aanzienlijke bevolkingsgroei, met bruisende steden en krachtige dorpen als doel. De ambities uit Zeeland 2050 spreken uit om te groeien door middel van grootschalige woningbouwlocaties en uitbreiding in dorpen (“straatje erbij”). Deze uitbreiding moet de spiraal van verschraling en krapte op de arbeidsmarkt verminderen.

Uit ons onderzoek blijkt dat Zeeuwse inwoners, in vergelijking met inwoners van andere provincies, relatief weinig vertrouwen hebben in de Tweede Kamer en dat dit vertrouwen in de afgelopen vier jaar verder is afgenomen. Het vertrouwen in de lokale overheid ligt rond het landelijke gemiddelde, hoewel bijna de helft van de inwoners aangeeft weinig tot geen vertrouwen te hebben in het bestuur van gemeente en provincie.

Een sterke toename van het aantal inwoners en de woningbouw kan echter ook leiden tot een afname van de ervaren rust en ruimte. Zo ontstaat er een spanningsveld tussen groeidoelstellingen en het behoud van de kernkwaliteiten van de provincie. Dit vraagt daarom om zorgvuldige en weloverwogen keuzes in het ruimtelijk- en sociaal beleid.

Leven in Zeeland | Conclusie en denkrichtingen

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16840995/1