CConstaterende datMiddelburg
Koppel je AI →
Document · PDF

24-046 rvs Kaderstelling participatieproces realisatie AZC Cleene Hooge

Gemeenteraad 18 april 2024, gemeente MiddelburgBij agendapunt: Startnota participatie realisatie AZC Cleene Hooge (24-046 AB)4.034 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

raadsvoorstel volgnummer

18 april 2024 24-046

onderwerp

Kaderstelling participatieproces realisatie AZC Cleene Hooge

behandelen in raadscommissie

Algemeen Bestuur

portefeuillehouder

Jeroen Louws Volkshuisvesting, ruimtelijke ordening en stedelijke vernieuwing Nancy Baecke-Verstraeten N.baecke@middelburg.nl (0118) 67 52 87

datum vergadering

programma behandeld door e-mail telefoon

Conceptbesluit

De raad besluit: 1. Als doel en intentie van de participatie vast te stellen: - dat inwoners begrip hebben voor het proces en zich gehoord voelen; - gebruik maken van kennis in de wijk; - doen wat we beloven. 2. Als participatieniveau vast te stellen: - raadplegen voor het thema ‘veiligheid’; - adviseren voor het thema ‘verkeer en ontsluiting’; - raadplegen voor het thema ‘binnen het terrein van het AZC’; - coproductie voor het thema ‘buiten het terrein van het AZC’. 3. De inbreng van inwoners te laten landen: - voor het thema ‘veiligheid’ in ieder geval in de bestuursovereenkomst tussen gemeente en COA en het veiligheidsplan en zo nodig in de inrichting van het terrein (binnen of buiten het AZC); - voor het thema ‘verkeer en ontsluiting’ in het stedenbouwkundig plan en de BOPA voor het AZC; - voor het thema ‘binnen het terrein van het AZC’ in het BKP, het VO voor het AZC en de BOPA voor het AZC; - voor het thema ‘buiten het terrein van het AZC’ in de participatie die voor de zomer plaatsvindt in het stedenbouwkundig plan en de BOPA voor het AZC, voor zover het betreft wáár het groen komt. En afhankelijk van de uitkomst van het participatieproces in aanvullende kaders die verder ingaan op het onderwerp. 4. Als kernvragen van dit proces de volgende thema’s vast te stellen: -Veiligheid -Verkeer en ontsluiting -Binnen het terrein van het AZC -Buiten het terrein van het AZC 5.

Als kaders voor de participatie vast te stellen: - De onder 3.1 van de startnota beschreven algemene kaders 1-15; - De onder 3.3.1. van de startnota beschreven kaders voor ‘veiligheid’ - De onder 3.3.2. van de startnota beschreven kaders voor ‘verkeer en ontsluiting’ - De onder 3.3.3. van de startnota beschreven kaders voor ‘binnen het terrein van het AZC’ - De onder 3.3.4. van de startnota beschreven kaders voor ‘buiten het terrein van het AZC’.

1

6. De volgende inwoners, maatschappelijke organisaties, bedrijven en andere belanghebbenden te betrekken: Wijkbreed of Middelburg breed uitnodigen, inwoners, ondernemers en scholen in de wijk, direct aanwonenden van het perceel, COA, omwonenden van het huidige AZC, de wijkagent, eerdere participanten van de ontwikkelvisie, toekomstige bewoners en werknemers van het AZC en deskundigen. Dit doen we op de in startnota genoemde wijze, inclusief de openbaarheid van informatie en de wijze waarop de deelnemers hun inbreng kunnen leveren. 7. De kosten voor de begeleiding van de participatie te dekken uit de ontvangen gelden voor het huidige AZC en de huidige noodopvang, en voor het overige de kosten, te denken valt aan de eventuele inzet van externe deskundigen, te dekken uit de exploitatieopzet. 8. Op de volgende wijze te evalueren: - de raad nog voor de zomer middels een memo actief te informeren over de stand van de zaken; - in de zomer van 2024 met de participanten via een enquête te evalueren; - na afloop van elk thema te evalueren met participanten, ambtenaren, college en raad door middel van een enquête eventueel aangevuld met interviews of groepsgesprekken. 9. De startnota vast te stellen. Aanleiding

Op 14 november 2023 heeft het college de locatie voor het nieuwe AZC definitief vastgesteld op Cleene Hooge. Daarnaast is ten aanzien van de tweede fase van het participatietraject het volgende besloten: - De ontwikkelvisie als uitgangspunt te nemen voor het participatietraject - Dat de contouren van het in de ontwikkelvisie bedoelde exploitatiegebied en de zoekcirkel voor het AZC geen onderdeel uitmaken van het te doorlopen participatietraject. - Ten behoeve van de participatie over de groene inpassing, ook de partijen te betrekken die destijds betrokken waren bij de ontwikkelvisie. - Aan de gemeenteraad voor te stellen in ieder geval als thema in de participatie te betrekken: i. de ontsluiting van het AZC tijdens en na de bouw ii. de exacte locatiebepaling binnen de grote cirkel iii. de groene inpassing van 3 hectare bedoeld voor het AZC, waarbij ook de partijen die destijds betrokken waren bij de ontwikkelvisie worden benaderd. - Een concept startnota met daarin in elk geval de participatiethema’s, -kaders en -niveaus aan de raad voor te leggen ten behoeve van het startgesprek in de raad. - Deze thema’s voorafgaand aan concept startnota te toetsen bij omwonenden, belanghebbenden en het COA. - Een onafhankelijke, externe procesbegeleider in te schakelen voor de begeleiding van het participatieproces. De gemeente blijft verantwoordelijk voor het proces.

Vanaf 14 november 2023 is gestart met de voorbereidingen voor de participatie. De thema’s zijn verzameld uit bijeenkomsten, gesprekken, inspraak, amendementen, etc. en door middel van een enquête getoetst bij de inwoners. De uiteindelijke thema's zijn eerst voorgelegd aan interne deskundigen (denk aan verkeersveiligheid, openbare orde en veiligheid) en het COA en op basis daarvan is een eerste concept startnota gemaakt. Naar aanleiding van de gesprekken die zijn gevoerd door de portefeuillehouder en ambtenaren is een klankbordgroep ontstaan die meekijkt en meedenkt met het participatieproces. De klankbordgroep bestaat uit vertegenwoordigers van verschillende belangengroeperingen of omwonenden. De samenstelling van deze groep kan fluctueren, in die zin dat wanneer er een nieuwe of nog niet betrokken belangengroepering zich meldt, men desgewenst ieder moment kan deelnemen. De klankbordgroep denkt alleen mee over het participatieproces, en niet over de inhoud van de thema’s. Zowel de leden van de klankbordgroep als het college zien de klankbordgroep als een belangrijke instrument waarin zoveel mogelijk groepen uit de wijk vertegenwoordigd zijn, maar niet als vertegenwoordiging van heel de wijk op inhoudelijke punten. De inhoudelijke participatie zal daarom altijd breder uitgezet worden dan alleen onder de leden van de klankbordgroep. 2

Op 11 januari 2024 heeft het eerste startgesprek met uw raad plaatsgevonden. Op 6 februari 2024 is in de klankbordgroep de eerste concept startnota besproken. Op 20 en 22 februari 2024 hebben de volgende startgesprekken plaatsgevonden. Voor het startgesprek van 20 februari is een concept startnota aangeleverd die is voorzien van reactie van de klankbordgroep. Na 22 februari is gestart met het opmaken van de definitieve concept startnota. De startnota is op 5 maart 2024 voorlopig vastgesteld door het college. Deze voorlopig vastgestelde startnota is op 12 maart 2024 besproken met de klankbordgroep. De klankbordgroep heeft daar deels mondeling op gereageerd (m.u.v. Stichting Cleene Hooge en de Nieuwe Samenleving), maar heeft ook per belangengroepering schriftelijk gereageerd (m.u.v. Stichting Cleene Hooge en de Nieuwe Samenleving). De gemene delers uit de reacties zijn waar mogelijk verwerkt in de startnota. De reacties vindt u integraal terug in de bijlagen bij deze nota, waarbij per onderdeel is aangegeven wat met de reactie is gedaan. Effect

Met dit besluit wordt invulling gegeven aan uw opdracht om te komen tot een participatieproces voor het nieuwe AZC op Cleene Hooge conform de afspraken daarover gemaakt in de participatieverordening. Argumenten

De participatieladder geeft handvatten voor de inrichting van het proces: op basis waarvan wordt de belangenafweging gedaan en door wie? De trede op de ladder staat echter los van de manier waarop men ‘het goede gesprek’ met elkaar voert. Dit goede gesprek is in alle thema’s het uitgangspunt, ongeacht de trede die geldt. Participanten worden gehoord, kunnen ideeën aandragen en kunnen met deskundigen in gesprek over hun ideeën. De ervaring leert dat participanten teleurgesteld zijn als hun idee niet gerealiseerd wordt. Dit geldt voor elke trede, ook als vooraf duidelijk is gemaakt dat het bestuur het idee naast zich neer kan leggen. Voor de keuze van de trede is daarom gekeken hoe groot de kans is dat participanten met een eenduidig advies komen dat binnen de kaders valt. In dat geval is de kans namelijk groter dat het bestuur het advies overneemt en dus aan de verwachtingen van participanten van het participatietraject voldoet. Als de kans groot geacht wordt dat er geen eenduidig advies is dat binnen de kaders valt, is de kans groter dat participanten teleurgesteld worden en stellen we voor om voor raadplegen te gaan. Zo is voor iedereen duidelijk dat de belangenafweging bij het bestuur ligt, dat daarvoor uiteindelijk ook democratisch gekozen is. 1.

In het eerste startgesprek van uw raad heeft u met elkaar verkend wat het doel is van participatie en waarom u het belangrijk vindt. De in het dictum genoemde doelen zijn daarbij als belangrijk naar voren gekomen. 2. Voor het thema ‘veiligheid’ wordt het participatieniveau ‘raadplegen’ voorgesteld. Er is veel wet- en regelgeving op het gebied van veiligheid en in Middelburg is er door de jarenlange aanwezigheid van een AZC veel ervaring op dit gebied. Er is expertise bij de afdeling veiligheid van de gemeente, bij de politie, bij het COA en bij de omwonenden van het huidige AZC. Zij zullen ook worden geraadpleegd. Uitgangspunt is de werkwijze bij het huidige AZC, wat we daar doen of gedaan hebben, doen we nu ook. Enerzijds omdat hier positieve ervaringen mee zijn en anderzijds om gelijke behandeling tussen verschillende wijken te waarborgen. Denk aan de wijze van omgaan met klachten, afspraken met omwonenden, afspraken met politie, etc. De input uit de raadpleegsessie wordt verwerkt in een veiligheidsplan. We gebruiken daarvoor dezelfde opzet als die van het veiligheidsplan van de gemeente Goes. Voor het thema ‘verkeer en ontsluiting’ wordt het participatieniveau ‘adviseren’ voorgesteld.

Gelet op het feit dat het een technisch vraagstuk is en verkeersveiligheid voorop staat en de verwachting is dat er veel tegengestelde belangen zijn, zou de trede ‘raadplegen’ strikt genomen een logische keuze zijn. Zo houd je de belangenafweging bij het bestuur en daarmee voorkom je verdere polarisatie in de wijk. Ook voorkom je dat er geadviseerd wordt uit negatieve motivatie: men is niet zozeer voor een bepaalde ontwikkeling, maar wil vooral iets 3

tegenhouden. Dat is in dit geval ook begrijpelijk en de vraag is of je als bestuur van je inwoners mag vragen tot een eenduidig advies te komen als dat zo’n impact heeft op de eigen leefomgeving. Ondanks dat de verwachting is dat het lastig is om een scenario te vinden dat binnen de kaders valt en op draagvlak kan rekenen bij alle belanghebbenden, wordt toch de trede ‘adviseren’ voorgesteld. Dat is met name gelegen in de input van de klankbordgroep en de startgesprekken. Ondanks dat uit de reacties van de klankbordgroepleden blijkt dat niet alle standpunten van de belanghebbenden hetzelfde zijn, wil men toch graag adviseren. De trede adviseren is enkel mogelijk onder de voorwaarde dat één adviesscenario wordt opgeleverd, dat op draagvlak onder alle participanten kan rekenen. Aandachtspunt voor het bestuur is dat wanneer een bepaalde uitkomst op voorhand niet of juist wel is gewenst, het voor een goed verloop van het proces aan te raden is dit vooraf duidelijk te maken door dit expliciet mee te geven als kader. Voorgesteld wordt om wanneer het participatietraject geen eenduidig advies oplevert over te gaan op raadplegen. Voor het thema ‘binnen het terrein van het azc’ wordt het participatieniveau ‘raadplegen’ voorgesteld. Het AZC moet de functie kunnen uitoefenen waarvoor het is bedoeld.

Dit thema omvat enerzijds de vormgeving van de gebouwen van het AZC en anderzijds de vormgeving en invulling van de overige (openbare) ruimtes. De vormgeving van de gebouwen van het AZC wordt onder andere gekaderd door het (nog op te stellen) op de ontwikkelvisie gebaseerde Beeldkwaliteitsplan, het (nog op te stellen) stedenbouwkundig plan, het programma van eisen van het COA en het advies van het ARK. Dit thema is hierdoor met zoveel inhoudelijke kaders omgeven dat de trede adviseren niet passend is. De vraag is dan immers hoe een advies van de participanten zich verhoudt tot de inbreng van de (overige) deskundigen. Uiteraard zullen de wensen en ideeën als input worden meegegeven voor het Beeldkwaliteitsplan en/of aan de architect van het COA. Participanten worden geïnformeerd over wat er met hun input is gedaan en ze krijgen de kans hier een reactie op te geven. Voor de vormgeving van de openbare ruimtes op het terrein van het AZC geldt dat sociale interactie zowel door het COA, de raad, als de klankbordgroep wordt aangedragen als belangrijk onderwerp. Men wil contacten tussen de huidige bewoners van de wijk en de toekomstige bewoners van het AZC stimuleren. Voor dit onderdeel geldt dat het op zijn minst moet volstaan voor normaal gebruik door bewoners van het AZC. Wijkbewoners zullen worden geraadpleegd waar behoefte aan is en wat zij belangrijk vinden.

Huidige omwonenden zullen als ervaringsdeskundigen worden geraadpleegd. Voor het thema ‘buiten het terrein van het AZC’ wordt de trede coproduceren voorgesteld. Binnen de kaders is ruimte om inwoners de vrije hand te geven in de invulling van dit gebied. We stellen dan ook voor om hier te streven naar coproductie tussen inwoners en deskundigen op het gebied van ‘groen’ en landschap. Het proces wordt voor de zomer gestart met raadplegen en adviseren om zo een goed beeld te krijgen van de ideeën die er leven en van de eventueel aanvullende kaders die erbij horen. Als dit helder is (na de zomer) kan eventuele nadere kaderstelling plaatsvinden en kan de coproductie starten. Kaderstelling is in dit geval het belangrijkste, omdat het bestuur zich op voorhand committeert aan de uitkomsten. Dat kan alleen als de kaders op voorhand duidelijk zijn en deze niet achteraf en onverwachts op de uitkomst worden geprojecteerd. Het participatieproces met betrekking tot dit thema zal een langere doorlooptijd hebben, omdat dit mede afhankelijk is van de verdere invulling van de ontwikkelvisie. 3. Het participatieproces leidt tot uitkomsten. De uitkomsten van de participatie over de verschillende thema’s landen in verschillende documenten, die soms aan het college en soms aan het college en uw raad worden voorgelegd ter besluitvorming. • • •

Het thema ‘veiligheid’ zal met name input leveren voor het veiligheidsplan en mogelijk ook voor de bestuursovereenkomst en zo nodig voor de inrichting van het terrein (binnen of buiten het AZC). Het thema ‘verkeer en ontsluiting’ levert input voor het stedenbouwkundig plan en de BOPA voor het AZC. De uitkomsten van het thema ‘binnen het terrein van het AZC’ zullen met name terecht komen in het beeldkwaliteitsplan, het voorlopig ontwerp voor het AZC en de BOPA voor het AZC. 4

•

Tenslotte geldt voor het thema ‘buiten het terrein van het AZC’ voor zover het betreft wáár het groen komt, dat dit input levert voor het stedenbouwkundig plan en de BOPA voor het AZC. En afhankelijk van de uitkomst van het participatieproces in aanvullende kaders die verder ingaan op het onderwerp.

Ten aanzien van de BOPA is in dit kader het volgende van belang. Een BOPA wijzigt de huidige bestemming van de gronden (i.c. ‘agrarisch’) niet. Middels de buitenplanse omgevingsplanactiviteitvergunning (BOPA) wordt afgeweken van het ter plaatse geldende bestemmingsplan (thans: omgevingsplan van rechtswege) ten behoeve van een tijdelijk asielzoekerscentrum. Het verlenen van een BOPA is de bevoegdheid van het college. Uit de Omgevingswet, in samenhang gelezen met het Omgevingsbesluit, volgt dat de gemeenteraad is aangewezen als adviseur voor een aanvraag om een omgevingsvergunning voor zover de aanvraag betrekking heeft op een door hem aangewezen geval van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit. Uw raad heeft op 24 februari 2022 een lijst opgesteld met categorieën van (BOPA)gevallen waarin u als adviseur wenst op te treden en participatie verplicht is. In die gevallen is er sprake van een bindend adviesrecht van uw raad. Op het door uw raad vastgestelde lijstje staat niet de realisatie van het AZC. Dat betekent dat er geen bindend advies van uw raad nodig is en u in de ruimtelijke procedure geen rol heeft. Het college vindt dit ongewenst en heeft de intentie het lijstje door uw raad te laten aanpassen, zodat ook voor de BOPA voor het AZC sprake is van adviesrecht van de raad. Een raadsvoorstel hiertoe is in de maak en het streven is de raadsvergadering van 23 mei 2024.

Om te voorkomen dat een resultaat van de participatie pas ter discussie kan worden gesteld in een van voornoemde procedures, bijvoorbeeld bij de behandeling van de BOPA door de gemeenteraad, wordt voorgesteld de resultaten van de participatie, waar nodig in een eerder stadium voor te leggen aan de raad. Zo staat een thema niet langer ter discussie en kunnen plannen verder worden uitgewerkt. 4. De thema’s zijn verzameld uit bijeenkomsten, gesprekken, inspraak, amendementen, etc. Deze thema’s zijn door middel van een enquête getoetst bij de inwoners: hebben we alle thema’s in beeld, of mist er nog iets? Sommige thema's lenen zich niet voor participatie op een hoger niveau dan 'informeren'. In de startnota staan 4 thema's waarover op een hoger niveau dan 'informeren' kan worden geparticipeerd. Onder die thema's vallen soms verschillende deelonderwerpen. 5. Een goede participatie valt of staat met goede kaderstelling aan de voorkant. Sommige kaders zijn algemeen en gelden voor alle thema’s. Andere kaders zijn specifiek voor een bepaald thema, deze zijn per thema benoemd. 6. Voor alle thema’s worden een of meerdere openbare bijeenkomsten georganiseerd waarvan het doel is: luisteren naar wat leeft in de wijk en welke ideeën er zijn, zorgen dat alle perspectieven in beeld komen, zowel van inwoners als van experts.

Dit gebeurt enerzijds in fysieke bijeenkomsten waarin inwoners en experts met elkaar in gesprek gaan, maar ook altijd online via MiddelburgOntmoet. Alle input zowel on- als offline, wordt meegenomen en naast de kaders gelegd. De deelnemers worden geïnformeerd over hoe de belangenafweging heeft plaatsgevonden en welke besluit daarom is genomen. Dit wordt breed gecommuniceerd, onder andere via de gemeentelijke website en via MiddelburgOntmoet. Per thema worden de belanghebbenden in samenspraak met de klankbordgroep nader in kaart gebracht. Er is aandacht voor de verschillende posities van verschillende belanghebbenden. 7. Het uitgangspunt voor de gebiedsontwikkeling in Cleene Hooge is de in 2019 vastgestelde exploitatieopzet. Er is geen reden daar op dit moment van af te wijken. Het is immers nog niet duidelijk of en voor welke kosten we in en naar aanleiding van het participatieproces komen te staan en of deze allemaal binnen de exploitatieopzet passen. Op het moment dat blijkt dat dit niet het geval is, zal per geval en per oorzaak moeten worden beoordeeld of een voorstel van het college aan uw raad om budget, aan de orde is (conform de reguliere werkwijze).

5

8. Omdat de verschillende thema’s waarschijnlijk een verschillende doorlooptijd hebben wordt voorgesteld na ieder thema met de participanten te evalueren, zodat er een niet al te lange tijd zit tussen afronding van het thema en de evaluatie. Kanttekeningen

1. In de voorbereiding van een participatieproces spelen de niveaus van participatie een grote rol. Het doel van de participatieladder is om vooraf duidelijkheid te geven over wat er met de inbreng van participanten gebeurt en wat de rol is van participanten en bestuur. Het voeren van het goede gesprek staat voorop. De intentie van college en raad in het participatieproces voor het nieuwe azc is om daar waar mogelijk wensen en ideeën van inwoners te horen en serieus te onderzoeken in hoeverre deze kunnen worden meegenomen. Dat is het uitgangspunt voor álle niveaus. Ook waar het niveau ‘raadplegen’ wordt voorgesteld. Er is geen reden om een wens of goed idee dat binnen de kaders past niet over te nemen. De discussie over de niveaus kan afleiden van deze intentie. Logischerwijs hechten sommige leden van de klankbordgroep aan de niveaus, omdat deze doen vermoeden dat alleen in een hogere trede een goed idee passend binnen de kaders de eindstreep kan halen. Om die reden vindt de klankbordgroep het niveau ‘raadplegen’ per definitie te laag. Een goed idee passend binnen de kaders kan uiteraard ook bij ‘raadplegen’ de eindstreep halen. 2. Participatie moet altijd duidelijk gekaderd zijn, maar hoe hoger de trede des te belangrijker dat is. Als er op voorhand uitkomsten zijn die niet mogelijk of wenselijk zijn moet dat in de kaders vooraf duidelijk worden.

Voor het thema ‘veiligheid’ is dat ingewikkeld omdat het een ruim en subjectief begrip is en we niet exact weten welke wensen en ideeën er vanuit participanten naar voren komen. Bovendien is er veel ervaring met AZC’s in Middelburg en zijn er goede contacten tussen COA, gemeente en politie. De mogelijkheid op de nieuwe locatie tot flexibele opvang verandert daar niets aan. De flexibele opvang bestaat uit dezelfde populatie als het AZC conform het huidige AZC en de huidige noodopvang in Studio A58. 3. Bij de trede adviseren ontstaat er mogelijk druk op een bepaalde groep inwoners om mee te gaan in het advies om zo tot een gedragen advies richting het bestuur te komen. Verdere polarisatie in de wijk ligt hierbij op de loer. Bovendien schaadt afwijking van het advies bij de trede ‘adviseren’ het vertrouwen in het proces en in de overheid. 4. Mogelijk wordt de omschreven groep met belanghebbenden voor sommige thema’s groot bevonden. Uiteraard is het zo dat zeker bij thema’s als ontsluiting de impact van een besluit op inwoners verschillend kan zijn, maar dat wil niet zeggen dat iemand met een (op het eerste zicht) minder groot belang niet mee mag praten. Een thema als ontsluiting is immers van invloed op een groter deel van de wijk dan enkel de directe omgeving.

Wat natuurlijk wel zo is, is dat de impact van een ontsluiting op de direct omwonenden groter is en je daarmee expliciet rekening moet houden. Maar dat wil niet zeggen dat iemand die verder weg woont niet ook een zinvolle bijdrage kan leveren. Financiën

De in 2019 vastgestelde exploitatieopzet kadert de participatie in financieel opzicht. Het uitgangspunt is dat het project kostenneutraal plaatsvindt. Dat betekent dat wanneer de kosten hoger zijn er meer woningen moeten worden gebouwd. Het participatietraject voor het AZC is een intensiever traject dan dat voor een regulier woningbouwproject en zal daardoor vermoedelijk meer kosten met zich meebrengen dan een regulier participatietraject. Het is op dit moment nog niet duidelijk of dit gevolgen heeft voor de (reguliere) woningbouw. Het nadeel van het werken met de exploitatieopzet is dat deze niet transparant is voor inwoners. In de exploitatieopzet is budget gereserveerd voor wegen, voor groen, etc. In het participatietraject moet hiervoor per thema wel aandacht zijn. Voor de begeleiding van het participatietraject is budget gevonden in de gelden die recent zijn ontvangen voor het AZC en de noodopvang op grond van artikel 5 van het Faciliteitenbesluit van 29 juli 1994. Dit budget is vrij te besteden.

6

Duurzaamheid

Dit besluit leidt tot duurzame woningbouw, dat tenminste de eerste 15 jaren wordt gebruikt als asielzoekerscentrum en daarna als reguliere woningen. De woningen hebben dezelfde levensduur als woningen in reguliere woningbouwprojecten (denk aan de Veerse Poort, Essenvelt, de Mortiere). Communicatie en participatie

We communiceren via de gebruikelijke gemeentelijke kanalen: de gemeentelijke pagina in de Bode, de website, social media en MiddelburgOntmoet. MiddelburgOntmoet is het platform waar alle actualiteiten over het participatieproces worden gecommuniceerd. Daarnaast is er een lijst met mailadressen van belanghebbenden aan wie rechtstreeks wordt gecommuniceerd. Als de startnota wordt vastgesteld, krijgen de inwoners uit de wijk Griffioen II een brief waarin ze worden uitgenodigd om deel te nemen aan het participatieproces. Overige belanghebbenden worden via de bovenstaande kanalen en via bekende mailadressen uitgenodigd om deel te nemen. Voor 18 april 2024 vindt gezamenlijk met de klankbordgroep de selectie van een externe begeleider plaats, zodat na 18 april de participatie meteen kan starten. Tussen 18 april en 3 juli 2024 vinden de bijeenkomsten op de thema’s plaats. Tevens is er dan gelegenheid online op de inhoud te reageren. Nog voor de zomer zal uw raad door middel van een memo actieve informatie worden geïnformeerd over de stand van zaken van de participatie. In de zomerperiode zal de participatie tot op dat moment worden geëvalueerd met participanten. Na de zomer vindt waar mogelijk en nodig besluitvorming plaats over de input/output van de participatie. Uitvoering

Na vaststelling van de kaders wordt direct gestart met het participatieproces. De wijze en de data waarop worden gecommuniceerd met uw raad. Indien nodig voor het verdere proces worden resultaten voorgelegd aan uw raad. In de periode tussen juni en oktober 2024 wordt het beeldkwaliteitsplan aan uw raad voorgelegd. Advies ingewonnen bij adviesorgaan?

n.v.t. Bijlagen

1. Startnota 2. Reactie leden klankbordgroep inclusief reactie college Middelburg, 19 maart 2024 Burgemeester en wethouders van Middelburg de secretaris,

mr. A. van den Brink de burgemeester,

M.A. Fränzel MSc

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/13944892/1