25-043 rvs Kredietaanvraag Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid/ Fase 1 – bouwroute
Tekst van het document
raadsvoorstel datum vergadering
17 april 2025
volgnummer
25-043
onderwerp
kredietaanvraag Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid/ Fase 1 - bouwroute
behandelen in raadscommissie
Ruimte
portefeuillehouder
Carla Doorn
programma
Verkeer, vervoer en waterstaat
behandeld door
Rob Vermeer
r.vermeer@middelburg.nl 0118-675317
telefoon
Conceptbesluit
De raad besluit: 1. 2. 3. 4. 5. 6.
Te kiezen voor bouwroutevariant 3 als route voor het bouwverkeer voor het Waterpark Veerse Meer in het kader van het project Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid. In te stemmen met de kostenverdeling per wegbeheerder volgens bijlage 10 (GEHEIM). Hiervoor het gevraagde krediet à €4.985.000 beschikbaar te stellen volgens bijlage 14 (GEHEIM). Het netto investeringsbedrag € 3.935.000 (bruto investeringsbedrag -/- externe bijdragen) te dekken uit het investeringsfonds. In te stemmen met de concept Bestuursovereenkomst Bouwroute Waterpark Veerse Meer. Voor de participatie tijdens de uitvoering van fase 1 de trede informeren op de participatieladder van toepassing te laten zijn.
Aanleiding
Het Gebieds-Gerichte-Aanpak (GGA) -project Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid is een samenwerking van het Waterschap Scheldstromen, de gemeente Goes, Gemeente Borsele en de gemeente Middelburg. De Provincie Zeeland is ambtelijk vertegenwoordigd in de projectgroep en bestuurlijk in het Bestuurlijk Overleg (BO), ProRail en Rijkswaterstaat zijn aangehaakt en nemen ad hoc deel aan de projectgroep en het BO. Het totale project is verdeeld in 3 fasen. • • •
Fase 1: maatregelen ten behoeve van een veilige afwikkeling van het bouwverkeer voor Waterpark Veerse Meer Fase 2: maatregelen voor de korte en middellange termijn ter verbetering van de verkeersveiligheid en Leefbaarheid in de kern van Arnemuiden. (Uitwerking Amendement Voorstel nummer 21-144/ agendapunt 6.a.1) Fase 3: Een robuuste ontsluiting van het gebied Veerse Meer Zuid
Via de Actieve Informatie Gemeenteraad wordt uw raad geïnformeerd over de voortgang van het project Dit raadsvoorstel betreft fase 1 van het project. Op 2 juli 2024 heeft uw raad via de memo actieve informatie een proces-update ontvangen over de voortgang van fase 1. In de memo is het volgende aangegeven; “Op 25 april 2023 hebben het colleges van B&W van de gemeenten Goes, Borsele en Middelburg en het dagelijks bestuur van het waterschap Scheldestromen besloten om de bouwroute te situeren op het tracé Muidenweg-Calandweg-Pietweg-Meerkoetweg-Nieuwe Kraaijertsedijk-Postweg (Lewedorp) v.v. Naar aanleiding van de diverse participatiebijeenkomsten en motie in de gemeenteraad van Borsele is besloten opnieuw te kijken naar de bouwroute voor het Waterpark Veerse Meer. Met de memo actieve informatie van 29 maart 2023 is uw raad hierover geïnformeerd”.
1
De projectgroep heeft de voor- en nadelen van de verschillende varianten, waaronder enkele nieuwe varianten, inzichtelijk gemaakt en beoordeeld. In bijlage 1 vindt u een uitgebreide toelichting op de resultaten van het onderzoek naar de verschillende bouwroutevarianten. Op basis van de uitkomsten heeft het Bestuurlijk Overleg (BO) van de Gebiedsontsluiting, de colleges van B&W van Goes, Borsele en Middelburg en het dagelijks bestuur van het Waterschap Scheldestromen geadviseerd te kiezen voor bouwroutevariant 3. Effect
De realisatie van het Waterpark genereert over een lange periode bouwverkeer in het Veerse Meer Gebied. Voor een veilige afwikkeling van het bouwverkeer zijn infrastructurele maatregelen op of langs de bestaande route naar het Waterpark noodzakelijk. Met bouwroutevariant 3 worden maatregelen gerealiseerd die zowel tijdens de bouwfase positief zijn voor de verkeersveiligheid maar ook op lange termijn een onderdeel kunnen zijn van een totaaloplossing van een robuuste ontsluiting van het Veerse Meer Zuid Gebied. Een voorstel voor de robuuste gebiedsontsluiting (fase 3) van het Veerse Meer Zuid gebied zal naar verwachting in de eerste helft van 2026 aan uw raad ter besluitvorming worden voorgelegd. Argumenten
1.1 In totaal zijn 11 bouwroutevarianten geanalyseerd en beoordeeld. Al deze varianten zijn ondergebracht in één totaaloverzicht waardoor op basis van 23 relevante beoordelingscriteria een goede vergelijking gemaakt kon worden. De te beoordelen varianten en de te hanteren beoordelingscriteria zijn vanuit het oogpunt van transparantie vooraf voor commentaar voorgelegd aan de bewonersgroepen. Na deze eerste screening zijn vijf varianten overgebleven. Vervolgens zijn, aan de hand van enkele naar het oordeel van de projectgroep uitspringende criteria (lengte en reistijd, veiligheid, leefbaarheid, robuustheid, complexiteit en kosten), de vijf overgebleven varianten nader geanalyseerd en beoordeeld. Het betreft de varianten 1, 3, 4A, 6B en 7. 1.2 Op basis van het onderzoek is de conclusie van de projectgroep dat bouwroute variant 3 het beste scoort. Zowel op de aspecten veiligheid, robuustheid, complexiteit en kosten scoort deze variant positief. Bovendien kan deze variant - mede vanwege het feit dat deze variant al in 2023 als beste werd beoordeeld- ook sneller worden gerealiseerd. Er is immers voor deze variant al het nodige aan voorwerk verricht. Een snelle realisatie is van belang voor de bouw van het Waterpark Veerse Meer. In 2026 starten de bouwwerkzaamheden hiervoor en gaat het bouwverkeer rijden.
Het advies van het college aan de raad is om het collegebesluit met de keuze voor bouwroutevariant 3 te onderschrijven.
Kanttekeningen
1.
Door het Actiecomité Veilig en Leefbaar Lewedorp is een memo opgesteld waarin een pleidooi wordt gehouden voor bouwroutevariant 4a. Deze variant betreft een nieuw aan te leggen weg langs de A58 vanaf de aansluiting van Postweg (N661) op de Vlaamseweg, via de Noordweg naar de Nieuwe Kraaijertsedijk ter hoogte van Fraanje en McCain en via de bestaande spoorwegovergang Noordweg naar een nieuwe parallelweg onderlangs de Nieuwe Kraaijertsedijk ten noorden van het spoor. Naar later bleek was de tekst van dit memo door het actiecomité onvoldoende afgestemd met de Bewonersgroep Vlaamseweg en omstreken, de Bewonersgroep Arnemuiden en de Dorpsvereniging van Wolphaartsdijk (zie bijlage 3). In bijlage 4 staan de kanttekeningen van deze bewonersgroepen bij het memo. Hieruit blijkt dat van een unanieme voorkeur geen sprake is. Desondanks heeft het Actiecomité Veilig en Leefbaar Lewedorp aangegeven tegen het besluit voor bouwroutevariant 3 mogelijk te gaan procederen. Mocht dit het geval zijn dan vertraagd dit de realisatie van de maatregelen voor een veilige afwikkeling van het bouwverkeer waar het langzame verkeer, met name de fietsers, de dupe van zijn. a. De Bewonersgroep Vlaamseweg e.o. geeft aan dat deze variant niet als de robuuste oplossing wordt gezien voor Lewedorp (slechts als tijdelijke bouwroute).
Inmiddels is van bewoners van de Noordweg en de Dwarsweg vernomen dat deze tegen deze variant zijn, en dat sowieso getroffen bewoners en grondeigenaren langs het tracé ruimhartig gecompenseerd en schadeloosgesteld moeten worden. Verder is deze bewonersgroep van mening dat deze variant geen verstandige keuze is. 2
2.
3.
4. 5.
6.
b. Ook de Bewonersgroep Arnemuiden (BGA) stelt dat er overeenstemming moet worden bereikt met de getroffen bewoners langs deze bouwroute. Bovendien ziet ook de BGA deze route niet als de robuuste oplossing voor het gebied; er zijn dan nog steeds robuuste maatregelen nodig bij Arnemuiden. c. De Dorpsvereniging Wolphaartsdijk wil eerst het eindverslag afwachten alvorens een definitieve uitspraak te doen. d. Het BO concludeert dat op basis van de uitkomsten van het onderzoek naar de bouwroutes blijkt dat de voorkeur van de Actiegroep Veilig en Leefbaar Lewedorp voor bouwroutevariant 4a minder goed scoort op de aspecten Veiligheid en complexiteit. De kosten van bouwroutevariant 4a zijn ruim twee keer zo hoog als de kosten van bouwroutevariant 3. Op het aspect leefbaarheid scoort 4a beter dan 3 omdat langs het tracé minder woningen staan. Op de aspecten lengte + reistijd en robuustheid zijn de varianten 3 en 4a vergelijkbaar. Op 30 januari 2025 heeft het BO besloten om bouwroute 4A niet als alternatief te zien als bouwroute, maar de route wel nader te onderzoeken als mogelijk onderdeel van een robuuste eindoplossing in combinatie met een westelijke randweg bij Arnemuiden. Geen van de 5 bouwroutes biedt een robuuste oplossing voor de problemen bij Arnemuiden.
De bouwroutes 3, 4a en 6b scoren weliswaar relatief goed op robuustheid, maar alleen in geval van combinatie met een westelijke randweg bij Arnemuiden (A5) als robuuste eindoplossing. Bij realisering van A3 of A4b als robuuste eindoplossing zijn de investeringen in de bouwroutes minder zinvol voor het toekomstig verkeer van en naar het Veerse Meer gebied (c.q. Waterpark Veerse Meer), omdat dit verkeer na realisatie van A3 of A4b voor het grootste deel via deze snelwegontsluitingen zal gaan en dan niet meer langs Lewedorp komt. In de tijd tot de realisatie van A3 of A4b (wat 20 jaar kan duren) blijft echter de kortste route voor bouw- en recreatieverkeer via Lewedorp lopen. Investeringen in het (fiets)veiliger maken van die route zijn daarmee voor deze periode zinvol en lost bestaande knelpunten op. Ook na realisatie van A3 of A4b dragen deze voorzieningen bij aan een betere verkeersveiligheid rond Lewedorp. De stikstofproblematiek kan de aanleg van wegen compliceren: Echter, vooralsnog blijkt uit berekeningen die gemaakt zijn in het kader van het vastgestelde bestemmingsplan Waterpark Veerse Meer en uit berekeningen voor de bouwsituatie dat het plan niet in betekenende mate bijdraagt aan een verslechterering van de luchtkwaliteit. Mocht regelgeving ten aanzien van dit onderwerp wijzigen dan zijn mogelijk nieuwe berekeningen noodzakelijk.
Als maatregelen noodzakelijk blijken dan is een mogelijke optie het werken met emissieloos materieel en transport. Als er geen definitieve keuze gemaakt kan worden voor een bouwroute zal er een terugvaloptie voor het bouwverkeer aangewezen moeten worden. Daarnaast zijn er mogelijk complicerende factoren zoals archeologie, explosieven e.d. Voor dergelijke onvoorziene kosten is een post risico/onvoorzien in de investeringsramingen opgenomen. Deze punten hebben geen invloed op de bouw van Waterpark Veerse Meer waarmee begin tweede helft 2026 wordt begonnen. De kosten (inclusief risico-reservering) voor het aanpassen van de Spoorwegovergang worden door ProRail hoger ingeschat. In de totale kredietaanvraag is voor dergelijk risico's rekening gehouden met een opslag van 15% van de totale kosten die voor rekening van Middelburg komen.
Financiën
De kosten voor de bijdrage van Middelburg aan de realisatie van de Bouwroutevariant zijn vermeld in het overzicht op bijlage 10. Dit betreffen investeringskosten. Deze kosten dienen verhoogd te worden met voorbereidingskosten voor bestek en aanbesteding en een reservering voor het afdekken van onvoorziene risico's die niet door versoberingsmaatregelen kunnen worden afgedekt en niet compensabele BTW. De totale kredietaanvraag bedraagt €4.985.000. Een gedeelte van deze kosten kan gedekt worden uit de bijdrage € 550.000 uit de gebiedsvisie Veerse Meer die de Provincie heeft toegezegd en de bijdrage € 500.000 van European Rail Traffic Management System (ERTMS). Zie bijlage 14. De netto kosten voor de bouwweg worden gefinancierd vanuit het investeringsfonds. Volgens een bepaling in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) mogen investeringen in wegen die niet ons eigendom zijn, niet worden geactiveerd. Hierdoor kunnen de kosten niet over meerdere jaren worden gespreid door in de meerjarenbegroting als 3
jaarlijkse kapitaallast op te nemen. Dit heeft als voordeel dat er meer structurele middelen beschikbaar blijven voor andere doeleinden. Op basis van genomen raadsbesluiten resteert een bedrag van ca. € 16,5 mln. in het investeringsfonds. De netto investeringsbijdrage ten behoeve van dit raadsvoorstel bedraagt € 3,9 mln. Hiermee resteert er nog € 12,5 mln. in het investeringsfonds. Dit is exclusief toekomstige bijdragen uit het ZEH-dividend. In januari 2025 heeft de raad besloten om het jaarlijkse (super)dividend van Zeeuwse Energie Houdstermaatschappij (ZEH) stapsgewijs toe te voegen aan het investeringsfonds. Deze toevoeging zal elk jaar bij de kadernota worden geëffectueerd. Bijlagen 10 en 14 zijn geheim. Geheimhoudingsgrond op basis van de WOO (financiële belangen gemeente).
Duurzaamheid
Bij de ontwerpen en uitwerking van de voorstellen worden de integrale ontwerpfactoren verkeersveiligheid, gebruik, verblijf, gezondheid, klimaat en natuur toegepast. Communicatie en participatie
Het participatieniveau voor de voorbereiding van dit project is door uw raad vastgesteld op raadplegen. Er is ingezet op een zo zorgvuldig mogelijk proces met georganiseerde bewonersgroepen en bewonersbijeenkomsten. De verantwoording over hoe dat proces is verlopen vindt u in de rapportage van de omgevingsmanager (bijlage 13). Voor de uitvoering van fase 1 wordt een participatie/communicatieplan opgesteld. De omgevingsmanager zal hiervoor het voortouw nemen. De communicatiemedewerkers van de samenwerkende wegbeheerders worden hierbij betrokken. Via de actieve informatie wordt uw raad over het participatie/communicatieplan geïnformeerd Het doel van de participatie/communicatie is de bewoners en belanghebbenden actief en tijdig informeren over de uitvoering en impact van de werkzaamheden. In dit kader adviseren wij uw raad om de trede ‘informeren’ op de participatieladder van toepassing te laten zijn. Uitvoering
Na besluitvorming en het beschikbaar stellen van het noodzakelijk krediet door alle partijen kan het project worden voorbereid voor uitvoering. Zowel de voorbereiding als de uitvoering van de maatregelen is vanuit het gemeenschappelijke belang van de vier wegbeheerders een concept bestuursovereenkomst opgesteld (zie bijlage 11). Voor de uitvoering van de afspraken uit de Bestuursovereenkomst wordt een coördinatieteam opgericht bestaande uit projectleiders van de partijen. In het bestuurlijke overleg (BO) Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid vindt het overleg en besluitvorming plaats over de Bestuursovereenkomst. Het coördinatieteam is belast met het opstellen van een projectplan en een planning. Via de actieve informatie wordt uw raad hierover geïnformeerd. Advies ingewonnen bij adviesorgaan?
Niet van toepassing. Bijlagen
1. 2. 3. 4. 5.
Memo voorstel bouwroute Waterpark Veerse Meer 1.1. Kaartje bouwroutevariant 3. Brief Actiecomité Arnemuiden aan College en Raadsleden Middelburg. Memo met standpunt bewonersgroepen. Kanttekeningen bij memo met standpunt bewonersgroepen. Reactie dagelijks bestuurder Waterschap Scheldestromen en de wethouders van de gemeenten Goes, Borsele en Middelburg. 4
6. Overzicht beoordeling varianten bouwroute Waterpark Veerse Meer. 7. Analyse overgebleven varianten. 8. Overzicht van de maatregelen en voor- en nadelen van de 5 overgebleven bouwroutevarianten. 9. Analyse van de 5 overgebleven bouwroutevarianten. 10. Kostenverdeling bouwroutevariant 3 per wegbeheerder. Betreft tevens bijlage 2 bij bestuursovereenkomst (GEHEIM). 11. Concept bestuursovereenkomst. 12. Zienswijze ProRail en Rijkswaterstaat. 13. Rapport Participatieproces robuuste ontsluiting Veerse Meer Zuid en bouwroute Waterpark Veerse Meer 14. Kostenoverzicht Gebiedsontsluiting Veerse Meer Zuid-Fase 1 aandeel Middelburg (GEHEIM)
Middelburg, 18 maart 2025 Burgemeester en wethouders van Middelburg de secretaris,
Aart van den Brink de burgemeester,
Yvonne van Mastrigt
5