24-111 Bijlage 2. Ingekomen stukken - RM
Tekst van het document
4.8 De omgevingsvergunning Artikel 4.4 van de Omgevingswet biedt de gemeente de mogelijkheid om activiteiten vergunning of melding plichtig te maken. Deze melding of vergunningplicht kan de gemeente opnemen in haar omgevingsplan. Dit blijkt uit artikel 4.1, lid 1 en artikel 4.4, lid 2 van de Omgevingswet. Als de gemeente besluit om houtstook als activiteit vergunning plichtig te maken dan is er sprake van een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Een vergunningsaanvraag die voldoet aan de gestelde eisen is een binnenplanse omgevingsactiviteit en een vergunningsaanvraag die hier niet aan voldoet is een buitenplanse omgevingsactiviteit. Voor de vergunningplicht neemt de gemeente beoordelingsregels op in haar omgevingsplan om de vergunningaanvraag aan te toetsen. Deze beoordelingsregels kunnen bijvoorbeeld eisen stellen aan de hoogte van de kachelpijp (zie paragraaf 4.7) of de technische eisen van het Bbl (zie paragraaf 4.3). Verder kan de gemeente opnemen dat de vergunning wordt ingetrokken als de bepalingen omtrent houtstook (zie paragraaf 4.7) of de vergunningvoorschriften niet worden nageleefd. Deze vergunningvoorschriften kan de gemeente opnemen bij het verlenen van de omgevingsvergunning. Dit is weer onder te verdelen in doelvoorschriften en middelvoorschriften. Doelvoorschriften drukken het te bereiken doel uit in objectieve termen.
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
24/34
Voor houtstook kan dit een maximale geurimmissiewaarde zijn (zie paragraaf 4.7 en 2.5). De stoker bepaalt dan zelf hoe aan dit voorschrift wordt voldaan. Als er niet aan het doelvoorschrift wordt voldaan is het aan de gemeente om dit aan te tonen. Een middelvoorschrift geeft vooraf een middel hoe de stoker aan het voorschrift moet voldoen. Dit kan bijvoorbeeld het maximaal toegestane stookuren per dag begrenzen of voorschriften voor de brandstof (zie paragraaf 4.7).50 Een minder vergaande mogelijkheid is het instellen van een meldingsplicht. De gemeente kan dit doen op grond van artikel 4.4, lid 1 van de Omgevingswet. Het moet hierbij wel gaan om een milieubelastende activiteit. Bij houtstook komt er co2 en fijnstof vrij, dus dat kan als zodanig worden aangemerkt. Het doel van de meldingsplicht is om voor de gemeente in kaart te brengen waar er hout wordt gestookt. Het is voor de gemeente niet mogelijk om de activiteit naar aanleiding van de melding te verbieden. De gemeente heeft wel de mogelijkheid om op basis van de melding een controle uit te voeren. In hoofdstuk 5 ("Regelgeving en werkwijze van de gemeente Zutphen") van zijn afstudeeronderzoek Houtstook in de omgevingswet geeft N.J. Aalberts een inschatting van hoe effectief en handhaafbaar de verschillende mogelijkheden die de Omgevingswet biedt, in Zutphen zouden zijn.
Dit hoofdstuk omvat 8 pagina's, dus is hier kortheidshalve weggelaten. Wie het wil ontvangen, kan Martin van Raay een mailtje sturen (mhvanraay@live.nl), dan wordt het volledige onderzoek aan u opgestuurd. Op de webpagina Drieslag houtstook: Sarina, Marjolein en Marloes (over het Schone Lucht Akkoord) legt Marloes Jongeneel (Rijkswaterstaat) uit:
Met de Omgevingswet krijgen decentrale overheden meer regie over de leefomgeving. Ook voor houtstook kunnen gemeenten dan eenvoudiger zelf beleid en regels maken. Zo kunnen ze in het omgevingsplan lokale regels vastleggen voor het gebruik van bijvoorbeeld open haarden, houtkachels en vuurkorven. We leggen dit verder uit op de website van het Informatiepunt Leefomgeving. Decentrale overheden kunnen hun vragen hierover ook stellen via de helpdesk van het InformatiePunt; grote kans dat ik degene ben die de vraag dan zal (proberen te) beantwoorden. Het Informatiepunt Leefomgeving legt op zijn webpagina Regels voor houtstook vanuit woningen uit welke mogelijkheden gemeenten hebben om het houtstookprobleem aan te pakken:
Gemeenten kunnen beleid maken en regels opstellen voor het gebruik van houtkachels en open haarden. Ook zijn lokale regels mogelijk voor houtstook buitenshuis, zoals vuurkorven en buitenhaarden. Daarnaast gelden landelijke regels. In het omgevingsplan van gemeenten kunnen lokale regels voor houtstook staan. Gemeenten kunnen de aanwezigheid van houtkachels niet verbieden. [...] Ook is er nauwelijks ruimte voor gemeenten om lokale regels te stellen voor het rookgaskanaal (schoorsteen), omdat het Bbl daarover al regels stelt. Wél kunnen gemeenten in het omgevingsplan regels opnemen over het gebruik van houtkachels. Zodat er minder schadelijke rook in de omgeving terechtkomt. Het oogmerk is dan het beschermen van de gezondheid van omwonenden (en van het milieu).
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
25/34
Daarnaast kunnen gemeenten in de omgevingsvisie beleid voor houtstook opstellen en in een programma maatregelen vastleggen. Ook kunnen gemeenten lokale omgevingswaarden voor luchtkwaliteit opstellen. Houtstook en de omgevingsvisie De gemeente is verplicht om een omgevingsvisie te maken. In de gemeentelijke omgevingsvisie kan de gemeente ambities rondom houtstook opnemen. Deze ambities kan de gemeente vervolgens uitwerken in een programma en/of bindende regels in het omgevingsplan. Uitgangspunten in de omgevingsvisie kunnen bijvoorbeeld zijn: • overlast houtstook beperken • ontmoedigen van houtkachels in nieuwe woningen Ook als de omgevingsvisie geen specifieke ambitie voor houtstook bevat, kan de gemeente maatregelen in een programma of het omgevingsplan opnemen. Houtstook in een programma De gemeente of provincie kan er voor kiezen om een programma te maken voor houtstook. In een programma staan maatregelen om het gewenste doel te bereiken. Overheden kunnen daarbij beleidsregels en financiële instrumenten gebruiken. Maar ook communicatieve maatregelen, afspraken met organisaties en uitvoering van projecten kunnen onderdeel zijn van een programma. Voor houtstook zijn bijvoorbeeld de volgende maatregelen denkbaar: • Bewoners bewustmaken van luchtvervuiling en mogelijke overlast (voorlichting).
• Een laagdrempelig loket voor het melden van overlastsituaties openen en een passende (re)actie op klachten voorbereiden. • Professionele bemiddeling inzetten bij overlastsituaties. • Schonere alternatieven stimuleren (voorlichting, financiële regeling). • Uitfasering van de meest vervuilende (oude) kachels stimuleren (financiële regeling). • Wijkgericht schoorsteenvegen. Regels voor houtstook in het omgevingsplan De gemeente kan in het omgevingsplan regels stellen voor het stoken van hout aan huis, als milieubelastende activiteit. Met als doel om negatieve effecten op de leefomgeving te beperken. Het kan daarbij gaan om het gebruik van een kachel of open haard binnenshuis. Maar gemeenten kunnen ook regels stellen voor bijvoorbeeld vuurkorven en buitenhaarden in de tuin of op het terras. Als de gemeente geen regels stelt in het omgevingsplan, dan geldt ook voor burgers de zorgplicht uit artikel 1.6 en 1.7 van de Omgevingswet. Een particulier die hout stookt, moet ervoor zorgen dat nadelige gevolgen zoveel mogelijk worden voorkomen of beperkt. Een gemeente kan voor houtstook ook de specifieke zorgplicht uit de bruidsschat overnemen en verder invullen in het omgevingsplan. Voorbeelden van regels in het omgevingsplan De regels moeten gaan over de fysieke leefomgeving.
Ze kunnen zich richten op het beperken van de luchtvervuiling en het voorkómen of verminderen van overlast voor omwonenden. Gemeenten kunnen regels opstellen voor specifieke gebieden of gebiedstypen, als ze daarvoor een goede onderbouwing hebben. De handhaafbaarheid van de regels is een belangrijk aandachtspunt. Ook moet er capaciteit zijn voor het toezicht op de regels. Voorbeeldregels van de VNG Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
26/34
De Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) heeft voor houtstook aan huis 5 voorbeeldregels opgenomen in de staalkaart Bestaande woonwijk. Deze voorbeeldregels zijn vooral bedoeld voor gedachtevorming. Ze zijn verder niet uitgewerkt. 1. Als brandstof wordt alleen droog, schoon en ongeverfd hout gebruikt (overigens is het stoken van geverfd hout al verboden via de Wet milieubeheer). 2. De uitlaat van de schoorsteen bevindt zich minimaal 0,5 m boven de nok (zie voor toelichting de pagina Technische bouwregels voor houtkachels). 3. De schoorsteen wordt minimaal eenmaal per jaar geveegd. 4. Bij mist of windstil weer wordt niet gestookt (mogelijk te koppelen aan de stookwijzer of het stookalert). 5. Een houtkachel die wordt geïnstalleerd voldoet aan de toepasselijke EN-norm (doel: geen installatie van tweedehandskachels, die nog niet voldoen aan de toepasselijke EN-norm). Naast de VNG-voorbeeldregels, zijn meer lokale houtstookregels denkbaar. Hierna volgen nog enkele voorbeelden. Frequentie, tijdstip en duur van houtstook Hoe vaak, wanneer en hoe lang mogen mensen hun open haard, houtkachel, vuurkorf of buitenhaard gebruiken? Regels daarvoor zijn vooral geschikt voor sfeerverwarming (open haarden, buitenvuren). Gebruikers van moderne (pellet)kachels of pelletketels voor hoofdverwarming hebben vaak geen alternatieve verwarmingsbron.
Immissie-eisen voor het gebruik van houtkachels Gemeenten kunnen voor bepaalde wijken immissie-eisen voor houtrookgerelateerde geur of stoffen opnemen in het omgevingsplan. Zodat de omgeving beter beschermd kan worden tegen houtrook. Dat kan betekenen dat gebruikers hun stookgedrag en zo nodig hun materieel (zoals type kachel, filter of schoorsteenkap) moeten aanpassen, om aan deze eisen te kunnen voldoen. De rijksoverheid onderzoekt mogelijkheden voor een meet- of beoordelingsmethode. Want de uitvoering en handhaafbaarheid van een immissie-eis kan complex zijn. Zo’n beoordelingsmethode kunnen gemeenten ook gebruiken bij overlastsituaties. Vergunningplicht, meldingsplicht of informatieplicht Gemeenten kunnen eventueel een vergunningplicht instellen voor de activiteit het stoken van hout door huishoudens of een specifieke deelactiviteit. Dit is dan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Daarbij moet de gemeente dan beoordelingsregels opstellen. Een meldingsplicht of een informatieplicht is een minder vergaande mogelijkheid. Specifieke zorgplicht in de bruidsschat: geen overlast Houtstook mag niet leiden tot overlast bij buurtbewoners. Gebruikers van een bouwwerk, open erf of terrein moeten alle redelijke maatregelen nemen om overlast of hinder van onder andere rook, roet, walm en stof te voorkomen of te stoppen.
Deze specifieke zorgplicht staat in het tijdelijk deel van het omgevingsplan, in de bruidsschat. Het gaat om artikel 22.18 (bouwwerken) en 22.20 (open erven en terreinen) van deze bruidsschat. Beide artikelen vervangen het overlastartikel 7.22 uit het Bouwbesluit. Gemeenten kunnen deze specifieke zorgplicht verduidelijken of verder invullen in het omgevingsplan. Bijvoorbeeld door toetsings- en handhavingscriteria op te stellen voor het Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
27/34
beoordelen van overlast. Zo kan de gemeente overlast op een zelfde manier beoordelen en eventuele handhaving onderbouwen. Zoals hierboven beschreven, kan de gemeente ook specifieke stookregels opnemen in het omgevingsplan, waarop ze direct kan handhaven. Beoordelen houtrookoverlast De rijksoverheid werkt aan een uniforme meet- of beoordelingsmethode. Op dit moment kunnen gemeenten gebruikmaken van het kennisdocument Gezondheids- en hindereffecten door houtkachels van particulieren van de Stichting Advisering Bestuursrechtspraak (STAB) uit 2019. Dit uitgebreide kennisdocument geeft handvatten voor de beoordeling van houtrookoverlast. De rechtbank gaat in uitspraak SHE 18/596, 12 juli 2019 (Helmond) uitgebreid in op deze handvatten en noemt ook eerdere jurisprudentie over het beoordelen van houtrookoverlast. Omgevingswaarden luchtkwaliteit Omgevingswaarden leggen de kwaliteit vast die het Rijk, de provincie of de gemeente wil bereiken. Houtstook zorgt onder andere voor uitstoot van fijnstof. De gemeente zorgt ervoor dat de rijksomgevingswaarden voor fijnstof niet worden overschreden. Lokale omgevingswaarden Gemeenten en provincies mogen ook aanvullende en afwijkende (strengere) omgevingswaarden stellen voor luchtkwaliteit. Ze leggen deze vast in het omgevingsplan of de omgevingsverordening.
De gemeente kan bijvoorbeeld een omgevingswaarde vastleggen voor roet of een omgevingswaarde voor piekconcentraties fijnstof. Maatregelen nemen Zo’n lokale omgevingswaarde heeft alleen zin als de gemeente zelf maatregelen kan nemen om de norm te halen. Bijvoorbeeld via specifieke regels in het omgevingsplan en handhaving daarvan. Zo kan de gemeente in het omgevingsplan een regel opnemen, dat nieuwe milieubelastende activiteiten worden getoetst aan deze omgevingswaarden. Ook via voorlichting aan bewoners of subsidies kunnen gemeenten het stookgedrag beïnvloeden, waardoor de luchtkwaliteit verbetert. Stelt de gemeente een lokale omgevingswaarde vast? Dan moet ze deze zelf monitoren. En een programma opstellen als de omgevingswaarde wordt overschreden. Of als een overschrijding dreigt in de toekomst. En op zijn webpagina Lucht en omgevingswaarde zegt het Informatiepunt Leefomgeving duidelijk:
Lokale omgevingswaarden De provincie en de gemeente kunnen lokale omgevingswaarden [*] voor de buitenlucht in de omgevingsverordening en het omgevingsplan [*] opnemen. Dit kan een strengere omgevingswaarde zijn dan de rijksomgevingswaarde. Hiervan zijn drie varianten: • een scherpere norm, bijvoorbeeld voor fijnstof • een resultaatsverplichting voor een rijksomgevingswaarde waar in het Bkl een inspanningsplicht voor geldt • voor de lokale omgevingswaarde geldt dezelfde getalswaarde op locaties waar de rijksomgevingswaarde niet geldt Ook aanvullende omgevingswaarde mogelijk
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
28/34
Behalve een strengere omgevingswaarde is ook een aanvullende omgevingswaarde mogelijk. Bijvoorbeeld een omgevingswaarde voor roet. Gemeenten en provincies krijgen daarmee extra ruimte om vorm te geven aan lokaal of regionaal beleid voor een gezonde leefomgeving. Voorbeeld: omgevingswaarde roet in omgevingsplan Voor roet staat in het Bkl geen omgevingswaarde. Een gemeente kan bijvoorbeeld vanuit gezondheidsperspectief een bepaald niveau stellen aan de roetconcentratie. Dit kan een gemeente doen door een lokale omgevingswaarde voor roet in het omgevingsplan op te nemen. Kortom: gemeenten krijgen met de Omgevingsvisie, het Omgevingsplan en de Omgevingsverordening krachtige instrumenten in handen om houtrookoverlast te beëindigen. Maak hier gebruik van en uw gemeente zal een prettiger gemeente worden om in te leven.
Stel een registratie- en vergunningplicht in voor het stoken van hout door huishoudens In het rapport "Beleidsverkenning aanvullende maatregelen om de emissies van particuliere houtstook te beperken"(2022) noemt Royal HaskoningDHV als mogelijke uitbreidingen van de bestaande weten regelgeving:
• een registratieplicht voor alle bestaande en nieuwe toestellen; • een verplichte periodieke keuring van alle toestellen; In hun rapport Handreiking Gezonde leefomgeving in het omgevingsplan schrijft de GGD GHOR Nederland:
4.2.9 Houtstook: omgevingsvergunning Volgens het Ministere van I en W (2020) kan de gemeente een vergunningplicht instellen voor de activiteit ‘het stoken van hout door huishoudens’ of een specifieke deelactiviteit. Dit is dan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Daarbij moet de gemeente beoordelingsregels opstellen. Het document waarnaar verwezen wordt, is de brief Antwoorden op vragen over tiende rapportage Nationaal Samenwerkingsprogramma Luchtkwaliteit, waarin, op 2020-02-26, minister Stientje van Veldhoven - Van der Meer antwoordt op vragen van het CDA:
Vraag 3 De PvdA-fractieleden gaan ervan uit dat de in het Akkoord opgenomen normen minimumnormen betreffen waarvan door gemeenten, provincies en Rijk naar boven kan worden afgeweken. Kunt u dit (nogmaals) bevestigen? Antwoord 3 en 4 [...] Het stelsel Omgevingswet biedt een aantal mogelijkheden voor decentrale overheden om een afwijkende of een aanvullende omgevingswaarde voor het eigen grondgebied vast te stellen. [...] Lokale overheden kunnen onder de Omgevingswet alleen verdergaande gezondheidsambities vastleggen voor het lokaal realiseren van schonere lucht. Lokaal toestaan van vuilere lucht mag niet. Vraag 5 Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
29/34
Is het mogelijk om in de nabije toekomst bijvoorbeeld een wettelijke landelijke norm voor de uitstoot door houtstook van particulieren op te leggen naast, of aanvullend op, het Akkoord? Antwoord 5 [...] [Het is], in principe, mogelijk om lokaal eisen te stellen aan de uitstoot van houtrook (zie ook antwoord op vraag 6). Vraag 6 Kan een gemeente dergelijke dwingende normen opleggen als voorwaarde voor het afgeven van een vergunning voor de aanleg van houtgestookte kachels en haarden? Vraag 7 Geeft de nieuwe Omgevingswet gemeenten de ruimte om de aanleg van houtgestookte kachels en haarden vergunningplichtig te maken? Antwoord 6 en 7 [...] Om regels te stellen aan de uitstoot van houtrook kunnen gemeenten in een Algemene plaatselijke verordening, en straks ook onder de Omgevingswet (in het Omgevingsplan), wel immissie-eisen stellen aan het gebruik van kachels en haarden. Dit betreft eisen aan de buitenlucht, niet aan de kachel zelf. Hier dient dan een zorgvuldige afweging van belangen aan ten grondslag te liggen. Het kunnen hier regels betreffen voor een specifieke locatie, weersomstandigheden of voor een specifieke periode om overlast van houtrook tegen te gaan. De gemeente kan voor dit gebruik desgewenst ook een algemeen verbod of een verbod behoudens vergunning instellen.
Dit betekent dat een gemeente lokaal strengere regels kan vaststellen voor de luchtkwaliteit dan de landelijke wetgeving, dat een gemeente een stookverbod onder bepaalde voorwaarden kan afkondigen én dat een gemeente het stoken van hout vergunningplichtig kan maken. Of "een specifieke locatie" kan betekenen "binnen de bebouwde kom" is momenteel nog niet duidelijk, maar de brief van de minister zegt in ieder geval niet expliciet dat dit niét kan. Dit komt overeen met wat het Informatiepunt Leefomgeving schrijft op zijn webpagina Regels voor houtstook vanuit woningen:
Vergunningplicht, meldingsplicht of informatieplicht Gemeenten kunnen eventueel een vergunningplicht instellen voor de activiteit het stoken van hout door huishoudens of een specifieke deelactiviteit. Dit is dan een omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit. Daarbij moet de gemeente dan beoordelingsregels opstellen. Een meldingsplicht of een informatieplicht is een minder vergaande mogelijkheid. Via de beoordelingsregels kan een gemeente de vuilste apparaten uitbannen of, als de regels streng genoeg zijn, houtstook onmogelijk maken.
Neem in de APV een milieubelasting voor houtstokers op Wie elektriciteit en aardgas verbruikt, ziet op de factuur ook • REB (Regulerende Energie Belasting) en • ODE (Opslag Duurzame Energie) staan. De REB is (als prijsverhoging) bedoeld om het verbruik van fossiele brandstoffen minder aantrekkelijk te maken. Het geld van de ODE wordt gebruikt om de productie van duurzame energie te stimuleren (bron: Essent). Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
30/34
Op hout zit geen REB en ook geen ODE. Om een eind te maken aan deze vorm van belastingontduiking kunt u in de gemeenteraad een motie indienen om een houtstookbelasting in te voeren, analoog aan de hondenbelasting: de vervuiler betaalt. Met de inkomsten uit die belasting zou u een slooppremie voor houtkachels kunnen financieren. De bevoegdheid tot het opleggen van gemeentelijke belastingen is vastgelegd in de Gemeentewet:
Hoofdstuk XV. De gemeentelijke belastingen § 1. Algemene bepalingen Artikel 216 De raad besluit tot het invoeren, wijzigen of afschaffen van een gemeentelijke belasting door het vaststellen van een belastingverordening. Artikel 217 Een belastingverordening vermeldt, in de daartoe leidende gevallen, de belastingplichtige, het voorwerp van de belasting, het belastbare feit, de heffingsmaatstaf, het tarief, het tijdstip van ingang van de heffing, het tijdstip van beëindiging van de heffing en hetgeen overigens voor de heffing en de invordering van belang is.
Pas de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) toe In 2006 trad de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) in werking. De Wbmgp biedt gemeenten de mogelijkheid om in kwetsbare gebieden, waar de leefbaarheid en veiligheid onder druk staan, bijzondere maatregelen in te zetten, zoals het selectief toewijzen van huurwoningen. In de praktijk betekent dit dat gemeenten de leefbaarheid en veiligheid kunnen verbeteren door de instroom van huurders met een geschiedenis van overlastgevende (en/of criminele) gedragingen te beperken. In het rapport Selectieve woningtoewijzing; Landelijke evaluatie van artikel 8, 9 en 10 van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek, in 2021 geschreven in opdracht van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties, leest u alles over de Wbmgp en de ervaring van diverse gemeenten met deze wet.
Voer de Urgenda-uitspraak uit Op 24 juni 2015 oordeelde de rechtbank Den Haag in de door de stichting Urgenda tegen de Staat aangespannen bodemprocedure dat
de Staat meer moet doen om de uitstoot van broeikasgassen in Nederland te verminderen. De Staat moet ervoor zorgen dat de uitstoot in Nederland in 2020 ten minste 25% lager is dan in 1990. Tevens oordeelde de rechtbank:
De Staat moet meer doen om het dreigende gevaar veroorzaakt door de klimaatverandering te keren, gegeven ook zijn zorgplicht voor de bescherming en verbetering van het leefmilieu.
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
31/34
Omdat de Staat zich niet aan deze uitspraak stoorde, spande Urgenda in 2018 opnieuw een rechtszaak aan en in deze zaak bekrachtigde de rechtbank Den Haag (in zijn uitspraak van 9 oktober 2018) de uitspraak van 24 juni 2015. Dit betekent dat de Staat er echt niet onderuit kan om de uitstoot van broeikasgassen sterk te verminderen. “De Staat”, dat is niet alleen de regering in Den Haag, dat is ook elke provincie en dat is ook elke gemeente. Dus ook voor elke gemeente geldt dat die meer moet doen om de uitstoot van broeikasgassen in Nederland te verminderen en ervoor zorg moet dragen dat de uitstoot in Nederland in 2020 ten minste 25% lager is dan in 1990. En ook voor elke gemeente geldt dat hij een zorgplicht heeft tegenover zijn inwoners en dat hij het leefmilieu moet beschermen en verbeteren. Een heel gemakkelijke manier om aan deze verplichtingen te voldoen, is: een einde maken aan houtstook: • leg inwoners die door het verbranden van hout overlast/hinder veroorzaken een stookverbod op; • voer een slooppremie in voor houtkachels; • maak uw gemeente houtstookvrij. Hierdoor valt de door houtverbranding veroorzaakte CO2-uitstoot weg. Alternatieve verwarmingsvormen stoten voor dezelfde hoeveelheid warmte minder CO2 uit dan houtstook.
Zonne- en windenergie en aardwarmte stoten geen CO2 uit (alleen bij de bouw van de installaties komt CO2 vrij), maar zelfs elektriciteit die opgewekt is in een kolencentrale stoot voor 1 kWh 15% minder CO2 uit dan een houtcentrale (bron: Trouw: Waarom biomassa een grotere klimaatkiller is dan steenkool). U kunt dus een motie indienen dat uw gemeente de Urgenda-uitspraak uitvoert en actief de CO2uitstoot verlaagt door een eind te maken aan houtstook.
Profiteer van het werk van uw partijgenoten - en andersom Bent u een lokale afdeling van een landelijke partij? Profiteer dan van het werk van uw partijgenoten! Vraag aan het hoofdkantoor of ergens anders al eens een fractie raadsvragen over houtstook gesteld heeft of een motie ingediend heeft. Als dat zo is: neem die vragen/motie over. En neem contact op met die afdeling om samen na te denken over volgende stappen. Dit geldt ook voor de twee andere bestuurslagen die we in Nederland hebben: ga na of er door uw partij in Provinciale Staten of in de Tweede Kamer al eens aandacht besteed is aan het probleem. En dit werkt ook andersom: als u met raadsvragen of een motie succes boekt, laat uw partijgenoten elders daar dan van profiteren: geef de vragen en de motie via het landelijk hoofdkantoor door aan al uw plaatselijke collega's.
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
32/34
Overzicht van de belangrijkste updates van dit document: 2024-02-12 2024-02-10 2024-01-20 2023-10-04 2023-07-25 2023-05-12 2023-05-08
2023-03-28 2023-03-16 2022-07-26 2022-07-21 2022-07-14
2022-05-25 2022-05-24 2022-04-03
2022-03-28
2022-02-25 2022-02-23 2022-02-21
Aan “Handhaaf de bestaande wetgeving” toegevoegd: “Breng de stoker in contact met het Tijdelijk Noodfonds Energie” en “Breng de stoker in contact met Geldfit”. Aan “Handhaaf de bestaande wetgeving” toegevoegd: “Breng de stoker in contact met Schuldhulpverlening”. Onder “Neem in de APV een criterium (norm) op voor hinder/overlast” drie suggesties voor criteria/normen toegevoegd. “Verbiedt open vuur (o.a. vuurkorven) in de tuin” toegevoegd. “Het effect van voorliching aan stokers is beperkt” toegevoegd, inclusief de tip om voorafgaand aan een voorlichtingscampagne een nulmeting uit te voeren. “Subsidieer de aanschaf van LED-haarden” toegevoegd. “Ga via het Interventiekompas in gesprek met stokers” toegevoegd. Onder “De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op” de definitieve datum van inwerkingtreding van de Omgevingswet toegevoegd. Onder “Sluit uw gemeente aan bij het Schone Lucht Akkoord” de projecten toegevoegd die in 2021 en 2022 subsidie ontvingen. Onder “Slooppremie voor houtkachels” toegevoegd dat er een landelijke subsidie komt op het verwijderen van het rookkanaal. Onder “Handhaaf de bestaande wetgeving” toegevoegd dat de gemeente de stoker een waarschuwende brief kan sturen. Op diverse plaatsen citaten uit het rapport "Beleidsverkenning aanvullende maatregelen om de emissies van particuliere houtstook te beperken" (Royal HaskoningDHV) toegevoegd.
Onder "Stel raadsvragen" voorbeeldvragen toegevoegd. Onder "Slooppremie voor houtkachels" de motie uit Utrecht toegevoegd die voorkomt dat de ene houtkachel vervangen wordt door de andere. Onder "Slooppremie voor houtkachels" informatie toegevoegd over de tegenvallende effectiviteit van filters en katalysatoren (uit het rapport van Buro Blauw). Onder "Geef voorlichting aan gedupeerden" informatie toegevoegd over de tegenvallende effectiviteit van voorlichting aan stokers (uit het rapport van Buro Blauw en uit een Australisch onderzoek). Onder "Slooppremie voor houtkachels" het voorbeeld uit Noordwijk toegevoegd. Onder "Slooppremie voor houtkachels" de motie uit Almelo toegevoegd. Onder "Slooppremie voor houtkachels" het voorbeeld uit Utrecht toegevoegd. Onder "Slooppremie voor houtkachels" het voorbeeld uit Nijmegen toegevoegd. Onder "De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op" informatie uit het afstudeeronderzoek Houtstook in de omgevingswet; biedt de Omgevingswet nieuwe mogelijkheden in de aanpak van houtstook overlast? (2022) van N.J. Aalberts toegevoegd. "Wet Ruimtelijke Ordening (WRO)" toegevoegd. Onder "Stookalert = stookverbod" informatie uit het afstudeeronderzoek Houtstook in de omgevingswet; biedt de Omgevingswet nieuwe mogelijkheden in de aanpak van houtstook overlast? (2022) van N.J. Aalberts toegevoegd.
Aan "Stel een vergunningplicht in voor het stoken van hout door huishoudens" citaten uit de ministeriële brief van 2020-02-26 toegevoegd. Onder "Stookalert = stookverbod" toegevoegd dat in Amersfoort de Stookwijzer de status van tijdelijk stookverbod gekregen heeft. "Stel een vergunningplicht in voor het stoken van hout door huishoudens" toegevoegd. Onder "Stookalert = stookverbod" naast het RIVM twee andere stookalerts toegevoegd.
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
33/34
2022-01-03 2021-12-31 2021-12-29 2021-12-28 2021-12-17 2021-10-23 2021-10-22 2021-10-14 2021-10-08 2021-08-25 2021-07-15: 2021-07-01: 2021-05-25:
In "De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op" de aktuele geplande invoerdatum van de Omgevingswet toegevoegd. Aan "De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op" een citaat over lokale en aanvullende omgevingswaarden toegevoegd. "Stel geurregels op" toegevoegd. Aan “Roep houtrookvrije wijken uit of maak de hele gemeente houtrookvrij” een verwijzing naar de APV van Koggenland toegevoegd. "Aansluiting bij het Schone Lucht Akkoord" toegevoegd. Informatie over het automatisch doorsturen van meldingen op Stookwijzer toegevoegd. Van "Slooppremie voor houtkachels" een apart hoofdstuk gemaakt. Informatie van Marloes Jongeneel (Rijkswaterstaat) over de Omgevingswet toegevoegd aan "De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op". Citaten uit de Gemeentewet toegevoegd aan diverse hoofdstukken. Datum waarop de Omgevingswet in werking moet treden toegevoegd. "De Omgevingsvisie: maak beleid, stel regels op" toegevoegd. “Voer de Urgenda-uitspraak uit” toegevoegd. “Neem in de APV een milieubelasting voor houtstokers op” toegevoegd. In “Roep houtrookvrije wijken uit of maak de hele gemeente houtrookvrij” een verwijzing naar de APV van Venray opgenomen. “Neem in de APV een criterium op voor hinder/overlast” toegevoegd.
Wat kan een gemeenteraadsfractie doen aan het houtrookprobleem? © M.H. van Raay (Kenniscentrum Houtrookoverlast)
34/34
Document t.b.v.: B en W en raadsleden bij plan Sint Laurens raadsvergadering 3/4 juli 2024 t.a.v. de Raadsgriffier.
Onderwerp: Geplande weg naast pand Abrahamse Wilgenhoekweg 44 in plan Sint Laurens. Burgemeester en wethouder en raadsleden. 1. Afgelopen week is reeds op commissie niveau gesproken over plan Sint Laurens. 2. In dit overleg wordt door de gemeente Middelburg het probleem van de geplande weg vlak naast pand Wilgenhoekweg 44 onderschat. Het is te smal. En het kan technisch niet. In een eerder contact met de gemeente, is het bezwaar van de ontsluitingsweg naast Wilgenhoekweg 44 al vroegtijdig besproken. 3. Voor het aanleggen van deze geplande verbindingsweg of ontsluitingsweg is de kans op (geotechnische) schade aan mijn woning “Wilgenhoekweg 44” op slechts enkele meters van mijn woning bijzonder groot; t.g.v.; ….. Ontgravingen van de bovenlaag en eventuele veenlagen. ….. Trillingen t.g.v. de graafwerkzaamheden en het verdichten van de grond. ….. Inklinken van de veenlagen t.g.v. graafwerkzaamheden en ontwatering. ….. Uitdrogen en inklinken van de bestaande veen- en kleilagen in de droge periode. ….. Veen oxidatie. ….. Zettingen(!) t.g.v. de ophogingen cq. voorbelasting. ….. Verlagen van de grondwaterstand: “dit is desastreus”. ….. Ook eventuele tijdelijke verlaging is desastreus voor mijn woning. ….. Kans op het opbarsten van de grond t.g.v. ontgravingen van sleuven en sloten. ….. Het zogenaamde waterbed effect t.g.v. belastingen en verzwaringen.
Zettingen kunnen ook optreden op langere termijn. De woning “Wilgenhoekweg 44” ligt ca. 800mm. à 1.000mm. lager dan de Wilgenhoekweg. De kruin van de geplande weg kan niet hoger komen dan het peil van de woning i.v.m. de te verwachten vochtproblemen in de woning. De vraag is niet of er schade aan mijn woning “Wilgenhoekweg 44” komt. Maar hoeveel en hoe desastreus. Denk aan Schouwburg. Hetgeen onacceptabel is. 4. Mijn woning aan de Wilgenhoekweg 44 is gebouwd in de jaren 20 van de vorige eeuw en dus niet onderheid. Heeft een vrij ondiepe gemetselde fundering op staal. En is daarom kwetsbaar bij veranderingen en belastingen aan de oppervlakte. De aanleg van de verbindingsweg met zwaar materieel zal behalve overlast, ook directe onherstelbare schade veroorzaken aan mijn woning op Wilgenhoekweg 44. 5. Nadrukkelijk wijst ons bezwaar zich niet tegen nieuwe woningbouw. Het gaat dus om de ontsluitingsweg. De familie Abrahamse is al lang inwoner van Sint Laurens. Daarom vragen wij U rekening ook met ons te houden. Het kan anders zo worden dat we alleen verliezers krijgen. De familie Abrahamse maar ook de gemeente Middelburg die zich zal zien geconfronteerd met hoge kosten en evt. uitstel traject. 6. Het zal u duidelijk zijn dat een alleen een toezegging van begrip ( ook door vorige wethouder) niets helpt als je geen juridische kaders hebt om iets te eisen. 7.
Als het alleen gaat om een ambulance of andere hulpdiensten dan kan ook het geplande fietspad bij de Laan van Popkensburg in dit plan opgewaardeerd worden, de ruimte is er. Dan bereik je voor alle partijen een win win situatie: De gemeente, nieuwe bewoners en fam. Abrahamse.
Afzender: Fam Abrahamse, Wilgenhoekweg 44, 4333RG Sint Laurens Middelburg.
VWG ZUID· VerkeersWerkGroep Zuid Opgericht: januari 2005 Postadres: VerkeersWerkGroep Zuid Secretaris, Wim Geertse Torentrans 72, 4336 JS Middelburg Email: vwgzuid@zeelandnet.nl
Aan het college van B&W en de Raad van de Gemeente Middelburg Postbus 6000 4330 LA Middelburg Middelburg, 24-06-2024 Geachte mevrouw/mijnheer, Tijdens de druk bezochte Wijkontmoetingsavond op 12 juni jl. in de wijk Zuid, kregen wij veel bewoners rondom onze tafel. Ook de watergang aan de Beiaard/Spinhuisweg kwam op tafel. Bij het bruggetje aan de Beiaard is het hekwerk weggehaald. Dit is nu een gevaarlijke situatie. Zie foto. Kan het hekwerk niet teruggeplaatst worden? Als VerkeersWerkGroepZuid hebben wij dit al eerder aangekaart en helaas plaatst de gemeente geen hekwerk.
Als VerkeersWerkGroep vinden wij het een hele verbetering, alleen zien wij ook liever een hekwerk terug. De helling naast de stoep gaat steil naar beneden. Verkeersveiligheid staat bij ons voorop! Uw reactie zien wij graag tegemoet. Met vriendelijke groet, namens de VerkeersWerkGroep- Zuid, Johan Abrahamse, voorzitter Wim Geertse, secretaris
VerkeersWerkGroep Zuid
VWG ZUID· VerkeersWerkGroep Zuid Opgericht: januari 2005 Postadres: VerkeersWerkGroep Zuid Secretaris, Wim Geertse Torentrans 72, 4336 JS Middelburg Email: vwgzuid@zeelandnet.nl
Aan het college van B&W en de Raad van de Gemeente Middelburg Postbus 6000 4330 LA Middelburg
Middelburg, 24-06-2024
Geachte mevrouw/mijnheer, Tijdens de druk bezochte Wijkontmoetingsavond op 12 juni jl. in de wijk Zuid, kregen wij veel bewoners rondom onze tafel. Eén punt willen wij graag naar voren halen, zodat er gelijk tot actie overgegaan kan worden: Waarom kan de keerlus in Keurhove niet worden weggehaald en daarvoor in de plaats parkeervakken worden aangelegd? Dit hebben wij als VerkeersWerkGroep- Zuid al eerder aangekaart tijdens onze vergadering waar Verkeersdeskundigen van de gemeente zitting hebben. Hierop kregen wij te horen dat er geen geld was om dit te realiseren. Dat kan. Maar het ergste is nu, als de bewoners aan de kant parkeren bij het gras, dan bekeuren de Boa’s deze auto’s. Dit is bij meerdere bewoners gebeurd! Wij weten dat in onze wijk, veel parkeerproblemen zijn, maar dit vinden wij niet kunnen. Daarom vragen wij u om zo spoedig mogelijk deze keerlus weg te halen en netjes een achttal parkeerplaatsen daar aan te leggen. Ook gaven bewoners aan dat er op het grasveld speeltoestellen zijn weggehaald en daarvoor niets in de plaats is teruggekomen. Een vreemde manier van werken van de gemeente. Iets weghalen en daarvoor niets terugplaatsen. Zelf heeft ondergetekende (Wim) toen hij nog in de wijkvereniging-Zuid zat, het project “Aanpak Hoven” mede opgezet. De vier hoven zijn toen door de gemeente allemaal aangepakt.
De bewoners konden toen mee beslissen wat ze in hun hoven wilde hebben of wilden verbeteren. Dit hoorde toen bij het project “Hart van Zuid”. Het is dus heel vreemd dat er niet iets is teruggeplaatst en ook niets is gecommuniceerd met de omliggende bewoners. Graag zien wij hiervoor een oplossing, zodat de kinderen daar weer behoorlijk kunnen spelen. Uw reactie zien wij graag tegemoet.
Met vriendelijke groet, namens de VerkeersWerkGroep- Zuid, Johan Abrahamse, voorzitter Wim Geertse, secretaris
VerkeersWerkGroep Zuid
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
https://clintel.nl/wp-content/uploads/2024/06/BdL-NL-v3.pdf
Clintel-oprichter prof. Guus Berkhout en oud-politicus prof. Kees de Lange geven in een nieuw essay aan dat er geen enkele reden is om door te gaan met Net Zero-beleid. Er is geen klimaatcrisis. Een nieuw kabinet moet daarom stoppen met de angstverhalen over klimaatrampen en nieuwe keuzen maken in energiebeleid. Met grote belangstelling heb ik kennis genomen van dit bovengenoemde essay. Ik kan het van harte aanbevelen! Met vele uitspraken kan ik het volledig eens zijn! Ik noem u: ●1. Het aardse klimaatgedrag is zeer moeilijk in modellen te vangen; ●2. De belangrijkste broeikasgassen op onze waterplaneet zijn vooral waterdamp en in mindere mate CO2; ●3. Het is een angstverhaal dat de menselijke bijdrage aan CO2 uitstoot door het gebruik van fossiele brandstoffen een fundamentele bedreiging vormt voor het voortbestaan van de mensheid; ●4. Het uitgangspunt dat de menselijke bijdrage aan de CO2 productie het recept voor een toekomstige klimaatramp zou zijn, wordt niet ondersteund door waarnemingen; ●5. Uit het geologisch archief blijkt dat er geen correlatie en daarmee geen causaal verband bestaat tussen CO2 en temperatuur; ●6. Uit studies van ijskernen blijkt dat opwarming vóóraf gaat aan toename van het atmosferische CO2 gehalte; ●7. Door de foute conclusies van klimaatmodellen over de rol van CO2, zijn fossiele brandstoffen in de verdomhoek geplaatst; Pagina 1 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
●8. Een nieuw kabinet moet stoppen met de angstverhalen over klimaatrampen en nieuwe keuzen maken in energiebeleid; ●9. Er is geen klimaatcrisis. Mijn ervaring over de afgelopen jaren is, dat klimaatalarmisten niet of nauwelijks reageren op ingebrachte alternatieve argumenten, terwijl elke wetenschapper open zou moeten staan voor reacties en commentaren en ook dat erop gereageerd wordt. Dezelfde ervaring is opgedaan met overheidsinstanties. Al jaar en dag stuur ik de artikelen naar: Alle parlementsleden, Alle leden van alle Provinciale Staten, Alle Nederlandse gemeenten. Zelden of nooit is er sprake van een reactie. Op 1 september 2019 is de Klimaatwet in werking getreden. De uitvoerende macht heeft als taak dat de wetten - uitgevaardigd door de wetgevende macht - worden toegepast en nageleefd. In Nederland wordt de uitvoerende macht onder andere bekleed door: Nationaal niveau: de regering, Provinciaal niveau: Gedeputeerde Staten (met de commissaris van de Koning als voorzitter), Gemeentelijk niveau: college van burgemeester en wethouders, Waterschap: college van dijkgraaf en heemraden. Wellicht is het hun taakomschrijving die hen het zwijgen oplegt. Respect voor deze ambtsdragers, die dikwijls tegen beter weten in, de huidige klimaatwet moeten toepassen en naleven.
Dit zijn intelligente mensen die het moeilijk hebben om andere overtuigende alternatieve opvattingen, zoals deze in dit artikel beschreven staan, te negeren. Van de andere kant zijn er ook ambtenaren, die bezwaren zien in een afbuiging naar rechts, aldus de Telegraaf in haar artikel van 11 juni 2024: “Rijksambtenaren vrezen beleid van rechts kabinet te moeten uitvoeren” Het kan nog een feest worden! De moderne mens is bijzonder kritisch als het gaat om wetten die hen worden voorgeschreven. De Nederlandse klimaatwet, afgeleid van Green Deal en het IPCC is ontstaan vanuit de opvatting: Emissie van CO2 is de oorzaak van de aardse opwarming. Deze Nederlandse wet is tot stand gekomen met louter de inbreng van klimaatalarmisten (op initiatief van Ed Nijpels !) Wetenschappers met een andere opvatting (sceptici) over de minimale rol Pagina 2 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
van CO2 zijn toen volledig genegeerd. Op 9 mei 2023 kwam Clintel met de volgende verklaring: “We moeten concluderen dat het IPCC er niet in geslaagd is om op evenwichtige wijze de wetenschappelijke literatuur van de afgelopen jaren te beoordelen: een dergelijk blind vertrouwen in het IPCC is totaal niet gerechtvaardigd”. De geschiedenis herhaalt zich: De huidige klimaatwetgeving is te vergelijken met de oude kerkelijke wet, dat de Zon en de andere planeten om de Aarde draaiden en dat de Aarde het middelpunt was. Het was Galileo Galilei (1564-1642), die door zijn onderzoek tot de conclusie was gekomen dat de Aarde met alle andere planeten om de Zon draaien en dus dat de Zon het middelpunt van het toen bekende Universum was. In 1616 wordt hij door de Inquisitie veroordeeld voor ketterij en geloofsdwaling. Hij wordt gedwongen afstand te doen van zijn ontdekkingen en hij mag zijn theorie niet meer propageren. (Opmerking: Dit is te vergelijken met wat sommigen willen afdwingen voor afwijkende opvattingen over de oorzaak van de aardse opwarming).
Pas in oktober 1992 sprak paus Johannes Pauls II een excuus uit, waarmee Galilei ‘s naam werd gezuiverd en Galilei erkend werd als gelovig mens. Het is te hopen dat een aanpassing van de huidige alarmistische opvattingen sneller verloopt dan de oplossing van het astronomische meningsverschil van destijds. De uitspraak: Er is geen klimaatcrisis. Het woord “crisis” is gelukkig niet van toepassing, maar er is natuurlijk wel iets aan de hand met het weer: het weer verandert en dat is zeker het geval in de afgelopen en huidige eeuw! Gezien de lange periode van weersveranderingen zijn er dus duidelijk tekenen van een klimaatverandering. Wellicht zou beter passen: “er is sprake van een weers- en klimaatverandering” In de afgelopen jaren is er bij mij een steeds duidelijker beeld ontstaan over de opwarming en de klimaatverandering van de Aarde. Het is vooral de warmte van het oceaanwater, die de voornaamste oorzaak is van de verandering van het weer en over een langere periode (gemiddelde over 30 jaar) van een verandering van het klimaat. De Warme Golfstroom en de wind zorgen voor het warmtetransport naar elders.
Pagina 3 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
Mijn (aanvullende) reacties/commentaar op het essay.
● Het IPCC en praktisch alle weersinstituten maken voor hun toekomstige klimaatvoorspellingen gebruik van klimaatmodellen. De toestand van het klimaat wordt in een klimaatmodel vastgelegd door de hele atmosfeer in kleine blokjes op te delen. Voor de computerberekening wordt op verschillende hoogten in de atmosfeer een netwerk van lijnen ingetekend. Op de snijpunten (gridpunten of roosterpunten) worden aan de hand van waarnemingen, de waarden van een aantal meteorologische grootheden berekend. Voor ieder gridpunt wordt een waarde voor bijvoorbeeld de temperatuur, windsnelheid, hoeveelheid waterdamp, bewolking, luchtdruk, neerslag, stand van de Zon en de hoeveelheid aan broeikasgassen toegekend. Door de natuurwetten toe te passen rekent het model uit hoe in elk gridpunt de waardes veranderen en wordt steeds een nieuwe toestand uitgerekend voor een tijdstap later. Zo ontstaan in alle gridpunten over de hele wereld overzichten in de tijd de zgn. tijdreeksen. Deze tijdsreeksen worden vervolgens gebruikt om scenario’s (toekomstige voorspellingen) te maken. Als we nu kijken naar onderstaande afbeelding 1 dan is het klimaat afhankelijk van 40 factoren, terwijl de instituten “slechts” gebruik maken van 8 factoren.
limaatmodellen met varia elen
Hallo waarzegster: Er zijn
varia elen
Afbeelding 1 Met het weglaten van allerlei kapsones zullen we moeten toegeven, dat wij niet over voldoende kennis en deskundigheid beschikken om de regie over de klimaatknoppen te kunnen voeren. Pagina 4 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
In bovenstaande tabel zijn er vele verschillende factoren genoemd waarvan het onmogelijk is om deze te voorspellen (bijvoorbeeld: wolkenformaties, oceaantemperaturen, vulkanisme, fijnstof, etc.) en ook hoe deze wel of niet van invloed zullen zijn. Em. prof. dr. William Happer (Natuurkunde Princeton University) zegt dan ook terecht: “Het klimaat is het meest complexe verschijnsel op onze Aarde. Klimaatmodellen werken niet – in het verleden niet en zeker ook niet in de toekomst”. Klimaatmodellen zijn niet geschikt voor het voorspellen van een toekomstig klimaat over 25 of 75 jaar zoals nu is gebeurd. Er worden op grond van deze “berekeningen” maatregelen genomen, welke enorm kostbaar en niet werkend zijn. Stop dus met windmolens en hou het gas er voorlopig op en zeker geen CO2 onder de grond stoppen. CO2 is planten- en bomenvoedsel! Natuurlijke oorzaken van de opwarming van de Aarde. ● De belangrijkste levering van calorieën, welke verantwoordelijk zijn voor de algehele opwarming van de Aarde is voor het merendeel afkomstig uit de oceanen: ◊ Water beslaat voor +/- 75 % het aardoppervlak met een diepte van gemiddeld 4 km. Dat betekent dat er dus aardig wat warmte in opgeslagen kan worden. Water is in staat om veel meer warmte op te nemen dan lucht. De natuurkunde kent hiervoor het onderwerp: warmtecapaciteit of soortelijke warmte (sw).
De sw van water is: 4186 Joule/kg per graad Celsius. Dat betekent dat er om 1kg water 1⁰ C in temperatuur te doen stijgen er 4186 Joule aan warmte toevoer nodig is. De sw van lucht is 710 J/kg per ⁰C. Als 1 kg water 1⁰C afkoelt dan is de warmte die daar bij vrijkomt in staat om 6 kg lucht 1⁰C op te warmen. U begrijpt nu ook dat een kruik in bed gevuld moet zijn met warm water en niet met warme lucht. Voor de kust van Florida zijn onlangs temperaturen van 38⁰C gemeten! Alle oceanen tezamen bevatten 1 332 000 000 000 000 000 000
liter water. ◊ Meer warmte door een grotere zonactiviteit. Zie afbeelding 2. Het aantal zonnevlekken is een maat voor de zonneactiviteit; Pagina 5 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
Afbeelding 2 ◊ Door meer zonlicht ten gevolge van minder vervuiling van de atmosfeer; ◊ Warmte door de uitbarsting van onderzeese vulkanen. De MID-Atlantische Rug is een scheur in de zeebodem en heeft een totale lengte van 15.000 km. De Ring of Fire maakt deel hiervan. Het is een spleet van zuid naar noord, welke bij IJsland boven de zeespiegel uitsteekt. Deze spleet wordt steeds breder en bevat een groot aantal actieve vulkanen, die hun lava in zee spuiten en daarmee het zeewater flink kunnen opwarmen. Zie afbeelding 3. Er zijn op de zeebodem nabij een onderzeese vulkaan watertemperaturen gemeten van 400 ⁰C. Ongeveer 80% van de vulkaanuitbarstingen zijn afkomstig van onderzeese vulkanen. Over de frequentie van uitbarstingen van deze onderzeese vulkanen is weinig bekend.
Afbeelding 3 Pagina 6 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
◊ Vulkaanuitbarstingen op het land. De mens is niet in staat om vulkaanuitbarstingen te voorkomen. ◊ Door de invloed van het EL NIŇO-effect.
Afbeelding 4
Rood is warmer dan geel, groen en blauw.
Een verandering in lucht- en oceaanstromen welke onverwacht en onregelmatig voorkomen. Zie afbeelding 4. Normaal: oosten wind van Z. Amerika naar Australië, waardoor koeler water in Z. Amerika aan de oppervlakte komt. Bij een EL NIŇO is er sprake van een westen wind, waardoor warm water naar de Amerikaanse kust wordt gedreven. Het verschil in temperatuur kan wel 4 ⁰C zijn, waardoor de temperatuur van het oceaanwater tot 31 ⁰C kan oplopen. Bij LA NIÑA gebeurt het omgekeerde en is de warme (rode) strook veranderd in een koudere strook. ◊ Door een mindere snelheid (20 à 30%) van de Warme Golfstroom,
waardoor het oceaanwater langer in de tropen verblijft en dus warmer wordt. ◊ Door de invloed van kosmische straling. Kosmische straling, die de aardatmosfeer bombardeert, produceren aerosolen. Aerosolen vormen condensatiekernen waar omheen zich waterdruppeltjes vormen en vervolgens in grote getalen laaghangende wolken vormen. Er lijkt een duidelijk verband te zijn tussen de wereldwijde laaghangende Pagina 7 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
bewolking en inkomende kosmische straling: hoe minder kosmische straling hoe minder laaghangende wolken en hoe meer zonnewarmte de Aarde kan ereiken Bijna één keer per week werden er door Spaceweather.com en de studenten van Earth to Sky Calculus ruimteweerballonnen naar de stratosfeer boven Californië opgelaten. Deze ballonnen zijn uitgerust met sensoren die kosmische straling detecteren, die helemaal tot aan het aardoppervlak doordringen. Het monitoringprogramma heeft 7 jaar onafgebroken plaats gevonden en dat heeft geresulteerd in een unieke dataset van metingen. De atmosferische straling neemt af in 2022. De laatste metingen in juli 2022 registreerden een dieptepunt in de hoeveelheid kosmische straling over de afgelopen zes jaar. Zie onderstaande afbeelding 5.
Afbeelding 5 En nu met het verschijnsel dat er sprake is van een vermindering van kosmische straling en dus minder wolkenvorming zal er nog meer warmte van de Zon door onze atmosfeer heenkomen en daarmee wordt het aardoppervlak en het oceaanwater dus nog sterker opgewarmd! Gevolg: Aardoppervlak: meer warmtetoevoer – hogere temperaturen. Oceaanwater: meer verdamping – meer en heftigere regenbuien.
Pagina 8 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
◊ Door de invloed van straalstromen op hittegolven. Een straalstroom is een zeer sterke wind die in de regel op 9 à 10 kilometer hoogte waait. Weerkundigen spreken van een straalstroom als de wind op die hoogte een snelheid heeft van meer dan 100 kilometer per uur (windkracht 11 of meer). Regelmatig worden hogere windsnelheden bereikt van meer dan 350 kilometer per uur. De straalstroom is gemiddeld enkele duizenden kilometers lang, enkele honderden kilometers breed en slechts een paar kilometer dik. Het is dus een zeer langgerekte maar smalle band met hoge windsnelheden, die door de atmosfeer kronkelt als een rivier in het landschap. De straalstroom ontstaat door het verschil in temperatuur op de noordpool en de evenaar. Zie afbeelding 6.
Afbeelding 6 De straalstromen boven Europa en Azië zijn aan het veranderen. Periodes waarin de straalstroom zich in tweeën splitst en zo een dubbele straalstroom vormt, worden langer. Er bestaan drie soorten van straalstromen zijn, waarvan de dubbele straalstroom er één is. Het aantal keren per jaar dat een dubbele straalstroom voorkomt is niet echt veranderd, maar ze duren nu wel een stuk langer. Deze toename zorgt er voor, samen met de algehele temperatuurstijging door klimaatverandering, dat er intensere hittegolven ontstaan en dat dit ongeveer 30 procent van de hittegolftrends in heel Europa verklaart. De toenemende aanhoudendheid van dubbele straalstromen is vooral relevant voor West-Europa. “Als we echter alleen naar het westelijke deel van Europa kijken, verklaart het bijna 100 procent,” zegt Efi Rousi van het Potsdam Institut für Klimafolgenforschung. “Dit in tegenstelling tot andere Europese regio’s zoals het Middellandse Zeegebied en Oost-Europa, waar uitdroging van de grond waarschijnlijk belangrijker is voor het ontstaan van langdurige hittegolven”. Pagina 9 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
◊ Door de invloed van de windrichting. De Utrechtse student wiskunde en informatica Jippe Hoogeveen heeft samen met zijn vader Han een artikel geschreven over atmosferische circulatie en de rol van CO2 als opwarmingsfactor. Hun conclusie: de gevonden waarden wijzen er sterk op dat de recente opwarming in Nederland vooral wordt veroorzaakt door een verschuiving van de luchtstroming (zuid en zuidwesten winden) veel meer warmte naar het noorden wordt getransporteerd en dat de invloed van CO2 zeer klein is.
Jippe en Dr. Han Hoogeveen Het zal u duidelijk zijn dat de mens op alle bovengenoemde oorzaken geen invloed heeft. Menselijke oorzaken van de opwarming van de Aarde. ● Anders is dit met de opwarming van landoppervlak, waar de mens wel een rol speelt bij de opwarming. Corrigerende maatregelen zijn hier van levensbelang! Te denken valt aan: ◊ Stoppen met het grootschalig illegaal kappen van bossen. Het groene bladerdek zorgt voor veel meer reflectie van zonlicht dan de zwarte aarde. Strenge controle op de herkomst van houtsnippers als brandstof. Takken OK, maar geen bomen hiervoor kappen! Het verbranden van hout geeft meer luchtvervuiling dan het verstoken van kolen in een moderne kolencentrale. Zie afbeelding 7.
Afbeelding 7 Pagina 10 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
◊ Donkere kleuren van wegen en gebouwen omzetten in lichte kleuren; ◊ Tegengaan van files. Stilstaand verkeer veroorzaakt extra warmteontwikkeling en brandstofverbruik. Toen ik als 25-jarige aan een baan begon was het de normaalste zaak, dat je ging wonen daar waar je werk was. Ik ben dus meerdere malen om deze reden verhuisd. De overheid zou door financiële maatregelen een verhuizing en dus minder verkeerdrukte aantrekkelijk kunnen maken. ◊ Overbevolking: speelt zeker een rol, maar ligt moeilijk qua beperking. In onderstaande afbeelding 8 is de verwachte bevolkingsgroei tot 2050 aangegeven. De bevolking is dan met 1 miljard toegenomen. De verstedelijking en uitbreiding van infrastructuur neemt nog verder toe en dat betekent dat er nog meer warmte vrijkomt. Het is nu zo, dat 1/6 van de wereldbevolking honger lijdt. Om de 6 seconden sterft er een kind aan ondervoeding! De toekomstige bevolkingsgroei zal voornamelijk in deze groep van mensen plaatsvinden. Deze mensen willen graag naar een levensstijl zoals wij die kennen, maar dat betekent dat er in totaal 3 aardbollen nodig zijn om dit te bereiken. Wie de oplossing weet mag het zeggen!
Afbeelding 8 ◊ Bosbranden. Bosbranden kunnen ontstaan door blikseminslag of door opzet. Door wind verplaatst het vuur zich enorm snel en de brandweer is dikwijls pas ter plaatse als het vuur al niet meer te stuiten is. Brandweer Nederland geeft ons de volgende algemene richtlijnen: Voorkom brand: Plaats BBQ, vuurkorf, gastank, composthoop (i.v.m. broei) op een brandveilige plek. Pagina 11 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
Houd altijd blusmiddelen bij de hand, bijvoorbeeld een blusdeken, tuinslang, brandblusser of in ieder geval een emmer water. Gooi gedoofde sigarettenpeuken, tuinafval en glas in een gesloten prullenbak of neem het mee. Parkeer niet in hoog gras, de katalysator van de auto wordt erg heet. Houd er rekening mee dat je niet overal in de natuur goed bereik hebt met je mobiele telefoon. Terreineigenaren, natuurbeheerders en hulpdiensten zijn in een periode van grote droogte extra alert, maar vragen ook uw medewerking om de gevolgen van natuurbrand te voorkomen of te beperken. CO2 is niet de veroorzaker van het opwarmen van het oceaanwater: ● Het is een zware misvatting, dat CO2 de veroorzaker is van het opwarmen van het oceaanwater: De golflengtes, die door het broeikasgas CO2 worden uitgestraald hebben geen of nauwelijks invloed op de opwarming van water, omdat deze golflengtes slechts een fractie van één mm in het water doordringen. Er vindt wel opwarming van een minimale bovenlaag plaats, maar dat heeft nauwelijks effect op het totale waterpakket. Het is met name het zonlicht, dat met een doordringingsvermogen van 700m de opwarming van het water veroorzaakt.
Klimaatsceptici ontkennen niet dat CO2 een broeikasgas is, maar zijn wel van mening dat de bijdrage van CO2 slechts gering is, namelijk +/- 0,4⁰C op de totale opwarming van 1,34⁰C en dat de rol van CO2 boven een atmosferisch gehalte van 280 ppm (0,028%) vrijwel uitgespeeld is en dat dus de aanvullende acties om de menselijke emissie van CO2 tegen te gaan, door een onhaalbare en overhaaste energietransmissie door te voeren, de doodsteek is of gaat worden van ons economisch welzijn. In dit licht bezien is het afvangen en ondergronds opslaan van CO2 een grote en kostbare miskleun! Als je dit alles zo leest dan wordt het menselijk bestaan zwaar op de proef gesteld. Maar er is hoop: Het aardse verleden kent periodes van grote klimaatveranderingen en er is geen enkele reden om aan te nemen dat dit in het heden en in de toekomst zal veranderen. In onderstaande grafiek (afbeelding 9) een beeld van het aardse temperatuurverloop over de afgelopen 500 miljoen jaar: Pagina 12 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
Diverse geologische proxies. Afbeelding 9 [Een proxy is in de aardwetenschappen een meetbare grootheid die gebruikt kan worden om andere, niet direct meetbare, grootheden uit het geologische verleden te reconstrueren]
Al ver voordat de mens op Aarde verscheen is er tussen 500 miljoen en 80 miljoen jaar geleden sprake geweest van enorme temperatuur verschillen van wel 18⁰ C: De Aarde heeft voor hetere vuren gestaan zonder dat de mens hier deel aan heeft gehad! Vanaf 50 miljoen jaar geleden tot 1 miljoen jaar geleden heeft er een geleidelijke afkoeling van zo’n 16⁰ C plaats gevonden. In het pleistoceen (2,6 miljoen tot 10.000 jaar geleden) vertoonde de gemiddelde temperatuur vanaf 400.000 jaar tot 20.000 jaar geleden forse pieken en dalen. De mens heeft daar part noch deel aan gehad. Vanaf 20.000 jaar tot 11.000 geleden, toen de Aarde nog grotendeels bedekt was met ijskappen, heeft er een opwarming plaats gevonden van 5⁰ C met sterke temperatuurwisselingen op Groenland. Maar ook hier was er geen sprake van menselijke invloed. In het holoceen is er vanaf 11.000 jaar geleden tot 1920 weinig sprake geweest van opwarming. De volgende oude notities zijn teruggevonden: Er was toen geen of nauwelijks uitstoot van CO2 en toch forse klimaatveranderingen.
1132: De Rijn was uitgedroogd; 1152: De hitte was enorm: in het zand konden eieren gekookt worden; 1303 en 1304: Men kon lopend de Seine, de Loire, de Rijn en de Donau oversteken; 1536: grote droogte over geheel Europa; 1615 en 1616: hittegolven in Frankrijk, Italië en Nederland; 1718: geen regen van april tot oktober; 1723,1724, 1746, 1748,1754,1760, 1767, 1778 en 1788: intense hitte; 1835: De Seine stond droog.
Pagina 13 van 14
Ap J.H.G. Cloosterman
10 Juni 2024
In bovengenoemde jaren was er nog geen sprake van een industriële revolutie en dus ook geen enorme menselijke uitstoot van CO2.
Klimaatverandering is de aardse norm. Er is al sprake van veranderingen, die de opwarming tegen gaan: ◊ Astronome Professor Valentina Zharkova verwacht afkoeling:
Cum laude afgestudeerd in Toegepaste Wiskunde aan de Nationale Universiteit van Kiev (1975); promoveerde in astrofysica 'Radiative transfer of solar protuberansen' aan het Main Astronomical Observatory, Kiev (1984). https://www.northumbria.ac.uk/about-us/our-staff/z/valentina-zharkova/
Tijdens een interview in 2019 verklaarde prof. dr. Valentina Zharkova (toegepaste wiskunde en astrofysica) dat zij al vanaf 2015 signalen ziet, die duiden op de aanloop naar een “groot zonneminimum”. Zij voorspelt dat op het moment waarin zonnecyclus nr. 25 overgaat naar nr. 26 – het proces van afkoeling gaat beginnen, wat naast extreme kou, extreem weer, aardbevingen en vulkaanuitbarstingen ook zal leiden tot grote voedseltekorten. Zie afbeelding 2. In haar artikel: “Modern Grand Solar Minimum zal leiden tot terrestrische koeling” van 4 augustus 2020 stelt zij, dat een groot zonneminimum de temperatuur op Aarde met bijna één graad Celsius zou kunnen verlagen. De opwarming die heeft plaatsgevonden komt niet door de mens. Het IPCC begaat een fout: ze gaan ervan uit dat de zonnestraling in wezen constant is en schrijven de opwarming toe aan de verhoogde CO2concentratie in de terrestrische atmosfeer. Maar, we moeten niet vergeten dat er sprake is van een enorme warmte opslag in de oceanen en deze hoge temperatuur van het oceaanwater zal ons nog vele jaren parten spelen. Daar komt nog bij dat door de snelheidsafname van de Warme Golfstroom het water in de zuidelijke oceanen langer verblijft en daardoor nog extra zal worden opgewarmd. ◊ De World Meteorological Organization (WMO) voorspelt dat fenomeen EL NIŇO later dit jaar overslaat naar het tegengestelde LA NIŇA.
Het VN-agentschap meldt dat er een kans is van 70 procent dat dit gebeurt tussen augustus en november, maar mogelijk gebeurt het eerder. Tijdens EL NIŇO stijgt de temperatuur van het water in de Grote Oceaan rond de evenaar, terwijl het tijdens LA NIŇA juist afkoelt. Pagina 14 van 14