CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

24-169 rvs Beleidskaders beheer en onderhoud civiele kunstwerken 2025-2034-aangepast

Gemeenteraad 17 december 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken (24-169 RM)2.043 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

raadsvoorstel - aangepast volgnummer

17 december 2024 24-169

onderwerp

Beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034

behandelen in raadscommissie

Ruimte

portefeuillehouder

Eduard Smit Verkeer, vervoer en waterstaat Angelo Commelin a.commelin@middelburg.nl 0118 – 67 57 95

datum vergadering

programma behandeld door e-mail telefoon

Conceptbesluit

De raad besluit: 1. Op basis van de bijgevoegde “notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034”, de beleidskaders zoals hieronder geformuleerd, vast te stellen en het college opdracht te geven tot uitvoering hiervan: 1. Voor de conditiemeting van de civieltechnische kunstwerken de NEN2767-4 systematiek te gebruiken. 2. Een beleidsperiode van tien jaar in acht te nemen, te weten van 2025 tot en met 2034, en daarnaast iedere vier jaar rapportages te ontvangen over de resultaten van de conditiemeting. 3. Preventief beheer toe te passen voor beheer en onderhoud, dat erop gericht is de veiligheid voor de gebruikers en de beschikbaarheid van de civieltechnische kunstwerken te waarborgen. 4. Ambitieniveau 2 “vooruitstrevend” toe te passen, zodat: a. Voor het onderhoud van de civieltechnische kunstwerken conditiescore 3 gehanteerd wordt als ondergrens (een redelijke staat, waarbij functievervulling niet in gevaar is) met uitzondering van de civieltechnische kunstwerken met cultuurhistorische waarde; b. Voor het onderhoud van de civieltechnische kunstwerken met cultuurhistorische waarde conditiescore 2 gehanteerd wordt als ondergrens (een goede staat, met incidenteel beginnende veroudering); c. Voor het beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken verduurzaming en biodiversiteit op kleine schaal gestimuleerd wordt; d.

Het structurele tekort ten aanzien van de beheer- en onderhoudskosten aan de civieltechnische kunstwerken ad € 213.000 per jaar in 2025 als incidentele last op te nemen in de bestuurlijke tussenrapportage 2025 en structureel als onvermijdelijke last te betrekken bij de kadernota 2026-2029 5. Renovatie en vervangingsopgaven van civieltechnische kunstwerken uit te voeren, door: a. De financiële consequenties van de investeringsplanning aan te melden voor het jaarlijkse kadernotaproces. b. Raadsvoorstellen aan te bieden voor de projecten opgenomen in de eerstkomende vijf jaar (2025-2029), van de "Meerjareninvesteringsplanning civieltechnische kunstwerken 2025-2034”.

Aanleiding

Dit voorstel volgt op het raadsbesluit van 20 maart 2017 “Kaders onderhoud gebouwen, civieltechnische kunstwerken, kademuren en glooiingen voor de periode 2018 tot en met 2027” (17-60). De gemeenteraad heeft het college verzocht om meerjarige inspectie- en onderhoudsplannen en een meerjarig investeringsplan te ontwikkelen betreffende het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken. De huidige beleidskaders voor het beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken zijn verouderd en sluiten onvoldoende aan bij de opgaven en ontwikkelingen, die nu en de komende beleidsperiode spelen (2025-2034). De rekenkamer heeft daarnaast geadviseerd om meerjarige integrale beleidskaders voor kapitaalgoederen op te stellen. Waarin vastgelegd is hoe met kapitaalgoederen wordt omgegaan en wat de raakvlakken met andere beleidsvelden zijn. Ook moeten we zorgen 1

voor een bouwwerk van beleidsdocumenten met een heldere koppeling tussen de verschillende niveaus en dat in beeld brengen. Er is nu een kloof tussen de visie vanuit het beleid en beheer en uitvoering. De bijgevoegde “notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034” draagt bij aan de overbrugging van deze kloof. Het is een doorvertaling van wet- en regelgeving en beleid naar de uitvoering van beheer en onderhoud van de civieltechnische kunstwerken. Effect

1. Een veilig en beschikbaar areaal van civieltechnisch kunstwerken. 2. Een beter waarde-behoud van civieltechnisch erfgoed. 3. Een verbetering van de verduurzaming van de leefomgeving. 4. Een verbetering van de biodiversiteit. 5. Inzicht in de (financiële) opgave bij het beheer en onderhoud van en de investeringen in de civieltechnische kunstwerken. Argumenten

1.1 De conditiemeting (conform NEN2767-4) zorgt voor een duidelijke, uniforme en onafhankelijke beoordelingssystematiek. De systematiek past bij de onderdelen opbouw van civieltechnische kunstwerken. De NEN2767-4 systematiek (zie bijlage 3 van de notitie) maakt de kwaliteit meetbaar door middel van een conditiescore per bouwonderdeel (score 1 tot en met 6). Doordat we een ondergrens vaststellen bij beslispunt 2.4 en 2.5, is duidelijk wanneer er onderhoud vereist is. 1.2 Een beleidsperiode van 10 jaar zorgt voor een stabiele koers op de lange duur. Het beheer en onderhoud van civieltechnische kunstwerken op orde maken is een opgave die langer dan 4 jaar duurt. Het op orde houden van het areaal is vervolgens een voortdurende opgave. 1.3 Toepassen van een preventief beleid zorgt ervoor dat we meer grip krijgen op het civieltechnische kunstwerken areaal. Met ambitieniveau 2 “vooruitstrevend” (zie tabel op pagina 29 van de notitie) geven we gehoor aan de wettelijke zorgplicht en gaan we proactief aan de slag gaan met het beheren van onze kapitaalgoederen. Door het monitoren en inspecteren krijgen we nauwkeuriger inzicht in het functioneren van de civieltechnische kunstwerken. We vergroten daarmee de voorspelbaarheid en verkleinen de kans op verassingen. 1.4a Een redelijke staat (conditiescore 3) als ondergrens voldoet voor het reguliere deel van de civieltechnische kunstwerken.

Plaatselijk zichtbare veroudering staan we toe. Het onderhoud is zo afgestemd dat de objecten en onderdelen hun functie blijven vervullen. 1.4b Erfgoed moet bewaard blijven voor de toekomst. Bij civieltechnische kunstwerken met cultuurhistorische waarde gaan we net een stapje verder dan bij het reguliere deel. Ze hebben een intensievere zorg nodig (kortere onderhoud cyclussen) om ervoor te zorgen dat de waarde bewaard blijft voor de toekomst. Een goede staat oftewel conditiescore 2 is een goede staat, met incidenteel beginnende veroudering. Zo blijft ons cultureel erfgoed de visitekaart van Middelburg. 1.4c Civieltechnische kunstwerken zijn op het gebied van biodiversiteit regelmatig een beperkende factor in de samenhang van ecologische zones. Dit zetten we recht door maatregelen te treffen die de verbindingen herstellen of bevorderen voor fauna (bijvoorbeeld door middel van een looprichel onder een brug door). Bij restauratie van de kademuur aan de Korendijk-Kinderdijk is ervoor gekozen om maatregelen te treffen voor behouden van bijzondere muurvegetatie. Bijzondere flora draagt ook bij aan de bevordering van biodiversiteit. Stimuleren van de biodiversiteit doen we naast investeringsprojecten daarom ook op kleine schaal, bij het beheer en onderhoud.

1.4c Ook civieltechnische kunstwerken moeten een steentje bijdragen in het bereiken van klimaatdoelstellingen (zoals beperken van Co2 uitstoot). Bij de conventionele bouwmethodes is er veel gebruik gemaakt van de traditionele bouwmaterialen zoals beton, staal, steen en hout. Die materialen hebben hun kwaliteit bewezen. We moeten er echter bewuster en duurzamer mee omgaan, om de grondstofconsumptie ervan te verminderen. Nieuwe 2

duurzamere bouw- en herstelmethodes toepassen kost tijd en soms (leer)geld. Het is echter een onvermijdelijke stap om klimaatdoelen te bereiken en op termijn goedkoper. 1.5 Wanneer regulier onderhoud niet meer volstaat om een civieltechnisch kunstwerk op orde te krijgen is het uitvoeren van een investeringsproject in de vorm van renovatie of vervanging noodzakelijk. Het is de effectiefste methode om een object weer voor lange termijn geschikt te maken voor zijn functie. Een verzoek om raadsvoorstellen aan te bieden voor de “Meerjareninvesteringsplanning civieltechnische kunstwerken 2025-2034” geeft urgentie aan de voorbereiding en uitvoering van de betreffende projecten. Zie ook bijlage 6 van de notitie.

Kanttekeningen

1.3 De ombuiging van reactief- naar preventief beleid brengt hogere kosten met zich mee. Reactief beleid (“piepsysteem”) heeft een periode voor lagere kosten in het beheer en onderhoud gezorgd. Te weinig financiële middelen zorgt op lange termijn echter juist voor hogere kosten in het beheer en onderhoud. Het voeren van preventief beleid is noodzakelijk om vooruit te kijken, tijdig financiële middelen te reserveren en ongewenste verassingen te voorkomen. Preventief beleid gaat op termijn zijn vruchten afwerpen. 1.3 Het beheer, onderhoud, vervangen en renoveren van de civieltechnische kunstwerken vraagt om meer menskracht. De complexiteit en omvang van de taken is namelijk groot. Vanwege verschillende ontwikkelingen in de fysieke leefomgeving die politiek bestuurlijke prioriteiten hebben gekregen, is er geschoven met de beschikbare capaciteit. De organisatorische robuustheid van beheer, onderhoud en vervanging en renovatie van de civieltechnische technische staat daardoor onder druk. We gaan dit voorlopig op lossen door structureel externe capaciteit in te huren. 1.4c Ambities als verduurzaming en biodiversiteit stimuleren vragen om extra middelen. Waarmaken van deze ambities is van groot belang voor onze leefomgeving. Regelmatig is er werk met werk te maken om vooruitgang te boeken bij deze thema’s.

Er is echter nog geen financiële dekking om maatregelen uit te kunnen voeren bij civieltechnische kunstwerken. Deze bestedingsruimte is wel van cruciaal belang. 1.5 Nu besluiten tot ambitieniveau 2 en het daaraan gerelateerde kostenniveau ten aanzien van beheer- en onderhoud van civieltechnische kunstwerken betekent dat een (onvermijdelijke) claim op de kadernota 2026-2029 wordt gelegd van € 213.000. Van een integrale afweging van concern-brede wensen in relatie tot beschikbare middelen is in dit geval geen sprake.

Financiën

Wat mag het kosten? Beheer en onderhoud De keuze om ten aanzien van het beheer- en onderhoud aan civieltechnische kunstwerken ambitieniveau 2 als uitgangspunt te nemen betekent dat we met de regulier beschikbare middelen binnen de begroting niet uitkomen. Op basis van het geactualiseerde beheer- en onderhoudsplan komen we jaarlijks € 263.000 tekort in de planperiode 2025-2034. Vanuit het regulier beschikbare budget voor klimaat en beleid wordt voor de onderdelen “verduurzaming” en “biodiversiteit” structureel € 50.000 vrijgemaakt. Per saldo resteert dan een tekort van € 213.000. Voor dit tekort is binnen de begroting momenteel geen dekking aanwezig. Investeringen Naast kosten voor beheer- en onderhoud bevat het voorliggende beleidsplan ook een meerjarig investeringsoverzicht voor volledige vervanging van civieltechnische kunstwerken. Voor de vervangingen die in de periode 2025-2029 op de planning staan (totale investeringsomvang € 4.3 miljoen) zijn via eerdere kadernota’s de kapitaallasten gereserveerd met een daar bijbehorende investeringsomvang van € 1.9 miljoen. Voor de overige uit te voeren investeringen ad € 2.4 miljoen zal in toekomstige kadernota’s ruimte gevonden moeten worden. Dit zal jaarlijks worden bezien en onderdeel zijn van het integrale afwegingsproces rondom de kadernota. 3

Hoe gaan we dat financieren? Beheer en onderhoud Voorgesteld wordt het structurele tekort op de beheer- en onderhoudskosten ad € 213.000 in 2025 incidenteel als last op te nemen in de bestuurlijke tussenrapportage 2025 en voor 2026 en verder als onvermijdelijke post op te nemen in de kadernota 2026-2029. Investeringen Jaarlijks wordt ten tijde van het kadernota-proces bezien welke investeringen met betrekking tot civieltechnische kunstwerken op de korte termijn noodzakelijk zijn. De kapitaallasten van deze investeringen kunnen dan als “wens” worden betrokken bij het integrale afwegingsproces rondom de kadernota. Zijn er significante gevolgen voor het weerstandsvermogen? Niet van toepassing.

Duurzaamheid

De “notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034” is opgesteld in afstemming met team duurzaamheid. Uitvoering van deze beleidskaders draagt bij aan op duurzame wijze waarde creëren met onze kapitaalgoederen. De effecten op het gebied van verduurzaming zijn in dit raadsvoorstel opgenomen bij het onderdeel “effect” en worden uitgebreider toegelicht in de notitie. Communicatie en participatie

Na besluitvorming wordt de notitie “beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034” definitief gemaakt en gedeeld met belanghebbenden. Bij de uitvoering van de beleidskaders voeren we verschillende soorten acties uit voor beheer en onderhoud. De impact op de omgeving van de acties verschilt sterk van elkaar (van geen- tot grote impact). De communicatiewijze en eventuele participatie is maatwerk. We stemmen het per project af, in overleg met een communicatieadviseur. We hanteren daarbij de participatie- en inspraakverordening. Uitvoering

Na besluitvorming door de gemeenteraad ondernemen we de volgende stappen: • Uitvoeren van beheer en onderhoud binnen de gestelde kaders. • Aanbieden van kadernota wensen en raadsvoorstellen voor uitvoering van de meerjareninvesteringsplanning. • Deelprojecten inclusief communicatie- en participatietrajecten starten. Informeren van de gemeenteraad over de stand van zaken bij het beheer en onderhoud door middel van de periodieke voortgangs- en voornemensrapportages en wanneer nodig door een memo actieve informatie (Inspecties worden uitgevoerd door een onafhankelijk extern bureau). • Aanbieden van een tussenrapportage conform de BBV (Besluit Begroting en Verantwoording)- elke 4 jaar.

Advies ingewonnen bij adviesorgaan?

We hebben advies ingewonnen bij belanghebbenden. Zowel interne als externe belanghebbenden zijn betrokken bij de actualisatie van de beleidskaders. Collega beleidsambtenaren zijn geïnformeerd over de stand van zaken en de uitdaging. Ze hebben input geleverd. Tijdens een werksessie over civieltechnische kunstwerken is informatie ingewonnen bij raadsleden over wat ze belangrijk vinden bij het beheer en onderhoud. De informatie is verwerkt in de notitie. Bijlagen 1. Notitie beleidskaders beheer en onderhoud civieltechnische kunstwerken 2025-2034” d.d. 12 november 2024 (openbaar) 2. Bijlage Meerjareninvesteringsplanning (geheim).

4

Middelburg, 19 november 2024 Burgemeester en wethouders van Middelburg de secretaris,

Aart van den Brink de burgemeester,

Yvonne van Mastrigt

5

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/14932520/2